Uncategorized

Sepia en nostalgie

Er is een film opgedoken van vier groten der beeldende kunst, Monet, Renoir, Rodin en Degas. Grote rijzige mannen in een decor van licht en schaduw, waar een filter van rook overheen wordt getrokken, waardoor de sfeer nog diffuser wordt. Op Youtube vindt ik elk beeld afzonderlijk, duidelijker en helder.

 

 

 

 

Het mooie ervan is de concentratie waarmee ze aan het werk zijn, de waarneming van de omgeving, met name de inspiratiebronnen als tuin, atelier, de straat. Monet in zijn geliefde Giverny, Degas maakt een wandelingetje door Parijs, Rodin slaat de splinters in zijn baard, als hij werkt aan een van zijn beelden. Zijn kop is net zo gebeeldhouwd als zijn objecten om hem heen. De handen van Renoir intrigeren. De knoestigheid ervan vormen een schril contrast met zijn lichtvoetige balletmeisjes. Alle mannen hebben baarden en zijn boven de zeventig. Lange jassen, grote huizen, furore.

 

 

 

Het belang van het vastleggen in beelden. Dat begreep een jonge acteur in het jaar 1915, toen hij de film maakte, Sacha Guitry. Letterlijk leg je het tijdbeeld vast voor het nageslacht. Hoe kostbaar, dat we nu nog kunnen zien hoe ze destijds te  werk gingen, weliswaar zonder woorden, maar in gebaar. De voorstelling van een wandelende Monet door de tuinen van Givenchy staat vanaf nu als een beeld van Rodin op mijn netvlies gebeiteld.

 

De wandeling van Degas door Parijs heen voegt daar een extra bijzonderheid aan toe. Het Parijse leven uit die jaren, de kleding, het wandelen, een straatleven met andere Parijzenaars.

 

 

Het is al weer een tijd geleden dat ik de wereld van mijn ouders probeerde te duiden uit de boeken met foto’s, die er opdoken toen mijn vader overleed. Er zijn beelden bij van voor mijn geboorte. Sepia gekleurde foto’s die een heel ander leven verried, dan waar ik me een voorstelling van kon maken. Hoe moeilijk is dat te doorgronden. Zo moet het voor mijn kinderen nauwelijks te bevatten zijn hoe mijn jeugd zich heeft voltrokken. Het is een reden om te vertellen hoe dat leven ervaren werd. Fotobeelden alleen zijn niet voldoende. In de tijd dat zij klein waren, had ik helaas geen geld voor een filmcamera. Er zijn mensen waarbij het leven zich als een film ontrolt op een witte muur. Bij mij is het een grote puzzel geworden van een enorme hoeveelheid foto’s. Hoe kostbaar ze zijn besef je pas, als het in lengte der dagen achter je ligt.

029

De twee bakken onder mijn bed heb ik gedigitaliseerd. Nou ja, ik heb ze gefotografeerd en ingevoerd op de pc. Met de bruiloft van een van de tweeling heb ik diens ‘fotoboek’ in een kistje met kostbare fotoafdrukken gevat. Als iemand er niet meer is, zoals de vader van de vier, zijn foto’s zoveel meer waard. Ze zijn de stille getuigen van een verhaal, van een leven.

Ze krijgen meer waarde als je de kleur en de geur rond de beeltenis weet. Ik kan me nog heel goed voor de geest halen hoe het bij oma rook en bij ons thuis, de kamer van de zeven jongens ‘s morgens vroeg bijvoorbeeld of de geur van tot pap gekookte koolraap of bloemkool, die door het huis heen trok. De vochtige aardelucht van de kelder. Geur kleurt de waarneming op minstens zo’n bepalende manier. De geur van ons eigen huis, toen de kinderen nog klein waren, de hoge vochtigheidsgraad met de tweedehands, vermeende Perzische tapijten, de biezen matten, het kurk op de muur en het weelderige groen. Ze drukten een stempel op de beelden evenals de hondenmand en Lazy met zijn natte vacht, die typische hondengeur.

