Uncategorized

Zeeën van ruimte

Het weer bepaalde de dag. Toen de eerste heftige buien losbarstten, begreep ik dat de tuin een mijl op zeven was. Dan eindelijk het kastje aanpakken en leegmaken, dat precies op de wielkasten zou passen van de Bernagie. Ze was gevuld met alle persoonlijke dingen. Brieven, wat kippies van mijn moeder, dagboeken, cassettebandjes van lang geleden. Het werd weer een reis door de herinneringen. Ik kwam erachter dat pennen verzamelen ook een hobby is en het oude geld stapelde zich op in een speciaal laatje van een andere kast. Wat moet ik met de stuivers en de dubbeltjes, de guldens en ik kwam zelfs nog een zilveren tientje tegen. Ik heb ze nu slechts verplaatst. Dan kan ik er nog over nadenken. De grootste vondst was de beurs die uit een lade kwam. De oude was lam en ik zocht al heel lang naar een nieuwe. Hier vond ik hem. Al die tijd had het daar liggen wachten op mij.

006

Als een zo’n kleine kast al zoveel uit te zoeken geeft, hoe moet dat dan ooit later. Als het huis te groot is en ik in een kleinere jas moet gaan wonen. ‘Geen zorgen voor de dag van morgen’ glimlacht mijn  moeder door de bezwaren heen.

Langzaam maar zeker vorderde het werk. Boeken weg, een reeks boeken naar boven en de dagboeken in de kast. De cd-tjes tot nader order ook evenals de oude cassettebandjes.Het was een mooie gelegenheid om alle andere prullaria onder de loep te nemen, af te stoffen met de oude rode plumeau en letterlijk schoon te bezemen. Het kleine ladekastje moest op de oudroze kast en daar rangschikte ik de ornamenten weer anders. Zo nu was het fit. Pluis dacht daar anders over. Met een grote klap kwam ze, helemaal niet sierlijk, op de houten vloer neer. Ze was van bovenop de kledingkast naar beneden gesprongen. Ik had haar sluiproute gebarricadeerd. Ze moest een paar keer extra slikken door de vaart waarmee ze op de grond was gekomen.

005

Ruimte scheppen is toch een aangename bezigheid. De oude foto’s gleden ook weer door de handen en heel veel brieven. Ik legde er een aantal vast voor de kinderen en zette ze op de prive-site. Er zaten zelfs enkele foto’s van mij tussen. Een zeldzaamheid want ik schoot de foto’s bijna altijd. Zonder make-up, met lange hippieharen keek bleke Betje me aan. Het waren fijne maar drukke tijden met de kleintjes. Kleine kinderen worden groot.

001-3.jpg

Zoonlief appte of ik naar de schuur wilde komen met de schuursleutel. Hij had het grof vuil besteld voor de volgende dag, dus de schuur moest leeg. Nog weer een duik in datzelfde verleden van de foto’s. Eerst de troep. Een kast, een stapelbed, een matras, zakken met kleding, Het was veel. Een oude grote weekendtas bleek gevuld te zijn met Lego. Die was echt in de meest stoffige hoek van mijn geheugen beland, evenals de trein. Wie wat bewaard die heeft wat.

003-4.jpg

Terwijl we bezig waren kwam er een auto aanrijden. een meneer haalde bijna een derde van onder onze handen vandaan. Wat een lef om dat en plein public te doen. Ik moest denken aan vroeger als manlief  voor morgenster speelde. Hij ging dan om vijf uur op pad om een tocht te maken langs al het grove vuil. Daar kwamen de fietsen en fietsonderdelen vandaan en handiger bruikbare spullen voor in het huishouden. Het was een deel van de overleving in die dagen  met bijstand en nauwelijks marge voor meer.

Tijden veranderen. De vader van de kinderen is nu een blijvende morgenster. De schuur kwam leeg. Looppop van 67 jaar en oude beer van 61 jaar heb ik nog niet teruggevonden. Ruimte wel.  In de schuur, in mijn  hoofd en in de kamer. Zeeën van ruimte.

 

Uncategorized

De bui mocht los

De kleine blauwe prins mocht bij de garage blijven, toen ik er in alle vroegte naar toe gereden was. Hij zou nagekeken worden en een stempel verdienen. Dit keer had ik geen vervangende auto genomen, maar een elektrische fiets. In een vlaag van heimwee naar de fietstochten in het Zeeland van vorig jaar, koos ik voor dat vervoersmiddel. Lekker op de fiets, haren in de wind, zon op de toet, regencape onder de snelbinder en licht trappen door de handige aandrijving.

005

Fiets en ik moesten even aan elkaar wennen, maar algauw had ik zijn kuren en zijn grilligheid in de gaten. Wilde ik harder gaan dan duwde ik nog extra de pedalen aan en dan schoot ze naar voren. Zo werd ik toerist in de eigen omgeving. Fietsend zie je zoveel meer omdat de heelheid van de indrukken, het gedetailleerde zicht, de geur, de vrije wind die langs je gezicht strijkt en het kleinste geluid de beleving sterker maken. Door Vreeswijk heen fietsen betekende terug in de tijd te zijn als wijkverpleegkundige op de Wierslaan. De flats nog hetzelfde. Het gezin, waar ik destijds kwam, allang vertrokken of overleden.

