Uncategorized

Gelukkig maar

We hadden ooit een toneelstuk gemaakt voor de kerstmarkt, waarbij we vader tijd op een ingenieuze wijze wilden uitbeelden. Het was iets met een staande klok, achter een schimmendoek. Dus er werd voor het doek gespeeld als acteurs en erachter als poppenspel. Ingenieus verhaal. Het bleek een boeiende combinatie te zijn, vooral omdat er gespeeld werd met licht en donker achter het doek, waardoor de schimmen Scrooge-achtig mysterieus en langgerekt werden.

Ieder jaar hadden we een kerstmarkt op school, waarmee we een bepaalde kerstgedachte of filosofie wilden brengen. De verhalen verzonnen we doorgaans zelf. We hebben een keer de beroemde sneeuwman van Jo Nesbo nagepeeld, waarbij mijn  onvolprezen tegenspeelster het bijna aflegde in de helm met het laken erover heen die de sneeuwman verbeeldde. Och arme zij.

Er was er ook nog een met een grote doos en een bal, een elfje en een meisje, die de bal tegen de doos stuiterde, waarop de doos ‘au’ riep, telkens weer. Ze kwam er al bellen blazend uit. Kleine feeërieke stilistische plaatjes. De beelden zijn verankerd in mijn hoofd. Er zijn nauwelijks foto’s van. Het was er altijd te donker in de benauwde gymzaal met honderd toeschouwers.

Later werd het minder dromerig en daarmee haalden we wel de schil van het sprookje af. Dat groeide zo, door met de tijd mee te bewegen. Nostalgie  kan voeden maar ook belemmeren.

IMG_7353.JPG

De kleinkinderen kwamen even een kus brengen. Ze namen de kruitdampen mee het huis binnen. Zorgvuldig had ik na de bezorger van de boodschappen en de brenger van een pakje angstvallig de deur weer gesloten. Buiten hing de mist als een dikke deken om het huis. De hele avond is er hier geknald. Ik kon het programma niet meer volgen, dus filmpjes kijken, wegsoezelen, een Engelse detective op de BBC. Opeens vond ik het verdacht lawaaierig.  Ik had het moment suprême gemist. Twee over twaalf. Gelukkig Nieuw jaar allemaal. Er was zelfs de lust niet om naar het vuurwerk te kijken.  Zoveel leed veroorzaakt het. Iedereen die worstelt met minder goed werkende longen, kan nu niet buiten zijn. daar helpt geen mondkapje of wat tegen. Nostalgie is soms dodelijk.

Het huis in de Amandelstaat straalde een warm licht uit. De ramen zonder de dichte gordijnen brachten een blik van sfeer en vrolijkheid. De familie deed spelletjes. Het centenbord van opa, de spelregels geven reden tot discussies. aan de grote tafel wordt gekaart. oliebollen en appelflappen op de tafel. Geen beignets, welnee, flappen. Ronde schijven, met het klokhuis eruit gestoken, goudrenet door een beslagje en dan in de olie. Na de oliebollen als laatste afgebakken. Emmers vol.

Om twaalf uur zwaaide de deur open en dan stonden wij trillend van de spanning en de slaap op de drempel met onze sterretjes, terwijl de buren uit de straat een voor een aanwaaierden om nieuwjaar te wensen. Buurman met zijn smakkende lippen, buurvrouw met haar lieve glimlach en twinkelogen, de jongens van de overkant. Achter het huis werden de kerstbomen door de broers versleept naar het land. De kerstbomenjachten waren achter de rug en doorgaans was de buit groot. Als de rotjes en gillende keukenmeiden minder heftig waren,  liep de straat uit naar het landje. Een vreugdevuur. Alle goede wensen gingen mee de lucht in. Het zou nooit veranderen, dachten we. Nostalgie mag je koesteren.

Op de televisie speel ik ‘Remi sans famille’ af. Sentimenteel, lieflijk, Vitalis en Remi zoals ze eruit hoorden te zien, met hun hoeden, de pofbroek en de riemen om de kousen. Het verhaal was gewijzigd. De mijnen kwamen er niet in voor. Maar de hoofdthema’s waren bewaard gebleven. De stervende Joli-Coeur, wolven, de Milligans en de zwaan, de Engelse boeventronies,  die zijn familie zouden zijn, het bezwijken in de sneeuw. Ends well, all well’. Als de realiteit de nostalgie overschaduwd, hengelen we vroeger binnen op de buis.  Daar is het weer, de sfeer, van het zal nooit anders zijn. Tijden veranderen. Gelukkig maar.

Uncategorized

Een lange nacht volgde

Alles kan altijd nog erger. Dat was de optelsom na de slapeloze nacht, waarbij de hoestbuien in golven de adem benamen en het kleine bloemenkussentje in de zij probeerde de pijn te doven, als ik er hard op drukte.

Niet nog een nacht op die manier erbij, bedacht ik me. Afspraak gemaakt bij de huisarts. Dacht dat ik het wel kon redden. Dochter kwam haastig aanrijden om half acht. Lief zo’n kalme support bij me. Eigenlijk hadden we quality time, afgezien van de ongemakken. Het deed me denken aan de tijd dat ze uit Frankrijk hier vaak een hele week over waren en zij en ik tussendoor tijd hadden om, zittend op het bed, de wederwaardigheden te bespreken. Nu zat ze weer aan het voeteneind en volgde met argusogen mijn verrichtingen. ‘Naar de huisartsenpost zou nog wel gaan, maar mam je moet daarna vier trappen omhoog’. Het was na het douchen. Het gereutel hield niet op en met teugen probeerde ik lucht binnen te hengelen na de inspanning. Dokter laten komen bleek de oplossing.

Tussendoor wipte zoon nog even aan. Gemoedelijk zonnetje, met elkaar op de bank, dochter had de badkamer gepoetst en zoonlief de kamer gestofzuigd. Er was warme rooibos en sfeervol gesprek. Zij praatten en ik hapte lucht. We grapten. ‘Altijd rond deze tijd mam.’ ‘Ja, omdat ik jullie dan allemaal om me heen wil hebben. Haha.’

Dokter kwam, luisterde uitvoerig naar het gereutel. De saturatie was als altijd eigenlijk best redelijk. Toch een screening in het ziekenhuis, om dingen uit te sluiten en erger te voorkomen. Het was goed, want het zou voor zekerheid zorgen en aangepaste maatregelen geven voor het angstaanjagende zwoegen met altijd te weinig resultaat.

IMG_7337

On-y-va in de Franse auto van dochter. De mevrouw achter de balie zuchtte maar eens. ‘Het is stervensdruk’, mompelde ze, ‘lange wachttijden’. Met een intonatie in de stem, alsof we er zelf voor kozen. Wonderlijk aspect van de hulpverlening. Uitleg hoefde niet. De pressie was te groot, zag ik aan haar neergedaalde mondhoeken en de weinig ontvankelijke blik. In wachtkamer 1 werd het bevestigd door veel bezette stoelen. We kropen in de hoek. Wachtkamer 1, wachtkamer 2, stappenplan voor het traject. Alle ins and outs keurig op een rijtje, in vrolijke frisse kleuren. Erbij vermeldt wie je ging ontmoeten, Triage-verpleegkundige voor de intake, gastvrouw voor het bezoek, Seh-verpleegkundige voor de handelingen, assistent-arts voor de bevindingen en overleg met de longarts. Een geoliede organisatie en het liep gesmeerd, alleen de hoeveelheid aan binnenkomers niet. Overmacht all over the place.

IMG_7338Uitzicht op de Dom

Zussen kwamen met hun zo vertrouwde vrolijkheid, op de eigenlijk voorgenomen, zussendag, een kakelvers gekochte pyjama brengen, om daarna te gaan lunchen in de kantine. Huisarts had een eventueel verblijf aannemelijk geacht. Malle meiden. Ze hadden mijn voorkeur voor zwart hardnekkig in de wind geslagen en een opfleurend, bijna Chinees, patroon gekozen. Glimmend en vrolijk. Zo lief om ze daar te zien, wars van regels en gewoonten. Het doet veel met een aangeslagen en slapeloos gemoed. Het ontroerde me.

IMG_7342Groen

Per wachtkamer vier uur, op de SEH ook drie uur.  Steeds zagen we andere mensen weer lopen en terug komen, weggaan en weerzien. De mevrouw die wilde eten en drinken en niets mocht, de twee kakelende zusjes en de zwijgzame man, de man met zijn getatoeëerde armen, die binnen een tel de hele wachtkamer had overgenomen met zijn verontwaardigde verhaal en de benauwde hoestende mevrouw, die naast me zat. We konden een duet hoesten, blik van herkenning. De man met de zuurstof en het kapje en zijn hoofdschuddende vrouw, de vrouw in de rolstoel die dochter en ik allebei graag hadden willen tekenen. De malle molen werd aangedraaid. Bloedprikken, Thorax foto, urinepotje, ECG, bloeddruk, saturatie via de slagader. En wachten en kletsen. ‘Mooie kleur groen heeft U aan’, zei de pleeg en het was als een vleugje thuis.

IMG_7346De beensteunen

Het zijn vaak de kleine dingen die het doen. We hebben gegiecheld als bakvissen om het feit dat ik op een kamer van de gynaecologie lag met de beensteunen achteloos op de grond en het uitgeschaterd om malle invallen, nou ja, voor zover als mogelijk. De coassistent kwam vertellen dat ik een virus had opgelopen, Het RS-virus, dat zich nestelt in de kleine longblaasjes en daar uitpakt. Hoefde niet te blijven, kreeg wel weer verhoogde prednison en nog een reeks aan medicijnen mee.

De vier trappen waren Kilamanjaro’s en Baantjer was de afleiding. Wat mis ik de robuuste Cock met cee, ooo, ceeee, ka, Piet Römer. De vijfde trap, een vesting en een lange nacht volgde.

 

 

Uncategorized

Lang en gedachteloos droedelen

De prednison doet haar werk. Het hoesten scheurt in de zij en houdt me uit de slaap. Ik stapel drie kussens op elkaar en ondersteun de rechterzij. Zo heb ik nog wat lucht. Doezelen tussen de hoestbuien door. Gekke gewaarwording dat je koud en rillerig bent terwijl de temperatuur piekt. De hoofdpijn vervolmaakt de deceptie.

