Uncategorized

Zien en beleven

Honderdentwee uitvluchten vlogen langs. Alles om maar thuis te kunnen blijven. Toen puntje bij paaltje kwam, pakte ik toch halsoverkop mijn spullen in om te kunnen gaan schilderen. Voor de verandering een keer op de zaterdag omdat ik een paar vrijdagen had moeten werken. Bovenop de schilderkist lag de tekenkist, want ik wist dat het huiswerk, oefenen op een portret, al die tijd was blijven liggen en dat ik daarmee aan de bak zou moeten. Dat was de reden van het lange aarzelen geweest. Uiteindelijk vond ik het zo ontzettend onvolwassen om op die manier het probleem te ontwijken, dat dat de doorslag gaf om juist te gaan. Achteraf was ik daar trots op. Moeilijkheden zijn er om te overwinnen.

De eerste opzet leek voor geen meter. Ik zat totaal verkeerd in de verhoudingen. Ik kreeg verschillende aanwijzingen. Natuurlijk moest er eerst gemeten worden. Niet met de meetlat, maar op het oog, met behulp van een potlood of de spanwijdte van een hand. Bij iedere rondgang van de meester kwamen er opmerkingen bij en toen het maar niet lukte werd ik aan de kant geschoven en deed hij het voor. Zo dus. Daarna mocht ik weer zelf op een maagdelijk wit nieuw vel. Het lukte. Stukje bij beetje ontstond er enige gelijkenis Zelfs zo dat ik de eerste beter vond dan de laatste. Meer Maarten.

Er volgden nog vele sessies. Door de rust in het atelier, de heerlijke vogelgeluiden achter het open raam, het gebrom van een hommel tegen het vensterglas en het feit dat de anderen met dezelfde werklust stoïcijns minuscule kleine toetsen en streken aan het zetten waren, verdween mijn weifelachtigheid. Ik stortte me volledig in het proces. Het denkbeeldige ‘Geduld is een schone zaak’ hing in kapitalen boven onze hoofden in de lucht. ‘Kalmpjes aan dan breekt het lijntje niet’ was bij ons thuis de norm. Per sessie leerde ik er weer bij, waarmee ik straks, dat wist ik zeker, verder mee aan de slag zou kunnen, bij ieder portret dat ik maken zou. Eens zou het in de vingers gaan zitten

Er zat een lunch bij op de zaterdag. Met de broodjes togen we naar buiten, waar de zandblauwtjes, de distels en de klaprozen in alle weelderigheid bloeiden en het stuk onbestendig gras achter de parkeerplaats een rijk aanzien gaven. Een rode poes kwam aanlopen. Ze miauwde om een stukje vlees en was een ware Jakkepoes. Ze sprong, toen ze haar kans schoon zag, op de schoot van een van ons sprong en wilde met haar poot het vlees wegkapen. Met luid geklap en gesis werd ze weggejaagd. Haar roze glitterbandje om de nek stak nuffig af tegen haar mottige bleekrode velletje. Misschien was ze verdwaald en uitgehongerd. In ieder geval had ze ons stilzwijgende samenzijn verbroken omdat we elkaar nog niet zo goed kenden. Ze werd de ‘talk of the town’. Zo’n Jakkepoes schept een band.

Aan het eind mocht de tekening op het geprepareerde paneel worden overgebracht. Heerlijk om in het vrije even te kunnen houtskolen zonder op de details te moeten letten. Daarna  konden de hoofdlijnen worden overgetrokken met waterige inkt. De ondergrond penseelde ik over met verdunde en de schaduwen met onverdunde rauwe omber. Het werk was klaar om te drogen. Over twee weken gaan  we verder.

IMG_2959

Op weg  naar de auto kon ik het niet laten om de wilde bloementuin op de foto te zetten en ving dubbele zon door een gele auto die er stond. Vandaag kan ik eindelijk naar mijn eigen tuin. Eens even zien hoe de vlag erbij staat. Ik ben benieuwd wat daar allemaal te ontdekken valt en misschien rolt er nog wel een portret uit de grafietpen. We gaan het zien en beleven.

Uncategorized

Alles op z’n tijd

Ik ben gisteren in het diepe gesprongen. Ik zou een onderdeel vormen van een workshop om de creativiteit te verhogen in de voetsporen van Loris malaguzzi de grondlegger van de pedagogiek van Reggio Emilia en vanuit het kind. De workshop was voor pedagogisch medewerkers. Even inkomen in mijn rol. Het is heel anders dan vanuit een werkbare situatie handelen. Normaal gingen de kinderen uit mijn groep vanuit een beleving aan het werk en was er een uitgebreid aanbod. Dit was een onderdeel van een studiedag. Eerst een echt lesje met strikte instructies om te laten zien hoe snel creativiteit in de kiem gesmoord kan worden, resultaat gericht en saai met als eindresultaat 11 dezelfde gevouwen witte bootjes. Dan de andere manier waarop je helemaal zelf mocht bepalen wat je ging doen met iets waar ze nog niet vaak mee hadden gewerkt. Klei. Het eerste wat opviel was een opmerking: ‘Dat is toch voor kleuters’.

Het was wennen. Elf mensen die, out of the blue, aan het werk gingen. Witte chamotte klei was er voldoende, schone klei. In het midden lag een berg waardevol materiaal. Daarmee konden ze aan de slag. Het was even wennen. Er was iemand die met geen mogelijkheid iets kon bedenken. Veel te snel greep men naar gekleurde veertjes, doppen, rietjes en moest het toch weer resultaat worden. Gelukkig was er ook iemand die het voelen van de klei zo heerlijk vond. Daar borduurde ik op door.

Het gesprek was de aanvulling waardoor de middag kleur kreeg. Daaruit kwamen verlangens van de babygroep, om de kinderen veel meer te kunnen laten ervaren. Anderen hadden, door zelf weer los te kunnen gaan, zin om te beginnen met het doorvoeren van de vernieuwingen. Ik moest denken aan een losse draad die gevonden wordt in een kluwen ideeën en die zich langzaam kon gaan afrollen, alle obstakels en beren op de weg zouden ervoor zorgen dat de draad soms even kwijt raakte, maar altijd zou er weer een nieuw begin te vinden zijn. Zo is het op school ook gegaan. Vanuit het vertrouwde het pad van de vernieuwing in te durven slaan om altijd weer nieuwe toevoegingen te vinden, totdat er een rijke en weldadige, stimulerende omgeving ontstond met mogelijkheden te over.

Ik moest denken aan een eigen beleving van het spelen in de Lek met vriendin. Dat overkwam ons zomaar. Vriendin had zin om te spelen en ik wilde wel mee. Het was een prachtige dag met veel wind. De mooiste wolkenpartijen trokken voorbij. We hadden de schetsboeken bij ons en liepen langs de Lek te struinen. Eerst met blote voeten het water in om de klei uit de grond te peuren om daarna de grote bonken te slaan, te kneden, te draaien. De haren slierten om de hoofden heen in de waai. De voeten zakten weg in het slib, de handen waren kleiig en nat.

079

Er kwamen vier kleihoofden uit de vingers en we hebben ze iets hoger op de kant gezet. Later zouden ze weer meegenomen worden door het water, als het hoger kwam te staan. Daarna wasten we de handen schoon, veegden ze droog aan het gras en gingen op onze rug naar de wolken kijken. Grote witte watten zeilden in een hoog tempo voorbij. Bij het tekenen vulden we eerst de wolken, tot we ontdekten dat we de lucht moesten vullen en de wolken laten. Het was een ervaring van het eerste uur. Ongerept zoals de natuur zelf.

Met het hoofd vol, gloeiende wangen, warrige haren, de kleren met klei spetters en de gedachten als de wilde wind zelf, ging ik voldaan naar huis.

Daar droomde ik van tijdens deze beschaafde klei les en bedacht dat eerst het materiaal zelf ontgonnen moest worden, mogelijkheden ontdekken, wat kan je er mee doen. Er ontspint zich nog een vraag die achterwege is gebleven. Is de boot nog te redden als onderdeel van een kleurloze eenheidsworst en valt er toch eigenheid aan te geven. Die nemen we mee voor de volgende keer. Al wil ik dan kleinere groepen en meer mogelijkheden. Eerst de betrokkenheid en de basis. Dan staat het welbevinden en de beleving vanzelf. Alles op z’n tijd

Uncategorized

Tot aan het einde toe

De weg van hier naar Almelo is bij uitstek een weg om te mijmeren over wat komen gaat of wat geweest is. De afgelopen dagen waren vervuld van meer dan toeval alleen. De gebeurtenissen sloten naadloos aan op elkaar. In die zin is er nog altijd voorzienigheid, hoe je het ook went of keert. Het is fijn om dat helder te krijgen.

De dag ervoor had ik  het gestaakte abonnement van de sportschool van een jaar geleden nieuw leven in geblazen en was gisteren, voordat ik naar het Oosten af zou reizen, al op de vertrouwde loopband gestapt met uitzicht op het plein. Rustig beginnen met een half uur lopen en een tien minuten fietsen in een rustige opbouw. Kalmpjes aan dan breekt het lijntje niet.

Nederland is op haar mooist in een lentejurk. Overal botten de bermen uit tot een uitbundige confetti van geel, wit en groen. Daarboven de statige bomen, ertussen de wuivende halmen en de velden in een vlakverdeling van Sienna, Schevenings geel en Omber. De pruiken van de wildbruggen zijn bemost en geven het grijze lint een vriendelijke toets. Overal bezijden de weg fietsers of plukjes wandelaars met rugzak. De paden op de lanen in, vooruit met flinke pas. met stralend oog en blijde zin en goedgevulde tas’….Er zijn dingen die eeuwigheidswaarde bezitten.

103.jpg

In de tuin is het een drukte van belang. De lange tafel staat klaar. Vernuftig is het leven hier afgestemd op de talrijke omvang van feesten en partijen. Ik krijg Turkse thee met een teug Hollands water er extra in, want de zoete suikerbodem ontbreekt in mijn kleine bolle glas. Er hangen roze en blauwe ballonnen, vlaggetjes, de teksten ‘Its a boy’ en ‘Its a girl’ om het feest der verwarring te vieren en straks zekerheid te krijgen. Iemand roemt mijn rijkdom en zegen met de vijf kleinkinderen en de zesde op komst, terwijl kleinzoon drie er met een ratelend fluitje doorheen tettert om zijn blijdschap aan te geven. Muziek maken mag.

