Uncategorized

Geen mooiere afsluiting denkbaar

Houten koffer staat klaar, penselen in de aanslag, op naar mijn tijdmachine, die me in een oogwenk transporteert naar de 17e eeuw, met moderne kwinkslagen er tussen door om het evenwicht te bewaren. De opdrachten zijn korte magische aanwijzingen, die ik nu als iets minder leek met korte aanduidingen begrijp. Rauwe omber met likje Pruisisch en meer titaan. Oud Hollands Geel. Gebrande omber met tikkeltje Zinc. Platte kwast, varkensharen kwast, ragfijne kwast. Het geluid van schaven, schrapen, of doodse stilte, een dolende opmerking, de aanwijzingen van de magister.

foedralen-en-asperges.jpg

Langzaam worden de asperges meer asperge, nog niet de ‘finishing touch’, eerder wat kubistische vormen, maar au naturel beter dan op de foto, een deken van kleuren en langzaam valt het kwartje, of liever de florijn, op z’n plek. Zwart met ultramarijn, het ongeloof wordt weggelachen. Ja. Foedralen moeten doortrokken zijn van ouderdom. Betengeld leer beteugelen met fijnzinnige streken, ik leer het stapsgewijs.

Daarna spoorslag met mijn kleine blauwe naar IJsselstein, dat zich opmaakt voor de avond van Mevrouw Sprokkelhorst. IJsselstein verandert voor het tiende jaar in een levend spektakelstuk met meer dan 100 acteurs, kunstenaars, muzikanten, dansers, kinderen van een basisschool, een grote optocht door de binnenstad en dat alles onder de noemer Laterna Magica. IJsselstein als één grote toverlantaarn, die oude tijden doet herleven met mevrouw Sprokkelhorst en haar gezelschapsdame en een van haar nazaten in levende lijve.

035.jpgtwee van de stokpoppen

In de kelder van Het Poppenhuis, the place to be, als je van poppenhuizen houdt, wordt koortsachtig de entourage klaar gemaakt voor onze vertelling. Wij kleden ons om, persen ons in de iet of wat krappe jurken, testen de mogelijkheid om adem te halen, zetten de kamishibai neer, de witte oplichtende roosjes erom heen, de stokpoppen in de aanslag. Kleine details als het kleine kabinet uitgelicht, de porseleinen hond, de boeken.

Haar op zolder moet op de tast. Gelukkig had ik thuis al wat uitgewerkt. Veel touperen en ouderwets uitwaaierende haren vangen in een knotje bovenop, devoot kruisje om de nek, water bij de hand. Roze kanten t-shirt nergens te vinden voor Wilhelmina. Dan maar het zwarte, met een roze drab, balletschoentjes met band om de enkel en witte sokken met randje kant.

sprokkelhorst.jpgVoorbereidingen

Alles in gerede haast, maar ook berustend. Als we eenmaal zitten is al het leed geleden en de rust neergedaald. Op de achtergrond klinkt het slaaplied van Brahms. Goed voor een avondvullende lullaby. Er kunnen ongeveer, met wat trapzitters erbij, 14 mensen in. Zo knus en intiem is de sfeer daardoor, zo aandachtig kan men luisteren met alleen de focus op dat lieflijke en kleine tafereel onder de tingeltangelklanken en de stokpoppen en onszelf als levend bewijs.

De avond leert dat bewondering en ademloos luisteren zich op verschillende manieren voltrekt. Voorover leunend of schijnbaar achteloos. De ganzenhoedster achter ons aan de overkant van de kleine gracht trekt aandacht met haar levende have luid gakkende ganzen en met haar trommelaar aan het eind van de koddige stoet, maar iedereen blijft bij het verhaal en het mooiste cadeau is de zucht van geluk om dat kleine intieme moment in een roerige wereld. Het sterkt ons en doet de volgende vertelling nog meer met passie leven, en nog meer, en nog meer. Het was bijna jammer om die mooie beslotenheid af te moeten breken.

sprokkelhorstklein tafereel

Een oudere vrouw talmde met weggaan, ze vertelde, dat deze plek voor haar bijzonder was, omdat hier haar geboortewieg had gestaan. Op de plek waar wij zaten, schommelde ze als kind de wereld in en erachter lagen de aardappelen en uien opgeslagen. Haar hand zocht die van ons en bedankte voor de kans op deze reis door de tijd. Wat een bijzondere verdieping van een prachtige dag. Warm doken we aan het eind van de avond de koude 21ste eeuw weer in. Geen mooiere afsluiting denkbaar.