De deur zwaaide open, daar stond de man, die me door de bedompte huiskamer begeleidde naar zijn vrouw, die ik hielp bij het wassen om daarna om de schone vochtkussens van benen de zwachtels te wikkelen. Of die keer dat er een walm van vette olie uit de kleine keuken steeg. Hij was kaantjes aan het bakken en probeerde  ze uit de olie te scheppen met een plastic zeef. Als bij toverslag was de zeef opgelost en hield hij alleen nog het handvat en de ring eraan vast. Hij smeet het ding door de achterdeur naar buiten, waar nog meer van de onvolkomenheden van zijn leven lag. Twee oudjes, die samen aan het redderen waren. Maar altijd die bulderende stem en die grote brede grijns van oor tot oor.

012.JPG

Ik reed langs het poppenhuis van een vriendin van af en toe, die als een rode draad door het leven wandelde. De fiets danste op de keien en nam het hochie naar de ophaalbrug met het grootste gemak. Op de brug nam ik een foto van het weidse uitzicht , daar waar de Vaartsche Rijn na de Oude Sluis de Lek instroomt.

015-1.jpg

Langs de Lek fietsen is een beleving. De prachtige verkleuringen van de begroeiing van de uiterwaarden waaierden breed uit.  Het is een vogelparadijs bij uitstek. Daar op de dijk vliegen de zwaluwen kriskras heen en weer, verstoord een reiger met zijn schorre roep de meeuwen die eigengereid rond stappen, hoog op de poten en bedaard,. Ze trekken zich niets aan van de querulant. Hij delft het onderspit, krijst een paar keer luid en stijgt op. Hij vliegt een heel eind met me mee.

023.JPG

Er passeren wat auto’s, verkeer is hier altijd goed te horen door de A2 die over de brug van Vianen raast. Ik vind tussendoor weggetjes dwars door de polder heen. Voel me de koningin te rijk. Daar staan de koeien vlakbij het hek en als vroeger stopte ik en aaide de voorste. Ze schudt met haar kop en snuift onder mijn hand vandaan.

019.JPG

Langs het uitgestrekte land bij Lopik trok ik richting IJsselstein en stopte even bij de kringloop. Eigenlijk alleen maar omdat het lijf niet meer gewend was om op een zadel te zitten en om doorbloeding smeekte . Wandelen door de rijen met de, op kleur gesorteerde, kleding, de schoenpartijen, de rijen boeken en prullaria en de sfeervolle opstelling van de meubels. Een warenhuis met allure, deze kringloop. Er werd in het vroege morgenuur gedweild, gestoft en gepoetst. Deze mensen hielden van hun zaak. Dat was duidelijk te zien.

032.JPG

Uitgerust dook ik tussendoor naar Nieuwegein, om via het park bij oud Jutphaas te belanden. Het Fort lag er uitnodigend bij. Rondje Fort en Plettenburg. Daar het laantje met de loslopende dames kip en hun hanen. Ze hadden kleintjes.

Toch even terug naar huis en dan een app. De auto stond klaar. De lucht was inmiddels betrokken en de donderbui hing als een heftige preek boven mijn hoofd. Dat betekende de kortste weg. Getoeter, daar zoefde zuslief langs. Een korter praatje door de dreigende bui. In noodtempo, zo snel als de fiets hebben kon en mijn benen wilden gaan, ving ik bij de openstaande brug de eerste dikke druppels. Dat beloofde wat. Nog haastiger redde ik het net voordat de hemel openscheurde.

De kleine blauwe stond al te wachten. Ze glom aan alle kanten. Goedgekeurd. Stempel erop en klaar. Triomfantelijk liet ik de drie dikke druppels op de dichte verpakking van mijn poncho zien. ‘Op alle fronten droog gehouden’, glimlachte ik de man toe. In de auto was het warm en behaaglijk. Muziek onder de knop en gaan. De bui mocht los.

Uncategorized

Alle goeds voor later

De zonen hadden het op hun heupen. Ineens was er de behoefte om alles wat kleding is de juiste plek te geven. Langzaam transformeren de kamers tot halve inloopkasten met ruimte te over, maar nog niet genoeg en rijen sneakers eronder. Ze schaafden en waren in de weer met de stofzuiger tot het op de millimeter opgeruimd en schoon was. Ik spon er goed garen bij, want het zag er weer perfect uit. Ik hield me koest en trok na de was naar de tuin. Het gras moest gemaaid, maar voordat ik een kwart gedaan had, was de accu leeg. De acculader zou er morgen of overmorgen pas zijn, verwachtte ik. De oude had de grote grasmaaier bij de buren opgehaald en ronkte zijn grasveld kort. Ik mocht hem lenen voor het overgebleven stuk.