022

Op het moment suprême is iedereen aanwezig en wordt de grote zwarte ballon met kleine blauwe en roze exemplaren er bungelend onderaan met moed beleid en trouw uit het raam getakeld. Iedereen houdt de adem in bij deze delicate kwestie. Een verkeerde punt of nagel en het zou voortijdig dat grote geheim prijsgeven. Zoonlief en lieve schoondochter krijgen een punaise in de hand. Wij telden hardop af en bij nul gingen de naalden in de ballon, die in een wolk van confetti uit elkaar sprong. Er waren twee kampen gemaakt, degene die dachten dat het een meisje werd en de anderen die meenden te weten dat het een jongen was. Iedereen was blij, maar zij die het goed geraden hadden stonden te klappen,te juichen en te joelen alsof het een Champions League betrof. Feest van het leven en dat moest gevierd worden met, hoe kan het ook anders, een Amerikaanse fuif op z’n Koerdisch. Iedere tante had er een steentje aan bij gedragen, maar de nieuwbakken oma en opa het meest. Wij werden getrakteerd op die rijke dis.

088.JPG

Tussen het gewoel door kwam er een buurjongetje steeds even binnen lopen om wat kleine cupcakejes weg te snaaien. Ik denk dat hij de hele buurt heeft voorzien, want hij bleef maar lopen. Later zag ik op een filmpje, dat hij er ’s avonds ook nog was. Vijf jaar, geen ouder te bekennen en de hele dag op het plein. Wat een schril contrast.

Tussendoor piepte ik met kleindochter nog even de poort uit om een straatje om te lopen en daar ontdekte ik de stenen tuinen van Almelo. Ik moest denken aan het verhaal van de pissebed, die de tuin uit geschoffeld werd, omdat er stenen in moesten komen en er alles aan moest doen om het vege lijf te redden. Dat had zich vast en zeker hier afgespeeld. Zelfs op het steen geen pot met piezeltjes groen. Strak, straf en vruchteloos. Kleindochter sliep er dwars door heen.

Op de terugweg viel er voldoende na te genieten. Van het feest, de hartelijkheid, de kushandjes bij vertrek, de warme genegenheid die ik voelde en het nieuws, dat ik natuurlijk niet bekend ga maken. Dat is aan hen. Spannend blijft het tot aan het einde toe.

Uncategorized

Morgen is er een nieuwe dag

Gisteren stond de dag in het teken van water. Ik ben van huis uit een echte zwemmer geweest. Mijn prilste plonzen als glad aaltje waren in het Noorderbad te vinden. Zo jong als we waren, of het weer het toe liet of niet, spartelden we er rond. Zodra het zwembad weer openging lagen wij al in het ijskoude water. Dat was tot grote vreugde van mijn moeder, die daardoor ineens haar handenbinders kwijt was.

IMG_0464

In het bloedhete binnenbad van het zwembad verdween het koppie van kleinzoon 2 in het weerspiegelende water en bracht herinneringen boven aan haak en kurk. Het C-diploma stond in de wacht en te watertrappelen van ongeduld om uitgereikt te worden. In de kleine knuisten van de dappere doorzetter werd ze op slag van goud. Bij de kringloop had ik zijn cadeautje op de kop getikt. Een historische verhaal over wolven in een sneeuwlandschap. Zo blij als een kind kon zijn stond hij met het boek in zijn handen te glunderen. Van tante kreeg hij nog een duikbril en de dag, zijn dag, kon niet meer stuk.

IMG_0425 IMG_0424.JPG

In de ochtend spotte ik naast het parkeerterrein van het ziekenhuis in de sloot twee kleine jonge zwanen die, onder toezichthoudend oog van moeder, ook zwemlessen namen. Ze lagen gemiddeld aanmerkelijk hoger in het water dan onze eigen rakker, maar het zeven met de snavel was nog een dingetje en onder water duiken met het kopje hield kleinzoon langer uit.

Op de dagbehandeling dook mijn lieve spontane hartelijke collega van de kringloop boven water en het was wel even slikken om haar daar te zien. Ze was blij verrast en kijkt nu uit naar de volgende keer, omdat ze dan op een tijdstip is, dat ik er ook ben. Hoeveel jaren hebben we niet samen de benen uit het lijf gelopen om alle tweedehandsjes uit te zoeken en naar de juiste plek te brengen. Ik haalde daar met gemak de 22 jaar en zij werd na zo’n zelfde periode aangesteld als afdelingshoofd in een vaste baan. Het was de kroon op haar noeste arbeidsethos. Maar ziekte heeft geen boodschap aan trouwe dienst.

003

Beneden ontmoette ik zoonlief met lieve schoondochter, haar moeder en haar zus en Fluffie, die als een kleine vis in het vruchtwater zwom. Alles was goed. Dat had de uitgebreide echo bij de gynaecoloog uitgewezen. Wat een fijne boodschappen zijn er soms in die tempel van lief en leed. Zoonlief vroeg zich af waarom ik in pyjama rond liep. Flatteus kan inderdaad beter.

wandeling op het strand.pngJoaquin Sorolla

’s Avonds probeerde ik kleinzoon 1 in het water te vangen. Of eigenlijk probeerde ik vooral de ondergrond te vangen voor de opspattende golf die rollend in tweeën brak. We keken naar Marta La Fuente en dartelende kinderen en hun spelenvaren in zee en naar het licht dat de schilder Sorolla telkens weer wist te vangen in zijn doeken bij zijn strandzichten. Het verlangen werd groter om iets te bereiken naarmate de moeheid vorderde.

015-2-e1559201165216.jpg

Uiteindelijk hadden we weer veel geleerd over beweging, grenzen verleggen, loslaten van wat je denkt en gaan voor wat je voelt en wat het oproept. Het hele proces is een lange weg, maar zo de moeite waard om het te bewandelen. Of eigenlijk, tegen de stroom op te zwemmen als een dartelende forel.

Toen ik in de auto stapte spreidde de dag zich als een zware gecapitonneerde deken. In tegenstelling met het dartelen verwerd ik tot een oud fossiel, maar in het hoofd spatte mijn golf uiteen in een waterval van het bruisende Spaanse licht van Sorolla en dat verkwikte tot op het oude vermoeide bot. Op de plaats rust. Morgen is er een nieuwe dag.

Uncategorized

Zon, zin en zaligheid

Drie zakken kleding alvast bij de kringloop gebracht. Dat was even sjouwen. Daarna er even doorheen gelopen, maar met het idee dat ik niets nodig heb. Enkel en alleen op zoek naar vernuftige aanvullingen voor de Bernagie. Dat betekende dat ik onverrichter zake weer naar huis kon keren. Heerlijk om te weten dat een mens niet meer nodig heeft dan dat je bezit. Wat een rijkdom.

De regen was opgehouden en een waterig zonnetje kwam door het wolkendek piepen, met het gevolg dat ik binnen de kortste keren aan het puffen was. Toch weer te warm gekleed.

9789045122830-1557293327

Een pakje in de brievenbus. Ik had niets besteld. Het was het boek wat ik beloofd had te lezen om te zien of het geschikt was voor de groepen drie en vier. Verrassing, want het was het nieuwste boek van Annet Schaap. De boom met het oor met de fantastische illustraties van Philip Hofman erbij. Er was geen haast bij, had ik door gekregen, maar ja, de verleiding was te groot. Het was een prentenboek en ik had even tijd. Dan is een en een twee, een optelsom die gauw gemaakt is. Ik dook erin en kon het niet meer weg leggen. Dé formule bij uitstek voor een goed verhaal. Het boek was een aanrader en zo zou ik het ook recenseren.

9f61d8bb-a91d-4a6e-91c7-d0a15443da57

Een belletje van vriendin met een stimulerende schilderworkshop in het vooruitzicht in juni en een in september. Drie parels achter elkaar. Er was nog een bijzondere gebeurtenis, want in de ochtend op de blog van gisteren, reageerde mijn stimulator van het eerste uur op de beschreven knutselhoek met een foto uit die tijd. Daar was mijn herinnering ten voeten uit. Nu kon ik de foto toevoegen aan het verhaal en was het te zien in woord en beeld. Fantastisch. Het was nog mooier dan in mijn bewaarde beleving.

’s Avonds was het tijd voor de cursus bij Knockart. Portretserie in de vierde fase. Het model was er niet, dus we werkten aan de hand van de afbeelding. Ik had van het ene schilderij alleen een foto in de Iphone. Voortdurend was het een wisselen van palet en iphone in de hand. Ik had de ezel een slag gedraaid, want bij de vorige sessie had ik gemerkt nauwelijks afstand te kunnen nemen van het werk, Nu was er ruimte, ook omdat er twee mensen niet waren. De afstand zorgde voor meer zicht op de verhoudingen.

IMG_0321  007

Het eerste portret van de vorige keer met de te grote neus en de wonderlijke ogen veranderde langzaam in een compleet nieuw schilderij. De volgende keer, nam ik me voor in samenspraak met mijn begeleidster, zou ik twee doeken nemen en een nog niet helemaal af doek gewoon bewaren als studie, zodat je ze naast elkaar kon zetten en kijken om het leerproces beter te doorzien. Het is een wezenlijk verschil of je naar model aan het schilderen bent of van een foto. Toch had ik er plezier in. We zijn met veel in het kleine atelier en daardoor wordt het wat onrustiger, maar in mijn hoek lukt het ook me er van af te sluiten en de concentratie bij het doek te leggen.

Het goochelen met kleur is altijd weer een ontdekkingstocht. Schrale verf in dunne lagen over elkaar. Langzaam maar zeker kwam er weer een nieuwe opzet uit de vingers. Het was bijna tijd en ik werd moe. Tijd om te stoppen. Dat is ook een nieuw verworven inzicht. Niet snel nog even veranderen wat je als misstap ziet, maar in rust wachten tot de volgende sessie. Al had dat ook vandaag mogen zijn. Het was een verstandig besluit. Nu, met de vroege ochtendzon mee wakker geworden, trek ik er profijt van. Als het me lukt wil ik deze week het atelier klaar hebben, zodat er op elk uur van de dag gehoor gegeven kan worden aan de behoefte. Schilderen is een niet te stuiten drang en in die modus werkt het het best.

Nu in de benen en op naar het ziekenhuis. Een nieuwe dag brengt in variatie op een thema een nieuw geluid. Zon, zin en zaligheid.

