Uncategorized

Een berg te slechten

Ik droomde van bergen, zilver, metaal? Ze hadden in ieder geval de vorm van de berg kleding waar een Venus van Milo voor staat, die gisteren voorbij was gekomen vanuit het Mocomuseum. Het brengt me terug in de tijd dat ik de ongekroonde koningin van de tweedehands kleding was.

43357481_1981023625320574_7183067359897526363_n

Gisteren zag ik bij vijf uur live een info met Jennifer Hofman over haar programma ‘Genaaid’, dat gaat over misstanden in de kledingindustrie. De bedoeling erachter is om jonge mensen zich bewust te laten worden, dat kleding meer is dan een wegwerpartikel. Een groep jonge modeontwerpers werd meegenomen naar Myanmar om daar in de katoenplukkerij, de leerlooierij en de ververij aan het werk te gaan. ‘Mensonterend’, vertelde een van hen en de stank was niet te harden in de leerlooierij, waar ook nog hele gezinnen boven woonden. In die vreselijke combinatie van Chemische middelen en dode huid. Natuurlijk is het plaatje niet compleet zonder die doordringende alles verstikkende geur, maar bij de beelden van de huiden, de insecten, het schaarse licht en de van  zweet glanzende lijven, die duidelijk aangaven hoe zwaar het was, was het niet moeilijk voor te stellen.

scannen0678

Eigenlijk waren wij al heel lang bezig met duurzaamheid door het vrijwilligerswerk in de kringloopwinkel. Het was hard werken, maar peanuts vergeleken bij dat echte werk van de productie van kleding. Wel was het een stoffige bedoening en met de kennis van nu en mijn aangedane longen zou ik iedere kringloper willen wijzen op de noodzaak van goede ventilatie. Als de kleding binnen kwam in de grijze vuilniszakken, schudde ik die leeg boven een tafel en zocht uit op winkel, derde wereld en vodden. Soms stond het grijs van het stof. In die mist werkte ik. De uitdaging was iedere dag een lege tafel te halen. Rekken vol, containers leeg, alles uitgesorteerd. Het was voldoende om de grote hoeveelheid energie kwijt te kunnen. Bovendien zette het de fantasie op scherp.

scannen0676

Een koffer met hakkenschoenen, damesschoenmaat 45, Chinese jasjes gevoerd met zijde uit een ver verleden brachten verhalen van travestie of die van een verfijnde bohemien,  een oude koloniaal. Het Nederlands Indië van lang geleden en ik kon de gamelan horen. Wonderlijke hoeden kwamen langs en hele partijen ongedragen kleding, die te goed waren om zo maar weg te doen. Het hele leven verpakt in een plastic zak. Aan elk kledingstuk kleeft een verhaal en ik verzon ze allemaal. Wat daar binnen kwam, had ik op moeten schrijven, realiseer ik me. Het is vervaagd, maar in de kringloopwinkels van tegenwoordig herken ik dezelfde sfeer. Nog steeds ontdek ik geen ventilatiesystemen. Arbeidsomstandigheden, die allang aangepast hadden moeten worden. Men heeft geen idee wat het kan veroorzaken.

Het grote gemak waarmee tegenwoordig gekocht wordt, enkel kopen om de behoefte te bevredigen, is opmerkelijk. De vrouw die aan het woord is, vertelt hoe in de kast de kledingstukken met de prijskaart er nog aan hangen. Wordt bewust van wat je hebt, is de boodschap. Ontlast je kast. Het is meer dan voldoende, er hoeft echt niets meer bij. Bekijk wat je er mee kan, combineer, selecteer en geef weg wat niet meer nodig is, organiseer een ruilbeurs met vriendinnen. Tweedehandskleding is niet weg te sluizen, zoveel komt er binnen.

Mijn verstofte longen weten er het fijne van. Het is de hoogste tijd voor het kritische consumeren. Niet de hoeveelheid telt, maar duurzaamheid en dat, wat al bestaat. Alle beetjes helpen. Er valt nog een berg te slechten.

