Uncategorized

Dat bleek maar weer

Was het de brandende zon, de lange fietstocht of was het een combinatie van het zware grasmaaien en gieters putten uit de sloot met de lange fietstocht erachteraan. In ieder geval werd ik bijna aan het eind op de terugweg als gummi. Ik stapte van de fiets af, zag de wereld langs zinderen in een waas en zwarte vlekken. Uit de zon moest ik, maar even kon ik geen stap zetten, laat staan de fiets aan de hand meenemen. Ik denk dat de combinatie hard werken, brandende zon, het stadse fijnstof en de uitputtende lengte van het hobbelige parcours uiteindelijk de oorzaak was. Toen er weer schot in zat, ben ik naar de overkant van de straat gelopen. Op de hoek in de schaduw stond het rek van de karretjes van de supermarkt. Daar zeeg ik neer en wachtte tot de vlekken stippen werden en het asfalt onder mijn voeten uitgepixeld was.

1B7DF43B-ABD7-4785-AE58-D78873C2E401

Na een poosje kon ik weer wandelen, maar zodra ik in de zon kwam was er weer een zwaar en loom gevoel. Twee straten verder stond een bankje in de schaduw tegenover de grote flats en  onder de lommerrijke bomen, waar ik een oud wijf op een bankje kon spelen. Altijd weer vergeet ik dat ik dat ben. De fietstocht terugdenkend had ik er aardig de pas ingegooid met de ondersteuning op het laatst op een hogere stand, waardoor je het stuur steviger en krampachtiger moest leiden. Had ik daarmee zelf de boel op slot gegooid?

De avond ging een beetje aan me voorbij. Ik zag de twee doventolken vertalen wat Rutte en de Jong hadden bedacht aan behoedzaamheid en dacht doventaal beter te kunnen lezen, maar natuurlijk was het de bijgeleverde tekst die ervoor zorgde dat de betekenis duidelijk te zien was. Buiten barstte de wereld uit in een grootschalig alarm, met politie-, brandweer-en ambulance-sirenes, die nietsontziend de televisiegeluiden overnamen. Ik vergat van de weeromstuit de planten water te geven. De nacht voegde onrust toe aan het nog altijd niet bedaarde lijf. Een dagje koest houden lijkt me een best plan.

IMG_4351Hard gewerkt in de tuin

‘Wat ben je bruin’ merkte dochter eergisteren op. ‘Pensioenbruin’. Ik schoot in de lach. Want al dat fietsen is daar meesterlijk in. Het kleuren van wit vel. Ik, de Sneeuwwitje van mijn gezin, bezit plotseling een gebruind tintje. Dat gaat helemaal vanzelf en reken ik tot de voordelen en de vrijheden van de fiets. Tijd is mijn. Ook nu weer  moet ik dus gaan ontdekken wat de grenzen zijn. Gisteren was ik er overheen. Een licht zeuren in mijn hoofd geeft dat dwingend na. ‘Kalmte zal U redden’, hoor ik het verleden galmen.

Het enthousiasme groeide door de vele straten uit mijn jeugd binnen handbereik. Het fietsen rond de muntbrug, de tweede Daalse Dijk en de Otterstraat, waar respectievelijk mijn moeder en mijn vader een eeuw geleden werden geboren, door de Vogelenbuurt, ja zelfs de achterafstraatjes van Overvecht breien mijn jeugd weer tot leven. Daar sprongen we het kanaal in om clandestien te zwemmen, hier bakte ik patat in de automatiek van de oude Boereboom, daar woonde het vriendinnetje van de kleuterkweek in een van de eerste flats en dit was vroeger de Spar, mijn eerste bijbaantje op de groenteafdeling.

IMG_8555

Dat was ‘genietend’ heen. Terug ging het van A tnaar B met een verhoogd tempo. Precies dát moet ik loslaten. Doelen stellen en tijdlimieten halen. Een wijze les want juist dan schiet je je doel voorbij. Dat bleek maar weer.

 

Uncategorized

Iets waar je nooit te oud voor bent

De accu van de fiets was niet helemaal opgeladen, maar ik besloot om de gok te wagen en halverwege, op de bonnefooi, bij dochter of zoonlief, de accu weer op te  laden. Het was heerlijk weer. Met de steun in de rug, letterlijk want de accu zit onder de bagagedrager, gleed ik door het landschap.