Dan vooral vroeg douchen om de warme kleren aan te kunnen trekken. Zwarte coltrui, zwarte wijde broek, geen knellende kledingstukken. Ik hunker naar de aller warmst te verdragen waterstraal. Totale uitputtingsslag maar met meer bewegen toch weer sneller minder het gevoel van ziek. Een omkeerbare gedachte, we zetten het zelf in werking. Als je in bed blijft voel je de kleinste dingen, die er normaal ook zijn, maar waar je geen tijd hebt om op te letten.

Dus tijd voor wat afleiding. De film ‘De twee pausen’ op Netflix met de twee acteertalenten Anthony Hopkins and Jonathan Pryce. Je kan voor of tegen de katholieke kerk zijn, pausen en de verguisde aanpak van de misbruikende priesters veroordelen, maar als film is het een prachtig document. Mij leverde het maar weer eens het bewijs, dat er, achter elke houding van de ander, een mens schuilt, soms bijna niet omhoog te peuren. Met angst, liefde, op zoek zijn naar zichzelf, zich rekenschap geven van daden, goed of slecht. Het is een mens eigen. Zodra het schild breekt en je de ziel aanraakt, met eerlijkheid en liefde, kan er een volstrekt andere mens boven komen, kom je tot de kern.  Het doet me denken aan de kinderen op school.

schorten vastmakensamenwerken

Alle kinderen in mijn onderbouw groep waren me even lief, omdat ik wist dat daar veel te breien viel. Het was altijd boeiend om te achterhalen, waar hun waarheid school, wie ze werkelijk waren. Kinderen worden niet boos, kattig , verlegen of stoer geboren, dat worden ze gemaakt. Het is aan ons te achterhalen wat er onder die pose schuilt. Echt gelukkig zijn ze pas als ze zichzelf kunnen en durven zijn, overal, te allen tijde. Kwetsbaar, met het maken van fouten, maar overtuigd van hun eigen kracht om te kunnen bereiken, wat ze willen. ‘Als je wat wil leren, moet je het proberen, als je het niet probeert dan heb je het niet geleerd’ was ons stokpaardje in de groep. Fouten maken mag. Geen probleem. Ieder heeft eigen kwaliteiten, daar kan je je voordeel meedoen, de motor voor een heerlijke samenwerking.

groepswerk 2016 vogels Groepswerk

De openbaring dat er tussen de houding van een kind en een volwassene eigenlijk geen verschil zit. Dat het leven doorgronden is, een zoektocht.

Hoor mij nou. Het zal het slaapgebrek zijn. Of misschien toch de film. Dan is die in ieder geval, op grond wat het losmaakt, goedgekeurd. Kunst moet raken. Je ondersteboven halen.  Het kan ook zijn omdat ik overvloedig tijd heb om na te denken. Straks misschien toch voorzichtig wat andere bezigheden gaan bedenken. Nou kijk ik bijna nooit films op tv en zeker niet om half negen ’s morgens. Je zou er filosofisch van worden.

‘Kijk nog maar een film’ raadt zoonlief me aan. Maar ik weet niet of het er bij kan. Er zijn nog wat noten te kraken, voordat ik een nieuw thema pak. Een beetje krabbelen lijkt me beter. Niets anders dan dat. Lang en gedachteloos droedelen.

 

 

 

Uncategorized

Koester de kledingkast

In de lappenmand hoesten de longen het oude jaar naar buiten. De huisarts gaf een helder beeld van het geheel. Je bent zo oud als je je voelt en zo oud als je bent, maar je longen zijn twintig jaar ouder. Ik tors dus twee hoogbejaarde longen mee. Op zich vermakelijk als het bij tijd en wijle niet zo onhandig was, zoals nu. Dacht ik het hele jaar door gevrijwaard te blijven en ben ik toch nog de klos. Waarschijnlijk vond gesteldheid dat er na de drukke dagen pas op de plaats moest komen. Dat doen we dan maar, samen met de verhoogde puffen en de prednison.

IMG_7305.JPG

In rood en violetschakeringen belooft de lucht water in de sloot vanavond. Voorlopig is het genieten. Het zal een beetje rommelen en ritselen in huis worden. Er liggen nog wat kinderboeken om te recenseren en het boek van Vuong,met de mooie titel ‘Op aarde schitteren we even’, kan ik nu in een ruk uitlezen. Dat is handiger, want met los-opgediende fragmenten raak je de draad sneller kwijt.

IMG_6901

Er komt een artikel voorbij van vrij Nederland. met de aanstekelijke oproep: ‘Lang leve de lievelingstrui’. Het maakt gewag van de Fast Fashion industrie en roept op tot het in ere stellen van de spreekwoordelijke lievelingstrui. Ik weet bijna zeker dat ik hem nog ergens heb. Het was een turquoise en mijn eerste zelfgebreide trui. Ik had er ook nog bijpassende hoge gympen in dezelfde kleur bij. Die zijn wel weg, omdat ze uitgedroogd en ondraagbaar waren geworden.

img_7311.jpgJasje van No Man’s Land

Toevallig heb ik de hele winter een dun jasje van ‘No Man’s Land’ aan dat ik ooit, meer dan twintig jaar geleden, aangeschaft had bij de kringloop. Ook mijn oude hippie-wikkelrokken zijn er nog steeds. Een deel van mijn gekoesterde zeventiger-jaren garderobe heb ik weg moeten doen met koffer en al, omdat de muizen ze ook erg aantrekkelijk vonden en overvloedig aan het nestelen waren gegaan. Poes Coco in huis genomen en de koffer met tranend hart met een grote slinger bij het grof vuil gegooid.

IMG_7310De wikkelrokken uit beginjaren zeventig

Er is nog een blijvertje van het eerste uur. Een Pierre Cardin vest, kort klassiek model met prachtige ingebreide motieven. Nog steeds kan ik niet snel een kledingstuk wegdoen, maar als het echt op alle fronten te klein is, moet je jezelf niet pijnigen.

IMG_7309Cardin vest

Gisteren was er een herhaling over de collectie van de modeontwerpers Puck en Hans, die  verzameld werd en overal weggeplukt bij particulieren, voor een tentoonstelling in het Amsterdam museum. Van juni tot en met september hebben daar hun kunstwerken gehangen en dat het loonde bleek wel, omdat eigenaren van dergelijke verfijnde creaties aan materiaal en uitvoering, de stukken jaren hebben gekoesterd.

De wikkelrokken zijn zuiver sentiment, maar het jasje en het vest zijn verfijnd en te mooi om weg te doen. Mijn  lievelingsjurk heeft de koffermoord niet overleefd. Ze staat nog wel op de foto met dochterlief, want alles wat hippie en kleurrijk was ging die grote verkleedkoffer in. Vele verjaardagspartijen lang zijn ze van nut geweest. Gekke hoedjes, petten, riemen, indiase sari’s, mooie lappen zaten erin.

IMG_7312.JPG scannen0041Mijn lievelingsjurk en mijn lievelingstrui

Ik vind het een goed idee. Fast fashion proberen te mijden. Op zoek naar het draagbare en degelijke spul met hart voor de zaak. Maak heel wat slijt, wees omzichtig met wassen, kortom… Koester de kledingkast

 

 

Uncategorized

De avond warm kleurde

Wat is 1 uur toch een fijne tijd om de hele meute te ontvangen. Na het latertje van de dag ervoor kon het wakker worden in alle rust gebeuren. Beetje schrijven, beetje mijmeren, een beetje vooruitdenken. Om tien uur ging ik aan de slag met de wentelteefjes in het kader van de duurzaamheid. Oud brood is heerlijk  als het door een losgeklopt ei met melk en kaneel is gehaald. De geur haalde vroeger boven. Binnen een half uur lagen er een stuk of 12 volkoren en maiswentelteven op een van mijn mooie schaaltjes. De tafelsetting rangschikken, Engels aardewerk afgewisseld met wit, de blauwe glazen bij de witte borden, de ongekleurde glazen bij de Engelse cottages. Eieren koken, kerststol snijden. Zo werkte ik me stap voor stap door de voorgenomen handelingen heen.

IMG_7271

Tussendoor was er ook nog tijd om op de hoeveelheid stoelen te letten en om me op te frissen. Feestelijke kerstjurk. Om half een begon het binnen te druppelen. Twee extra klapstoelen, een geniaal lapje dat in een handomdraai werd omgetoverd tot kinderstoel. Dochterlief slachtte voor mij de avocado en de granaatappel. Die laatste geeft een regen aan vitaminebommetjes, als je hem maar blijft mishandelen. Dochter tikte verwoed met de lepel op de arme vrucht. Het kleinste spruitje sliep nog, maar werd weldra wakker toen we aan tafel zaten.

Kerstgedachten schoten voorbij toen er een traan werd weggepoetst. Altijd goed voor diepgang. Het gesprek werd serieus, terwijl de kinderen smulden van het goede leven en ik de fles gaf. Zo fijn en zo waardevol om ervaringen te kunnen uitwisselen en daar je voordeel mee te doen.Wijze woorden en praktische tips werden uitgewisseld en smeedden de saamhorigheid. Na het tafelen mocht ik op de bank met een slapende kleine en deden de dames en heren samen de vaat, met aflossing van de wacht. Een ploeg bracht de tafel weer in haar oude staat en ruimde de boel aan kant.

Het is vooral heel goed om het van een afstandje te bekijken en te registreren hoe fijn het stel met elkaar omgaat, het voedt dat rijke gevoel. Niet overal tussen zitten, maar juist eens van de zijlijn af zien hoe gemoedelijk ze zijn met elkaar.