Uncategorized

Blinkender dan het licht

Pluis heeft haar nachtelijke pet op. Ze wil spelen. Ik vermoed dat het aandachttrekkerij is om het bakje met eten gevuld te krijgen beneden. Ze kijkt me waaks en ondeugend aan. Vanmorgen was er een filmpje op de telefoon van een van de dochters. een aandoenlijke film van vader, moeder en kind, die om een feestelijk mooi rond wit taartje zaten. De telefoon op opname. Dochter sneed de taart aan. De spanning was voelbaar, verwachtingsvol keken drie paar ogen naar het doorsnijden van de romige substantie. Het eerste stuk werd omhoog gehengeld en bij het zien van de binnenkant wisten ze wat er te verwachten viel over een aantal maanden. Ik verklap het nog niet. Wat kan men een gegeven toch spannend verkopen met een beetje fantasie.

Dat er een wereld aan dergelijke trucjes waren in deze tijd was totaal aan me voorbij gegaan. Piñata’s, ballonnen, alles was mogelijk om het geluk kenbaar te maken. Als je er niet mee bezig bent, dan is het een ver-van-je-bed show, of je moet er per ongeluk tegen aan lopen.

scannen0033

Ik ging terug naar mijn eigen verwachtingsvolle staat. Het buikkie, bij de eerste niet eens een echo, ook al lag ze in stuit, bij de twee en drie echo’s zonder te weten waar het op uit zou draaien en daarna, toen er wel een mogelijkheid was om het voortijds te weten, wilde ik de spanning ouderwets bewaren tot aan het einde. Het feit dat ik een tweeling droeg werd pas in de 26ste week bekend. In de overtuiging een meidengezin te krijgen had ik nog maar weer eens twee meisjes en geen jongensnamen. Haha, die waren snel verzonnen toen het cadeau wat anders uitpakte.

scannen0228

We hadden het over babyvoeding en de fruithap. Ik wist zeker dat we daarmee begonnen zodra de eerste tandjes zich aandienden. Vierde maand of zo. Dochters vonden dat wel erg vroeg. Tegelijkertijd overviel me mijn eigen stelligheid. Ik wist dat het zo was, maar zij mochten er aan twijfelen. Toch verkondigde ik niets geks. Zo vluchtig denderen de verscheidene gewoonten door de jaren heen voorbij. Voor mensen  van nu moet het ondenkbaar zijn,  dat wij de baby op alle manieren in de wieg legden. Er zijn nu strikte voorschriften, die ik in mijn tijd al zag veranderen van elke houding, naar zijligging en buikligging. Zo kabbelt het voort en iedere keer verzinnen ze er weer wat bij. Borstvoeding was er altijd, hoe deed men dat in de hongerwinter, als de voeding voor de moeder niet toereikend meer was, tot welke oplossingen ging men over. Boeiende materie.

M. Vasalis

Het is al lang geleden en toch staat het als hoogtepunt in het geheugen gegrift. Hoe ik me voelde, angstig voor het ongewisse en verwachtingsvol tegelijkertijd. Elke bevalling was totaal anders. Het oude Antonius, de hoge witte gangen, het bedompte kamertje en mijn zwarte tuinaarde voeten, waar ik de hele dag in aan het wroeten was geweest, in de stijgbeugels. Het norse hoofd van de gynaecoloog er bovenuit, het grote wonder en het eindeloze nabibberen, een hele nacht lang. Het oude Isselwaerde met persoonlijke aandacht en respect voor de manier waarop het in zijn werk ging. Wel infuus, geen infuus, gewoon, bikkelen en weer naar huis. Bij de tweeling De bundel van Vasalis onder de arm en een fles wijn voor de gynaecoloog, die alleraardigste man met zijn humor en attente zorg.

Kind in het licht

Licht in de witte gordijnen
licht-wieren langs de muur
licht-stranden aan het plafond.
En nog blinkender dan het licht
het klein benieuwd gezicht
de ogen poeltjes blauw vuur…
Witte vingertjes verschijnen,
haken gretig uit de zon
onzichtbare zó dunne haren
van het paard van Phaëton.

Vasalis

De laatste bevalling zoals een hekkensluiter hoort te gaan. geroutineerd en zorgeloos in een modern en nieuw Antonius en in mijn hoofd het verschil tussen toen en nu. Zelfs in een mensenleven aan bevallingen is de verandering al mijl op zeven.