003

Dit zwaardere formaat ploegde ook, waar de woelmuizen hun bergjes hadden gemaakt in het gras en soms bleef er een spoor van enkel aarde over in het kleine gazon. De twee stoelen, die nog steeds op een betere bestemming stonden te wachten in het kleine schuurtje, wilde de buuf wel hebben, graag zelfs. Kwam het omdat ik ze prinselijk noemde? Met hun veren zitting zaten ze wel zo. Ze waren er heel blij mee en ik ook, want nu paste de grasmaaier weer.

Met de oude had ik een discussie over zorg en zorgverleners en hoe het kwam dat iemand die tot dan toe de zaken bestierde, boos werd op hem omdat hij langzaamaan in de orde van belangrijkheid, die taak overnam. Mijn conclusie was dat samen praten echt de enige oplossing zou zijn. Dat was niet gebeurd. Het werd een groter probleem door de aannames. De koning werd van zijn troon gestoten, daar kwam het op neer. Soms is een spiegel voorhouden een noodzakelijke taak om de radartjes in beweging te krijgen.

100_5374Verbena

De afleiding was er in wat snoeiwerk en het wegtrekken van de kamperfoelie, die hij aan zijn kant rigoureus had ingekort. Daarbij waren er hele delen afgestorven, die als een grote bruine lap over de onderste takken van de wilg hing. De roos was in de afgelopen paar jaar verwilderd en had lange uitlopers gemaakt. De kamperfoelie had alle ruimte gekregen om zich er mee te vervlechten. Na de tweede bloei, zo kort als mogelijk, terugsnoeien leek de beste oplossing. Er waren meer van die verwilderde plekken, maar ik wilde wachten tot de herfst om daar korte metten mee te maken.

100_5378Nicandra

Ik maakte een gang langs alle bloemen, die dankzij het groeizame weer, het naar hun zin hadden in de wilde tuin. De Borage sloeg aan. Straks zou de Bernagie er mee omhuld zijn en haar naam eer aan doen.  Haar vriendin de Nicandra was uitgegroeid tot een enorme bos van formaat en Vlier wrong zich net als iep overal tussen waar maar te kiemen viel om over de paars bloeiend moerasandoorn maar te zwijgen.

Zo rondwarend in de tuin mijmerden de gedachten verder over de reacties die ik kreeg op mijn blog van gisteren. Over het hebben van keuzes. Er zijn een aantal zaken waar niet in te kiezen valt. De basis staat vast. Het ging hier specifiek om het oplopen van een trauma en de keuze die je hebt bij de verwerking ervan.  Hoe er mee te dealen. Wat is het waardevol als een boek je zo kan pakken omdat het aanzet tot reflectie. Het zorgt ervoor dat onze leesclub door het uitwisselen van de literatuur nu al bij alle drie de boeken van grote waarde is gebleken. Het heeft diepgang en zet inderdaad van alles in beweging. Dat maakt de betrokkenheid groot en het belooft alle goeds voor later.

Uncategorized

Het is aan ons

In het boek dat ik aan het lezen ben, komt een passage voor, dat te maken heeft met een man, die woedend is dat zijn vrouw hem heeft bedrogen. Na een aantal handelingen waarbij hij niet uit zijn verstarde houding wil komen, borrelt ineens de woede op en als een Vesuvius schiet zijn haat en gram eruit in alle toonaarden. Tot dan toe had hij niet gepraat.

Hij graaide een pistool tevoorschijn en beet al zwaaiend van zich af. Hoe meer hij siste en schreeuwde, hoe slagvaardiger het onding in zijn hand kwam te liggen. Later vertelde hij dat hij aan zijn vader had moeten denken. Zijn vader die hem met straffe hand en intimiderend gedrag had geleerd zich als een echte man te gedragen. ‘Echte mannen huilen niet, ze zijn onkwetsbaar en verliezen nooit de controle’, was hem ingepeperd. Hij had een betere vader willen zijn, maar had niet geweten hoe te ontsnappen aan wat hem geleerd was. Hij wist niet hoe hij zijn kinderen iets kon leren zonder intimidatie.De therapeute hield hem een spiegel voor. Ze liet hem het gevolg zien van zijn voorgenomen daad. Hij zou exact hetzelfde voorbeeld zijn voor zijn zoon zodat die, net als hij, ook niet zou ontsnappen aan datzelfde gedrag. Daardoor bond hij in, de woede nam af en hij kon naar binnen keren.

004

Het lijkt zo logisch en is toch vaak zo mistig om ons heen, waardoor we belemmerd worden de juiste aanleiding tot ons handelen te ontdekken. Er zijn zoveel omwegen die allemaal belangrijk lijken, maar die slechts schampen aan wie we werkelijk zijn. Ze beantwoorden vaker aan wat we willen zijn. Geliefd, onmisbaar, zorgend of beheerst, leidend en ongenaakbaar.

