Uncategorized

Met een zetel in de hand kom je verder

De stoelen in het paradijs zijn oude klapstoelen. Ze dragen me en dat was tot nu toe voldoende. Kussentje erop en in wankel evenwicht uitrusten. Meer is er niet nodig, maar als je dan op een mooie zonnige lentedag vier zetels in de schoot geworpen krijgt, door lieve broer en schoonzus eigenhandig, een kilometer lang van de parkeerplaats af, gedragen, dan ben je de koningin te rijk. Een tuinvorstin op een zetel, zo voelde het. Broer sjouwde er twee, een vrouw van een van de tuinen droeg er één ongevraagd mee tot aan de brug. Het waren gelukkig ‘stoelen’, dus kon je onder het lopen stoppen en rusten, genieten van de stilte, de sloot, de bijen, de schapen om je heen. De kussens van klap waren ook goed voor zetel. De gouden bol wol danste om ons heen en dronk water, kreeg voortdurend kleine hondenkluifjes en genoot zichtbaar.

IMG_0145 (1)Bol wol met zetel

We zaten onder de scheve appelboom van Vasalis en genoten van de vogels, de vlinders en het kleine zoemende grut. Ze hadden de hielen nog niet gelicht of daar kwam vriendin op de tuin aangelopen. Eerst als stip en steeds meer dichterbij. Zonder omhelzingen, lucht-kussen en zwaaien met de armen. Later ook nog dochterlief, die adviezen kreeg van twee oude rotten in het schoolvak, maar toch zelf met de vraagtekens bleef zitten. Bij dergelijk koffiedik kijken, een blik in de toekomst met vragen van wat-als, zou ik een glazen bol willen raadplegen. Als iets met zekerheid te zeggen was, viel kiezen niet moeilijk, maar nu wel. ‘Doe wat wijsheid is’, hoor ik mijn moeder zeggen. Dan moet je die eerst zien te vinden. Afstrepen dan maar, de voors en de tegens en dan simpelweg tellen.

IMG_0151

Het is genieten op dat kleine stuk buiten het stadsgewoel, het voelde, vond vriendin, als een middag vakantie. Niet in de laatste plaats door het meegebrachte Aelberslekkers en het water en natuurlijk niet te vergeten de zetels. Vorstelijk comfort. Ze draaide aan haar ring. Het bleek een hele bijzondere te zijn. Een Möbiusring, de ring als perpetuum mobilé, een oneindigheid. Ze was in 1858 ontdekt door twee wiskundige heren in Duitsland, J. B. Listing en A.F.Möbius. In de Romeinse mozaïeken  200-250 na Christus zijn, volgens Wikipedia, vergelijkbare structuren te zien. Door de vorm en het eeuwigdurende refereert het aan Het Wiel van Karma.

mobius-ring-silver

Wat een prachtig symbool en waarom heb ik dat ten enenmale gemist. Ik vind het bijzonder dat het niet eerder op mijn pad is gekomen. Maar deze tuin, waar rust en wijsheid samen komen, is wel de meest uitgelezen plek om dit verhaal te horen. De sfeer is er naar en de verdere middag is ingebed in ontvankelijkheid. Wezenlijk doorgronden is zo mooi als zich dat au naturel ontwikkelt.

De oude brengt druiven uit de kas en wij poetsen ze gnuivend Corona-proef schoon met het prikwater in de glazen. De druiven zijn zoet. Dat was ook de titel van een boek van Ann Rutgers van der Loeff. Zeventien stemmen over het kinderboek, met de mening van, onder andere, Annie.M.G.Schmidt, Miep Diekman, Fiep Westendorp. Daarin werd de liefde voor de kinderliteratuur bevestigd, die al lang gloeide.

Vriendin ging en werd weer stip. Ik gaf de zetels hun vaste plek, wisselde nieuwtjes uit met de Oude, wiedde nog wat na, en knipte de schaduwplek vrij voor twee klapstoelen. Meerder vliegen in een klap. Zwaar beladen met twee zakken wiedsel kuierde ik naar de Kleine blauwe Prins. Na iedere twintig stappen een korte pauze, maar zitten op de zakken was er niet bij. Met een zetel in de hand kom je verder.