Ooit kwam ik binnen in een huis van een kennis, waar een doordringende poezengeur de harmonie doorsneed en uiteen reet. Een muur van geur. Net als die keer dat ik in Bulgarije met drie vriendinnen ging dineren en dat er een grote vochtplek voor een intense negatieve beleving zorgde. Er kon geen hap meer door mijn keel. Geur en kleur ontbreken aan het filmpje. Maar met wat fantasie, mijn opa achter zijn sigaar en hoe dat rook, de geur van olieverf en terpentijn daar doorheen, puzzel ik al heel wat geurfragmenten bij elkaar.

Deze zondag is precies druilerig genoeg om terug te deinen op de beelden van het verleden. Terug  naar mijn tijd en veel langer geleden. Sepia en nostalgie.

 

Uncategorized

Feest moet gevierd worden

Ik zing in een band. We maken muziek….De saxofoonklanken blikken omhoog tegen de hoge muren op, de bas, duikt omlaag, gitaar sluipt er melodieus omheen, terwijl de drumstokken de maat aangeven. De kinderen drommen naar binnen. De houten gymbanken staan uitnodigend klaar. Ze schuiven op de banken heen en weer net zo lang tot het schijnbaar geordend zit. Sommige drummen of tikken met hun vingers of de voet de maat direct al mee. een meisje o de achterste bank blijft staan, haar heupen wiegen heen en weer, terwijl haar hoofd langzame en bedachtzame buigingen naar voren maakt op de maat van de muziek. Ze heeft kleine kroezige ingedraaide vlechten. Ze steken grappig af tegen de banner van de Jazzband, beiden staan in mijn blikveld.

002

Bij deze laatste sessie zijn opmerkelijk veel ouders. Het merendeel laat de mobiel voor wat het is of gebruikt het om foto’s te scheten. Bij de eerste voorstelling zat een dame met onvoorstelbaar lange wimpers en puntige zwarte nagels haar mobiel te bewerken alsof ze een nieuw stuk aan het schrijven was voor de band. Als er ruimte was tussen het tikken door, dan vooral om iets op te merken tegen de buuf, waarbij beiden ginnegappend weg doken. De band speelde onverstoorbaar door. De kinderen knipten enthousiast mee, doken de tunnel onderdoor, wiebelden op een hobbelweg en klommen de hoge berg over.

Ergens was er ook een juf, die te dicht op de beleving zat. Ze bleef corrigeren met ogen die boekdelen spraken. Soms vernauwden ze zich tot spleetjes, wrongen ze zich tot kattenogen, sluw en belerend, dan weer groot en verongelijkt, een wenkbrauw omhoog getrokken, maar altijd vlak boven het kind heen gebogen. Die kon er niet meer omheen. De kinderen achter haar ook niet. De halve band was achter haar schootsveld verdwenen. Ik zat achterin en zong mee en klapte. De melodieën kwamen aanwaaien, de tekst zette zich vast, de ritmische bewegingen gingen los. Twee kinderen improviseren met een roffeltje op het drumstel, alles is te leren en te proberen. Het allerbelangrijkste is dat in de Jazz niets fout kan gaan. Ze groeien onder hun roffels door.

008-e1547284987263.jpg

De directeur van de muziekschool/annex gymzaal ijverde zich om het iedereen naar de zin te maken. Hielp mee zware banken sjouwen, zette verse koffie, deelde folders uit voor zijn eigen kleine bedoening. Het was drie dagen lang achter elkaar een feest. Een school meldde zich af. Niet genoeg rij-ouders, te ver weg, waren de argumenten. Door schade en schande weet ik wat er achter steekt. Leerkrachten, die misschien al tot over hun oren in het werk zitten en dit als extra werk zien. Maar bovenal, een onderschatte inschatting van het rendement. De kinderen die naar buiten liepen na de voorstelling, ‘Dat was écht leuk hè’ vrolijke gezichten, dansende voeten, konden er weer een hele ochtend fanatiek tegenaan nu ze gelaafd waren door de heerlijke klanken van Roos en haar band en het avontuur, waar ze in meegenomen werden.

007

De energie die van het stel afspatte, had effect. In de auto neuriede ik de liedjes na, werd wakker met een baslijn, spetterde onder de douche de drumstokken stuk en raffelde de trap af met een scheurende sax. Een harten strelende gitaarsolo doorbrak de stilte en zoonlief was in een keer wakker. We namen na zeven keer hartelijk afscheid van elkaar, een knuffie voor Roos en de jongens een hand. De directeur had voor  een laatste vrolijke noot gezorgd. Vijf kinderen droegen vijf vlijtige liezen naar voren, een diepe buiging en het einde was een feit. Wat een heerlijk begin van de dag. Muziek is feest. Nu spoorslags naar vriendin, met Apfelstrudel in de aanbieding. Feest moet gevierd worden.