Onder de sombere brug stonden twee vrolijke thermoskannen op een muur. Twee simpele gebruiksvoorwerpen, die volledig uit de toon vielen in de desolate omgeving. Toen ik er langs reed, ik dacht nog aan vissers, zag ik plotseling een man liggen slapen in een slaapzak of iets wat daarvan weg had. Een zwerver onder de brug. In het Frans krijgt het absolute glans door de klank van het woord. Een clochard. In dit geval iemand, die de gemoedelijkheid van thuis had gestopt in de twee wachtende thermoskannen, vrolijk oranje en geel en derhalve opvallend in die grauwe betonnen ruimte. Het gaf de man meerwaarde. Hij zorgde voor  zichzelf. Wanneer zal de tijd komen dat ik af durf te stappen om een praatje aan te knopen, om meer te horen over het leven onder een brug. Ik fietste door.

IMG_0629

De accu haalde het net en schoonzoon was thuis aan het werk. Met twee exemplaren Letter & Geest trok ik me terug op de bank van de ommuurde tuin. Stemmen klaterden over de muur heen en vroegen zich af of er soep geserveerd moest worden, kinderstemmen volgden. Veel aandacht voor discriminatie in het deel van 6 juni. Een artikel over levenslessen met een verhaal van Nadia Bouras, een migratiehistorica. Ze kwam uit een groot gezin. In haar relaas stond iets merkwaardigs. Ze dronk nooit een tweede kop koffie uit het zelfde kopje. Het kwam door een voorval van vroeger. Ze woonden in de Amsterdamse Pijp met een groot gezin en verhuisden naar Nieuw Sloten. Haar moeder richtte, ondanks de beperkte ruimte, naar Marokkaans gebruik, een kamer in als gastenkamer, een ontvangkamer. Later ontmoette Nadia een Marokkaanse mensenrechtenactivist die haar er fijntjes op wees dat het niet noodzakelijk was zo’n kamer te hebben. Daar realiseerde ze zich:‘Gastvrijheid is een mooi gegeven, maar de ruimte die je de ander gunt mag je zelf ook innemen. Bewaar niet je mooie servies in de kast voor eventueel, maar gebruik het’. In dat licht, het feit dat je jezelf de luxe gunt van een schoon kopje, onderstreept het meer dan woorden zeggen kunnen.

IMG_0628

Even verderop een interview met de auteur Sinan Çankaya over zijn boek ‘Mijn ontelbare identiteiten’. Hij is een antropoloog aan de vrije universiteit van Amsterdam. In dat interview legt hij uit wat hem bezielde dit boek te schrijven. Hij vertelt waarom hij zich keert tegen alle vormen van uitsluiting. Het geeft inzicht in het maatschappelijke denken en hoe ontmoetingen tot bepaalde denkbeelden kunnen leiden en het zelfbeeld en de identiteit vormen. Een zin raakt me. Hij zegt op een gegeven moment: ‘Hoe hard ik ook wegren om een eigen invulling te geven aan wie ik ben, mijn omgeving herinnert mij op onverwachte momenten constant aan het feit dat ik er niet helemaal bijhoor.‘ En dan ‘Dat is steeds een frontale botsing tegen een muur die barsten slaat in je zelfbeeld.’ Zo kwetsbaar zijn we.

IMG_0630

Zijn bewustwordingsproces en zijn pleidooi voor pluriformiteit vragen om de aanschaf van het boek. Als hij ‘het omarmen van al je identiteiten als een verzetsdaad’ ziet, ontwaakt het verlangen te zoeken naar mijn eigen ‘eigenheid’ en inzicht te verkrijgen in die van de ander, zoals bijvoorbeeld van de dakloze man of de vrouw van het kopje. Het leven is leren, iets waar je nooit te oud voor bent.

 

Uncategorized

Leidraad voor het bestaan

In de nieuwe Mensenkinderen staat een mooi stuk van Geert Bors over Het Onwijs Grote Filosofie Doeboek 2020. Het opent met een citaat van de filosoof Sabine Wassenberg, de schrijfster van het boek. ‘Als je filosofeert kom je erachter dat het leven niet zwart-wit is maar oneindig kleurrijk’. Iets verderop illustreert ze dat perceptie kleur-bepalend is door een landschap vanuit een wereld van liefde en hoop in te laten kleuren en het andere vanuit een wereld van hebzucht en egoïsme. Een fantastische opdracht om in de groep uit te werken met de kinderen, gevoel in kleur verpakken, muziek eronder en gaan. Een wonderwereld bij de schoonste klanken en een donkere dreiging bij een aanzwellend geluid.