Ik denk terug aan een voorval op school. Er kwam een nieuwe jongen de groep binnen. De angst voor het onbekende stond in zijn ogen te lezen. Hij had zich verscholen achter zijn moeder.  Zijn vader trok hem achter diens rokken vandaan en duwde hem naar voren. ‘Vooruit, niet zo kinderachtig’ . De toon was gezet. Het bleek dat de jongen een spartaanse opvoeding. Zijn lievelingskonijn werd geslacht, waar hij bij was. Het schedeltje werd later aan de muur gespijkerd.  Zo waren er nog meer wonderlijke ervaringen voor een jongen van vier jaar oud. Op een dag toen hij wat ouder was, viel hij achterover van de balie en tuimelde met een harde klap op zijn hoofd. Hij stond op, keek langs onze geschrokken gezichten heen met zijn lichtende ogen, en liep naar de groep. Er rolde geen traan over zijn wangen.

img_0982.jpg

De therapeute in het boek trok een wijze levensles uit het voorval met de starre legercommandant. Het werd bepalend voor haar eigen leven, het laatste deel van de verwerking van haar trauma. Ze schrijft over die ergste momenten in ons leven, die het meeste pijn doen, die het aller-afschuwelijkste in een mens naar boven kunnen halen, dat ze ‘vaak de momenten zijn, die ons leren begrijpen wat we waard zijn’. Als we dat punt bewust passeren is het aan ons, aan de keuze die je maakt, hoe je verder gaat. Je kan kiezen voor het verdriet en de pijn van het verleden, maar je kunt ook kiezen voor een nieuwe weg, een toekomst.

In dat hele relaas staat een zinnetje dat rechtstreeks raakt. ‘Zullen we onze kinderen dwingen om af te rekenen met ons verdriet’.  Voor mij vat dat de hele kern samen van het boek. Laten we de geschiedenis zich herhalen of niet. Kinderen hebben het recht op een  eigen verdriet, vreugde, verlangen, vervulling. Op een eigen leven.

Ik zie de kleine jongen, die achter de rokken wordt weggetrokken, haarscherp voor me. Hij kijkt me aan. Het is goed gegaan, lijkt hij te willen zeggen. Ik heb het overleefd en het eigen gemaakt. Ik heb de trauma’s een plek gegeven.  Er zijn veel momenten in een mensenleven die vernietigend lijken, maar steeds weer zijn er andere, die kracht geven om verder te kunnen. De pijn is er. Erkenning ervan is belangrijk. Haal het uit de duistere hoeken weg, benoem het en maak een keuze. Het is aan ons.

img_4674.jpg

Edith Eva Eger: De Keuze. Leven in vrijheid

Uncategorized

Omarmen

Gisteren was het een rustdag. Ik wachtte op een boek dat ik besteld had en dat belangrijk was om verder te kunnen met mijn verhaal. Mijn overpeinzingen raakten verstrikt in het feit dat het verhaal op historische waarheid moest berusten en toch voor een deel de verbeelding wilde prikkelen door met wat fantasie te strooien.

IMG_3769

Ik las de beide boekjes van Freinet uit en kwam daardoor op het lumineuze idee, om het verhaal gewoon te vertellen vanuit de werkelijkheid en de wijze waarop men mij had benaderd. Hoe ik enthousiast was geworden. Hoe het idee de deur naar mijn ongebreidelde oneindige fantasie uitnodigend open had gezet. Figuren en beelden zweefden door mijn hoofd, vormden al dagen woorden, zinnen, avonturen. Het ei was gelegd. Zo’n dag van niets zorgde ervoor, dat het binnen opgeschoond werd. Al het achterstallige denkwerk, dat nog geen podium had gekregen, kwam aan de beurt. Daarna was het de beurt aan de stoel waar zoonlief een wasmand met schoon goed op had leeggekieperd. Denken en handdoeken vouwen ging ook uitstekend samen. Het was fijn dat de ideeën waar ik al dagen op zat te broeden, vorm kregen. Nu kon ik voort. Lucht en ruimte om nieuwe gedachten toe te laten.

mar en niek

Afgelopen week vierden we de verjaardag van onze jongste broer en zus met ‘de vijf kleintjes’ en de kinderen van zuslief met een etentje. Zij waren de hekkensluiters van ons gezin, een tweeling. Een jaar lang kropen ze in koddige blauwe wattige babysuits in de winter en met mollige knietjes in de zomer over de Amandelstraatse stoep en vertederden elke voorbijganger of bezoeker. Ze vulden de rij kinderen aan tot elf en waren de kers op de taart. Nu zijn we allemaal 60 en ouder. Het verbaasde me, terwijl ik de kring zat rond te kijken, dat er bij een bepaalde leeftijdsgrens het ouder of jonger zijn weg valt, zoals ze ongetwijfeld ook weer terug zal keren op een bepaald ogenblik.

De vijf kleintjes zijn allen tussen de 60 en 67. Het is niet de leeftijd die verouderd, maar de kwalen, die hun intrede doen. De energie is hetzelfde gebleven, er is genoeg. De kwaal zet er een rem op.