Weerwolven van Wakkerdam | 999 Games

Schoonzoon had een nieuw spel. Weerwolven van Warmerdam. Hilarisch, omdat iedereen zich steeds slapend moest houden, met de ogen dicht, tot de heks, het onschuldige meisje, de burgers, cupido of de weerwolf aan de beurt waren om op te treden. Dochter las het voor en regelmatig lagen we in een appelflauwte om het grote passieve wachten en het hilarische verhaal. Een mooi spel straks voor Corfu in de meivakantie. Het gaat op bestelling mee.

img_7272.jpg

Een wandelingetje door het mistroostige park, dat zonder vrieskou er maar modderig en druilerig bij lag, kon de pret niet drukken. Feest is het als je samen mag delen. De houtkachels in de wijk aan de overkant zorgden voor wat belemmering met hun kruidige en prikkelende lucht en al zagend verminderde ik de pas. Zoonlief sloot bij.

Zo kabbelde de dag voort en ging ieder zijns weegs, terwijl de rust van de kamer, de sfeer en de gedachte aan het gedeelde moment de avond warm kleurde.

 

 

Uncategorized

Wat een Kerst

Natuurlijk moesten hier thuis de voorbereidingen getroffen worden voor een kerstbrunch op tweede kerstdag. Cruciaal was de tafelschikking. Arm en been ruimte voor iedereen, veertien personen lang en voldoende serviesgoed schoon uit de kast. De rest kon morgen. Tafel van mijn kamer leeg getrokken en door zoonlief naar beneden laten slepen. Die paste perfect, wat smaller maar toch, aan de grote uitgeschoven tafel. Twee kleden erover en klaar. Schuiven met palm en djembé, Helemaal goed stond het nu. Een lange diagonaal dwars door de schoon gezogen kamer.

8F3F6C28-CEFE-4BF4-898B-5002792E3E1C

Omkleden voor de kerst bij de lieve familie van de oude, die allen al  vanaf mijn twaalfde jaar in mijn leven zijn. Deze bijzondere flamboyante clan houdt van cultuur, is belezen, zijn culinair onderlegd en houden hartstochtelijk en bourgondisch van het leven. Als ik vroeger van mijn baantje als vijftienjarige bij de poelier, de nekjes en de vleugeltjes mee naar huis kreeg na een dag ploeteren, wist mijn moeder niets anders te verzinnen dan het spul te bakken, wat veel gekluif, vette vingers en weinig vlees opleverde. Pater Familias van de familie van de oude trok met een brede glimlach en de grote zak de keuken in om er een paar uur later weer met aspic en verse paté uit te komen. Hoogstandjes met het zogenaamde slachtafval. Dan was het feest. Dus bracht ik daar de benepen giften van mijn werkgever mee, die nooit loon naar werken gaf.

IMG_7258

In de grote Oud Hollandse keuken, waar Zwieberse Saar zo uit de voeten had gekund, waren de twee broers in alle rust al bezig om de amuse te bereiden. Dochter hield de planning in de gaten, omdat haar vader nogal zenuwachtig kon worden bij uitloop. De oude had de tafel prachtig versierd met een guirlande. Wij zaten boven en overbrugden de jaren van gemis, omdat ik de twee jaren ervoor, door de gezondheid, niet aanwezig had kunnen zijn. Licht en warmte, uitbundige kaarsen, kunst aan de muur, vreugde en verdriet, kleine kwaaltjes, liefde en warme thee. Zoals altijd was er een entrée met een verfrissende kir op klokslag zes uur. Een eigen Chrystmas Caroll begint altijd bij het slaan van de hele uren. Daarna daalden we af naar de achterkamer, waar de langgerekte en feestelijke tafel in al haar pracht en praal stond te wachten.

IMG_7260

Het menu ontrolde zich glansrijk, waarbij de twee broers uit de keuken met grote brede glimlach en vergenoegde blikken aanschoven om mee te genieten van al hun heerlijk bereide spijzen, overgoten met de lieve complimenten van de ontvangers. Kerst was eten, gezelligheid, hoogstandjes, afgewisseld met de goodmood-borden voor het volgend jaar waarbij we, tussen de gangen door, de grote en kleine bevindingen en wensen opschreven.

img_7266-e1577345935772.jpg

Straks zou er ons eigen kerstlied op gemaakt worden, waarbij alle geeltjes werden genoemd. Een verse, door allen gedragen, tranenthee recht uit het hart. Niet uit de theepot van Uil, uit het gelijknamige boek van Lobell, maar dáár, op het podium  van de theaterzaal. Het werd uitgeschonken onder de, hier en daar ietwat haperende, kerstige trompetklanken van een kleinkind.

Het toetje was een klein Engels zandgebakje met vruchten en notenvulling en geklaarde boter en daarna de koffie toe met voor de liefhebbers een wandeling door het oude verlaten Dordt. Wij wandelden naar de auto en voor de tweede keer deze week liet ik me als een kerstige vorstin rijden in de oude Ford. Wat een weelde, wat een kerst.

 

 

Uncategorized

Dan blaast zij de kaarsjes uit

We komen elkaar tegen in het kleine winkelcentrum met de allure van een groot dorp. Zij heeft twee grote dozen met alle voorbereidingen voor de Gourmet met de familie bij de slager gehaald. Ik race tegen de klok in om de paar laatste boodschappen te doen, neus en passant nog tussen de rekken  met het aangeprezen kerstgoed, onwaarschijnlijk laag geprijsd en synthetisch. Iets om links te laten liggen. Bij het omdraaien en weglopen ontdekken we elkaar en omhelzen omzichtig vanwege de dozen. Nog net op het laatste nippertje geknuffeld, samen op afstand de jaren geteld en aan het lijf zien kleven. Warme uitgebreide kinderschaar, zij en ik, maar altijd nog de meisjesogen vol liefde en verwachting. Klein geluk, maar groots in beleving.

We ontmoeten elkaar bij het koelschap , waar de vers gesneden selderij en munt geurig de lucht prikkelt. Bijna is er de aanraking bij eenzelfde bos munt. Zijn mooie bruine hand tegen het bleke wit. Hij schrikt even maar lacht zijn tanden bloot. ‘Om thee te maken toch’, zegt hij en voorbij is het moment van lichte verlegenheid.

IMG_7246.JPG

Bij de kassa van de kleine Marokkaanse winkel staan lange rijen. Iedereen schuift geduldig op zodra er een mandje leeg gemaakt is bij de kassa. Het meisje kijkt niet op of om, maar aan de andere kant bij de kassa, kreunt de wat oudere vrouw in haar djellaba. Ze staat op en steunt met beide handen de rug en zucht. ‘Zo gaat het al de hele dag’, roept ze tegen niemand in het bijzonder. ‘Wat zeg je schat. Ja hoor, jij mag dat, jij mag alles’, dan lacht ze door de vermoeidheid heen en gaat weer zitten. Het volgende mandje schuift door. Achter me staan twee Hindoestaanse vrouwen. Ze lachen en bespreken de gehaalde ingrediënten. De volkoren panbroden komen binnen en ik haast me er twee te pakken. De frambozen blijken twee bakjes voor één euro te zijn. Ik ren, iets wat ik niet moet doen, om een tweede bakje buiten bij de uitgestalde groenten te halen. Frambozen in de winter voor een euro. Wat een heerlijke kerst.

IMG_7138

De wijn bij de super, nu naar het winkelcentrum verderop. Groentebouillonblokjes en de vergeten knoflook, als bonus de zalmcarpacchio voor de vlees en viseters.

Thuis wacht het kerstprogramma bij uitstek op televisie, terwijl de verschillende mogelijkheden  aan verkleedpartijen door mijn hoofd gaan. De rode plissé met de zwarte coltrui, te warm misschien. De zwarte feestjurk die onder de jas omhoog kruipt. Simpele zwarte broek, maar met wat erop? Blauwe blouse te stijfjes.  Haar op zolder of niet, pony lang of korter.

500785 De Nicolaaskerk in het Ondiep

In de ochtend wordt ik wakker met een rasperige keel. Dat is lang geleden. toch een Frans kou-tje opgelopen. ‘Stillige nacht’ denk ik en aan vroeger.  Samen in het duister en de vrieskou wandelen naar de kerk. In mijn beleving altijd met sneeuw. Bremstruiken als dubbelgeklapte engelen in een waas van wit achter het hek met de lansen. Drie missen met drie Hogepriesters, hostie om niet flauw te vallen, kamfer en motteballen, wierook en veel astrakan bont op de kragen. Huppelend naar huis, warme lange tafel met de geur van vers brood en roomboter, vleeswaren en kaas in overvloed, sinaasappel met kruidnagel. Voor het stalletje zingen we aan het eind: ‘Het is kinderbedtijd,’ zegt vader ‘Vooruit, de kaarsjes die moeten nog uit. Wie heeft er de beurt om te blazen vandaag, dat is kleine…, die doet dat zo graag. Fuut, fuut, fuut fuut, fuut fuit, dan blaast zij de kaarsjes uit.’

Fijne dagen allemaal.

Uncategorized

Als je nooit een steen in het water legt…

Dankzij een gesprek op de terugweg van Parijs naar huis ontstond mijn nieuwjaarsgedachte. Eigenlijk is het een concept voor vrede en natuurlijk al zo oud als de weg naar Kralingen, alleen schort het hier en daar aan de toepassingen. We hadden een discussie over de verschillende vormen van voedselbeleving. Vegetarisch, vegan, veganistisch, macrobiotisch, omnivoren, carnivoren, wel vis geen vlees, alleen maar groenten, alleen maar granen en alles wat daar tussen ligt. In de auto mocht iedereen zelf bepalen wat hij of zij het liefste wilde. Sommige wilden de milde vorm met de inslag, alles waar ‘té’ voor staat is niet gezond, iemand dacht niet buiten de hoeveelheden groenten te kunnen met een portie vlees, vis was een gewild onderdeel. Alle varianten kwamen in ieder geval langs en dan waren wij nog maar met vieren.

Daar kwam mijn wens om de hoek kijken. Zolang we het hadden over wij en zij, gaapte er een fictieve kloof. Was het mogelijk dit te overbruggen door over ons te praten, wij samen, met al onze hebbelijkheden en voor een ander misschien onhebbelijkheden. Wij met ieder een eigen invulling, wij die er mogen zijn als vleeseters of overtuigd veganist, wij die dieren liefhebben en toch houden van mensen, die ze eten. Laten we nu beginnen. Zo vlak voor de kerst. Vul je tafel met liefde.

