Overpeinzingen

Tussen de regels van het leven door

In de droom was zoonlief ineens weer dat tengere jongetje van zes en ik moest een afspraak maken met de directrice van school. Die had om acht uur ‘s ochtends een gaatje. Op weg naar de groep realiseerde ik me dat Pluis dan voor haar inentingen al om negen uur bij de dierenarts moest zijn. Een grandioze vervlechting van droom en werkelijkheid, want dat laatste is echt zo. Dat malle brein van ons zit wonderlijk in elkaar.

Vandaag is er wel een dubbele afspraak. De kleine blauwe gaat voor een wintercheck en Dribbel moet een uurtje daarvoor van school gehaald. Eigenlijk wil ik eerst de auto wassen en stofzuigen. Ik heb er zo’n hekel aan als hij niet schoon is als ze er aan moeten sleutelen. Even bedenken of dat met dit weer en deze wind wijsheid is.

Ik lees bij Human een indringend verhaal van Dirk de Wachter, de psychiater die ernstig ziek is op dit moment. Hij had een nacht achter de rug vol pijn en verdriet en voelde zich eenzaam en verlaten. In de ochtend komt de ‘poetsvrouw’ binnen, zoals hij haar noemt en hij vraagt of ze even met hem kan praten. Zij is volledig verrast door dat verzoek. Normaliter ziet niemand haar en al helemaal is niemand geïnteresseerd in wat er in haar omgaat. ‘Maar het ging om mezelf’, vertelt hij ons. ‘Ik was eenzaam en alleen en voelde behoefte om met iemand te praten. En dan is het hoogst belangrijk om iemand in de ogen te kunnen kijken en in gesprek te kunnen gaan. Het was in dit geval een win-win situatie’. De vrouw was heel erg blij met een luisterend oor en hij was heel erg blij met haar aanwezigheid. Het was een moment van troost. En daarmee zegt hij eigenlijk hoe belangrijk het is dat je te allen tijde iemand ziet, die in je omgeving aan het werk is. Niet nodeloos voorbij lopen, maar aankijken en contact maken. Dat geldt evenzeer voor de vakkenvullers, de stratenvegers, de plantsoenendienst, de schoonmaaksters in het ziekenhuis, de verpleeghulpen en wie al niet. Zoveel mensen zijn er wel, maar worden niet gezien of gehoord. Waardering en respect tonen, dat is wel het minste wat je ze kan geven.

In het boek met teksten van Henny Vrienten ‘De een is de ander niet’, vertelt hij over de dood van zijn vriend Hugo Claus, met wie hij vijf dagen voor diens dood nog uitgebreid mosselen had gegeten en wijn had gedronken. Ze hadden gepraat over diens beginnende dementie. Bij het weggaan zag hij hem aarzelen bij een geopend portier, omdat hij niet meer wist hoe in te stappen. Vijf dagen later was hij dood. In die wetenschap, maar zonder dat mee te delen aan Henny had hij zijn vriendschap met hem gevierd. Henny schreef in vijf minuten een ontroerende liedtekst, dat begint met:

Het mooiste is de stilte tussen/wat is geweest en wat moet komen/het mooiste de herinnering/die je vindt terwijl je niet zoekt/‘t allermooiste is de weg van de/tweesprong die je nooit hebt genomen/toch maakt het geen verschil/ja, dit is wat ik wil

O, het ergst is de hand die zich heft/maar zijn doel is verloren/en het ergste is de nacht/die geen raad biedt/maar blikken vernauwt/het allerergst is de rat in mijn hoofd/die vreet aan mijn woorden/maar het maakt niks uit/en niks maakt ooit iets uit

Het gaat door zonder mij/het gaat door/ga maar door zonder mij/ga maar door/niks teloor zonder mij/niks teloor

En de slotzin is: ‘Want/lees mij/speel mij/zie mij/hoor mij/voel mij/pak mij/Mis mij’

Soms zijn het dit soort kleine verhalen die de grootste impact hebben, omdat ze heel nauwgezet en tot in de finesses bloot leggen, waar het in het leven om draait. Daarom zal ik altijd mijn papieren vrienden nodig hebben, die ik open kan slaan als ze in mijn oog stuiteren, omdat het dan kennelijk het juiste moment is. Een aanrader dus, Henny Vrienten, voor tussen de regels van het leven door.

Overpeinzingen

En daar is alles mee gezegd

Herfst in januari, storm om het huis, regen klettert op het venster van de wereld. Lief en ik hebben ons in bed verschanst met boeken en koffie. Niets is heerlijker dan een dag van helemaal niets op die manier te starten. Gisteren vloog voorbij. Vroeg eruit, om negen uur al beneden, alle afspraken die gemaakt moesten worden, gedaan, Het pension opgebeld of Pluis daar terecht kon en toegezegd gekregen. Dat is op zich al een hele geruststelling. Nu rest alleen nog de formaliteiten voor de reis, regeren is immers vooruit zien.

Het lezen gaat voorspoedig. Rumi is precies waar ik op gehoopt had. Het beantwoord op alle fronten aan mijn verwachtingen. De totale chaos die Dzjengis Khan veroorzaakt en wat de reden is dat Rumi met zijn vader steeds verder moeten vluchten lopen bijna paralel aan de manier waarop Poetin huishoudt in Oekraïne. Daardoor komt een en ander nog dichterbij.

Gisteren in het programma ‘Volle Zalen’ was Cornald Maas op bezoek bij Zangeres en kunstenaar Frédérique Spigt. Ze vertelde openhartig over haar opvoeding met een moeder die aan een oorlogstrauma leed en wat dat voor gevolgen had voor haar. Cornald weet als geen ander hoe hij de diepte in kan gaan in zijn gesprek. Er zouden eigenlijk veel meer van dit soort programma’s uitgezonden moeten worden. De laatste tijd bekijken en bespreken we wat we willen zien en laten de pulp voor wat het is en dat bevalt goed.

Rumi en zijn vader zijn ondertussen, eigenlijk noodgedwongen, op doorreis naar Mekka, omdat de vader de mystieke leer van Shahab Sohrewaardi had behandeld in zijn college. Deze Shahab werd beschouwd als een godslasteraar, omdat hij God zag als het licht in de mens zelf en daar een diepgaande verhandeling over had geschreven. Dat was niet de bedoeling volgens velen en ze moesten opnieuw hun biezen pakken. Ondanks dat laaf ik me aan de grote geestelijke beschaving in dit bevoorrechte milieu van filosofen, wetenschappers, natuurkundigen, poëten en mystici waar de twee in verkeren. Ook onderweg naar Mekka komen ze weer allerlei grote geesten tegen, die zoeken naar geestelijke verdieping en naar vredige vormen van samenleven op hoog niveau. Kader Abdolah is een verteller pur sang. In korte hoofdstukken weet hij het milieu te schetsen en speelt hij met de taal als geen ander. Prachtige beeldspraak tovert hij te voorschijn, dat het boek tot een aangenaam verpozen maakt. Gespreksstof te over.

Als opdracht voor het tekenen stort ik me op de middelste keukenkast. Eerst de contouren en daarna invullen en het licht en donker aanbrengen. Helaas kan ik mijn eigen tekendoos niet vinden waar het kneedgum inzit. Vermoed dat die nog in Verweggistan staat. Dus de afwerking komt later, maar het was erg leuk om te doen. Eigenlijk zou het zo’n mooie oude servieskast moeten zijn. Bijvoorbeeld uit de Wunderkammer van. Ramsey Nasr, volgepropt met hebbedingetjes als een verzameling vlinders, gesteente en nutteloze kristallen flesjes met verschraalde likeur. Voor iemand die een soort pretkabinet heeft gehad in de vroegere jaren, maar aan het ruimen is geslagen, is de enige gedachte: ‘Wat moet je ermee’. En een praktische noot: ‘Je moet het allemaal afstoffen’. En daar is alles mee gezegd.

Overpeinzingen

Geestelijk voedsel als richtsnoer

Bij de fysio zijn de tijden van een half uur naar 25 minuten gegaan. Een bijna volkomen onwerkzaam schema. Zuchtend buigen ze zich over de schema’s. Ik snap het wel. Voor je het weet is de tijd op. De nieuwe stagiaire mocht mij begeleiden en tevens was dat een mooie gelegenheid om kennis te maken. Hij was bezorgd en vroeg voortdurend of het niet te zwaar was. Tussendoor kon ik zitten om even op adem te komen. Vooral bij de opstapoefeningen die hoger zijn dan een traptree was dat nodig.

De tijd vloog voorbij. Bij de dierenarts was het een drukte van belang. Blaffende honden, blazende poezen en baasjes die hun dieren vermanend toespraken. Mijn afspraak was snel gemaakt. Volgende week is Pluis aan de beurt en krijgt ze haar inentingen, in februari komt er nog een booster achteraan. Dan kan ik deze ochtend het pension bellen om een afspraak voor haar te maken.

De grote nieuwe kringloop naast de dierenwinkel was te verleidelijk. Toch even naar binnen. Daar bleek men bezig met het omgooien van de stellingen en de kleding. Het gaf een hoop onrust met alle mannen die aan die opdracht bezig waren. Deze kringloop is een van de mooiste die ik tot nu toe gezien heb. Ruim van opzet, alles op kleur gesorteerd, niet alleen de kleding maar ook de prullaria en daarmee krijgt het allemaal een veel chiquere uitstraling. Het echte spul van waarde zit in duidelijke vitrinekasten netjes uitgestald. Er zijn heel veel mensen aan het werk die je allemaal vriendelijk te woord staan als je met een vraag komt. Op de terugweg zag ik dat je ook online kon winkelen, maar er gaat natuurlijk niets boven een onvervalste snuffelpartij.