 

Uncategorized

Klein Geluk

Er kwam een mail van de Wijze over iets wat, ooit in het grijze verleden, een zaadje heeft geplant  en dat er voor zorgde in het leven om te blijven zoeken naar balans, wat als een rode draad door alle gebeurtenissen heen verweven werd. Het is dat deel wat er voor zorgt dat het glas half vol blijft, dat tegenover tegenslagen evenveel positieve ontwikkelingen staan, dat het geloof in de zeven vette en de zeven magere jaren, zij het zonder het vooropgestelde tijdpad, altijd is en zal zijn..Een kosmisch evenwicht.

In het eind van de jaren zestig kregen de mystieke waarden bijzondere betekenis. Niet alleen verdiepten we ons in het boeddhisme en het Hindoeïsme, maar zochten we naar andere wegen dan het katholieke geloof om zin en betekenis te kunnen geven aan het leven in het algemeen en ons leven in het bijzonder. Waar mijn moeder haar waarden uit de ontwikkelingen in de vernieuwingen van het oude geloof vond, lazen en discussieerden we over bewust leven, kosmisch en mystiek evenwicht en een eeuwige balans in Yin en Yang. Ook bij ons stond na de jaren des onderscheids vrijheid hoog in het vaandel en bleef de zoektocht naar balans, het Yin en Yang, een belangrijke leidraad voor het leven.

Yin en yang

Bewust of onbewust is ieder mens ermee bezig. Als iets uit balans is, voelt het vaak niet senang. Er mist iets. De wijze noemt deze twee tegenpolen, tegen-délen en geen tegenstellingen, want dat zou spanning veronderstellen en dat is precies datgene, wat een evenwicht in de weg zou blijven staan. Het is een mooie gedachte om bij stil te blijven staan. Het symbool van de twee in elkaar schuivende delen, die samen een kosmische zon en maan vormen, mannelijke en vrouwelijke energie, waren in die tijd niet weg te denken, evenals de toen nog bescheiden kleine porseleinen boeddha’s. Het was de tijd van vóór de enorme plastic en gipsen reuzen op het tuincentrum en in de bouwmarkten. Proberen de macrobiotiek te evenaren tot in het hoogste goed was teveel van het goede. Men zaagde daarbij rechtstreeks onder de poten van het kleine genot, zoals het glaasje wijn bij een mooie maaltijd. Dan alleen het vlees schrappen en onze eigen filosofie erbij verzinnen toegepast aan het leven hier, op twee kleine studentenkamers aan de Hoge Rijndijk. Het leven was turbulent, maar daarbij ook heel wezenlijk en bewust. Er werd overal over nagedacht en vooral over gepraat.

Na die periode volgden de Wijze en ik ieder een eigen pad, waarbij het noodlot wonderlijke gelijkluidende wendingen toebracht. We verloren elkaar uit het oog en met vallen en opstaan leerde ik de balans in mijn leven weer te benaderen. Grote waarde heeft het om er nu over te mogen filosoferen. De aanzet in het prilste begin heeft er voor gezorgd dat het een lievelingsbezigheid werd van het werken met kinderen. Doordat ze zich zo kunnen verwonderen, is het denken tot op grote hoogte zuiver en eerlijk. Iedere stap, die er gezet werd op het pad van hun bewustwording, leverde doorgaans pareltjes op.

031

Gistermorgen liep ik langs de met rijp bedekte bladeren op de grond, iedere nerf ragfijn uitgelijnd en ik dacht aan mijn groep en hoe de kinderen zich zouden hebben verwonderd. Ik zette de foto die ik er van maakte op FB en bijna onmiddellijk was er een antwoord van vriendin-duo, dat de kinderen uit haar groep er ook zo mee bezig waren geweest. Op zo’n moment schuiven Yin en Yang als de krachtige cirkel in elkaar en wordt, zoals een andere vriendin opmerkte, Klein Geluk geboren.