We gaan de taart vieren en het cadeau dat nu nog goed verpakt zit. Ondanks het weten al spannend genoeg. Blinkender dan het licht…

Uncategorized

Aan de slag

Het was een dag van veel informatie op verscheidene gronden. Een mail, een gezamenlijke activiteit en een telefoontje. Stemmen van het verleden, berichten die raakten. Omdat ik lang niet meer aan de desbetreffende personen had gedacht en omdat hun leven kennelijk zo totaal anders verliep of verlopen was dan het mijne.

Bijzondere verstilling in de mail. Een reis door de tijd. Een van de vrienden van vroeger had, na een redelijk gelukkig leven een hersentumor gekregen en was al een paar jaar geleden overleden. Hij was niet veel ouder dan ik.  Hoe vang je het doodsvonnis op en hoe pas je het in als je nog ten volle kan functioneren. Met in het vooruitzicht een onomkeerbaar functieverlies en een definitieve lijdensweg als te bewandelen levenspad. Er stond niet bij hoe deze vriend zijn lot heeft aanvaard. Kies je in dergelijke omstandigheden voor euthanasie of niet. Wordt er een pact gesloten met het thuisfront, zijn vrouw en een zoon, die geestelijk in zijn eigen wereld leefde. Vooral dat zal een zware afweging zijn geweest. In de periode dat ik op Neurochirurgie werkte had ik als stokpaardje die ondoorgrondelijke hersenen van ons en de medische wetenschap die stappen en stapjes in de ontwikkelingen maakte. Als er een wetenschapper in mij school, dan was het op het gebied van het neurowetenschappelijk onderzoek geweest. Daar lag een deel van mijn fascinatie.

Het is anders gelopen en het heeft zo moeten zijn dat ik binnen het Jenaplan onderwijs zo duidelijk mijn weg en stuwende kracht heb mogen vinden. Zo gaat het nu eenmaal. We wandelen verder, verliezen en ontmoeten en soms komt een vroeger leven weer op je pad, een stuk gedeeld leven, hoe bijzonder is dat. Vanuit mijn herinnering diep ik het vertrouwde gezicht van de vriend van weleer, die weer vervaagt in een vlaag van weemoed.

Het telefoontje verhaalt een en ander over een andere goede oude vriend, wiens stem door de telefoon nog zo krachtig en vitaal klinkt en in niets laat weten dat het lijf staat te wankelen op de benen en steun nodig heeft om te staan. De grappen en complimenten stapelen zich op in hoog tempo terwijl de ware aard van het beestje diep verborgen blijft onder de zo optimistische woordenstroom. Het belletje is alarmerend en vertelt een ander verhaal. Het is tijd om met de dikke truien van zoonlief langs te gaan, een goede reden om binnengelaten te worden en de situatie in ogenschouw te kunnen nemen om het op de juiste waarde te schatten. Ik ben blij met de modieuze lange truien, hippe oude vogel wordt het daardoor in plaats van de aanduiding ‘vogelverschrikker’ die ook in het gesprek langs kwam en diepe sporen trekt.

0152.jpg Jut en      061Juul

Er was daar ook nog de lieve oude Jut, waarvoor ik een afspraak had gemaakt om samen met de kinderen, zwager, broer haar rimpelige voorkomen een make-over te geven en de oneffenheden glad te strijken. waar het bij deze Juul oppopt in hoge mate, verdwijnen ze daar, door het eindeloze schuren en schaven onder de hitte van een goede föhn, als sneeuw voor de zon. Nou…Er moet wel behoorlijk geschaafd worden en we zijn met vier man/vrouw dagdelen in tel. De armen worden geteisterd alsof een vroeg invallende ouderdom is ingetreden.

037

Er zijn spieren bij waar dochterlief nog nooit het bestaan van heeft geweten. Een work-out pur sang. Ze zien er uit als aliens, met koptelefoon en snoetje. Met dezelfde gegevens haal ik de stickers van de keet, maar moet de rest alweer overgeven aan de jonkies. Ach ja. Broer werkt mee, zwager zorgt voor de overdekte schuur en het broodnodige luxe gereedschap, een steigertje en ik zorg voor het kind en samen met de gastvrouw voor een ouderwetse lunch, met ouderwetse groentensoep met ballen en verse broodjes en beleg.