003

Vannacht in de droom nadat ik weer een groot deel van het boek ‘De Keuze’ van Edith Eva Eger gelezen had, droomde ik dat we aan het dansen waren. Ik vroeg aan een van de vrouwen, die langs liep, of ze de polka kende. We hielden elkaar vast en zwierden als vanouds de rondjes, zoals ik die zo dikwijls gedraaid had op feesten en partijen. Daarna een wals, de blauwe Donau, die ook in het boek voorkwam. De lichtvoetigheid leek op de gewichtloosheid van het zwemmen in de afgelopen vakantieweek. Even was de benauwdheid luchtiger, minder op de voorgrond dan normaal. Even voelde het als jong en jeugdig.

Op het feest zat links van mij het jonge spul. Gladde mooie gezichten, jeugdige overmoed in de verhalen, kinderen van deze tijd. Broer en zus, onze jeugd, tegenover elkaar, in het midden. De scheidslijn van jong naar oud. Het voelde, bij het overlijden van mijn moeder en vader, als het aanbreken van de volgende generatie, maar nu met de bloemen in de knop links van mij, helemaal. Twee generaties met ideeën en gedachten, die dichter bij elkaar liggen dan de kloof, die ik voelde tussen de generatie van mijn ouders en de onze. Of is dat maar schijn. Vinden zij die kloof even groot. Voorlopig zijn ze toe aan het nestelen, huizen aanpassen, levens opbouwen.

Dat hele leven in ontwikkeling, geen fantasie, maar werkelijkheid. Geen grote veranderingen maar in de kern gelijk aan de oude generatie en al die generaties daarvoor. Tot het verhaal uit de Swifterbantcultuur aan toe, raakt het de kern: Geboorte, groei en ontwikkeling, de ouderdom met haar berusting en overpeinzingen. Perpetuum mobile in de vaart der volkeren.

De tijd is aan de nieuwe generatie en aan ons om ze met hun nieuwe inzichten te omarmen.

 

 

 

Uncategorized

Een brug van eeuwen

Ooit, circa 4500 voor Christus, was het net zulk laagland als nu, besefte ik, terwijl ik over de wuivende weilanden en graanvelden spiedde. Voor het kerkje in Schokland stond een vrouw voor een deur die op een kier staat. Het beeld heet toepasselijk: ‘Er is geen weg terug’ en is gemaakt door Kiny Copinga. De Schokkervrouw, die uitgevoerd is in brons, is nog jong en heeft een tas in de hand. Ze staat op het punt de deur voorgoed te sluiten. Gedwongen door het wassende water is er geen weg meer terug.

IMG_1068Kiny Copinga: ‘Er is geen weg terug’.

Nog veel langer geleden glijdt er een uitgeholde boomstam door de veenmoerassen. Er zit een vrouw in. Sluiers nevel glijden langs haar gezicht en vermengen zich met haar tranen. Voor haar, goed ingepakt, ligt een baby, ze slaapt. In de boot ligt een buideltje met wat spullen. De vrouw sluit, figuurlijk, ook haar deuren en laat alles wat in de vertrouwde nederzetting ligt, achter. In het witte ochtendlicht klinkt alleen nog het geplas van de houten stok in het water en de roep van een vogel.

046-e1565333536215.jpg

Ik tuur naar de beelden op de zeegroene muren en zie de plaatjes voorbijtrekken van bewoners uit die tijd. Geen prehistorische figuren, maar mensen van vlees en bloed zoals wij zelf zijn. Tussen het geschuifel om me heen, bezoekers die komen en gaan, zie ik ze een denkbeeldige jacht uitvoeren en de vis roosteren op het open vuur voor hun plaggenhutten. Sommige buigen zich over een klein kind en anderen jagen de ossen aan om de boerenkar te trekken.

In de boot van langer geleden zit de vrouw en heeft een kruik met water  in haar hand. In de buidel weet ze een reep gedroogd vlees. Waar trekt ze heen en waarom. Naar die vragen ben ik op zoek. Hoe komt die lieve Ava met haar baby Ynge in een nederzetting terecht die veel verder land inwaarts ligt.

swifterbant kruik

De conservator laat me wat boeken zien over de Swifterbantcultuur en weet te vertellen dat er in de jaren 30 voor het allereerst een kruik was gevonden iets verderop bij Schokland, dat afweek van de al bekende Trechterbekercultuur en de vroegere Ellerbeckcultuur. Later werd er bij Swifterbant veel meer aardewerk opgegraven en kreeg het de naam Swifterbantcultuur naar de vindplaats, maar eigenlijk zou het Schokkercultuur genoemd moeten worden. De conservator keek me met een berustende blik aan. Er waren sporen te lezen van lichte weemoed over deze gemiste kans. De geschiedenis komt en gaat zoals het zich aandient. Net als het getij van het water.

img_1055.jpg

De geiten vooraan grazen rustig hun weiland kaal. Ze hebben geen weet van de Prehistorie en bronzen tijdperken. Ze zijn wat mottig. In lange harige strengen hangt hun vacht naar beneden. Af en toe kijken ze nieuwsgierig op. Het gewei van de grootste is sierlijk gekruld. ‘Meeeheehee’ mekkeren ze.