Uncategorized

Wie zich brandt, moet op de blaren zitten

Een beklemmende droom houdt me erna uit de slaap, geen zin in het vervolg. De nacht pinkelt met haar lantaarns speldenprikken licht in de duisternis. De harde doffe knal die volgt, laat visioenen oplaaien van in brand gestoken auto’s, die de laatste tijd weer schering en inslag zijn. Geen goede basis voor een aangename slaap. In de verte klinkt een sirene.

Weg met die muizenissen. Het is weer ouderwets piekeren geblazen over honderd-en-een dingen die achter het netvlies oplichten. Snel sla ik daarboven deuren dicht, wat erachter zit, mag niet meer mee doen. Natuurlijk laat het zich niet leiden. Op zulke momenten verlang ik naar de zee. Vanmorgen al geschreven over eb en vloed. Daar begon het mee. Even het hoofd leeg  maken en alle gedachtekronkels aan de wind toefluisteren, zodat ze ze mee kan nemen, licht als veertjes in plaats van de molensteen rond mijn nek. Het is niet zo gek, dat piekeren. Benauwd als ik ben in dit jaargetij, veel te naar mijn zin en vorig jaar in het zelfde schuitje met een infarct als ultieme nachtmerrie. Ze luidde een jaar in vol tegenslag en tot vier keer toe een verdrietig samenzijn. Het lukt wonderwel ook highlights te tellen. Turbulente emoties, dat is de vlag die de lading dekt.

092

‘Geen optelsommen maken, van der Linden’, spreek ik mezelf bars toe. Daarvoor was ik ook altijd benauwd zonder dat dramatische einde, dus er zijn andere mogelijkheden te over. Een man op de fysio vertelde over zijn magische puf. Hij kon ineens weer moeiteloos de trap op. Ik durf er alleen maar van te dromen. Stel je voor. Alsof je vleugels krijgt aangemeten. Ik moet er eens naar vragen. Het zou voelen als een magisch wondermiddel. Ondertussen was ik toch weer in slaap gesukkeld en moet me nu haasten om uit te schrijven wat er in mijn hoofd rondtolt. De tweede droom was er een waar ik met liefde in bleef hangen, maar ik heb haar vergeten op te slaan en dan vliegt ze weg als een zeepbel, blijft nog even hangen en spat dan uit elkaar. Weg fantastische verzinsels.

089

Van de week zeiden de schildervriendinnen mij, nooit zo te dromen. Stiekem weet ik dat ze dat wel doen, maar alle dromen ook voortijdig los laten. Eerst in de sudderslaap de droom terugdenken en dan pas wakker worden, dan opschrijven . Op het laatst lukt het om ze langer vast te houden, soms een ochtend lang. Als ik ze opschrijf, vergeet ik nooit meer een detail. Prachtige onderwerpen zitten erbij en doorgaans tot in de details uitgewerkt. Ik stap zonder problemen een Zeventiende Eeuws milieu binnen of de huiskamer van oma vroeger, met de worteldoek en de salamander aan de muur, de tikkende eiken pendule met het deurtje voor en achter, waar klokkabouters woonden. Dat wist ik zeker. Aan de achterkant van de wijzers liepen ze mee, soms kon ik hun rode mutsjes zien, dat dacht ik tenminste. Waar schemerlampenlicht al niet goed voor is. Die was er ook, met licht van onder en van boven, zo’n ronde kap. Mijn opa zijn rulle plusfour staat stoer met de warme  wollen spencer erboven  en de witte hemdsmouwen met glimmende gouden mouwophouders. Oma en opa waren rijker dan mijn vader en moeder, want ik kreeg altijd een stuiver of een dubbeltje mee.

065

De droom van vannacht was zo gedetailleerd dat de angst me letterlijk om het hart was geslagen. Sommige houden de angst vast en spreiden ze uit als een zwarte deken. Daarom wilde ik niet meer verder slapen. Pas om kwart voor vijf viel ik van vermoeidheid om. Nu belooft de dag een prachtige koude wintersfeer, maar pas om kwart over negen en moet ik straks een race tegen de klokkabouters lopen om op tijd op de fysio te zijn. Wie zich brandt moet op de blaren zitten.

