Uncategorized

Een voorrecht

Een stoffen tas met Overkantlogo dook op achter het winterdeel van mijn dekbed dat ik zocht. Diep weggestopt was ik het totaal vergeten, evenals de inhoud. Schoolfoto’s, een dikke stapel uit de tijd van toen. Het kleurrijke bewijs van hoe onderwijs kan zijn, met heel veel heerlijke momenten, weeksluitingen, kampen, alle dagen feest met theater hoog in het vaandel. alle facetten zijn uitgespeeld. Drama, poppenspel, schimmenspel, dans, beeldende vorming, muziek, natuurbeleving. Alles om te delen met de andere groepen. Het verhalend ontwerp ten voeten uit zorgde voor een grote beleving en betrokkenheid.

Weeksluiting
Grensoverschrijdend

Met mijn voorliefde voor de aardetinten en zwart en blauw waren de kleurrijke uitdossingen volledig tegengesteld. Een heksje in roze, paars en turquoise lacht me toe. Het decor van een weeksluiting met zelfgemaakte decors, een internationaal feest in klederdracht uit alle landen, maar wel op klompen, ‘Wheeler-art’ als de kinderen kunst maken door met hun autootjes door de plakkaatverf over een groot doek te rijden, alles was mogelijk. Heks ben ik vaker geweest, een Zeeheks, Pollonia, Gruwela, maar ook een LiesjeBriesje, Paultje met het paarse potlood, Tralala/Tralali. Bep en To, de twee zussen, in drie verschillende uitvoeringen allen even hilarisch.

Bep en To
Mijn eerste heksenspel/de Zeeheks (1987)

Heerlijk om er weer even te zijn nu de regen gestaag blijft stromen en zelfs boodschappen doen een opgave wordt.

In de krant van vandaag een profiel van de Amerikaanse dichter Louise Glück, die donderdag de literatuurprijs won. In het gedicht van haar ‘Wijkend licht’ dat Erik Menkveld vertaalde, is zij de dichter en willen de anderen het schrijven leren. Ze reikt de instrumenten aan, maar de anderen bleven zeuren, wilden bij de hand genomen worden en dan beseft ze ineens dat de anderen nog kinderen zijn, hun leven niet hebben geleefd, geen bagage hebben om de gedichten te vullen. Dus gaf ze hen levens, rampen, ellende en toen konden ze pas schrijven, dromerig, bij een open raam. Daarna kon ze weer haar eigen weg gaan, in het besef dat ze niet meer nodig was.

Ik ben zo’n typische laatbloeier. Had eerst jaren nodig om de vijver met verhalen te vullen. Nu kan ik de pen in die kweekvijver dopen en put ik er zelfs soms juweeltjes uit. Vaak verstopt onder de doodgewoonste dingen, verscholen achter wat op het eerste oog onbenullig lijkt, of nauwelijks waard om over geschreven te worden. Door die bakken en tassen met foto’s lees ik de jaren af en weet dat de vijver tot aan de rand toe gevuld is. Iedere dag is er weer een verhaal dat zich aandient, een onderwerp dat roept, of de natuur die trekt om in het licht gezet te worden. Even de schijnwerper erop om daarna weer in de vergetelheid te duiken, veilig en geborgen.

Ik ben blij dat deze dichter de Nobelprijs heeft gewonnen met de kracht van het woord. Mirjam Hengel die het profiel schreef, roemt haar speelsheid en raffinement en vindt dat in dit gedicht ‘in de verbinding van het externe met iets essentieels van haarzelf’. Ze beaamt dat donkerte nodig is om iets van het leven te kunnen begrijpen.

Zonder licht geen schaduw, zonder schaduw geen diepte, zonder diepte geen hoogte. Tegenstellingen voeden elkaar. Woorden voeden mijn herinneringen, geven ze gestalte en de herinneringen geven mij woorden, vullen de vijver en daarmee de verhalen. Ze houden elkaar in evenwicht. Daaruit te mogen putten is een voorrecht.

6 gedachten over “Een voorrecht

Reacties zijn gesloten.