IMG_7159

Die liefde aan tafel vonden we in een klein Parijs authentiek restaurant met een gemoedelijke ouderwetse uitstraling. Daar bestelden we een gerecht van tien kleine gerechten op een groot bord voor twee personen met vier schotels erbij. Het idee van de aardappeleters, maar dan met orientaalse inslag om bij van Gogh te blijven. Heerlijk verkwikkend tafelen met voor elke wat wils en verse pitahbroodjes om te dopen.  Niet te veel en niet te weinig. Het was zo intiem om met elkaar van dat ene bord te eten, dat het idee bij het terugdenken eraan, met warmte vulde. Wij, alle vier verschillend, en toch met liefde aan hetzelfde bord. Een mooie vredesgedachte.

Zoonlief had op zijn telefoon de trailer van een Syrische film, For Sama. Het versterkte mijn idee. Geen grotere tegenstelling dan dat verscheurde land, waar eerst moslims en de Christenen liefdevol land, ruimte en liefde deelden. Een oorlog die niet had moeten zijn.

Ik keek naar de beelden op de trailer en kromp ineen bij elke verwoestende uitbarsting, een Armageddon voor de achterblijvers, de overlevers. Waar de wereld eindig lijkt begint de oorsprong klein. Stekeleteeën en Haatzaaiers vechten om voorrang.  Ikke, ikkke, ikke en zij en wij en ik en jij en hullie en zullie, noem het maar. Onschuldig taalgebruik zaait de tweedeling. Wij, nu en altijd, verschillende mensen maar allen samen op die aardkloot, die leven geeft, leven leeft en leven neemt. Laten we het Leven leven en niet de dood.

IMG_7184

Die gedachte borrelt op als ik naar de vreedzame Seine kijk, met haar lucht en licht, pracht en praal van de oeroude rivier en haar luister. Ze herbergt een andere wereld onder haar bruggen en op de werven. ‘Het leed gaat keurig aangekleed over straat’, zong Herman van Veen ooit. Maar hier dolen ze rond langs de uitnodigende, warm verlichte etalages, met hun lompen om de voeten gewikkeld, een stuk bloot been erboven, een  schamele jas, de handen in een onbestendig omhulsel,verfomfaaide zwarte hoed. Ook Hij is Wij.

Deze flarden, gedachten van het eerste uur, blijven komen. Ik schrijf ze op, geef er een podium aan en bedenk dat, als je nooit een steen in het water legt, de stroom niet zal veranderen.

 

 

 

Uncategorized

Opgeroepen sterrennacht

Bij het krieken van de dag uit de veren. Om zeven uur zouden we vertrekken en ik wilde nog schrijven, kalmpjes aan wat medicijnen weg werken, poes Pluis van dubbel eten voorzien en de vuilniszakken naar beneden hebben. Meer noten had ik niet op mijn zang. Nou ja…Fris en fruitig aangekleed zijn, gepakt en bezakt. Ik hou van het langzame opstarten in de ochtend. Dat is de winst van het ont-moeten. Het schrijven is daarbij een mooie mindset. Even terug naar de beleving, lossen, en blanco ontvankelijk voor het nieuw.

De jongens kwamen naar beneden gestommeld en maakten zich klaar. Om precies kwart over zeven uur stonden we bij zuslief voor de deur. Het was onze reis en wij mochten beslissen, hoe we het zouden indelen. Nee, dus niet vragen wat zij eventueel voor plannen hadden. ‘Your wish is my comment’. Mijn eigen Aladdin reed als een vorst in zijn witte slee. Achterin op de leren bekleding zaten wij en kregen elke muziekstijl en soort naar wens voorgeschoteld. Rustig en bedaard vond hij zijn weg regelrecht naar het hotel in Parijs. Belgie huilde spijt onder de snelle passage, maar toch waren er hier en daar nog een paar zonsopgangen, die zich door het wolkendek heen wrongen.

Ingecheckt en opgefrist gingen we naar het beloofde land. Atelier des Lumieres, atelier van het licht, met de sterrennacht van van Gogh als voornaamste trekker. Don Maclean hadden we in de auto nog niet gedraaid, maar heel even vloog ik terug naar mijn eigen Starry Night op een van de laatste kerstavonden van de Jenaplan, met de entourage in blauw, wit en geel. Twinkelende sterrenluchten, een verhalenvertelster in een sprookjesachtige setting, de grote kroonluchter in het midden met de honderd vredewensen en de kerstboom van de boeken in het midden. Natuurlijk mijmerde Starry starry night van Don Mc. Clean door alles heen. Met de jongsten had ik grote lakens laten verven in zwart en allerlei tinten blauw, van kobalt tot ultramarijn en ook hier tussendoor de kleine kerst-ledlampen. Ze schenen uitbundig en dankbaar voor het oplichten van de creatieve uitbarstingen. De kinderen verfden de twinkelende luchten tot we vier stuks wandbedekking hadden voor in de gemeenschapsruimte.

Voor het atelier haalden we nog een broodje in een piepklein eettentje met een luid zingende eigenaresse, die haar opdrachten naar beneden schetterde en een goedlachse kok die met een grote grijns het eten opdiende. Een broodje voor de jongens en een halve vegetarische voor ons.

IMG_7126g

Aan de overkant was de ‘Place tot be’ en daar werd dochterlief afgezet, terwijl haar lief verder zocht naar een parkeerplek. Het grote avontuur mocht beginnen. Het startte direct bij binnenkomst met Van Gogh zijn Japanse Periode. Hij was zelf nooit in Japan geweest, maar had zich laten inspireren door de Japanse prenten, die hij  had gezien. Daar kletterden de Shogun zwaarden in alle maten en vormen onder de aanzwellende muziek en onder de loerende blikken van hun meesters, die langzaam weer uitvaagden en uitrolden tot nieuwe personages.

De aanblik van vloeren en alle muren in beweging gaf een wankel evenwicht. Ergens in het midden zaten mensen in ademloze stilte de overweldigende schoonheid tot zich te nemen, sommige hadden zich verschanst in een hoek en vormden onderdeel van het decor, anderen waren in slaap gevallen onder de hoeveelheid aan prikkels licht en geluid. Elke verfstreek werd gedetailleerd uitgelicht, alles kwam langs. De irissen, de zaaiers, de zonnebloemen, de Seine en haar sterrennacht.

Kroon op de beleving was het mogen aanschouwen van de Seine, de sterren, die achter het mooie blauwzwart waren verdwenen, maar waar de vele verlichting er het beeld schiepen, dat van Gogh op zijn netvlies moet hebben gehad. De rimpelende weerschijn van licht in het water. Daar kon de ijzige koude wind, die ons ineens om de oren waaide, geen afbreuk meer aan doen. Een pracht aan opgeroepen sterrennacht.

Uncategorized

Vriendschap

Alle goede dingen komen in drieën. Zo ook de feesten. Besloten om met de bus naar Utrecht te gaan. De boeken die ik had uitgezocht voor de twee jarigen had ik zorgvuldig ingepakt, maar de plakband had tussen Sint  en Sint pootjes gekregen, dus het bleef bij ingenieus vouwwerk. Door het ontbreken van zo iets essentieels miste ik de bus. Appje en geen nood, want de taarten bleven staan, dacht het feestvarken.

IMG_7014

De bus had er de vaart in en klokslag elf uur was ik op de plek waar ik wezen moest. Gelukkig gesternte zorgde ervoor dat ik op tijd de klink van het kleine bakkerswinkeltje naar beneden kon drukken. De tijd had even stil gestaan. Anton Pieck zou verguld zijn geweest. Het feest was beneden in de kleine oude werfkelder. Alle lieve bekenden kwamen binnen druppelen. Dat was op zich al een feest. Het bleek een verjaardagskalenderverjaardag te zijn waarbij ieder moest helpen om de verjaardagen van de familie in te vullen. Maar een deel was maar familie. Moeiteloos lepelden ze jaartallen en geboortedata op van familieleden, die of net of allang het tijdelijke voor het eeuwige hadden verwisseld. Ik was verbaasd over de familiegeschiedenis, die zich daar ontrolde. Er kwam een taartje met een kaarsje en in het half duister miste ik het moment supreme. De oude sproeide het kaarsje uit. Niemand wilde meer een hap. Na afloop liep ik als wandelende kunstkerstboom van hout en  lichtjes met de oude op en parkeerde hem en het voor de woning.

IMG_7022

Op mijn dooie akkertje ging de tocht voort naar Lombok, waar vriendin haar vernissage hield. Wat een fijne sfeer hing er toch in die kleine galerie, annex woonkamer. Ze had kwistig rondgestrooid met haar zeevitamientjes, die overal de warme wolkenpartijen, het licht op het  strand, de zomer uitstraalden. Geen passender dag ervoor. Licht in de duisternis. Er zat iemand op de schommel, en er was verse verveine thee. Het was er goed toeven.

Opgewarmd door sfeer en goede zorgen  overbrugde ik nog eens dezelfde afstand van de heenweg, kriskras de stad door. Langs de Daalse Dijk waar mijn moeder ooit geboren was en de Otterstraat, waar mijn vader had gewoond, langs de plek van de verdwenen Monicakerk. Hier lagen alle voetstappen uit mijn verleden. Kabouters en gidsen, werkplekken, stage-scholen. Kriskras er doorheen, langs de molen, af en toe turend op de telefoon of ik de goede route liep. Het plein op, waar ik ooit in de automatiek patat had staan bakken voor al even knokige scholieren als ikzelf. Het was er nauwelijks veranderd, al  was het badhuis nu een restaurant en woonde de oude baas van de winkel niet meer op de hoek schuin er tegenover. Vlak erachter was de nieuwe stek, waar gewoond en gefeest werd en het ademde vertrouwde straten. Het grote hoekhuis nodigde uit in warm licht.

Vriendinlief was helemaal jarig. Ook hier veel oude bekenden, mijn halve school aan oudcollega’s met verhalen over alles wat achter me lag. Hun kleine en grote uitdagingen op het werkvlak en de veranderingen. De kinderen, ooit met kleine angstige dribbelbeentjes in mijn groep, verscholen achter de rokken, nu als bomen van mannen spreidden de jaren uit en ik telde mee. Twintig jaar tussentijd en het voelde zo vertrouwd. We raakten niet uitgepraat, maar op een gegeven moment was het tijd om op te stappen.

