Uncategorized

Zonnige zomerse zondagsrust

Zomerzonnewende huppelt als woord letterlijk de kamer in met de vroege zonsopgang. Als de  zon stijgt, altijd weer met gerede snelheid, zal ze straks door het open bladerdek recht in mijn gezicht schijnen als ik, gesteund door de opgeschudde kussens, aan het schrijven ben. Buiten is er zondagsrust. Af en toe ruist er een auto voorbij, maar het merendeel der mensheid ligt nog op een oor.

IMG_0597

Van de week ging ik boodschappen doen in het centrum. Bij de betaalautomaat was het wat gehannes, omdat de pin niet werkte en tegenwoordig niemand meer contant geld op zak had. Ik deelde mijn kennis over de ontbrekende pin en toen de vrouw voor me zich omdraaide, zag ik dat het een oudleerling van school was, samen met haar moeder. Ik had ze al tijden niet meer gezien, ruim twintig jaar zeker. In een opwelling hadden we elkaar bijna omhelsd, zo blij om elkaar weer tegen te komen. We propten alle wederwaardigheden in een notedop. De vrouw na ons had ondertussen haar ticket betaald en nam de mijne over om ook te voldoen, nadat het vermaledijde apparaat het briefje van twintig niet accepteerde.  Ze riep achterom naar mij ‘Iedere dag een goeie daad’. Wat een mooie geste.

Toen we daarna ieder ons eigen weegs gingen bedacht ik me dat ik vergeten was te vragen naar hun neef, die ik ook twee jaar in de groep heb gehad voor hij met zijn vader naar Rotterdam verhuisde.

Neefje kwam regelrecht vanuit Turkije vandaan en had daar door de scheiding van zijn ouders een trauma opgelopen. Hij sprak niet. Geen woord. Niet in het Turks en niet in het Nederlands. Uren heb ik met hem gezeten en communiceerde met handen en voeten, ook tijdens het buitenspelen. We zaten dan op de rand van de zandbak en legden alles wat er gebeurd was vast in een soor hiërogliefenschrift door met een takje te tekenen in het zand. Ik begon meestal en hij ‘antwoordde’. Twee jaar lang heeft hij voornamelijk geobserveerd en gekeken, rustig en bescheiden, bij het spel van zijn klasgenoten, tijdens drama, muziek, dans en beeldend. Bij dat laatste deed hij mee, stilletjes en op een hele eigen manier. Prachtige tekeningen kon hij maken die meer vertelden dan hij het in woorden had kunnen doen.

Toen de twee jaren bijna om waren, begon hij te praten. Letters werden woorden, woorden werden zinnen en de zinnen een verhaal met kop en staart. Na die twee jaar ging hij van school. Zijn vader was zielsgelukkig en dankbaar. De jongen had zijn eigen plek veroverd in mijn hart. Ik ben hem nooit vergeten, omdat de band tussen ons zo fragiel werd opgebouwd en alleen maar hechter en sterker werd. Loslaten hoorde erbij, elk jaar gleden de oudste kinderen het raam uit, maar hij verdween voorgoed uit het zicht. Het zijn de herinneringen die altijd mee blijven lopen en die bij tijd en wijle een plek op de voorgrond opeisen, door een ontmoeting, een verhaal, een gebeurtenis, of door het schrijven in het zand.

IMG_0599

De kauwen in de dakgoot zijn van slag. Ze krakelen, en nooit heeft dat woord zo duidelijk betekenis gekregen. De veertjes vliegen in het rond en er vliegen vogels af en aan. Storm in een glas water. Na tien minuten is de rust weergekeerd, heerlijke zonnige zomerse zondagsrust

 

Uncategorized

Pure poëzie

‘Ik lag in mijn tuintje en sliep, toen kwam er een engel die riep, … je moet ontwaken om voor … een versje te maken’. Een oud versje voor in het Poëzie-album. In de jaren dat ik ze nog niet zelf kon verzinnen, maakten we gebruik van deze instantverzen. Het verhaal dat de buuf van de tuin op de hoek vertelde begon met de eerste zin van dit vers, maar nam een compleet andere wending. Ze zat tegenover ons bleek en trillend na de schok aan een glaasje water. Even daarvoor werd de gebruikelijke stilte verscheurd door een hoog en hard gillen met woorden die niet voor herhaling vatbaar waren. Ik was mijn wilg aan het kortwieken aan de kant van de buuf links en keek op. Ik dacht dat het kinderen aan de overkant van de sloot waren, maar toen zag ik ineens een morsige man wegrennen en de buuf van de hoek erachter aan. Het was een staaltje hazenpad kiezen van de eerste orde. Hij hield iets dicht tegen hem aan en rende voor zijn leven.

IMG_0586  Oude Poezïe album

Buuf vertelde dat ze in haar tuin lag voor het huis. De ingang van het huis ligt aan het pad. Het bleek dat de man zijn rugzak en zijn schoenen bij de achterbuurman had neergezet en op sluipersvoeten het huis was binnengegaan. Op dat moment besloot buuf haar zonnebril binnen te pakken. Daar werd ze geconfronteerd met de man. Ooit in het grijze verleden had ze aan verdedigingstechniek gedaan en wist ‘Maak je groot, raak hem niet aan, want dat wekt agressie’ en ze sommeerde met bevelende stem dat hij zijn zakken leeg moest maken. De man was zo overdonderd geweest en misschien wel net zo geschrokken als zij, dat er een briefje van twintig uit zijn zakken kwam. Die kwam uit de portemonne van buuf. Enkel dat en niet meer.. Geen pasjes, geen telefoon, niets van dat alles. Een insluiper, een zwerver waarschijnlijk, die geld nodig had. De schrik zat er goed in en ze besloot hem met veel lawaai weg te jagen, zodat wij het zouden horen en haar te hulp konden schieten.

Dat lukte. Even later zaten we achter het glas water bij buuf achter in de tuin bij te komen van de opwinding. Een klein voorval met een grote impact. Wat vredig en vrij en lief was, werd voor dit moment bezoedeld. Ze bedaarde zienderogen onder onze bewondering voor het heldhaftige optreden, daar in die  kleine ruimte, zo vlak tegenover elkaar. Voor hetzefde geld klap je dicht of ga je slaan en dan had de paniek ook bij hem toegeslagen met onoverzichtelijke gevolgen. Aan het eind van het relaas konden we al weer dunnetjes lachen om het feit dat ze als een volleerde marketentster zo te keer was gegaan. Daarna vertrok ze naar voren om het voorval te melden bij het bestuur.

IMG_0585

Ieder ging weer aan de slag en ik schoonde een stuk grond op door het te ontdoen van de welig tierend dagkoekoeksbloemen en ontdekte de ene verrassing na de andere. De verdwenen phlox vond ik weer, de Bergamot werd bevrijd, de vrouwenmantel veerde op, nog een tweede phlox strekte zich dankbaar uit en overal dook oostindische kers op, duidelijk herkenbaar blad, geen vergissing mogelijk. Het afval, dagkoekoeksbloemen heb je voor het leven, kon straks mee op de terugweg. De grote springbalsemienen bij de nieuwe entree met buuf reisden af naar achteren om ze daar, met een 1-2-3- in godsnaam weer neer te plompen en te hopen dat ze voort zouden kunnen. Bij verdere inspectie bleken er aan de verpieterde Acer weer ontluikend rood blad te groeien. Ze had het naar haar zin op de nieuwe plek.

IMG_0587 Instant versjes 1962

Buuf achter riep voor een glaasje wijn en ik nam de Rucola-brusschetta en knapperige crostini mee. De lome namiddaghitte werd getemperd door de uitwaaierende walnoot. Een vleug Provence streek neer met de heerlijke koude Rosé en daarmee keerde de rust weer in de kleine oase. Merel had in het lommer het laatste woord. Pure Poëzie.

Uncategorized

Meer dan de moeite waard

Om tien uur stapte ik in de Kleine Blauwe Prins om naar de tuin te rijden. Er stond al een andere auto op het parkeerterrein. Het pad was licht drassig hier en daar en ik had mijn oude trouwe kloffen aan, omdat ik  dat vermoedde. Tot mijn grote vreugde zag ik aan de slootkant de verbascum in volle glorie. Eerder was ze me niet opgevallen maar door de vele gele bloemen onderstreepte ze haar aanwezigheid extra en kon je er niet meer om heen. Vriend van de tuinen achter maakte een hok voor maaimachine van de oude en was in zijn dooie eentje bezig met zagen, klotteren en boren. We waren beide verbaasd elkaar tegen te komen. In het atelier was er geen waterschade en rook het heerlijk fris door de nachtlucht, die vrijelijk had kunnen binnenstromen door het vergeten open steekraam. Raam sluiten,  dag huis, dag tuin, groette vriend en schoot plaatjes van de gele toorts op de terugweg.

IMG_0571   IMG_4240

Zus stond op haar balkon en beloofde naar beneden te komen. Zus twee ophalen en richting Heusden. Het land van Heusden en Altena bracht de associatie met het land van Maas en Waal, Boudewijn de Groot zong het de hele rit lang in mijn hoofd. ‘Dan steken we de loftrompet en ook de dikke draak en eten ’s avonds zandgebak op het feestje bij Klaas Vaak’. Meesterlijke tekst en voor eeuwig aan de vallei verbonden, wat mij betreft. Ik kende Heusden niet, een lieflijke vestingsstad aan de Maas. Na wat ronddolen zagen we het liggen met haar hoge dijken rondom.

De koffie ging er gretig in, voor het eerst weer op een terras voelde als de rijkdom van een lome vakantiedag en om dat het tegen twaalven liep besloten we daarna eerst een hapje te eten op de vismarkt. Daarvoor passseerden we al een aantal straten. Het getuigde van de Middeleeuwse wortels van deze stad. De panden die te koop stonden en overduidelijk leeg waren, bleken alleszins betaalbaar. Prijzen waarvoor een fractie van de grootte een vermogen had opgeleverd in bijvoorbeeld de wijk Wittevrouwen in Utrecht. De soep van de dag bleek getrokken van een zoete aardappel en smaakte heerlijk.