Uncategorized

Morgen is er weer een dag

Het begon met het bezoek aan het tuincentrum. Dan de aanbieding, vijf voor acht is een aanlokkelijke prijs, als je het geduld niet meer op kan brengen om de zaadjes de grond uit te kijken. Vooruit. Geen vakantie dit jaar, dus dan kan de portemonnee ook wel wat lijden, doe eens gek. Het wordt drie maal vijf. Veel salie, omdat ik gek ben op de bloei van de plant en geranium, als compensatie voor de verdwenen soort, margriet, zonnehoed en duizendknoop. Niet in de benauwde hoeveelheden van één, maar ruimschoots per soort.

Met de buit naar de tuin. Daar had ik zelf dus al weken niets gedaan en de Oude wel, maar sommige bedden waren overwoekerd met grassen, hondsdraf en bosaardbei, leverkruid en groot hoefblad. Brandnetel had haar kans waargenomen en was flink doorgeschoten hier en daar. Ruimte maken is ten strijde trekken. Gewapend met schepel en in eerste instantie met handschoenen aan. De grote vingers belemmeren in het behoedzaam te werk te gaan. Handschoenen uit. Ik was de tuinschoenen vergeten, had veel te warme kloffen aan en haalde mijn klompen uit het schuurtje. De harde randen op het tere vel belemmerden het lopen. Ze gaan ook uit en dan is er de enige juiste gewaarwording voor het onaangeraakte. Dat zachte koele gras onder de blote voeten.

IMG_0129

Langzaam vulde de aarde de verweerde groeven van de huid op. Ouderwets aan de gang. Het was heerlijk. Er kwam een vogeltje aanvliegen, dat ik niet kende. Lichtbruin met wit koppie, waar twee verticale bruine strepen van achter naar voor, naar het bekje liep. Te snel voor het fototoestel was ze weg. Verder met moeder aarde. Het vordert langzaam maar gestaag. Gedachten nemen de vrije loop en verzanden weer als een wortel weerbarstig met haar diepe pen zich vastklampt aan de veiligheid. We doen ze wat aan.

De oude komt verhaal halen om de framboos die ik er de vorige sessie had uitgetrokken en die hij juist heel zorgvuldig had schoongemaakt en er ingezet, maar frambozen komen op waar je bij staat en op die plek wilde ik geen framboos, wel een witte roos, een bodembedekker, die ik speciaal had aangeschaft voor dat onkruidminnende deel van de tuin. Deemoed om het misverstand. Altijd vervelend als iets omwille van iemand is gedaan en de ander ziet het niet. Aan de andere kant, is het ook  een kwestie van loslaten, want het blijft natuurlijk toch mijn tuin, waar ik in mag struinen zoveel ik wil. Uitgesproken sust het de gemoederen. Zand erover.

IMG_0134

Na twee bedden roept rug even rusten. Met de grote bladhark zoek ik de vijver af, kom een dode opgeblazen kikker tegen, die van plastic blijkt te zijn. Vergeten, dat die ooit langs het randje zat. Ik zoek het kopje van de engel. Ze staat nu hoofdloos te waken.  Ik vind het niet, maar het is wel een gelofte aan de kleine vijver om hem leeg te halen. Niet nu, er zijn andere prioriteiten. Het achterbed geeft het meeste werk. Stevige wortels van het groot hoefblad klauwen zich diep onder het veen en dat betekent graven en zwoegen. Ze zijn verstrengeld met het leverkruid. Het moet eruit, want anders is er te weinig plek. Langs de slootrand staan er genoeg. Vanuit de oude composthoop vul ik de aarde aan.

IMG_0131    IMG_0133

De bedden zijn klaar voor het nieuwe grut. Emmetjes water in de sloot gehaald, natte wortels gegeven en de zegen erover. Een vruchtbaar dagje tuin. Merel laat zien dat er vlakbij een nest is. Met worm in de snavel hipt hij over het gras en verdwijnt voor de nicandra in het struweel. Dan ineens klinkt de roep van de koekoek. Van vlakbij aan de overkant van de tuinen. Wat een simpel gegeven al niet kan doen om puur geluk te voelen. Met de bladhark rolt het onkruid zich op tot een stevige rol. In een zak zwoeg ik het naar de auto. Nog een bed te gaan, genoeg voor vandaag. Morgen is er weer een dag.

