Uncategorized

Kringelende rook

‘Woorden schieten tekort’ van Nicci Gerrard levert me zoveel zinnen van bewustwording op, dat ik er ademloos tegen aanleun. Ze komt met oneindig veel voorbeelden van levens, die zo anders verliepen door dementie. Niet alleen het brein verandert, maar alles er omheen wordt meegezogen in die vlucht naar het onbekende.

IMG_6588

Er is een aandoenlijk verhaal van een vrouw. Haar echtgenoot zag haar niet meer staan. Hij had het gedeelde leven opgegeven en zichzelf in het midden van zijn universum geplaatst. Zij vertelde Nicci over dit probleem, waar hij bij zat en hij gaf volmondig toe dat het vermogen tot empathie verdwenen was. Als door dit gesprek er een verandering komt in hun relatie, mailt ze een belangrijk en alles veranderend gegeven: ‘Ik weet dat ik alleen echt van onze tijd kan genieten, als ik me ook in zijn wereld verdiep. Soms wint dementie het maar door die houding wordt het zoveel liefdevoller en fijner.’  Toen alles duisternis leek voor haar, bleef ze vasthouden aan hoe de relatie vroeger was. Dat stond het ontwikkelen van een totaal veranderde relatie in de weg. Bij de bewustwording daarvan waren ze opnieuw in staat elkaar lief te hebben en te omarmen.

In een ander voorbeeld noemt ze de kunst als belangrijk verbindingsmiddel. Iets waar ik zelf al vaker over heb nagedacht. Ik heb eerder omschreven hoe mijn vader met zijn grote handen pitrieten dienblaadjes moest vlechten bij de therapie en hoe hij er hopeloos van werd. De smalle onwillige wilgetenen die door de kleine gaten heen gestoken dienden te worden, maar een totaal eigen leven leidden, ongrijpbaar haast. Het frustreerde hem om zijn bibberende ongecontroleerde mototriek zo kaal en zichtbaar te moeten laten zien. Hij schaamde zich. Het pitrieten dienblad had een motorblok moeten zijn met vastzittende moeren, die losgedraaid dienden te worden. Achteraf en zeker met de verhalen van Nicci voorhanden, bedenk ik me dat we hem misschien wel met muziek en dans van vroeger uit zijn eigen isolement hadden kunnen halen. Mijn vader tapdanste vroeger. Wij werden meegesleurd in zijn sombere narrigheid zonder er bewust van te zijn. Ik had mijn moeder graag de wetenschap en de mogelijkheden van nu gegund.

Nicci’s vader was gek op dansen, zingen, schilderen en lezen. Ze beschrijft een moment waarop ze met haar gezin in zijn kleine kamer zat en ze hardop met elkaar het vers ‘Sea Fever’ van John Masefield aan het declameren waren. Plotseling viel hij, de man die niet meer sprak, hen bij. Wat een ontroerend moment van verbondenhied zal dat zijn geweest.

IMG_6587

William Uthermohlen, de kunstschilder, pakte de penselen weer op en door zijn zelfportretten toonde hij aan zijn omgeving zijn innerlijke wereld. Het was zijn belangrijkste communicatiemiddel geworden.  Een van zijn artsen, Seb Crutch, deed vervolgens een onderzoek naar het effect van het verbinden van kunst met dementie. Hij zegt in een gesprek met Nicci:‘We willen geïnspireerd worden door mensen met dementie. Naast de angst, het verdriet en de somberheid, kan er ook sprake zijn van verwondering, interesse, onzekerheid. Wij richten ons op het idee dat de ervaring ook iets waardevols kan opleveren’. Een mooi voorbeeld daarvan is The Songaminute Man, die met zijn vader autoritjes maakte , waarbij de muziek zijn vader weer thuisbracht, zoals hij het zelf omschreef.

Dat is precies wat er ontbrak in de relatie tot mijn vader. We hadden geen flauw idee, dat die andere wereld aan te boren viel. Als leed zo dichtbij komt, zit de emotie in de weg omtrent het verlies en de mist, die steeds dikker werd. Wat had ik nu nog graag even met hem mee willen wandelen en turven waar zijn geluk zich bevond. De geiten die hij voerde, het kleinkind op schoot, de spaarzame blije momenten in zijn vakanties. Ze zijn in de kringelende rook van zijn shaggie opgegaan.

 

Uncategorized

De keuze is gemaakt

De groep had zin in een duik in het verleden. Ze stonden te griezelen om de vuile luiers bij de wasteil, alvoor het begonnen was.  Iedereen deed mee en was enthousiast. Voorlopig weer even de laatste van een reeks van vijf keer. Het schuieren en schrobben vonden ze nog het leukst. Twee meisjes bedelden om nog een keer extra. Met tijd over kregen ze die bonus. De buien waren in de ochtend al geweest. We hielden het droog met slechts gespetter in de teil. Ongeloof over de afwezigheid in 1910 van telefoon, iphone, ipad. ‘Maar computers toch wel’. ‘Nee, zelfs die niet’. Ogen als schoteltjes zo groot. ‘Wat deden jullie dan?” De oude Jan vertelde van boven slootjes hangen, voorntjes vangen, werken op het schip. Gebreide zwempakken, die nat, uitlubberden tot op de knieën. Nog voel ik de wol schuren, want die bleven tot in de jaren vijftig bestaan, evenals de wollen borstrokken en onderbroeken.

IMG_6556

Ruim op tijd bij dochterlief, die een vergadering had en met de kleine zat. Drie uurtjes prime time met kleindochter. Dat laat je je niet ontglippen. Ze had eerst een middagslaapje. Maar ja, de buren waren aan het verbouwen, wat niet op fluistersterkte ging. Met het drillen van de boor werd ze weer wakker. Voetje voor voetje van de trap geklost, die smaller was dan bij ons thuis. De regen hing in tranen aan de boom van de buren. Mooie kleine parels tussen het git.

IMG_6563   IMG_6564

Zodra het droog werd, konden we de kuierlatten nemen. Kind in haar berenjas de wagen in. Een ouderwets blokje om met het kleine geluk. Een laat bloeiende roos, de oude vertrouwde boogbrug, waar de treinen over denderen, een gouden kleed aan de boom en eronder, een Minoespoes met een koeienpak aan, het was er allemaal. Een zichtbaar genieten in de wagen van de voorbij scherende wolken, het licht, de lucht.

IMG_6571   IMG_6568

Aan tafel met korstjes brood om op te sabbelen komen de liedjes van ooit. Suja, suja, Klap eens in je handjes, Draai het wieletje, en voor de zoveelste keer ging Berend Botje naar Amerika. We lezen het boekje, hoe doet de koe en spelen spelletjes. Kiekeboe (wegduiken achter het boekje) Hompeltje en pompeltje, komt een muisje aangelopen. Bij het kietelen kraait ze het uit.  Er is maar weinig nodig om geluk te vangen.

Langzaam druppelt de familie weer binnen. Moegewerkt, uitgespeeld. Op de terugweg plenst het weer.

Vandaag brak de dag open in zonneschijn, stralend en wel. Heel anders dan de somberte van de afgelopen dagen.  In de plataan voor het raam wedijveren kauwtjes met een vlucht grasparkieten, die sneller zijn en aftroeven. De kauwtjes maken zich groot en groeperen. Koolmeesjes mogen er tussendoor wippen als een toonbeeld van eeuwige vrede. De twee rivalen voeren duikvluchten uit en buitelend laten ze hun schelle roep horen en het luide ‘Kauw Kauw’. Ik hoop dat ze de weg naar de pinda’s vinden, maar vooralsnog heeft de boom voldoende aan eten in huis.

IMG_6549

Pluis wil naar buiten. Ze ligt tussen de planten, dik in haar wintervacht, elke vogelvlucht te bestuderen. Gezapig en ervaren. De pinda’s en de bolletjes hangen, veilig voor haar lekkere trek, voor, op de galerij. Buiten zijn ze bezig aan de entree. De hele glaswand eruit en een groot gapend gat, met alarmerende rood/witte linten afgezet. De flatrenovatie is bijna gedaan. Sint komt zo de pakjes brengen, verkleed als postbezorger. Zondag kan het feest beginnen en ik aarzel. Pepernoten bakken of pepernoten kopen. De lucht alleen al is zo op en top ouderwets Sinterklaas. Ongemerkt neurie ik ‘Een pop met vlechten in het haar’. Doorslaggevend. De keuze is gemaakt.

 

 

Uncategorized

Losse gedachten

De vrouw lag ongemakkelijk op haar zij en ondersteunde het hoofd met haar linkerarm. Er lagen twee kussens. Een, die van thuis kwam, en een van het ziekenhuis. Ze greep mijn komst in het kamertje dankbaar aan om uitgebreid een praatje te maken. ‘Je kan het hoofdeinde ook hoger zetten’. tipte ik. Ze gaf aan dat ze dat niet wilde. Teveel pijn anders. Ze ratelde haar leven in een kwartier bij elkaar, omdat ze, op het moment dat ik binnen kwam lopen, aan haar hondje moest denken. Er volgde een schrijnend verhaal over haar man met vasculaire dementie op te jonge leeftijd, haar eigen ziekbed, de mantelzorg die niet meer mogelijk was. Laconiek had ze direct ervoor gezorgd, dat manlief drie maanden in een verzorgingshuis kon blijven. Als het niet gelukt was, had ze hem met scootmobiel en al op het grasveld gezet en mocht de familie het oplossen. Dat klonk hard, vond ze, maar er waren nu grotere problemen te tackelen, nu het haar gezondheid betrof. ‘Mantelmoe’, bedacht ik me. Zo weggecijferd dat de koek op was, nu ze zelf aan het tobben ging. Ze lichtte een tipje van de sluier op over de ernst van de verwardheid van de man. Schrijnend als er slechts een schim van de liefde overblijft en hoe je dat dan overleeft.

IMG_6296

Het echtpaar had er een rit van twee uur opzitten. Het herfstweer, regen en vallend blad, had in de duisternis voor lange files gezorgd. Ze kwamen uit de Betuwe. In hun eigen ziekenhuis was deze behandeling niet mogelijk. Hij keek zwijgend omhoog naar de twee zakken met vloeistof, die langzaam druppelend soelaas moesten bieden. ‘Het is mijn tweede keer’, zei hij. Als een dief in de nacht waren de kankercellen weer binnengeslopen. Hij keek er berustend bij en wist hoe de molen zou draaien deze maanden.