IMG_4215    IMG_4224

Gesterkt liepen we door de vispoort een wonderwereld van een uitgestrekt Hollands tafereel binnen. Geribbelde gevels dreven in spiegelingen op het water. Er was een oud brugwachtershuis, een ophaalbrug, twee molens, een haven, oude muren en de wijde velden om de vesting heen.

IMG_4226   IMG_4299

Een man hing over zijn houten halve deur heen en ik complementeerde hem met zijn lieflijke stad wat hij beaamde met een dikke grijns. Gedichten van Jules deelder wezen de weg in een romantische vorm en de vele kruip-door-sluip-door poortjes vormden letterlijk een doorkijkje naar het verre verleden.

IMG_4197  IMG_4209

De dag viel stil tussen de oude gevels, de stokrozen en de overdadige hortensia’s. De namen van de straten waren bewonderendswaardig gekozen en onderstreepten de eeuwenoude muren. Annie M.G. Scmidt kwam nog langs met haar rode brievenbus, die op het pleintje stond.

IMG_4208   IMG_4206

Er waren grappige hoedenwinkels, snuisterijen in de etalages, prachtige sieraden en schoenen die zweefden tussen kunstig en kunst. Geen doorsneewinkels en daardoor een verademing. Zuslief probeerde nog een bloes en twee jurken, terwijl de oude ingesleten eiken vloer kraakte  onder het gedraal voor de spiegel. Er was veel te bewonderen, uithangbordjes, namen op deuren, deurstempels, ornamenten en beslag.

IMG_4191   IMG_4192

Voor de kerk zat een groepje mannen. Ze namen de aanwezige toeristen nauwkeurig in ogenschouw en prevelden hun Salomons-oordelen in wolken witte rook. In de auto viel de hitte als een blok. Over de binnenwegen reden we via de pont over de Maas, via Leerdam en een bliksembezoek aan de kringloop aldaar, terug naar huis. Een dag die voelde als een vakantieweek met een stad meer dan de moeite waard.

IMG_4287

Uncategorized

Grenzen verleggen en gaan

Als de klok zou slaan had ik haar op dit ogenblik voor de derde keer gehoord. Om een uur werd ik met een schok wakker. Het bovenraampje van het atelier op de tuin stond nog open. Niet handig met deze juni-buien, maar ook niet heel ernstig want het was afstaand en smal.

IMG_0547

In de brandende hitte was het moeizaam gras maaien, maar dat wilde ik persé doen nu het nog droog was. Merel en winterkoning floten om het hardst. De oude had besloten om zijn barricades toch op te werpen, alle goede voornemens ten spijt, dus rommelde ik alleen in eigen tuin. Er kwam een vriend van de buuf langs, die naar de iep wilde kijken, omdat hij had beloofd hem in oktober te slechten. Fluitje van een cent, vond hij, maar voor mij een groot obstakel. Heerlijk, weer een zorg minder. Het varkentje Vlier zou ik zelf wel wassen, later, als de lome drukkende hitte uit de lucht was. De iepen kwamen aanwaaien uit de oude zijn heg, evenals de duivelswandelstok, die ook wel engelenboom genoemd wordt. Een grotere discrepantie in naam is er niet. De boom heeft de duivelse gewoonte lange wortelstokken te maken, waar steeds weer nieuwe loten uit groeien en heeft derhalve niets met engelen uit te staan.

Om vier uur spoedde ik gisterenmiddag huiswaarts om wat vlaggetjes  door de kamer heen te slingeren. Zoon hield wel niet van verjaardag vieren, maar we hadden een vlaai gekocht voor de kaarsjes en wilden hem het cadeau overhandigen. Een maand lang een proefabonnement op een Cryocenter. Ik had er nog nooit van gehoord maar het bestond al sinds 1978 in Japan, waar het werd opgezet om Reuma te genezen. Het bleek voor veel meer kwalen goed te zijn, maar ook om het lijf te verstevigen en om klachten te voorkomen. We zijn nooit te oud om wat te leren.

IMG_0564 (2)

Dochterlief kwam mee vieren, een bescheiden feest, waarbij het feestvarken zelfs het taartje voorbij liet gaan vanwege een streng dieet. Hij was gematigd enthousiast over de Crio. Net als ik heeft hij nog sterker dat je eerst moet weten wat het is, om het daarna nooit meer kwijt te willen.

Tijdens de denkbeeldige tweede slag van de afwezige klok ben ik koffie gaan halen en  verder gegaan in het boek van Mercier: Het gewicht vana de woorden. De hoofdpersoon heeft een ‘hersentumor’ en vraagt zich af of je de gedachten net zo kwijt kunt raken als je woorden kwijtraakt bij een afasie. Het punt voorbij, dat je nog wel weet wat je wilt zeggen, omdat gedachten verdwenen zijn. Hoe dat zou zijn, vraagt hij zich af. Het onvermogen van iemand die niet meer de juiste woorden vindt voor wat er door het hoofd gaat, ken ik van dichtbij. Een van de redenen van het werken op de afdeling neuroschirurgie I.C. was het gefascineerd zijn door die ongrijpbare hersencellen. Ze kunnen een volstrekt willekeurig leven gaan leiden als er iets mis gaat door bijvoorbeeld een bloeding of een val. Weer schoten de woorden te binnen: Je mist het pas als het er niet meer is. Tot dan toe is iedere gedachtengang, iedere  handeling, alles wat bij het normale leven hoort volkomen ondergeschikt. Zodra  het er niet meer is, wordt het in de orde der belangrijkheid naar voren geschoven en prijkt het bovenaan het verlanglijstje.

Hoe vaak ik niet verzucht meer lucht te willen hebben en alles weer normaal te kunnen doen. Wandelen, dansen, maaien, trappen lopen. Het blijft mijl op zeven. Het onmogelijke willen zal wel altijd het verlangen blijven voeden, maar niet geschoten is altijd mis, wist men vroeger al. Grenzen verleggen en gaan.

Uncategorized

Een vleugje nostalgie d’Annemarie

Vandaag is zoonlief jarig en gisteren heb ik zijn verleden in handen gehad met het opruimen van de zolder. 25 jaar lang heb ik auto’s, muziekdoosjes, blokken en alles bewaard om het op een dag voor zijn 25ste verjaardag door de handen te laten gaan en te horen dat het allemaal weg kon. Dezelfde vergissing heb ik eerder gemaakt, bewaarwoede waarvan maar bar weinig is doorgesijpeld naar de huishoudens van de kinderen.

B739B61D-015A-4BE1-A43F-04A30DB5EFCC Jeugdsentiment

Een verstoft poppenfornuis met gedeukte pannen mag nog even wachten, evenzo de xylofoon van onverwoestbaar Fischer Price en nog meer van het kleine grut. De auto’s die kapot zijn gaan weg, de drie Maserati’s incluis, zoonlief was een sloper van het eerste uur. Niet vanwege zijn drang tot destructie, maar om te ontdekken hoe het een en ander in elkaar stak. Alle wielen, deuren en stuurinrichtingen moesten eraan geloven, zo jong als hij was. Later deed hij dat met computers en ook daarvan waren de ‘lijken’ te tellen. Evenals de bijbehorende snoeren en kabels. Er kwam ook een tas met dagboeken van dochterlief te voorschijn vanachter het schot. Ik heb het altijd een blijk van vertrouwen gevonden, dat die zo dicht onder mijn neus daar mochten zijn. Dagboeken zijn mij heilig, er is geen letter voor mij bij.

IMG_0540 Het doorgeknipte dagboek

Daar zat een kleine anekdote aan vast. Ergens in mijn puberale onvrede ben ik op mijn veertiende een nacht van huis weggelopen om de volgende ochtend met een vriendinnetje, twee bakvissen, naar Amsterdam te liften. We hadden zegge en schrijven dertig cent op zak. Mijn dagboeken lagen thuis. Dat mijn vader met zijn rechercheursgenen het slot van het laatste exemplaar zou openknippen , waarschijnlijk om te weten wat ik van plan was te gaan doen, kwam niet bij me op. We werden vlak voor de deur afgezet door een patrouillebus van de politie, die ons liftend op de snelweg had aangetroffen. Woedend was ik op mijn vader, die liet blijken hoeveel hij gelezen had. Dat een en ander grote bezorgdheid moet zijn geweest, kwam niet in het argeloze meisjeshoofd op. Diep beledigd heb ik hem tijden genegeerd. Vanaf dat moment is het dagboek helemáál heilig. Het doorgeknipte exemplaar met enorme verwijten aan het adres van mijn ouders staat er nog altijd. Stille getuigen van het naïeve verzet in die tijd.

IMG_0543

Er is een doos bij met Bibelots d’Annemarie. Een Belgisch vriendinnetje, die in een grote oude zijdefabriek woonde en waar de oude en ik in de jaren negentig regelmatig te gast waren. De snuisterijen zijn o.a. een klein maar sierlijk olie en azijnstelletje, een Chinees miniatuur  theeservies en bakelieten onderzetters. Ik heb er een foto van gemaakt en doorgestuurd naar de familieapp, voor wie wil en dochterlief heeft er wel oren naar.

2877219D-6F76-4518-AFF3-F0488A8ADE45 Het theeservies

Dan is er een grote mand met al mijn lievelingsplaten. Wow, die was ik kwijt, ik vond ze nooit meer tussen de platencollectie en nu waren ze er ineens weer allemaal. Op de een of andere manier heb ik ze willen behoeden door ze te goed op te bergen. Terwijl ik op een inmiddels lege kist zat, een beetje verweesd, vroeg oudste zoonlief die het initiatief had genomen, waarom ik in godsnaam zoveel had bewaard. Ik weet het niet. Nostalgie breide zeker mee aan dat immense verleden. Het hoort bij loslaten en veranderde waarden en normen. Mijn moeder gooide bijna nooit wat weg.