031

De dag rommelt ten einde. Vandaag is er plaats voor contemplatie en een voorbereiding op de vertelling die vriendin en ik op de avond van vrouw Sprokkelhorst zullen gaan doen. Er moeten schimmen getekend worden en het verhaal herschreven. Morgen worden alle stappen aan elkaar gebreid. Het gaat goed komen, maar vooralsnog…Aan de slag.

Uncategorized

Ochtendhectiek

De voorgeschotelde kost heeft me de laatste twee dagen voortreffelijk gesmaakt. Ik werkte dan ook in het leukste restaurant van Nederland. Kindvriendelijk, spannende gerechten, gastvrij. Er konden wel honderdelf gasten tegelijk komen. Gasten, nou…gastjes. OP het podium twee mensen en toch waren er twee koks, een ober, een jongetje, een koning met een vergiet als kroon en een stamper als scepter, een kroonpoetser, een scepterdrager, het volk en de reus. Ze serveerden smakelijke sprookjes met een gruwelijke ondertoon.

Ik heb twee dagen als publieksbegeleider genoten van mijn nieuwe baan. Wat een super gelegenheid om te observeren hoe betrokkenheid werkt, hoe kinderen wisselend in hun enthousiasme reageren en  meegemaakt hoe genieten verpakt kan zijn, maar allemaal met glanzende ogen, rode konen, de open monden bij een spannende scène.

Het was vroeg dag, beide keren. Nog voor achten spoedde ik het huis uit en liet me tomtommiaans door de drukke ochtendspits leiden. Dat was lang geleden. Het was twee dorpen verder, dus goed te doen, maar toch. Het kleine stuk snelweg was al voldoende om te weten, hoe  spitsroeden rijden was. Op de eerste dag  hoorde de gymzaal niet bij de school. De planning was dan ook niet helemaal goed verlopen. Een clubje ouderen kreeg gymles. De acteurs hadden een hoek gekozen van de grote zaal om op te bouwen en de bijna even oude gymjuf als haar doelgroep had zich teruggetrokken op de andere helft van de zaal. Flexibiliteit is een zegen.

theater smakelijke sprookjes

Wij zaten op een bankje te wachten tot ze klaar zouden zijn. Ook hier was er sprake van glimmende ogen en rode konen, doorgaans werden de vertragingen en de slow motion in liefde aanvaard. Er was een man bij die, in zijn ongedurigheid, trachtte de doofheid te doorbreken van de vrouw die de bal moest vangen. Hard, harder, schreeuwend. De hoge muren schroefden  het geluid op tot  een grote kluwen aan decibellen. Een beetje hardhorende kon er geen chocola van maken.

Anderen werden joliger onder de blikken van dit onverwachtse publiek en maakten speelse en ook trotse opmerkingen over de vorderingen, kwinkslagen over hun elastieken jeugdigheid in de oude botten. Eigenlijk werd er ter plekke nog een theaterstuk opgevoerd. Een stuk uit het geheime dagboek van Hendrik Groen. Het wachten op het einde van de les en te weten dat er buiten honderdelf kinderen aan het wachten waren, vormden een spagaat in de totaalbeleving. De kleren moesten nog aan en dat ging met een zelfde gemoedelijkheid maar zeker niet sneller. Daarna konden de groepen, vier in totaal, naar binnen. Jassen uit, schoenen en vol verwachting en rumoer gaan zitten.

Het was een meespeeltheater. De kinderen speelden het volk en de reus en deden dat met de grootste overtuiging. Ze keken  en lachten, ze schaterden en schrokken, ze voerden de bewegingen van het volk(wie weet er …)feilloos uit. Ze genoten stuk voor stuk van de kleine ondeugende kwinkslagen:’Wat zeg je, heeft ie in zijn neus gezeten…?’ Lachsalvo’s te over. Ze mochten ‘Hoezee’ roepen en  brood snijden. Er viel genoeg te doen en er was een vers van de reus, dat ze ter plekke aangeleerd kregen.