Uncategorized

Groeizame druppels

Het regent! Het grijze grauw heeft nog nooit zo verlichtend geleken. Alles snakt naar kostbaar vocht. De bomen waren al weer bezig met bladverliezen. Het regent niet een drup, maar gestaag. Als het niet zo koud was, dartelde ik naar buiten om de regen op te vangen met mijn tong, zoals ik met de kinderen op school deed, zodra de eerste meiregens kwamen. Warme regen, onweersklappen toe.

029

Afscheid nemen van drie redactieleden die hun sporen ruim verdiend hebben in de ontwikkelingen rond het blad. Er was een eervolle vermelding en een afscheidscadeau. Ooit hadden we, in het begin van mijn carrière van school, samen met vriendin een hele gave knutselhoek ingericht. Het waardevolle materiaal hadden we als in een etalage uitgestald in mooie grote glazen potten van Jamin. Kleurrijke knopen, wol, kralen, gekke ijzeren verbindingsstukken, ritsen, kroonkurken, flessendoppen,  stukjes leer. We wikkelden bouwblokken om met wol om mee te stempelen. Er was kaars om mee te tekenen, ecoline voor het grijpen, pandakrijt, houtskool en aquarel, plakkaatverf, klei, drukinkt. Er waren kwasten in alle soorten en maten, inktrollers en paletmessen. Allerhande papier. Van Crêpe tot Engels karton, maar ook krant, tijdschriften, stijfsel, sterke lijm en een kast vol dozen en doosjes, plastic kuipjes, touw, restmateriaal van behang, vilt, lappen stof en vitrage. Naalden om te weven, pennen om te krassen, potloden, viltstiften en fineliners.

9f61d8bb-a91d-4a6e-91c7-d0a15443da57

Ze was het gezicht van de Jenaplanopleiding aan de Pabo en bezocht een stagiaire in onze groep. In haar enthousiasme over de ontdekhoek, sleepte ze iedereen mee om het in ogenschouw te nemen. Wij waren er trots op. Een hoek om geheel ervaringsgericht aan het werk te gaan, zonder restricties en met de juiste stimulans aan verhalend ontwerpen eromheen. Het werken was een feest in die dagen. Nu omhelsden we elkaar. De cirkel was rond.

Buiten brult een jongetje: ‘Het regent, het zegent de pannetjes worden nat’. Hij loopt met zijn moeder naar school, de witte gympies plonzen in de plassen, zijn moeder trekt hem aan zijn arm weg. Ze heeft het hoofd onder een grote capuchon bedekt. De auto’s ruisen nu als de bomen in een straffe wind. Rubber op nat asfalt. Muziek van de regen. Op het zijraam, hier in de slaapkamer, tikt zachtjes het lied van Rob de Nijs. Zijn melancholie, ritme van de eenzaamheid, wordt niet gedeeld. Ik ben weliswaar alleen, maar met duizend woorden in mijn hoofd en het dikke boek voor straks om in weg te duiken.

We hadden een gezellig etentje samen, met ouderwets geblokte theedoeken als servet en hapjes te over, die gedeeld moesten worden. Over de tafel vlogen de snaakse opmerkingen en ideeën, zoals altijd bij een brainstorm over het nieuwe nummer. Een nieuw boek in het verschiet om te verslaan. Terwijl anderen over en weer het belang van Freinet voor Peter Petersen en vice versa opduikelden, ontsponnen zich nog niet de meest geweldige ideeën. Er buitelden titels over elkaar heen, maar een die bij het thema paste, zat er nog niet bij. Ik besloot het tijd te geven en te genieten van wat nog komen ging.

Straks, ergens, op een eigen tijd, gaat er een luik open en springt er een treffend boek te voorschijn. Zoals altijd. Het juiste gesternte op de goede plek. Het was een heerlijke avond met lieve vertrouwde mensen beloond met de regen van vandaag. Naar buiten dus, mond open en vangen maar, de schoonheid van die inspirerende groeizame druppels.

 

Uncategorized

Oordeel niet, maar bewonder

Een wonderlijk heldere droom ving ik vannacht met de kleine dromenvanger aan de spijlen van het bed. We waren in een ruimte, het leek op het huis in de Amandelstraat, maar dan boven en er waren veel hotemetoten uit de filmwereld op bezoek. Vriend was er ook en was aangedaan toen er een optreden werd verzorgd door mensen met een beperking. Direct werd duidelijk dat de naamgeving verkeerd was. Deze vrouw zong zo prachtig, dat ik het nog na hoor klinken in mijn hoofd, zelfs nu de droom afgelopen is. Vriend moest huilen, ik gaf hem geroerd een kus op zijn wang. We werden voorgesteld aan de baas van het gezelschap. In ieder geval monsterde hij vriend met aandacht en die beloofde op zijn beurt van betekenis te kunnen zijn bij het regelen van een optreden. Toen gaf hij mij een hand en hield die langer vast dan te doen gebruikelijk. Daarna werd ik wakker, maar niet alvorens de hele droom nog eens terug te dromen. Het zorgde voor een nieuwe overpeinzing.

016

Mensen met een beperking werden vroeger achterlijk genoemd. De eerste term lijkt beter, maar is het ook niet. Ze lopen niet achter en ook al kunnen ze bepaalde dingen niet, dan zijn er weer andere kwaliteiten die ze juist heel goed kunnen. In deze groep mensen is het individu nog meer zichtbaar. Een algemene noemer is derhalve helemaal niet nodig. Als we in kwaliteiten gaan denken, dan zou er een heel ander beeld gevormd worden. Een stigma opgeplakt krijgen is een grote beperking in het oordeel dat mensen geven en is daardoor volkomen onterecht.

017

Ik denk dat het boek dat ik aan het lezen ben, door mijn gedachten spookt. Het is Zondagskind van Judith Visser en gaat over een meisje met autisme, die beschrijft tot in de details hoe de wereld overkomt in haar beleving en in die van de buitenwacht. De verschillen zijn groot. Zonder haar maatje, een trouwe viervoeter, voelt ze zich niet veilig. Dat ze haar niet bij zich mag hebben is volkomen onlogisch in haar beleving. Duidelijk wordt hoe groot de impact is door het oordeel dat men geneigd is te snel te trekken. Iemand die je niet gelooft en die je voor leugenaar uitmaakt, de drang om vrij en onbegrensd te zijn, de impact die het heeft als een geliefd dier plotseling verkocht is.  Het zijn allemaal items die steeds verduidelijken dat er meerdere wegen naar Rome leiden en dat er geen sprake is van die ene juiste weg. Ik ben pas op de helft, maar nu al verkocht.

Gerelateerde afbeelding

De eerste keer dat ik met de visie van een autistische manier van ervaren in aanraking kwam, was door een boek en een toneelstuk ‘Het wonderbaarlijke voorval met de hond in de nacht’ van Mark Haddon. Vooral het toneelstuk imponeerde. De drukte in een stationshal werd bewerkstelligd door schuivende en piepende lockers die in grote getale op het podium aanwezig waren en door hun opstelling voortdurend vorm gaven aan de omgeving. Er werd mee verbeeld hoe harde geluiden je letterlijk in konden sluiten, zodat je niet anders meer kon doen dan in een hoekje kruipen om je zo onzichtbaar mogelijk te maken. In Zondagskind heeft Jasmijn ook een ‘normale’ Jasmijn, die precies weet wat je moet doen om niet op te vallen. Alleen zijn de blokkades voor de eigenlijke Jasmijn te hoog om erover heen te kunnen stappen. De oordelende buitenwereld vindt alles raar. De vraag is wie nu eigenlijk vreemd reageert. De verwachtingen zijn hoog als je er niet aan kan beantwoorden. De gesprekken die ze voert spelen zich grotendeels in haar hoofd af.

In de groep hadden alle kinderen hun eigen specifieke bijzondere kwaliteiten. De kunst is om die gaven te zien. Er is geen goed of slecht, geen onbeleefd of aangepast, de norm is ‘De mens’ zonder toevoegingen. ‘Ecce homo’. ‘Zie de mens’. Een lieve vriendin voegde daar ooit eens aan toe: Oordeel niet, verwonder je slechts. Ik zou er van willen maken: Oordeel niet, maar bewonder.

 

Uncategorized

Echte kleine voetbalhelden

Twee kleine zwart-witte figuurtjes maken zich los uit de kluwen, die zich heeft gevormd op het midden van een half voetbalveld. Zoonlief 1 heeft de bal aan zijn kleine sterke benen, zoonlief 2, 6 minuten jonger dan zijn broer, passeert hem in een oogwenk en neemt de bal vervolgens mee om hem in het doel te prikken. We schrijven 1990 en de jongens zijn uitverkoren tot de selectie van hun kleine voetbalclub in een middelgrote stad.

028

Dat ze ooit als White Saints in de voetsporen van hun vader, de terriër van het middenveld, zouden treden, is op dat moment een ver-van-mijn-bed-show. Ze doorliepen het hele amateurtraject en ik volgde ze op de voet. Eerste klasse, hoofdklasse, topklasse. Het leven langs de lijn was mijn eigen alleengang.  Volstrekte concentratie op het spelletje. Niet de peptalk van omstanders of de aantijgingen tegen de scheids, maar de bal, de jongens en het frisse groen Met het kunstgras kwam er minder romantiek bij kijken. De begrenzing werd scherper naarmate ze hoger gingen voetballen. Niet langer was er sprake van op het veld zitten met de blote benen in de warme zon. We werden steeds verder teruggedrongen tot achter de lijn, waar ik tot op de dag van vandaag ben blijven staan.

F-jes

Winst of verlies was niet het belangrijkste, maar wel de trots bij de persoonlijke overwinningen, een doelpunt hier en daar, het stijgen in aanzien en in de selectie. Het draaide om hun welbevinden en het leren werken in een team. Er kwamen nogal wat trainers voorbij. Vaderfiguren gelukkig, die het grote verlies wisten af te vangen, maar ook bikkelharde mannen, meedogenloos haast, waardoor de ontwikkeling van kwaliteiten stuk liep op starheid en voorkeur. Er waren acties bij die in het geheugen staan gegrift. ‘Himmelhoch jauchzend, zum Tode Betrübt’.