 

Uncategorized

En smaakt de vrijheid zoet

Soms kan ik terugverlangen naar wat ooit was. Onbezorgde vakanties met de vier naar Hombourg bijvoorbeeld. Mijn oranje Renault vier stond oogverblindend fel van kleur en volgepakt klaar om in de vroege ochtend, liefst voor vijven, richting België te vertrekken. Alles moest mee. Babybadje van hard plastic, volgestouwd met andere waar, het babyzitje, de kinderstoel, de hondenmand en Lazy zelf niet te vergeten. Vier kinderen erin en manlief erbij. De paden op de lanen in. Het hele arsenaal aan Annie.M.G. liedjes zat in mijn hoofd en nog een paar onvervalste evergreens, zoals ‘Het karretje en In het groene dal, in het stille dal’. Na Maastricht kwam het spannendste van de hele rit, de bochtige heuvelen van Belgisch Limburg met het karakter van een haarspeld, in mijn optiek. Deels omdat de lading zo kostbaar was en deels omdat ik nooit wist in welke versnelling ik die glooiingen moest nemen.

002 Ook met Kerst geliefd, 1981

Het landschap werd allengs groener. De kinderen achterin verzonnen spelletjes. Hoeveel witte auto’s zie je, ik zie ik zie wat jij niet ziet. Het leven was heerlijk en overzichtelijk. Aan het eind van de rit rolden we er boven op de heuvel uit, waar ze direct hun vrijheid namen en het weiland inrenden tegenover het grote huis. We kregen de kamers toegewezen en al naar gelang de eerste of de tweede week, één week was altijd voor de kinderen, waren alle vrienden er al of druppelden binnen. Er was veel voor handen om iedereen een onbezorgde week te geven.

scannen0768

Mannen en hun kampvuur, malle ‘ooms’ met een voorliefde voor de vaalt, breiende en spinnende vrienden, gitaarspelende mensen, meerstemmige samenzang, een boomgaard, een bramenveld en altijd wel ergens een picknick in het vrije veld of aan de lange tafels buiten op het erf. Soms waren er losgebroken paarden, wat niet handig was voor de auto’s, omdat ze met hun stevige lijf graag schuierden tegen de spiegels en hier en daar liepen onbeteugelde koeien, die door alles wat kind was, ‘wat zijn ze groot” , nieuwsgierig werd bestudeerd.

homburg10

Lazy ging op konijnenjacht en vergat dat hij, als Stadsefratsen-hond maar bitter weinig wist van de boerenhabitat. Herhaaldelijk moesten we hem bevrijden. De wandelingen verhaalden over klaverzuring, morgenster en beukenhaag, maretak en malve, fluitekruid en koolzaad, mierikswortel, guldenroede en berenklauw. En in de lucht vlogen niet alleen  spreeuwen, merels en mussen, maar ook de veldleeuwerik, de grijze kiekendieven, de buizerd en de valken vrij in het rond. Het leven was zoet en rijk gevuld.

IMG_3552 Mierikswortel

Het is er nog steeds goed toeven in de herinneringen en terwijl de gierzwaluwen boven mijn hoofd hoog vliegen en vertellen dat het een prachtige dag zal worden, de tuin wacht met minstens zo’n verscheidenheid aan groei, verlang ik naar die onbezorgde jaren van weleer.

de bus Sleutelen aan de bus.

Heel anders ging het er aan toe op de vakanties, toen ik zelf kind was. Mijn vader hield van autorijden. Dat werd al gauw duidelijk toen hij, om de regen te ontvluchten(waarom regende het altijd in Schleiden, Ahrbruck en Luxemburg)de zon tegemoet reed. Eerst richting Villach en Vassach en daarna via Metz en Lyon naar Tarragona, dat nog de grootte had van een postzegel met een mooie kathedraal. Salou was een dorp met een visafslag in de kleine kern, niet meer en niet minder. Het was op zich loffelijk, dat hij met de hele sleep op pad ging, maar het betekende ook dat je als kind met de vele anderen, soms negen of tien, opgepropt zat in een bestelbusje of een stationcar, waar altijd wat aan te sleutelen viel onderweg. Bovendien moest er behalve vrouw en kind ook aardappel, zure bommen, hagelslag en campingboter mee.

