We staan op een keerpunt, vertelt Ramses Nasr in de krant van vandaag. Hij is een krantenlezer en maakt zich kwaad over wat de planeet wordt aangedaan. Ooit was hij alleen op pad in het onherbergzame poolgebied en stapte daarbij pardoes ‘het grotere geheel’ binnen. Een stap die hem deed beseffen dat hij ‘er niet toe deed’, iets waar hij zich ten volle bewust van was. Hij schrijft erover in zijn boek ‘De Fundamenten’. ‘Hij viel plots samen met de vogels boven hem’, realiseerde hij zich op dat moment. Als we blijven voortgaan zoals nu, dan zal het ‘nog maar tien jaar duren voor de klimaatstijging de planeet ontwricht-dat het point of no return nabij is’, vertelt hij. Daarnaast maakte hij zich kwaad over het feit dat er te weinig gebeurt, terwijl er nĂș gehandeld zou moeten worden. Daarom is hij er over gaan schrijven. Er zou een verschuiving moeten komen in ons denken. Wij zijn allen gelijk. ‘Een mens is niet meer of minder dan de kleinste kokkel in zee’. ‘Wil je een vorm van geluk nastreven ook als je weet dat dit ten koste gaat van andere mensen, andere dieren, de planeet en de toekomstige generaties’ vraagt hij ons en noemt daarom de 21ste eeuw de eeuw van het geweten.

Op de vraag of we het geweten ergens zijn kwijtgeraakt doet hij uit de doeken dat ons handelen aan vernieuwing onderhevig zou moeten zijn, door rekening te houden met de kwetsbaarheid van iemand of iets, bijvoorbeeld bij de pieten-discussie, de kledingindustrie, het consumeren van vlees, omdat het slecht is voor de planeet, het dier en de mens zelf. Uiteindelijk komt het er op neer dat we ons niet boven de ander moeten stellen. Hij zet uiteen welke radartjes ervoor zorgen dat de wereld op drift raakt en wat er voor nodig is om dat te stoppen. Waarbij we ons bij het handelen af zouden moeten vragen:‘Gaat dit ten koste van iemand anders’. Zo filosofeert hij door.
Wat een mooie manier om de bewustwording aan te wakkeren. In mijn omgeving zijn veel mensen er mee bezig, het gebeurt op kleine schaal. Het gaat moeizaam. Het is kennelijk moeilijk om oude schepen te verbranden en met een nieuw schip koers te zetten naar behoud van wat er nog over is. Ergens moet iemand iets beginnen en daarom is elke wending een juiste stap, of elke stap het begin van een nieuwe wending.

In dezelfde bijlage staat nog een aangrijpend verhaal over sterfelijkheid en de tijdelijkheid van het leven hier. Het is een verslag van ‘De Poule des doods’ van Joris van Kesteren. Iemand die ook een stap zette, maar dan een fatale. Niemand kent dit slachtoffer, dat bij Duivendrecht voor de Metro stapte. Hij is later ook niet herkend, zelfs niet met een foto en profil, het enige dat nog mogelijk was, om toch eventueel een identificatie te krijgen. Niets op zak, geen aanwijzingen, kleding niet te traceren, glad geschoren, geen corona kapsel. De grote onbekende. Aanwezig bij de begrafenis, de dichter Vrouwkje Tuinman, de uitvaartleider, de reporter en mevrouw van der Laan. Toepasselijke muziek: The South Wind van Charles Yves, omdat het lente is en het Schotse lied ‘Remember me my dear’ en het gedicht wat begon met ‘Het kan dus nog: jezelf vrijwel onzichtbaar maken’.
De kop van het artikel luidt: Uitgevlakt. Letterlijk heeft hij zichzelf uitgegumd uit het leven. Of heeft het leven dat met hem gedaan? Het antwoord verwaait in de wind, maar met de klap heeft hij de machinist in zijn bestaan gesleurd en heeft daarmee macabere betekenis gegeven aan een leven. ‘Remember me my dear’ ten voeten uit. Een bittere afdronk.

‘In 80 dagen de wereld rond’. Gisteren kwam ik uit bij Senegal. Op het bord: Soupie Senegal en op papier Senegalese Art.
1 liter water, 2 blokjes groentebouillon, 3 kruidnagels, 1 ui, 1 wortel, 3 stengels bleekselderij, 1 citroen, 1 rode ui, 1 zoete witte ui, 2 appels, 3 eetlepels olijfolie, 1 eetlepel bloem, 1 eetlepel kerrie djawa, 3 eetlepels pindakaas, 2 eetlepels pinda’s, versgemalen zwarte peper, zeezout ,2 eetlepels Griekse yoghurt.
Zet de pan met het water op het vuur en verkruimel de groentebouillon blokjes erdoor, en breng het aan de kook op een kleine pit op hoog vuur. Schil een ui, steek 3 kruidnagels aan weerskanten en voeg de ui aan de groentebouillon toe. Was de stengels bleekselderij en snij ze in stukken van ongeveer 2 cm en in de bouillon,
Schil de wortel en snij hem in stukjes van ongeveer 2 centimeter en voeg ze aan de groentenbouillon toeWanneer de groentebouillon aan de kook gekomen is, het vuur reduceren en het deksel erop.
Laat de groentebouillon minimaal een half uur sudderen.Snipper rode en de zoete uien fijn. Snijd de citroen doormidden en pers ze uit. Sprenkel het citroensap over de gesnipperde uien en laat dit 15 minuten marineren. Spoel de uien af, laat het uitlekken en houd 2 eetlepels uien apart.Schil de appels, en daarna in vieren snijden. Verwijder het klokhuis en snijd ieder partje appel in 8 stukjes. Stamp in een vijzel de pinda’s grof. Bak de rest van de gemarineerde uien in olijfolie met de stukjes appel tot de uien zacht zijn. Strooi de bloem en de kerrie djawa erover, bak het gedurende 1 minuut onder voortdurend roeren. Voeg de bouillon, pinda’s en pindakaas toe. Breng op smaak met zwarte peper en zeezout. Meng de Griekse yoghurt met de slagroom en voeg daar de gemarineerde uien aan toe.
Serveer de soep met een eetlepel van de uienyoghurt.


































































Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.