Een theaterstuk dat na de vierde keer nog niet verveelt, bevat de juiste ingrediënten . Snelheid, spanning, humor, afleiding en duidelijke kaders. Ik vond het fijn te horen dat ouders als plezierig werden ervaren, omdat dan de bovenlaag van het stuk, de vileine grappen, aankwamen, waardoor je ze nog extra kon aanzetten en opvoeren. Heerlijk om te doen. Terug naar huis reed ik in het zonnigste herfstlicht, dat je maar bedenken kon en kleurden de bomen goud. Mijn hart zong mee. De juiste persoon op de juiste plek. Ik was een bevoorrecht mens. Nu nog even wennen aan de ochtendhectiek.

Uncategorized

Ik voel het

Het verhaal van de kleine Alice, die tuimelend een vreemde wereld binnenviel en daar een aantal wonderlijke ontmoetingen had, bevreemdend, soms beangstigend, soms verrijkend, stemt ondanks alles wat er aan verwarring en opschudding ontstaat, tot nadenken. Of juist wel dankzij dat. De dialogen met de Marche Hare(de Maartse Haas), The White Rabbit(het witte konijn) The dormouse(de zevenslaper) en The Mad Hatter( de hoedenmaker), de hertogin en de rups, the Cheshire Cat en de Hartenkoningin trekken je de wereld in van zekere onzekerheid. ‘Niets is wat het lijkt’ ten voeten uit. Soms ervaar je dat helder en dan weer mistig en vervormend, net als in het echte leven alle zekerheden onder uit kunnen glijden, waardoor je het gevoel hebt, op de schopstoel terecht te zijn gekomen.

Alice par John Tenniel 25.png

Alles wat van waarde leek, staat te trillen op haar grondvesten. Met de hartenkoningin worden je kaarten geschud. Ben je je eigen witte rozen aan het rood verven dan weet je dat het tijd is voor een goed gesprek. Elk leven heeft recht op haar eigen bestaan, daar komt geen likje verf aan te pas. Schoonheid zit van binnen en voedt zich niet met een ander voorkomen.

Ooit, lang geleden, in mijn eigen wankele periode, waar door de overgang, hormonen, de buitenwereld, mijn gedachten zich op het Alice-pad begaven en met haar de diepte in doken, waren de boeken van Lewis Caroll, van Arnold Lobel met kikker en pad, van uil en sprinkhaan, maar ook de boeken van Toon Tellegen, Pooh Bear en zelfs de humoristische verhalen van Annie M.G. als in het schaap Veronica de juiste graadmeters. Door hun verhalen te lezen, ogenschijnlijk lichtvoetig, vertederend ook, maar met onmiskenbare vingerwijzingen naar het eigen bestaan, ontwarde de knoop zich draad voor draad.

Alexander hakt de gordiaanse knoop door, Jean Simon Berthélemy (1743–1811)

Een gordiaanse knoop van gedachten, gevoelens, vooruit, hormonen misschien. De mythe van deze knoop houdt een belofte in. ‘Wie haar ontwart, zal heerser over heel Azië worden’. Met mijn geestelijke knoop vertaalde ik het naar ‘wie haar ontwart, zal zichzelf weer vinden’. Als je de hoedenmaker en de maartse Haas toe kan laten in het leven, de Iejoor in jezelf, de relativiteitstheorieën van Poeh, de vragen van de Kleine Prins, dan ben je al een eind op weg. Kinderliteratuur die in schijnbare luchtigheid zichzelf meer overstijgt dan menig ander boek.

De projecten uit die dagen, die we schreven om met de kinderen de diepte in te gaan, waren met regelmaat een vertaalslag naar het gewone leven. De symboliek nodigde meer dan eens uit tot een goed filosofisch gesprek over de betrekkelijkheid van tijd en daarmee over de waarde, die je eraan moest hechten. Het kwam door mijn eigen ervaringen op dat gebied, mijn voorliefde voor deze diepgravende verhalen die zo tot, letterlijk, de verbeelding spraken. Toen de kleine eendagsvlieg zich in een theater openbaarde, was het mijn eendagsvlieg geworden, maar ook de wereld als eendagsvlieg. De mensheid niet meer dan een druppel op de gloeiende plaat, het belang van het individu volkomen ondergeschikt aan het mondiale en vice versa,  van het grootste belang in haar omgeving. Een deel van het geheel én omkeerbaar.  Pars pro toto en toto pro partum.