 

Uncategorized

Zo is het maar net

Zo’n dag, waarop alles als een puzzel in elkaar schuift, zo’n dag was het gisteren. Het begon met de jacht op een kostuum voor Tante Sarah en Willemien uit begin 1900 of daaromtrent. Het lijdend voorwerp vond ik in mijn favoriete kledingkringloop. Twee jurken, die naadloos pasten in het tijdsbeeld. De slobschoenen, die er niet bij hadden misstaan, bleken met maat 43 een brug te ver. Het kon de pret niet drukken.

001

Dat schattige poppenjurkje was perfect voor vriendinlief en op haar lijf geschreven. Het bovenlijf van tantes jurk was iet of wat te krap, maar daar verzin ik wel een pelerine of wat striklinten op. Geweldig, aangekleed gaat uit en het verhaal staat met de gemaakte stokpoppen, de Kamishibai en de kostuums als een (poppen)huis. Het weer belooft een koude winteravond, niets leukers bij zo’n entourage dan in intiem gezelschap te luisteren naar een mooi verhaal. Er zijn voor die avond heel wat vertellers, acteurs, dansers en muzikanten bij elkaar gesprokkeld.

003

We oefenden een keer of vier, bedachten eerst een schimmenspel erbij, te lastig, dan alleen het kleine Japanse verteltheater en de losse stokpoppen. Het zachte gepingel als dat van een muziekdoosje, maakte de omlijsting compleet.

Met die wetenschap was het hoofd weer licht genoeg voor Dante en zijn Beatrice. Eerst werken aan de kosmos, deel 2. Lastig om steeds maar weer te bepalen, waar ik wát wil doen. Mijn handen voeren het penseel de wereld van duisternis en licht binnen en ik volg, soms schoorvoetend, soms vastberaden. Het wordt een tocht van penseelstreek, kijken, penseelstreek, kijken etcetera. Door afstand te nemen zie je het proces haar loop nemen. Het commentaar van de anderen wordt dankbaar verweven met mijn eigen gedachten en brengt letterlijk nieuw licht.  De Beatrice is geënt op de houding van mijn lieve dochter, die op een van de foto’s een devote uitstraling heeft, perfect voor een adorabele vertolking. Hoe werkt het toch in mijn hoofd, dat die associaties maar aan komen rollen als het tij dat van eb naar vloed keert en vice versa. Ik ben te voorzichtig bezig, het eerste schilderij blijft harder trekken aan mijn gedachten.

013Under construction

Aan het eind van de les bij het schoonmaken van de penselen, komt de werkwijze ter sprake. Twee van ons gaan op de bonnefooi te werk en een ander denkt het helemaal uit van te voren, met studies en prints. Die schilderijen zijn nauwgezet en kloppend. Ik rommel wat in de marge, laat me leiden door het gevoel. Weet nooit precies van te voren wat in het hoofd zit, vaag maar vormend. Dat het eruit komt, is zeker. Het levert boeiende materie op, zo divers en zo interpretabel bij de een, zo gekaderd en vastomlijnd bij de ander.  Stof te over om door te spreken. Het maakt de vriendschap zichtbaar en eeuwig en we missen de andere vertrouwde persoonlijke noten, die er dit keer niet bij zijn.

De koude nacht trekt verfrissend de geur van olieverf uit de haren en thuis op de bank  passeert de dag de revue met mijn vondsten en het verdwijnen van de lichte druk door het vele werk, dat nu al geklaard blijkt te zijn en in het hoofd altijd groter wordt, dan het in werkelijkheid is. ‘De soep wordt nooit zo heet gegeten als ze wordt opgediend’, fluistert het verleden in mijn oor. Zo is het maar net.