IMG_7024

Het lopen door de stad had me goed gedaan. Vleug nostalgie. Door het busraam vervormde de wereld in ovalen en langgerekt licht, terwijl ik nasudderde op de goede stralen van de vriendschap.

 

Uncategorized

Op naar het nieuwe jaar

De langste nacht breekt aan. Straks als de avond invalt. Vroeger dan gewoonlijk. Gisteren viel het op dat de dag al snel ging wijken. Ademloos naar de lucht zitten kijken, die inktzwarte wolken opriep. Het zoveelste achterkleinkind van mijn moeder is geboren en zuslief heeft afscheid genomen van school.  Het laatste zouden we, een beetje chique, vieren met de zussen, als niet het eerste in gang was gezet. Mijlpalen markeren het jaar.

Het is het tweede jaar zonder de reuring op school. Kerst was een tijd van grote hectiek, maar ook van de intieme warmte. Het laatste jaar in 2016, vlak voor het moment dat mijn hart me vertelde dat het kalmer aan, anders of relaxter moest, had ik op de school van vriendin heerlijke herinneringen opgebouwd in de vorm van een prachtige hemel op canvas, met de gezichtsbedrogjes, lange gekrulde slierten die naar boven leken te draaien, heel veel glitter op mooie kleuren plakkaatverf en sterren aan draad. Daar tussen hadden we de ledlampjes van een lichtsnoer door het doek gestoken. Het vertolkte het ingetogen gevoel na de uitbundige sintvieringen.

IMG_0921

Ik denk met dankbaarheid terug aan die vervulde tijd. De prikkels van de kinderen met hun ongebondenheid en spontaniteit. Steeds weer konden ze de kleine hoekjes los peuteren van ideeën en gedachten en dan ontstond er ineens opnieuw zoiets verwonderlijks, een scheppende kracht. Het is kinderen eigen.

Vandaag is de oude jarig en eten we taart bij de Bakkerswinkel in een select gezelschap. Dan zijn we even oud. Jaren samen opgegroeid, elk jaar op een periode van zeven jaar na, het feit samen gevierd. Zijn verjaardag en nooit de mijne. Dat niet vieren heeft haar oorsprong in het verleden, de verjaardagen aan huis, het stijfjes in de kring, de gesprekken die dwaalden door de ruimte,  flarden opgevangen door de kleine potjes met de grote oren. Dat werd herhaaldelijk duidelijk gemaakt door waarschuwende blikken en knikjes van hoofden in onze richting. Zij hadden toch minstens veel grotere oren, dacht ik verongelijkt. Die aanwaaiprietpraat werd soms fluisterend achter een hand, soms bulderend van het lachen verweven. Het liefst verschanste ik me in de keuken. Altijd was er wel een prikkend boordje van een kriebeljurk in de nek, als het te warm werd en de stof begon te werken. Zondagse kleren waren schering en inslag en ik had er een grondige hekel aan, omdat het kerkse stijf er bovenuit schuurde.

bakker boonzaaijer

Liever darde ik onder de kritische blikken vandaan, het vrije veld in op het landje achter het huis, of de poort door naar de slachterij, verboden voor zondagse prikjurken en alleen te begaan in soepele terlenka met velours sweater, afzak-kniekousen en gympies. Weg uit de blauwe rookdamp  binnen. Dat kon lang niet altijd. Het was een keuze. Als je er niet was, ging al het lekkers je neus voorbij. De sneeuwballen van bakker Boonzaaijer waren niet te versmaden. De slagroom die op de advocaat moest, kon, als het bijna op was, leeggeschraapt worden met de pannenlikker. Zonde als het je neus voorbij ging.

Heel anders dan de feesten van de oude in de gloriedagen van weleer. Taartenwedstrijden, huisfeesten, eten te over, likeuren in alle kleuren van de regenboog, rijkelijk vloeiende drank. Weer een jaar erbij. Heel lang heb ik me jonger gevoeld. In jaren nog steeds, in wijsheid ouder. Het systeem vertoont haperingen, er vallen gaten her en der, maar niet in het iijzersterke geheugen, die moeiteloos liedjes en cabaretske verzen oplepelt. ‘Wat de toekomst brenge mogen’ schalt en jubelt het. Dat zullen alle dagen wijzen in woord en gebaar. Op naar het nieuwe jaar.

Uncategorized

Deze Kerst kleurt kastanjerood

Als er een ouderwetse klok zou zijn, had ik nu de slagen geteld. Een op het half en de waarachtige hoeveelheid op het heel. Van een Friese staartklok bijvoorbeeld of een vlinderlichte pendule met het halfroterende uurwerk, of de comtoise klok met de glanzende slinger, Ik heb hier wel de bruine tafelklok, die nog uit de erfenis van oma Driehuis komt, maar niet werkt. Ze zwijgt zoals de nacht zwijgt.

De buren hebben een slaande klok. Op gezette tijden hoor ik hem. Af en toe geven ze er een slinger aan, denk ik, want het slaat niet altijd. Mijn moeder telde vaak de kerkklok, maar óf de kerk is verdwenen óf de klok is het zwijgen opgelegd vanwege geluidsoverlast. Zo werkt dat in onze heilstaat.

IMG_7006De  tafelklok

Vanmiddag werd code C, code B. De hospice viel buiten beeld. het verpleeghuis een optie. Een onverwachte middag vrij en ook de komende dagen. Op zich welkom als voorbereiding op de kerstbrunch. Nostalgie op een Vegan leest geschoeid. Nee, niet alle waardevolle waarden ging overboord. Er zijn teveel zielen meegemoeid. Het hoofd stelt lijsten samen. Kerststol ja, zoete koek ook, afbakbroodjes natuurlijk, zuurdesem erbij, maar ook wraps gevuld met groenten, muffins met verse  jam, chocopannekoekjes zonder eieren en melk, smoothie van vers fruit, en havermout, met amandelmelk, een fruitsalade. Er is veel heerlijks onder de zon. Good old advocado en courgette mogen zeker een woordje meespreken.

Met dochterlief zal ik de boodschappen doen, maar eerst gaan we zus haar laatste schooldag vieren. Ze heeft het volgehouden tot het moment, waarop ze financieel in staat was om er uit te stappen. Als wij maar net zo oud worden als ons moeder, dan is zes jaar een mooie tijd om te kunnen doen wat je nog graag wilt in het leven. Daar had ik maandag nog een gesprek over. Vrouw alleen, ZZP’er, moet door blijven werken tot haar pensioengerechtigde leeftijd. Ze was hondsmoe en somde achter elkaar de bezigheden op. Coach, gespreksgroepenleider, twee dagen voor de groep, en diepdonkere wallen onder haar ogen. Nog maar tien jaar te gaan. Het schrijnde even rond mijn stent. Of de vrouw wier man 12 jaar ouder was. Nog een paar jaar en dan genieten. Nee, schreeuwde mijn hart. Elke dag genieten, van elkaar, van het leven. Het is korter dan je denkt. Genieten begint nu, gisteren, vroeger. Ik hoefde het niet te zeggen. Ze wist het wel, hoorde het zo vaak, leek mij. Diep in je hart weet je hoe het werkt.

Zuslief is wijs en gaat vanaf vandaag haar hele eigen pad. Fotografie is haar grote hobby en reken maar, dat we de meest bijzondere plaatjes te zien krijgen, want ze struint op plekken waar niemand komt. Het eufore gevoel van eigen baas ebt nooit meer weg. Dat blijft, ook al vult de tijd zich met andere afspraken en regels.

IMG_7005.JPGHenna

De huisartsenpost had geen plek vandaag of ik moest om acht uur bellen. Door de vallende klokslagen was ik te laat. Ik verbeeld me of denk de hand minder dik. Als ik haar buig, kan ik tellen hoeveel dagen een maand duurt. Januari op de knokkel, februari in het dal, maart op de knokkel, april in het dal. Maar het dal van juni is aanmerkelijk minder diep. Het is bijna tijd voor Atelier des Lumières. De plissébroek, denk ik, het zwarte organza jasje ook. We zullen zien. First things first, nu de kerstboodschappen en de henna. Deze kerst kleurt kastanjerood.

IMG_7007

Uncategorized

De moeite waard

Er waren gisteren al wat stramme gewrichten in de hand. Ik dacht dat ik in mijn diepe winterslaap van die nacht er faliekant verkeerd op gelegen had. Vannacht wroette de pijn me af en toe wakker. De droom over zoonlief en de knappe dokter met zijn vrouw, de nieuwste elektronische snufjes om te opereren, zoonlief de dokter en niet anders om, via een ingenieus scherm op zijn hoofd, dat zonder moeite de juiste weg aangaf, het zwemmen langs de riffen en de kinderen in lange rijen op de heuvels langs de weg met een meisje die in de diepte was gekukeld, de ophef die het teweeg bracht, dat alles had de pijn niet weggenomen. Sterker nog de muis van de hand bleek dikker te zijn geworden. Dit muisje zou nog een staartje krijgen, vermoedde ik.

De ochtend verliep in alle rust. Gisterenmiddag was ik nog even bij de kringloop aangewipt. Ik kwam iemand tegen die me uiterst enthousiast begroette, maar ik moet eerlijk bekennen, dat ze me wel bekend voorkwam maar was weggezakt in de diepe krochten van het geheugen. Een deur die ik had dichtgeslagen misschien. We stonden bij de kerstprullen en ze was bezig aan het verzamelen, kerstfrutsels om stukjes mee te maken op school.  Zo herkenbaar. Ze kende mijn hele gezin en zo had ik een uitgebreid persoonlijk gesprek met iemand wiens naam was verbleekt en niet meer boven de kerstballen uitsteeg.