Ze kwamen binnen en mochten in de Viproom, zoals we de kleine kamer noemden op de dagbehandeling. Ze keek sipper dan anders en de man was niet met zijn eigen kwalen bezig, zoals gewoonlijk, maar leek bezorgd  en week niet van haar zijde. Ze had haar best gedaan op het uiterlijk. Zelf gehaakte sjaal om de hals, prachtige blauwe kleur, die matchte met haar ogen, haar bloes en haar hoofddoek. Ze zag er mooi en breekbaar uit. Ze deelde haar zorgen met de koffie mee. Haar wimpers en haar wenkbrauwen waren aan het uitvallen. Nu had ze wenkbrauwpoeder van haar dochter gekregen en daarmee had ze het dunne lijntje boven haar ogen aangezet. Bescheiden  maar voldoende. ‘Gelukkig draag ik een bril’, zei ze, ‘dan valt het niet zo op’. Een blauwe, zag ik. Het haar op haar hoofd kwam in stekeltjes weer terug, dat was dan weer een opsteker. Haar man had het laatste oude vlas weggeschoren. Met haar woorden kwamen de beelden van Turks Fruit naar boven en die aandoenlijke scène. Elke verandering betekende een aanslag op de emotie. Er wordt wat losgewoeld, als het hele leven op scherp staat.

‘Terima kasih banyak’ zei de man en nam zijn koffie in ontvangst. In zijn ogen zag ik het Indische verleden. Ik was vergeten wat je dan hoorde te zeggen. Ooit, met de Wijze, speelden we met het Maleis, leerden woorden uit ons hoofd, telden tot tien en lazen Multatuli en Couperus, met tussen de regels door een vleug van zijn voorvaderen. Ahhh Tempo Doeloe. Alle woorden waren als sneeuw voor de zon verdwenen.

img_6295.jpg

Eer ik het in de gaten had was de ochtend om. Een kleine druppel op een gloeiende plaat. Buiten omarmde de wind mijn losse gedachten.

 

Uncategorized

Ze houdt het wel als model

Zoonlief nam Amaryllis voor me mee. Twee uitgesproken bloemen in wit met rode randjes en een rood hart met twee beloftevolle knoppen erachter. Zomaar, uit het niets. Wat een fijne geste. Op die manier had ik meteen een uitgelezen onderwerp voor het schilderen á la George O’Keeffe. Bloemen als model, waar ik normaliter niet zo veel mee heb en dan in haar stijl is een dubbele ‘Out of the comfortzône’, maar goed voor het gestel. Ee beetje uitdaging moet er zijn.

IMG_2344  IMG_2343

Ik haalde ze uit de mooie karaf en wikkelde ze weer in het cellofaan. Op het atelier viel de grootste bloem topzwaar van haar knop af. Ze had de reis niet ongeschonden overleefd. Op een theekop uitgewaaierd was ze toch in staat om als model te dienen. We waren met vieren, het atelier was aangenaam leeg, wat veel ruimte opleverde voor op afstand kijken naar de resultaten.

Er waren enorme fuchsia’s, opgeblazen Oost-Indische kers, Een hortensia en een, voor mij ondefinieerbare, bloem, maar wel kunstig neergezet. Opzetten is het probleem niet, maar hoe verder je vordert hoe moeilijker het wordt. Het blijft natuurlijk een statisch object. Detail pakken en uitvergroten is ook een ding op zich. Ik laat me toch weer verleiden tot bijna de hele bloem. Alleen maar, omdat ik het hart erbij wil. De allergrootste doeken heb ik in de auto gelaten en dat is in dit geval toch beter.

IMG_2341

Titaanwit, citroen en aquamarijn, kraplak liggen in klodders op het palet. Lekkere dikke penselen om de opzet te maken. In eerste instantie gaat het goed. Bleke Betjes die bloembladen dat wel, maar subtiel en dansend. De achtergrond, ik verzin aqua met titaan, te mat, dan volle aqua. Daardoor verdwijnt de kracht van de bloem. Ik zet het rood nog wat aan. Ploeterdeploeter. Achter me hoor ik Fuchsia zuchten, staand op een stoel om het grote doek te kunnen behappen.  Het schurken van de penselen over het doek heen met twee tegelijk. Het wordt gefilmd met geneurie van mijn kant erdoor. De sfeer is fijn, wat alleen maar ten goede komt aan de resultaten. De Hortensia van de hoek, opgeblazen tot een krachtige stamper en blad blaast ons omver. Eeen van ons zet de eerste schreden op het pad van de olieverf. Voorzichtig, vertwijfeld en aarzelend soms. Hoe breng je structuur, diepte, waar let je op bij de vorm, kleurentechniek. het is veel in een avond. Veel informatie op een avond. Ze schildert dapper door.

IMG_2345

Verf in mijn haar en bij een ander op de handen, op het gezicht. Concentratie let niet op deze details. Fuchsia staat in haar kekke outfit van een dag vergaderen  te schilderen, trekt ten leste wel een schortje aan. Ik had me ook niet omgekleed. Anders was de puf om te gaan, overspeeld.

IMG_2330

Het resultaat roept twijfels op. Eerste laag, niets aan de hand, volgende week weer een dag. we gaan het zien en beleven. Bij het naar huis rijden trekt de vermoeidheid langzaam door tot mijn schouder. De afrit is dicht en met een mijl op zeven rij ik het dorp uit de andere snelweg op. toch nog laat thuis. Er is een mail van de overbuur van de tuin. Hoe blij hij was met de dag in Voorlinden. Wat fijn om te weten Een bijzondere dag, dat was het. Volgende week wat Voorlinden in de bloem brengen, Georde O’Keeffe bestuderen. Als ik haar doeken bekijk, zie ik dat ze veel gladder te werk gaat met nog meer sierlijke dansende lijnen. Volgende week de stampers en een andere achtergrond wellicht.

Amaryllis gaat mee naar huis, wat schetsjes maken en kleurkeuzes bepalen. Het juiste palet maakt of breekt de bloem. De afvallige gaat in een klein jeneverglaasje. Ze houdt het wel als model.

Uncategorized

Fragiel en kwetsbaar

Het werd weer een uitmuntende dag. Als je van een gouden herfst spreken kon, dan was het wel in deze nadagen, waarin de bomen uitbundig kleurden met hun bladertooi. Eerst de fysio, nee…geen pieten-discussie, met niemand. Geen welles/nietes, dus wijselijk de lippen op elkaar. Ik wilde eigenlijk naar het Singermuseum, maar op maandag was bijna alles gesloten. Dat werd een kringloopronde. Amersfoort en Eemnes. Het was er drukker dan in de Bijenkorf. Ik drentelde een tikje doelloos rond. Ik ben eerder aan het wegdoen, dan aan het binnenhalen.. Al die oude nostalgische voorwerpen, waren ooit ook mijn bezit. Oude wajang Goleks, snuisterijen, doosjes, vazen, schilderijen.. De welvaart lag voor een habbekrats op de tafels uitgespreid.

img_6525.jpg

Een frisse neus halen in de omgeving van Laren, waar late middagzon lange schaduwen trok op het veld, de paarden roerloos, ton sur ton met de bomenpracht, aan het soezen waren. Een meditatieve stilte hing in de lucht, ver weg van autoweg en stadsdrukte.

IMG_6524

Terug naar huis werd de file handig omzeild en was er nog tijd voor een bezoekje aan het tuincentrum. Al een paar dagen had ik overwogen om de rode bessenplantjes bij de super aan te schaffen. Nu moest het er maar van komen. Het bleek Bergthee te heten en ze lonkten met hun rode bessen al naar de kerst. Ze konden mooi op de tuintafel met de skimmia, waar ik er twee van koos. Een klein beetje sfeer, samen met het snoer pinda’s om wat vogels te lokken. Met de werkzaamheden aan het balkon en de kozijnen was de tafel naar de galerij gegaan, ver weg van poes Pluis en de kat van de buren. Wie weet, nodigde de entourage uit om buiten koolmees en kauw om, ook de andere soorten te lokken.

Er lag een uitnodiging van de Oude om ’s avonds naar de film te gaan. Ik had in mijn hoofd, dat het een vrolijke meedeiner zou worden, met de gebruikelijke evergreens, een duik in de nostalgie. Dat bleek maar gedeeltelijk waar. Er gebeurde er iets volkomen onverwachts.  De film ‘Judy’, een film over Judy Garland, was geen film van verwachte glamour en glitter. De regisseur Rupert Goold had voor het laatste jaar van haar leven gekozen. Een zwarte bladzijde, bleek al gauw.

Hoe verrassend kan werkelijkheid anders zijn, als je alleen de buitenkant krijgt voorgeschoteld door de media. Vanaf het begin  van de film was het duidelijk dat het om iemand ging die de tol van de roem zwaar moest betalen en bezweek onder de dieetpillen en de drank. Ze sliep en at in het laatste jaar van haar leven nauwelijks meer. Al vanaf het allereerste begin dat haar moeder haar aan MGM verkocht, werd ze als kindsterretje uitgebuit.

Ik had geen idee. Kende haar liedjes, zoals iedereen die wel kan meezingen, omdat het door de jaren heen klassiekers zijn geworden. Dit was, in korte tijd, weer een film over mensen die, ten koste van zichzelf, keuzes maken of gedwongen worden die keuzes te maken, die ten grondslag liggen aan het zware leven van het succes. Renee Zellweger speelt de rol van Judy en zingt zelf met een mooi en bewonderendswaardig stemgeluid.

De film, het verval, bracht me van mijn stuk. Een moeder die haar grote liefde voor haar kinderen niet kan omzetten in een standvastige omgeving, die haar oren laat hangen naar mensen die aardig voor haar zijn, haar met de paplepel ingegoten onderwaardering. Zo worden karakters omgebogen als je aan de heidenen bent overgeleverd. Postuum had ik zielsmedelijden met deze tengere vrouw en haar grootse en meeslepende stem. Fragiel en kwetsbaar stierf ze op 47-jarige leeftijd.

 

 

 

 

Uncategorized

Deze liefde verandert nooit meer

Het was een stralende dag. Dat vonden meer mensen en op het strand in Noordwijk was het derhalve een uitgelaten boel. Mensen met hun viervoeters, gezinnen met kinderen opa ’s met kleinkind in het zand met emmertjes in de weer. Voor sommige was de zon de uitdaging om vooral de dikke duffels en de warme sjaals uit te doen en met blote voeten door de branding te lopen.