Uncategorized

Onbetaalbaar en diepgaand

De stad lag niet naast de deur vanuit het midden des lands bezien. Als het donker en nat is, glimmend asfalt, linten rode achterlampen, langzaam en nog langzamer                 rijdende voorgangers is het zelfs mijl op zeven. Een hindernis in de uitlopers van de nacht, maar achteraf gezien de moeite waard. Een hele dag theater is elke keer weer een cadeau. Deze dag zat, tot op de minuut, vol met zoet of kritisch vermaak. Het leverde vannacht een mooie droom op. Een uil vloog in mijn armen en gaf me kopjes. Ik was me zeer bewust van zijn zachte verenkleed, zo zacht als de kleine grijze pootjes van poes Pluis in de vroege ochtend, als zij haar dagelijkse portie aanhankelijkheid toont.

Het begon allemaal met een wonderbaarlijke vertelling. Prachtig decor maar de tijd was met haar poppenspeelster stil blijven staan en samen dreven ze op golven van veiligheid de kinderwereld binnen. Een uur kan het dubbele duren. Daarna vielen we in een verfrissend totaal ander poppenspel, met echte kinderhumor. Dikke billen die omgebonden moesten worden als na een voortreffelijke mimische maaltijd de toiletgang gemaakt werd. Hilarische grote jabbertalkende moeder die uitrust op een veel te kleine bank. Het popje dat niet kan slapen en bang is voor vermeende spoken. Het was er allemaal en het speelde zich af in een ingenieus decor. De herhaling, de humor, de ontroering waren volop aanwezig en stroomden over het podium recht in hoofd en hart. Meesterlijk.

031

Op het ritme van gitaar en keyboard werd dankbare muziek gemaakt voor de allerkleinsten, mee mogen doen op het aangegeven ritme met klappen en stampen, zwieren en zwaaien. Heldere stemmen, oude thema’s. Ik verlang ondertussen naar de oude, malle liedjes van mijn Ubbie en Frummie cd-tje, die we met de hele groep tot in de details konden meezingen en uitbeelden. ‘Weet je wat ik in in mijn handen heb, dat is een geheimpje, weet je wat ik in mijn handen heb, dat is een geheim’ Nergens te vinden, dit bolwerk in alle eenvoud van boeiende kindertaal met onderwerpen met de egel als stekelig gevalletje en Ubbie die een rondje vliegt om de kerktoren met zijn grote oren. Op dergelijke momenten ga ik ook op zoek naar onderwerpen van bijvoorbeeld het prentenboekenliedjesboek met de ontroerende vertelling door Hakim vertolkt in het lied van Grijsje de grijze muis, die zo graag een ander kleurtje wil en waarbij we allemaal, mezelf niet uitgezonderd, van moesten huilen, omdat ieder van ons het gevoel herkende. ‘Ik ben zo grijs ik ben zo grauw, hoe moet dat nou’….Zeldzaam mooi en ontroerend. Niet eerlijk als die juwelen door je hoofd zweven en anderen daar aan moeten tippen. Mijn lat ligt hoog.

Ik kom er de clown tegen met zijn nostalgische verhaal over zijn levenspad. Te moeilijk voor de leeftijdsgroep die vooraan zit en in haast aangepast  en daarmee op het verkeerde been gezet, door het zoeken naar de vertaalslag, die te maken viel. Feilloos weten de kinderen te vertellen dat de held, zijn grote voorbeeld, de clown van vroeger, in zijn hart zit. Toch de spijker op de kop.

022

De rij bij de lunch is zolang, dat de achtersten aan de beurt zijn als de bel van de voorstelling alweer klinkt. Wat korte veelbelovende presentaties en een wonderlijke, razend knap gespeelde, stereotype ADHD-er, die niet mee mag van zijn meester en bij ons(het publiek)moet blijven. Alle elementen zijn er, maar worden ook vaak overschreeuwd. Er wordt geknoeid met eten, wat ik moeilijk vind en de taal valt soms in onuitputtelijke scheldwoorden uiteen. Er tussendoor zijn er absurdistische  typetjes en is wel de ontroerende kant van deze beweeglijke genius te zien.