Het feit dat vandaag alleen de selectie stopt, maar dat zoon twee en zijn vriend doorgaan in het tweede, de vriendschap trouw, is de grootste winst. Vanaf de F-jes bij elkaar met een enkel uitstapje. Zoon en vriend, voetbalmaatjes voor het leven.

buizerds

In de bomen langs de snelweg achter de velden cirkelt een buizerd. Hij spied met waakzame blik de grond af. De personificatie van hun vader. Mijn hart licht op als ik hem zie vliegen. Hij zit er al jaren, zoals ik er al jaren sta. Nederland op z’n smalst heb ik gezien. De kleinste dorpen, de wonderlijkste achteraf velden. Weer of geen weer, soms drijfnat door striemende regen tegen de achterbenen, stormachtige wind, alles werd  getrotseerd voor support en ondersteuning. Maar er was ook het aangename toeven in een hartverwarmende zon als bonus op een mooie wedstrijd en altijd zat ergens wel die buizerd, of een sperwer of een slechtvalk.  De natuur om het veld gaf voldoende ruimte voor grote en kleine filosofietjes. Er zijn wat overpeinzingen geweest.

De kantine was met half dove oren vooral een plek om te mijden. De holle klanken werden een muur van geluid, waaruit voor mij geen zinnig woord meer te halen viel. De harde muziek zorgde ervoor dat monden klankloze zinnen vormden en aanzwollen tot bellen spuug en spraakwatervallen. Ik wachtte buiten op wat komen ging, soms met overvolle tribunes achter me, als er een derby was of een belangrijke pot, maar vaker alleen en in stilte. En altijd ving ik een blik van verstandhouding, een opgestoken duim, en na afloop een kus van de jongens. Zo nu en dan de bloemen als een van hen tot man of the match was gekozen. Dubbele kansen, dus vaker raak.

f-jes 2

Kleine jongens worden groot en aan alles komt een eind. De kleinzonen hebben ook de bal aan de voeten en de geschiedenis herhaalt zich. Soms, heel soms, droom ik weer van de zwart-witte kluwen op het veld, kleine dribbelbeentjes, en twee fanatieke jongetjes die zich eruit losmaken. Twee echte kleine voetbalhelden.

 

 

 

Uncategorized

Tijdreizen

Soldaat Dirk doet niet aan dunschillen. Met een weids gebaar plompt hij zijn vierkante aardappelen in de gamel. Het water spat alle kanten op. Het is 28 juni 1917. De kinderen stuiven giechelend naar het andere einde van de bank.

038

De vochtige kou kruipt door de dunne witte overblouse heen. Hier en daar eist de kilte de aandacht in plaats van het historische verhaal dat ze met de aardappelen voorgeschoteld krijgen. Een vet Twents accent vraagt om vertaling. De typetjes zijn heel herkenbaar. In veertig minuten leiden Dirk, sergeant Kommer en de kok die absoluut niet koken kan, de kinderen de eerste wereldoorlog binnen. Voor volk en vaderland wappert de driekleur boven hun hoofden als Dirk het vaandel slaat onder het geschetter van de trompetten. Buiten staan de vrijwilligers om ze rond te leiden over het terrein van de Hondenkop, zoals de ligging van het fort zich aftekent op de plattegrond. De bravoure waarmee ze kwamen is teruggebracht tot peinzende koppies, juiste vragen en goede weloverwogen antwoorden.

Het is het oudste landfort van de stelling van Amsterdam. Dankzij het feit dat verdediging na de eerste wereldoorlog niet meer nodig was, is de natuur om het fort heen uitgegroeid tot een walhalla voor de vogels. De kwikstaart, de koekoek, houtduiven, merels en mezen en vinken, vleermuizen en zelfs de ijsvogel vliegen op en af en nestelen er ongestoord. Ze fluiten dat het een lieve lust is.

De kinderen worden ‘opgesloten’ in de provoost achter het fort, zijn diep onder de indruk van de tekening op de muur, de soldatentoiletten, de waterkelder onder het hele fort, de slaapvertrekken. Ze griezelen bij de verdroogde vleermuizen en het verhaal van de gids, die vertelt dat, als je eenmaal een vleermuis in het losse haar krijgt, die er alleen nog maar uitgeknipt kan worden, want door de weerhaken krijg je het beestje niet meer ontwart.

030

Tussen de voorstellingen door haal ik de volgende groep op. Je waant je in het paradijs als de stilte enkel en alleen door het gekwinkeleer van de vogels wordt doorbroken. Twee vissers zitten op de pontons in de fortgracht en turen mijmerend naar hun hengel. De houten brug over het spiegelende water en het grote hek dat uitnodigend openstaat markeren de bijzonderheid, een entree tot een onbekend wereld vlak achter het centrum van de stad. In het water drijven de grote bladeren van de plomp. Kwikstaart doet zijn naam eer aan en is te snel voor het schieten van een foto. Ze verdwijnt in de grote paardenkastanje achter de meiboom bij de entree.

028

Als de sleutel van de gids niet past op de keuken heeft de soldaat gelukkig een butagas bij zich en pruttelt er binnen enkele ogenblikken een echte Italiaans percolator op zijn pitje. Het rantsoen bestaat uit haverbiscuit. Alles roept de sfeer op van vroeger. In het minimuseum zijn alle schatten vergaard van dat bestaan, de gamellen, de soldatenkisten, de koperen ketels evenals een mottige buizerd en een uil. Er staat een grote maquette van het fort. De stem van de gids erboven verhaalt van de rij paardenkastanjes, die allen helaas geveld zijn door de kastanjebloedingsziekte en de wildgroei van de natuur, die het fort hebben omgetoverd tot  deze geheime tuin. Hij vertelde van de onbruikbaarheid van het fort omdat brisantbommen het in een klap konden platleggen. De gloriedagen van het bakstenen en brikkenbetonnen gevaarte, dat nog betekenis had in de eerste wereldoorlog, kwamen niet weerom. Pas veel later zag men de historische waarde er weer van in.

Het liniepad ligt er zonovergoten bij als ik naar de auto loop. Nog eenmaal vang ik de roep van de koekoek. Er is maar weinig voor nodig om te kunnen tijdreizen.

 

Uncategorized

We doen ertoe

Stempas…Huh….maar wanneer hebben we die dan door de brievenbus gekregen. Doordenken. Ouderwets per brief. QR-codes? Het is maar een idee. In oude post omhoog gegraven. En natuurlijk gaan we stemmen. Dit keer op een vrouw, een die vecht voor mensenrechten en met hart voor een grenzeloos bestaan. Het toeval dat ik hier geboren ben, speelt een beslissende rol. Hier of daar en wie bepaalt dat.

Hoe heerlijk om een jong mens te horen vandaag. Eerst ouderwets lekker kunnen kletsen met mijn lieve vertrouwde vriendin. Geen betere zielsuitwisseling dan dat.  Toen dochterlief thuiskwam uit school ontspon zich een breed gesprek over allerlei maatschappelijke vragen. Issues die zonder meer mee te nemen waren in het maken van een keuze omtrent de Europese verkiezingen. Terug naar huis met gedachten die dieper groeven dan gemiddeld. De tuin lokte maar de wijsheid riep me terug. Even een pas op de plaats maken.

‘Hoe bevalt het werk op woensdag’, was een van de vragen. ‘Ik moet merken dat ik ertoe doe’ was het antwoord. Zo voelt het. Ben ik in staat om betekenis te hebben in de gesprekken die ik voer. De vrouw alleen waarmee ik de vraagstukken besprak die er op haar bord lagen. De intens vermoeiende regeldingen als je weet dat het deze keer de allerlaatste kans is op vooruitgang. Wat als het niet lukt. Kind noch kraai. Bikkelen en doorgaan en nog altijd de touwtjes in eigen handen willen houden, omdat je niemand tot last wil zijn. Het is zo herkenbaar. Ik ga duimen beloof ik en vergeet dat ik in een katholiek ziekenhuis loop. ‘Bidden  mag ook’ lacht ze ‘of een kaarsje opsteken’.

014

Vriendin en ik verzinnen dat iemand die laatste taak uit handen zou moeten nemen, zodat je ziek mag zijn zonder zorgen en verder nergens aan hoef te denken. Later bekijk ik de taken van een buddy eens goed. Een buddy is er op getraind om dergelijke zaken uit handen te nemen. Ze hebben coachende eigenschappen en krijgen er een opleiding voor. Soms is er een buddygroep waar vragen van de vrijwilligers zelf aan bod kunnen komen. Ik weet nog te weinig van de afdeling om erachter te komen of er op buddy’s gewezen wordt. Vraag voor mijn collega’s zo meteen.

Een andere vrouw dreigt in een isolement te vallen. Ze is bang voor haar thuiskomst in het kleine dorp met de opvallende aandacht van de buurvrouwen om haar heen. Ze komt zelf uit de zorg. Is het haar eigen achterdocht of is het werkelijk zo, dat die aandacht enkel en alleen als bemoeizucht vertaald mag worden. Terug in de auto blijft het door het hoofd spoken. Iedereen heeft een eigen leven. Als de nood aan de man komt zal de galerij klaar staan. Ik zou er niet aan denken om het als bemoeizucht te bestempelen. Ontvankelijk zijn is ook een gave en maakt de wereld groter.

009

De lange slanke man ligt roerloos op het bed. Hij houdt zijn ogen gesloten als er iemand binnen komt. Zijn signalen zijn duidelijk te lezen. De oude pleeg komt boven. Ik zou iets willen doen dat verlichting brengt. Straks is er een cursus hand en voet massage en mag ik daarmee aan de slag. De handeling als inleiding tot wezenlijk contact. Nu raak ik op die ene ochtend in de week alleen de geest even aan, een lichte vingertip, niet meer.

Zo wandel ik kamer in en kamer uit. De verschillende levens parallel aan elkaar en heel  verschillend. Het ziekenhuis sluit haar luiken automatisch als er zon is, de kamers zijn donker en gesloten. Ik zou naar de weidsheid van de lucht en het licht verlangen als ik er lag. Juist daar, in die begrensde werkelijkheid.