IMG_0620

Ooit had ik een kind in de groep dat boos was op de wereld. Hij was fantastisch in het verbeelden van zijn gemoed. Als hij op het bord had geschilderd, prachtige kleurrijke tekeningen, dan pakte hij aan het einde de rode of de zwarte verf en liet alles verdwijnen onder dikke klodders rood of zwart. Kennelijk had hij het nodig om die dreiging van binnenuit handen en voeten te geven. Hij hield het stramien lang vol. In eerste instantie wilde hij er nooit over praten en dat was ook niet nodig. Ik wist dat de voorgeschiedenis een lange reeks van onzekerheid en ontkenning was geweest in een onveilige situatie. Hoe spijtig voor de mooie tekeningen ook, hij had het nodig en ik liet hem begaan. Hoe langer hij bij het gezin bleef, hoe meer er tussen het zwart en het rood licht en lucht kwam, letterlijk en figuurlijk. Het stabiele liefdevolle bestaan deed hem heel goed en het was fantastisch om te zien dat het hele wrokkige kind van het begin openbloeide en weer kon zijn. Zijn tekeningen groeiden met hem mee en op een gegeven moment was het ritueel van rood en zwart verdwenen.

Toen het Coronavirus een feit was en de wereld stil viel, lukte het, door te schilderen en opdrachten te vervullen, om het leven licht te houden en voortdurend spookte het lied van Robert Long door mijn hoofd. ‘En het is allemaal angst’. Angst kleurt een wereld anders in. Het maakt het zwaar en dreigend. Als het overheersend wordt, verdwijnen de lichtpunten. Om er niet mee besmet te raken(met die angst, niet met het virus) kwam de focus op het kleine geluk te liggen. Alles wat bloeide op het balkon, de zaailingen die overleefden, de wolkenluchten, Poes Pluis en haar lieve gebedel, de attenties van de zonen, de mooie bezoeken van dochters en vriendin op de galerij, het verzinnen van verhalen voor de kleinkinderen.

KGWX2951

Daarna met elke overwinning die gedaan werd op het heroveren van de vrijheid. Een wandeling alleen, door een verlaten weiland, een fietstocht door het park, de kofferbakontmoetingen met de zussen. Allengs werd het uitgebreid. De stilte buiten was genieten en me zeer lief. O, kon die maar altijd blijven. Daarna kon het weer, op bezoek in de tuin, later binnen, knuffie van de kinderen, de tuin in al haar pracht. Geen moment heeft de angst mijn wereld kunnen kleuren omdat het fijner is in de wetenschap te leven dat er altijd, hoe klein ook, kleur en verwondering te ontdekken valt.

Met een boek voor de weetjes en de vragen, de feiten en de meningen en die wereld als leidraad voor het bestaan.

 

Uncategorized

Altijd met mate

Gewapend met een bonkje klei zal ik straks proberen mijn gevallen engeltje uit de tuin weer een bestaan te bezorgen. Ze staat alweer het hele seizoen onthoofd de wacht te houden, standvastig als altijd, maar zo incompleet. Altijd een tikje schuldbewust als ik naar haar kijk.

IMG_0608 Mooie lelijkerd

Gisteren vlak voor ik weg ging ontdekte ik een prachtige schermbloemige, pure schoonheid en in-en-in wit. Bij het determineren sloeg de blijdschap al gauw om in horreur. De schrik van de tuinen was binnengeslopen. Dat lieflijke bloemetje was de kroon op het werk van een hardnekkige wortelaar, het zevenblad. Gelukkig stond ze nog niet met zaden, nu moest ik haar handmatig uitgraven. De pelargonium staat bekend als eventuele bestrijder, want net zo’n woekeraar, maar sterker. Daar staat ze achter. De hamvraag is hoe ze er gekomen is.

In mijn vorige eerste tuin stond het er vol mee en was het een tantaluskwelling, die  iedere keer weer te lijf werd gegaan met de riek en met de hand. Heel voorzichtig uitgraven, het wortelstelsel bloot leggen, of afdekken met worteldoek of karton. Dat zal straks de eerste missie worden en herleiden waar het vandaan komt. Het zorgde voor gepieker en kruiswoordraadsels vannacht om Klaas Vaak te paaien maar, zoals het een echte woekeraar betaamd, bleef het plantje mijn gemoederen bezig houden. Soms zijn kleine problemen op je netvlies een verademing als de wereld zich overschreeuwt met grote zorgen.