IMG_1059

De wind waait door mijn haren als ik het terp weer oploop en de zon schijnt op een lager gelegen kleine boot, die nieuwer is dan de boomstam van de vrouw. Als ik er vlakbij kom hoor ik het klotsen van het water tegen de kanten en het lied van de meeuwen boven mijn hoofd. Ik steek mijn hoofd door een uitnodigend openstaand luik. In de donkere kajuit tegen de voorplecht slaat walsend water om de boot.  Het is een sonoor en krachtig  geluid, alsof ik onder water ben, zo voelt het. Een film met niets anders dan dat. Deinend, kabbelend water en het gekrijs van de meeuwen er bovenuit.

De contouren van de vrouw van de boot in het veen worden al duidelijker. Ze lijkt een beetje op de vrouw eeuwen later op het Schokker land. Beiden weemoedig, net als de conservator, over alles wat was en achterblijft. In een oogwenk slaan de beelden een brug van eeuwen.

Uncategorized

Zijn dag kon niet meer stuk

Daar klonken de stemmen al op de galerij en rolde er iets over het beton. Kleinzoon werd om acht uur gebracht door dochterlief en ratelde al honderd uit. De ochtend zou me leren hoeveel onderwerpen er binnen een luttele tijd aangesneden konden worden. Tasje mee, de step mee, waarmee het lopen getackeld werd. Step was een gouden greep. Geen enkele afstand werd nog een onoverkomelijke berg om te nemen, maar alles was met het grootste gemak te halen op zijn driewiel-step met de feestelijke lampjes en de met de hak te bedienen rem. Hij was er handig en wendbaar mee. Wat een uitkomst.

001-2.jpg 005-3.jpg

Het bakje met de vijgen stond klaar. Een fantastische gelegenheid om die vrucht te leren kennen en de prachtige binnenkant te bekijken. Wassen en doorsnijden wilde hij ze nog niet, even  wennen. Op de stoel bij het aanrecht keek hij met zijn argusogen wat er allemaal aan handelingen werd verricht. Toen alles in de pan zat, wilde hij wel helpen met de suiker en de honing toevoegen.

063-e1565237617215.jpg

Op het vuur en tijd voor een klein filmpje. Kikker is boos. Zo grappig om de figuren tot leven te zien komen en altijd weer de teleurstelling van de stemmen, die niet strookten met die in mijn hoofd, maar daar had kleinzoon geen last van. Het vragenuurtje was even voorbij. Straks gingen we naar de kringloop en mocht hij zijn verlanglijstje af om te zien of er een dingetje van zijn gading bij was.

De galerij was uitdagend glad en hij trok hard van leer zodat het eerste tochtje eindigde tegen de drempel en de muur. Magische Oma-handen vol met luchtkusjes er tegen aan en ondertussen een afleidend babbeltje deed hem de pijn bij de tweede tree al vergeten. Buiten kwam de speels betegelde stoep goed van pas met de twee slingerpaden. Op de step, op de step.

Bij de eerste kringloop was het speelgoed kennelijk opgeruimd en viel er nog maar in een bak of vier te schumen. Hij was op zoek naar het kleine spul en vond een soort kleine Pokémonbal, die uit elkaar viel en dan met een handomdraai zich weer sloot. Het egelprincipe. Die gingen we afrekenen. De vrijwilligster achter de kassa liet hem de grabbelton zien waar kinderen altijd iets uit mochten halen, maar het bleef bij het ene balletje. Hij mocht het gratis meenemen. De koning te rijk liep hij er mee weg. ‘Dank U wel’, klonk het beleefd.

Hoog en droog in de auto betrok het weer. Donkere luchten afgewisseld met hemelsblauw. Ik legde uit dat we in Nederland vaker wisselvallig weer hadden. Wat het betekende. Zon, regen, wind, zon regen wind, zon regen wind. Als een mantra zong hij het het ritje lang. Bij de kringloop kwamen de eerste spetters en zochten we een goed heenkomen, snel naar binnen. Heel veel speelgoed, maar het balletje won het van alles wat hij zag. Zijn kinderhand was al gevuld. De regen barstte inmiddels los. We keken er naar op de kruk bij de boeken. Hij was er klaar mee en zelfs een beetje benauwd voor de regen. ‘Regen spoelt de wereld schoon en het laat je haar groeien’ op het ‘Waarom Oma’ stelde een beetje gerust. Er was dorst en honger en het liefste wilde hij naar huis. Gelukkig maar. Ik zou een tien uurtje glad vergeten. IJs bij Oma thuis na een snee brood en een appel zijn het lekkerst. Helemaal als je ze zelf mag uitkiezen. Mini’s met hagelslag en vruchtenhagel. Het leven lachte.