Vandaag mogen we stemmen. Een wereld zonder benauwende grenzen met een goede infrastructuur, waar je mens mag zijn op alle fronten. In het stemhokje kleurt het hokje rood. Ineens valt het kwartje. Waar je ook gaat of staat en wat je ook onderneemt, je stem telt. We doen ertoe

 

 

 

Uncategorized

Eerst maar wat bijtanken

Mijn vader dook na de warme maaltijd van vijf uur zijn eigen fauteuil in bij het raam, schoof naar achteren waardoor het voeteneind omhoog kwam, deed zijn ogen dicht en viel in slaap. Elke dag, vaste tijd, vaste prik. Je kon er de klok op gelijk zetten. In het begin stil, daarna ontspande de onderkant van de kaak en viel zijn mond open. Zo snurkte hij zijn dromen door tot er een uur voorbij was. Dan herhaalde het hele spektakel zich omgekeerd. De ogen gingen open, de grote hand veegde over het gezicht gevolgd door een enorme gaap. Dan schoof hij naar voren en klapte het voetenstel zwaar weer in. Hij was wakker. Koffie en een zware van Nelle. Het was een dagelijks ritueel.

Ik kan nooit een dutje doen overdag, maar de laatste dagen valt de vermoeidheid in als een blok beton. De ogen worden zwaar, de armen zijn niet meer te tillen en het lijf roept om ineen gekruld op de bank even te ontspannen. Niet echt te slapen, maar even niets. De stilte met het gebrom van de koelkast er doorheen, maar verder rust. Na het onderzoek van dinsdag viel ik ’s middags als een blok in slaap. Dat was me nog nooit overkomen. Daarna werd ik, vreemd genoeg, bruisend van energie wakker. Een echte powernap.

IMG_0301Eerste opzet.

Er was heel veel zin om ’s avonds te gaan schilderen bij Knockart. We gingen naar model aan de gang. Het lijdend voorwerp zat op de stoel in een natuurlijke pose. Zette zijn mindfull denkhoofd aan en vloog weg. Een uitstekende manier om  twee uur lang met een korte pauze ertussen, vol te houden. Na wat heen en weer soebatten, besloot ik toch eerst even naar model direct op doek te schilderen en daarna pas weer aan het andere doek volgens foto verder te gaan. Het was een heerlijke flow die de middagslaap had opgeroepen. De penselen, twee stuks, een kattentong en een grote varkensharen voor het grove werk dansten over het doek. De opzet met sienna, de invulling en de nuances met doek en rode lakverf, paars, wit, groen, citroengeel en magenta. Heldere kleuren, wat er voor zorgde dat het doek licht en lucht bleef houden. Binnen een uur had ik de eerste opzet klaar. Volgende week verder, nu de tweede laag over het vorige doek.

IMG_0283

We drentelden een rondje langs alle doeken en bewonderden de inspanningspogingen, die volstrekt verschillend waren. Van alle kanten met de werken van de vorige sessie kwam ieders eigen wijze van werken naar voren. Krachtige en uitbundige, minuscule verfijnde, gedurfde experimentele of bescheiden ingetogen streken en toetsen. Het was er allemaal. Kleurrijk vooral ook en overal herkenbaar in detail of overflow.

img_2655.jpgTweede laag

Ook de tweede sessie op het doek van vorige week ging als vanzelf. Het penseel en de arm deden het werk en ik constateerde alleen maar dat alles wat ik deed werkelijk vruchten afwierp en wat zich voegde door de enorme brushkwast en de achterkant ervan om verdieping aan te brengen met licht groenblauw, een soort verdigris, de jas te verdiepen met ultramarijn en umber, de glans aan te brengen met een vleugje wit. We zijn er nog niet, maar het begint te komen. Niet dicht smeren, maar lucht erin aanbrengen en het licht zien. Zo voelde het die avond. Drie cursussen te verbinden tot een eigen aanpak en een werkende stijl. Het pad van de inspiratie gaat kennelijk over de rozen van een diepe middagslaap.

De tol betaalde ik gisteren, na een ochtend werken in het ziekenhuis en een korte lunch in de middag. De zware vermoeidheid was er weer, maar liet zich niet verjagen. ‘Blijf maar op de bank’ beet ze me toe. Met leed in het hart belde ik wolkenwietje af, die prompt lucht stuurde om energie op te doen. Een ander telefoontje hakte erin. Nog een  herhaling van het eerste onderzoek komt eraan, maar dan in rust. ‘Dat is voor 80 % van de mensen die dit moeten ondergaan hetzelfde’, zei de vriendelijke stem door de telefoon relativerend. Het zij zo. Eerst maar wat bijtanken.

 

Uncategorized

‘Naar bed, naar bed’

Keurig was de onzichtbare verzorging onder de zwarte broek en de gemakkelijke warme, oudroze trui. De benen al in de zomer gestoken, glad als een babyhuidje. De gecraqueleerde huid glimmend gewreven met de doucheolie en daarna met de bodylotion. Nagels schoon. Gepokt en gemazeld, zoals het betaamt als je het ongewisse ingaat. De waarschuwing van mijn moeder klonk bij zulke gelegenheden steevast door. ‘Altijd hele en schone  onderkleding aan. Stel je voor dat je in het ziekenhuis terecht komt’. Het werd een van de meest geliefde running gags op de Neurochirurgie IC en onder de zussen. Wat er ook gebeurt, als je ondergoed maar heel en schoon is. Ja ja. We hebben wat afgelachen op die zware afdeling, zodat het leven naast het leed ook de humor bleef houden.

Om door een ringetje te halen toog ik een half uur te vroeg op pad. De voorzorgsmaatregel voor dergelijke ervaringslege bladzijden is het inbrengen van de rust. Boek mee, tekenblok mee. Stiefelen naar het infobord. Poli-nummer checken, aanmelden bij een alleraardigste secretaresse en plaats nemen. Daar begon het grote wachten en de aanvang in de dikke pil van Judith Visser, een herkenbare beschrijving vanuit de visie van een autist. Een welkome aanpak voor het doden van minuten, die weg tikten alsof ze op een achteruitlopende band stonden.

Ergens registreerde een deel van het brein de voorvallen die plaats vonden. De echtparen, de Turkse mijnheer, die anderhalf uur te vroeg was, maar aangaf dat prettig te vinden, het doelloze geblader in de aanwezige tijdschriften of het doornemen van de meegebrachte brieven. Vaker nog het eindeloze turen op het te kleine scherm van de Phone. De echtparen spraken nauwelijks met elkaar. ‘Hoe was het gegaan?’ was de vraag. ‘Ging wel-gebrom’ als antwoord en dan hield het op en swipe, swipe, swipe. Net schaatsen op het droge of dirigeren zonder stokje. Onvoorstelbaar wat je nog kunt meenemen van de omgeving als je toch in een boek zit.

020.jpg

Mijn beurt. Ik mocht me een infuus laten aanmeten bij een allerhartelijkste vrouw, die geroutineerd de rollende ader in de prikstand dwong. Er kwam een hele uitleg bij. Terug en wachten, nuchter en wel. De koffiemachine met haar geraas, de vrolijke gesprekken  achter het glas van de balie met af en toe een bevrijdende schaterlach en toen zag ik haar ineens. Een giraf met schoenen geënt op het patroon van haar vel. ‘A few sizes to big’, was de titel. Niemand is volmaakt. Opmerkzaam gemaakt keek ik rond. De nucleaire poli bleek echte kunst te bevatten.

Ik mocht weer. Gehaspel met boek en zware tas. Er werd een echo gemaakt en de bloeddruk werd gemeten. De dokter kwam ‘gorgeous grey’ en olijke ogen, en spoot de vloeistof in terwijl ze me, als afleiding, het hemd van het lijf bleef vragen. De antwoorden haperden omdat de benauwdheid me de volledige concentratie benam en er even helemaal geen woorden meer waren. Met horten en stoten bleef ik antwoorden, maar ik had geen flauwe notie van wat ik gezegd heb. Het was mijn eerste aanvaring met een bronchospasme, opgewekt door de inspanningsvloeistof. O wee. Het voorland drong zich op. Dat vroeg om neer te sabelen. ‘Had ik gepuft van te voren’. Ontkenning, want de stelregel was geen medicijnen. O, maar deze mochten/moesten wel. Ik mocht ze ter plekke nemen en dat gaf letterlijk lucht. Het infuus ging uit.

019.JPG

Bijkomen bij een broodje kaas 48+ en een chocomelk om de gal en de maag aan het werk te zetten, zodat het hart bij de scan alle aandacht kon opeisen. En weer het boek met flarden wachtkamer.  De scan was een oase van rust, niet bewegen, handen boven het hoofd, muziek en het relativerende alledaagse nieuws.

023.JPG

De vermoeidheid sloeg pas toe, toen ik een warme uiensoep ging halen in het restaurant. De tekenpennen bleven in de tas, evenals het boek. De pen zou ik niet getild krijgen en de letters zouden een eigen verhaal dansen. ‘Naar bed, naar bed’ smeekte duimelot in mijn oor.

Uncategorized

Wat er komen gaat

Het gehannes met maxi-cosi was ik even kwijt. Er is nog niets veranderd. Hoeveel vrouwen moeten zich dagelijks dubbel vouwen om baby veilig achter in de auto te  krijgen. Het wachten is op de evenknie van Willie Wortel, die iets ontwerpt wat op schuiven en klikken lijkt. Kind vastsjorren in de kinderwagen buiten de auto, wagen losmaken en erin schuiven, kliksysteem met automatische vergrendeling en klaar.

Nu moet je je met uitgerekte bekkenbodembanden en de gevoelige rug in honderd bochten wringen om kind vanuit de wagen in de maxi-cosi te krijgen en helemaal om de gordel veilig en wel om alles heen te sjorren. Als ik kind in de wagen in de auto schoof, dat kon in 1980 nog, zorgde je ervoor dat het gevaarte klem stond achter de voorstoelen. Bij mij ging dat de eerste keer niet vanzelf. Net toen ik de voorstoel naar achter wilde trekken sprong grote dot wol Lazy, vuilnisbak van het zuiverste water, in de wagen boven op dochterlief. Het was een van de spaarzame momenten dat ik bijna hysterisch dacht te worden en met sjorren kwam hij maar moeizaam uit dat warme mandje. De schrik, vermengd met de kraamtranen,  kan ik nog zo oproepen.

014

Het duurde dan ook even eer dochter en ik tussen de planten liepen in het grote tuincentrum. Rijen met de meest prachtige beloftes voor volle bedden, al naar gelang van klein en goedkoop tot enorm tegen een flinke prijs. Voor elk wat wils. Dochterlief had haar kleine stadstuin onder de Gingko en die was toe aan wat fleurigs. We kozen de lavendel, margrieten, de ooievaarsbek in teer roze, de phlox, de bergamot, het kattenkruid, de Japanse anemoon en een grote blauw-paarse hortensia voor in de pot aan de voorkant van het huis. Met de buit en twee kleine cadeautjes kabbelden we, na een inwendige versterking, naar huis. De lieve kleine kreeg een VIP-plaats boven op de tafel in haar verende hangmandje met het  frisse wuivende groen van de bomen boven haar, weerspiegelt in haar ogen. Ze monsterde alles met die blik van zoete verwondering. Natuur met de paplepel ingegoten.