IMG_0606 De beklierde basterdwederik in verlepte vorm

De doorgang met buuf is schoon, het middenbed gevrijwaard van grassen en zelfs de oude kwam vragen naar mijn ‘tovermachientje’. Dan doelt hij op de determinatie-app om een plant te beoordelen. Het onooglijke sliertje groen in zijn hand bleek de beklierde basterdwederik te zijn. Hij dacht dat het iets met gele bloemen waren, maar ze dragen roze en soms witte nietige bloemetjes. Deze actie, voor het eerst sinds twee weken weer een gesproken woord maakte de druiven zoet of, nou ja, zoeter.

Buuf heeft een wespennest, daar zijn we minder blij mee. Ze zijn het nijverig aan het repareren, nu buuf met het omleggen van het worteldoek de rust had verstoord en het nest had beschadigd. Het is een vernuftigd staaltje van samenwerken en schoonheid. Ook achterbuur komt kijken naar dat kleine wonder. Het vonnis was helaas voor de kleine nijveraars eensluidend. Toen de lucht betrok en er drie druppels naar beneden vielen, ging ik richting huis. Na gedane arbeid is het zoet rusten. Het lijstje van de volgende dag was alweer gevuld.

Dat reflectie goed is voor het ondernemen van vervolgstappen was me al heel lang bekend. Op school was de reflectiekring met de groep de allerbelangrijkste stap om de voortgang in het leerproces te waarborgen met het stellen van de nieuwe doelen. Zo jong als ze zijn, zijn kinderen in staat te vertellen wat de beweegreden was van een handeling, wat ze ermee bereikt hebben en wat ze er vervolgens mee willen doen. Dan komt er een antwoord dat op vernieuwing of verbetering aankomt, of een stap verder, door een uitdaging aan te willen gaan. Het opbouwende commentaar van de anderen was daarbij altijd een extra stimulans. Dat zorgde voor nieuwe associaties en verbindingen. Zo kon het gebeuren dat we in die kring de volgende dag al in de steigers hadden en er zo mee aan de slag konden. Het samen doelen stellen was het ultieme leren.

De klei, het worteldoek, het tuingereedschap uit de schuur, die ik nodig zal hebben bij het elimineren van het zevenblad zorgen voor de dagvulling van vandaag samen met een snufje huishouden. En voor de broodnodige balans dat laatste altijd met mate.

Uncategorized

Zonnige zomerse zondagsrust

Zomerzonnewende huppelt als woord letterlijk de kamer in met de vroege zonsopgang. Als de  zon stijgt, altijd weer met gerede snelheid, zal ze straks door het open bladerdek recht in mijn gezicht schijnen als ik, gesteund door de opgeschudde kussens, aan het schrijven ben. Buiten is er zondagsrust. Af en toe ruist er een auto voorbij, maar het merendeel der mensheid ligt nog op een oor.

IMG_0597

Van de week ging ik boodschappen doen in het centrum. Bij de betaalautomaat was het wat gehannes, omdat de pin niet werkte en tegenwoordig niemand meer contant geld op zak had. Ik deelde mijn kennis over de ontbrekende pin en toen de vrouw voor me zich omdraaide, zag ik dat het een oudleerling van school was, samen met haar moeder. Ik had ze al tijden niet meer gezien, ruim twintig jaar zeker. In een opwelling hadden we elkaar bijna omhelsd, zo blij om elkaar weer tegen te komen. We propten alle wederwaardigheden in een notedop. De vrouw na ons had ondertussen haar ticket betaald en nam de mijne over om ook te voldoen, nadat het vermaledijde apparaat het briefje van twintig niet accepteerde.  Ze riep achterom naar mij ‘Iedere dag een goeie daad’. Wat een mooie geste.

Toen we daarna ieder ons eigen weegs gingen bedacht ik me dat ik vergeten was te vragen naar hun neef, die ik ook twee jaar in de groep heb gehad voor hij met zijn vader naar Rotterdam verhuisde.

Neefje kwam regelrecht vanuit Turkije vandaan en had daar door de scheiding van zijn ouders een trauma opgelopen. Hij sprak niet. Geen woord. Niet in het Turks en niet in het Nederlands. Uren heb ik met hem gezeten en communiceerde met handen en voeten, ook tijdens het buitenspelen. We zaten dan op de rand van de zandbak en legden alles wat er gebeurd was vast in een soor hiërogliefenschrift door met een takje te tekenen in het zand. Ik begon meestal en hij ‘antwoordde’. Twee jaar lang heeft hij voornamelijk geobserveerd en gekeken, rustig en bescheiden, bij het spel van zijn klasgenoten, tijdens drama, muziek, dans en beeldend. Bij dat laatste deed hij mee, stilletjes en op een hele eigen manier. Prachtige tekeningen kon hij maken die meer vertelden dan hij het in woorden had kunnen doen.