Bij de garage was eveneens snel een afspraak gemaakt en daar werd me verteld dat er alleen een check hoefde plaats te vinden. De kleine Blauwe wordt pas in juli bij de keuring weer binnenstebuiten gekeerd. Fijn om te weten.

Al met al was ik de hele middag zoet en kon lief zich uitgebreid verdiepen in de stamboom en zijn My Heritage, waar zich een wereld afspeelt die dwars door tijd en ruimte gaat. Van de voorgenomen pagina’s lezen en het tekenwerk kwam niets terecht. Dat lukt vandaag wel. Wat betreft het verhaal van ijs op de Lek gaan de kinderen vandaag tijdreizen, maar daarvoor moet ik wel de geschiedenis induiken om te weten hoe een en ander verliep bij een toegevroren Lek.

Kader Abdolah schrijft zeer vermakelijk. De vader van Rumi was een gepassioneerd man, die bij lustgevoelens niet schroomde om zijn God tevoorschijn te halen en ‘berustend in zijn lot’ toegaf aan zijn verlangens. in dat kader zijn er heel wat misstanden gepleegd, stel ik me zo voor. Iets in de trant van zondigen met de hand op de bijbel.

Er is genoeg te doen en veelal tussendoor. Nooit geweten dat tijd nog kostbaarder kon zijn dan toen ik aan het werk was. Regelmatig was daar tijd tekort, maar nu lijkt het welhaast een constante te zijn. Een antwoord daarop geeft Stef Bos in Zin magazine van deze maand. In een prachtige metafoor geeft hij weer wat zijn manier is om met de haastige muziekwereld om te gaan waar het voornamelijk om het instant succes gaat. Hij wist dat daar zijn kracht niet lag, want dat je dan moet rennen om de denderende trein bij te houden. Hij hield meer van ‘een lange wandeling door het landschap van de tijd’. ‘Kies het kompas wat bij je past’, is zijn advies aan beginnende muzikanten. Ik vind het een prachtige leidraad voor het hele leven eigenlijk. Eerst ontdekken wat je in je mars hebt, het grote avontuur, en dan de richting bepalen zonder druk van het heilige moeten. Op eigen koers varen brengt rust en ruimte. Ook nu nog is het goed steeds weer daarvan bewust te zijn en dan met dit soort geestelijk voedsel als richtsnoer.

Overpeinzingen

Samenzijn kent zeker voordelen

Een kalme start van de dag met regen op de ruiten, eerst maar eens de tekening van de dag. Hand in vreemde positie en dan opnieuw vanuit zeer nabij. Lief vindt me zo, terwijl ik uiterst geconcentreerd op de hand kijk en knipt af. Fotowaardig vond hij. In ieder geval een koddig gezicht. Op tafel liggen, als in een niet te missen belofte, de twee te lezen boeken. De ongrijpbare Berg van Ann Quin en Rumi van Kader Abdolah, dat tot boeiend verder lezen noopt. Maar eerst de opdracht, een sleutelbos achteloos op tafel geworpen, tekenen. Niet de bos zelf maar de negatieve ruimten, om daarna pas de sleutels zelf in te vullen. Er was een klassiek muziekje waar je, zo wees de aankondiging, kalm bij bleef. Hoe dan ook, stemmig en sfeervol was het.

Zo verstreek de tijd. Lief at ondertussen zijn wonderlijke ontbijt van krentenbolletjes met kaas en vegabeleg en kraakte daarna de cruesli op de maat van de muziek of er net even naast. Na het tekenen maakte ik het staatje op van de dingen die nog te doen stonden. De afspraak van het longfunctieonderzoek naar voren halen, uitknobbelen wanneer Pluis haar inentingen zou kunnen krijgen, een reservering maken voor haar pension in de maand, dat we in Verweggistan zouden toeven, een afspraak maken voor de auto en daarna toch echt beginnen met lezen, anders zou ik de deadline niet halen. De ijstijd schoof ik nog even door. Nog altijd ontbrak het aan dat ene lumineuze idee, waarvan ik wel wist dat het zou komen, maar wanneer…Waarschijnlijk midden in de nacht. Doorgaans komen dan de goede ideeën.

Daarna was het de hoogste tijd om af te reizen. De kleine krullebol en de benjamin hadden onze aandacht, omdat hun lieve ouders voor een echo moesten. Lief vermaakte de oudste en ik hield me met de jongste bezig, die als je dat niet deed, watervlug probeerde in alle toonaarden te ontsnappen. Vier balletjes, een tas en een stoelzitting waren voldoende om hem bezig te houden tot aan zijn potje groenten. Iedere keer als een balletje naar beneden rolde tegen de tas aan was het ‘boem’, daarna ontdekte hij twee balletjes tegelijk ‘boem boem’, waardoor hij schaterlachend er nog twee pakte. Heerlijk kindervermaak. Met recht iets om een kinderhand ‘gauw gevuld’ te noemen.

De groenten gingen er met gemak in, terwijl de kleine krullebol zich vermaakte met de auto’s en daarna met drie films pratende locomotiefjes. Zoonlief en zijn lieve vrouw hadden patat bij zich, er was Turkse vermicellisoep, Sehriye Corbasi, en natuurlijk nuggets, kroket en kaassoufle. De kleine kruimel was op een filmpje al schoppend en maaiend met de garnalenarmpjes in de buik te zien, goed zichtbaar. Spannend hoor. Voor de kleintjes, de ouders en voor ons.

Voldaan maar moe gingen we weer op huis aan. In de avond was er een wonderlijk begin van de vierdelige serie ‘The wife, the thief and the canoe’. Een echtgenoot met 12 ambachten en dertien ongelukken groeide het ondernemingsleven boven het hoofd en hij besluit om zich dood te laten wanen. Zijn vrouw, die zichtbaar van hem hield, liet zich na veel stribbelingen meeslepen in dat hele proces, terwijl ze langzaam werden ingesponnen door een web van leugens en bedrog, zelfs naar hun twee zoons toe. Dat leverde aardig wat hoofdbrekens bij de vrouw op. Een wonderlijk, waar gebeurd, verhaal in vier afleveringen op de maandagavond op NPO2.

Omdat ik met negentien graden weggedoken in mijn dekentje nog niet was opgewarmd, scheen bed de enige optie om warm te worden. Samenzijn kent zeker voordelen.

Overpeinzingen

Een gouden strik om deze mooie dag

Wat een geluksvogels zijn we toch om op de valreep dwars door de dromen van Neo Rauch te mogen lopen. Zwolle werd een groot succes. De overweldigende hoeveelheid doeken met enorme afmetingen maakten diepe indruk. Neo Rauch mixt tijd en ruimte, romantiek, classicisme, mythes, realiteit en dromen met elkaar en schept zo een wereld waarbij je vooral je eigen fantasie mag botvieren op de betekenis ervan. Dat er bankjes stonden in iedere zaal was een absolute meerwaarde. Meer dan eens zegen we neer en aanschouwden elk kleinste detail om de beeldvorming in het hoofd compleet te krijgen. Niet zelden kwamen we inmiddels ‘bekende’ figuren tegen, die we in vorige schilderijen ook al hadden waargenomen. De interviews met Rauch zelf gaven de juiste aanvulling. Het feit dat hij soms niet eens wist waarom hetgeen hij schilderde zo op het doek moest komen, duidt dat hij diep vanuit zijn emotie werkt. Zijn beelden zijn zijn taal. Indrukwekkend was de video, waarop hij aan het werk was. Met zijn grote handschoenen aan, de manier waarop hij zijn dikke kwasten en dunne penselen hanteerde, kwamen we hem tegen in een van zijn doeken.

In een paar zalen hingen zijn Tondi bij elkaar. Grafisch werk uit 1993/1994 als grote mandala’s die hij maakte naar aanleiding van een indringende droom. Ze brachten een fundamentele verandering in zijn benadering van de schilderkunst en zijn beeldtaal. De manier waarop ze tot stand kwamen is inspirerend en boeiend.

Er was ook werk van Nieke Koek. Zij stelt het lichaam centraal, het vermogen maar ook vooral het onvermogen ervan. Daartoe gebruikt ze allerlei vormen, van video tot performance, van borduurwerk tot sculptuur. Het gaat haar niet om de vorm, maar om de beleving. Daarbij neemt ze haar eigen lijf als object. Een nies uitbeelden en de grimassen bloot leggen is er bijvoorbeeld een van. De beweging vorm geven in iets wat op een danser lijkt die zich opwarmt om daarna in pirouettes rond te draaien, maar ook haar werk met terminale patiënten en de video met haar oom, die na een hersenbloeding probeert de controle te houden over zijn verlamde hand, waarin hij hardnekkig de pen vasthoudt om de goede hand om te trekken. Stuk voor stuk onderwerpen die tot inspectie van je eigen bewegingsapparaat aanzetten.