 

 

 

Uncategorized

Liefde

‘Wanneer is liefde op zijn waarst. Als hij begint of als hij eindigt? Wat een mooie gedachte werpt Filosofe Stine Jensen naar me toe, vanuit een Driegesprek met de acteurs en regisseurs Leopold Witte en Geert Lageveen in de nieuwe  Zin van deze maand.  Ze merkte het op vanuit haar essay over haar eigen eerste liefde, die haar iedere dag brieven zond en die zij beantwoordde met post its. Ze noemt de liefde een handeltje in aandacht. In dit specifieke geval miste ze het pas toen de brieven niet meer kwamen. Dan vallen alle puzzelstukken haarfijn in elkaar en komt het besef van hun betekenis ten volle.

Voor mij geldt, dat liefde ‘op z’n waarst’ is als ie van twee kanten komt. Het gevoel voor elkaar dat daadwerkelijk op een zelfde hoogte staat. Ik kan het weten, want ik mis een dergelijke liefde al heel lang in mijn leven waar het de relatie betreft. Aan de andere kant zijn er daardoor zoveel nieuwe vormen van liefde bijgekomen. Het hechte stramien dat geweven is door de jaren heen met de kinderen is zo voedzaam en een ware groeibodem voor oprechte liefde. De zorg voor elkaar, even het kattebelletje, dat er aan je gedacht wordt en vice versa en weten dat je te allen tijde het leven kan delen met elkaar. Ik ben de moeder en zij de kinderen, maar de scheidslijn verdwijnt en dan worden we liefhebbende partners.

011

De kostbare liefde van de vriendschap is voor de vrouw in mij van belang. Het weten op een zelfde level te zitten, met interesses die in elkaar haken en nieuwe inzichten brengen. Genegenheid en aandacht als iets moeizamer gaat in een periode met daarbij de ondersteuning van een goed gesprek, dat diepgang heeft. Een kleine attentie of genegenheid die zomaar, plotseling, naar je wordt opgestuurd, ongevraagd, maar die laat weten dat er aan je gedacht wordt. Hoe ontroerend. Dat laatste gebeurde me van de week. Een mooi en zorgvuldig ingepakt pakketje in de brievenbus, een boek met een bijzonder lieve wens voor mij. Dat diepe gevoel dat het opriep, ook al zien we elkaar nauwelijks. Dat zijn de ware hartsvriendinnen.

043.JPG

Die vriendenliefde is me intens dierbaar geworden.  Zo is er ook zussenliefde. Vanuit het niets een zus die belt, even horen hoe het met ‘mijn zussie’  gaat. Alle vier hebben we die aandacht voor elkaar, de behoefte om er met z’n vieren op uit te trekken, het leven te delen, gedachten uit te wisselen. Er zijn nog veel meer broers, waar we ook genegenheid voor voelen, maar de band met ons vrouwen is heel sterk geworden de laatste jaren.

Aan de andere kant is het waar, wat Stine noemt. Liefde moet wel gevoed worden. De toebedeelde aandacht vraagt om de antwoorden. Niet dat dát de intentie is waarom gevraagd wordt, maar zo wordt liefde nu eenmaal gevoed. Weten dat het van twee kanten komt. Zo ontwikkelt ze zich, tegen de klippen op, tegen de moeilijkheden in. Liefde is voor mijn gevoel op zijn sterkst, als ze groeit. Juist als we in staat zijn door alle moeilijkheden heen, als het tij aan het tanen is, de energie minder, de beren op de weg te zien zijn. Ze is op z’n sterkst als het onvoorwaardelijk is. Niet overgaat of eindigt. Dát is in mijn leven ook de kracht van de vriendenliefde en de zussenliefde. Er kan nog zoveel gebeuren, we kunnen het nog zo oneens zijn met elkaar, maar dat staat de liefde die we voor elkaar voelen niet in de weg. Het vertrouwen en het respect, de warmte en het klankbord.