Toen de twee jaren bijna om waren, begon hij te praten. Letters werden woorden, woorden werden zinnen en de zinnen een verhaal met kop en staart. Na die twee jaar ging hij van school. Zijn vader was zielsgelukkig en dankbaar. De jongen had zijn eigen plek veroverd in mijn hart. Ik ben hem nooit vergeten, omdat de band tussen ons zo fragiel werd opgebouwd en alleen maar hechter en sterker werd. Loslaten hoorde erbij, elk jaar gleden de oudste kinderen het raam uit, maar hij verdween voorgoed uit het zicht. Het zijn de herinneringen die altijd mee blijven lopen en die bij tijd en wijle een plek op de voorgrond opeisen, door een ontmoeting, een verhaal, een gebeurtenis, of door het schrijven in het zand.

IMG_0599

De kauwen in de dakgoot zijn van slag. Ze krakelen, en nooit heeft dat woord zo duidelijk betekenis gekregen. De veertjes vliegen in het rond en er vliegen vogels af en aan. Storm in een glas water. Na tien minuten is de rust weergekeerd, heerlijke zonnige zomerse zondagsrust

 

Uncategorized

Pure poëzie

‘Ik lag in mijn tuintje en sliep, toen kwam er een engel die riep, … je moet ontwaken om voor … een versje te maken’. Een oud versje voor in het Poëzie-album. In de jaren dat ik ze nog niet zelf kon verzinnen, maakten we gebruik van deze instantverzen. Het verhaal dat de buuf van de tuin op de hoek vertelde begon met de eerste zin van dit vers, maar nam een compleet andere wending. Ze zat tegenover ons bleek en trillend na de schok aan een glaasje water. Even daarvoor werd de gebruikelijke stilte verscheurd door een hoog en hard gillen met woorden die niet voor herhaling vatbaar waren. Ik was mijn wilg aan het kortwieken aan de kant van de buuf links en keek op. Ik dacht dat het kinderen aan de overkant van de sloot waren, maar toen zag ik ineens een morsige man wegrennen en de buuf van de hoek erachter aan. Het was een staaltje hazenpad kiezen van de eerste orde. Hij hield iets dicht tegen hem aan en rende voor zijn leven.

IMG_0586  Oude Poezïe album

Buuf vertelde dat ze in haar tuin lag voor het huis. De ingang van het huis ligt aan het pad. Het bleek dat de man zijn rugzak en zijn schoenen bij de achterbuurman had neergezet en op sluipersvoeten het huis was binnengegaan. Op dat moment besloot buuf haar zonnebril binnen te pakken. Daar werd ze geconfronteerd met de man. Ooit in het grijze verleden had ze aan verdedigingstechniek gedaan en wist ‘Maak je groot, raak hem niet aan, want dat wekt agressie’ en ze sommeerde met bevelende stem dat hij zijn zakken leeg moest maken. De man was zo overdonderd geweest en misschien wel net zo geschrokken als zij, dat er een briefje van twintig uit zijn zakken kwam. Die kwam uit de portemonne van buuf. Enkel dat en niet meer.. Geen pasjes, geen telefoon, niets van dat alles. Een insluiper, een zwerver waarschijnlijk, die geld nodig had. De schrik zat er goed in en ze besloot hem met veel lawaai weg te jagen, zodat wij het zouden horen en haar te hulp konden schieten.

Dat lukte. Even later zaten we achter het glas water bij buuf achter in de tuin bij te komen van de opwinding. Een klein voorval met een grote impact. Wat vredig en vrij en lief was, werd voor dit moment bezoedeld. Ze bedaarde zienderogen onder onze bewondering voor het heldhaftige optreden, daar in die  kleine ruimte, zo vlak tegenover elkaar. Voor hetzefde geld klap je dicht of ga je slaan en dan had de paniek ook bij hem toegeslagen met onoverzichtelijke gevolgen. Aan het eind van het relaas konden we al weer dunnetjes lachen om het feit dat ze als een volleerde marketentster zo te keer was gegaan. Daarna vertrok ze naar voren om het voorval te melden bij het bestuur.