De oproep van waakmaatjes, ik ga straks op bezoek bij een verwarde man van mijn eigen leeftijd. Altijd een beetje confronterend. Wel is de beeldvorming anders als mensen, al dan niet verward, bij kennis zijn. Dan is er nog een uitwisseling mogelijk en is het beeld veel persoonlijker. Het interview gisteren had ik met iemand van ons team die vele jaren jonger was. Bijzonder is dat, aan het begin staan en dan al denken over de dood. Ze vond het niet zwaar. Wel confronterend toen na het overlijden van iemand een vrouw met een pasgeboren baby naast haar in de trein kwam zitten. Dat zijn de momenten dat het besef helder is, in een fractie van een seconde. Dood en leven wandelen hand in hand, zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Zij noemde de schoonheid van het sterven. Zo’n lieve jonge vrouw met dergelijke dichterlijke gevoelens omtrent afscheid is opmerkelijk. De hoofdreden was de vraag aan zichzelf of zij alleen wilde sterven. Het antwoord was nee en daarom had ze zich opgegeven. Aan alles ligt ten grondslag: ‘Wat is de wil van de persoon zelf’. Zoveel mensen, zoveel wensen.

Straks aan de fysio zal ik vragen waar toch die dikke hand vandaan komt. Misschien zit er ergens een verdwaalde wesp en ben ik stiekem gestoken. Maar dat is een beetje verstoppertje spelen. De pijn was er gisteren al, de zwelling vandaag, het lijkt erop dat de pezen ontstoken zijn. We gaan het zien en beleven.

Gisteren schreef een van mijn vriendinnen op mijn debacle van gisteren: ‘Go with the flow.’ Dat doe ik altijd, het is mijn levensmotto. Komt tijd, komt raad. Voorlopig moet ik even stoppen met dingen te doen, die tegen mijn eigen ratio indruisen. Geen bergen beklimmen die hoger zijn dan de saturatie aan kan.

img_5530.jpg

De zon schijnt, het ziet er prachtig uit. De fysio roept, een interessante ontmoeting wacht. Het leven is betekenisvol en zo de moeite waard.

 

 

Uncategorized

Energie van de wil

Laat wakker, na een avond schilderen, nadat ik voor het eerst merkte, dat het vege lijf er het bijltje bij neer gooide en zich niets aantrok van mijn eigenzinnige wil. Twee autonome systemen, die volstrekt een eigen plan trekken. Wil wil wel, Lijf kan niet. Wil trekt aan het aller kortste eindje. Want als de massa botten, organen, vaten niet voldoende stoffen toegediend krijgen, zakken ze als een plumpudding ineen.

Weer somde het hoofd het rijtje omstandigheden op: Te grote luchtvochtigheid, teveel hooi op de vork, te inspannende trappen, te veel gesjouw. ‘ Overal waar te voor staat, is niet goed’, hoor ik oma vinnig zeggen, bij het bericht dat mijn moeder zwanger was voor de tiende keer. Het werd uiteindelijk een tweeling en zo had het lot zelf een besluit genomen. ‘ Het leven komt zoals het komt’, zei mijn moeder dan en daar was alles mee gezegd.

IMG_6995

Het wilde niet in ieder geval. Mijn bloem verpest met toetsen als streken zonder gevoel. Stop, schreeuwde mijn organisch systeem. ‘Kappen.’ ‘Nu.’ Dat was het enige goede advies. Stop. Mijn lieve vader van de kinderen zei dan ‘Genoeg is genoeg.’ Zo is het. Waarom wil Wil altijd het onderste uit de kan. Hals over kop heb ik mijn bullen gepakt en ben weggevlucht. Teleurstellingen zijn moeilijk te accepteren. Weer een trapje lager.

De nawee duurde langer dan verwacht. Sip is niet makkelijk te sturen. Sip gaat een volstrekt eigen leven leiden. Te laat naar bed en te laat op. De dag in het thema van te. Zo wonderlijk. De omschakeling naar het werkzame leven in een gemeenschap werkt helend, volstrekt anders dan de avond ervoor. Daar ging ik, met energie en volop zorgfactor.  Ze voelen als mijn eigen persoonlijke ontmoetingen. De vrouw met de pruik en vriendin, de vrouw met het hoofddoekje in een eigen twist, de jonge meid, te jong eigenlijk met altijd weer een nieuwe vriendin als begeleiding, de man met de schilderijen, de bouillon meneer half om half. Zo vullen ze de dag. Ik weet wat mijn pappenheimers willen. We babbelen over van alles.

Vandaag een belletje, ‘kom je naar de balie, iemand wil je een kaartje geven.’ Lieve woorden in een tulpenbad. Laatste chemo en dan de lange onzekere weg.  Ontroerend gevoel en daarna de hartelijke omhelzing. Vlak daarop weer een present. Aanhef: ‘Engel.’ Niet zonder tranen te lezen. In de garderobe, gelukkig. Daarna bevestigend  knijpje in de knie. Wie is hier de engel. Lieverd, die vecht voor leven.

Een bijzondere ochtend met een interview voor de krant. Altijd een dubbel gevoel. Foto in scene en praten over gevoelens en bevindingen, in de hoop dat het overkomt. Het werk is zo betekenisvol, voor hen en voor mij Het geeft net die meerwaarde, die toevoegt. Ze geeft ook energie. De energie die ik verlies door de ontbrekende lichamelijke efforts. Het is niet anders. Wil en lijf in gevecht. Ik heb ze beiden lief. Elke worsteling geeft een nieuw perspectief. Dat is de kracht van de geest. Verheffen, doorwrochten, kantelen, omdenken, noem het maar. Alles is mogelijk. Een ding is zeker. Het helpt. Lichaam helpen door energie van de Wil.

 

 

Uncategorized

Op een presenteerblaadje

Het was een eindje reizen, maar dan had je ook wat. Al vroeg uit de veren en voor zevenen op pad. Nasoezen in de bus op het ritme van de wielen. Ruim op tijd op het perron, waar in alle rust de van te voren uitgestippelde route kon worden vervolgd. De overstap in den Bosch was op hetzelfde perron. Wat een gemak, geen vliegen en draven, maar van de ene in de andere trein stappen. Geen vuiltje aan de lucht.

IMG_6977

De bus was gauw gevonden en om half tien stond ik bij de presentatiedag van de Stilte. Het danstheater met ‘Dans voor kinderen’. Een dag ondergedompeld te mogen worden in de wereld van de dans is een feest op zich. In totaal hebben we vier lange stukken gezien. Een een-tweetje in de dansstudio van de Stilte zelf, en drie voorstellingen van gemiddeld 50 minuten in het grote Chassétheater.

Het meest boeiende stuk, vooral achteraf, toen ik alles nog eens goed op een rijtje kon zetten, was Mankind. Wat een razend knappe voorstelling en wat zat het goed in elkaar. Het werd begeleid door piano en de sax. Er mochten stiltes vallen en veelbetekenende blikken. Alles kwam langs in vogelvlucht, de wereld in een notendop.  Het bouwen, het nutteloze van vallen en opstaan en in de herhaling weer en weer, het eilandjes bouwen, alleen of met elkaar enhet buitensluiten van de ander, de verstikkende regels, het ordenen en dat met afgeschreven Winkler-Prinsen. Alles had betekenis. Zo kwamen subtiel de oude Grieken langs en de Evolutieleer van Darwin. De titel, een samenvoeging van man en kind pakte in het Nederlands goed uit. De vlag die de lading dekt. Zie Heel de Mens, maar ook het kind in jezelf, dat een podium mag krijgen door te blijven spelen. De kinderen vonden het leuk, met de omvallende boekentorens, het malle geschuif, het spel met de boeken, de moderne dans. Een uur lang genieten.

De dag met mijn twee maatjes vloog voorbij. Een heerlijke lunch, een luchtige wandeling van tien minuten en het mooie ruime Chassé, bolwerk in rood. Moderne dans en interacties met het publiek. De afsluiting was een hilarisch sprookje, dat in het Engels werd gegeven voor de kinderen van de internationale school. Klassiek ballet in een moderne jas. Cinderella, met voldoende afwisseling en en grappen om de vaart erin te houden. Twee dansers, een verteller en alle rollen van boze stiefmoeder, haar twee dochters, de prins en Assepoes zelf werden in rap tempo vertolkt door het werken met opvallende accessoires. Geheimzinnige rook eronder, geduw en getrek met de piano, twee pianospelers, een quatremain.

IMG_6983

Op de terugweg reisde collega mee, maar de eerste rit tot den Bosch waren we in een stiltecoupé beland. Een geagiteerde man maakte ons erop attent. Sorry hoor, meneer van toen. Zo vaak ga ik niet met de trein, dan herken je het niet. Het bleek aangegeven te zijn op het raam. De hele dag al in de Stilte, dan kon deze stilte er wel bij. Een goede gelegenheid om de review uit te schrijven. Alvast wat voorwerken en nagenieten van alle beelden van de hele dag.  Na ’s Hertogenbosch konden we aan de babbel. Het was haar eerste ervaring en onze kennismaking. Dat leverde een mooie uitwisseling op. Achteraf bleken we elkaar toch al eens gezien te hebben bij een eerdere ontmoeting.

Direct door want er stond meer dans op het program. Na de reis koffie met de zussen en op naar het Zwanenmeer, uitgevoerd door de Staatsopera van Tatarstan. Ik was weer het meisje van acht dat voor het eerst in de stadschouwburg haar ogen uitkeek bij het Scapinoballet, met haar prachtige decors en de kostuums, het rode pluche en de romantische muziek. Nu zaten er weer kinderen in de zaal en ik wist zeker, dat er bij zouden zijn die voor eeuwig daar hun hart aan de Kunst zouden verliezen, zoals ik lang geleden had gedaan. Het verhaal werd uitgevoerd in de Klassiek-Romantische setting. De tere zwanen, de pracht en praal aan het hof, de hofnar en het duister, dat gestalte kreeg in de tovenaar en de zwarte zwaan. Siegfried versloeg het duister en Odette en hij vonden elkaar. De lieve versie van het sprookje.

Er bleef niets meer aan de verbeelding over. De omlijsting van het orkest maakte het heel speciaal. Het was de dag van de dans en alle inspiratie blijft in beelden in het hoofd gevat om nog lang op te kunnen teren. Schoonheid, inspiratie en wijze levenslessen op een  presenteerblaadje.