Nu maak ik er een foto van en probeer een goed onderkomen te vinden bij iemand die er nog wat aan heeft. De kringloop is het tweede alternatief. De eerste zolderhelft is gereduceerd tot twee tassen, een platenmand en een lege ruimte, dankzij beide zonen die alles naar beneden hebben gesjouwd. Als dank maak ik de artisjok klaar naar Belgisch recept met een vleugje nostalgie d’Annemarie.

Uncategorized

In verstilde schoonheid

Morgenstond heeft goud in de mond, ik heb het even gezien in een waas van oranje, maar droomde daarna over de zolder opruimen, omdat dat speelt en morgen het grof vuil komt. Zoonlief had het over de naaitafel gehad en of die moest blijven, dacht ik. Hij had alleen maar tafel gezegd en in mijn hoofd had ik er de Singernaaitafel van gemaakt. In de droom wist ik ineens weer dat die in de schuur stond en al geborgen was bij de vorige opruimwoede. Door de droom heen snapte ik ineens welk tafeltje hij had bedoeld. een ouderwetse krantenhouder met kleine tafel en een gedraaide poot naar boven waaraan een oriëntaalse lampenkap zat geschroefd. Een echte ouderwetse leeslamp dus, met een vleugje hippiewise. Dat het zo doorwerkt in de droom.

De dag verloopt traag en waarschijnlijk is het aan de fietsstocht van gisteren te danken. 20 kilometer is niets op een elektrische fiets. Nou, alhoewel, er is een minimaal protest van zadelpijn zeurderig als een ondertoon, maar voortvarend genegeerd. Ik fietste me een weg tot vlak naast snelwegen waar ik alweer nooit was geweest. Als zelfs de stad waar je woont al zoveel ongekende plekken waarborgt, wat zal er dan in de rest van Nederland nog veel te ontdekken vallen en te verkennen zijn. De actieradius van de fiets, ongeveer 40 km, zou dan voeren langs kleine bed-and breakfasts, om de accu weer op te laden, letterlijk en figuurlijk, en zo een vakantie ‘klein geluk, eigen style’ te vieren.

IMG-0516

In dat afgelegen gebied in een hoek van het klaverblad zat Haas. Hij was net zo geschrokken van mijn aanwezigheid als ik van de plotselinge ontmoeting en we peilden elkaar diep. Hij vanuit de ooghoek de blik schuin op mij gericht, de lepels verkennend omhoog, de achterpoten in de springmodus om weg te sprinten als ik te dichtbij zou komen.

IMG-0521   IMG-0522

Achter de voetbalvelden langs ontdekte ik een  grote hertachtige blikken sculptuur achter de wuivende grashalmen, even later een donkerbruine havik  hoog op de totempaal in de aanval-modus en verderop een visachtige kameleon of een kameleonachtige vis, om het even. Maar het nodigde uit om een foto te maken van die wereld van reusachtige dieren, die op hun sokkels onder de rook van de snelweg zwijgend hun bestaan vierden.

IMG-0519

Het bleek het atelier te zijn van Scrap Design, de werkplaats van de kunstenaar Nils van Went. De moeite waard om later eens een kijkje dichterbij te nemen. Terwijl ik de beelden aan het vastleggen was met de telefoon, werd ik ineens staande gehouden door mijn lieve ex-collega en haar dochter, die ooit als klein meisje van vier bij mij de groep was binnen gestapt. Ze kwamen van hun pottenbakkersdag af. Heerlijk blozend, met spetters op de kleding, dook het verleden en tegelijkertijd het weemoedige gevoel van gemis op. Een praatje, een vluchtige aanraking van de hand, spontaan en nodig op dat moment. Dochter was langer nog dan moeder met nog altijd diezelfde lieve verwonderde blik van toen. Gezichten zijn altijd herkenbaar en ouder worden valt weg bij het eerste woord.

IMG-0523 Scrap Design

Daarna een klein fietspad waardoor ik onverwacht en regelrecht Utrecht in reed, onder de snelweg door het donkere gapende gat in, de hitte smorend in de duistere en vochtige tunnel. Langs het kanaal wist ik via een hobbelpad weer op het rechte pad te komen. Aan alle kanten van de stad zijn er per fiets veel meer uitwijkmogelijkheden dan met de auto. Ik leer ze allemaal stuk voor stuk kennen. Een goede training voor het oefenen op langere afstanden. Leve de techniek, die het fietsen weer mogelijk maakt en de weg opent naar ongebaande wegen, waar de kleinoden verborgen liggen in verstilde schoonheid.

 

Uncategorized

Zijn wie je bent

En weer kwam de uitzending langs van Avro/Tros.Kunst over het werk en leven van Elizabeth King. Het droeg de titel: ‘Op het tweede gezicht’. Net als de vorige keren, dat ik de aflevering zag, bleef ik aan het beeld gekluisterd. Gefascineerd nam ik alles in mij op. Haar minutieuze werk, haar gevoel voor detail, maar het meest raakte ik opnieuw gevangen door haar eigen mimiek, haar uitstraling, haar begeesterde blik. ‘Ze heeft charisma’, zegt een van haar studenten, en zeker, zodra je start met kijken, wil je alles van haar zien. Dat laatste is letterlijk anders dan het noteren van beelden op je netvlies. Het is aandacht hebben voor elk detail, elke draai, elke oogopslag, elke grijns, tot in het kleinste rimpeltje. Het is een reden om in herhalingen te vallen, telkens weer.

Daarnaast is er haar ongelooflijke werk, de hang naar anatomische perfectie in haar gezichten en handen, maar meer nog naar de manier waarop ze zorgt dat haar sculpturen tot leven komen. Niet alleen door de techniek maar juist ook door de ‘gewone’ menselijke trekken. Een hand die peinzend de kin beroert, een oog, dat subtiel neerslaat een gezicht die luisterend scheef trekt. Een glimp van menselijkheid als een waas over alles heen. Fascinerend.

Hoeveel uitstraling ze heeft wordt duidelijk aan het eind van de film, waar ze in haar grote tuin tijdens een interview een roodstaartbuizerd ziet, die het gemunt heeft op een spotlijster. Degene die filmt, houdt onafgebroken het zicht op haar reactie, de vreugde de grenzeloze mimiek de pure verbazing, de haast kinderlijke blijdschap en als ze hem dan vraagt: ‘Heb je het gezien. Zag je hem’, dan blijkt uit de beelden dat de ander met geen mogelijkheid oog kon hebben voor iets anders dan  haar onbevangen blijdschap.

IMG_0509

Wat een heerlijk ontwaken op deze manier. De krant brengt nog een nieuw fenomeen, dat ik niet bij naam kende. In een interview door Fokke Obema met de ondernemer Jo Vonk beschrijft de laatste wat er met hem gebeurde toen hij zijn vrouw in haar laatste levensfase naar huis had gehaald. In die dagen vonden er steeds intensievere en zelfs filosofische gesprekken plaats en voelde hij zich letterlijk samensmelten met zijn vrouw. Hij werd haar. Daarmee begreep hij dat dood niet de eindigheid betekende maar het voortleven in de ander, waar je mee opgelopen bent. Dat bleek een bestaand begrip en wordt Eenheidsbewustzijn genoemd.

Het is een aangrijpend verhaal waarbij de liefde en de dood een eigen waarheid bleken te zijn, een nieuwe energie. Het ging zelfs nog een stap verder. Als hij alles kon zijn, dan kon alles ook hem zijn. Dan is alles één, een eeuwig leven. Het leven werd voor hem transparant en logisch bij die gedachte. Hij zocht naar vele wegen om er mee om te kunnen gaan, maar vond het uiteindelijk in zijn eigen bedrijf, waar hij zijn mensen iets wilde laten ervaren van hun persoonlijke onaantastbaarheid. Mensen die niet handelden uit angst, maar uit lef en liefde. In zijn ervaringen met het eenheidsbewustzijn ontbrak de angst geheel. Daar wilde hij mensen iets van meegeven.

De verhalen van beide zijn roerend en tegelijkertijd vervuld van leven en liefde. De een met een perfectionistische aandacht voor het lichaam om zo de ziel te vangen, de ander met ontastbare energie, die als een fluïdum door de geest heenwaart, los van alle banden.  Beiden met een rotsvaste overtuiging die het handelen stuurt. Leven met lef om te zijn wie je bent.

 

Uncategorized

Al wat is en leeft mag zijn

De oude heeft de composthoop omgespit en ineens hebben we een weelderige mosterdzaadrand aan de achterkant van de tuin en tiert welig overal de melde. De aanduiding ‘onkruid’ blijkt minder waar te zijn dan zo op het oog leek. De melde heeft een voedzaam blad en blijkt qua structuur te lijken op botersla.

Sinds ik niet alleen maar blind vaar op de wetenschap van de oude, omdat ik ontdekte dat bluf soms zijn wegen baant, en ik op eigen onderzoek uitga, zijn ik en de tuin al een stuk rijker geworden. Geenszins ben ik van plan nog elke groene spriet bijvoorbaat, en geoormerkt als onkruid, eruit te trekken. Ik wacht tot ik ze heb gedetermineerd met de app en bedenk dan of ze passen in het plan en waarom zouden ze niet in  mijn leeftuin passen. Alleen de verstikkende bosaardbei(die oneetbare) hou ik in de gaten, net als de lieflijke maar o zo grenzeloos kruipende hondsdraf.

Een andere oorzaak voor de bewustwording van nietige groei en bloei is de kracht van het straattuinieren en het botanisch stoepkrijten. Alleen al die prachtige namen als gehoornde klaverzuring, bastaardwederik, Canadese Fijnstraal zijn de moeite waard.