120

‘Liefde is op zijn waarst als je het mist’, was misschien al voldoende stelling geweest. Want liefde, onvoorwaardelijke liefde, blijft van een ander houden, hoeveel butsen ze ook soms op kan lopen. Er is wel een eindigheid aan. Op het moment dat ze verguisd wordt en slechts van een kant komt. Als de echo niet meer terugkaatst, maar over de heuvels verdwijnt. Dan wordt liefde verlangen en alleen zijn eenzaamheid.

 

 

Uncategorized

En niet minder

Het was een korte maar nuttige nachtrust, met vreemde snoeshanen, rare kwasten en penselen. Te midden van de dartelende tubes van diverse merken, Old Amsterdam en Rembrandt werden we achterna gezeten door wonderlijke, uit het niets opduikende mannen en vrouwen. Ze dreigden ons gevangen te nemen. Op een drukke autoweg verstopte ik me achter een boom in de middenberm en zag een van de auto’s dwars door een boom heen rijden zonder een piezeltje blikgebrek. De angst sloeg me om het hart, maar zoals bij iedere droom, waren er weer ontsnappingsmogelijkheden te over. Even onvoorstelbaar als het bij elkaar gedroomde verhaal zelf.

022

Het was niet verwonderlijk, want vlak voor het slapen gaan, had ik drie uur lang met mijn neus boven de verf gehangen. Het medium wat ik gebruikt had, had een lichte roes in het hoofd veroorzaakt en gedachten zweefden, even later op de bank thuis, in een zoete vaart. Dat werd ook veroorzaakt door het feit dat we de tijd vergeten waren. Het was een privé les geworden en dermate oneindig leerzaam. Mijn Teacher in Roll had geen duidelijk omlijnde plannen. Daarnaast werd het een aftasten naar de ander. Wat voor vlees heb ik in de kuip, maar dan oneindig veel vriendelijker. Er  werden belangrijke tips and tricks gedeeld omtrent aanschaf van de kostbare olieverf. De doeken en panelen werden besproken en het verschil ertussen. Kwastvoering kreeg een voorname rol. Zo heeft iedere leraar zijn eigen stiel. Kijken en afstand nemen was wat ik vooral leerde. Iets waar ik bij Knockart al mee bezig ben, maar wat voor de verhoudingen van het lichaam nog extremer moet.

Ik tuurde tussen mijn oogwimpers door op zoek naar vorm en tussenruimte en moest wennen aan het werken met dat medium. Er werd gelaafd met thee en koekjes, jazzmuziek en daarna met Amélie Poulain filmmuziek. We zweefden ‘La Douce France’ en de middellandse zee in. Warme zon op de koele schouders.

023Benen weer laten verdwijnen

Kleinzoon op het witte paneel zorgde voor een reis naar het zonnige Portugal in de herfst van 2017 en de heerlijke ontspannen sfeer. Met zijn voeten in het water sprak er iets anders uit zijn houding. Om hem heen spatten golven uiteen tot op zijn veilige plek. Broerlief waaghalsde in de golven en sprong en dook. Met twee zwemdiploma’s op zak is daar geen kunst aan, maar als je die nog niet bezit…Zijn twijfel werd meegevoerd op de golven en zond een boodschap uit. De handen open en aarzelend, wachtend op een angstvallig samenknijpen als het te spannend zou worden. De ernstige overweging verspreide zich over het door zon gefilterde water. ‘Spring je… Ja,? Spring je…Nee? Kom nou, ik wacht op jou’ in een variatie op het thema

Hij is schoorvoetend gegaan, weet ik, maar bleef veel dichter bij de vloedlijn. Aan de waaghalzerij van zijn broer waagde hij zich niet zonder vleugeltjes. Verstandig kind. Nu, twee jaar later ploeterde ik op zijn beeltenis. Kwam hij al opdoemen uit de eerste verfopzet. Met medium kan je gummen. Nooit geweten. Je veegt er ook het wit weer in terug. Te allen tijde valt er iets te ontdekken. Steeds weer opnieuw. Er valt overal een ‘spécialité de la Maison’ te vinden en dan daar een optelsom van te maken, desnoods vliegend in droomwervelwind. Ze weten altijd een manier om te beklijven. Te samen vormen losse flarden, wars van een halsstarrige leerstroom, een grillige eigen identiteit. Dat is het kostbare dat gefilterd wordt. In gouden zonlicht ditmaal en niet minder.