010.JPG

Met kleine schepjes gingen we de grond te lijf. de lavendel en het kattenkruid tegen de schutting, al was die jas wat krap. Een steen eruit bracht verlichting voor ze. Lieflijk paars tegen houten muur, perfecte omlijsting. Daarna wroeten en scheppen, laveren tussen de wortels van de hortensia die daar al stond en die van de gingko door. Nieuwe aarde luchtig erdoor geschept, diepe kuilen, emmers water, zwarte vingers. Boven onze hoofden koerde de duif zijn genoegen over onze aanpak. Het was een echte ‘poepduif’ als hij in de boom zat, had dochter droogjes geconstateerd. Ik zong Annie’s ‘duiffies’ en het moet een zot gezicht zijn geweest, die dochter in beeld en geluid  vereeuwigde, zonder dat ik het wist. Af en toe betuigde ik de boom beschamend mijn spijt ‘Sorry boom’ als ik een van de wortels  had blootgelegd.

011-1.jpg

De planten bedolven we onder bemoedigende woorden. Hart voor de zaak doet groen beter groeien. Dat leerde ik vroeger al door mijn moeder en haar liefde voor al wat bloeide in háár kleine stadstuintje, de papaver, de forsythia, de perenboom en de akelei. De hortensia mocht in de grote pot en toen ik opmerkte ‘wat is hij mooi’ corrigeerden we allebei in hetzelfde tempo ‘Het is een haar’ waarop we, blik van herkenning, het uitschaterden. Ons kent ons.

Het was een welkome afleiding voor de APK-keuring, zoals een van de vriendinnen bemoedigend schreef, die me boven het hoofd hangt. De dag was zo om en natuurlijk ben ik veel te vroeg wakker. Ik schrijf dit en ga een paar uur onder zeil als het lukt. Het voordeel is dat ik nu nog een glas water mag drinken alvorens me straks te melden bij het loket met gezonde Hollandse nuchterheid op alle fronten en me laat leiden als een mak schaap. We zien wel wat er komen gaat.

 

Uncategorized

Ik kom de dag wel door

In mijn gedachte ben ik aan het passen en meten. Kleine hoekkast, maar hoe hoog dan. Nee, ik haal de twee kastjes uit de Bernagie naar huis en zet twee smalle kasten op de smalle wielombouw. Dan heb ik kastruimte en ben weinig ruimte kwijt, nog beter. Dat laatste is een oprechte optie. Één kast kan hier in huis zelfs dienst doen als badkamermeubel. Hoe krijg ik die kasten dan weer hier. Het schuift en het rommelt in mijn hoofd en er komen zeeën aan ruimte vrij, maar niet zonder slag of stoot. Er is wat vernuft en spierkracht voor nodig. Het zal op een centimeter of vijf hangen. Eerst meten. Meten is weten.

Huizen zijn onder de zussen op het ogenblik een hot item. Appartementen om precies te zijn. Het zijn de jaren van het kleiner wonen. Kinderen die een eigen leven gaan leiden, ruimte die kan worden ingeboet tot het weinige wat een mens in feite nodig heeft en regeren is vooruitzien met de kans op eventueel lichamelijk ongemak. De zussen hebben alle drie een gelijkvloers onderkomen aangeschaft. Huur of koop, op een eerste, tweede of vierde verdieping, de een met een magnifiek vrij uitzicht over de stad en zicht op de wisselende wolkenluchten en een ander kijkt op het frisse groen.

032.jpg

Daarom drentelen we ook de Hema binnen omdat er een constante zoektocht naar interieurverrijking plaatsvindt. Ik loop doelloos door de diverse gangen, neem willekeurige stoffen tussen de vingertoppen, bekijk de nieuwe kleurschakeringen, duik ten leste in een stoel om even uit te rusten en schiet met de Iphone wat plaatjes. Nauwelijks wordt er gekocht. Eigenlijk zijn we op zoek naar schuimgebak om te vieren dat de nieuwe stekkies zijn gevonden, maar we vinden het niet. Dan maar naar het Oude dorp om in een gerenommeerd restaurant wat te eten en te borrelen. Er hoeft niet meer gewaakt te worden en tussen de flarden van het gesprek door denk ik terug aan de avond ervoor en aan iemand die zojuist door de mazen van alledag heen gevallen is. Parallelle tijden, die zo verschillend zijn.

Buiten krast de kauw een waarschuwing en nog een. De lucht is dik en grijs. Het leven neemt een vlucht na de nachtelijke stilte. De tuin smeekt om water en ik ben benieuwd hoe ze het festival heeft overleefd dat, dit weekend, al haar decibellen rijkelijk over de mezen en de vinken, de merel, de haas en de ringslang heeft uitgestrooid. Heeft de meerkoet haar twee kleintjes kunnen beschermen. Straks, gewapend met centimeter en nieuwe energie zal ik het weten, mits het grijze grauw geen emmers over mijn hoofd stort.

004-4.jpg

Er waart nog een spook rond. Het is de lichte onzekerheid over een onderzoek dat morgen staat te gebeuren. Radioactief zal ik een poosje zijn, kleine baby’s mag ik niet langer dan een half uur vasthouden op die dag. Met recht een lichtend voorbeeld. Het wrikt een beetje. Aan de ene kant is het fijn te weten dat de hartspier onderhanden wordt genomen, aan de andere kant denk ik aan de risico’s die inspanning oplevert voor het hart, zeker als het wordt nagebootst. Ik moet het maar zien als een slimme check-up. Stempel erop en goedgekeurd, of nog een onderzoek erna als er meer aan de hand blijkt. De twijfel breit aan de ene kant een trui en ik rafel haar uit aan de andere.

002

Met het boek ‘Zondagskind’ van Judith Visser onder de arm kom ik de duur van 2,5 uur wel door, nuchter. Ergens tussendoor een boterham met vette kaas, zelf mee te nemen, en een beker chocomel, door het ziekenhuis verstrekt.  Tekenblok mee en de fineliners. Ziekenhuizen zijn staaltjes van wandelende en zittende, hangende, en liggende objecten om te vereeuwigen op papier. Sketchkrabbelstof te over. Ik kom de dag wel door.

Uncategorized

Heel het leven

Het was een stralende dag om vriendin te verrassen, die van niets wist, alleen dat er iets stond te gebeuren. Manlief had het uitstekend voor haar verborgen gehouden en het was één grote surpriseparty, die tot in alle voegen klopte als een bus. De locatie was ideaal voor een zonnige lentedag. Het ontluikende frisse groen aan de bomen zorgde ervoor dat het bos met zijn zandafgravingen een lichte toets had en minder dicht en zwaar was dan in de zomer. De ‘beareble lightness of being’ om in een variatie op een thema te spreken.

IMG_0271

Het was de perfecte omlijsting voor de viering van een bestaan. We werden letterlijk het bos ingestuurd. Niet om te verdwalen want kompas en coördinaten gingen in cryptische aanwijzingen mee. We ontcijferden een sudoku en vertaalden morse, we lazen het juiste spoor eruit en genoten van de ruimte, de prachtige omgeving. Onderweg kwamen we het feestvarken en haar eega tegen en zongen een langzalzeleven-lied uit volle borst.

IMG_0265

Zon, ziel en zaligheid, alle ingrediënten voor een wonderschone beleving met een pannenkoekenbuffet en een wijntje toe. Vriendin was helemaal tot in haar tenen jarig.

Terwijl Nederland uit haar dak wilde met kanjer Duncan aan het roer, was er kamerstilte bij mijn waken. Het enige wat er doorheen sneed was de ademhaling, regelmatig en zwaar. Ondertussen vlogen de gedachten rond. Een tegenstelling van dag en nacht. Het gedicht van de tuinman en de dood van Pieter Nicolaas van Eyck rafelde zich ter plekke uit.

De tuinman en de dood

Een Perzisch Edelman:

Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik,
Mijn woning in: ‘Heer, Heer, één ogenblik!

Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot,
Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.

Ik schrok, en haastte mij langs de andere kant,
Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.

Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan,
Voor de avond nog bereik ik Ispahaan!’ –

Van middag – lang reeds was hij heengespoed –
Heb ik in ’t cederpark de Dood ontmoet.

‘Waarom,’ zo vraag ik, want hij wacht en zwijgt,
‘Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?’

Glimlachend antwoordt hij: ‘Geen dreiging was ‘t,
Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,

Toen ‘k ’s morgens hier nog stil aan ’t werk zag staan,
Die ‘k ’s avonds halen moest in Ispahaan.’

Het onuitwisbare lot en daarmee de bevestiging dat hij op sluipersvoeten komt in ieders eigen tijd en eigen uur. Door alle aanwijzingen aan elkaar te knopen had ik een beeld gevormd van een leven, dat ik niet kende. Er bleven flarden hangen terwijl ik terugliep door de grote stille gangen van het ziekenhuis in de luwte van de avond. Schemerlichten tegen de met stenen gevulde wanden van de hal. Ik moest ineens denken aan wat er zou gebeuren als er een gat werd geslagen onderin het hekwerk. Een steen op het hoofd en dood hoefde niet meer af te reizen naar Ispahaan. Hij zit in een klein hoekje en loert op het juiste moment.

019-2.jpgBepper de Bofferd

De beelden op televisie gaven een uitzinnige meute weer en de tegenstelling  met mijn overpeinzingen was te groot . In rustiger vaarwater sloegen er hele gaten in het verhaal van de Detective, omdat ik elders vertoefde, terwijl ik rustig op de bank zat. Bepper de Bofferd keek me peinzend aan en gaf troost en berusting. De slaap overmande uiteindelijk.

Bij het aanbreken van de nieuwe dag, een nieuwe ronde met nieuwe kansen, lees ik dat we het als klein kikkerland eindelijk weer eens gered hebben. Dat is een mooi gegeven, want ik vind Duncan een verademing tussen alle verkleedpartijen die in fragmenten aan mijn oog voorbij waren getrokken tijdens dat hele songfestival-circus. Au naturel en met een prachtige vertolking van zijn lied. Pure schoonheid en de flemende dood op een dag. Er valt geen chocola van te maken, maar dat is wat het is. Heel het leven.