 

Het lijkt erg op het lispelen van de kruiden tijdens de heksenkring van Ellie en Rikkert op de plaat ‘De draad van Ariadne’. Ze pasten naadloos in mijn taalbeleving van dat ogenblik. Ik was een ontwakende taalproever en alle zintuigen stonden open. Het smaakte zoveel rijker, die poëzie, deze schoonheid van de taal. Deze LP en die van Maarten en het witte paard heb ik grijsgedraaid tot ik elk woord uit mijn hoofd kende. De laatste gaf al een beetje aan dat ze naarstig op zoek waren naar een nieuwe invulling van hun bestaan. Daar heb ik ze losgelaten en alleen voor de kauwgomballenboom kwam ik weer even terug.  Die kent nu, met mij, alles wat ooit kind was in mijn groep.

 

Jaap Fischer en Herman van Veen vormden een tegenwicht en leerden me satire en cynisme kennen, grappige intervallen en mooie vondsten van Herman of juist vlakke monotone dreunen van Jaap met onsterfelijke boodschappen. (ik zoek de rust van een kist). Woorden aaneengeregen in overtreffende trap. Robert Long brak na zijn Gloria open in vileine waarheden en woordenkunst,en de Jasperina’s en Adèles in mij werden gewekt door hun naamgenoten. ‘El Prostitu del chique chique boem chique’ klaterde ik door de gangen van de opleiding, schalks en ondeugend, humor met een boodschap.

Ze waren de voedingsbodem voor mijn verborgen schrijversleven in dagboeken en schriften, krabbels op bierviltjes en naast de telefoon, bladvulling in de agenda’s en beginnende verhalen en gedichten. Telkens weer beginnend en gesmoord.

008

Dankzij de straatbotanica komen er al ras, nooit eerder gehoorde, woorden bij en ze leveren me allemaal een associatie op door hun wat nietig lijkende maar kleurrijke en fantastische eigenschappen. Stoepplantjes met namen die klinken als een klok. De kluwenhoornbloem, de tuinwolfsmelk, het herderstasje, de liggende vetmuur, de kleine ooievaarsbek, de zandraket en de kleine varkenskers, de muurslam en de gewone melkdistel. Er zou zo een nieuwe magische roman uit kunnen groeien. Een aantal ga ik natuurlijk gebruiken in het sprookje van ‘De zeven geultjes van Beverweerd’ om de kleinkinderen mee te laten smullen van die ongekende wereld. Misschien moest ik alvast wat stoepkrijt aanschaffen. Bewustwording begint bij herkenning en naamgeving.

 

Klik om toegang te krijgen tot Hortus_Stoepplantjes_poster_A1.pdf

Het brengt me op de boodschap die buiten het plantenrijk ook voor andere werelden om en in ons telt. Al wat is en leeft mag zijn.

 

Uncategorized

Een omzien in verwondering

Een postuum interview met Marc de Hond door Antoinette Scheulderman in het Magazine van de Volkskrant vandaag, doet alles even stilvallen. Geluiden van buiten worden diffuus en in een mengeling van respect en verbazing val ik stil. De foto’s van Robin de Puy, eerlijk en nietsontziend, hakken er in, door de grootte, door het levensechte in het uur van de dood. Een paar zinsneden blijven nagalmen. ‘Het zijn de boze poppetjes in de buik van je vader’, zegt iemand tegen de kleine dochter van Marc en Remona, als ze boos is op haar vader, omdat ie dood gaat. Ze accepteert dat beeld moeiteloos, net als het feit dat je zo’n element ook in je voordeel kan gebruiken als je je moet verontschuldigen voor iets wat je niet volgens de regels gedaan hebt. ‘Het zijn de boze poppetjes in mij’. Heerlijke kinderlogica.

IMG_0470

Er staan passages in uit zijn laatste boek ‘Licht in de tunnel’, dat medio juni zal verschijnen. Rake en humoristische uitspraken, een stuk familiegeschiedenis. De wonderbaarlijke wijze waarop zijn vader Maurice na de oorlog het licht heeft kunnen zien, nadat zijn moeder het kamp van Mengele heeft overleefd.

Een andere opmerking: ‘Hij (opa) en mijn oma hebben  in Auschwiz alles verloren, behalve hun  leven.’ Dat is weer zo’n ijzersterke zin, een die te vergelijken is met de manier waarop Edith Eva Eger in haar boek ‘De Keuze’ zich vrij danste in haar hoofd ten overstaan van Mengele.

Hij is poëtisch in zijn afscheidsbrief naar Remona toe. Schrijft zonder restricties, misschien wel omdat hij ‘al dood is als wij dit lezen.’ Na het interview neemt hij afscheid met : ‘Zij die stervende zijn, groeten U.’ Zelfs in de rouwadvertentie wijdt hij het woord aan zijn achterblijvers en het publiek. ‘Voordat je geboren wordt is er niets. Nadat je doodgaat is er niets. er tussenin zit de attractie. Wat onnoemelijk verdrietig dat die van mij nou net op het hoogtepunt moest stoppen.’

IMG_0469

Er is nog iets dat opvalt en dat ik op de afdeling Oncologie steeds vaker hoorde van mensen. Dat er vaak gesproken wordt over de strijd tegen kanker te hebben verloren. Dat impliceert dat je iets verkeerds gedaan hebt, terwijl de ziekte volstrekte willekeur hanteert en je geluk hebt of pech. Bovendien bestaat de kanker niet meer als het lijf het aflegt. Op de rouwkaart komt te staan: ‘Marc de Hond speelde glorieus gelijk tegen kanker.’ Het past hem als een handschoen. Tot ver na zijn leven behoudt hij de regie, door allerlei zaken, die hij nog heeft geregeld. Bewust dood gaan brengt veel verdriet, maar geeft de mogelijkheid, indien je de middelen hebt, om te zorgen voor de nabestaanden. Het verdriet blijft aan ieder van hen.

Een mooie boodschap die hij meegeeft aan zijn gezin is de betekenis van de titel van zijn boek. Licht in de tunnel. Organiseer iets feestelijks juist als je in een moeilijke periode zit. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, maar het zou wel een optie kunnen zijn om de zwaarte te verdrijven. Met licht breng je het donkere in balans. Daarbij denk ik onmiddellijk: Aan de andere kant mag rouwen ook. Pijn en verdriet vatten in een pure emotie kan zo’n opluchting zijn. Ieder mens mag op een eigen manier het verlies en het verdriet erom leren voelen en daar zelf de antwoorden voor vinden.

Het interview is imponerend, het maakt deuren open, schudt hier en daar aan de grondvesten maar is ook een waardevolle aanzet voor overpeinzingen. Dat bracht het mij in ieder geval. *Een omzien in verwondering.

*(naar het boek van Annie Romein-Verschoor)

Uncategorized

Zacht en zoet

De verbazing bij het in de middag naar buiten stappen dat het lauwwarm bleek te zijn na de kou van gisteren. Met drie dode witte vingers was ik die dag na een fietstocht afgestapt en had met moeite kracht kunnen zetten om de schuurdeur open te maken.

IMG_4123

Er was de zelfde grauwheid en dan toch die lauwe warmte. Bij de kringloop stond een rij, dus besloot ik door te rijden naar de uiterwaarden van de Lek. Daar bleek ineens hoe prachtig de grijstinten harmonieerden met het weelderige groen in alle toonaarden. Donker, bijna blauwachtig wier, het groene riet, de frisse grashalmen en het veel lichtere al bijna uitgebloeide fluitekruid, de wikke, de melde en de rolklaver.

IMG_4127

Het kleurde harmonieus met de grijstinten van de lucht, weerspiegelend in het water en met de heersende stilte. Wat een verademing. Het enige wat te horen was waren de vele witte kwikstaarten in het riet, de roep van de twee scholeksters die tussen het slik hun kostje bij elkaar zochten en parmantig met gezwinde pas op de loop gingen toen de dreiging te groot werd. Tepiet, tepiet.

IMG_4120

Een goede keuze voor dit moment. Het roerige leven voorbij, even helemaal niets dan natuur. Met mij zochten nog een paar verdwaalde gasten die stilte, maar meest vergezeld van een trouwe viervoeter, terwijl ik alleen een fototoestel bij me had. Een huis onderaan de dijk, een tuin zo groot als een voetbalveld omzoomd met ondoordringbaar bramenbos en wilde roos met bottels en stekedoornen. Een overpad verbond de twee uiterwaarden, ik wilde aan de oeverkant terug, maar dat was niet mogelijk. Waar het water had gestaan werd de bodem bedekt met slib en wier.

IMG_4140

Uit de tuin erachter klonk een vrouwenstem, een hoge octaaf,  en gebrom terug, , even later zag ik de man zijn gras harken. Het beeld ademde sfeer. Als het water te hoog zou staan, hadden ze daar vast en zeker last van. In die zin stond het huis aan de verkeerde kant van de dijk, maar dat bezwaar woog vast niet op tegen het woongenot van rust en ruimte.

In het kleine winkelcentrum liep ik de modezaak in en vond een heldergroene dunne trui met een sjaal in dezelfde tint en een donkergroen vest, die met elkaar net zo harmonieerde als de groentinten van daareven, buiten in ’t Waal.  ‘Vandaag is groen’ zei ik in variatie op een thema tegen de vrouw achter de kassa. Ze lachte en zei: ‘Mooi groen is niet lelijk’, een blik van verstandhouding erachter aan. Buiten was de zon gaan schijnen en de broeierige warmte beloofde meer voor de komende dagen.

IMG_4154

Volgens Leonardo Da Vinci staat de karakteristiek van de kleur groen voor ontkiemend zaad, lente, jeugdigheid, onervarenheid, macht, vrede, welvaart, hoop, vredige rust en autonomie.De harmonie en de rust kloppen. Een retraite van anderhalf uur in het groen was voldoende om weer geestkracht op te doen, die die ochtend volkomen verdwenen was. Ik verweet het de kou van de dag ervoor. Venijnig had ze ingehakt op levenslust en energie, wat de dag erop een katerig gevoel had bezorgd.