Voor lief, die al heel lang niet meer in de fundatie was geweest, was de verbouwing ook een aangename verrassing, met het grote ei er boven op en het panorama dat je er gratis bij krijgt. Als je de trap langs de achterkant nam had je een mooi uitzicht op de gouden vredesduif van Marte Röling en zag je hoe het oude gebouw werd omarmd door de nieuwe architectuur.

Langzaamaan stroomde het museum vol, maar wij waren verzadigd na tweeenhalf uur toeven tussen de schoonheid en de kunst. Aan de overkant was er nog plaats in het restaurant en met een heerlijke lunch en genoeg gespreksstof voor dagen konden we weer op huis aan. De parkeergarage had zich een zondags tarief aangemeten, dat niet zoals in Utrecht, omlaag was bijgesteld, maar juist een tikkie de hoogte inging.

De weg terug baadden we in het zonlicht. Er moest zelfs nog een oude zonnebril uit het dashboardkastje worden opgeduikeld, omdat ze winterlaag stond. Een gouden strik om deze mooie dag.

Overpeinzingen

Een heerlijk vooruitzicht

De volkstuinen lagen er verlaten bij. Twee auto’s stonden op de parkeerplaats en onderweg bij de wandeling langs de sloot naar achteren toe, kwamen we nog twee fietsen tegen. De oude Bali zat voor een van de huisjes en zijn stem waaide weg op de wind. ‘Alles goed’, de gebruikelijke conversatie. ‘Ja hoor, dag Bali’. Voorzichtig hinkstapten we over het modderige veen heen naar drogere en hogere gelegen stroken gras. Op de tuin viel het reuze mee. De Helleborus Niger stond als enige fier overeind met haar kroon van bloemen. De grote cherubijn was omgevallen, terwijl de kleine engel nog altijd naarstig over de vijver waakte. De Bernagie, goed geïsoleerd, herbergde de schilderdoeken met zorg. Drie doeken stonden op de nominatie meegenomen te worden, een paneel en drie kleinere lege doeken voor de experimenten met de olieverf oplosbaar in water.

Dat was het doel van onze tocht. De rest, wilgen die zachtjes hun kroon lieten wiegen, de krulhazelaar die bijna de appelboom in kroop, waren een volgende keer aan de beurt. Dan zouden we gaan snoeien en ruimen. Nu was het te winderig, te koud en te laat. Wat was het fijn om er even te zijn. De roodborst was in geen velden of wegen te bekennen. Zelfs de koolmezen hadden zich verschanst.

Een paar foto’s van de knusse plek en daar gingen we, bepakt en bezakt. Nu moesten we en op het zachte veen letten en er voor zorgen dat de wind geen vrij spel op de doeken onder onze armen kreeg. De kleine blauwe liet zich geduldig volstoppen.

Thuis paste de baklijst precies om een van hen. De andere doeken waren toch veel groter. Ik had zelf het idee, altijd op 50 bij 70 te schilderen. Hoe een mens zich kan vergissen in de maat.

De tekenopdracht van vandaag was:’Teken een hand in zeer verkort perspectief’. De klassieke muziek aan, een oog dichtknijpen en aan de slag. Wat een lastig werkje. Van de weeromstuit was ik bij de invulling van de stand van de vingers er een vergeten. Straks nog eens proberen. Maar eerst gaan we naar de fundatie, waar vandaag de laatste kans wacht, om de doeken van Neo Rauch en de werken van Nieke Koek te zien. Het zal wel druk zijn, maar we proberen rond elf uur er te zijn in de hoop nog een paar lege zalen aan te treffen. In Zwolle zelf is het ook heerlijk toeven. Een fijn uitje, zeker als het weer meewerkt.

Nu eerst in de weer met de ochtendrituelen en daarna op pad. Een heerlijk vooruitzicht.

Overpeinzingen

Schoonheid en stilte op een presenteerblaadje

De zon prikte door het kleine dakraam en door het venster op de wereld trokken vlagen blauw een spoor in het nog talmende tweeduuster. Het beloofde een mooie dag te worden. Een wandeling zat er zeker in. Maar wat, waar en hoe. Dat werd de Ipad raadplegen en ja, zowaar rolde er een top idee uit. Kasteel Amerongen. Op nog geen half uurtje rijden, maar nog nooit bezocht. De keuze was gauw gemaakt.

Door een klein deurtje in de imposante muur naast het hek werden we langs de kassa geleid en het bleek dat we behalve een bezoek aan kasteel en tuinen dus ook geboekt hadden voor de rondleiding, maar die was al om half twee begonnen en wij waren te laat door een verkeerde afslag. Bovendien dacht ik dat het een tijdslot was en dat we vrij in het kasteel konden rondwandelen.

De tentoonstelling heette Goet Bloet en handelde over het rampjaar 1672, geen onbekend deel van de geschiedenis dus, met het verhaal voor de tijdwijzer en de gelezen biografie van Willem van Oranje. Een mevrouw kwam de inleiding verzorgen en, zo bleek, later ook de rondleiding. Dat deed ze vaardig en met de nodige kennis. De groep was divers. Er was een Ier bij die speciaal gekomen was voor een van de bewoners van het huis, de heer van Ginkel. De leren spreken het uit als kinkel.

Het kasteel ademde rijkdom maar ook een beetje stoffige glorie met prachtige gobelins, die beschermd dienden te worden tegen de beestjes die zich in de loop der jaren door de stof heen vraten, als je ze hun gang liet gaan. De meubels dienden al lang niet meer om op te zitten. De eetkamer was gedekt met prachtig wedgwood en kristal. In de keuken lag een overvloed aan pasteien en taarten, er was een overdaad aan groenten, fruit en gevogelte. Mooie ouderwetse pannen en een groot houtgestookt fornuis.

De salon ving een magisch licht over de hele breedte van het kasteel door de ramen die op een kier stonden. Het tekende strepen licht en donker. Aan de overkant in het gerenommeerde restaurant was een bruiloft gaande met een fotosessie in de tuin. De juiste entourage met als achtergrond het kasteel.

De verhalen over de familie, het afgebrande kasteel door de Fransen in dat rampjaar en de opbouw binnen vier jaar, dat in het geheel geleid werd door de vrouw des huizes, Margaretha Turnor, oogste bewondering. De tuinen buiten wedijverden met de schoonheid van het gebouw, achter de dubbele slotgrachten bevond zich een bloementuin, de boomgaard, een moestuin en het bospark.

Bij de boomgaard stonden bijenkasten. De nijvere beestjes waren al druk in de weer rond de kasten. Door de snoeiwerkzaamheden waren de boompartijen bijzonder. Het laantje waar de eeuwenoude bomen naar elkaar waren gegroeid en verstrengeld maakte een ontroerende indruk. Laat de natuur haar gang maar gaan. De oude kastanje voor het kinderhuis, waar kleine meubeltjes, een berenfamilie en nu een kerstig tafereel waren uitgestald achter de petieterige ramen, was ooit door midden gespleten en de kleintjes konden er dwars doorheen lopen. Lief wrong zich er ook tussendoor, dat lukte nog net, buik in.

In de late namiddagzon wandelden we nog een stuk door het park en het was genieten. Een overdaad aan schoonheid en stilte op een presenteerblaadje.

Overpeinzingen

Iets om naar uit te kijken

Het kleine kerstboompje, eerst zo verguisd, maar aangekleed precies de juiste, stond op het balkon in de ruisende regen. Dertien graden warm was het deze vroege januaridag. Al haar opsmuk en oorbellen zaten weer veilig in de doos te wachten op een nieuwe kans om daglicht te aanschouwen. Zij mocht even acclimatiseren, om gisteren in haar gazen netkous te worden verpakt en weggebracht te worden naar haar zusters, de andere kleine duurzame boompjes. De week daarop, schatte ik in, zouden ze weer naar het bos gereden worden om, met hun wortels in de Hollandse bosgrond, verder te groeien. Een druppel op een gloeiende plaat, maar het voelde goed. Eindelijk de juiste modus voor verantwoord kerstboomgebruik gevonden.

De kamer leek weer ruim en opgeruimd, zelfs nu de wufte sagopalm haar plek had ingenomen. Hoe dat toch werkt bij die dingen. Intussen waren we er van overtuigd, dat we eerst moesten plussen en minnen, aan het begin van dit nieuwe jaar, met de steeds duurder wordende boodschappen, de gasprijzen en al die andere verhoogde tarieven. Alles onder het motto ‘Wat je niet hebt, geef je niet uit’. Het reizen is in principe immers verdrievoudigd. Dat is een extra kostenpost. Met moed, beleid en trouw kom je een heel eind, was de stelregel.

Iedere dag een tekening is heerlijk om de dag mee te beginnen na het schrijven. Dat lukt wonderwel. Het duurt alles bij elkaar hooguit drie kwartier, een tijdslimiet die te overzien is. Eergisteren en de dag ervoor tekende ik de twee portretten uit het werkboek, blind zonder op papier te kijken en daarna contouren met een enkele blik op het papier. Marianne Snoek kreeg haar inspiratie voor 100 dagen tekenen door de opvatting van een filosoof, die ze las. Deze William James was van mening dat mensen die iets negentig dagen achter elkaar doen, een gewoonte ontwikkelen. Dat was de oplossing vond ze tekenen moest een gewoonte worden. Het moest er inslijpen. In ieder geval brengt het vooral veel lol en aandacht voor de kleine doodnormale dingen. Gisteren was het de beurt aan mijn voeten om vereeuwigd te worden. Eigenlijk een heel leuk onderwerp en altijd bij de hand.