 

Uncategorized

In de beweging van de gedachte zelf

In het blad Filosofie uit mei 2016 stond een artikel van de hand van Paul van Tongeren, die het wandelende leven van Nietzsche uit de doeken doet. Hij resumeert dat Nietzsches boeken ‘wandelend’ geschreven zijn. Een stelling die op te maken valt uit de quotes van Nietzsche zelf. Ik maak al ‘eeuwenlang’ voor mijn gevoel, gebruik van dat wandelen om de geest te scherpen, als ik in gesprek wil met iemand.

amelisweerd 26 december 2014

Vraagstukken waarbij ik een overweging moet maken of waarbij ik een nadere beschouwing in samenspraak met een vriendin nodig vindt, worden al wandelend opgelost. Het Hoogtepunt was de wandeling met een vriendin in een hectische periode, die we begonnen en zwijgend hebben gelopen. Samen en toch alleen met de gedachte. De aanwezigheid tekent zich uit. Wordt een belangrijk element. Je mag er zijn zonder woorden, zonder onderbreking, zonder afleidende ideeën. Wandelen zonder woorden versterkt de vriendschap. Het vertrouwen elkaar te weten, niets anders dan dat.

Met diezelfde vriendin heb ik lange wandelingen gemaakt, terwijl de gedachte ruim baan kreeg en we haar lieten uitrollen in woorden. Voor mij betekent het wandelen een manier om de aandacht bij het woord te houden, de formules helder voor de bril te hebben, woorden indringender te laten binnenkomen in de troostende nabijheid van de schoonheid der natuur. Het is wel fijn als er dientengevolge een stukje ongerept of gerept natuurschoon in de buurt is. Het landgoed Amelisweerd en Rhijnauwen zijn zo voor de hand liggende gebieden. Grillig wandelpad langs de Kromme Rijn, weiland, bos en lucht ineen. Manier van uitstek om de gedachten te laten vliegen, in te dammen en te verwerken. Ook alleen  loop ik er graag daar en bij Soesterduinen, landgoed Houdringe, de bossen bij Driebergen.

093.JPG

Een andere manier voor mij om gestalte te geven aan wat diep van binnen leeft is de zee. Mijn verlangen, lopen en praten tegelijk, zijn daarbij een belemmering. Ik kan het niet beide. Dus wandelen we, zus en ik, en denken en mijmeren. Geven woorden mee aan het tij.  Ze worden opgepikt door een meeuw in de lucht, de steltlopers aan de vloedlijn en ondertussen beuken de oplossingen zich vrij. Door de zeelucht, de golfslag, het vloeiende kleurenpalet. De piekeraars worden schoon geblazen, stekebeten meegenomen, en de zinnen in het hoofd worden verdichtsels, alsof het zilte zuivert als het zout van de Dode Zee en puurheid levert.

Het heeft voor mij niet alleen te maken met de beweging van het lichaam, waar Nietschze aan hecht, maar vooral ook met de innerlijke stilte. Letterlijk de ruimte om bij het hoofd te blijven, waarbij je de juiste waarde kan geven aan datgene wat omhoog borrelt. Soms snellen de gedachten vooruit en razen de vingers over het toetsenbord, terwijl ik achteraf pas begrijp wat is geschreven en welke betekenis het heeft voor mij of voor een ander. Dan zijn gedachten me een aantal stappen voor, ontstegen zelfs. Hetzelfde gebeurde bij de kostbare woordeloze wandeling met vriendin. Intens werd alles om ons heen. Mijn opmerkingsgave verdubbelde, ik zag elke beweging en elke verandering die optrad. Daar ontstaat poëzie.