 

Uncategorized

Alles sal reg kom

Verkeerde outfit wist ik toen  ik op de plaats van bestemming was aangekomen. Feest voor alle vrijwilligers, met echte mevrouwen en oranjehooligans, de trappelzakboogie, een koor en een politiefanfare. Het was even wennen. Het eten was veel en uitgebreid. Er werd geen dubbeltje op bespaard. Met de meiden onderling was het gezellig ondanks dat ik iedereen pas kende. Schoolvader van ooit was er en twee ex collega’s uit het roemruchte kringloopverleden. De jaren liepen door elkaar. Dappere optredens en een kranig gedicht van een jonge kleindochter die over geluk en de dood van haar oma schreef. De concentratie lag bij het luisteren. Als de decibellen een muur worden, is het lastig om klanken er uit te vissen.

001Concentratie

De ochtend was zo anders verlopen. een wereld van verschil. De schrijver in de bibliotheek, twee groepen kleine belhamels en op Roald Dahl geënte grappen vlogen over de hoofden heen. Rozijnen zijn druivenlijkjes en ratten kunnen echt via de toiletpot omhoog. Ze griezelden lacherig en bij elk vies woord schaterden ze het uit. Het werd er niet rustig van maar ze genoten met volle teugen. De bieb kende een aantal hinderlijke bijgeluiden dwars door het betoog van de schrijver heen. Een vooroorlogs faxgeluid en een dove vrijwilliger, die luider praatte dan ze zelf meende. Ze waren allervriendelijkst en de ontvangst was warm.

 

Daarna ging ik op pad om een klein cadeau voor jarige dochterlief te scoren en vond een Matroesjka, maar toen ik in de auto het prijsje ervan af peuterde, bleek er Ibiza onder te staan. Daar ging mijn cadeau, met de Spaanse zon mee. Het echte cadeau komt later. De twee jongens aan de muur. Straks moet daar de derde bij.

010Eerste  laag.

Aan de oudste heb ik afgelopen woensdag gewerkt. Het was weer een feest om bij dat kleine gemoedelijke cluppie te zijn. De auto kon ik nauwelijks kwijt, de trap naar het atelier toe is eigenlijk te hoog en de zware tas met tubes en penselen komt vriendinlief al halen. In mineur omdat in het vertrouwen een flinke deuk was geslagen. Warme armen en verhalen waren alles wat nodig was op zo’n moment en afleiding in de vorm van het schilderen. Zij met gouache en wij met olieverf. Lieve kleinzoon keek met ontzag naar de opspattende golf. In dezelfde sfeer als zijn broer kwam de opzet uit de verf rollen. Zo heerlijk als het lukt. Met de juiste aanwijzingen, verschil licht en donker eerst te scherp, hoe maak je het natuurlijker en waarom kom ik daar zelf niet op. Swingende muziek om de penseelvoering los te maken. Niet van dat benauwde. Dans, dans…

003Lief huis

In mijn gedachten zit de Bernagie en de vraag hoe ik de ruimte ten volle kan benutten. Met de twee kastjes erin is het vol en de stoel neemt ook veel ruimte. Daarnaast heb ik behoefte aan een schrijftafel. Dat zou een opklaptafel kunnen worden, hebben dochter en ik al bedacht, of een sidetable over de wielkast heen. Een hoekkast zou een uitkomst kunnen zijn. Ik denk dat ik wat kringlopen af moet scharrelen. Dat het op mijn pad komt weet ik, maar je kan het toeval natuurlijk altijd wat bewerkstelligen door te zoeken op de juiste plaats op het juiste uur.

Geduld en ogen op steeltjes brengen een mens een heel end.  Alles sal reg kom.

 

Uncategorized

‘Be careful…’

De paniek was licht voelbaar toen ik door de artiesteningang een donker podium opkwam. Of ik wist hoe het licht werkte. Nee, dat kon ik ze niet vertellen, maar wel op zoek gaan naar degene die er meer van afwist. Overal waren vragende gezichten en nergens loste zich dat in in weten. Gelukkig scharrelde eindelijk iemand een leerling van het VWO op, die bekend was met de installatie. Na het soebatten van ruim een half uur was het binnen vijf minuten geregeld en kon de opbouw doorgaan. Om zulke onvoorziene omstandigheden ben ik altijd al een uur van te voren op de plaats van bestemming. De gekste dingen kunnen ineens dwarsliggen. Daarna de lerarenkamer en geurige koffie. Laat de kinderen maar komen.

003

Het is zo heerlijk om die blije gezichten te zien als ze met een polonaise onder het geluid van een moderne blue grass, ‘Leef’ in een ander jasje, de zaal weer uitgaan. De fantastische voorstelling met absurde teksten boeide tot de laatste minuut. Het leven van een Amerikaans gezin, grootvader, moe, bro en sis en een verdwenen vader had hen een uur lang ondergedompeld in een bizarre wereld. Op het eind was de link met de fastfoodketen van de Mac snel gemaakt. De hilariteit steeg ten top toen er een zingende en dansende Italiaan opkwam, waar de Sis verliefd op werd. Een vleugje liefde gedrenkt in muziek en heel veel blauw gras. Zie daar de ingrediënten die nodig zijn voor een uur puur vermaak voor de doelgroep, de kinderen van groep 5.

002

Aan het eind kwamen de muzieksoort en de instrumenten aan bod. Wat zorgt er voor dat het onder de noemer Blue Grass valt. De kinderen konden praktisch alle instrumenten noemen. De viool, de contrabas, de fluit, het wasbord, de gitaar, de lepels. De mandoline en de mondharp waren vrijwel onbekend. Vanaf nu weten ze er alles van en het zal ze ook eeuwig bij blijven.

Ik weet nog goed dat ik voor het eerst met Blue Grass in aanraking kwam. Ik zat op het platje van mijn kamer. De avondzon scheen. Het dak was lauwwarm van de lome zomerdag. Overal stonden ramen en deuren wagenwijd open. Zomerse stadse geluiden klonken. Ik zat tegen mijn deurpost en mijmerde wat. Uit de radio klonk er ineens een lied dat ik niet kende. Doordringend waarschuwde iemand voor een ‘Baby in the house’ . ‘Be careful’. Gauw de knop omzetten en goed naar de tekst luisteren. Het was een nummer van de mij totaal onbekende Loudon Wainwright the Third.Het was zo’n moment waarop het gesternte goed stond voor ontvangst. Alles klopte. De avondzon, de geluiden, de behaaglijke warmte, het lome nietsdoen.

Het bijna jankende geluid van zijn stem en zijn indringende ironische teksten intrigeerde me zo, dat ik op zoek ging naar nog meer muziek. Het was eind jaren zeventig, dus het betekende aardig wat gespit naar de juiste naam van de zanger in de televisiegids en pas jaren later in New York in 2000 kocht ik een aantal cd’s van de zanger. Voor altijd verkocht. Mijn lievelingsnummer is  het nummer hierboven en ‘White winos’ en ‘One man guy’.

Blauw gras van de theatergroep Wie Walvis is een echte aanrader voor klein en groot. Niet alleen hadden de kinderen en ik ervan genoten, maar ook alle begeleiders, die met de groepen waren meegekomen. Aan het einde van de tweede voorstelling moest de zaal weer in orde gemaakt worden voor de pauzes van de leerlingen. De luiken gingen open en het licht kon weer uit. We waren een mooie belevenis rijker en ik duikel straks in de auto die good old Loudon maar weer eens op om onvervalst hard mee te brullen. ‘Be careful…

 

Uncategorized

Het grote werk gaat beginnen

Het is geen straf om ’s morgens vroeg op te staan en naar je werk te gaan. Mal eigenlijk dat er een hevig verlangen is naar de eindigheid van dergelijke dingen, maar dat het ook een gemis blijkt te zijn. Het verschil zit in de mogelijkheid om er een eigen inbreng in te hebben. De keuze om zelf vroeg op te willen staan. Het heilige moeten is er vanaf.

Het wachten op de uniformen die zich keurig laten zakken,  zolang jij maar bekend maakt wie je bent via de persoonlijke personeelspas, is  tegenstrijdig met de grote rij ervoor. Daar wisselt iedereen van been of ze staan zichtbaar ongeduldig te wachten tot ze aan de beurt zijn. De kledingstukken trekken zich er niets van aan. In een retraite tempo laten ze zich voeren over de stalen buizen heen, een voor een, vormeloze broeken en stijve rechte jasjes.

004

Op de afdeling is er even de onwennigheid maar al gauw voelt het toch als een vis in het water. Mensen die dankbaar het aanbod van koffie of thee accepteren, waarbij een fijn contact ontstaat. Op de dagbehandeling gaat dat au naturel. Voor de zekerheid vraag ik nog even na hoe het met de mensen op de kamers zit. Daar kan ik gewoon naar binnen lopen. Ik ontmoet er de broze vrouw, die als een vogel met opengesperd bekje wat frisse lucht vangt door de kier van het open raam. Ze is ronduit verbaasd als ik vraag hoe het met haar gaat. We hebben het over vroeger en haar ouderlijk gezin. Het kost haar geen moeite om naar het verleden te glijden. Er verschijnt een dromerige blik in de kleine priemende ogen en haar stem wordt zacht door de herinnering, wat een prachtige aanvulling is op het witte haar, dat haar gezicht omlijst. Als ik later langs kom ligt ze op bed en houdt de ogen dicht, de mond vertrokken van pijn of onmacht.

De vrouw iets verderop kijkt me vorsend aan als ik me voorstel. Ze geeft direct aan dat ze het niet meer redden zal. De grote littekens die boven de nachtpon uit schrijnen vertellen de rest van het verhaal. Haar haar piept, door de chemo heen, dapper omhoog voor nieuwe aanwas. Ze knikt berustend en we krijgen het over haar jeugd, in wijken van de stad,  die grotendeels mijn jeugd hebben bepaald. Een leven van verzet. Het feit dat ze heen en weer geslingerd werd van tante naar oma en vice versa. De kerstbomenjachten kwamen om de hoek kijken en een ondeugende blik roemde de katapulten en de fietskettingen die meegingen in de stoet. Ze woonde destijds in de betonbuurt. Ik raakte in de war met de namen en vergeet het zwembad te noemen. Dan, uit het niets, een aandoenlijke aantekening over manlief die al zijn tijd in dienst gesteld heeft van haar. ‘Dit doen we samen. Ik laat je niet alleen dood gaan, was zijn statement. In die ene zin ligt alles besloten. Liefde, compassie en aanvaarding. Ze maakt haar eigen keuzes ook. Duidelijk en helder.