Een poppenspel met regenlaarsjes voor de allerkleinsten. Sprookjes vormen de sluitpost. Een heerlijk, verliefd Roodkapje, die overal in het decor onderdelen vindt van andere sprookjes en Borsato en andere nummers tussendoor zingt samen met een aandoenlijke wolf met een vet Rotterdams accent. Ze worden verliefd en de wolf belooft haar morgen pas weer op te eten, wat helemaal niet erg is, volgens Roodkapje, want ze springt altijd weer levend uit zijn buikkie te voorschijn.

Zo gaat een dag van in de wolken, een dag van cadeaus en met kinderen als publiek erbij altijd een extra verdieping, want hun reacties zijn onbetaalbaar en diepgaand.

 

Uncategorized

Maar altijd daar

Zestig worden en de beste kanten van het gedeelde leven aan je voorbij zien trekken is niet iedereen gegeven of gewenst. Ik vier verjaardagen niet of nauwelijks. Vooral geïnfecteerd door de rokerige overvolle uitpuilende woonkamers met de geijkte pepsels, sigaren op tafel en de rondgang van de boterhamworst met een kwart augurk erin, de blokjes kaas en de ossenworst en gevulde eieren van vroeger. Ooms en tantes, vrienden van mijn ouders schudden handen, knepen in je wangen, streken over je bol en als het even kon schoven we onder het pluchen kleed van de eettafel of doken de keuken in, toen we oud genoeg waren om de salade te maken of om haastig wat bowl weg te lepelen om ze te ontlopen.

verjaardag

Het heeft het tegenovergestelde bewerkstelligd. Voor mij geen feesten en partijen op een zeldzame Amerikaanse fuif na. Een gezellig samen delen met de kinderen is de uitzondering. Dus wel vieren dat we nog steeds al die tijd samen zijn en als goede herinnering aan hun vader delen we de jaren, die we ooit met hem konden delen naast het dubbele gevoel hem al die andere jaren te hebben moeten missen.  Zo blijft het tweeledig. Zonder verdriet, de vreugde niet. Zonder vreugde, de diepte van het verdriet niet.

De verjaardag van vriendinlief begon met het noemen van alle gedeelde levens met haar. Iedereen hoorde een kwaliteit van zichzelf in de betekenis van de vriendschap en wat nog belangrijker was, was het feit dat de spontane ontmoeting de heelheid van haar leven onderschreef. Iedereen werd genoemd en toen er, in de emotie, iemand overgeslagen werd, was haar reddende engel, haar lieve en aandachtige wederhelft.

Er was een heerlijke maaltijd en de avond zette zich voort met vooral zang, muziek en dans, drie belangrijke pijlers en wat kleine filosofie onderling, wat niet anders kon met haar bedachtzame natuur. Er werd een prachtige tango gedanst door hen samen, de meeslepende muziek, de emotie, de concentratie, de liefde van jaren, die er zo overduidelijk als een verlichtte wolk boven hing. Het was een wonderschoon samen zijn. De deelbaarheid vieren op de toppen van het leven met je deelzamen, iets om vaker bij stil te staan of minstens over na te denken.

352px--Demonstratie_van_de_tango_1930demonstratie tango 1930, polygoon journaal

De tango vergleed in een workshop en bleek met name over volgen en leiden en daarmee vooral over vertrouwen te gaan. Met haar handen in de mijne en de ogen dicht gleed mijn volger mijn wereld binnen en gaf zich over. Tussendoor vertelde ze dat ze zo graag even uit haar hoofd wilde en dit bleek de ideale manier. Concentratie en het richten op iets wat alleen maar voelbaar is. ‘Aanvoelen’  en ‘Overgave’, wat een mooie aanvulling op de emoties die door de avond heen waarden.

Als ik had gekund had ik de late uren gebruikt om me leeg te dansen, elke vezel schreeuwde om beweging, de klarinet en de viool in de Klezmer, de opzwepende salsaklanken, de Afrikaanse ritmes. Steeds één dansje slechts en dan was het klaar. O jeugd, waar ben je gebleven. Oeverloos, grenzeloos, ademrijk dansen. Nu ademloos, eindig en beperkt uit de voeten. Thuis zag ik een liefdeloze en uiteindelijk liefdevolle relatie in gevangenschap van de vader en de zoon op televisie. Levens verschillen hemelsbreed. Sommige met en andere zonder. Ieder heeft zo zijn of haar eigen hemel. De mijne bereik ik vrijwel iedere dag, ergens, soms klein, soms groots en meeslepend, maar altijd daar.