IMG_0585

Ieder ging weer aan de slag en ik schoonde een stuk grond op door het te ontdoen van de welig tierend dagkoekoeksbloemen en ontdekte de ene verrassing na de andere. De verdwenen phlox vond ik weer, de Bergamot werd bevrijd, de vrouwenmantel veerde op, nog een tweede phlox strekte zich dankbaar uit en overal dook oostindische kers op, duidelijk herkenbaar blad, geen vergissing mogelijk. Het afval, dagkoekoeksbloemen heb je voor het leven, kon straks mee op de terugweg. De grote springbalsemienen bij de nieuwe entree met buuf reisden af naar achteren om ze daar, met een 1-2-3- in godsnaam weer neer te plompen en te hopen dat ze voort zouden kunnen. Bij verdere inspectie bleken er aan de verpieterde Acer weer ontluikend rood blad te groeien. Ze had het naar haar zin op de nieuwe plek.

IMG_0587 Instant versjes 1962

Buuf achter riep voor een glaasje wijn en ik nam de Rucola-brusschetta en knapperige crostini mee. De lome namiddaghitte werd getemperd door de uitwaaierende walnoot. Een vleug Provence streek neer met de heerlijke koude Rosé en daarmee keerde de rust weer in de kleine oase. Merel had in het lommer het laatste woord. Pure Poëzie.

Uncategorized

Meer dan de moeite waard

Om tien uur stapte ik in de Kleine Blauwe Prins om naar de tuin te rijden. Er stond al een andere auto op het parkeerterrein. Het pad was licht drassig hier en daar en ik had mijn oude trouwe kloffen aan, omdat ik  dat vermoedde. Tot mijn grote vreugde zag ik aan de slootkant de verbascum in volle glorie. Eerder was ze me niet opgevallen maar door de vele gele bloemen onderstreepte ze haar aanwezigheid extra en kon je er niet meer om heen. Vriend van de tuinen achter maakte een hok voor maaimachine van de oude en was in zijn dooie eentje bezig met zagen, klotteren en boren. We waren beide verbaasd elkaar tegen te komen. In het atelier was er geen waterschade en rook het heerlijk fris door de nachtlucht, die vrijelijk had kunnen binnenstromen door het vergeten open steekraam. Raam sluiten,  dag huis, dag tuin, groette vriend en schoot plaatjes van de gele toorts op de terugweg.

IMG_0571   IMG_4240

Zus stond op haar balkon en beloofde naar beneden te komen. Zus twee ophalen en richting Heusden. Het land van Heusden en Altena bracht de associatie met het land van Maas en Waal, Boudewijn de Groot zong het de hele rit lang in mijn hoofd. ‘Dan steken we de loftrompet en ook de dikke draak en eten ’s avonds zandgebak op het feestje bij Klaas Vaak’. Meesterlijke tekst en voor eeuwig aan de vallei verbonden, wat mij betreft. Ik kende Heusden niet, een lieflijke vestingsstad aan de Maas. Na wat ronddolen zagen we het liggen met haar hoge dijken rondom.

De koffie ging er gretig in, voor het eerst weer op een terras voelde als de rijkdom van een lome vakantiedag en om dat het tegen twaalven liep besloten we daarna eerst een hapje te eten op de vismarkt. Daarvoor passseerden we al een aantal straten. Het getuigde van de Middeleeuwse wortels van deze stad. De panden die te koop stonden en overduidelijk leeg waren, bleken alleszins betaalbaar. Prijzen waarvoor een fractie van de grootte een vermogen had opgeleverd in bijvoorbeeld de wijk Wittevrouwen in Utrecht. De soep van de dag bleek getrokken van een zoete aardappel en smaakte heerlijk.

IMG_4215    IMG_4224

Gesterkt liepen we door de vispoort een wonderwereld van een uitgestrekt Hollands tafereel binnen. Geribbelde gevels dreven in spiegelingen op het water. Er was een oud brugwachtershuis, een ophaalbrug, twee molens, een haven, oude muren en de wijde velden om de vesting heen.

IMG_4226   IMG_4299

Een man hing over zijn houten halve deur heen en ik complementeerde hem met zijn lieflijke stad wat hij beaamde met een dikke grijns. Gedichten van Jules deelder wezen de weg in een romantische vorm en de vele kruip-door-sluip-door poortjes vormden letterlijk een doorkijkje naar het verre verleden.

IMG_4197  IMG_4209

De dag viel stil tussen de oude gevels, de stokrozen en de overdadige hortensia’s. De namen van de straten waren bewonderendswaardig gekozen en onderstreepten de eeuwenoude muren. Annie M.G. Scmidt kwam nog langs met haar rode brievenbus, die op het pleintje stond.

IMG_4208   IMG_4206

Er waren grappige hoedenwinkels, snuisterijen in de etalages, prachtige sieraden en schoenen die zweefden tussen kunstig en kunst. Geen doorsneewinkels en daardoor een verademing. Zuslief probeerde nog een bloes en twee jurken, terwijl de oude ingesleten eiken vloer kraakte  onder het gedraal voor de spiegel. Er was veel te bewonderen, uithangbordjes, namen op deuren, deurstempels, ornamenten en beslag.