Kleinzoon was met dochter al gauw een heuvel met slotgracht aan het bouwen. Daarna wilde hij wel mee, over de scheermessen en de krabbepoten richting Wassenaar. Ineens wist ik waarom ik zo graag daar wandelde. Geen drommen kuieraars, maar de wandelaars voor een flinke tocht, ver van de winkels en patattenten op die ene kleine na. Dat was voor vandaag niet het doel. Later zouden we de verjaardag van de vader van de kinderen vieren met een lekkere lunch en gedachten we het gemis. Negentien jaar zonder is een lange tijd. Soms wordt gemis heviger als het verder weg drijft.

1E5A2120-A39D-4294-8949-FA93A7954173

Ik liet me rijden door zoonlief en we hadden een goed gesprek. Het is fijn om in de luwte van een druk leven vraagstukken aan te roeren, die vervagen in de dagelijkse beslommeringen. Warm en comfortabel kwamen we aan en parkeerden de auto bij Huis ter Duin. Dochterlief met familie was ook net aan gekomen. De zon scheen uitbundig en gaf zelfs warmte. Kalme zee, na het duin. Rollende golven en de weerspiegeling in het water van de blauwe lucht. Heel ver konden de benen van de kleine man niet dragen en in stil protest wandelde hij richting Duin om in het zand te gaan zitten. Dochterlief gebruikte overredingskracht en hij hield het weer een tijdje vol tot het volgende zwijgende protest. De lunch diende zich iets eerder aan dan we moe waren, bij een tentje in Grieks blauw, waar binnen de zon en de verwarming voor tropische temperaturen garant stonden.

Uitgepeld bestelden we een tafel. Gelukkig stond er wat vegan op de kaart Het was knus en misschien wel een voorbode voor het Griekenland, waar we in de Meivakantie met elkaar naar toe zouden gaan. Gesterkt konden we weer terug lopen al wilde de kleine nog wel even scheppen, en kon dochterlief met kleindochter op de buik niet zelf de boodschap in het zand schrijven. Ik werd haar verlengde arm, houtjes lagen er genoeg. Mooie kleine ronde stokjes en eigenlijk had ik een aantal moeten verzamelen om te bewaren voor eventueel van ‘je-weet-maar-nooit-waar-het-goed-voor-is.

IMG_2120.JPGLouise Bourgeois

Dat is een van mijn voornemens voor het nieuwe tijdperk. Losser te gaan werken met dingen die voorhanden zijn of op mijn pad komen. Langzamerhand wil ik van het pad der gebaande wegen af. Dwalen en de fantasie de vrije loop laten. In gedachte zie ik weer de twee aandoenlijke beentjes van Bourgeois. Ze hangen aan dun draad te bengelen, hulpeloos en vertederend. Twee onafhankelijke beentjes, die nergens toe behoren. Het lijkt me een mooi plan om aan te werken. Het kwam vooral door de inventiviteit van Louise Bourgeois, die in al het materiaal dat voorhanden was, wel iets zag en ermee aan de slag kon gaan.

Het schrijven in het zand woelde de emotie om en met een brok in de keel liepen we weg van de plek, waar woorden van liefde geschreven stonden en schrijnend gemis. In de warmte van de auto toverde natuur een oude meester te voorschijn en hield file stil, juist op die plek. Het moest zo zijn.

IMG-6515

Uit de speakers klonk nostalgie en luisterde zoonlief mee naar mijn lievelingen. Bob Dylan sneed met zijn mondharmonica door gedachten heen. ‘And the times they are a-changin’, maar deze liefde verandert nooit meer.

Uncategorized

Wie het kleine niet eert…

Terwijl een kauwtje spreekwoordelijk de longen uit zijn lijf krast en de kat van de buren op ons balkon Pluis in de opperste staat van paraatheid brengt, wordt ik wakker met een droom helder en duidelijk op het netvlies.

Het thema was Korsakov. Ik weet wel waarom het ergens smeult onder het oppervlak.  Ik heb er over gesproken met de overbuur, afgelopen vrijdag, terwijl we in de auto naar Voorlinden reden. Ik ben er niet echt bekend mee, maar ik moet er wel de hele tijd aan denken, nu er van die losse opvallendheden gebeuren in het gedrag van iemand uit mijn buurt. Achterdocht, ontkenning, vergissingen, agressie, venijnige steekjes onder water, het is er allemaal.  Maar een belangrijk gegeven ontbreekt. Dat is namelijk geheugenverlies. Het geheugen is zo sterk als een olifant en de kleinste gebeurtenissen in het lange leven worden uitgesponnen van de hoed tot de rand. Maar wat is het dan wel. Naar de oorzaak wordt het gissen

In de droom is er de man die ik uit het ziekenhuis ken. ‘Je weet wel, mijn vriendin had haar arm in het gips’. Die man loopt inderdaad door mijn geheugen heen. Waar ik hem ontmoet heb, ben ik vergeten. Die man zegt in de droom, dat zijn vriendin dezelfde symptomen had. Dat het moeilijk was om de vinger op de kwaal te leggen. omdat ze zo goed kon maskeren en doen of er niets aan de hand was. Een  kenmerk van Korsakov is inderdaad om met verzinsels de gaten in het geheugen te vullen. Zo sluipen de onwaarheden binnen. Ik wil in de droom van  hem weten hoe hij het heeft aangekund, omdat het zo afmattend is, door de teleurstellingen die zich opstapelen en het gebrek aan waarachtige aandacht voor een onderwerp. Het gaat nergens meer over, er is geen goed gesprek te voeren. ‘Meebuigen’ is het advies, ‘Geen slapende honden meer wakker maken.’

Als ik wakker wordt, schrijf ik de droom uit. Ik parkeer hem tijdelijk. Wil de zaken helder blijven zien. Symptomen tellen, misschien dat ik dan wijzer wordt.

Het belooft weer prachtig weer te worden. Straks gaan we naar het strand om de verjaardag te vieren van de vader van de kinderen. We schrijven een boodschap in het zand en zijn weer even terug bij het moment waarop we met een grote stomer van Scheveningen naar Egmond zijn gevaren, om daar, op die geliefde plek, de as te verstrooien. In onze beleving is hij vrij als een vogel in de lucht. Zijn voorliefde voor de adelaar  brengt vanzelf de allegorie met een roofvogel met zich mee. Het lied van de Steve Miller Band is zijn lijflied geworden.

IMG-6497  IMG-6498

Gisteren was het ook mooi, maar koud. De voetbalwedstrijd was mijn uitje van die dag. Nog steeds wat grieperig. Tijdens het wandelen in de rust kwam ik drie dappere schoonheden in het struikgewas tegen. De haren van de clematis, een grappige witte bes met rode vanen en hele kleine roze bloementjes in de boom.

IMG-6505

Er was hier een hovenier met aandacht voor de schoonheid bezig geweest. Helaas was het weggeschoven uit het zicht, door het grote hek achter het doel. Slechts een klein paadje leidde langs de dappere herfst en winterbloeiers. De wedstrijd eindigde in de laatste minuut in gelijkspel na achterstand tegen tien man. Mijn middag kon met de de bekoorlijke verborgen ontdekking niet meer stuk. Wie het kleine niet eert…

Uncategorized

De zeggingskracht van het onnoembare

IMG-6445

Het was een uitgelezen dag voor een bezoek aan Museum Voorlinden. Het park lag er stralend bij. Herfst blonk tussen het bladerdek, Aan de bomen bij de entree ontwaren we bloesem. Het lijkt op sierkers. Een dankbare belofte tussen de aardetinten. We slaan het weggetje in dat leidt naar de koffie en de appeltaart. Mijn overbuur betaalt galant. Het is goed toeven in de warmte en in de sfeer die het oude landhuis ademt met de lambrizering, de rozetten aan het plafond en haar visgraten parket van jaren her.

IMG-6449

Als we weer buiten staan, zien we in de verte ‘Maman’, de enorme spin van Louise Bourgeois. Ze torent hoog boven het herfstpalet van Piet Oudolff uit, die niet alleen zijn bloemen, maar ook de tinten van de vergankelijkheid op elkaar heeft afgestemd.  Maman beschermt ze, geeft voeding aan het bestaan en vice versa. ‘Eeny meeny miny moe, spider spider I love you so’ galmt tussen haar staketsels door. Met haar marmeren eieren in haar buik geeft ze een beloftevolle voortgang van leven..

Less is more is een leuke binnenkomer. We duiken even op de bank met het grandiose panorama op het ven en haar bomen, dubbel door de weerspiegeling. Dan zie ik de broer van de oude lopen, een hartelijke begroeting, gedeelde zorg en het vooruitzicht op een diner met de kerst. Ze komen net uit de film over Bourgeois in een  ernaast gelegen zaal. We volgen hun voorbeeld. Eerst de film zien met de holle geluidskwaliteit, maar boeiend. Zo boeiend dat we hem van A tot Z uitkijken.

IMG-6483

Een uur lang delen we het leven  met de kleine Francaise in Brooklyn. Zien haar emoties die haar drijven tot de nietsontziende benadering naar haar vader toe, die ooit op de ziel van haar en haar moeder heeft getrapt. Verlatingsangst ligt ten grondslag aan elke vezel van haar werk. Niet voor niets heet de tentoonstelling ‘To Unravel a Torment’. Ik raak ontroerd als haar handen beven en haar lippen trillen. Ingehouden en opgekropt verdriet vindt bij haar de weg in haar ideeën en de vorm waarin ze het gegoten heeft. Haar werklust is onstuitbaar. wat een kracht zit er in dat kleine verschrompelde lijf. Elke rimpel telt een grief. Alle grieven vormen het doorwoelde leven in haar ‘cells’. Haar structuren van bestaan waar ze haar emoties doorheen heeft verweven. Naast het opschudden van haar interessante en saillante leven geeft de film ook rust en een bodem voor het aanschouwen en doorgronden van haar werk.