En toch, het was vakantie. Al kwam je verkreukeld weer thuis en als een uitgewrongen vaatdoek, dan nog had je een avontuur beleefd waar nog maanden op te teren viel. Die met mijn ouders, broers en zussen en die met man, kinderen en vrienden. Tijdens de vakantie zijn alle muizenissen op verlof, staan de zintuigen op scherp en smaakt de vrijheid zoet.

 

Uncategorized

Kwetsbaar, maar ook in staat tot helen

Ik kom in Letter & Geest van vorige week zaterdag opnieuw een boek over incest tegen. Het laatste boek dat ik uitgelezen heb is dat van Manon Uphoff: ‘Vallen is als vliegen’ over hetzelfde onderwerp.  Ik was er tamelijk ondersteboven van. Misschien ook omdat de locaties zo herkenbaar waren. Alles speelde zich af in de achtertuin van ons huis bij wijze van spreken. En in een nagenoeg zelfde tijd als mijn jeugd. Herkenbaar dichtbij.

IMG_0116 De onschuld

Dit is het eerste autobiografische werk van Wytske Versteeg na vier romans en heet ‘Verdwijnpunt’. Er wordt lovend over geschreven door Inge Schilperoord. Die sluit de recensie af met het aanhalen van een indringende zin: ‘Acceptatie is een kleine, rustige ruimte’. Wat een prachtige omschrijving voor iets dat met veel pijn en moeite is veroverd. Het is een onderwerp dat je het liefst ver weg zou willen stoppen, hoofd onder de dekens en ik ben er even niet. Niet alleen het kind wordt misbruikt, maar ook de onschuld, het vertrouwen en het geloof in het leven. Dat realiseer je je bij het lezen. Het brandt en het schuurt aan alle kanten, zo’n relaas. Hoe graag zou je er geen weet van willen hebben. De dader is een Bourgondische opa en voorgoed draait die bekentenis de nek om van die ene en in de emotie van al dergelijke types. Zo krachtig is het woord, zo krachtig is de autobiografie, waarvan je weet dat het echt gebeurd is.

IMG_0122

Als het om de bevindingen van Inge gaat, wil je het lezen. ‘Dat het Versteeg lukt om haar ervaringen op ontroerende, sensitieve en volstrekt originele wijze invoelbaar te maken, maakt verdwijnpunt tot een grootse prestatie’. De manier waarop ze het verwerkt is herkenbaar en kom je vaker tegen. Ze gaat steeds meer in haar hoofd zitten. Bij ‘De Keuze’ het boek van Edith Eva Eger, die haar pirouettes moest draaien voor Jozef Mengele in Auschwitz, weet die haar weerzin te overbruggen door te bedenken, dat wat er in je hoofd zit alleen aan jezelf toe behoort en aan niemand anders. De weg om te ontsnappen aan wat er daadwerkelijk gebeurt.

De verwerking door Wytske gebeurt met vallen en opstaan. Het is een lange weg, een achtbaan met pieken en dalen, die navenant even hoog als diep zijn. Als je het voor elkaar krijgt, om de belangrijkheid ervan te  laten verdwijnen, dan kom je uiteindelijk: ‘In die kleine, rustige ruimte’.

Dat beeld is mooi. Immers, als je tot acceptatie komt, daalt er een bepaalde rust over je, die ervoor zorgt dat je ontvankelijk bent en weer openstaat voor het inslaan van een nieuwe weg. Er zijn in het leven verschillende keren een moment geweest, waarop ik mezelf in balans moest zien te krijgen. Soms had ik daar hulp bij nodig in de vorm van een vriendin of een psycholoog, een boek of anderszins. Pas als de balans herstelt is, het voorval op een plek gevallen waar het niet langer schrijnt en de blauwe plekken en de butsen geheeld zijn, is er die kleine rustige ruimte, waar veiligheid voorop staat.

open-deur-digital-painting Open deur

Dat schenkt het vertrouwen om, na een eindeloos gevecht, toch die deur weer te kunnen openen. Kwetsbaar, maar ook in staat tot helen.

 

Uncategorized

Letterlijk en figuurlijk

Het was een lauwwarme wind, die langs mijn armen streek, gisterenmiddag. Het zag er wat dreigend uit, maarik besloot toch een flink eind de dag in te fietsen en koos voor de wijde polders rond IJsselstein. Jammer dat er nog steeds auto’s mogen komen op de kleine landweggetjes. Hoe heerlijk zou het zijn als je vrijuit kon zwieren.