Eendagsvlieg-jeugdtheater-1.jpg

Dat schoot vanmorgen door mijn hoofd toen ik de verkorte versie van een optelsom hoorde. Daar waar hulpvaardigheid verantwoordelijkheid impliceert. We zijn allemaal onze eigen kleine Alices met mogelijkheden, maar niet meer dan dat. The White Rabbit is verantwoordelijk voor zijn eigen indeling van de tijd, zijn haast heeft niets te maken met het tijdspad van de kleine Alice. Ze kan hem wel helpen, maar alleen als hij haar toelaat. Anders wordt het vechten tegen de bierkaai en daarmee een schrapen en schranzen aan de eigen energie, die eindig is. Of het nu door de Overgang, hormonen of de buitenwereld komt. ‘Schoenmaker blijf bij je leest’ oreerde men vroeger, dat tweeërlei op te vatten was. Het bruist en het borrelt. Een nieuw verhaal in alle opzichten…Ik voel het.

 

 

Uncategorized

Onslaap

Geen volle maan, geen heftige dag. Ik probeer de onslaap te vermijden, maar ze jaagt de adrenaline door het bloed. Onrustig draai ik van de ene op de andere zij. Dan maar wakker zijn en schrijven, om daarna misschien in een diepe slaap te vallen. Waarschijnlijk is het grijze verleden debet aan de warrige slaapbehoefte. Jarenlange trouwe nachtdienst, zeven nachten op en zeven nachten af, waren goed voor hazenslaapjes op de dag. Elf uur erin en om vijf uur er weer uit of vroeger nog als dag met meer dan genoeg wapengekletter de buren naar hun kamer liet gaan of het huis doordrenkt was van de peen en uien op het gezamenlijke fornuis.

Later waren de kinderen helemaal een proeve van waakzaamheid en tot ver in hun ontdekkingstocht hanenwaakte ik de nachten door. Schapen tellen bij het slaan van een verdwaalde klok bij de buren. In het stille huis eiste ze haar recht op van bestaan. Ik telde de slagen en soms de vleermuizen, de verdwaalde brommers en de aangeschoten stemmen van de fietsers, de lichte plekken in het zwarte struweel, het bonkende bassen van een auto.

IMG_9585

In deze nadagen van vrijwillige gevulde tijd zou ik droomloos moeten wegzakken. Nauwelijks verantwoordelijkheid meer voor het kind, dat nooit uit gaat en niet dronken wordt, maar noeste arbeid verricht achter zijn PC. Er spoken nog wat losse dagflarden door het hoofd.

De Magische Middeleeuwen met name die we op een geheel eigen wijze, soms ronduit eigenwijs, trachten te doorgronden. Wat een moeizame materie en een spitsroeden lopen om niet het gevoel te hebben te verzanden in het inkleuren. Ik verzin een kosmos, die de middeleeuwers zelf nooit zo hebben aanschouwd, maar bedenken konden in het pact met de duivel van Faust.  Het is een kleurrijk geheel en geeft me de vrijheid van de omlijnde vormen af te wijken. Met vrije hand en verve staan de eerste streken op het doek om na een uur vast te lopen in een moddderpoel van blauw en cerise. ‘Geduld, veel meer geduld en kalmer’ kermt het doek, maar ik wil los en op volle stoom. Met moeite wrijf ik een hoek weer schoon met doek en verzorg de penselen. Straks, later, volgende week meer. Nu eerst even rusten, het doek en ik.

IMG_9583

Een ander ontdekt het blauwste blauw, het Yves Klein Blue, ultramarijn in de meest zuivere vorm, door een aantal lagen aan te brengen en te combineren met de juiste kleuren, oker en cadmium rood. Haar paradijsvogel is er bijna klaar voor om uit te vliegen. Het draait om symbolen, ornamenten, religie en de fabel, maar zo anders dan bijvoorbeeld de zwierige symboliek van Chagall. Daar zweefden mijn figuren als vanzelf boven het landschap uit.