Uncategorized

In dankbaarheid aanvaard

Er volgde een algehele rustdag , omdat vandaag er een is van reizen en gisteren kwam zuslief al met een cadeautje. Het Zwanenmeer voor ’s avonds in het plaatselijke culturele centrum.  Bruin kon het niet trekken bij deze dure maanden, dus ik moest afslaan. Ze boodt aan het een vervroegd kerstgeschenk te laten zijn.

Ooit, lang geleden, zaten we alle vier op ballet. Ik denk dat ik al een jaar of acht was. mijn sierlijke passen hadden zich vertaald naar een houterigheid van een onbeholpen ‘dikkertje’. Achteraf gezien en met de maatstaven van nu viel dat reuze mee. Maar met mijn graatmagere zussen naast me was ik het stevigst. We hadden een uitvoering na het eerste jaar en dat was een rondedansje om een mand met appelen, die in het midden stond. Wij moesten midden door steken en toen gebeurde, wat je vurig hoopt van niet. Ik schopte per ongeluk het mandje om. Dat is al een ramp, maar met de rollende appels draaide het hele nummer in de soep. Zenuwachtig giechelende meiden en weg concentratie plus een jeugdtraumaatje.

Het ballet werd ingeruild voor turnen. Dat was ook al niet erg succesvol. Met oefeneningen op de grond ging het nog, maar op de brug en met de bok en de ringen werd het een persoonlijke ramp. Handbal werd het nooit echt. Het veld leek altijd twee keer zo groot dan ik in gedachten had. Bij elke wedstrijd zag ik er als een berg tegenop. Lichaams-slim was ik absoluut niet. Tel je zegeningen.

023

Zwemmen daarentegen, als een vis in het water, zonder bloot te staan aan de kritische blikken, daar waar de schaamte werd meegenomen door elke krauwel of schoolslag, werd helemaal mijn ding. Het was inderdaad altijd het malle lijf, dat niet paste bij de bezigheden. Die schaamte is mijn hele leven gebleven. De omstandigheden zijn wezenlijk anders. Overal om me heen groeien meiden op met een veel steviger consistentie en zijn ze langer en groter en miezer ik ineen, maar dat gevoel van vroeger blijft er doorheen zwermen. Dat is een wonderlijke gewaarwording. Hoe ratio ook weet dat het anders is, blijft het gevoel, dat zich ooit in dat kleine dikke dametje van vroeger heeft vastgezet, sudderen onder het oppervlak.

Er was een zwembad bij het vorige vakantiehuis en daar viel voor het eerst sinds lang het gevoel weer een beetje weg. Daar hadden we met de vier het rijk alleen. Geen andere pottenkijkers erbij en frank en vrij kon er naar hartelust weer gezwommen worden. Weliswaar vergde het veel meer energie, maar het was heerlijk om je weer zo vrij te voelen.Onder alles ligt het houden van jezelf, van je eigen lijf, jezelf lief te hebben. We hebben wel geleerd om liefde te geven, maar ontvangen is een ander verhaal. Dat is de reden dat ik overrompeld ben bij elke lieve geste van iemand. Ik kan geheel van mijn sokken zijn door een lief gebaar en ik heb er toch heus al wat jaren op zitten.

‘Je bent nooit te oud om te leren’, fluistert het verleden in mijn oor. Dat is waar. Zuslief met een lief gebaar, dat zoveel betekent voor mij, die straks mee mag zwemmen met de zwanen. Het is in dankbaarheid aanvaard.

Uncategorized

Lumineus idee eigenlijk

Het betekende een kleine volksverhuizing, maar ze staat en hoe. Ze is prachtig. Net een kleine ballerina in een tutu van groen en zilver. Zo scheef ze stond te zijn bij de kerstbomenhandelaar, zo kaarsrecht en fier staat ze nu. Op de achtergrond de allergrootste kerstboom van Nederland als haar schaduw. Ze lijkt op het boompje van muziekvoorstelling.nl een opera voor vier jaar en daarmee al een bijzonderheid. Het is het klassieke verhaal van een kleine boom die mooi, mooier, mooist wil zijn en dan tot de ontdekking komt dat die schoonheid er al is, gewoon als haar eenvoudige zelf, fris en groen. Een klassiek thema dat al zo oud is als het verhaal van Piggelmee. Wij, kleinzoon en ik, waren onder de indruk van het gave muziekspektakel, het boeiende verhaal en, niet op de laatste plaats,  de prachtige kostuums.

Er moest nog een en ander gebeuren voor ik de spullen tevoorschijn kon halen. Eerst de kast leeg getrokken om de plastic krat met ballen te voorschijn te halen, stofzuiger erbij, alles gerangschikkt en schoon terug gezet. Dan een tafel van zolder gehaald. Een groen kleed erover, de boom erop. Japanse zwarte kreukelcrèpe als ompot. Van de drie deed één lichtsnoer het die geschikt was voor de boom. Een tweede moesten we bijkopen. Ik neuriede kerstliedjes en Pluis krabde de maat. Wat een leuke versiersels zaten ertussen. Het leverde iedere keer een aha-erlebnis op. Een jaar was lang genoeg om te vergeten. Dat maakte het weerzien zo leuk. De verhalen, die ze met zich meedroegen, maakten zich een voor een los en werden herinneringen. ‘Weet je nog, die is van…’

img_6963.jpg

Het grote schilderij aan de muur transporteerde zoonlief naar boven en daar kreeg het weer een ereplek in de hal. Straks met de kleinkinderen, die gebiologeerd zijn van de omlijsting met het kleine speelgoed erop, wordt het te onrustig. De muur, waar het zware houten paneel aanhing, was niet stevig genoeg. Een gipswandje. Ze moesten kunnen rondscharrelen zonder in de drukte ineens dat zware gevaarte op hun kop te krijgen. Een doemscenario dat op een simpele manier weggenomen kon worden. Soms gaat veiligheid voor schoonheid. Dan begint het grote schuiven. De boom op de plek van de palm, de palm naast de bank, de tafel aan de andere kant. Kale plek boven de tafel. Vannacht wakker om er een invulling aan te geven. Er zijn al honderd mogelijkheden de revue gepasseerd. Ik hoor te slapen. Buiten is het nachtelijk en zondags stil. Hier en daar een verdwaalde kroegtijger. Een tak tikt ritme in de wind op het raam. Winterroffel.

Gisterenmiddag de kleinkinderen gezien in het gedruis van een overvolle kantine. De plek waar ik nooit kom. Te vol, te veel en een verkeerde klankkast voor mijn arme gehoor. Schoondochter zat aan een bescheiden tafeltje achter een tas te voeden, ik gaf kleindochter de fles en buiten regende het zure appelen. Wat een loodzwaar weer met storm en regen. De mannen vochten dapper tegen hun aartsrivaal, stadsgenoten, in de  plaatselijke derby. Zoonlief een doelpunt vanaf buiten de zestien. Trots zwelt op. Een gelijkspel, de gelijkmaker pas in de allerlaatste minuut, maar het was spektakel. Die kleine schatten van ons worden kinderen van stavast. Ze trotseerden, net als hun grote voetbalheld, weer en wind.

img_6966.jpg

Haastige spoed is zelden goed, ik kwam met de verkeerde lampjes thuis. Ze lopen op batterijen, maar ze brandden mooi. Ik hou ze maar, het verhaal van het boompje indachtig. Anders moet ik straks het verhaal van ‘Het vergeten kerstsnoer’ schrijven. Lumineus idee eigenlijk…

img_6967.jpg

Uncategorized

Duimen dus

Ze zouden vroeg komen, de mannen van de tochtstrips. Half acht hadden ze gezegd. ‘En o ja, alle ramen moeten vrij’.  Oeps. Dat is sneller gezegd dan gedaan. Wist die man wel wat dat betekende. Vooral mijn bed, dat eronder mijn leven aan herinneringen heeft verzameld, verschuiven, was monnikenwerk en echt niet zomaar geklaard. Aan de slag dan maar. Ook goed omdat de stofzuiger er niet overbodig was. Zo gezegd, zo gedaan.  Bed en verleden verschoven, maar het zijraam vergeten. Gelukkig herinnerde zoonlief me eraan. Daar stond het kledingrek voor en erachter natuurlijk mijn ‘Leren-is-leuk-koffertje’, wolrestanten in een mand, de kamishibai en het vingerpopjestheater. Een mens is inventief in rommel opruimen op het oog.

img_6951.jpg

Alles kreeg een nieuwe plek en een doorgang was gewaarborgd voor de bonkige jongen die het varkentje zou wassen. Hij had zijn jas op de grond gegooid en kloste met zijn werkmansschoenen in zijn besmeurde schildersoveral naar boven. De bank moest ook verschoven, de plant moest weg en het kleed moest om. Met veel vijven en zessen lukte het. De tweede, wat oudere man, wilde wel eerst een kop cappuccino. Gaf ook een korte uitleg over de te verrichtten werkzaamheden. Het bleek dat ze alle twee nogal van slag waren, omdat bij hun collega die nacht de bus was gestolen met al het andere gereedschap. Dat verklaarde de botte houding van de jongste. Ze konden wel door, want de helft ervan had in de bus van de oudere man gestaan. ‘Hemelse actie zo vlak voor kerst’, zei hij en ironie omkrulde bijtend elk woord.

Buiten was het nat en guur. Alle ramen open bij deze kou was een reden om in mijn wollen deken te kruipen aan de tafel, nu ik ook niet op de bank kon zitten. Ik had gerekend op een hele ochtend, maar ze waren om elf uur klaar. Alles bij elkaar viel het reuze mee. Inderdaad kwam er geen kou meer door, nu overal de strips er tussen waren geschroefd. De voordeur had er het meeste moeite mee, die sloot nauwelijks en moest met kracht worden dichtgetrokken.

img_6949.jpg krabbeltje

Door en door koud en slaperig, uit mijn doen door het geklotter en getimmer door het hele huis heen, besloot ik een kerstboom te gaan halen. Wat warmte in het huis zou goed doen. Winterlichtfeest vieren met warme lampjes en een lief klein kluitboompje, die ik straks achterin de tuin zou proberen te laten overjaren. Wie weet, lukte het. Eerst naar de stort en de kringloop en een afspraak maken voor een schoonheidsbehandeling voor de kleine blauwe Prins, die met 75.000 op de teller er aan toe was. Hij moest nog even wachten tot januari.