013

De pan met vijgen stond te wachten op een verdere verwerking. Stampen en een potje met een hartje als etiket. Voor en van. Tussen de doos met knutselmateriaal vonden we nog een kleurboek. Bij het afscheid grote tranen. De tas lag nog bij Oma thuis eenzaam op de bank te wachten, met zijn balletje en de lievelingsknuffels. Geen probleem met mijn tijdloosheid. Aan het eind van de middag kon hij het trots aan zijn vader laten zien. Die sprak het magische woord. ‘Hé, een Pokémon balletje’. Zijn dag kon niet meer stuk.

Uncategorized

Avondlicht

Alsof het zo moest zijn. De hele ochtend was rustig aan verlopen. Niets echt op de planning en alles was goed. Met de kleine blauwe prins wilde ik naar het schadebedrijf om de malle putten in de auto te laten bekijken, maar eerst naar mijn favoriete kringloopwinkel. Bij binnenkomst viel mijn oog onmiddellijk op een rode latten tafel, dat om aandacht smeekte.  Snel liep ik naar de vrouw achter de kassa en vroeg om een reserveringsbon die ik er op wilde plakken. Geen punt. Voor de somma van 7,50 was de tafel straks van mij. Een zo’n koopje gaf de hele dag extra glans.

023.JPG

Bij het schadebedrijf snapten ze ook niets van de wonderbaarlijke plek. Het meisje wat mij hielp, zag bij het opnemen van de schade nog wel drie andere plekken. Zij dacht dat misschien een fiets er tegenaan was gevallen. De baas van het bedrijf bekeek de foto’s en wist ook niet onder welke noemer hij de schade zou moeten doorgeven. Het meisje was een oase van rust. Ze ging iets verzinnen en ik zou het nog horen. In ieder geval mocht ik de auto om half negen brengen op de afgesproken datum. Alleen als er een expert bij  wilde komen, zou ze het doorgeven.

Met iets zwaars te sjouwen leek het pad naast de sloot op de tuin wel drie keer zo lang. Gelukkig kon ik de tafel opgeklapt handig beet houden. Het gewicht bleef helaas hetzelfde. Maar een reddende engel met een fiets in de gedaante van mijn achterbuurman, slingerde het tafeltje om zijn schouder en bracht hem naar achter. Het zijn de kleine gestes die het hem doen. Hij had hem uitgeklapt en wel neergezet en prees mijn aankoop. Jofel tafeltje voor die prijs.

De oude was er. Ik vroeg hem naar zijn rol gisteren, toen hij plompverloren het gesprek binnen was gewalst, zonder op ons te letten. Hij monkelde wat, wilde er eigenlijk niet over nadenken en als een klein verongelijkt kind koos hij het hazenpad. Hij was nog niet in staat zijn eigen rol onder de loep te nemen.’Laten betijen en later op terugkomen’ was de goeie raad die mijn moeder altijd had in zulke gevallen. Betijen is een probaat middel. Je legt een stelling of een vraag neer en geeft de ander de ruimte om er over na te denken, zonder er direct een emotie aan toe te voegen. Dat zorgt ervoor dat je naderhand op gelijke hoogte, want door beide doordacht, de zaak verder kunt bespreken.

019

Ik trok hier en daar wat grasjes en besloot toch lekker te gaan schilderen. Nog steeds stonden de twee doeken naar aanleiding van de cursus portret schilderen naar model in de stelling om afgemaakt te worden. Het was zo’n dag waarop alles lukte. `Met de rust en met goede zin vorderde ik gestaag. De tijd vloog voorbij.  Duif had me niet in de gaten en vloog argeloos dichtbij om hier en daar een graantje mee te pikken. Ik ving haar in de deuropening met de camera, terwijl ze kuierend rond stapte.

021

Aan het eind van de dag verliep het gesprek met de oude in pais en vree. Toen ik het pad afliep en de zon met me meewandelde in de sloot naast me, krasten de twee zwarte kraaien luid om het territorium aan te geven en hun aanwas, van drie, krasten even luid mee. Kleintjes worden groot. Straks vliegen ze uit. Want normaliter zijn de twee oudjes alleen. Een in de hoogste boom bij de paddenpoel en de ander in de buurt om bij onraad paraat te zijn. Waar werd oprechter trouw/ Dan tussen man en vrouw/Ter wereld ooit gevonden…Joost van den Vondel mijmert door mijn hoofd.

De wereld kleurde langzaam avondlicht.

 

Uncategorized

Duimen en vurig hopen

Het was winderig op de kop van het station Utrecht Centraal. De futuristische trappen spreiden zich monumentaal, De vijver ervoor rimpelde een weinig en de waterlelies dobberden in plukjes over het water. Op de trapbanken die ingenieus ingebouwd waren zaten wat mensen te praten, te roken of te lezen. Reizigers kwamen of gingen de roltrappen op en af, de meesten in een versneld tempo, een enkeling kuierend. Uit de liften kwamen achter elkaar twee rollators gescheurd, een met een duopassagier half op de leuning. Uit de tandeloze mond plakte een peuk in de mondhoek, terwijl de man zijn lach liet schallen en drie keer op de claxon drukte. Zoefff.