IMG_2189.JPGLady in Waiting

We dwalen rond door al die adembenemende werken en ze oogst enkel bewondering. ook van de suppoost, die vol ontzag vertelde dat de assistent van Louise Bourgeois, de toegewijde Jerry Gorovoy zelf deze tentoonstelling met veel liefde heeft ingericht. Het mooiste werkstuk staat in de laatste zaal die we bezoeken. ‘Lady in waiting’. De vrouw die wegvalt tegen de stoelbekleding met haar draden uit de mond, de spin, de moeder. Ze zit gevangen in een van haar krachtige Cells. We staan ervoor en ik voel me nietig tegenover de grande dame. Louise, waar klein niet groots en meeslepend  in kan zijn.

IMG-6473 detail van Antonin Artaud Heliogabalus

Bij Anselm Kiefer in de volgende zaal neemt het monumentale de overhand. Ook hier hangen we ademloos tegen de kracht en de vertelkunst aan, die spreekt uit de materialen, die hij gebruikt. Bij het doek ‘Antonin Artaud Heliogabalus, 2010-2011” hoort een kinderwagen, die bedriegelijk echt lijkt maar uit tin is opgebouwd met daarin toch wat van de zonnebloemen, verzilverd, glanzend, maar onmiskenbaar de schoonheid van het verval. Eindelijk.

IMG-6484.JPG

De dag kan niet meer stuk als we in het schemerduister naar de kleine blauwe lopen en Maman haar licht spint in lijf en poten. Het blijft nagonzen, al het getoonde. Het roept wensen en het verlangen op om te ontwortelen tot pure eenvoud, poëzie en de zeggingskracht van het onnoembare.

.

Uncategorized

Spijt in zijn ogen

De nieuwe zeepklopper lag te blinken op het pluchen tafelkleed en de sunlightzeep was knispervers verpakt in de oude vertrouwde geel met blauwe verpakking. Het was een cadeautje van mij aan het museum. Vorige week had ik bemerkt dat de oude klopper aan het eind van zijn latijn was en daar er nog heel wat keren schuim mee geslagen moest worden, was het tijd voor een nieuwere. Gelukkig zijn er nog winkels online te vinden, waar je die ouderwetse artikelen kon aanschaffen. Katrien had alles in huis. Binnen drie dagen kwam het pakje aan.

IMG-6438

Het was een engelachtige jongen. Hij had een bos blonde krullen, die uitbundig zijn  gezicht omlijsten. Blauwe kijkers, die de wereld gadesloegen. Zijn moeder was voortdurend in de buurt. Dat wist hij. Bij alle activiteiten stond hij erbij en keek wrokkig toe. Handen in de zakken, een norse uitdrukking en de tegenstelling was groot. Hij vond alles vies, eng, vervelend. De lijnolie was te vet, de hoepel te koud, het touw te nat en de pepernoten-poepluiers waren helemaal de druppel, die de emmer deed overlopen. Hij ging geen luiers wassen. Steeds meer zonderde hij zich af. Als iedereen ergens enthousiast naar ging kijken, draaide hij zich om. Daarbij hield hij vooral zijn moeder in de gaten, die hem steeds vergoelijkend een aai over zijn bol gaf. ‘Als hij het niet wil, dan hoeft het niet, hoor’. Ze zat hem en hij zichzelf in de weg. Hij trok niet meer bij.

Wat had ik graag even alleen met hem aan de slag gegaan. Die andere kant laten zien. Griezelen en toch de angst overwinnen, het bijbehorende triomfantelijke gevoel, zoals bij de andere kinderen. Eerst schreeuwden en joelden ze dat ze dat niet gingen doen, om later de grootste lol te hebben bij het boenen, schrobben, en wringen, de test hoeveel water er nog inzat en bij het uitslaan met een harde klap en de fijne regen op het gezicht. Het ophangen zonder knijpers was ook een kunst op zich. Trots bezegelden ze hun zege met een high five. ‘Goed gedaan, kanjers’.

IMG_5515

De engel was het hele uur niet nedergedaald en had zijn afwijzende houding volgehouden. Hoe anders was de jongen, die piepte dat hij misselijk was en wel twee keer had overgegeven. ‘Laat hem maar’, zei de juf, Ze fluisterde me vervolgens toe ‘hij is een beetje anders’.. Dat had ik al gezien. Hij bleef wel in de buurt en met het hoepelen aan de stok kwam hij los.  Stukje bij beetje won de sfeer terrein. Op het laatst kwam hij bij de teil staan en deed zijn uiterste best om heel hard te wringen. Er kwam geen druppeltje meer uit bij de test. Trots als een pauw en glunderen dat koppie. Bij de high five veerde hij extra op. Yes, in the pocket.

Anderhalf uur lang werden de kinderen ingewijd in het leven van 1910. Toen ik vertelde dat er elf kinderen bij ons thuis waren, keken ze me ongelovig aan. Zoiets bestond toch niet. Drie slaapkamers, zeven jongens op de één en vier meisjes op de ander. ‘Lekker knus’, zei een meisje en daarmee ontsloot ze de wereld van verschil. De luxe en de rijkdom van nu met een kamer voor ieder kind of het delen en spelen met je zussen of broers.

2C8F0FFF-472C-4198-8ED9-6BEDCFC2E188

Toen ze weer weggingen, keek het engeltje nog een keer om. Blonk er nu wat spijt in zijn ogen?

Uncategorized

Gerafeld of niet

Ontroerd en geraakt ben ik, als ik, in het boek van Nicci French  met de veelzeggende titel ‘Woorden schieten tekort’, de kunstenaar Jenni Dutton ontmoet. Nicci vertelt over haar monnikenwerk: ‘The Dementia Darnings’. Zo op het oog lijken het reusachtige schilderijen, maar het zijn wandtapijten van haar moeder in verschillende stadia van de dementie. Er zijn erbij, die rafelend eindigen onderaan. De portretten zijn kriskras als een ‘labyrinth’ door elkaar geweven. Ze werkte stukje bij beetje eraan, zonder het hele beeld te zien en zegt daarvan: ‘Een beetje of ik dement ben. Ik zie alles in stukjes’. De liefde voor haar moeder en de acceptatie van diens ziekte spreken uit elke vezel van deze talrijke werken. Ze heeft geleerd om met haar moeder mee te veren zonder tegenspraak of realliteitszin te forceren en vond daarmee een nieuwe weg van acceptatie.

Het verworven inzicht omtrent dementie kent haar dalen. In het boek kom ik mensen tegen die kost wat kost willen blijven ontkennen, letterlijk de wereld buitensluiten om niet ondekt te worden, maar dus ook op geen enkele mogelijke manier hulp toelaten van buitenaf en maar aanmodderen met elkaar. Als je het niet noemt is het er niet. ‘Er vallen soms gaten in de tijd’ omschrijft een man zijn Alzheimer en de plassen zijn gapende gaten, de roltrap een afgrond. Het laat me bewust zijn van mijn kijk op de plassen in het bos, waar heel die opsekopse wereld zich in weerspiegelt en waar ik soms ademloos mezelf in verliezen kan. De droomsfeer voor mij maakt hier plaats voor de nachtmerrie van de ander. Het bewust worden van de persoonlijke waarneming en beleving, en het indringende ervan werd eens te meer duidelijk.

100_5439.jpg

Zoals Jenni dementie omarmde als een nieuwe verworvenheid, gaf het de moeder de kans om trots op haar leven te blijven. Al te vaak gaan mensen zich schamen voor hun afwijkend gedrag en hun fysieke onvermogen, evenals de partners. Daarin ligt een groot stuk leed verscholen. Het einde van de vaardigheid (zoals de vader van Nicci het verlies van zijn rijbewijs ervoer) verbrokkelt de waardigheid en daarmee het zelfrespect.

Ineens valt het beeld van mijn vader naar beneden, terwijl hij in een rolstoel door het ziekenhuis wordt gereden door mijn moeder. Hij scheldt en tiert en noemt haar wijf en meer van dat soort onorthodoxe termen. Wij, naast de rolstoel, schamen ons. Sussend en sissend manen we hem aan te zwijgen. Op dat ogenblik zag ik niet de angst en de schaamte van hem, terwijl hij als hulpeloze oude man de blikken moet ondergaan van de goegemeente. Nieuwsgierige, medelijdende, verbaasde en verontrustte blikken. Hij heeft niet door dat zijn gedrag de oorzaak is van het aanstaren, meer nog dan zijn passieve gang in de rolstoel.

scannen0243

Daar doorkruist een andere vader het beeld. Ook in de rolstoel, maar zacht en liefdevol, als hij kleine stukjes brood voert aan de dieren achter het hek. Hun blikken oordelen niet. Gulzig happen ze met hun warme ronde lippen naar het brood en mijn vader heeft de situatie volkomen in de hand aan die andere kant.

Zijn ziektebeeld werd niet gelabeld na zijn beroertes en daarmee werd zijn decorumverlies weggezet als de grilligheid van een ‘narrige oude man’, waar moeilijk mee te dealen viel. Ook zijn grootste tastbare verlies was het kwijtraken van zijn rijbewijs, het paspoort voor de vrijheid en de weg naar onafhankelijkheid, zoals hij mij leerde toen ik 17  was.

Dit boek maakt net zoveel los als hersenschimmen van Bernlef toendertijd en ondanks dat ‘woorden tekort schieten’ weet zij de juiste woorden te raken. Veelal zwaar en verontrustend, maar ook met lichtpunten zoals de kennismaking met Jenni, die haar nieuwe moeder niet wegzette in een hoekje, maar trots met de wereld deelde, gerafeld of niet.

 

Uncategorized

En dan weer door…

Gisteren na de slapeloze nacht, met mijn ogen dicht, dat wel, vond ik dat het tijd was om aan het balkon te beginnen. De mannen van de spijlen van het hek hadden kennelijk hier en daar, maar vooral daar, iets gekwast en waren met hun grote klossers over de galerij weggetrokken.

Vegen is met aangedane longen en een slechte nacht mijl op zeven, zeker als de bezem een halve bezem is, omdat de steel was afgebroken. De voorkant vegen was de eerste stap, anders konden de planten niet met een schone lei beginnen. Dan de wilgetenen matten door de spijlen vlechten. Het leuke van iets opnieuw moeten doen is de verandering, die je in een vastgeroest patroon kan aanbrengen. Jaar en dag was het hek helemaal bedekt op de zijkant na. Nu begon ik vanuit de zijkanten en hield het middenstuk open. Met het oog op de komende lente, als de prunus van de buren, die tot aan het balkon reikte, weer zou bloeien.