Lief heeft de podcasts ontdekt en luistert er een aantal achter elkaar. Het zijn net kleine colleges. Op dit ogenblik heeft de ruimte zijn belangstelling en hoort hij nu hoe de maan ontstaan is. Boeiende informatie die zonder ook maar een vin te verroeren tot je komt. In die zin is het nu zoveel makkelijker om allerlei wetenswaardigheden te vergaren in vergelijk met vroeger. Mijn vader en moeder hadden de televisie hoog in het vaandel en luisterden naar alle katholieke zenders die voorhanden waren. De rest was te rood naar Pa zijn idee. Soms zou je ze even in deze veranderde tijd willen plaatsen om te zien hoe hun keuzes nu zouden zijn.

Na het wegbrengen van ons duurzame boompje gingen we een taartje eten bij dochterlief en de jarige schoonzoon. Ik had Terra Incognita voor hem meegenomen om met elkaar te lezen en daarna weer door te geven binnen de familie. Het echte feest zal eind februari zijn, alle verjaardagen in één klap en het afscheidsfeestje voordat ze Europa intrekken. Dan zullen ze op een gegeven moment ook bij ons langs komen in Verweggistan. Iets om naar uit te kijken.

Overpeinzingen

Om te koesteren

Terugblik op het vorig jaar is aan de hand van de foto’s snel gedaan. Zo ontvouwt zich in chronologische volgorde alle belangrijke of memorabele momenten. 2022 is natuurlijk voor ons het jaar van de grote verandering geweest. Als je ruim 25 jaar zonder partner heb doorgebracht, dan is een jaar met iemand aan je zijde een grote ommekeer, ondanks het feit dat er heel veel vertrouwde elementen waren omdat we ooit aan de basis van een leven samen hebben gestaan.

Vanaf dag één heb ik geweten dat het goed was, zoals het nu is. In januari na zijn vakantie met de vrienden besloten we op een dag om er voor te gaan. Vanaf dat moment is het een periode geworden van aftasten, ontdekken, vorm geven, de juiste modus vinden. Aan de liefde lag het niet. Die was er. Onvoorwaardelijk. Wij mensen zitten wonderlijk in elkaar. Die liefde was op alle fronten wel nodig om soms te begrijpen waarom we een bepaalde gewoonte hadden ontwikkeld die klaarblijkelijk zo afweek van de ander.

Naar elkaar toegroeien is eenvoudigweg de mooiste basis van samenzijn. Alle mooie cadeautjes uitpakken is niet moeilijk, maar ook de kleinste presentjes, die misschien niet helemaal bij je horen, omarmen is een ander verhaal. Dat gebeurt omdat in liefde alles went en op den duur een eigen stek krijgt.

Het was vooral schipperen om alle ballen hoog te houden in de periode dat we, zo vol van elkaar, beider levens ontdekten. De veelheid van mij, met kinderen, zussen, familie, vriendinnen, Pluis en een huishouden met zoonlief in huis en de leegheid van Lief, met stilte en contemplatie, een breed gedachtengoed en een filosoferende aard en één broer en schoonzus, nichten en neven, twee kinderen en een huis op afstand. Een spoor trekken waarop onze trein zou kunnen rijden was dan ook het allerbelangrijkste wat ons te doen stond in het afgelopen jaar.

Onze gezamenlijke basis van veertig jaar geleden bleek een solide fundament te zijn en had een breed vertrouwen gesponnen. Daarop was het goed varen. Steeds vaker probeerden we de periode die we hier waren, te verweven met de drukte, afspraken te maken, feesten in te calculeren, belangrijke gebeurtenissen bij te houden. Zodra we in Verweggistan aankwamen, viel de stilte en de natuur ons ten deel en was er volop aandacht voor elkaar, een intense natuurbeleving, tijd voor de inkeer.

Als we het qua tijd goed kunnen plannen is het prachtig in evenwicht, yin en yang op alle fronten. Soms doen gebeurtenissen van buitenaf er een moeilijkheidsgraad bij. Geboorte van de kleinkinderen bijvoorbeeld, een huwelijk, een gepland bezoek daarginds, evenementen waar je nauwelijks omheen kan. De belangrijkheid der dingen krijgt op die manier een andere betekenis. Ook dat is goed om te bedenken. In mijn schoolperiode was ik er van overtuigd onmisbaar te zijn, tenminste het voelde als verraad tegenover mijn kinderen en ouders van de groep als ik ze in de steek zou laten, ook ten overstaan van mijn lieve vriendinnen met wie we de school draaiende hielden. Bij het samengaan met de andere school heb ik dat losgelaten. En ziedaar, de wereld bleef doordraaien, school incluis. Op een andere manier, maar toch.

Dat was een belangrijke ontdekking, want daardoor werd de lucht ruimer, het leven lichter en misschien stond het gemoed derhalve weer open voor liefde, die ik daarvoor zo te delen had met de kinderen, die van mij en van de groep. Het was een fijn en heerlijk jaar, de hobbels en bobbels incluis, en zeer zeker de moeite van het ontdekken waard. Om te koesteren.

Overpeinzingen

Geen ‘drie-maal-zeven’ meer

Een derde dag in januari en een belangrijke. Het is de eerste zussendag van het jaar. Wat gaan we doen. Winkelen is het antwoord, want uitverkoop. Daarnaast natuurlijk ook koffie drinken, lekker lunchen en dineren. We volgden onze neuzen en ze stonden richting Hilversum. We hebben allemaal onze eigen lievelingswinkels en bezochten winkels die in de buurt komen van eenieders smaak. Zo was er een groot kledingwarenhuis, een schattige kleine snuisterijenwinkel met een hoog kunstzinnig gehalte, een gerenomeerd dameszaak, een doorsnee uitverkoop met 70 %. Voor elk wat wils. We begonnen met een lichte lunch en kletsten de afgelopen weken bij, oud en nieuw werd doorgelicht, goede voornemens gecheckt. De bediening stemde tot vreugde. Lieve persoonlijke aandacht, geïnteresseerde opmerkingen met een brede glimlach.

Als we een winkel in zwierven, leek het een ware invasie, want we waren met vieren tegelijk en waaierden uit over de diverse rekken. Afhankelijk van de reactie van de verkoopster verbleven we korter of langer in de zaak. Sommige keken je argwanend de tent uit en die scoorden laag, misschien wel tot opluchting van henzelf, maar in ieder geval tot de onze.

In de snuisterijenwinkel leerden we over een, voor ons, nieuwe techniek. Decoupage. Het overbrengen van een afbeelding op een meubel met een eventuele aanvullende schildering van eigen hand. Er waren workshops, maar zuslief nam een probeerpakket. Je weet nooit hoe een koe en haas vangt. Als het niet lukt is er nog altijd die workshop om te volgen.

Foto’s Zus Marijke

Hoeden en hoedjes zijn altijd een dankbaar onderwerp. De scherpe blik van fotozus was alert. Ze heeft er oog voor om de meest hilarische momenten te vangen. Met tassen en tasjes zoals het een echte winkeldag betaamd en een changement de planifier belandden we tenslotte in de laatste winkel waar blousen, truien, broeken en een sjaal de buit van de dag aanvulden. Tijd voor een tafel in het restaurant in een dorp niet ver meer van huis.

Onder het genot van de liflafjes, prachtig opgemaakt op het bord en derhalve ook tot kunst verheven, praatten we het afgelopen jaar bij en de veranderingen die bijvoorbeeld mijn omgang met lief voor mij teweeg bracht en voor hen,omdat er tijdelijk minder contact tussen ons was en waardoor dat dan kwam. Er werd ruimte geboden het uit te leggen en dat was iets om dankbaar voor te zijn. Een luisterend en daarmee begrijpend oor is heel wat waard. Vervolgens begon zuslief haar eigenschappen op te sommen en ze kwam er bekaaid vanaf. Liever zijn voor jezelf en er ook al die goede eigenschappen doorheen klutsen vonden wij met elkaar. Het verschil van vroeger en nu in een relatie, in het bijzonder tussen onze ouders, kwam ter sprake. Daaruit bleek dat we allemaal een eigen voorstelling er van hadden. Zo gingen we de diepte in, niet alleen met ernst maar ook met de nodige humor.

Het was genieten de hele dag, de causerietjes, het heerlijke eten, de aandacht voor elkaar. Thuis overviel natuurlijk de vermoeidheid want ongemerkt hadden we een heel eind gelopen. Lief was er met een warme steun in de rug en dekentjes. Pas na een uur was ik bijgekomen en kon ik verslag doen. Zo werkt dat nu. We zijn immers geen ‘drie-maal-zeven ‘meer.

Overpeinzingen

Elke dag is het beleven waard

Voor het eerst sinds een lange tijd is Klaas Vaak weer eens volledig leeg gestrooid rond half vijf. Het valt ook niet mee om al die mensen in slaap te sussen. Daar is heel wat voor nodig. Hij loopt zich vast het vuur uit de sloffen.

