Ergens kwam ik het verhaal tegen van iemand die per dag tegenwoordig de allerkleinste positiviteit voor zichzelf in een notitieboekje noteerde. Het was een artikel over zoveel mogelijk teruggaan naar analoog leven. De telefoon werd thuisgelaten en het notitieboekje en een in ere herstelde vulpen ging mee.
Het zijn ienieminimomenten van kleinheid. Een opgekrulde mondhoek, een kleine twinkeling in een oog, een verschuiven van een been om plaats te maken. Als je daarmee aan de haal gaat op een dag dan wordt de invulling ervan volledig anders dan bij een vluchtig en gehaast leven. Het lijkt me een goed voornemen om daar iets van mee te pikken. Gedetailleerd speuren naar de kleinste invulling van positiviteit.
Zo merk ik dat ik in de Hoff blijf hangen op het ontbreken van de vogels, op de mussen na. Het is zo groot geworden in mijn hoofd dat ik het vrolijke getwinkeleer en het dartelen van de mussen in de heg er niet meer bij tel. Dat geeft weer wat focus doet. Het scheidt een aantal anders bepalende aspecten.
Door het gemis van de kinderen in deze tijden, ik ben langer achtereen op de Hoff dan anders, wordt mijn blik nu ook gekleurd en eigenlijk vind ik dat niet fijn. Het maakt het gemis namelijk groter, terwijl ik weet dat hun lijfelijke aanwezigheid thuis net zo goed een tijdje kan duren. Dan draait het vooral om het hebben van een keuze, de mogelijkheid om ze ten enenmale te bezoeken als ik dat zou willen. Die afwezige keuze hier trekt, bij focus erop, een wissel in mijn hoofd. Het verlangen wordt groter, net als het verlangen naar vogelzang.

Als kinderen in de groep op de een of andere manier in een negatieve spiraal zaten, draaide ik aan een knopje achter hun oor. Wonderlijk genoeg was dat, wat nodig was om de relativiteit van hun bui inzichtelijk te maken. Er werd daarmee letterlijk ruimte geschapen om op een andere manier te kijken naar wat er om hen heen gebeurde. Ik merk dat ik op zoek ben naar dat knopje achter mijn oor.
Over gemis en het wel of niet begrijpen van de diepte ervan hadden we het gisteren. Als verlangen dan zwaarder weegt dan de objectiviteit zit het danig in de weg. Het was eigenlijk een heerlijke avond waarbij we enorm moesten gniffelen om die malle slieberige Gollem uit de Hobbit en het raadselspel dat hij perse wilde spelen met Bilbo, maar niet kon raden dat deze een ring in zijn zak had. Het werd een heerlijk steekspel tussen de twee, waarbij Bilbo uiteindelijk triomfeerde. Daar had het bij moeten blijven. Kaarsjes aan , nieuwe lamp aan , tussen de boeken en luisteren. Op sluipvoeten kwam daarna het gemis naderbij. Weg sfeer, weg redelijkheid.
Als ik daar ben en mijn Lief en de Hoff met haar ruimte en vogels hier is het gemis echter evenredig groot. Zo bedacht ik dit alles vanmorgen tot ik het artikel las over kijken naar het positieve. Geen must, maar een keuze. Lastig soms, maar uitvoerbaar als je de focus legt op de kleinste voorvalletjes. Ik denk aan het kattebelletje (daar is ie weer) van mijn hoofdredacteur van Mensenkinderen, die had gevraagd om mijn vroegere recensies over Sjoerd Kuyper te mogen gebruiken voor een postuum eerbetoon en hoe gelukkig dat me maakte. De wetenschap ergens nog na te echoën, streelt.



















Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.