IMG_4151   IMG_4129

Met de nieuwe beelden op het netvlies, de eenden in de Lek met hun pullen, de scholeksters in het groen, dat prachtige blauwgroene wier, het slik, de schorren, de vreemde eend in de bijt, een verloren roze krab, die eenzaam in het zand treurde om het verlies van zijn status en de nieuwe groene outfit waren pleisters op de wonde. Zacht en zoet.

 

Uncategorized

Van wie dan

Gisteren kwam voor het eerst  in lange tijd de literaire club weer bij elkaar. Dat betekende naar het prachtige oord van vriendin waar we elkaar onwennig en lacherig namasté-delijk begroetten. De gastvrouw mocht weer gastvrouw zijn. Ook iets wat je kan missen als het er niet is, maar dat je pas echt gemist hebt, als het weer kan. Dat is bijzonder hè. Er zijn dus dingen die je pas mist, als het er weer is. ‘Dan heb je ze niet echt nodig’ hoor ik mijn moeder zeggen. Misschien niet, maar ze vervullen wel een bepaalde behoefte.

Vandaag schreef penvriendin over de heerlijke stilte, waarvan ze het jammer zou vinden als het voorbij zou zijn en aan de andere kant de behoefte aan contact met de buitenwereld. Ik voel precies hetzelfde en schreef als reactie: Het is verbazingwekkend hoe gauw het leven weer terugkeert naar haar roots of hoe het voorheen was. Ik merk het iedere dag een beetje meer. Voor je het weet is er toch weer hectiek en ruis en reuring. Aan de andere kant had ik bijna de neiging om weg te zinken in de stilte, helemaal niets meer te doen. Ik heb wel die wolligheid van het gewone nodig om geïnspireerd te blijven. Dus o, graag de stilte en de rust, maar ook de reuring. Ik zoek naar een nieuwe balans, zodat het een het andere niet uitsluit…(…)

Paulien Cornelissen schrijft in ‘150’ woorden in de volkskrant, dat het haar duidelijk is, dat net als tijdens het leven na de geboorte van haar kind en de betrekkelijke rust van de zwangerschap daarvoor, de wereld er weer was. De wereld is er weer en zal zich alleen maar meer uitbreiden. Nu komt het er op aan de stilte te koesteren en alles in de juiste balans te brengen.

179 Berlinde de Bruyckere

Eigenlijk hoopte ik, o utopie, dat het oprechtheid en eerlijkheid teweeg zou brengen. Om, door het geleden leed en de hang naar gezamenlijkheid, geen belangen mee te laten wegen als financiën, macht, de strijd om meer. Het is een brug te ver. Er zijn zoveel  tegenstrijdige berichten in de media. De Coronawet die ons straks op de vingers mag slaan lijkt een steekspel waarbij vooral kapitaalkracht een belangrijk woord meespreekt. De toezeggingen en opheffingen zijn, op de keper beschouwd en teleurstellend genoeg, niet alleen om de mens en haar veiligheid te dienen.

stenen hart

Gisterenavond hebben we het leven ook op die manier onder de loep genomen en eigenlijk dachten we min of meer gelijk wat betreft de ‘willekeur’ aan maatregelen, waarvan die van het volgepakte vliegtuig het meest ridicule voorstel is. Na zo’n maatregel kan je geen samenscholing meer verbieden. Na alle stilte neemt het leven haar loop, maar brengt die willekeur bij mij de onrust binnen en de deceptie, omdat het kennelijk niet lukt om zuiver op de graad uit te gaan van de belangen en de noden. We zijn het kind weer en worden om de tuin geleid door zand dat in de ogen wordt gestrooid en het knevelen van de vrijheid in toezeggingen mondjesmaat met een wonderlijke ‘bemoeizucht voor eigen bestwil’.

Het roept de vraag op van wie dan.

 

Uncategorized

Franck en vrij

Een bezwaard gemoed valt te ontluchten. Soms middels het schrijven, soms met een tekening maar sneller nog door erover te praten met de persoon in kwestie. In dit geval was het de Oude, die zijn woede had omgezet in daadkracht en  de doorgang naar de tuin van de achterbuuf had gebarricadeerd met een dikke takkenril en de doorgang naar mijn tuin had ingezaaid met manshoge erwtenbeloften en een blauwe regen. Het laatste was wat minder rigoureus, maar de boodschap zonneklaar.

Achterbuuf speelde het klaar om haar emoties opzij te schuiven en door te vragen naar de herkomst van de woede waardoor hij, zonder overleg, overgegaan was tot deze maatregel. Tegenover haar stond na haar verhaal geen oude man meer maar een bedremmeld jongetje, die met hart en ziel begreep dat hij een verkeerde keuze had gemaakt. Hij beloofde om de drastisch opgeworpen drempel te slechten. Toen ik hem daarover een compliment gaf, was hij zichtbaar opgelucht en nodigde me uit om zijn nieuwe glazen huis te komen bewonderen. Daar konden we eindelijk rustig over een aantal zaken praten. Dat is waar ontluchten goed voor is.

IMG_0456

Het paradijselijke aan de tuinen is juist dat er bij iedere tuin wel een kruip-door-slup-door is. Het geeft ons samenzijn daar het gastvrije tintje waardoor het verpozen een feest blijft. Een praatje hier en daar, soms borrelen, elkaar uit de brand helpen, het hoort er allemaal bij. Het is precies datgene wat het leven rijker maakt naast de schoonheid van de tuinen door de bloemenzee, het gekwinkeleer en het gezoem op een lome zonnige dag. Emoties opzij schuiven is een gave op zich en dé kraan om te ontluchten.

Waar de woede vandaan kwam wist hij niet. Nu ik erover peins denk ik dat hij vooral alle stekeleteeën die hij ooit heeft opgelopen, de butsen en botsen, met zijn ijzersterke geheugen onthouden heeft. Hij kan me nog precies vertellen wat hij ooit, jaren her, niet leuk vond. Onverwerkte momenten, bedenk ik nu. Het stapelen gaat ver terug, want we kennen elkaar al 55 jaar. Zo heeft hij in relatie tot een aantal mensen muurtjes opgebouwd.  Eigenlijk heeft hij met de ril handen en voeten gegeven aan die muren van onverwerkte gevoelens. Een ijzersterk geheugen kan dus een voordeel zijn, maar ook een groot nadeel als je je oriënteert op negatieve gevoelens. Het is een van de redenen waarom ik de schoonheid, het kleine geluk en de kracht en kwaliteit van mensen wil blijven zien.

IMG_0444

De kas is prachtig en het glazen huis past hem als een handschoen.  Ooit, jaren geleden, werkte hij op een school als leraar Nederlands. Men hanteerde het nieuwe leren en hij had zich de serre aangemeten als persoonlijke werkplek. Daar konden de leerlingen langs komen met vragen en problemen. Het was een glazen serre, een grote aangebouwde kas en ze stond vol met planten en wonderlijke snuisterijen waar overal een verhaal aan ten grondslag lag. De verhalen waren met regelmaat het uitgangspunt voor zijn lessen. De entourage zorgde voor een open en vertrouwde sfeer.

Dit nieuwe huis zou hem weleens die zelfde sfeer terug kunnen geven en dat is precies wat ik wens. Zodat hij na de laatste moeizame jaren de weg  naar een vriendelijke vrede vindt met een open doorgang naar iedereen. Franck en vrij

Uncategorized

Pure winst op alle fronten

Hoe werkt de maalstroom van mijn denken. Ik ben aan het stoeien met het boek dat geschreven is door Pascal Mercier. Hij strooit hier en daar wat met losse flarden in het begin, waar ik nog niet mee weven kan, maar die interessant genoeg zijn om door te lezen. Een paspoort dat definitief op een stapel wordt gelegd, een diagnose die gesteld is, een grote voorliefde voor de Londense Metro. Hij erft het huis van een oom en vindt in diens slaapkamer een boek van Courtenay, waar zijn vrouw gek op was. Hij roemt het ritme in de woordenkeus van Courtenay. Door het woord ‘ritme’ ben ik plotsklaps een ontluikende puber en zit op mijn kamertje. Het ritme tikt op de zolderramen verpakt in de zoetgevooisde stem van Rob de Nijs. Nooit anders is het woord ritme geassocieerd dan met dat lied. Beelden vervagen als er niet in de publiciteit wordt getreden, maar het woord blijft voor eeuwig verbonden. Rob de Nijs is van het netvlies af, maar hij bezingt eeuwigdurend ‘Ritme’ in mijn hoofd.

Komt het door de associaties met het eerste uur, die ontluikende eerste schreden op het pad van de realiteit, die maken dat het zo’n impact heeft en dat ik erover kan malen. Het is gek om in het huis van die oom ineens het hoofd van Rob de Nijs te zien. Deze film moet ik terugdraaien om weer in het verhaal te duiken. De wonderlijke wereld van het denken. Het boek is een uitdaging want het is een dichtbeschreven pil van 447 bladzijden. De titel ‘Het gewicht van de woorden’ geeft al aan, dat er meer is dan de betekenis.

Pluis komt boven op het toetsenbord liggen en eist aaiende handen op. Het ballonnetje spat uiteen en ik ben weer terug op aarde. Zo werkt het dus in die grijze cellen. Een ingewikkelde kluwen aan gedachten, herinneringen en associaties die soms de overhand hebben of leidend zijn, zodat het blijft malen.