Bij de kerk wist ik een bomenadres, waarvan het geld naar een goed doel ging. Een mooi en stevig boompje. Niet te groot en niet te klein. Genoeg voor lichtjes en mijn twee vogeltjes, koekkransen en ballen. Door twee sterke oude mannen, vrijwilligers, werd ze in de blauwe prins getild voorin naast de bestuurdersstoel. Toen ik haar eruit probeerde te halen bleef ze halsstarrig met haar pot en kluit op de grond staan. Geen beweging in te krijgen. Ik zou haar nooit vier trappen op naar boven kunnen takelen. Het wachten was op de godenzonen met hun spierballen.

Straks halen ze haar eruit. Dan is het vandaag pas tijd voor de dag der verlichting. Nu maar hopen dat het lichtsnoer nog werkt. Duimen dus.

 

Uncategorized

Een glimlach van oor tot oor

Een dagje met de intimi van van Gogh, dat hadden we op het programma staan en we hadden er zin in, vriendinlief en ik. Omdat ze halverwege mijn woonplaats en Den Bosch woonde, reed ik naar haar toe. Anders zou het mijl op zeven zijn geweest. Van haar huis zouden we met haar auto verder rijden. Eerst een lekker bakkie koffie en bijkletsen. We hadden elkaar al veel te lang niet meer gezien en dan stroomt het vat vol verhalen over.

Goed gemutst liepen we naar de auto. Ze startte en een ijzingwekkende stilte was het gevolg. Nog een poging. Nul op rekest. Een derde keer, lou loene. Beteuterd wilde ze de sleutel uit het slot halen. Zelfs dat was niet mogelijk. Na wikken en wegen en proberen, kwam de sleutel weer vrij. ANWB bellen, maar het pasje stond op haar man’s naam. Ze zouden alleen komen als ze ook een lidmaatschap zou nemen.We waren een tikje overdonderd. Dan maar haar autoschadebedrijf bellen. Zij beloofden met drie kwartier er te zijn. Wij maakten van de nood een deugd en besloten thuis de lunch te nemen, dat scheelde al vast.

IMG_6932

Geen straf trouwens want ze had een prachtig uitzicht over de weilanden en ik zag buizerd en valk voortdurend langs trekken. Na een stief uurtje kwam de man voorrijden. De accu was het niet en tot haar verbazing moest de auto mee naar de garage in de eerstvolgende stad. Hij nam hem mee op de sleepauto. Als we nog de ijdele hoop hadden in den Bosch te komen, was het qua rustig genieten niet meer te doen. Wat was wijsheid.

Het is lastig schakelen als je je al zo lang had verheugd op zo’n dag. We bedachten om  maar direct een nieuwe afspraak te maken, voordat de vrienden van van Gogh weer naar huis waren. Er was op die manier niets verloren, sterker nog, tegen die tijd waren we al bijgepraat en konden we direct op pad. En nu was er de ontmoeting, een dagje Den Bosch en als bonus een rondje kringloop in Tiel. Tel uit je winst.

Vriendinlief klaarde er vanop, bij de gedachte alleen al. Zo gaan we allemaal anders om met teleurstellingen. Voor mij was het gesneden koek om de dag te nemen zoals het kwam. Als je geen specifieke ‘moeters’ meer hebt en willekeurige vrijheid geniet, is het makkelijker. Ik ben niet afhankelijk van een vrije en welbestede dag, want als ik zou willen kon ik die op elk moment creëren. Dat was het verschil.

IMG_6943krabbeltje

Bij de garage was er een meevaller. Ze had de volgende dag de auto hard nodig en we waren er achteraan gereden, omdat we een huurauto wilden los te peuteren, maar het bleek dat haar auto een gereviseerde startmotor nodig had en die kon er direct ingezet worden. Het was anderhalf uur wachten. Toch die kringloop dus. Met de kleine blauwe Prins gingen we op pad. Het was een tikje druilerig en koud, maar de zorgen waren voor morgen en in het restaurant was het goed toeven. In de kringloop pasten we wat jassen, te groot of te klein en de portemonnee bleef dicht. Snuisterijen te over, die ik allemaal niet nodig had of verdacht veel leken op wat ik thuis had liggen. Ze verdwenen met dezelfde vaart op dit moment uit huis, omdat ik in de ruimfase zat.

img_6942.jpg

Toen we hals over kop terug liepen, omdat de parkeertijd was verstreken, piepte er boven de singels en de huizen een stukje zonsondergang in zachte en warme gloed. Bij de garage stond de auto al weer klaar. Haar enthousiaste en opgeluchte wuiven vergezelde me terug naar huis in een glimlach van oor tot oor.

 

Uncategorized

Lichtpuntjes

Het was er nog allemaal. De dwergkonijntjes op het veld bij de parkeerhaven, de lange gang, wat weinig post, de vrijwilligerscentrale met taart van de afdelingen, de opgewekte begroetingen, omdat ze me vorige week gemist hadden. Overal klonk het goedemorgen door de gangen. Boven op de afdeling druppelden de eerste mensen alweer binnen. De dag die altijd spannend was, omdat niemand wist of de bloedwaarden goed zouden zijn, waar de dagbehandeling van afhing.

IMG_3113

De man met zijn peinzende ogen en de dochter die alleen maar voorover gebogen op het mobieltje keek, de vrouw met haar lectuur in de aanslag, namen plaats. Hij mocht op de ligstoel en moest eerst met de armen in een kan warm water om de vaten open te zetten. Ze kwamen uit een klein dorp in Brabant vlak onder Helmond. Of ik wist waar Helmond lag. Ja hoor, dat nog wel, maar van het dorp had ik nog nooit gehoord. Ik vroeg wat de samengestelde naam betekende. Geen idee. Dochter keek het snel na op wiki en jawel, een samenvoeging van twee plaatsen. waarvan de eerste al in 1249 opdook in de geschiedenis.

Voor hij het wist kon het vat aangeprikt en was het tijd om zijn ochtend uit te zitten. Bij het volgende gesprek, man zwijgend, dochter nog steeds op de telefoon, vrouw in haar blad verdiept, vertelde hij dat ze een bed and breakfast hadden aan de Vecht en een dag van te voren er naar toe reden. Geen stress over file en drukte. Dat deden ze al een jaar lang. Zijn schouders en zijn hoofd beniger en smaller, elke keer een klein beetje meer. Ik kon nooit iets aan ze kwijt. ‘Maar de aanhouder wint, wie weet’, zei de man. ‘Misschien wil ik wel wat verdunde bouillon straks’.

Ze kwam even stilletjes de wachtkamer binnen als altijd. Haar schimmige figuurtje en de blik schichtig. De telefoon als beschermend schild in de hand. Daar kwamen de belangrijke boodschappen van het thuisfront vandaan.Ze wilde altijd een lekkere rooibos of een groene met citroen. Maar nu kwam het verhaal erbij. Manlief was in het land. Ze gingen nu aan het werk voor de papieren en het gezin was weer herenigd, zij het in een vakantiehuisje, maar samen. Ze zag er gelukkiger uit dan ooit.

In de kamer van vier lag een vrouw die niet te veel wilde drinken, want ze was misselijk. We raakten aan de praat. Haar dochter zat aan het voeteneind. Wij hadden ook een tweeling, net als de vrouw tegenover haar, waar ik eerder mee in gesprek was. Veertien kinderen in het gezin vroeger en een moeder met losse handjes. Er waren er eenvoudigweg teveel en dan nog wat miskramen er tussen door. We wisselden uit. Ik vertelde het verhaal van het natte laken en de bloedneus, rode spetters op het blanke wit. Ze gniffelde mee. ‘Doe mij toch maar een glaasje water’ zei ze. En: ‘Weet je, ik zou wel een boek kunnen schrijven over wat ik heb meegemaakt’.

De vrouw met de tweeling had haar pruik thuis gelaten. Ze had een hele mooie. ‘Dit haar is zo dun geworden. Je kijkt zo op het kale vel’. Ik vond het meevallen maar van bovenaf zag je het wel. Ze liet me foto’s zien met haar mooie pruik op, tussen haar twee voetballende zonen in. Zo kwamen we op de tweeling. Omdat ik vertelde van mijn voetballende tweeling. Opgetogen. ‘Die van mij ook’. Ha, dag van de tweelingen.

De oude vrouw tegenover hen in een kamer lag moederziel alleen in bed. Ze had het benauwd. Elke ademstoot ging met veel geruis en gezwoeg gepaard. Praten ging bijna niet. Het bord met de boterham in kleine stukjes gesneden stond onaangeroerd, de tuitbeker met water ver weg. Af en toe een flauwe glimlach rond de gebarsten uitgedroogde lippen. Met water moest ze hoesten. Er kwam wel wat informatie, maar ze wist niet hoe lang ze hier was en ook niet of ze bezoek kreeg. Het praten kostte teveel inspanning.. Onmachtig liet ik haar achter.

Ik kende het echtpaar al van het eerste uur. Als ze me gemist hadden, de week ervoor, vroegen ze altijd of ik ziek was geweest. Doorgaans hadden ze een kamer alleen of de ‘VIP-room’,  de enige kamer op de dagbehandeling. Het was onze kleine inside-joke. Onderwerp van gesprek was de vrouw van 101 bij De Wereld Draait Door, die haar wereld bon-ton met aardig wat aangename drankjes leefde. Wijntje hier, borreltje daar enzovoort. Daarna over het gebruik in het oude ziekenhuis in Leiden en de keuze tussen het slaaptabletje of het geklutste ei met cognac. De lachsalvo’s schoten de ruimte in en vaagden de teleurstelling over de ongewenste bloedwaarden uit. Gesterkt gingen ze samen weer. Duimen voor de volgende week.

IMG_6298

Mijn lieve collega stond me al op te wachten voor de lunch en aan het eind kreeg ik mijn kerstpakket mee. Verrassingen om uit te pakken in overpeinzingen en in het echt. Lichtpuntjes.