Het fototoestel zat in de tas, maar ik besloot het te daar te laten en de foto’s voornamelijk in mijn hoofd te maken. Het rook naar lente, koemest en weelderig fluitekruid. Veel paartjes op de fiets, hier en daar een enkele alleenfietser net als ik. Dode kraaien bungelden aan stokken en een touw boven een akker van een boer en ik vond het er luguber uitzien. Het groen van de velden was licht en donzig. In werkelijkheid had het grasland moeite met de droogte en zwoegde voort terwijl ze langzaam vergeelden, straks mischien verdorden, maar vooralsnog zag het er uit als een glooiend mosbed, klaar om te rusten.

IMG_1597 (1) glooiend mos

Zoveel tinten groen in deze tijd van het jaar. Er staan ook gele bomen tussen de groenen. Ik vermoed gele acacia’s, maar ook nu stap ik niet af voor een nader onderzoek. De lucht trekt steeds meer dicht en het ziet er wat dreigend uit. De eerste kleine druppels vallen, maar zo weinig dat er met gemak doorheen te fietsen valt, letterlijk en natuurlijk. De gedachten springen op en neer, van de nijlganzen op het veld, naar de boerenzwaluwen die spelletjes spelen met de wind, de hardwerkende boeren op hun erf, de schapen in de wei, dartele lammetjes aan hun zij. Hier en daar, maar minder dan gedacht, een koppel zwanen en een reiger, roerloos aan de kant van de sloot. Ik trap met gemak 22 kilometer stuk, maar ben toch verijsd en bij thuiskomst zie ik dat mijn handen en neus een waas van paars hebben. Volgende keer mijn jas of lappie mee en een poncho.

Onder het fietsen  speuren de ogen ook naar roofvogels, maar ik kom er geeneen tegen. Gedachten springen dwalend van de hak op de tak met gebeurtenissen die in het vat zitten voor de komende week, de tuin, de ‘onmerkbare’ crisis omdat mensen steeds argelozer worden. In het centrum van het stadje waar ik doorheen fiets is het druk, drommen mensen, of lijkt dat zo, omdat ik vluchtig kijk en snel verder fiets, de stilte in.

Ik peins over ouder worden en tanen, hoe wij aankijken tegen de dood en ouder worden. Hoe anders dat kan zijn in andere culturen. In de krant stond gistermorgen de Stekel van Inaki Onorbe Genovesi, waarin een vergelijk stond tussen het Westen, de anderhalve-meter samenleving  en de vrees van ouderen om weggezet te worden als dor hout en de jeugd van de Navajo-indianen die hun ouderen eren en het verlies van hen niet alleen zien als het beroofd worden van een persoon, maar ook van eeuwen aan kennis, cultuur en verleden.

007 Boeken 1980.

De tegenstelling is groot en iets om over na te denken. Het is een stuk cultureel erfgoed, dat aan het verdwijnen is. Iedere generatie neemt kennis en gebruiken mee de vergetelheid in. Zelfs mijn geliefde boeken, die dat verleden koesteren en omarmen en waarvan ik dacht dat ze altijd zouden blijven, zijn een vaag begrip geworden of zelfs blanco gebleken. Enkele ‘evergreens’ uitgezonderd en zelfs die zijn niet altijd bestand tegen de tand des tijds.  De slotconclusie van Inaki is: ‘Liever indianenverhalen dus dan vrijblijvende ideeën’.

IMG_0086

Verhalen, ja graag. Zoveel als mogelijk. Koester wat nu is en vraag en praat en luister naar wat heden en verleden samen smeden kan en samensmeden kan, letterlijk en figuurlijk.

 

 

Uncategorized

Niet alles hoeft bewaarheid te worden

Het is even wennen  na al die weken van contemplatie. Heerlijke stilte is iets wat veel genoegdoening kan schenken. Gisteren was ik naar de tuin gegaan, twee zussen zouden gaan wandelen in de omgeving en daarna even aanwippen op anderhalve meter. Ik dacht prosecco voor de een en fris voor de ander, toost en brie uit de koelkast en klaar. Ik wilde wat schilderen, had net alles klaar, toen jongste zus met ex ineens om de hoek van het struweel kwam piepen. Op de fietsen en met veel lekkere dingen van de Turkse winkel.