Tot zover ging alles van een leien dakje. Nu de plantenpotten. Wanneer was ik begonnen met halve bomen in evenzo grote potten te stoppen. Ik trok en duwde, sleepte ze aan de stammen naar hun plek. Elke kleine zoveelste aangewaaide plataan of iep, de overmaat, had ik al in zakken gedaan, evenals de grassen en het welig tierende, dat zometeen in de groenbak kon.

004.JPG

Het hijgen nam de vorm van schuren aan, Het op adem komen werd lastiger, veeg teken aan de wand. Beneden zag ik dochterlief met de kleine aan komen wandelen. Snel, snel…Een tandje erbij om het af te krijgen. Dat was zo’n bekende druppel. Het moment dat de vermoeidheid me de adem benam en ik niet of nauwelijks bijkwam. ‘Pas op de plaats’ riep elke vezel. Soms zijn mijn ogen en de vermeende spierkracht, de gedachte mogelijkheden, groter dan in werkelijkheid. ‘Doe ik wel even’, staat er in mijn ziel gegrift, maar dat ‘even’ hebben die longen allang geëlimineerd.  Wie zich brandt, moet op de blaren zitten’, fluisterde het verleden in mijn oor.

IMG-6423

De kleine drentelde om me heen en at als een dijker. Ik zat op de bank en hield Pluis, die absoluut niets begreep van dat kleine grut, uit de buurt. De autootjes volgden elkaar in grote getale op, de ene botsing na de andere en langzaam kwam de lucht weer terug.

Er stond een vergadering en een schilderavond op het program. Vriendinlief probeerde me over te halen, ‘Ik mocht een half uurtje, of op de bank tussen het schilderen door’, maar het lijf, zwaar als stroop, trok een ander plan. Moeilijk maar wijs. Soms is wijs niet leuker.

Weer volgde er een onrustige nacht. Teken aan de wand. De dromen volgden elkaar met tussenpozen op. Gekke dromen. Een dokter die aan mijn bed stond en mijn insuline controleerde. Ik dacht dat ik wakker was en vroeg wie hem binnen had gelaten. Hij stelde zich voor. Dr Ehrich, ik kende hem niet maar in de droom herkende ik hem wel. Ik moest dertig keer geprikt worden en daar zou hij eigenhandig voor zorgen. Ik wilde niet meer staan, maar liggen en draaide een matras in het plastic om. Vliegen en rotting. De anderen om me heen (waar kwamen ze vandaan) doken weg, maar ik rook niets. Een zegen bij dit onheil. De droom ijlde even snel weg als ze gekomen was. Ik belde het ziekenhuis af en meldde me ziek. Wist dat ik niet moest werken. Ik mag me dan één keer branden, maar een tweede  keer overkwam me dit niet.

Met spijt in mijn hart, hoe moest het nou met de laatste keer chemo voor de zus met zeven zussen, de creatieve geest met de piekharen, de man met het brilletje, dat hij droeg als een lorgnet. Al die andere mensen. Het was niet anders. Verleden deed weer een woordje mee: ‘Je kan geen ijzer met handen breken’. Ook waar.

010.JPG

Ik doe iets wat ik zelden doe. Ik berust. Lees bij FB over de winterslaap die een andere lieve vriendin gaat houden en snap haar, als geen ander. Soms heel even maar, moet je alles afritsen. Pas op de plaats en dan weer door.

 

 

Uncategorized

Al is de nacht nog zo lang

‘Als je je ogen dcht hebt, rust je ook’, sprak mijn  moeder altijd vergoelijkend na een nacht niet slapen. Het is zo’n nacht. Er gebeuren teveel leuke dingen en die dringen om aandacht in mijn hoofd. Kussens opschudden, hoofd neervleien, handen onder het kussen vouwen, inkrullen, ogen dicht en daar rollen ze binnen. Het uitstapje vrijdag, de lol met de tol bij de fysio, de grote kleine man, die er niet meer, maar altijd is, de handentherapeut, het gesprek in de Hortus, de foto van de Datura, de ontmoeting  met de wijze in het verschiet. Ook de ogen blikken mee, grijze wijze ogen, aanmoedigende bruine, onschuldige koolzwarte kijkertjes, begripvolle blauwe, heldere groene. Elk zingt een eigen lied. Ik zet alle deuren wagenwijd open.

Een gesprek vraagt om overpeinzing. Het snijdt aan waar geloven ophoudt. Maarten ’t Hart schemert door, maar af en toe een glimp Siebelink, zwaar als stroop. Die druk verruil ik graag voor de luchthartige kwinkslagen van Maarten, die de sobere zwaarte van de gemeenschap verluchtigde met de lichtheid der natuur.Een uitgelezen geloof in de schoonheid, het kind, de glimlach, het scheppen telkens weer. ‘Wat als het woord rust brengt en blijdschap’, vraagt ze. ‘Neem, zou ik zeggen, drink in, als die wens van binnenuit opborrelt mag je jezelf laven, waarom niet. Als het echter niet zo is, laat dan de vrijheid aan de ander’.

002.JPG

De wending in het gesprek kwam door de anti-abortustocht dwars door de stad van afgelopen zondag.  Vijftig jaar na dato van verkregen vrijheid om zelf een keuze te maken. Die ruimte timmeren ze dicht in een lange stoet. Ook hun keuze is te respecteren. Mijn twijfel blijft hangen op de uitvoerende macht. We ontmoeten elkaar in dit gesprek. Het levert boeiende vraagstukken op terwijl het hoofd al eigenlijk vol zit, omdat het tekenen de concentratie voor drie uur lang gevangen hield. De omgeving, de tegeltafel met het aangename rustgevende patroon, zon op het glas, het geroezemoes, de vriendelijke bediening, de heerlijke hoge glazen gevuld met koffie verkeerd en gemberthee brengen rust in het gesprek.

Het kabbelt verder over kinderen en eega, kwetsbaar en onzeker zijn in eigen handelen en mijn  herkenning daarin. Scheppen is vreugde halen uit jezelf, gevoel op het doek brengen, ziel in de tekening. Op school leerde ik de kinderen, dat iets niet per definitie mooi of lelijk was, te kort door de bocht leek me. ‘Vertel eens wat je voelt bij een werk’. Dat was zo oneindig veel belangrijker om te horen. Juist omdat iedereen naar volle overtuiging werkte, inderdaad, met hele ziel en zaligheid, want de betrokkenheid was groot.

0071959, verlegen en klein

Toch aarzelen we bij de eigen capriolen. ‘Gerommel in de marge, kwasten voor de vuist weg, wieberen op de golven’ wordt er gemompeld. Iemand gaf me midden tussen de tropische planten een lang en uitvoerig compliment en daar kwam een bedremmeld klein meisje naar boven, met rode konen van verlegenheid. Het hart maakte later een klein sprongetje. Strooi complimenten, het werkt verheffend. De man in de vlindertuin wilde in zijn tekening een symbool toevoegen aan de realiteit. Ook hier bedachten we dat de gevoelstemperatuur daarbij leidend kon zijn. Welke wind strijkt langs.

Stof te over om te overpeinzen Met de ogen dicht, dat wel. Dan rust je, ook al is de nacht nog zo lang.

Uncategorized

De dag in één beeld

Het was een van die heerlijke dagen in het seizoen. Zo’n dag waarbij alles past op een locatie die de enige juiste bleek op dat moment. De Hortus Botanicus kleurde buiten uitbundig de herfst in door het prachtige licht, waar alleen een lage zon voor zorgen kan. De spiegelingen in de gracht rondom de heuvel waren perfect. Het donkere diepe water lichtte op onder de oranjebruine weergave van de bomen aan de andere kant. We liepen met een grote groep richting de grote kassen, even verderop. Iedereen had tassen en stoeltjes in de aanslag. Mijn derde ervaring met Urban sketching, tekenen op locatie.

IMG_6358

Voor de kassen stond een prachtige Datura volop in bloei. Met de zon erop en achter de strakblauwe lucht was ze adembenemend. Wat een schoonheid. Vlak bij de entree nodigde een heel bed met vleesetende bekerplanten in hun vlammende kleuren ons binnen. Het was elke keer weer een opwindende ervaring. Wat zouden we in dit jaargetij in de kassen aantreffen. Met vriendinlief  struinden we door de mogelijkheden. Van buiten naar binnen benam de dampige vochtigheid van de vlindertuin je de adem, letterlijk en figuurlijk. De meest prachtige exemplaren vlogen rond. De kleine met de glazen vleugels, de grote zwarte tijgerstreep, die natuurlijk anders heet, bont gevlekt, gestreept of met vorsende ogen op hun rug zag ik ze door de mist van de beslagen bril heen. Eerst even een tandje lager qua warmte.

IMG_2056.JPG

Door het glas buiten zagen we de vlinders terwijl ze zich te goed deden aan het zachte halfverotte fruit op een schotel. Ze lieten zich aan alle kanten bewonderen. Ongekend schone schepselen der natuur. We besloten onze weg ieder voor zich te vervolgen. Alleen zie je rijker.

IMG_6364

Mijn blik werd getrokken door een hertshoorn met daarachter een roze/rode fuchsia-achtige met witte en rode bloemetjes. Even verderop zat al iemand en ik had gelukkig mijn katoenen boodschappentas bij me, waar ik op kon zitten op de grond. Nu eens niet met pen begonnen, maar met potlood, voor de finesse. Het werkt minder vlekkerig in de aquarel. Voorzichtige schreden op het Botanische pad tussen al die diehards.

Vebazingwekkend hoe zo’n kleine uitsnijding in de volle kas aandacht gevangen kan houden. Als je elk onderdeel op die manier zou bekijken, zou je aan een maand nog niet genoeg hebben. Stijf en stram, maar met een eerste tekening in de pocket, stond ik op.

IMG_6365       IMG_6366.JPG

Een stoel was de eerst volgende missie. Maar de aandacht werd gegrepen door een minuscule paddestoelengroep, nietig en klein, op de houtsnipppers in de hangende tuinen, tussen de geweldenaars der planten. Een enorme bananenplant achter me, een vijver met de grote leliebladen verderop en overal tekenende kompanen. Het was genieten. En toch weer de grond.