Het goede voornemen is om het werkboek van tekenen met je rechterbrein door te werken. Iedere dag een half uur aan de slag. De eerste tien minuten met een blinde contourentekening en daarna met een opdracht uit het boek. Gisteren besloot ik met de kleine duurzame kerstboom te beginnen. In contouren misschien wel een heel makkelijk object. Maar het lukte me voor het eerst de rust te bewaren en er tien minuten over te doen. Volg met je ogen de lijn klinkt makkelijker dan het is. Voor je het weet is je blik er klaar mee.

Het was Full house, gisteren. Spontaan en onverwacht druppelde het hele stel binnen om nieuw jaar te wensen. Gelukkig brachten ze allemaal de overgebleven oliebollen mee en schoonzoon had uit Frankrijk zijn Driekoningen-taart meegenomen, gouden kroon incluis. Mijn lieve oudste kleinzoon had de ‘boon’ en was koning. ‘Wat ga je doen vandaag, lieverd’, was de eerste vraag. ‘Op de allereerste plaats excuses aanbieden voor de slavernij’ gaf zijn broer snel repliek. Laat die schatjes maar begaan. Ze weten wat prioriteit mag hebben.

Het kleine grut lag op de grond met autootjes en poppetjes en heel even hadden we er geen kind meer aan. Een kamer is toch altijd te klein als we zo allemaal bij elkaar zijn. De oudste van de tweeling met zijn gezin waren er niet bij. Die hielden vakantie in het verre Mexico. Nooit geweten dat de afstanden zo ver zijn. Tien uur vliegen en nog langer om op de plaats van bestemming te komen. Maar dan heb je ook wat. De beelden zijn aangenaam jaloersmakend. Strand, zee en vooral warmte. Ook een mooi begin.

‘Wat hebben wij voor wensen in het nieuwe jaar’, vroeg mijn lieve schoonzoon. Hetzelfde hadden lief en ik ook al in de ochtend bij het ontwaken besproken. Eigenlijk hadden we het zo goed in het afgelopen jaar, alleen nog een beetje meer van dat, was de enige wens. Een haalbare. Er dwarrelen heel veel wensen in mijn hoofd, maar die betreffen het grote gedachtegoed. Vrede voor iedereen staat boven aan de verlanglijst en daarbij onmiddellijk een mooie toekomst voor mijn lieve nazaten en hun generatie.

Op oudjaar had ik het hoofd nog maar eens in de henna gezet. Een goed begin is het halve werk, was daar het idee bij. De manier waaop het haar vervolgens dik en gezond eruit te voorschijn komt, is steeds opnieuw een klein wonder. Gistermorgen had ik ineens een goed plan voor een begin over het verhaal van het IJs op de Lek. Maar een echt plot ontbreekt nog. Vandaag maar eens zoeken, hoe dat er in de jaren met de strenge vorst aan toe ging. Wie weet. Niet geschoten, altijd mis.

Het voelt fijn om zo vroeg te schrijven, terwijl naast mij kalm en regelmatig de slaap een uitweg zoekt. Het verkeer komt mondjesmaat op gang. Schoonzoon is jarig vandaag. Een rond getal. Mijn lieve oudste realiseerde zich ineens dat er iedere verjaardag een jaartje bijgeteld zal worden. Dat is geen schokkend feit op zich, maar wel dat je je er bewust van wordt en er bij stil staat, vond ze.

Op onze leeftijd is het een zegen, bedenk ik me. Weer een jaar samen genieten. We wandelen hand in hand het nieuwe jaar in, in afwachting van wat komen gaat. Elke dag is het beleven waard.

Overpeinzingen

Is dat niet de juiste intentie?

Lief drentelt tussen de twee grote raamgevels heen en weer. Het uitzicht op het siervuurwerk is prachtig. De doffe knallen er tussendoor brengen een schokgolf teweeg die een frisse eerste duik in ijskoud zeewater niet zou misstaan. Vanuit mijn ooghoeken, zittend op de bank, sla ik met gemengde gevoelens de uitzonderlijke verkwisting gaande. Ben ik nog in staat te genieten in de wetenschap dat ik me minimaal twee dagen verschansen zal in de veilige binnenruimte.

Longen, zeker het aangedane soort, en vuurwerk zijn geen dikke vrienden. Pluis houdt er ook niet van. Met platgeslagen oren ligt ze onder de bank te bibberen en zet knikkerogen op. Mag plezier twee maal een subsidie voor de hoge energierekening kosten of hoor je bij het bedenken van al die argumenten thuis in het land van de zuurpruimen, de azijnzeikerds, de notoire milieufreaks. Genieten bij een kostenplaatje dat groter is dan het gemiddelde gezin aan inkomen heeft, is lastig.

Maar een nieuwe dag, de eerste in een gloednieuw jaar, breekt gewoon weer aan en die mogen we uitpakken. Er zit een grote strik van verwachtingen om heen. Twee kleinkinderen op komst, mijn lieve dochter en mijn schone zoon die met hun kinderen gaan Troostrijden door Europa met hun prachtige opgeknapte kleine caravan. De zoon met zijn gezin die weer hopelijk een nieuwe voorgevel in zijn huis krijgt, omdat de overbuurman er met zijn auto in is gereden, lief en ik die hopelijk een mooie nieuwe balans weten te vinden tussen de twee thuislanden die we samen hebben, in de tijd die ons gegeven is.

Gisteren hoorden we tussen de knallen door, waarbij de decibellen omhoog moesten, Guido een aantal rake dingen zeggen. Een van de opmerkingen sneed hout waar het het oordelen betrof op social media. Alles wat daar staat geschreven, is sneller gezegd dan op effect geschat en doet meer kwaad dan men lief is. Een gouden regel had hij voor ons: ‘Maak niet van jouw verwachting mijn verplichting’. Met andere woorden ieder mag zijn eigen verwachting hebben, maar dat geldt alleen voor jezelf en niet voor je omgeving. Een ander hoeft zich daar niet aan te verantwoorden. Ruimte geven aan een ander is zo belangrijk.

Als uitsmijter gaf Claudia haar kijk op de wereld en op het afgelopen jaar, met een zelfde intentie als Guido en een zelfde boodschap, rake zinsnedes, mooie teksten voor de liedjes, overeenkomende denkbeelden over grensoverschrijdend gedrag en onze tolerantiegrens daarin, met eigenheid vanuit haar vrouwzijn en derhalve dus toch weer anders. Haar humor gaf vooral aan dat we al snel geneigd zijn om geshockeerd te reageren als men met zijn mannelijkheid te koop loopt, maar dat we het om moeten draaien en kunnen veinzen dat we er ondersteboven van zijn dat hij met zoiets door het leven moet. ‘Stuur er nog eens een’. Hilarisch.

Dat is ook wat er door beide oudejaarsconferences heen trok. De vraag waar de satire is gebleven. Niet alles is sarcasme, afgunst of gemeen bedoeld. Klop er lucht in. Bezie alles in 3D, van alle kanten. Naast de nadelen ook de kracht blijven zien of de schoonheid is een groot goed. Je eigen steen kunnen bijdragen in wat het fundament van een nieuw jaar zal zijn. Hoe klein en nietig ook, alles telt. Is dat niet de juiste intentie?

Overpeinzingen

In de ware zin van het woord

De Twijnstraat lag gehuld achter een regengordijn bij aankomst en ook bij vertrek. Changement de decor. Zo snel als mogelijk doken we het filmhuis binnen. Alle tafeltjes leken bezet, maar achter in het grote restaurant maakte net een mevrouw aanstalten te vertrekken. Mazzelen. Met een groot glas warme thee streken we neer. De sfeer in die grote glazen aanbouw is geweldig. Boven ons hoofd dwarrelden achter elkaar de bladeren in een pittig windje in het rond en keek je dwars door de overkapping naar de oude muur van Planjers unieke gebouw. Herkenbaar en zo ‘n vertrouwd beeld in de stad.

Er was wegens personeelsgebrek geen bediening maar je kon alles aan de bar bestellen. De twee studenten liepen zich het vuur uit de sloffen om iedereen te bedienen. Vanuit de keuken kwam toch telkens een joviaal bord eten langszij zetten met een grijnzende kok erachter. Het is behelpen, maar daarom niet minder gezellig. De filmzaal was nog rustig toen we er aankwamen. Nooit op de stoelen kijken om het nummer van de rij te ontwaren als je de zaal niet kent. Pardoes dook ik tegen de grond. Afstapje gemist. De verschrikte ogen op rij zes suste ik haastig. Niets aan de hand. Lief keek bezorgd naar me. Maar ik nestelde me in de stoel en bezwoer hem geruststellend hetzelfde. Kan gebeuren. Een ontveld scheenbeen en het kon allemaal erger. Een ongeluk zit in een klein hoekje. We hadden daarentegen wel de beste plek. De laatste rij en stoelen direct naast het gangpad. Hoera.

Langzaam druppelde de zaal vol. Kerstvakantie, druilweer en een mooie film. Meer is er niet nodig voor geluk. De film begon zoals we verwacht hadden na het zien van de trailer. Twee hard lopende jongens dwars door de bloemenvelden. Een imposante aanblik van schoonheid op het grote scherm, de magie van het witte doek. Binnen de kortste keren keken we mee over de schouders van de tengere blonde Leo en de donkerblonde grijnzende Remi naar hun ontroerende vriendschap waar geen gemaaktheid aan te pas kwam. Innig en regelrecht uit het hart. Met de opmerkingen van buitenaf sloegen er kinken in iets wat eerst zo hecht en warm was. De loop van de film nam een onvoorziene wending en daarna volgde een spel van diepe emotie. Zo prachtig neergezet, zo heftig ook. Wat een film.