Gisteren op de tuin had iets met een scherper instinct, de wezel of misschien wel een rat, het merellijkje naar voren getrokken, maar door het arme waterlijfje te onappetijtelijk gevonden en weer laten vallen. Het lag nu weer op het pad naast de sloot. Maar een foto nemen of schetsen was geen optie meer. Ik heb hem nogmaals tussen de wirwar van groot hoefblad en kleefkruid gelegd met een ‘1-2-3- in Godsnaam’, zoals het een snel graf betaamt.

grasmaaier

Gras maaien is even aanpakken, maar de kleine machine doet luid ronkend haar best er snel doorheen te ploegen. Het nog immer droge gras helpt mee. Ik besluit om de Kringloop-ikeatafel uitgeklapt te laten staan. Iedere keer als ik kom sleep ik me een hoedje om de zitplek op te bouwen, niets is fijner dan het klaar te weten en enkel nog met de kussens in de weer te moeten. Met de nieuwe stoelen er omheen is het een ideale werktafel. Precies de goede hoogte.

Ik was even bij de kringloop. Een meneer vroeg of het verplicht was om de mandjes schoon te maken voor het gebruik. Ik wees hem op de zelfverantwoordelijkheid. Hij greep het mandje en verdween de winkel in. ‘Ach ja’, denk ik dan. Vervolgens liep ik vast door de eenrichtingsroute. Voor ik het wist stond ik weer buiten.  Bij een volgend bezoek zal ik bij deze winkel alle gangen, waar ik door heen loop, zorgvuldig bekijken, want even heen en weer is er niet bij. Het haalt iets van de gemoedelijkheid af, maar het is geen halszaak. Je moet het alleen even weten, anders wordt het een bliksembezoek. Daardoor hield ik wel zeeën van tijd over en derhalve tijd om te maaien. Pure winst op alle fronten.

 

Uncategorized

Een memento

Merel was nergens meer te vinden. Het groot Hoefblad had haar beschermende muur opgetrokken rond de kleine ongeluksvogel. Samen met brandnetel en kleefkruid en hier en daar een gele lis was het een perfect ondoordringbaar graf. Dan moest de schets maar uit het hoofd. Requiescat In Pace, kleine gevederde vriend.

IMG_0430

Het was de hoogste tijd om de acer, die al die tijd had staan te verpieteren naast het atelier, een nieuwe plek te geven. Door het gras dat zich stevig had geworteld om haar heen, kon ze niet lekker doorgroeien. De acer is het symbool van vriendin, samen met de gierzwaluw. Het was op een van de dagen in de laatste maanden van haar leven, dat we op een bank aan het uitrusten waren in het Wilhelminapark. We vingen nog net de late middagzon. Ik vroeg haar naar haar lievelingsboom. Ze keek bedachtzaam naar de bomen om haar heen. De rode beuk vond ze mooi, een grote kastanje ook, maar haar hart had ze aan de acer verpand, omdat ze een aantal keren bij vriendin in Canada was geweest en die bomen daar in al hun kracht en pracht had gezien in de herfst. Een groot bont schouwspel aan kleuren. Geen wonder dat het blad symbool stond in de vlag. Zinneprikkelend mooi.

Terwijl de zon over de bladeren gleed, het frisse ontluikende groen van een lente, dobberde ze achter haar bruine ogen terug naar die tijd en straalde bij de beelden van de imponerende rood-en-geel tinten. Indian summer om nooit te vergeten. ‘Waarom ik het eigenlijk wilde weten’. ‘Ik wil iets persoonlijks van jou op het schoolplein’. ‘Maar dan zonder zo’n vreselijke ‘ter Nagedachtenis”, riep ze uit. ‘Wij komen en gaan, maar daar hangt een hele school niet op. Die moeten voort. Over zes jaar weet niemand van de kinderen meer wie ik was. Dan is de betekenis weg en zijn het slechts woorden’. De Acer werd een jaar later met veel aandacht geplant door de kinderen. Er werd een zee aan  ballonnen opgelaten, omdat we toen nog niet bewust waren van het negatieve effect. Nu was het hét symbool om haar te laten weten, dat we aan haar dachten. Het afscheid was waardig en deed recht.

Met de school ging het niet goed. De kleine dappere eenpitter bezweek onder de druk en sloot zich aan bij een overkoepelend bestuur. De boom probeerde te overleven, maar bleef iedere lente weer pierig steken, net als wij. De enige boom die opbloeide was de zwarte Els die ze eigenhandig als elzeprop in de grond had gestopt. Sinds haar verhaal op die, eigenlijk nog te koude, bank in het Wilhelminapark, zie ik in elke acer haar door de pruik omlijstte lieve gezicht weer terug. Haar kracht was de vooruitgang net als de boom zelf.

Elke herinnering is veel waard, maar alleen met het persoonlijke verhaal erachter. Het is de verdienste van het woord, dat het een podium kan geven. Net als de kleine merel van gisteren, die door zijn sterfelijkheid meer heeft losgemaakt dan een ander.

IMG_0429

Een andere herinnering, dochterlief met poes op de arm, vorderde gestaag terwijl ik mijmerde over sterfelijkheid en vereeuwigen. Woord en beeld dus om de gedachte in te bedden. Dat is wat kunst vermag.

Ik had al een mooie nieuwe plek op het oog voor de kleine gele verpieteraar. Achterin de tuin, direct in het zicht vanaf het terras, met aan haar voeten de witte roos, een bodembedekker, die elke grasspriet zou verjagen met haar venijnige stekels. Beschermd en gekoesterd, een memento.

 

Uncategorized

Voorgoed

Een gelukkig gesternte zorgde er voor dat ik gisteren pas om half een naar de tuin toe kon. Omdat de weersvoorspellingen zich hadden onthouden de pittige hagel en regenbuien van de ochtend te noemen en er alleen voor de avond gewaarschuwd was, had ik een mooie droge middag met zelfs wat zon op de verwaaide akker. De oude was er. Er was iets vreemds, iets ontwijkends in zijn gedrag. Bij nadere inspectie van de tuin bemerkte ik dat hij het wandelpad aan de zijkant aan het dichten was geweest. Niet direct met prikkeldraad en andersoort versperring maar door er, voor  in de loop van het jaar, een blauwe sering te laten groeien. Zeg het met bloemen ook al is de boodschap zuur. Bij buuf achter had hij het rigoureuzer aangepakt. De springwalk, een zichtlijn van voor naar achter, had hij dichtgemaakt met een ril van takken. Er zijn vele manieren om een boodschap door te geven, maar deze was helder. De druppel was zoals gewoonlijk het sop in de kool niet waard. De oude heeft een manier van denken die afwijkt van de mijne. De aannames zijn aanwezig en stroken niet met hoe ik in het leven sta. Het zij zo. Ik kan het niet veranderen. Ieder zijn eigen vrede.

IMG_3771

Het voorteken was er. Er dreef een dode merel in mijn vijvertje. Het was een jonkie, haar geloken ogen waren bollig geel, de pootjes verkrampt. Het was een naar gezicht. Ik hoop dat het vijvertje gauw vol regent. Zal de weergoden manen. De irissen waren nog niet uit, die kwam ik eigenlijk bewonderen. Dan maar wat zaad in de nu vruchtbare natte aarde. Overblijvende lathyrus, oost-indische kers, die op de een of andere wonderlijke wijze steeds weer verdwijnt, Borage ofwel bernagie, die natuurlijk niet mag ontbreken rond een atelier dat ‘de Bernagie’ heet. De exemplaren van vorig jaar waren ook verdwenen. Het is een geheimzinnige tuin.  En de zaden van de purperhoed heb ik gezaaid, alleen om de naam al. Een purperhoed bij volle maan moet lukken.

IMG_2125

Vriendinlief had namelijk dé verklaring voor de onrustige nacht van daarvoor. Het was volle maan. Verklaarbaar dus. Al jaren lang gaat mijn hart daarbij open. De energie  is anders, nodigt uit tot scheppen, brengt ideeën binnen. ‘Ze komen en gaan bij volle maan’ weef ik in gedachten. Ik wilde eigenlijk aan het doek werken van dochter met poes op de arm, maar had het voorbeeld niet meer in de Iphone staan. Het kostte net het nodige spitwerk, maar ik heb haar weer gevonden. Poes is er prachtig op. Hij ligt met een toegeknepen oog loerend te luieren.

musjes van borremans ‘De Mus’ van Michaël Borremans

Nu ik erover nadenk vind ik het suf dat ik niet snel een schets van de merel heb gemaakt. Ik was te zeer ondersteboven. Enkele van mijn grote helden in de schilderkunst, Mankes, Helmantel en Borremans hebben prachtige schilderijen gemaakt van dode vogels. Mijn  lieveling is nog altijd ‘De Mus’ van Borremans gevolgd door ‘De Distelvink’ van Helmantel. Schoonheid en vergankelijkheid gaan vaak hand in hand.

distelvink van helmantel ‘De Distelvink’ van Helmantel

De musea zijn weer open. We mogen allemaal een op een genieten van alles wat de moeite waard is om je mee te laten voeren en als een Alice in Wonderland te dwalen door die nieuwe werelden. De grootste wens van oudste dochterlief was met mij samen naar Voorlinden te gaan. Het lijkt me een uitgesproken gelegenheid om dat een dezer dagen te doen, voordat er weer drommen anderen mijn zicht belemmeren.

Maar eerst moet ik merel weer vinden en vastleggen middels foto en schets. Hem eren met een laatste groet en een afbeelding voor eeuwig. Daarna mag hij rusten. Voorgoed.

 

Uncategorized

Voordat het een (b)roddellapje wordt

Kwam het door de wind dat de nacht zo onrustig was. Een aantal keren wakker en losse flarden droom, waaronder de zeven geultjes van Beverweerd met kikker. Geen idee waardoor. Mogelijk een nieuw verhaal na de Yaya-kronieken. Die zijn bijna aan het eind van hun Latijn, Grieks moet ik in dit geval zeggen. Het is in ieder geval een hoogst aangename vakantie geweest daar in het imaginaire Corfu. Vorige week toen we aan de Noordzee zaten en ik haar zacht golvend weg zag vloeien, moest ik denken aan het kleine speeldoosje in mijn ‘leren-is-leuk’ koffer, waar een mannetje aan draaide om de zee zo zacht kabbelend rond te laten vloeien. Ik probeerde het uit te leggen aan de zussen, maar dat lukte niet echt. ‘Ze zit weer wat te verzinnen’ zei zuslief. ‘O’ was het  antwoord. Het blijkt toch een ander level te zijn, zo’n hoofd vol verhalen.