IMG_2083

In de vlindertuin, de derde actie, was een plek naast de poppen-kast. Naast me zat een jonge man te schetsen. Ik had zicht op de poppen en op een grote paarse vlinderstruik tussen de voorbijgangers door, die vorsend, spiedend en nieuwsgierig hun weg vervolgden. Twee kleine jongens, die ik ook al in de hangende tuinen was tegengekomen, hielden weer stil en keken ook met grote ogen naar de poppen. Ik volgde hun blik en zag daardoor dat een fantastisch moment was aangebroken. Uit een pop staken voelsprieten en wriemelende poten. De belofte aan een nieuwe geboorte. Ademloos volgden we de verrichtingen. De man naast me maakte met zijn nieuwere telefoon prachtige opnames van het zich voltrekkende wonder. Na een tijd, die langer scheen dan het duurde, viel een zwarte vlinder op de grond met een droge plop.

IMG_2093

Zonder in te kleuren, trok ik naar een volgende stek. De vleeseters bij de ingang. De kou trok op, ondanks het zonnetje en met drie van de prachtige organische oervormen was de koek op. Even warm worden en laven aan schoonheid in de subtropische kassen.

Alle tekeningen op een rij gaven een veelvoud aan kleur, vorm, stijl en onderwerp weer. Zoveel mensen, zoveel zinnen. Wat een heerlijke dag. We bedankten de organisatoren, vriendinlief ging naar huis en met een vorige ontmoeting dook ik de heerlijke koffietent in. Eindeloze stof tot filosoferen, een grote latte, een gemberthee en een worteltaart om de stramme benen en het hart nog verder te verwarmen. De kleine blauwe had gratis en voor niets staan wachten. Opgetogen naar huis, met zoveel indrukken.

IMG_6360

Thuis bleek de foto van de Datura een schot in de roos. Ze vatte de dag in één beeld samen.

Uncategorized

De cirkel is rond

Verjaardag vieren met een huiskamer vol geeft een kakefonie aan geluid. Opgewonden gebabbel, lachsalvo’s, verwondering, en de catering bleef onophoudelijk komen met hapjes, drankjes, cadeaus voor de jarige. Broer in zijn element en jarige schoonzus ook. Er gaan vele makke schapen in een hok.

Ik denk aan de verjaardagen in de Amandelstraat. Mijn moeder had zich met een aantal kinderen teruggetrokken in de keuken om de hapjes voor te bereiden. Steevast moesten er aardappelen en eieren gekookt, augurken in de lengte gesneden en eieren gepeld. Zilveruien werden uit het zuur gevist. Blaadjes sla gewassen en nog eens gewassen. Ze werden verwerkt in een huzarensalade waarbij mijn moeder ons had geleerd er kunstige ‘huzarenstukjes’ van te maken. De kleuren waren belangrijk. De bleke mayonaise topping werd gelardeerd met met rood en groen van peterselie, augurk en tomaat, en zonnegeel van het ei. Van paprika hadden we nog niet gehoord.

verjaardag

De tantes en de ooms druppelden binnen, de bescheiden kant van mijn moeder en de uitgebreide familie van mijn vader. De sigaren en de sigaretten stonden op tafel gebroederlijk naast de pepsels. Muziek was er niet, want het geroezemoes overstemde elke ander geluid volledig. Gelach, gefluister(dan mochten wij kleintjes het niet horen) geroddel en achterklap. Hilarische uitschieters als mijn vader weer eens een van zijn Tailleurmoppen vertelde en ter plekke een metamorfose onderging als Moos. Binnen de kortste keren stond de kamer blauw van de rook, werden de blossen op de wangen allengs roder door de ingenomen wijn, de oude jenever, de boerenjongens en de advocaat met slagroom. De decibellen werden opgevoerd. Als de bowl was geweest en er volgde nog een kopje koffie dan was het feest afgelopen. Alles paste in die ene doorzonkamer in dat kleine huis aan de Amandelstraat. Er viel altijd wat in te schikken.

Ik vierde nooit mijn verjaardag. Misschien wel juist door die druk bezochte feesten van thuis. Het had niets te maken met het tellen van de jaren, want daar maalde ik niet om. Soms was de beurs te krap, vaker was er geen behoefte aan. Met het gezin maakte ik, bij elke verjaardag, beschuit op bed met thee en een bloemetje, soms al een eerste cadeau en dat was een feest op zich.

De feesten vroeger toen we op kamers woonden, waren talrijk, uitbundig en grenzeloos. Als iedereen in slaap was gedommeld, stond er altijd wel iemand op om de pickup weer aan te zetten en dansten we vanuit de roes de avond weer voort. Mooie fanatieke feesten waren dat, met heftige politieke discussies. De voorkeur voor bepaalde muziek werd breed uitgemeten. Er waren uitgesproken voorliefdes, regelmatig beklommen we de Stairway to Heaven(Led Zeppelin) en weer terug of hielden verblijf in het Morrisonhotel(the Doors)en On the Dark Side of the Moon(Pink Floyd). Niemand danste op ABBA.

20842271_10210462453217751_8986666769912503831_nLeidse gezelligheid.(1972)

Deze Utrechtse feesten werden in de loop der jaren vervangen voor de vrolijke en lange avonden met de Antilliaanse vrienden in Leiden, domino, en later op de avond in een vrije val kwamen de Merengue en Salsa om de hoek kijken. Geleidelijk ging het over in een leven van alle dag. Muziek bleef, dans bleef en ieder leefde een eigen leven verder.

De herinneringen schieten omhoog, nu de Wijze een paar weken naar Nederland komt om het verleden op te halen met de vriendenkring van toen en ooit, lang geleden. De pubers, die ze waren zijn de oude mannen van nu en elkaar altijd op afstand trouw gebleven. Ze gaan uit wandelen en daarna heb ik een dag prime time. Hoe bijzonder is dat. We zijn ooit samen aan een volwassen leven begonnen. Jaren ouder, misschien fysiek wat strammer ook,  maar soepel en helder in het denken. De cirkel is rond.

Uncategorized

Als er een wil is, is er een weg

Ik was de chaos voorbij in de droom vannacht en stond volleerd bedden uit te lijnen, techniek uit te testen, bandrecorders te repareren. Tussendoor liepen allerlei mensen van alles te roepen en te doen en ik duwde de jongen van dertig jaar geleden, als de vierjarige van toen, uit het zwembad. Alles wat in dromen haalbaar was en niet opschoot, gebeurde. Wakker worden kon ik niet, want ik werd telkens de droom weer ingezogen.

Al weken zocht ik naar een robuuste rugzak. Ik had nu een klein damestasje als rugzakje op mijn rug, maar ze maakte de mevrouw van mij die ik niet was. Ik zocht een groter exemplaar van canvas en liefst waterdicht. Stoer en handig, passend bij mijn zwarte kloffen.

IMG-6304

Vriendinlief zou om twaalf uur in Broei zijn. Een heerlijk restaurant,  ingericht met lange planten als lianen hangend van de binten. Grootbladige vingerplanten, strelitzia’s en ficus, met boeken en gebruiksvoorwerpen van vroeger zorgde voor een huiskamersfeertje. Het werd versterkt door de warme kerstbomenlampjes in alle hoeken en gaten. Het leverde een spel op van licht en donker. Ze was wat later en ik had volop de tijd om alles goed in ogenschouw te nemen, half achter de boekenkast verscholen. Er zaten mensen driftig te werken op de laptops en Ipads aan de twee lange tafels. De kleine twee en driepersoons zitjes stonden kriskras. Er waren grote loungebanken op een kleine verhoging.

img-6303.jpg

Twee meisjes liepen steeds vanachter de brede toog de zaal in om mensen te bedienen of haalden in de halfopen keuken de bestellingen op. De kaart met vegan gerechten sloot naadloos aan. Jong en oud publiek druppelde binnen. Zakenlui, studenten, mensen van allerlei pluimage waren gemoedelijk, zakelijk, breedsprakig of bescheiden met elkaar in gesprek. Na tien minuten schoof vriendinlief het zware fluwelen gordijn opzij bij de ingang en stapte de warmte in. Een hartelijke omhelzing volgde. We hadden elkaar al veel te lang niet meer gezien. Aan het kleine knusse tafeltje waar we de lange benen langszij moesten leggen, omdat ze er niet onder pasten, schoven maanden in elkaar  en werd  de lange ontberende periode ontsloten. Kinderen kwamen aan bod, manlief, persoonlijke belevenissen, school, toekomst en herinnering. Tijd werd ook hier overbrugd en beiden hadden we heimwee naar toen en dan, waar het leven nog werken was en het werken leven, omdat we als team vriendinnen waren met elkaar en konden delen.

Het soepje was bijzonder, een dikke knolselderij waar de lepel in kon blijven staan, maar zacht en glad van smaak en textuur. De schil was in lange krullen eraf gehaald en krokant gebakken. Verrassend, niet onverdeeld even lekker, maar alleen al om de bite prima. We hadden er een dip bij voor het desembrood van zoete aardappel. Heel anders dan de gebruikelijke pesto.

001-1.jpg

De tijd rende voorbij en aan het eind met een wijntje van Trijntje, lichtzoet voor vriendinlief en droog voor mij, de perfecte afsluiting, beloofden we elkaar beterschap, bioscoopje tussendoor, vaker ontmoeten. Warme groet en daar gingen we weer. Zij op de fiets, ik naar de parkeergarage, waardoor ik langs een popperig kleine winkel met oude en nieuwe snuisterijen kwam. Daar zag ik haar. Mijn rugtas. Ze lag achteloos in de grote mand. Blauw canvas met imitatieleer, een kartonnen kaartje aan een touwtje  vertelde dat ze 5 euro kostte. Geen moment van aarzeling. Daarom moest ik er naar binnen, om haar te vinden. De hemel te rijk was ik met de aanwinst en toen de parkeergarage op steenworpafstand van het restaurant ook nog goedkoper bleek dan het parkeren op straat, kon de dag niet meer stuk.

img-6308.jpg

Met de vondst reed ik nog even langs dochterlief, waar ik net op tijd was om het kasteel te bewonderen van de ninja-legopoppetjes en moest ik telkens raden of het een goede of een slechte was. Ze schoten de lucht in onder zijn kreten: IJs, water, lucht en vuur, terwijl ik met een knipoog verstond: IJs, wafel, slagroom en chocola. Oma’s zijn niet geschikt voor het ruige ninjaspel. Hij gniffelde in zijn vuistje. Kleindochter brabbelde erop los. ‘Klap eens in de handen en in de maneschijn’. Wat een knusse boel. een warme thee en de gedachte, dat leren tassen een soort statussymbool waren, maar nu drastisch aan het inboeten zijn. Het kan wonderlijk lopen in de wereld.  Daarna op huis aan, met de nieuwe aanwinst. Als een kind zo blij.