IMG_4191   IMG_4192

Voor de kerk zat een groepje mannen. Ze namen de aanwezige toeristen nauwkeurig in ogenschouw en prevelden hun Salomons-oordelen in wolken witte rook. In de auto viel de hitte als een blok. Over de binnenwegen reden we via de pont over de Maas, via Leerdam en een bliksembezoek aan de kringloop aldaar, terug naar huis. Een dag die voelde als een vakantieweek met een stad meer dan de moeite waard.

IMG_4287

Uncategorized

Grenzen verleggen en gaan

Als de klok zou slaan had ik haar op dit ogenblik voor de derde keer gehoord. Om een uur werd ik met een schok wakker. Het bovenraampje van het atelier op de tuin stond nog open. Niet handig met deze juni-buien, maar ook niet heel ernstig want het was afstaand en smal.

IMG_0547

In de brandende hitte was het moeizaam gras maaien, maar dat wilde ik persé doen nu het nog droog was. Merel en winterkoning floten om het hardst. De oude had besloten om zijn barricades toch op te werpen, alle goede voornemens ten spijt, dus rommelde ik alleen in eigen tuin. Er kwam een vriend van de buuf langs, die naar de iep wilde kijken, omdat hij had beloofd hem in oktober te slechten. Fluitje van een cent, vond hij, maar voor mij een groot obstakel. Heerlijk, weer een zorg minder. Het varkentje Vlier zou ik zelf wel wassen, later, als de lome drukkende hitte uit de lucht was. De iepen kwamen aanwaaien uit de oude zijn heg, evenals de duivelswandelstok, die ook wel engelenboom genoemd wordt. Een grotere discrepantie in naam is er niet. De boom heeft de duivelse gewoonte lange wortelstokken te maken, waar steeds weer nieuwe loten uit groeien en heeft derhalve niets met engelen uit te staan.

Om vier uur spoedde ik gisterenmiddag huiswaarts om wat vlaggetjes  door de kamer heen te slingeren. Zoon hield wel niet van verjaardag vieren, maar we hadden een vlaai gekocht voor de kaarsjes en wilden hem het cadeau overhandigen. Een maand lang een proefabonnement op een Cryocenter. Ik had er nog nooit van gehoord maar het bestond al sinds 1978 in Japan, waar het werd opgezet om Reuma te genezen. Het bleek voor veel meer kwalen goed te zijn, maar ook om het lijf te verstevigen en om klachten te voorkomen. We zijn nooit te oud om wat te leren.

IMG_0564 (2)

Dochterlief kwam mee vieren, een bescheiden feest, waarbij het feestvarken zelfs het taartje voorbij liet gaan vanwege een streng dieet. Hij was gematigd enthousiast over de Crio. Net als ik heeft hij nog sterker dat je eerst moet weten wat het is, om het daarna nooit meer kwijt te willen.

Tijdens de denkbeeldige tweede slag van de afwezige klok ben ik koffie gaan halen en  verder gegaan in het boek van Mercier: Het gewicht vana de woorden. De hoofdpersoon heeft een ‘hersentumor’ en vraagt zich af of je de gedachten net zo kwijt kunt raken als je woorden kwijtraakt bij een afasie. Het punt voorbij, dat je nog wel weet wat je wilt zeggen, omdat gedachten verdwenen zijn. Hoe dat zou zijn, vraagt hij zich af. Het onvermogen van iemand die niet meer de juiste woorden vindt voor wat er door het hoofd gaat, ken ik van dichtbij. Een van de redenen van het werken op de afdeling neuroschirurgie I.C. was het gefascineerd zijn door die ongrijpbare hersencellen. Ze kunnen een volstrekt willekeurig leven gaan leiden als er iets mis gaat door bijvoorbeeld een bloeding of een val. Weer schoten de woorden te binnen: Je mist het pas als het er niet meer is. Tot dan toe is iedere gedachtengang, iedere  handeling, alles wat bij het normale leven hoort volkomen ondergeschikt. Zodra  het er niet meer is, wordt het in de orde der belangrijkheid naar voren geschoven en prijkt het bovenaan het verlanglijstje.

Hoe vaak ik niet verzucht meer lucht te willen hebben en alles weer normaal te kunnen doen. Wandelen, dansen, maaien, trappen lopen. Het blijft mijl op zeven. Het onmogelijke willen zal wel altijd het verlangen blijven voeden, maar niet geschoten is altijd mis, wist men vroeger al. Grenzen verleggen en gaan.