HYEI2358

Ik had al wijselijk de stoelen voor het verwachte bezoek later op de dag onder de appelboom gezet. Buuf kwam langs en zag ons zitten. Idyllisch vond ze. Ik proefde het woord en dacht, dat is wat het is. Het was voor de een een overbrugging van jaren, die hij in Indonesië had doorgebracht. Als zwager broer wordt en weer verdwijnt uit je leven is dat een wonderlijke gewaarwording. Iemand schreef laatst op twitter: ‘Veel te vroeg in ons leven wordt het kaal en het wordt steeds kaler’. Dat hoeft dus niet alleen door dood, maar ook door wat mee oploopt en alleen weer verder gaat.  Naarmate de jaren verstrijken worden de lege plekken nog veelvuldiger. Er vallen gaten in het stramien, dat leven heet.

En zelfs dan weet Tijd bij het verstrijken der jaren ten leste een milde bout te hanteren. Is het de veelheid aan lege plekken waardoor je in staat bent om er mee om te blijven gaan of is het omdat je geleerd hebt hoe je gemis kan inbedden in het bestaan als de rauwe pijn verdwenen is. Vriendin hoorde van een lieve vriendin, die was gaan hemelen en op datzelfde moment vloeide uit haar pen een nieuw wezentje, dat zo heel erg paste bij haar werk, maar ook bij het werk van de vriendin die er niet meer was. Toeval is zo dikwijls geen toeval.  Dergelijke verhalen zijn verzachtend bij het aanvaarden. Ze nemen niet de lege plek weg, maar geven er een invulling aan. Misschien is dat de kern van het verhaal. Mijn doden reizen altijd mee, terwijl de omgeving leger wordt. Niet kaler, geloof ik. De meerwaarde van het ontastbare is voedend, ‘genoeg’ wilde ik daarachter schrijven. Dat klopt niet, want de leegte blijft.

IMG_0070

Daar zaten we nu en wandelden door tijd en gemis, in vertrouwelijkheid op afstand. Nooit gedacht dat ik het zo tegenstrijdig zou moeten schrijven. Het bestaat echt. Vlak nadat ze wegfietsten, stonden de andere twee vertrouwde koppies aan de overkant van de sloot. Ik verschoof de stoelen met de schaduw mee en met al dat lekkers sloegen we twee uren stuk. Ze hadden een fotoboek meegenomen, die schoonzus ongevraagd en met liefde had samengesteld uit foto’s van FaceBook. Het leven van de vier, soms vijf als broer meedeed. Vakanties door de jaren heen, een tijdsbeeld. Lachende gezichten waarbij wij een ander zicht hadden dan de kijker. Zus die, rennend vanaf het fototoestel op de grond, naar haar plek moest zien te komen vlak voor de zelfontspanner afklikt. De locaties vullen we aan met geuren en kleuren van de desbetreffende week of dag. Weet je nog? Zoete nostalgie.

Thuis bedacht ik dat de bijbehorende herinneringen van een foto, de diepgang, de betekenis, verdwijnen en een foto dan weer platte foto wordt. De sepiaplaatjes van vroeger zijn nog deels herkenbaar, omdat het vertrouwde gezicht gezocht wordt, maar de onbekenden die meedoen in het geheel worden ‘plaatjes’ met hooguit de kenmerken van een tijdsbeeld om je om te verwonderen. De lamp met de franje boven de keukentafel, het pastoe-meubilair, de schouw met de koperen salamander.

In het Magazine van de Volkskrant van afgelopen zaterdag stond de column van Thomas van Luyn, waarin hij schrijft over een fototoestel voor geuren, de hij de Osmograaf noemt naar het Griekse woord Osmè voor ruiken. Dat zou een aanvulling kunnen zijn, maar, voor hetzelfde geld, ook een aanfluiting. De muffe lucht van de lamp, de koolraaplucht in de kamer, de verschraalde rook van de gasten, ik bedoel maar. Niet alles hoeft bewaarheid te worden.