De zaal was muisstil. Er ritselde en ruiste niets. Men hing, net als wij, tegen het doek aan. De beste film van het jaar.

Toen de beelden stil vielen moesten we wel iets eerder opstaan als eersten uit de rij. We besloten niet in het gebouw te blijven maar door te wandelen naar de Kade, waar vast wel een restaurant een tafel vrij zou hebben op vrijdagmiddag, borreluur. Het was duidelijk dat het hele verhaal moest landen en een plek moest krijgen. Bij Orloff was het goed toeven. Al pratend haalden we de beelden omhoog en onze eerste gedachten onderuit, omdat die geschoeid waren op aannames bij het zien van de jongens, net als bij de puberale eerste blik van de kinderen op school. Zo snel is een etiket opgeplakt. Inderdaad.

Over een ding waren we het eens. De film ‘Close’ behoorde tot de betere films. Een waanzinnig knap neergezet staaltje van emoties door Lukas Dhont. Meer dichtbij kon je als kijker niet komen. Een ‘schouw’spel in de ware zin van het woord.

Overpeinzingen

Een Pluis met karakter

Zacharinus zoetwarenhuis verbleekt bij mijn eigen luilekkerland in Bussum. Een klein filiaal met kunstenaarsbenodigdheden en bijzonder vriendelijke dames achter de balie, die me maar al te graag wegwijs willen maken in het verschil tussen cobra-olieverf en de authentieke olieverf. Fijn als er tijd en aandacht is, met als extra, drie proefmonster tubetjes van hetzelfde merk, wateroplosbaar en derhalve veel beter voor de aangedane longen. Het wordt een jaar van experimenten, stel ik me voor. Lief werd voor een dame aangezien, ‘maar dat kwam, ‘ verontschuldigde ze zich, ‘door zijn leuke krullebol’. Achteraf moesten we er hartelijk om lachen. ‘Lang geleden dat iemand mij zo genoemd heeft’, was zijn repliek.

Er was markt in het stadje en in de gure wind stonden de marktkooplui onder hun klepperende zeilen. De markt ken ik van binnenuit. Ooit, een leven geleden haast, hielp ik mijn zwager een jaar uit de brand door met hem mee te gaan bij zijn eerste pogingen een marktkraam in fietsonderdelen op te zetten en te runnen. Dat was geen sinecure.

In de vroege ochtend tegen vijven stopte zijn bestelbus bij mij en reden we richting het oosten. In weer en wind moest dan het zeil over de kramen getrokken worden en de bus uitgeladen. Alles stond in kratten en die gingen een voor een op de kraam. Het was een heel gedoe voor alles stond en lag zoals het het meest praktisch was. Vooral het stallen van de bus had bij iedere markt voeten in de aarde, niet overal was er een voor de hand liggende plek. Het liefst zetten we hem achter de kraam omdat we dan niet alles hoefden uit te pakken. Maar die vlieger ging vaak niet op.

In Ede stonden we tegenover de viskraam, die als specialiteit warme lekkerbekken verkocht. Als we dan in de avond na een dag hard werken de zeilen moesten oprollen, was alles vergeven van een doordringende visgeur. Niet onverdeeld even plezierig, vonden wij.

Marktlui…Het is een apart volk. Gisteren was een van de koopmannen een ommetje gaan maken. Bij zijn kraam stond een klant te wachten. De mannen van de kraam naast hem schoten haar te hulp, door heel hard over de markt te schallen ‘waar hij nou toch in godsnaam bleef’ en ‘Dat je zo’n vrouw toch niet kon laten wachten joh. Was ie nou helemaal een haartje betoeterd’. Het geschater van de drie mannen klonk nog lang na. We walsten tussen het gejoel door en het ontlokte me een grote glimlach met al die herinneringen op mijn netvlies.

Straks gaan we naar de film. Daarvoor snuiven we nog wat oudejaarssferen op in de stad. Niets is gezelliger dan oude tijden, die herbeleven. De Twijnstraat was vroeger een van onze lievelingsstraten, waar heel wat voetstappen te vinden zijn. De straat is er alleen maar beter op geworden, met een leuke variatie aan winkeltjes en restaurants, die in alles afwijken van de alledaagse tendens en de doorgaande winkelketens. Het doet Dickeriaans aan met haar variatie aan gevels en past bij een nostalgische wandeling. Het oude politiebureau waar mijn vader zijn voetstappen liggen, is er een mooie aanvulling op. De film belooft alle goeds.

Pluis speelde gisteren in haar eigen Rembrandt-versie. Ze zat bij de kerstlampjes en er ontstond een Claire Obscure waar Rembrandt onmiddellijk op ingesprongen zou zijn, stel ik me voor. Een aanvulling op Minoes, waar we met veel plezier net naar gekeken hadden. Probeer dan maar eens onder de personificatie uit te komen. Een Pluis met karakter.

Overpeinzingen

It takes two to Tango

Eergisteren kwamen we op het spoor van de podcast Docs onder eindredactie van NTR en van de VPRO. In aflevering 104 krijgt de programmamaker Pam van de Veen de luchtpostbrieven van haar moeder aan haar varende vader in handen als het huis van haar overleden moeder wordt uitgeruimd. Ze maakt er een podcast over onder de titel: ‘Wat weet je eigenlijk van mij’.

Op de eerste plaats was de herinnering aan de blauwe luchtpostbrieven al een aha-erlebnis. Van vriendinnetjes die in de kibboets in Israel aan de slag waren gegaan kreeg ik wel eens zo’n exotische brief. Dundruk en vol gepend met verlangens en dromen die een mens overvallen konden in het buitenland in die dagen, toen de wereld zich nog niet had ontsloten. Via radio en drie netten op de televisie sijpelde het buitenland mondjesmaat binnen. Met mijn ouders mee hadden we al vijf landen bezocht in de vakanties. Duitsland, Oostenrijk, Frankrijk, Luxemburg en Spanje waren niet langer voorstellingsloze woorden. Daar opgedane vakantie-vriendschap werd ook vaak een uitwisseling via luchtpost, Ute uit Schleiden, der Franz uit Villach. Luchtpost zong de taal van avontuur en romantiek.

In de brieven van haar moeder aan haar varende vader wordt de ontwikkeling duidelijk van een vrouw in het keurslijf van de mentaliteit uit de jaren vijftig, waar het gezin als de hoeksteen van de samenleving gold, getrouwde vrouwen hielden op met werken, de man was nodig bij gemeentelijke beslissingen, enzovoort. Ze groeide uit tot een vrijgevochten linkse vrouw die tenslotte koos voor haar eigen persoonlijkheid en daar op geheel eigen wijze invulling aan gaf.

Feesten en partijen in de jaren ‘70

Het zijn op het laatst de roerige jaren zeventig, waarin wij zelf ook een huishouden voerden. Dat wil zeggen, het huishouden was het minst belangrijk. Beiden deden we te hooi en te gras wat nodig was. Werk, vrienden, studie en kennis verzamelen had de hoogste prioriteit. We werden overspoeld door herkenning, vooral in de vriendenkring om ons heen, waar we hetzelfde zagen gebeuren. Vrouwen die zich onder het juk van de hiërarchie uitvochten en steeds vaker de barricaden op gingen om hun recht te halen. Aan alles, wat mijn moeder met de paplepel had ingegoten gekregen en dat als de geldende norm werd gezien, werd uitvoerig getornd. Er kwamen vrouwenpraatgroepen, vrouwencafe’s, ze veroverden een plek in de plaatselijke en later landelijke politiek, er kwamen Dolle Mina’s, er waren acties als ‘Baas in eigen buik’.

Temidden van al dat tumult werden tijdens feestjes en partijen felle discussies gevoerd over rechten en plichten, heilige huisjes omgeschopt en er kwam nieuw en modern zicht op hoe een samenleven zou kunnen zijn. In Leiden woonden we destijds samen en vonden ons zelf geëmancipeerd in de juiste zin van het woord. Er was ruimte voor beiden om je te ontwikkelen, om je eigen ideeën te ventileren, een wereld van boeken en gesprek.

Als Pam aan haar vader vraagt, hoe hij het proces van de ontwikkeling van haar moeder had beleefd, vertelt hij dat zij degene was die veranderde, waardoor er ruimte kwam voor een nieuwe liefde in haar leven. Op afstand zie ik hoe hij vasthoudt aan de meer traditionele waarden en niet meegroeit met de tijdsgeest. Door de grote afwezigheid van hem, varend op de grote vaart in combinatie met een vrouw thuis die doodging van verveling in een huishouden waaruit elke uitdaging verdwenen was en die naarstig op zoek ging naar zichzelf, kon het bijna niet anders dan dat ze elkaar zouden verliezen. ‘It takes two to Tango’.

Overpeinzingen·Theater

Dat zal lukken

De droom spatte als een zeepbel in duizend losse flarden uiteen door geroffel op de trap en lief die het klokje bestudeerde. Met een oog op de donkere wereld boven mijn hoofd en de vraag hoe laat het was, zes uur pas, kon ik nog een drie kwartier verder doezelen maar de droom weigerde terug te komen. Eigen schuld, dikke bult.