Ik heb nog nooit bedden uitgelijnd en toch deed ik het. Zo zie je maar. Als er een wil is, is er een weg.

 

Uncategorized

Selamat Makan

Het raam zit erin. Weer een  nieuw venster op de wereld erbij.  Nu alleen de spijlen van het hek van het balkon nog en dan is het huis uitwendig weer als nieuw. Zoonlief smeerde de kelen en streelde de harten van de twee jongens die om half acht ’s morgens al voor de deur stonden, door hen direct koffie aan te bieden. Ik ben een hork in zulke dingen. Het hielp, want de mannen werden als was en een en al vriendelijkheid achter het norse postuur met de zwarte capuchons, diep over het hoofd getrokken. Ze waren ruimschoots op tijd klaar. Wat miste ik de spiegel, waar ik mezelf in kon monsteren. Nu moest ik op zoek naar een nieuwe plek. Iets om goed te overwegen.

IMG_2043

Gisteren maakte ik voor het eerst kennis met narcolepsie bij een volwassene. Ik zat tegenover de man en middenin ons gesprek vielen zijn ogen dicht, zakte zijn hoofd scheef en viel hij in slaap. Enkele seconden later schoot hij weer wakker. Wat een wonderlijke gewaarwording. Ik repte er geen woord over en ging gewoon door met het gesprek. Normaliter zou ik er naar vragen, maar bij deze man voelde ik dat dat niet de bedoeling was. Het was bijzonder, omdat de tijd en daarmee het gesprek letterlijk werd stil gezet.

wasbord

Het was de dag van Jan en Jet in het Museum in Vreeswijk. Ik was de teil nog aan het vullen met water toen de eerste kinderen al aan kwamen lopen, met luid gebabbel en gegiebel. Er was iemand ziek geworden, dus ik stond vandaag bij de teil, want de oude man begeleidde de kinderen boven en een ander zorgde voor het hoepelen en teren. Het zeep kloppen, het schrobben met de boender op het wasbord en het spoelen en wringen was leuk. De babypoep in de luier hilarisch. Iemand reikte constant de vieze luiers aan. We maakten er een klein toneelstukje van. ‘Heeft de baby nu al weer een poepluier, tsss’. Sommige kinderen griezelden om het hardst en een van de jongens wist zeker, dat hij nooit kinderen met zijn uitverkoren meisje zou nemen. Een van de meisjes merkte nuchter op dat je ze toch niet meer hoefde te wassen. Dat maakte niets uit.  Het feit dat ze er waren, poepluiers, was al meer dan voldoende om kinderloos te blijven.

Na het afsluitende vragenuurtje boven gingen ze weer en van een meisje kreeg ik een spontane dikke knuffel. Mijn hart zong. Wat een heerlijke ontmoeting toch telkens weer. Kinderen die je de hemel in mag prijzen omdat ze angsten overwinnen, initiatieven durven nemen, leergierig zijn tot in hun tenen. De oude man zat op zijn praatstoel en oogste bewondering, omdat hij al negentig was. De tijd vloog.

img_2044.jpgNog lekkerder straks, leftovers.

Na de fysio de griepprik omdat ik een dubbele risicofactor was. Gelukkig kon het tussendoor en hoefde het niet op het speciaal ingelaste avondspreekuur.  Het gure weer zorgde ervoor dat ik ineens een onbedaarlijke trek in Soto kreeg, de goudgele Javaanse kippensoep, compleet met aardappel, selderij, ei en taugé.  De cassiere fluisterde me, met een brede glimlach, ongevraagd een aardappelrecept in, uit Oostenrijk. De soep smaakte zoals ik het me had voorgesteld. Geurig warm en goudkleurig met in het midden de rijst als een witte berg, het  ei als de rijzende zon erboven op. Niet alleen heerlijk, maar ook oogstrelend. Een goed besluit van de dag. Selamat Makan.

 

Uncategorized

Spelbrekers in de dop

En terwijl de lucht, vanuit mijn raam gezien, prachtige schakeringen oranje en violet vertoont, klinken er luide hamerslagen van beneden. Mijn tussenraampje in de keuken wordt vervangen door een raam. Het was nu een dicht luikje, waar de spiegel opgeplakt zat. Een raam rijker en een spiegel armer. Om half acht stonden de mannen op de stoep. In slaapstand deed ik de deur open.

De avond daarvoor hadden we een boeiende bijeenkomst van de leesclub gehad. In de middag had ik de vele recensies, die het boek ‘Herinneringen aan de Toekomst’ van Siri Hustvedt had gekregen, doorgespit Het viel me op dat die van Trouw kritische noten liet horen en daardoor kwamen een aantal vragen vrij. Bij inventarisatie bleek dat iedereen moeite had gehad om in het verhaal te komen. Drie van ons hadden na een bepaalde scène de smaak te pakken. Daar kwam het verhaal pas echt goed van de grond.

009

Na de discussies en de filosofieën, de mate van intentie, de duik in de diepte waren we het er over eens, dat het boek minder toegankelijk werd door de vele verwijzingen naar Engelse en Amerikaanse literatuur, de filosofie, de maatschappelijke belangen en de politiek. Als dat niet de belevingswereld was gingen een aantal aanwijzingen en clues verloren. Dankzij het feministisch vraagstuk boette de hele avond lang de bespreking niet aan kracht in. Het boek werd er alleen maar boeiender op. De schrijfster werd deels gewaardeerd. Voor mij zat de uitdaging in haar schrijfstijl en het verzinnen van nieuwe begrippen, die prachtige woorden opleverde. Tijd die dwars door alles heen bleef zweven, bleek vaak een struikelblok, verhaallijnen die haasje over sprongen, ook  lastiger. Al met al een boek voor discussie en gedachten en daarom meer dan de moeite waard om besproken te worden. Wel kenmerkend was dat als het lezen niet het bestemmingsdoel van ‘onderwerp voor deze bijeenkomst’ had gehad, misschien niemand het had uitgelezen. Op alle fronten kende onze avond een meerwaarde.

Amazing Grace, de film die ik de avond daarvoor gezien had, was ook een tijdsdocument geweest. Daar zat ik, als mijn oude zelf, te kijken naar een optreden waarbij ik zelf twintig was, toen het gebeurde. Mick Jagger schoof in beeld samen met Keith Richard, de groeven waren verdwenen als sneeuw voor de zon. Het was wonderlijk om alles te plaatsen in het beeld van toen met de blik van nu. Het gaf er een extra dimensie aan.

002    003

De film was de reden geweest dat ik in de vroege ochtend daarna, iets minder kwiek het bed uitsprong. Zon probeerde door het wolkendek te komen. De kranen in de omgeving waren druk in de weer. Het staal bungelde aan een zijden draad. In het ziekenhuis begon de dag rustig. Langzaam druppelden de mensen binnen om hun dagbehandeling te ondergaan. Er was een bijna vervreemdend gesprek met een vrouw die in een van de kamertjes wachtte op de uitslag die ze ’s middags zou krijgen. Ze praatte in staccato zinnen. Was afwachtend, maar vertelde ten slotte toch een deerniswekkend verhaal over een absence. Van het ene op het andere moment had ze in de ambulance gelegen. Daarvoor had ze de kanker al geaccepteerd, maar dit was een van die totaal onverwachte bijwerkingen. Metastasen in de hersenen zetten zelfs de nabije toekomst op losse schroeven. Berustend bleef ze hopen op  de meest gunstige wending.

De vrouw met de stille ogen op de dagbehandeling wilde eigenlijk bezig zijn, werken en daarmee verwerken. Het lijf had zijn eigen weg gekozen. Ze gaf aan dat het leek of alle cellen er nog niet klaar voor waren om die vreemde eend in de bijt te omarmen door met elkaar het gevecht met die verwoestende woekergroei  aan te gaan. ‘Er woedt een strijd in mij’ zei ze en nog nooit was de voorstelling zo duidelijk, zo plastisch voorgesteld. ‘Op alle fronten’, dacht ik er achteraan.  Ze was nog niet klaar voor het vervolg.

Op weg naar de fysiotherapie voor de handen, bedacht ik me, dat elk ongemak een eigen gedachtegang meebracht, een ontwikkeling doormaakte en dat niemand van te voren wist waar het uiteindelijke schip, lichaam of geest, zou stranden. Mijn muizen van de duim zijn kaboutertjes vergeleken bij het heftige werk, maar zelfs dan al spelbrekers in de dop.

 

Uncategorized

De donkere nacht in

Gisteren twee krachtige vrouwen ontmoet. Een die niet stopt met denken en door te analyseren en te filosoferen over het leven in het algemeen en de maatschappelijke verhouding ten opzichte van man en vrouw in het bijzonder, De ander die gezegend is met een gouden keeltje, zoals men placht te zeggen en die de sterren van de hemel kan zingen.

009

Het gedachtegoed van de eerste vrouw heb ik op papier leren kennen. Haar intrigerende boek ‘Herinneringen aan de Toekomst’ met de drie verhaallijnen en het wisselende tijdsperspectief bleek een weergaloos einde te kennen, waarbij alle losse eindjes aan elkaar werden geknoopt, waardoor de contouren zichtbaar werden en het daarmee volledige betekenis kreeg. Razend knap hoe ze haar filosofische gedachten en de realiteit weet uit te spinnen tot een compacte vertelling. Het was niet gemakkelijk, maar als je er aan begint en het verhaal grijpt je bij de lurven, laat het niet meer los. Siri Hustvedt, Chapeau, voor deze geweldige prestatie.

Daarna had ik een afspraak in het oude Louis Hartlooper in Utrecht. Het filmhuis in die prachtige rijksmonument van de Amsterdamse school van de hand van de Architect Planjer. In dat voormallige politiegebouw liggen de voetstappen van mijn vader. Hij heeft dezelfde gang betreden, de trap naar boven genomen. Het was er gezellig druk zoals altijd. In het kleine café aan de voorkant was het een komen en gaan van mensen. Vriendinlief was er nog niet, dus haalde ik vast de kaartjes op en kreeg senioren korting op een van hen. Soms kent ouder worden voordelen. De auto had ik bijde Vaartsche Rijn tunnel neergezet. De prijs bleef gelijk in deze tweede cirkel van de stad. in Utrecht betaal je steevast te veel.

