Tijd staat in de dubbele versnelling vandaag. De dag kan me niet lang genoeg zijn. Nog niet denken aan morgen, maar vandaag blijven we in het nu, blijven we hier, samen, als intense beleving. Beetje lummelen, een wasje draaien, een rugzak reisklaar maken, lichte bagage voor onderweg is het streven. Wat krentenbollen en twee plakken chocola, gezonde sap in kleine flessen met de wonderschone mintgroene of fraise tinten. Route uitstippelen, steeds weer opnieuw bekijken. Een overstap te gaan, je kan het allemaal van te voren uitvogelen met de beelden erbij. Zo handig toch, tegenwoordig. Vroeger zocht je en zocht je, kaarten en eventueel een kompas. Bovendien had je een Hollandse mond en sprak je ook een beetje over de grens, dus moest je niet zeuren. Durven vragen dan kwam het allemaal goed. Sokken, ondergoed, een sweater, een broek extra. De rest kan aan. Het boek niet vergeten. De weersverwachting niet bekijken. Je komt het vanzelf tegen. Laat je verrassen, een surprise reis, dat maakt het dubbel leuk.
In de nieuwe Groene van deze week schrijft Marja Pruis over haar bewaarde brieven, dozen vol, waardoor haar zoon zich een hoedje schrok. Ze moeten weg, vond hij gedecideerd. Anders zaten zij met een erfenis die ze niet wilden erven. Ik denk aan mijn schrijfsels, die overal en nergens zweven. In de dagboeken, op losse papieren, teksten in tekendagboeken, op het internet: Brieven in het longforum, de blogs, de verhalen, de schrijfcursus, waarbij ik nu op bladzijde 180 ben. Dan zijn er ook nog de beantwoorde vragen van zoonlief en van zijn broer een leeg boek dat wordt volgeschreven met nog meer vragen. Over mijn vader en moeder, het gezin in de Amandelstraat, mijn bewandelde levenspad. Er zijn ook papieren brieven. Die van mijn moeder aan Lief en mij uit de jaren ‘70. Iedere week een brief. Er zijn de dagboeken van mijn moeder en mijn gedachten daarbij. Teveel. Het is vast teveel.

De tijd gaat snel, maar ik hou haar stevig vast. Denk aan verwenzaken. Lievelingskostjes heeft hij niet echt. Lief lust alles en geniet er iedere dag weer van, wat ik er ook van brouw. In de nieuwe keuken zal hij proberen de kunst af te kijken. Soms kijken we samen naar een aflevering van koken. Kippie eitje, eigenlijk. Maar je moet het wel even weten. Wat te doen als je de basis mist. De margarine kookboekjes meegeven of het grote Margrietboek. Mijn eigen kookboekje ligt in de Hoff, dacht ik. Dat zal ik even nakijken. Stoofpotten zijn zo makkelijk om te doen, zeker de vegetarische, en meer dan lekker en die staan er volop in.
Toen we terug kwamen van Texel stond er een stoffige mand met oude hardgeworden penselen en houtskool, lege en uitgedroogde verftubes en foto’s van mij voor een zelfportret met gekke bekken. Ik schrik ervan. Haha. Destijds had ik er een uitgekozen en nageschilderd. Het mag allemaal weg. Mooie oefeningen, maar die gekke bekken kan ik in de spiegel altijd herhalen. Niet zo jong als ik toen was, dat niet. Ik omklem de tijd nog wat steviger. Hou vast tot je los moet laten. Morgen…Om half elf en tot die tijd, mijmeren en lummelen en samen zijn.


















Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.