Dochterlief en de kleine filosoof waren al vertrokken toen we in alle vroegte bij schoonzoon aanklopte. Thee en kleindochter die het lumineuze idee had om te knutselen, iets wat binnen no time ineens een toneelkijker bleek te worden, handig als je naar het theater gaat om een stuk van Podium Sprits te bekijken. Efrem Stein speelde ‘Pakkepapier’, een interactieve voorstelling voor kinderen vanaf één jaar in het knusse Zimihc-theater in Zuilen.

We waren er ruim op tijd en wandelden over het oude schoolplein met zijn drie reusachtige beuken van de voormalige Beatrixschool en de Prinses Christinaschool. Het vorstelijk complex, zoals het genoemd wordt, een naam gerelateerd aan de twee scholen, verbindt hen met elkaar en er vindt behalve cultuur ook kunst, welzijn en horeca plaats. Er werd trouwens druk aan het gebouw aan de voorzijde geklotterd en geboord. Straks mag het cafe zich wentelen in een gemoderniseerd jasje.

In het theatercafe was er gelegenheid te over voor de kleintjes om te kruipen, te lopen, te spelen en elkaar te ontdekken. Ouders al dan niet samen en een enkele opa en oma begeleidde het grut. Er was koek en zopie en ranja voor de kleintjes.

De voorstelling draaide om papier en pakjes, scheuren, ritselen, kreukelen en rondzwieren, maar vooral om versieren. Iedere keer valt me op bij het aanschouwen van jeugdtheater, dat een verhaal wat weinig vergt aan opbouw, vaak ingenieuzer in elkaar steekt dan het meest moeizame decor. Zonder al die rompslomp er omheen komt het op spitsvondigheid aan, goede mimiek en timing, op samenspel met het hele jonge publiek.

De kleintjes lieten zich figuurlijk dankbaar inpakken door deze grappige Efrem. Op het laatst mocht iedereen, die wilde, meedoen. Dat was niet tegen dovemansoren gezegd. Binnen de kortste keren werden zelfs de kleine angsthazen, die weggedoken zaten op een veilige schoot, overgehaald om mee te doen. Logisch als je zelf aan het scheuren mag slaan.

Kleindochter aarzelde, maar van lieverlee naderde ze het podium met voorzichtige stappen, al hield ze de vluchtroute goed in de gaten. Aan het eind van de voorstelling was ze helemaal los en met een buit van uitgedeelde papiertjes, kleurrijk en goed te gebruiken voor het knutselen, togen we na de koffie, thee en ranja naar ons huis, waar we de croissantjes zouden bakken.

Onderweg viel ze in slaap en kon ik voor een snelle boodschap een winkel in, terwijl lief bij de kleine bleef. Ziezo, alles klaar voor de tweede ronde. Dochterlief haalde haar op en ging na croissant opnieuw op pad.

Eindelijk schrijven en rust en zware oogleden van de vroege dag, maar het komt ook door de koude. Negentien graden krijgen mij niet gauw warm, met dit kippevelletje. Een deken in kruipen en warm denken, dat zal lukken.

Overpeinzingen

Als de geest gevoed wordt

Holle bolle Gijs uit de Efteling zou moeiteloos zijn verblijf inruilen voor een plaats in het Codamuseum in Apeldoorn. Zijn ‘Papier hier’ zou de hele dag door de ruimte schallen. Het draait hier om papier en de vorige keer dat ik er was, waren er nog veel meer papieren objecten te bewonderen. Nu viel vooral de kerststal van karton in de halop.

Het allereerst werden we, nog voor de museumentree, ingewijd in de röntgen-art, een vernuftig staaltje van werk ombuigen naar schoonheid van de voormalig laborant van ‘t Riet, die na zijn pensioen de mogelijkheden in zijn eigen röntgenkamer is gaan verkennen met planten en dieren. Fascinerend net als de hele uitvinding an sich natuurlijk.

Daarna konden we de monumentale entree van het museumgebouw bewonderen. Door de speelse opbouw van de verdiepingen, transparant, met veel glaswerk, dat kijkjes in de diepte en in de hoogte toeliet, zicht op de glooiende tuinen met de grasbeelden, de bijzondere wolkenlucht erbij, gaf een effect, waar Dali onmiddellijk gebruik van zou maken.

In de basement was er een tentoonstelling van Bas Kosters met de titel Van een wonderschone frivoliteit’ Veel herkenbare items ut het verleden, glitter, sieraden, comics, leer alles was er in de veelzijdige vitrines te vinden. Daarnaast liep je de tentoonstelling ‘Mirage’ van Lieven Hendriks binnen, die met zijn kunst de kleinste opvallende dingen, zoals de vuile vingers op een vrachtwagendeur, een spijker in de muur, een beslagen spiegel, als inspiratie voor zijn doeken had gebruikt en die er ook niet voor terugdeinsde om het mes ter hand te nemen om iets uit te diepen. Er was een film bij met uitleg wat de kunstenaar bezield had en hoe hij tot dat proces was gekomen.

Boven was er een verzameling kunst van zeventig kunstenaars uit Apeldoorn en daarmee was men van een grote verscheidenheid verzekerd. Er zaten een paar juweeltjes bij en ook opzienbarende technieken. Heel ingrijpend was de simpele verzameling afgedankte huishoudelijke middelen met aandoenlijke briefjes eraan met teksten als, ‘ze hebben me ingeruild voor een snoerloze’ of ‘Ik was overbodig geworden’ . De overvloed van een consumptiemaatschappij in beeld.

Wat opviel was de heerlijke rust die er heerste. Tijdens de rit er naar toe hoorden we dat het Catharijneconvent in Utrecht overspoeld werd door duizenden bezoekers, die de Napolitaanse Kerststal wilden aanschouwen. Met onze keuze waren we juist rust en stilte tegemoet gereden en de aanblik van de architectuur verenigd met verschillende kunstvormen was een verademing op zich na de drukke kerstdagen.

Boven kwamen we, temidden tussen de uitbundige glimmende sieraden, Augmented Reality tegen. Leuke spelletjes met kettingen die pas zichtbaar werden als je inscande op een QR-code. Per ongeluk had ik er een doorgestuurd naar instagram, waarbij dochter waarschuwde of dat de bedoeling was. Ik had weliswaar een vermeend sieraad om, maar ook was er de blik op minder fraaie kanten van het oude lijf, haha. Augmented kon er af, de harde werkelijkheid.

Het museumcafe was gesloten in verband met personeelsgebrek, maar er tegenover lag het stadscafe, met heerljke waldkornbollen als lunch. Pas toen hadden we door dat het al 16.00 uur was. Een late lunch dus. De maag rammelt minder luid, als de geest gevoed wordt.

Overpeinzingen

Zo’n leven in vogelvlucht

Kerst…En Kruimeltje op de televisie. Dan smelt je nostalgisch hart tot draden van uiterste emotie. Tjonge Tsjonge. Ik was het vergeten door de jaren heen. Wat een drama, wat een ongein, wat een goedmakertjes in liefde.

Die middag hadden we de verjaardag van een nichtje van lief gevierd. In een onmogelijke tijd, op een uur rijden, en binnen drie uur weer weg, want de limousine kwam voorrijden en ouders en nichtje mochten gaan overnachten in een extra luxe hotel. De regen druilde neer. Af en toe, of zeker vaker, huilde de hemel tranen met tuiten. Er zat geen strandwandeling in, zo vlak bij het strand. regelrecht naar huis en een filmpje op, was het devies, haden we bedacht.

Een gesprek met de ex-vrouw van de broer van lief was bijzonder onverwachts en fijn, omdat ik haar ongeveer 45 jaar geleden voor het laatst had gesproken. Levens wandelen bij een goede basis onmiddellijk in elkaars lijn. Overbruggen van jaren kostte geen enkele moeite. Het was een animerende uitwisseling en de jaren er tussen smolten weg.

In de verwonderingsadventskalender die een lieve vriendin op facebook deelt, komt er een bericht langs, dat je de verwondering kan bewaren door te proberen iets niet persoonlijk te nemen. Hoe doe je dat? Ik stel het me voor en vindt het onmiddellijk een moeilijke opdracht. Je neemt jezelf op de eerste plaats overal mee naar toe. In hoeverre trek je je iets aan van wat er gezegd wordt. Als ik er bewust bij blijf, kan ik afstand houden, maar zodra ik er met de emotie in ga, verlies ik het net zo makkelijk. Dat is de kleine valkuil, die er onder ligt.

In de avond zijn er nog meer kerstige programma’s. ‘Alles is Famiri’ is er zo een, waarbij Amber Kortzorg naar Suriname afreist, het land van haar vader. Hoe behoud je je identiteit in een land met zoveel verscheidene culturen en hoe past zij daar zelf in. Mooi als, op het laatst van de aflevering, bij haar oom in huis, een broer van haar vader, en een neef, al haar opgedane ervaringen in elkaar schuiven en ze zich eindelijk helemaal thuis voelt.

Daarna is er ‘ Volle zalen’ en gaat Cornald Maas op bezoek bij de Joost Prinsen, die nu tachtig jaar is. Zo wonderlijk om een stukje van ‘ de stratenmaker op zee-show’ te zien met een lange sladood van een slungel en deze Joost te aanschouwen, wiens lange lijf krom is getrokken, wat duidelijk te zien is als hij tijdens het interview blijft ‘multitasken’ en zijn vissoep bereidt.