Uncategorized

Een vleugje nostalgie d’Annemarie

Vandaag is zoonlief jarig en gisteren heb ik zijn verleden in handen gehad met het opruimen van de zolder. 25 jaar lang heb ik auto’s, muziekdoosjes, blokken en alles bewaard om het op een dag voor zijn 25ste verjaardag door de handen te laten gaan en te horen dat het allemaal weg kon. Dezelfde vergissing heb ik eerder gemaakt, bewaarwoede waarvan maar bar weinig is doorgesijpeld naar de huishoudens van de kinderen.

B739B61D-015A-4BE1-A43F-04A30DB5EFCC Jeugdsentiment

Een verstoft poppenfornuis met gedeukte pannen mag nog even wachten, evenzo de xylofoon van onverwoestbaar Fischer Price en nog meer van het kleine grut. De auto’s die kapot zijn gaan weg, de drie Maserati’s incluis, zoonlief was een sloper van het eerste uur. Niet vanwege zijn drang tot destructie, maar om te ontdekken hoe het een en ander in elkaar stak. Alle wielen, deuren en stuurinrichtingen moesten eraan geloven, zo jong als hij was. Later deed hij dat met computers en ook daarvan waren de ‘lijken’ te tellen. Evenals de bijbehorende snoeren en kabels. Er kwam ook een tas met dagboeken van dochterlief te voorschijn vanachter het schot. Ik heb het altijd een blijk van vertrouwen gevonden, dat die zo dicht onder mijn neus daar mochten zijn. Dagboeken zijn mij heilig, er is geen letter voor mij bij.

IMG_0540 Het doorgeknipte dagboek

Daar zat een kleine anekdote aan vast. Ergens in mijn puberale onvrede ben ik op mijn veertiende een nacht van huis weggelopen om de volgende ochtend met een vriendinnetje, twee bakvissen, naar Amsterdam te liften. We hadden zegge en schrijven dertig cent op zak. Mijn dagboeken lagen thuis. Dat mijn vader met zijn rechercheursgenen het slot van het laatste exemplaar zou openknippen , waarschijnlijk om te weten wat ik van plan was te gaan doen, kwam niet bij me op. We werden vlak voor de deur afgezet door een patrouillebus van de politie, die ons liftend op de snelweg had aangetroffen. Woedend was ik op mijn vader, die liet blijken hoeveel hij gelezen had. Dat een en ander grote bezorgdheid moet zijn geweest, kwam niet in het argeloze meisjeshoofd op. Diep beledigd heb ik hem tijden genegeerd. Vanaf dat moment is het dagboek helemáál heilig. Het doorgeknipte exemplaar met enorme verwijten aan het adres van mijn ouders staat er nog altijd. Stille getuigen van het naïeve verzet in die tijd.

IMG_0543

Er is een doos bij met Bibelots d’Annemarie. Een Belgisch vriendinnetje, die in een grote oude zijdefabriek woonde en waar de oude en ik in de jaren negentig regelmatig te gast waren. De snuisterijen zijn o.a. een klein maar sierlijk olie en azijnstelletje, een Chinees miniatuur  theeservies en bakelieten onderzetters. Ik heb er een foto van gemaakt en doorgestuurd naar de familieapp, voor wie wil en dochterlief heeft er wel oren naar.

2877219D-6F76-4518-AFF3-F0488A8ADE45 Het theeservies

Dan is er een grote mand met al mijn lievelingsplaten. Wow, die was ik kwijt, ik vond ze nooit meer tussen de platencollectie en nu waren ze er ineens weer allemaal. Op de een of andere manier heb ik ze willen behoeden door ze te goed op te bergen. Terwijl ik op een inmiddels lege kist zat, een beetje verweesd, vroeg oudste zoonlief die het initiatief had genomen, waarom ik in godsnaam zoveel had bewaard. Ik weet het niet. Nostalgie breide zeker mee aan dat immense verleden. Het hoort bij loslaten en veranderde waarden en normen. Mijn moeder gooide bijna nooit wat weg.

Nu maak ik er een foto van en probeer een goed onderkomen te vinden bij iemand die er nog wat aan heeft. De kringloop is het tweede alternatief. De eerste zolderhelft is gereduceerd tot twee tassen, een platenmand en een lege ruimte, dankzij beide zonen die alles naar beneden hebben gesjouwd. Als dank maak ik de artisjok klaar naar Belgisch recept met een vleugje nostalgie d’Annemarie.