In het geval van de zeven geultjes, die vlak naast elkaar van de Kromme Rijn afliepen, richting het verwaarloosde kasteel van Beverweerd, speelde zich een hele wereld af op micro-niveau. Kikker is de baas. Koning kikker, denk ik vanzelfsprekend. Maar voor hetzelfde geld is het generaal kikker. Dat bekt ook lekker. Een kleine onderwaterdictatuur, waar orde op zaken gesteld moet worden en een held, laten we zeggen het krinkelend winklende waterding van Gezelle, die dapper de kwestie aanpakt. Hij heeft toch al een zwart kabotseken aan. Bovendien is het een schrijverke, de bedenker en verteller van dit sprookje. Zo groeien die verhalen vanzelf.

IMG_0391

De regen gisteren was te hevig, dus heb ik alleen wat penselen ter hand genomen en daar tussendoor een heerlijke paprikastoof gemaakt. De Italianen hebben er een mooi woord voor: ‘Pepperoni stuffati’. Dan wil je toch iedere dag Italiaans eten als het zo klinkt. Verder enkel uitgerust. Ook niet verkeerd na de drukke week.

IMG_0313

Als beloofd schijnt de zon, er is wel veel wind, maar het is droog. Ik ben benieuwd of op de tuin de irissen zijn uitgekomen. Ze stonden beloftevol in knop van de week.  Vanmiddag is regen voorspeld, dus vroeg op pad. Ook weer heerlijk na een dag binnen.

In Letter&Geest stond een column van Erik Jan Harmens over antwoorden die vaak gegeven worden als je iemand bedankt. ‘Geen probleem’ vindt hij maar een wonderlijke uitdrukking net als ‘Ik mag niet klagen’ als antwoord op ‘Hoe gaat het met je’. Klaag maar raak, is zijn mening. Het is een mooi stukje en een inkijkje van hoe het leven ingewikkeld wordt, als je anders denkt. Net als bij dat hoofd vol verhalen. Aan het eind van zijn optreden zegt hij altijd ‘Dank U Wel’, terwijl er mensen van mening zijn, dat het publiek dat zou moeten laten blijken. Dan zou je als acteur ‘Alstublieft’ moeten zeggen.

009

Doorgaans zeggen mensen als je ze vraagt hoe het met ze gaat ‘Goed hoor’. In dat geval hoor ik alleen maar de punt. Geen ellenlange verhalen over de sores van de week, maar een kort en bondig antwoord met een punt die géén wedervraag eist. Eigenlijk zegt het, ‘Ik heb haast of geen zin, ik wil door met mijn bezigheden’. Met Erik Jan zou je willen dat dat duidelijk gezegd zou worden in plaats van zo’n dooddoener. Aan de andere kant is het ook wel weer makkelijk en, als je het beschouwt als codetaal, zelfs vermakelijk. Niets is leuker dan het ontrafelen, een hele weg lang iets anders aan je hoofd om te ontcijferen. Wat bedoelde hij nou precies. Maar pas op, net als bij cryptogrammen kan je er zo maar flink naast zitten en probeer het dan maar weer eens recht te breien, voordat het een (b)roddellapje wordt.

Uncategorized

Stoffige gedachten

Met bakken komt het uit de hemel vallen en mijn hart klatert mee. Wat een vreugde om dat heerlijke hemelwater. Moe is weer grondig aan het schrobben op haar wolk. De verstoffing voorbij. Tijd voor een grote schoonmaak. Fijn voor de kleine blauwe prins die nu gratis en voor niets een wasbeurt krijgt en fijn voor de tuin, waar gieters slootwater de planten leerden mondjesmaat tevreden te zijn.

IMG_0084

De vogels zijn van schrik verstomd en houden zich koest onder de dakgoot. Het tere bloemblad van de clematis bezwijkt onder de vracht van de druppels, maar anderen, de geraniums voorop richten zich op, fier en dorstig. Kom maar op. Ineens krijg ik zin in verse koriander, bieslook en peterselie op mijn bord. Altijd een liefhebber gebleven van die verse kruiden.  Dat wordt vanavond een uitheems genoegen met een korianderchutney.

Met die regen is het weer tijd voor wat werken aan het doek en voor illustraties bij het Virusverhaal waar ik misschien toch eens mee aan de slag moet. Het verhaal is te leuk om zomaar op de plank te blijven liggen en, het allervoornaamste, het is helemaal af. Ends well, all well. De gevolgen van het virus woeden nog even door, maar Virus zelf en haar stoker, de sluwe addertje-onder-het-gras. zijn tot inkeer gekomen dankzij de bemoeienissen van Bepperd de bofferd.

IMG_0371  IMG_0381

Gisteren had ik het ineens op de heupen. Dinsdag had ik de drie kleinzonen al geknuffeld op taillehoogte, nu was het de beurt aan de jongste telg en kleinzoon en kleindochter. Iedereen was gelukkig thuis. Heerlijk om ze weer even vast te mogen houden.

sjaalHier deed de sjaal dienst als Turkse hoofddoek

De ontdekking dat kleindochter het liefst met een sjaal loopt te sjouwen bracht een aha-erlebnis teweeg. Haar moeder, dochterlief, was onafscheidelijk van haar witte grote sjaal met vierkanten van gouddraad. Ze sleepte het ding overal mee naar toe en viel er, sabbelend op twee vingers, mee in slaap. Bij andere dochter had ik twee dagen geleden al haar lappen lievelingspop, een tot op de draad versleten Holy Hobby, in de handen gehad. Lijst hem in, was mijn advies. Hoe snel je af kan reizen naar het verleden bij het zien van dergelijke voorwerpen.

Van schoonzoon kreeg ik twee nummers Letter & Geest mee, heerlijk leesvoer voor deze dagen. In een column van Franca Treur lees ik over haar ontmoeting met de ringslang in de tuin bij haar schrijfhuisje. Hij gleed op de vijver aan. Op mijn tuin zitten ringslangen. We hebben al vaker hun ‘jassen’ gevonden. Ze vervellen meerdere keren per seizoen. Door hun lengte zijn ze indrukwekkend, maar mak als een lammetje, verlegen haast. Ze zijn niet giftig en banger voor jou dan jij voor hen. Franca ontdekte dat er maar weinig slangen voorkomen in het bijbelse verhaal en dat dat vermoedelijk te wijten is aan die ene die de hele mensheid naar de verdoemenis heeft geholpen met zijn appel. Addertje onder het gras is, hoe kan het ook anders, net zo sluw als de bijbelse variant. Heerlijk om hem al sissend zijn valse gedachten te laten uitspreken in cryptische schijnvragen en steken onder water.

Als het kan ga ik tussen de buien door een stuk fietsen, even geur snuiven, want stoffige droogte rafelt de geur van natuur uiteen en regen  versterkt het.  Het voelt ook heerlijk fris aan. De enige dreiging is nóg een pittige bui, maar ooit leerden we al dat we niet smelten van een beetje water. Bovendien wast het meer dan alles schoon, ook stoffige gedachten.

 

Uncategorized

De teller staat op 7.3

De laatste zonnige dag is er een om benut te worden door een lange wandeling met de zussen. Het kasteel Beverweerd ligt op een niet te versmaden afstand, het is praktisch om de hoek, Het ligt op ooghoogte van het dorp Werkhoven en weet zich omzoomd door dikke rijen bossen. Wonderlijke bomen die een grillig lijnenspel trekken met hun kale stammen, smalle paadjes die overlopen van dicht bos naar weidse velden. De vele geulen en slootjes die we tegenkomen zijn te trotseren middels een plank of twee, niet altijd even betrouwbaar zien ze eruit, maar houden doen ze ons allemaal. De zussen lopen voorop in stevige pas en ik sjok erachter aan. Bij een bloeiende wilde kamperfoelie wil het fototoestel niet meer. Te laat denk ik aan mijn Iphone en zie dat de anderen al veel verder zijn. Haast is geboden.

IMG-0324

Het is de dag waarop de schellen van de ogen vallen. Dit moet ik niet meer doen. Geen wandelingen op een ander tempo dan het mijne. Zo word je het derde wiel aan de wagen, het blok aan een been. Zuslief heeft gezegd dat ik het aan moet geven als het minder snel moet, maar om als rem te fungeren is ook weer een brug te ver. Nuchtere zelfkennis is handiger.

IMG-0322

Het gebied rond de Kromme Rijn is de moeite waard daar bij het kasteel, dat zelf een verwaarloosde indruk maakt. Hekken zijn roestig, het gras is lang, de ramen van een bijhuis groezelig en het kasteel heeft niets van de grandeur van vroeger. Wel is er een prachtige lange Lindelaan met indrukwekkende bomen aan weerszijden die koelte toewuiven. ‘Liesje Leerde Lotje Lopen Langs de Lange LindeLaan’, vertelde de spraaklerares mij vroeger om mij van een spraakgebrek en een slissende -S- af te helpen. Vijf was ik en voor elke -L- zei ik een -R-.

Ik zag Liesje al geknield zitten met de armen wijd, daar in die Lindelaan: Kom maar Lotje, nog een paar stapjes’. Mijn spraakgebrek ging na veelvuldig oefenen ook op de loop. Het slissen bleef. Later heeft Juffrouw Suasso de Lima de Prado het nog eens geprobeerd, omdat ze bij de opleiding hoorde. Ze liet me graven in haar mollige buik om me te laten voelen waar de steunademhaling zat. Mijn ‘vieze A’ (haar woorden en eigenlijk gewoon een onvervalste Utrechtse A) verdween en pas veel later met een nieuwe tandarts het slissen ook. Haar naam was ingewikkeld genoeg. Ik heb er aardig op zitten zwoegen.