Ik was vroeg. Met een artilkel over Frida Klaro in het NRC, een breekbrood en een witte wijn was het zoet toeven en werd de tijd met gemak stuk geslagen.  De film zou een uur later beginnen. ‘Amazing Grace’ beloofde een inlijkje in het gospelleven van Aretha Franklin.

Daar was het lieve gezicht van vriendin. Even acclimatiseren en de realiteit laten nederdalen en beklinken. Over en weer schieten de gedachten los. Ik vertel over het boek,zij vertelt over haar ontmoetingen. In het warme gele licht zitten mensen te praten, te eten, te borrelen in afwachting van de invulling van hun avond met een van de lopende films. Het filmhuis staat bekend om haar goede kwalieit qua aanbod. Een avond van genot met eten, kijken en dieper reiken dan normaal. Het woelt altijd wel wat stenen boven.

001

We hadden besloten om vóór de film samen te babbelen zodat het niet te laat zou worden. er waren al wat emoties langs gekomen en de film maakte nog veel meer los. Het bleek een tijdsdocument pur sang te zijn van de opname van haar gospelalbum ‘Amazing Grace’ in de New Temple Missionary Baptist Church in Los Angeles in 1972. Het tekort schieten van de techniek is de reden dat de film nooit eerder vertoond werd. Destijds bleken geluid en beeld niet overeen te komen. Met de huidige digitale kennis werd de film een feit. 47 jaar na dato zien we Aretha in haar jeugdige zelf met haar oneindige rekbare vocalen loepzuiver haar geloof in de kracht van de stem verkondigen. De hele sfeer erom heen, het zingende jeugdkoor, de uitgelaten belijdenis door de aanwezigen, de humor en de emotie van vriend en pianist, de voorganger James Cleveland en de aanwezigheid van haar vader zorgen voor een onvergetelijke ervaring.

Tijdreizen,  ik hou ervan. Terug in het restaurant valt, na de donkere stilte in de naweeen van de aftiteling, de kakefonie van lachende, etende en proostende mensen rauwer op het dak door het contrast. Nog even in de film blijven, besluiten we, en gaan ieders weeg.. Op weg naar de auto in de eenzame stilte dans ik in gedachte, los van het heden, de donkere nacht in.

 

 

,

Uncategorized

Op de plaats…Rust

‘Ziezo ze zijn weer weg, de pottenkijkers’, mompelde ik naar zoonlief terwijl ik de dunne gordijnen open trok. Hoe lang is het geleden dat ik dat woord gebezigd of alleen maar gedacht heb. Het is zo’n boodschap uit het verleden, die zich plotseling, uit een van die kamertjes bovenin, aandient. Uit het niets, maar onmiskenbaar. Ik lag wat na te sudderen met een halve droom nog op het netvlies. Ik herinnerde me vaag flarden. Op dat moment klonken er harde indringende geluiden van metaal op metaal. Grote steigerbuizen die tegen elkaar aan kletsten, kloink, doorspekt met het geluid van bassende mannen en schelle jongensstemmen. Er werd een boor ingezet en een hamer om het een en ander los te tikken.

Mijn slaapkamer en de badkamer waren, na al het klotteren en gehamer, gevrijwaard van het tijdelijke balkon van buitenaf. Gordijnen open, licht stroomde de kamer in en de boom met haar kleine boomklevers en koolmezen veerde op. Of was ik hetzelf. Hoe belemmerend het kan werken, maar ook hoe snel je er aan went en dan nog: Hoe heerlijk het is om weer volop vrij te zijn.

062e31b9-85d8-4b58-91e9-6067736879c6

Gistermorgen was het vroeg dag. Voordat ze kwamen met hun radio en hun gesprekken over en weer, die van balkon naar de schuur gleden en terug, had ik geïnventariseerd of de buren ook hun spijlen van het balkon hadden vrijgemaakt. De meesten wel. Dat betekende, dat ik er toch aan moest geloven. Geen sinecure met de kleine en grote potten in grote getale. Het was guur en de wind joeg mijn haren op tot stormsterkte.   Er zat niets anders op met het laveren tussen steiger en hek om de vuilniszakken erbij te pakken en kritisch te schiften. De kleine potten en potjes, door de jaren heen aan komen waaien of cadeau gekregen, konden wel wat worden uitgedund. Het moest. Binnen stond de gietijzeren stoel, tot groot genoegen van Pluis, die onmiddellijk een schuilplaats zocht en de kleine tafel. De wilgetenen matten van het hek en het raam lagen ervoor. Ook fijn om je nagels aan te scherpen.

AA309221-C16E-4F85-BB9A-39BF6A178417

Met veel zwoegen, verstand op nul en stukje bij beetje, raakt het leger en leger. Ik schoof de planten dicht tegen de steiger aan. Ziezo. Drie vuilniszakken van een losbandiger leven moesten zo dadelijk  mee naar beneden. De rest volstond. Daar konden ze wel bij.

Tijd voor de fysio en wat boodschappen.  De lange dunne vrouw naast me had die typische houding van heftiger longlijden. Hoog opgetrokkken schouders en het happen naar lucht. Na elke handeling moest er bijgekomen worden. Haar neus was blauwig, het gezicht grauw doorgroefd. Werd me de spiegel van de toekomst voorgehouden? Ze werkte berustend de oefeningen af met steeds langer wordende pauzes. We ontmoeten elkaar in een blik van herkenning.

De cardioloog belde voor een evaluatie. ‘Geen angina pectoris gevoeld?’ Dat bracht hoorbare opluchting te weeg aan haar kant en een wedervraag. ‘Geen nitrobaat hoeven gebruiken?’ Het ontkennende antwoord zorgde voor wat kleine kwinkslagen en een belofte voor een consult volgende zomer. Stempel erop en goedgekeurd.

IMG-6292

Ik schurk me in de bank met boek en plaid, schetsboek en pen. Teken mijn lieve nieuwste aanwinst in het leven. Kleinzoon vloeit voort uit strepen en streepjes. Het is mooi geweest. De zussen sturen een foto van de afterbite na de wandeling. Lekkere tapas. Volgende week wandel ik weer mee. Nu had ik de work-out al gehad, weliswaar de helft minder van hun aantal kilometers door Klein Zwitserland heen, maar toch. Voldoende voor vandaag. ‘Op de plaats,..Rust’.

 

 

Uncategorized

Laat de winter nu maar komen

Ik vorder gestaag in het boek ‘Herinneringen aan de Toekomst’ van Siri Hustvedt. Haar verhaallijnen zijn wijd vertakt en het vereiste aandacht en concentratie. De zon scheen uitnodigend en het was niet te koud. Eigenlijk was ze mijn grote verleidster van vandaag samen met de buuf van de tuin. Die had me geappt en gewaarschuwd. Nachtvorst op komst, dus de Dahliaknollen moeten eruit. Het was de eerste keer dat ik Dahlia’s had gepoot en dit was nieuw voor me. Er is niets veranderlijker dan de mens, dus toch even in de benen om mijn dankbare bloeiers te redden. Wat een goed plan bleek dat achteraf. De oude was er. De ruit zat in de kas en alles leek weer pais en vree.

‘Met de riek niet te diep onder de Dahlia spitten en de knol komt los’, was het advies van de buuf. Dat bleek inderdaad voldoende. In mijn schaduwtuintje was er alleen nog zon in de kruin van de wilg bij de vijver. Ik hing de uitgehaalde knollen met de stengels er nog aan, aan de wilgen. Als variatie op een thema van het oude spreekwoord: ‘De lier aan de wilgen hangen’. Een mooie poëtische vergelijking, want er had behoorlijk  muziek gezeten in de prachtige en langbloeiende dahlia’s. De buuf en de oude kwamen een kijkje nemen. Op de vraag wat welke kleur had, moest ik het antwoord schuldig blijven. Of nou, de stelen had ik er gelukkig aan laten zitten. Labelen voor je ze afknipt was de wijze raad.

IMG_6283

De composthoop en de houtvoorraad waren aan de beurt om gefatsoeneerd te worden. De compost tastte ik wat op, zodat er ruimte was voor de grote oude nicandra’s, die in de weg stonden. Ik kon er nu veel beter bij omdat het groen zich een herfststand had aangemeten. Zelfs nu nog bloeide de Guirlande d’ Amour en de paarse geranium, twee langbloeiers. Het waren dankbare kleuraccenten tussen het afstervende loof, een laatste glimlach van de zomer.

IMG_6285

De oude had de tomaten in de kas geslecht en overwinter-ruimte gemaakt. Overal om ons heen waren mensen hun tuinen winterklaar aan het maken. Het maaien van het laatste gras, het omspitten van de grond, wat verlaat snoeiwerk. De geur van de kleine houtkachels en de Turkse theebranders voor in de tuin dreven naar achteren. Roodborstjes, dit keer met twee, hipten over omgewoelde grond. Een vlucht spreeuwen vloog over en liet mij spijtig achter, te laat om een plaatje te schieten. In het zonlicht kleurden ze bijna sepia.

Buuf vroeg om in de laatste zonnestralen nog even bij haar voor het huisje te zitten. De oude had het koud en ging naar huis, maar wij genoten van het laatste zonlicht onder het genot van een welverdiend glaasje witte wijn. Moe maar voldaan voelde het om zo ingewijd te worden in de orde der Dahliahouders. Volgend jaar komen er een paar extra bij en deze zijn ook weer te scheuren. Niet voor niets is de symbolische betekenis van de plant ‘Edel en trots en dat ze je trouw blijft’ . Geen wonder. In het voorjaar haal je er makkelijk weer vijf of zes nieuwe stekken per plant uit. Voor eeuwig de jouwe. Mijn oma had vroeger een Dahliatuin. Het heeft lang geduurd, maar dit jaar heb ik ze weer volledig omarmd.

Het begon koud op te trekken en het werd tijd om huiswaarts te gaan. De Dahlia’s zijn binnen. De tuin blijft als residentie voor wegschietende haas, hippende roodborst en ronddollende woelmuis, wars van winterslaap. Thuis wachtte het boek. Ik ben er klaar voor, dankzij buuf. Laat de winter nu maar komen.