Het was zo’n dag waarop de dingen gaan zoals het zou moeten zijn, een dag waarop alles lukt. De seringensiroop in wording doorgeroerd, de desemstarter aangevuld, het plan om te starten met schilderen uitgevoerd. Tussendoor wandelingetjes door het bos om met de daar kwinkelerende vogels nieuwe inspiratie op te doen en de boodschap dat de Verkadeplaatjes nu al waren aangekomen in Utrecht. Bij dit bericht zat een foto van een druk knippende en plakkende filosoof en tante Pollewop. Lang leve de expresdienst op het kleine dorpspostkantoor hier.
Er stond een behoorlijke Noord-Wester wind, maar de zon scheen en het was aangenaam. Lief was in de buurt aan het mulchmaaien en maakt kleine paadjes om de aangewaaide bloemen te sparen, Walstro, boterbloem, paardenbloem, dovenetel in groten getale. De argusvlinder, een middelgrote soort, danste van paardebloem naar paardebloem. De bijen deden zich intussen te goed aan de bloeiende tijm wat met veel ijverig gezoem gepaard ging.

Tijd voor het penseel. Eerst nog wat verdwaalde mieren verjagen en de winter uit het kleed van de Datsja zuigen. Dag spinnen en wantsen, tot de volgende overwintering. Een frisse werkruimte is het resultaat. De oude groene stoel die we van zolder hebben gehaald staat voor de ezel. Deze stoel is lichter en makkelijk te verschuiven. Ze is al wel zo oud als het huis zelf. Het oude zware eiken exemplaar, die bij de tafel in de werkkamer past, is daarheen verhuist.
Een begin maken op het doek met grote streken omber en dan langzaam duwen en trekken tot er iets ontstaat waar je op door kan borduren. Een begin is er. Geduld is een schone zaak in deze en met veel kijken en vergelijken vordert een en ander. Lief komt af en toe kijken en aanmoedigen en rond drieën is hij er met thee. Even bijkletsen en als hij weer aan het maaien slaat, maak ik een rondje bos, luister naar de zwartkop, de fazant, de boerenzwaluw, hoog boven mij een buizerd. De olijven van vorig jaar en de Catalpa’s van enkele jaren oud hebben de winter niet overleefd. We waren helemaal verbaasd over het verdwijnen van de laatste twee, maar Lief had ze gevrijwaard van wat er omheen stond en dat betekende waarschijnlijk geen goede bescherming meer tegen de vorst. Zo zie je maar. Al doende leren we en dat is goed.
Rond vijven ga ik terug naar huis. De gordijnen kunnen op zolder om de roede geschoven. Missie geslaagd, de zolder is klaar. De bibliotheek is opgeruimd en ziet er uitnodigend uit in de late middagzon. We hebben ons voorgenomen om in de avonden daar weer te gaan zitten lezen en kletsen. Het wereldnieuws komt op deze manier gedoseerd binnen en dat geeft rust. Het is een prima initiatief. Ergens is nog een heel oud scrabble-spel. Dat haalt Lief vandaag tevoorschijn. Ooit, in het verre verleden, scrabbelden we eveneens. Spelen met taal en woorden is altijd boeiend. L’histoire c’est répète.
De biografie van Renate doet me vooral vaak terugdenken aan mijn eigen jeugd in diezelfde tijd. Renate was van 1954 en ik ben twee jaar ouder. Veel komt terug. De jongens-en meisjesschool, de nonnen, de rol van de moeder, een hele negatieve insteek vergeleken bij die van mijn moeder, de afwezige vader, het terugkerende huishouden zonder vernuftige apparaten, het vinden van een plekje voor jezelf in een overvol huis, de vriendschappen, de dagboeken(die laatsten heel herkenbaar). Ze hadden het wel beduidend rijker dan wij en gelukkig voor haar waren er een surrogaat vader en moeder bij een vriendin op het gymnasium. Een vader in de jaren zestig die huisman was met duizend leuke ideeën, een bijzonderheid op zich, en de moeder ‘die het vlees aan kwam snijden op zondag’.
Al met al was het een heerlijke avond, eentje voor vele herhalingen vatbaar.



















Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.