Wakker worden in de bibliotheek is een geheel nieuwe ervaring. Het slaapt anders, zo’n hele ruime kamer aan de voorkant van het huis, met ramen die op de weg kijken en waardoor je het dorpsleven kunt zien ontwaken. Kinderen die naar school gebracht worden rond half acht, een man met een bos kruiden, de snelle stappen van een meisje, bussen die voorbij rijden en landbouwvoertuigen die langs denderen. De zon schijnt gelukkig weer en met de deuren naar de gang open, baadt de kamer in het licht. Een blauwe lucht erboven. De dag haalt opgelucht adem.
Gisteren was het aanpoten met het opruimen en alles in orde maken voor bed en vrienden. Lief werkt het liefst alleen dus schroefde hij gestaag plankje voor plankje uit ons oude houten bed, bracht alles een voor een naar boven om het daar ter plekke weer in elkaar te schroeven. Niets overhaast. We zijn op tijd begonnen. Ondertussen kon ik de kamer en de aangrenzende badkamer onder handen nemen. Kalk is hier een dingetje. Niet weg te krijgen, alleen met grof geschut.
Er zijn weer twee brieven uit naar de filosoof en tante Pollewop met de bijbehorende tien Verkadeplaatjes Het is een leuk heen-en-weer-lijntje iedere week. Ik denk terug aan de brieven van mijn moeder, in de periode dat Lief en ik samenwoonden in Leiden in de jaren ‘70. Trouw elke week een brief. Ze heeft het nooit overgeslagen.
Er stond in wat er precies allemaal gebeurde in zo’n week en hoe zij dat had beleefd. Bloggen avant la lettre. Het was een feest om elke week post te krijgen. Het gekke was, dat ik niet altijd terugschreef. Maar mijn brieven waren langer. Die naar vrienden en vriendinnen ook. Eigenlijk hebben we wat afgeschreven. Er moesten ook altijd een paar tekeningetjes in om de boel te verluchtigen. Leven was langzamer, gevulder ook.

Stukje van zo’n brief. Voor-achter-en zijkanten helemaal vol geschreven
Als jullie deze brief ’n weekje in de brievenbus(gang) laten liggen, zijn jullie naar alle waarschijnlijkheid in Luxemburg. (Vertelde L, dat zouden jullie misschien doen). Daar doen jullie goed aan het is ’n fijn landje en als je bijvoorbeeld in Grevenmacher staat op de camping, heb je de meeste kans op mooi weer en kun je de heuvels/bergen van Duitsland zien. Weet je ’t nog. Op de brug moest je je pas laten zien, over de brug was ’t Duitsland. Ook die boottocht op de Moezel vergeet ik nooit. En ’t plukken van de Lindebloesem in de wandellaan langs de Moezel. (…) Nieuwsgierig ben ik of de mensen nog zo aan de achterkant van hun huizen wonen? Op straat zag je de bewoners niet. Dit in tegenstelling van Spanje, waar ieder zijn best doet om zoveel mogelijk op straat te lopen. Ja, je wordt nog bedankt voor het leuke briefje. (…) O ja, in Spanje stonden van die leuke Nylon tentjes op de camping, lijkt me lekker licht om mee te nemen. Op dat strandje van ons hadden de Spaanse moeders de baby’s in de wieg bij zich en ze bleven tot ’t donker werd en als je dat kleine grut zag spelen! Pa is ook weer aan het werk. Vindt ’t maar niks met die warmte. Vandaag heb ik alle losse stoeldekken gewassen in de Biotex. Snel waren ze weer droog, maar met recht ’n rotwerkje. Ook wc gegloord enzv. Dus werkdag. t water gutste van mijn hoofd. Bij ’t nieuws hoorden we ook dat ’t 30 graden was. Vergeet onze, nu schone, Noordzee niet. Daar zou ik ook nog graag ’n wandeling maken. Dat zal wel augustus worden, denk ik. Ik vroeg aan N of ik Pa moest vragen hun weg te brengen, maar dat had hij liever niet. ‘Dan kan ik niet mezelf zijn’, vond ie. Ons pubertje. Dag, Dikke zoen. Kom nog steeds bij S, breng om zes uur zijn warme eten in tupperware schaaltje. Hij is zo dankbaar, ’n fijn gevoel geeft dat. Dagg
Het zijn mooie tijdsbeelden, ze tekenen mijn moeder in hanenpoten, springend van de hak op de tak.



















Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.