014

Ik verlang naar mijn eigen stilteplek, waar ik al gras maaiend, onkruid wiedend, bomen snoeiend, de woorden kan vangen of laten vallen met eenzelfde snelheid als het in me opkomt. Ze is even niet onder handbereik. De hoogste tijd om met vriendin op pad te gaan, woordeloos of filosoferend, om gedachten te verhelderen als bergkristal en er weer nieuwe aan te kunnen knopen. Niet het wandelen is voor mij hoofdzaak, maar het creëren van mogelijkheden in de beweging van de gedachte zelf

 

 

 

 

 

 

Uncategorized

Met een lantaarntje te zoeken

Er komt een filmpje langs op FaceBook met een boodschap voor jonge vrouwen. Het zijn Amerikaanse oudere vrouwen die waarschuwen om meer in het hier te leven. ‘Being’ in plaats van ‘Doing’. Niets nieuws onder de zon zou je denken. Zijn of doen. In de ontologie binnen de filosofie houdt men zich al langer bezig met dit vraagstuk. Vanuit de oudheid  is het zijn: ‘Ik ben, dus ik besta’, iets om je gedachten op stuk te bijten. Niets heerlijker dan te bedenken wat de betekenis is van de aard der dingen. Waartoe zijn wij op aarde. De invulling ervan is divers.

IMG_8937

In die boodschap van alle grijzende vrouwen die langs komen, sluimert een onderliggende toon. Die van de spijt. Ze willen hun ervaring delen door datgene, wat ze gemist hebben met het leven te leven zoals zich het aandiende, kenbaar te maken. Mee te gaan in de vaart der volkeren en minder alert te zijn op het kleine Leven, geluksmomenten omarmen, het genieten van de subtiele parels die ons omringen.. ‘Kalmer aan’ zeggen ze. In de fase waarin ik nu verkeer, ook een oudere vrouw, ben ik bij machte om mijn  gemis met jullie te delen. Inderdaad had ik als jonge kraakverse  moeder willen genieten van de schoonheid van het moederschap. Op dat moment was ik enkel in staat om het huilen en de poepluiers, de razende hormonen en de enorme verantwoordelijkheid als een domper op de beleving te zien. Is dat alles….zong Doe Maar al in navolging van dat ene prachtige lied van Peggy Lee ‘Is that all there is, my friend’…ook een weerspiegeling van de bovenstaande boodschap.

ik en jimi schrijvend

‘Het leven gaat voorbij’, zong André Hazes. Een grotere waarheid is er niet. Zijn boodschap aan de mensheid en vooral aan zijn kleine jongen is:

‘Er is zo weinig tijd dus leef, want jij bent vrij
Maar doe het wel verstandig. Maak de mensen blij
Dan zul je echt gelukkig zijn’

Ook hier gaat het weer om iets minder wezenlijks. De vrouwen uit dat bewuste filmpje zeggen slechts: Stop met ‘Doen’ van al die dingen die we noodzakelijk achten, maar die enkel en alleen maar een gemeenschap dienen en niet de handeling, nee, gedetailleerder nog, die enkel en alleen maar de handeling dienen en niet de beleving daarvan.

011

Er is een voordeel aan een korte nachtrust. De stille momenten in de aanloop naar de schemer toe, de donkere nacht, waarin de lantaarns pinkelen en af en toe een verdwaalde auto het leven voorbij rijdt, zijn bij uitstek geschikt om stil te staan, pas op de plaats te doen voor overpeinzing. In de hectiek van alle dag wordt vaker gevraagd om bewustwording, mindfulness, yoga, het zijn de kringen rond de steen in de rivier, die ‘Bewust Zijn’ heet in het hier en nu. Herleid de gedachte direct tot de handeling. Ik pak het kindervoetje vast, dat zachte mollige kleine kindervoetje, met de vetkussentjes, de geur van babyhuid, het wonder, de kleine nageltjes, er bestaat op dat moment niets anders dan dat voetje, de baby en ik. Genieten in de hoogste graad.

102

Een vrouw zegt: ‘Wat zou het kostbaar zijn geweest als ik de nachtzoenen had uitgebreid in plaats van de volgende ochtend te zeuren over het opstaan en het ontbijt’. Vooral dat laatste. Je bewust zijn van het feit dat bij alles, waar je over zeurt, ook een keerzijde aan de medaille zit. Wat/als in de perfecte zin van het woord. Wat als ik daar meer aandacht voor had en daar minder voor in plaats van andersom. Stop met je druk maken over allerlei vermeende ‘gewichtige’ zaken, zoek het waarachtige belang. Dat is waarom het me raakte. Stop met doen. Zorg dat je er bent op de cruciale momenten, die groot zijn in hun bescheidenheid en soms met een lantaarntje te zoeken.