IMG-0359

Het wemelt er van de klompenpaden. Op de paaltjes zijn de geheimzinnige aanduidingen van routes, die allemaal staan voor een verschillende lengte. Deze paden zijn fijn omdat de geruisloze racefietsers ontbreken, die op de gewone wegen onhoorbaar voorbij suizen in vliegende vaart. ‘Killerbikes’ zijn het voor ‘iet of wat dove’ oudere oren. De vogels horen we luid en duidelijk. Er zitten veel onbekende tussen, aan de trillers te horen, maar door het dichte bladerdak zijn ze goed beschut. Zoals het ons betaamt wijken we af van de gerichte paden, moeten een prikkeldraad versperring onderdoor en lopen vast op een boerderij en een prive-erf.

IMG-0347

De koeien en de wilde paarden verderop bekijken ons met argusogen.’ Vreemde eenden in onze bijt’. Zus vindt ze vooral groot, maar ik hou van koeien en hun zachte ogen, de grote natte snuit. Op de weg terug lopen we over een kamillepad, de kiespijnthee van vroeger. Nog steeds worden we niet wijzer van de richtingaanduiding op de telefoon. Navigerende zus doet het uit haar hoofd en heeft veel beter opgelet.

IMG-0341

Als ik na een middagje weer thuis kom neem ik de Yaya-kronieken op voor de kleinkinderen en zie een veel te moe hoofd. Daarom weet ik het zeker. Geen wandelingen meer op dit tempo. Dat maakt me ‘gelijk een hijgend hert der jagt ontkomen’. Het vergt teveel. Tegen een stap van hen ben ik drie stappen aan energie kwijt. Met zus spreek ik tijdens de bitterballenborrel af dat ze hun stevige tochten alleen gaan maken en dat er een keer in de zoveel tijd een gezellige wandeling op het menu staat, waar ik moeiteloos bij aan kan schuiven.

Als ik mijn voeten neervlei op de bank, ontlucht ik. De teller staat op 7.3.

Uncategorized

Door niemand beknot en beteugeld

Er komen veronrustende beelden voorbij. Niet het filmpje waar de doodskreten te horen zijn van George Floyd. Dat is te gruwelijk voor woorden. Maar de beelden waarop Trump zijn troepen inspecteert, vlak nadat het plein waar ze staan, op een nietsontziende manier werd schoongeveegd. Als een leider het voorbeeld geeft van hoogmoed en macht nemen zijn knechten het vanzelfsprekend over. Hoe kan je subtiliteit verwachten met als voorbeeld een man die de botte bijl hanteert en nog nooit over nuances heeft nagedacht.

Terwijl dat wereldleed zich afspeelt fiets ik naar dochterlief om voor het eerst een knuffel aan de kleinkinderen te geven, laadt de accu van de fiets op en die van mijzelf  en trap door naar de tuin. Daar staat mijn gieter bij de oude, maar ik wil hem gewoon weer onder eigen beheer. Het levert zowaar een discussie op, terwijl het toch zo simpel is. Een kwestie van op eigen benen staan, niet meer en niet minder. Natte voeten voor de dankbare uitdijende planten. En weer op de fiets.

IMG_0319

Ik reis af naar de Bilt en door  stad Utrecht weer terug naar huis. ’s Avonds heeft iedereen een mening klaar over de bijeenkomst op de Dam. Het is gebeurd. Hoe hard we er over krakelen, dan nog is het niet meer terug te draaien. Het is leergeld voor de volgende demonstraties in Den Haag en Rotterdam. Tegelijkertijd zou men de overweging van het vrijgeven van de verpleeghuizen en instellingen  schielijk moeten overdenken. De discrepantie is te groot. Daar, lieve mensen, zit de meeste pijn, harverscheurend lot voor velen. Je kan op verschillende manieren de dood tegemoet treden, maar die van de machteloosheid door het beknotten van de vrijheid is de ergste vorm. Voor de mens zelf én voor haar omgeving. Hij heeft zijn zeis al geslepen. Dan kan het ook humaan.

Dat bedenk ik tijdens het trappen als veulentjes langs de kant bij hun moeder zogen, twee kalfjes ongeduldig tegen de volle uier van moeder stoten, dikke hommels zoemend de klaver en het fluitekruid bezoeken en vogels fluiten dat het een lieve lust is. Natuur gaat haar gang. Maar ook buxus en eik, die de strijd moeten opgeven tegen de opmars van de buxusmot en de processierups, omdat die een probaat middel in handen hebben, inkapselen en verstikken. Het raakt me meer dan ooit.

Mijn fiets draagt me moeiteloos verder en de beelden flitsen voorbij. Parken waar ik geen weet van had, plas, kanaal en rivier vol spartelende zwemmertjes en de benen trappen onverdroten voort. Bij een hochie zet ik de stand wat hoger en met het afdalen, zoef, zoef, kan het weer laag. Wat een uitkomst is een elektrische fiets. Bewegingsvrijheid ten top en wat fijn dat de tuin dus toch binnen bereik valt.

Bij een fietsenmaker op Kanaaleiland schaf ik een slot aan. Niet het zwaarste, maar ook niet het lichtste en van een respectabel merk. Daarna ben ik een stief kwartier aan het stoeien om mijn vrijheid vast te leggen aan de ketting, raak verstrikt in de sleutels die niet los willen als ze eenmaal vastzitten. Er zijn meerdere clusters nodig.

paprikahart Ieder hart klopt gelijk dat van een ander.

Zoonlief heeft makreel gekocht. Ineens doemt de Pepesan uit het verleden weer op. Ik maak een minder hete variant met een saus van ketjap manis, citroensap, een eetlepel sambal, twee eetlepels ketchup, met een groentewok van spitskool, dun geschaafd en paprika en met lavash, het platte brood. Een heerlijke maaltijd. Een mengeling van culturen, zoals het hele leven is. Omdat ieder mens recht heeft op zijn eigen plek onder de zon. Een vreedzame plek om te kunnen leven en ademen als ieder ander, door niemand beknot en beteugeld.

 

 

Uncategorized

En poes die om je benen krult

Zonsondergangen zien tot je oranje dolende noppen op je netvlies hebt dwalen, dat deden we. In de avond was de drukte stil gevallen, de stemmen verstomd. Een enkel jong buurkind lichtte op in een halo van goud, dat het ranke lijfje verpakte. ‘Silhouetted by the sea’, zong Dylan in het nummer Mr Tambourine man. ‘Silhouetted by the setting sun’, dacht ik. maar dat klinkt minder harmonieus.

IMG_0261

Toch was het vertederend en prachtig. Iets om je late en laatste avond mee af te sluiten. Het is de stilte, die me wiegt en vertrouwd aanvoelt als ik me in de zachte boxspring vlei. De zeegeluiden, het lachen, het toosten valt weg. Welterusten, slaap lekker en Morpheus’ armen. O, wat snap ik die woordspeling op dit moment na maanden van doodse stilte naar dit roerige heerlijke, maar drukke weekend. ‘Zou je hier alleen kunnen zitten’ was de vraag van zus. Nee, ik zou deze plek niet verkiezen, want het is er drukker dan Utrecht op een doordeweekse dag en dan is het nog wel Corona tijd, waarbij toeristen achterwege zijn gebleven. Waar ik wel alleen naar toe zou willen, durf ik niet alleen heen te gaan of er moet een woeste wolf aan mijn zijde huizen. Met de tuin ben ik meer dan tevreden.

Als ik de volgende dag de laatste handelingen verricht, trekt huis al aan mijn verlangen. De jongens en de poes, de planten op het balkon. Het lied van Martine Bijl sijpelt door het hoofd, een variatie op het thema. ‘Hoe zou het met de papavers zijn, en met de salie, de campanula en de bieslook en de tijm, ik denk de hele dag, maar aan die planten. Ik liep te piekeren bij alles wat ik dee…’

Als ik thuiskom, na een ochtend in sneltreinvaart, dan mauwt Pluis me tegemoet en zorgt voor diezelfde gemiste vertedering. Ze zegt het op haar manier, maar zoon zegt het ook met een verse bos bloemen en het huis opgeruimd tot in de puntjes. Fiets is er klaar voor en ook het vege lijf. Snelle tocht door het stadse in de wetenschap dat de accu niet genoeg is opgeladen, klein en bescheiden, maar bevrijdend met de haren in de wind.

IMG_0295 (1)

De tuin heeft dorst met drie dagen geen water. Het valt me nog mee. De vele gieters die er vooraf door zijn gegaan hebben resultaat gehad. Er volgen opnieuw een paar gieters uit de sloot. De Ismene staat in bloei met maar liefst twee grote bloemen. Het is een Hymenocallis. Haar naam stamt uit de Griekse Mythologie en betekent Jasmijn. Ze is de dochter van Oedipus en heeft alle schoonheid in huis om zich te spiegelen. De oude is druk in gesprek met vriend.

IMG_0294

Ik wandel terug en moet lachen om schaap die een gat heeft gevonden in de omrastering en nu een lekker maaltje vers gras van buiten haar eigen veld snaait. Er passeert een achterbuuf. ‘Ga je al weer’, vraagt ze. Ik heb behoefte aan stilte. Geen mensen, Pluis als allenig vierpotertje en verder helemaal niets. De zaterdagkrant ligt er nog, het journaal brengt het nieuws en verhaalt over de gretig in gebruik genomen terrassen. Mensen die zelfs emotioneel worden als naar het gemis gevraagd wordt. ‘Op een mooie pinksterdag’ doet haar naam eer aan.

IMG_0297

Dat is een van de voordelen van er even tussenuit kunnen. De nieuw veroverde indrukken aan schoonheid, vastgelegd in wat nu alweer herinnering is én de zaligheid van thuiskomen. Het ruime huis, de vertrouwde spulletjes en poes die om je benen krult