Uncategorized

Met of zonder witte strepen

De gierzwaluwen gieren dwars door de dikke vliegtuigstreep in de lucht. Vlak daarna komt er nog een vliegtuig de dikke streep langszij. Ze nemen de Hemelvaart letterlijk. Ik had stiekem gehoopt op nog een langere tijd zonder om de rust die het uitsstraalt, zo’n strakblauw hemelgewelf. Heel even heb ik overwogen te gaan dauwtrappen, met mijn moeder in gedachte, die vroeger niet anders deed op Hemelvaartsdag.  Om vijf uur op de fiets springen brengt je naar de mooiste plekjes. Zuslief, de fotograaf, trapt bijna iedere dag dauw. Het levert de mooiste foto’s op.

IMG_0054

Vooralsnog blijf ik in bed en trap af met een hoofdstuk uit het nieuwe boek van Ildefonso Falcones, een zeer kloeke Spaanse roman met de titel De Erfgenamen. Het speelt zich af in Barcelona rond 1400 en in die paar gelezen bladzijden hadden zich al drie onthoofdingen voltrokken. Zijn vorige boek Kathedraal van de Zee, was prachtig. Vol verwachting dus. Het begin is pakkend.

Gisteren ging ik de drie zakken met snoeiwilg naar de vaalt brengen. In de buurt van het recyclestation wezen borden de te volgen route. We zijn mak als schapen op de dam geworden, met het volgen van aanwijzingen. Ik kijk nergens meer van op. Het was maar goed dat ik gedwee deed, wat men verlangde, want aan het begin van de straat begon de rij al. Er waren meer mensen op het idee gekomen om een en ander op te ruimen. Het kostte precies een uur. De man die controleerde had geen boodschap aan afstand, zag ik bij de auto’s voor me. Ik hield het raampje op een kier toen zijn grijnzende hoofd zich uitvergrootte voor het glas.

Er was in de middag een afspraak met hartsvriendin en dus bedacht ik dat er tussendoor misschien tijd zou zijn voor een volgende stap in de ruimte: De kringloop in Eemnes. Even neuzen in de kleding. Niet passen, handschoenen aan en op de gok meenemen wat leuk was, had ik me voorgenomen. Het was er rustig, eenrichtingsverkeer en heerlijk opgeruimd. Overal gelwas. Ik viel voor een blauwe tuniek en een blauwe zomerjurk die straks goed van pas zou komen. De kassa stond achter het scherm en na een uurtje stond ik weer buiten met de buit en een tevreden gevoel over deze uitbreiding van de activiteiten. Onderdeel van het handelen met gezond verstand.

IMG_0045

Bij vriendin wilde de parkeermeter niet dadelijk de bewonerskorting invoeren. Weerbarstig bleef het hardnekkig, bij een keer aantikken, dubbel invoeren. Stom ding. We lieten hem voor wat het was.

Alleen al haar vertrouwde gezicht te zien was goed voor een warm gevoel. Stukje thuis. We hadden al zoveel jaren gedeeld en zoveel meegemaakt. Water en bubbels, daarbij honderd-en-een onderwerpen, een lach en een traan en de tijd viel stuk. We waren weer even daar en toen. Anderhalve meter is in gedachte te overbruggen, maar oh, een knuf had heerlijk geweest. Het was goed zo.

IMG_0053

Thuis direct de kleding in de was. Het water in de emmer hemelsblauw van de jurk. Toepasselijk voor vandaag. Blauw, blauw, hemelsblauw, zie het lied maar weer eens uit het hoofd te krijgen. Ik vertelde vriendin over het verhaal dat ik schrijf voor de kleinkinderen. Ik geniet zelf nog het meest van de types die ik verzin. Misschien is dat wel het allerleukste van fantaseren. Het creëren van je karakters en vooral als ze je direct helder voor de geest staan. Het is een van de redenen dat ik bij boek en film altijd eerst het boek wil lezen. Ik vorm mijn eigen karakters wel. Als de film daaraan refereert heeft de auteur ze goed neergezet. Gandalf heb ik ooit als achtienjarige getekend en dertig jaar later bleek de tekening identiek aan de Gandalf van de films van Peter Jackson. Zo werkt dat.

IMG_0052

De dag vloog voorbij, de planten op het balkon waren blij met mij en de gieter en de campanula stond vergenoegd blauw te wiegen bij die heerlijke natte voeten. Hemelvaart en ‘Vandaag kleurt blauw’ in variatie op een thema, met of zonder witte strepen.