Zodra echter zijn ogen beginnen te glanzen bij thema’s als het theater, Jenny Arean, een nieuwe liefde, valt de ouderdom in stukken van hem af. Jong van geest gebleven en nog altijd een meester in zijn vak, als hij vertelt van zijn docentschap aan de Kleinkunstacademie. De zwakkere minrebroeders moet je begeleiden, de natuurtalenten, die er toch wel komen omdat ze veel in hun mars hebben, zoals Wende en Alex Snijders, kon hij laten gaan.

Zijn liefde voor zijn overleden vrouw beschrijft hij in het boek ‘Na Emma’ en hij vertelt over de nieuwe liefde in zijn leven, Noraly Beyer. Hij sluit af met het prachtige lied van Maarten van Rozendaal: ‘Mooi’. En dat is het, zo’n leven in vogelvlucht

Overpeinzingen

Daar gaan we voor

De frosting voor op de taart moest volgens het recept met kokosyoghurt of kokoscreme en ahornsiroop. Het plaatje liet een friswitte frosting zien, maar de mijne leek meer op bruine drab. Toch maar de makkelijke weg genomen, boter, poedersuiker en citroen. O ja, als je een mooie Monchoutaart uit de koelkast haalt, moet ze in het huis van zoonlief terug de koelkast in, vergeten en derhalve een ‘mousse au Monchou’ als tweede toetje

Het was een gezellige drukte. De kinderen konden los in de grote ruime woonkamer. Iedereen was er. Een lange tafel vol meegebrachte heerlijkheden, aandacht voor de makers, een uitgelaten ‘Eet smakelijk, eet smakelijk, delen is noodzakelijk en wie zich aan de soep verbrandt, gaat volgend jaar naar Ameland, eet smakelijk, eet smakelijk, delen is vermakelijk’ naar traditionele inleiding tot de maaltijd. Kinderen, volwassenen, allemaal lachende gezichten en twinkelogen.

Er waren heugelijke aankondigingen, er werd in de keuken druk gespoeld, gewassen, gerechten werden opgetuigd, er was geroezemoes, gelach, uitgelaten gekraai van de kinderen, er werd gestoeid, een film gekeken en te midden van dat alles was er ook weer tijd voor rust, bezinning, een gesprek aan de tafel met de volwassenen.

Heerlijk zo’n vroege viering en daarna de handen vrij. Alles bij elkaar werden de allerkleinsten rond half acht bijna in slaap en in pyjama in de armen gewiegd en naar huis gebracht. De anderen waren er tot negen uur, maar daarna mochten de gastheer en gastvrouw op de bank onderuit zakken en uitpuffen, hoopte ik. De taarten waren, net als alle andere hapjes en maaksels, een groot succes, schoon op.

De groene komt met artikelen die het zelfbeeld van Nederland belichten en heeft als titel ‘In de spiegel’. Ik blader het door, lekker veel leesvoer voor de komende weken en daarna sla ik de Tao van Pooh op bij, geloof het of niet, een verhandeling die over de innerlijke aard gaat. In toeval geloof ik allang niet meer. Goed om een spiritueel licht over die innerlijke aard te laten schijnen. Het werd een verhaal uit de geschriften van Tsjoeang-tse, een Chinese dichter en Taoistisch filosoof in de vierde eeuw voor nul: ‘Een houthakker vindt zijn boom waardeloos, omdat de stam krom en weerbarstig is en vol zit met knoesten, waar elke bijl op stuk zou slaan. Hij klaagt erover dat hij niets met dat ding kan beginnen, waarop Tsjoeang-tse hem uitlegt dat hij alleen maar zijn wil wil opleggen aan de boom, zonder naar diens innerlijke stem te luisteren. Ze zou als schaduw kunnen dienen, je zou kunnen rusten onder de beschuttende takken en er omheen kunnen wandelen om het uiterlijk en het karakter te bewonderen’.

Benjamin Hoff, de schrijver van de Tao van Poeh, legt naar aanleiding daarvan uit dat alles zijn eigen betekenis en functie heeft en dat het goed zou zijn te luisteren naar die innerlijke aard. Een aanvulling op De Groene. Het is een bijzondere en mooie gedachte voor deze kerstdagen en het is zo waar. Zolang we onze eigen wil opleggen aan alles om ons heen en niet luisteren naar hun werkelijkheid en niet alles nemen zoals ze zijn, omdat ze zo zijn, vervorm je de boel.

Lief en ik hebben, in de maanden dat we samen zijn, langzamerhand geleerd om te zoeken naar die eigen aard. In het begin bestond de neiging om het beeld naar eigen hand te zetten en bepaalde gewoonten vroegtijdig te veranderen. Beetje bij beetje kwam de acceptatie. We zijn er nog niet, maar we hebben geleerd elkaar de ruimte te geven om die ander en diens wezenlijke aard te ontdekken. Het is een boeiend proces. In de waarde laten en respect voor alles in je omgeving hebben, daar gaan we voor.

Kerst·Overpeinzingen

Volop genieten

De monchou-taart staat op te stijven. Straks komt de moeilijkste opdracht een glutenvrije vegan worteltaart. We gaan het proberen. Alleen de lijst van ingrediënten al vereist de nodige voorbereiding. Maar het kan ook verheffend zijn om kalmpjes in de keuken te staan.

Griep en corona slaan om zich heen. Zus in de lappenmand, broer geveld, kleinkinderen met snottebellen en koorts, arme schatjes. Eerst maar even bij dochter langs, nee, de kleine filosoof niet knuffelen. Zijn zus had nergens last van. Uit de stapel bewaargoed, mijn oude hippieattributen, had ik twee wikkelrokken en een Israëlische kaftan getrokken die ze mocht omtoveren voor verjaarsslingers. Ze aarzelde licht; ‘Wat een leukies mam, misschien trek ik ze zelf nog wel aan’, wat ik natuurlijk zo’n fijn gevoel zal vinden. l’Histoire se repete.

Even bijkletsen, gezellig theeën, en de kleindochter die vooral het gesprek gaande bleef houden door steeds met iets nieuws om te knutselen aan te komen. Kusjes, de bestelde kunstkaarten van de kleine filosoof in de trend van Keith Haring mee, zwaaien bij de deur en een miljoen kushandjes. Dag schatjes.

De donderdag was er gevraagd voor oppas om half negen ‘s morgens. Even slikken, over mijn hart strijken en om zeven uur op pad, binnendoor om de gewisse file te ontwijken. Gelukt, maar wat een barre tocht met die miezer van boven. De kleine krullebol en de benjamin moesten even wennen aan oma en lief en aan het idee dat pa en ma, die respectievelijk voor een gesprek en voor werk op pad gingen, alletwee weg zouden zijn. Die kleine is watervlug en iets delen met elkaar kan hier en daar een dingetje zijn. ‘Blijf stoicijns kalm of heel enthousiast en het komt allemaal goed’ staat in mijn grote ervaringsboek. Als zoonlief er na een uur weer is, gaat hij met de benjamin naar de huisarts voor een oortje dat niet wil en heb ik kwaliteitstijd met de kleine krullebol. We blussen de brand met twee van zijn grote auto’s, tellen vogels op een hand, wiegen in de schommelstoel. De rust is neergedaald bij hem en bij mij.

Thuis was er koffie en lief met een goed gesprek en in de middag reden we naar een tweede oppasuurtje, waar de kleine dribbel op volle decibeltoeren, vanwege zijn matige gehoor op het ogenblik, ons luidkeels verwelkomde, twee knellende armen om de benen. Dochterlief was er even om een quiche te maken voor het kerstdiner op de school van dribbel en zijn grote broer. Een halve per groep was genoeg. Natuurlijk, doorgaans lijken het de ‘Vleeschpotten van Egypte’ wel. Iedereen bakt en kookt voor twintig ongeveer. We brachten ze naar school waar de auto met geen mogelijkheid geparkeerd kon worden omdat het opgehouden was met zachtjes regenen en iedereen met auto op z’n kerstbest naar school werd gereden.

Het was fijn dat schoonzoon klaar stond om mee de drukte in te gaan. Zoonlief was er ook en wachtte op zijn kleine meisje. Geen puf meer om uitvoerig de voorbereidingen te treffen voor het kerstfeest van vandaag, bedacht ik me. De dag zelf was vroeg genoeg. Dus stond ik bij het krieken van de dag appeltjes te schillen voor de appelmoes die nodig was in het recept. Glutenvrije(schoondochter had een glutenallergie) en vegan(voor zoon en dochterlief) worteltaart. Easy peasy met het recept op de ipad. De avond ervoor had schoondochter al haar glutenvrije bietenrisotto gemaakt.

Net als bij mijn kookreizen in tachtig dagen de wereld over zette ik eerst alles geraspt, gesneden, afgewogen en afgemeten klaar in bakken en bakjes. Zo’n heerlijk rustgevend werkje. Lief kwam zich af en toe verbazen over de discipline en de rust die er ondanks de bedrijvigheid heerste. Nu is het bijna gedaan en moet alleen de frosting nog gemaakt worden en zijn we ruim op tijd voor het diner.

Wat een rust geeft het om niet te hoeven dekken en alles in kerstsfeer op te poetsen. Volop genieten dus.