De mannen op zaal lichten op als ik ze begroet. Wat een gezelligheid. Dan geeft de rechter man aan hoe angstig hij is bij de benauwde aanvallen van hyperventilatie die hem sinds twee weken plotseling overkomen zijn en hoe angstig hij daarvan wordt. Herkenbare momenten. Zijn zuurstof ligt in een bedrieglijk schattig wit babyflesje in zijn rollator. Hij wimpelt directe hulp af, maar is op zoek naar een buddy en vindt dat hij die in mij al gevonden heeft. Het blijkt dat hij zelf acht jaar lang buddy is geweest van iemand. Daar komt die wens ook vandaan. Het is om zijn vrouw te ontlasten en hem te helpen. Ik ga er niet op in. De andere man kruipt in zijn schulp, terwijl ik aan de groeven in zijn gezicht zie dat er ook een wereld van verdriet achter steekt. Hij krijgt de kans niet. Ik beloof dat ik hem de volgende keer spreek. Garantie is er niet op deze afdeling.

Nog even langs mijn naamgenoot. Ze is in de war en herhaalt alles, maar weet te vertellen wie haar beroemde voetballende neef was die ook ergens in mijn familie rondzwerft. Er lijkt een wereld van verschil te zitten tussen haar uiterlijk en het mijne. Toch zijn we even oud.

002

Voor ik het weet is de ochtend om. Tijd vliegt. In het hoofd spoken de gedachten. Bij de lunch met de andere vrijwilligers komt de herkenning in elkaars verhalen. Verwerking bij uitstek. We maken een groepsapp. Thuis komt het eerste signaal door van waakmaatjes. Het grote werk gaat beginnen.

 

 

Uncategorized

Je kunt er niet vroeg genoeg mee beginnen

Langzamerhand voel ik dat er spieren zitten in het lijf vanwege het feit dat de protesten hogelijk op lopen. Kennelijk moet eerst het luie zweet eruit. Ze zijn er niet meer aan gewend. Nee dat is niet waar. Het is tamelijk zwaar werk. De berg met oude compost krijg ik maar moeizaam geslecht, omdat er zoveel takken en onverteerbaar spul tussen zit. Met de spa in de hand kreunt de rug het uit. Gelukkig kwam het bezoek al snel aanfietsen. Aan de overkant van de sloot. Dat betekende, eerst een stukje terug en dan door het hobbelige gras de goede richting op. Op het nieuwe terras was het goed toeven. Ze bewonderden het atelier, dat ineens veel kleiner leek met drie mensen erin en de stoelen die er nog uit moeten. Ook leek de leunstoel groot. Maar het is rotan, dus alles kan ook naar buiten. Comfortabel zitten doe ik bijna nooit. Ik zit op de schilderskruk en voel me daar de koningin te rijk.

Met het bezoek en de Italiaanse antipasti was het gezellig toeven, al was de oostenwind nog wat schraal en werd het minder warm dan de dag ervoor. De kwinkslagen vlogen in een Brabantse gezelligheid over de tafel. Het voelde vertrouwd en een welkome afwisseling van de bezigheden. Toen ik ze uitgezwaaid had, kwam de oude nog een stroopwafel eten. Hij was de dag begonnen met eindelijk het hout op te branden, maar moest het staken vanwege de wind en de buuf achter, die het minder geslaagd vond dat de rook haar kant opdreef. Al met al zijn de dagen meer dan gevuld met vooral tuin en werk.

017

Die ochtend had ik afgesproken met beide dochters en de twee jongste spruiten. Gezellig kouten op de bank en de rust die de jongste aanwinst uitstraalt, evenals haar moeder, is in mijn ogen bewonderenswaardig. Met baby’s had ik niet zoveel. Misschien was ik te zenuwachtig om er ten volle van te genieten. Zodra ze gingen lopen en praten kon ik er mee lezen en schrijven, maar luiers en huilen en regelmaat deden me wanhopen. Als ik nu die rust zie bij beiden, is er niets anders meer dan respect. De kalmte zelf, die dochters van mij.

Het opmerkelijke verhaal over de dochters van vriendin, die zo dapper en energiek waren om hun eigen touwtjes in de handen te nemen bij een uitslag over hun toekomstperspectief, dat anders had uitgepakt dan gedacht. Het stuurde mijn gedachten naar de eigen puberteit. Als brok onzekerheid liet ik veel dingen gebeuren, wist niet hoe ik daar zelf verandering in had kunnen brengen en liet het afhangen van de loop der dingen. Zelfstandigheid en mondigheid zijn kostbare toevoegingen aan het bestaan.

008

’s Avonds zag ik een keerzijde van die medaille. Kinderen die niet langer luisterden naar opvoeders of begeleiders, maar in de ban waren van het gamen en 12 uur per dag of langer achter hun computer zaten. Ze hadden de grip op de wereld verloren. Er kwamen drie ex verslaafden aan het woord en een jongen van tien die er midden inzat. In de verslavingskliniek zag je de drie weer bezigheden doen, die ze totaal gewist hadden. Natuurbeleving, sociale omgang met elkaar, koken. Een van hen vertelde hoeveel problemen het nu opleverde. Ze moesten op zoek naar een nieuwe identiteit en nadenken over hun studie en hun werk. Bij bijna elke baan kwam er digitaal verkeer aan te pas.

Een nieuw beeld vormen van jezelf en weer een leven opbouwen, waar het gamen een gat van jaren heeft geslagen. Het is geen sinecure. De vraag is of het leven hen niet in de tang heeft genomen en dat dat de reden was waarom ze gevlucht zijn in het gamen. ‘Voorkomen is beter dan genezen’ sluipt door alles heen en investeren is de toekomst, maar dan wel in elkaar en in daadkracht en zelfstandigheid. Je kunt er niet vroeg genoeg mee beginnen.

Uncategorized

Schot in de zaak

Ze waren er weer. De dames schaap. Ze hadden de haren stevig in de krul. Iedere voorbijganger kreeg een warm welkom toegeblaat en het verlangen steeg over de sloot heen. ‘Hebben jullie nog iets extra lekkers voor ons’. Vanuit mijn raam, in mijn ivoren ateliertoren, kon ik ze goed zien.

010

Vanuit het andere raam zag ik de opbouw van Soenda, een outdoor festival. Aanstaande zaterdag zou het los gaan. Er werd hard gewerkt aan de diverse podia en de stemmen droegen ver over het land. Het tijdstip was volmaakt verkeerd. Weidevogels, de weinige die er nog waren, zouden nu in allerijl de drukte ontvluchten. De dansende kieviten van vroeger waren al verdwenen. De ooievaren kwamen van achter de molen vandaan, maar zelfs die moesten last hebben van de decibellen. De buizerd, gewend aan het geraas van de snelweg, had waarschijnlijk zijn verstand nog iets verder op nul gezet. Het kleine grut bij ons in de bomen was beschut, maar zou zich verstoppen als het technogeweld los barstte, evenals alle bewoners van de tuinen. Schoonzus liep er aan de overkant van de sloot te wandelen met haar warrige wollebol en stak een hand op. Leuk. Toeval bestaat niet.

007

De oude liet zijn neus zien. Eindelijk weer eens samen. Hij ging zich concentreren op het hout en knipte de eindeloze takken tot hapbare brokken, maar gooide ze daarna op een grote hoop in het eikenbos. Een onooglijke berg werd het. Het Nutteloze Niets. De woorden bleven maar door mijn hoofd spoken. Verplaatsen van de chaos werkt niet verruimend. Het strookte niet met mijn eigen ideeën. Het oordeel erover slikte ik in. Iedereen heeft het recht op een eigen ruimte en de invulling daarvan. In de filosofie wordt het nutteloze soms gezien als het grote goed. Als iets geen betekenis heeft dan alleen maar zijn, benadert het een vorm van opperste meditatie. In ieder geval werd dat eveneens opgeroepen met het grote mantra van zitten en knippen. Even heb ik met hem mee geknipt en wisselden we gedachten uit.

004

Over bewegen. ‘Beweeg je wel 20 minuten per dag’, had de arts hem gevraagd. Hij haalde dat met gemak, dacht hij. Alleen al het fietsen naar de tuin. Twintig minuten op een etmaal is niet veel. Buiten het wieden van het bed met de vijver, waar brandnetel haar eigengereide zelf gekozen uitlopers had gemaakt en het takken knippen, had ik ook een groot deel van de spullen van het atelier over gehuisd. De ezel en de twee kastjes, de rieten stoel van oma, die nog strak in de lak moet en de verfdozen. Een hele doos Rembrandt olieverf kwam ik tegen. Geen idee, dat ik die had. Verloren zonen. Ook de pigmenten kwamen weer boven water. Alle meubels moesten eerst grondig afgeborsteld voor ze naar binnen mochten, want ze zaten dik onder het stof of waren wit uitgeslagen van de schimmel.  Genoeg te doen om beweging te waarborgen.

008

De buuf was er ook en werkte zich in het zweet, net als mijn overbuurman met de naam van mijn vader. Die sjouwde zijn mooie compostbak in elkaar. Praatjes over de heg. Zakdoeken in de nek om het alles behalve luie zweet af te vangen en verhitte gezichten. Op het allerlaatst zag ik dat de krulwilg de kers het zicht benam en de moerbei daardoor ook in de verdrukking kwam. Met de takkenschaar was het varkentje zo gewassen. Nu moest de berg op de grond weggewerkt. Dat kon. Er was nog altijd ruimte tussen de iep en de vlier. Als het gedroogd was, kon het verbrand worden.

003

Aan het eind had ik de Bernagie al dicht zonder foto’s te hebben gemaakt. Door de dubbele ramen gaf het een grappig effect. Daarna ging ik de dames begroeten, maar die hadden net een vers stuk veld verkregen en voor het eerst werd er niet over en weer geblaat. Het grote hek was dicht en gelukkig wilde net iemand uitrijden, want ik had geen sleutel. Kwart voor zeven en moe maar voldaan. Er zat schot in de zaak.