Uncategorized

Afgeroomd

Het was druilerig en de dag wilde maar niet oplichten toen ik ‘s middags op de Tomtom naar Austerlitz reed. Ik zocht een supermarkt voor wat verdwaalde boodschappen en kwam bij  een lief klein exemplaar midden in het al even petieterige dorp terecht. Toch bleef het  handjevol huizen monumentaal door de prachtige bossen er omheen. Een klein stuk ervoor lag mijn bestemming van die dag. Het Beauforthuis. Hier kenmerkte zich dezelfde grootsheid in de sobere ambiance.

Het kleine kerkje met het voorhuis en het achterhuis, een verdwaalde schuur erachter. Ooit behoorde alles aan Johan Stoop, die er eerst een landbouwschool van probeerde te maken. Later werd er, met de komst van zijn schoonzoon, , een hervormde kerk aangebouwd voor de kleine gemeenschap. Zonder Napoleon was er geen Austerlitz geweest. Die had de aanzet gegeven om een monument te laten bouwen door zijn gelegerde manschappen en daar was het kleine dorp door ontstaan.

!805: Pyramide van Austerlitz

Herinnering: Uit de onuitputtelijke eend van mijn vader stroomde zijn kinderschaar. Blij en uitgelaten waren we dat we eindelijk uit de auto mochten. Ik was jong en weet niet meer precies de details. Wel de, in mijn ogen, enorme trap en dat lange zwijgende staketsel dat hoog en zwart naar de hemel wees. We wisten, eerst de trap, dan De Treek, de uitspanning met de speeltuin, daarna de bramen in het bos. Grote sappige bramen, direct te verorberen en mee te nemen om jam van te koken. Austerlitz en de Treek waren een begrip in de familie. Jaren later vierden we het zoveel jarig bruiloftsfeest van mijn opa en oma op die historische plek. Ik voelde het rijke voorname leven in elke vezel en wij mochten er een beetje van mee genieten.

004

Met de jongste dochter Anna en haar huwelijk kreeg het de naam De Beaufort en dat bleef zo. Ook toen de dochter verhuisde. Vriendin was jarig en wilde het op deze gewijde culturele plek vieren. Een wandeling met de vrijwillige boswachter Hans was de aftrap voor de liefhebber. We wandelden naar de boshut toe en kregen onderweg een uitgebreide verhandeling van de geschiedenis én, minstens zo boeiend, van de late paddenstoelen die zicht tegen de bomen aan vlijden. Een beginnende schemering kon niet verhinderen ze te bewonderen en in een kort tijdsbestek schotelde onze expert ons de porseleinzwam, die als een chinees theekopje licht en doorschijnend was, de oesterzwammen en de tondelzwam voor. De laatste heette eigenlijk tonderzwam, maar door zijn functie als fikkie stoker, de tondeldoos, had hij  in de volksmond deze geuzennaam gekregen. Halverwege toverde de begeleider een uilenpootje uit de broekzak om ons te laten zien hoe een kleine bosmuis het altijd af zou leggen tussen diens scherpe klauwen. Hij blies op een houten fluitje en door de bomen heen galmde de roep van de bosuil.

018

In de boshut, het kleine kabouterhuis met de rode luikjes, ooit het toneel voor een film. lag al het materiaal om herten van reeën te kunnen onderscheiden en werd er een boeiende uiteenzetting gegeven. Toen we de deur uitliepen was de avond als een blok gevallen en bleek het aardedonker te zijn in die luttele minuten die we binnen hadden doorgebracht.

028

Met brandend vuur en Glühwein werd de wandeling gevierd en de feestavond ingezet. Nergens anders had kerstverlichting zo’n passende entourage als hier in de bomen van het terras boven het vuur en de warme ketel. Mensen in hun dikke winterjassen, mutsen dassen en glimmende wangen van de aangename frisse temperatuur. Het feest kon beginnen, maar wij hadden haar al meer dan afgeroomd. 024