 

 

Uncategorized

Het grote genieten

Gedachten dwalen door mijn hoofd. Ze laten zich niet leiden. Hoezeer ik ook mijn best doe er woorden aan te geven, zinnen van te maken, er valt geen goed garen mee te spinnen. Het blijven losse flarden.

Zuslief en ik hebben het over het leven gehad. Dingen die je gedaan hebt, ooit en die je mogelijk anders had willen aanpakken, omdat het dan zoveel kabbelender had gegaan. Door bepaalde wendingen zijn we beide in het diepe gesprongen. Ik heb de wereld af en toe flink op z’n kop gezet. Mijn leven heeft vaker gedreund op de grondvesten. Toch heeft het zo moeten zijn.

UK Release Cover

De eerste liefde vervloog nog voor er ooit een woord gesproken was tussen hem en haar, maar ik wist dat ik hem verloren had. Niet voorgoed, bleek achteraf. De paden schoven uiteen om na al die jaren weer in elkaar te schuiven. Een prachtige gedachte als je, zoals ik zo dikwijls wens, de cirkel rond wil hebben. The Wheel of Time van Todd Rundgren. Karma, een voorbestemd lot. Handig als je erin geloven kan, want alles heeft dan functie gehad, een diepere laag, betekenis.

We kijken en spiegelen en het heeft iets vertrouwds. Op de bank, nee, nog niet de benen opgetrokken, maar wel het bijbehorende knusse gevoel. De film trekt voorbij. We hebben het over onbegrepen kinderangst, een begrip dat minder opzienbarend leek dan ze was. Jeugd, die gevuld was met broers en zussen en buiten spelen. Geen verhaaltjes, knuffies, instopperijtjes, maar hup naar bed, geen hola hé, genegenheid, maar werken voor de kost. Er was geen tijd en zoveel te doen, zoveel kinderen om aandacht aan te geven. ‘We zijn opgegroeid in twee verschillende gezinnen’, zegt zus wijs en dat valt alleen maar volmondig te beamen. Konden ze anders, kon het beter, wel nee. Ze zaten vast in hun eigen patronen van regels en etiquette, van hoe het hoort en de buurt, die daar heel wat scheppen bovenop deed. Hoe vrijgevochten kon je zijn in een wereld waar God en gebod de dienst bepaalden.

beerBeer, 1958

Ik had een mooie pop, een looppop die niet te knuffelen viel. ‘Van een mooi bord kan je niet eten’, zei mijn oma altijd, en dat was waar. De beer was ruw en zacht tegelijk, dat schurende gevoel langs de rode wangetjes, troost om bij iemand te horen. Beer die mijn nachtelijke angsten verdreef, door stilletjes op mijn kussen te liggen terwijl ik me eronder verstopt had, diep weggedoken onder de dekens. Geen bende van de Zwarte Hand, die mij mijn kop eraf zou slaan. Kinderlijke angst alleen verstouwen. In het nachtelijke uur kwamen de nachtmerries, die zich niet voor de gek lieten houden door een zachtruwe beer op een kussen.

De angst voor het donker bleef, het dolen ook. Een tocht naar geborgenheid, onvoorwaardelijke liefde, hinkstapsprongen in een wervelend bestaan en soms  een onbesuisde afslag. Het wiel draait door, soms ben je boven en dan weer diep onder, maar altijd in beweging zolang de klok verder tikt en tijd.

De dromen van nu zijn de dromen van mogelijkheden. Ze voelen fijn en prettig aan. De nachtmerries zijn op de loop gegaan en het leven heeft ten lange leste haar eigen wijsheid doorgegeven. Niets is voorspelbaar. Er zijn wentelingen die versnellen en anderen die trager gaan.

pushwagner 3Pushwagner

Zuslief in het keurslijf van het moeten geef ik mee, dat de kleuring van de wereld anders wordt als dát wegvalt. Sinds ik dat gevoel ken, ben ik een voorstander van een vrij bestaan, zonder al die regels die ervoor zorgen dat we als makke schapen naar de overvolle agenda’s worden geleid. Dat laatste is de wereld van de Noorse kunstenaar Pushwagner ten voeten uit. Iets dat het grote geluk in de weg staat, de rust en de vrede. Waar de mensheid vrij valt, begint het grote genieten.