Toch steken we er veel van op, weten waar de grens ligt voor ieder van ons, waar creativiteit een eigen draai kan geven, wat voor beeldvormers we zijn. Het legt precies de vinger op de knoop van waarde. We nemen het mee en ik peins erover terwijl de schapen daardoor moeilijker te tellen zijn. ‘Wie het negatieve weert, leert nooit zichzelf kennen’ besluit ik in een wijsgerig ogenblik. En: ‘Wie niet stopt met denken zal nooit de slaap vatten’. Waarvan akte.

Als ik mijn ogen dicht doe, grimast er een glimlach om mijn mond.

 

Uncategorized

Het leven lacht

Om vijf uur hoor ik gestommel op de trap. Zoonlief moet er vandoor. De nacht hult zich nog in het zwartste zwart. Ik was, na the Half Blood Prince van gisteren weer Potteriaans aan het dromen. Ik kon verdwijnen in een hoop zand op de grond en kwam daarbij in een andere wereld. Daar dwaal ik rond langs onmetelijke wanden en strooi ik op Cruesli lijkende bessen en granen in een bruine drab. Er worden fluisterende bezweringen bij gelispeld. De vrouw kijkt toe, terwijl ik peins over haar aanwezigheid, die ik niet opgemerkt had. De schildercursus vanavond gaat over de aarde en de kosmos ten tijde van de magische middeleeuwen, maar daar vertoefde ik helaas niet in de droom. Wel werd ik wakker met een foto op mijn netvlies, die er voor kan dienen.

003Andere achtergrond, banket of kabinet en klaar.

Ik sta op het pad langs mijn tuin en heb een frivool hoedje op van een stuk groen tuin-net, die je normaliter over de bessen trekt. Ik kijk er als een diva bij. De titel van de foto is ‘Tuindrama’. De vlag dekt de lading. Hoe zal ik het eens middeleeuws vormen. Misschien met de aardse aquarelletjes uit de losse pols van gisteren. Of voor een kabinet met peer. Die opdrachten schetste ik als opwarmer gisteravond in opdracht van een online schildercursus van Anita Lehman op de site van Carla Sonheim met de intrigerende titel Translating Landscape. Ze geeft alvast een voorproefje van de zes opdrachten. De cursus start vandaag.

022.JPGDe een na laatste opdracht.

Het liefst zijn ze getekend met de minst prominente hand. Links in mijn geval. Bibberlijnen in snelle composities met zwart viltstift of grafiet. Prachtige kleuren geeft het grafiet met water, bleekblauw, nachtzwart en grijstinten.

013.JPG

Een andere opdracht is (bibber)peren. Die zijn ook gaaf. Ik doe maar wat. Het is half donker, maar dan teken je nog meer vanuit de losse pols. De volgende visie wordt onderschreven:  ‘Anita believes that the landscape is a gentle way of exploring the elements that are integral to making meaningful work: line, value, color, shape, edges, composition. She also believes that drawing connects us to our experience with an intimacy not otherwise possible. The joyful and fun exercises in this six-lesson class will include experimental mark making, design studies, grid paintings — all working up to larger paintings.’ Betekenisvol werk in lijn, waarde, kleur, vorm, randen en compositie. Dat lijkt me een nobel streven. Ik ben te hard van stapel gelopen en vandaag neem ik de tijd om bij de eerste opdracht te beginnen. Heerlijk.

Het vangt mijn dolende geest. Ik heb een verbinding nodig, een zielsverwantschap. Daar gaat de inspiratie door stromen.  Inspiratie haal ik overal vandaan. Vorige week kreeg ik een meevaller te horen die van belang is voor het vormen en fantaseren.

Ik was deelgenoot van de klankbordgroep en begin dit jaar begrijpelijkerwijs met pensioen gestuurd. Het was een waardevolle tijd. Theaterstukken bekijken en beoordelen op geschiktheid voor scholen. Vorige week kreeg ik het verzoek nog een jaar mee te oordelen. Heerlijk. Het zijn dagen vol inspiratie en het zet het beeldend vermogen in de maximale stand. Wat een fijne tijding.

Daarmee en met al die andere, in de schoot geworpen bronnen, reis ik verder op onvoorziene paden. Het leven lacht.