Ik liep langs het grote muuraffiche van Mama Mia aan de zijkant van het Beatrixgebouw. Alle dames hadden blote voeten of sandalen en de heren hadden stuk voor stuk dichte schoenen, viel me op. Bijzonder. De man naast me had zijn koffie-uurtje erop zitten en ging weer aan het werk, gekooide dienst binnen de oranje hekken. Daar kwam vriendin van de roltrap af. Warme omhelzing en naar de koffie. ‘Wat is alles hier groot’ constateerde ze, omdat ze lang geleden nog wel eens in Utrecht kwam en deze kant van Utrecht inmiddels het aanzien had gekregen van een snelle wereldstad.

IMG_4512

We hadden heel wat bij te praten, onder de koffie, tijdens het halen van een lunch voor later in de winkel en onderweg ratelde het in hoog tempo door. Grote zorgen , kleine zorgen, liefdevol, met humor, heel het leven. ‘Sightseeing Utrecht’ reed ik dwars door het centrum en liet haar van alles zien. Overal waar we stopten moest er ook een sanitaire stop gehouden worden met het vooruitzicht van de emmer op de tuin. Hilarisch, zelfs bij de grootgrutter.  Op de tuin werd er flink gemaaid door de achterbuurman. Dat leverde een lichte stress op. Dazen vonden het een verstoring van de dagelijkse orde en er bleken er heel wat wakker te zijn geworden. Wespen en dazenseizoen. Voordat we binnen in de Bernagie gingen zitten, waren we al twee keer gestoken. De oude, die verstoorde door in te breken midden in het gesprek, had azijn bij zich. Een hele fles.

010

Vriendinlief en beestjes waren niet van plan te wennen aan elkaar en het zorgde af en toe voor een onrustige noot, maar binnen daalde de rust weer. De verf was er en het medium, maar het was veel te warm om een vin te verroeren. Het spelen bleef achterwege. Dat kon de volgende dag ook nog. Het doek liep niet weg. Kleinzoon bleef de hele tijd minzaam glimlachend kijken met zijn scheve koppie. Ondertussen haalden we de verloren tijd in door te blijven uitwisselen. De vermoeidheid speelde af en toe parten,  want poes was, na een nacht hazenslaapjes,  thuis ziek achtergebleven. Weliswaar onder de hoede van manlief, maar zo’n zwarte wolk ergens in het achterhoofd blijft voortdurende meedrijven. We praatten elkaar moed in, somden mogelijkheden op en bleven hangen op een virus.

IMG_4514

Op de terugreis, na een heerlijke geitensalade, liet ik mooi Utrecht zien, Wilhelminapark, Singels en aan de Vaartsche Rijn sloten we af met verse Munt en earl Grey. Kiss and ride was op het vernieuwde achterste gedeelte van de Croeselaan prachtig geregeld. Daar ging ze weer langs het Beatrixgebouw de hoge roltrap op.

’s Avonds een verdrietig telefoontje. Zesjarige Poes kreeg een spoedoperatie. De blaas zat dicht. Weer  een onrustige nacht voor hen, want de spanning is groot. Je merkt helemaal hoe veel je van ze houdt, als de kwetsbaarheid de overhand neemt. Ik ga duimen en vurig hopen.

Uncategorized

Domweg gelukkig

En dan is er de rust van de groene oase. De hele dag een beetje aan het bijkomen en toch nog even naar de tuin. Het verhaal van de auto had zich als een lopend vuurtje verspreid en ik was bereid om een boetekleed aan te trekken, maar buuf, van het bestuur, stopte alle commotie met een grote grijns in de doofpot. Klaar is Kees. Zo licht kan het zijn. Het was heerlijk in de rust en de stilte. De koolmezen vlogen af en aan en tussen het struweel hipte een kleine winterkoning. De bessen van de Vlier beloofden te kleuren tot diep aubergine en de Guirlande d ‘Amour bloeide nog steeds ijverig. Van de oude kreeg ik de jonge Bernagie uit de kas. Hij vroeg zich af of het wel echt zo heette. Toen ik het opzocht kwamen we op prachtige betekenissen. Ze zou een opbeurende werking hebben, gelukkig maken en moed brengen. Het atelier straalde onder de aanduidingen.

IMG_0124

Eigenlijk wilde ik nog wat schilderen, maar daar kwam weinig van. Het lijf vroeg om rust. Thuis op de bank was er zomergasten met Hannah Bervoets. De schrijfster had een opmerkelijke keuze voor ons in petto. Er sprak jeugd uit. Ze keek met een sociologische bril naar programma’s, waar ik per definitie niet naar keek. Dat was op zich een openbaring. Als je expeditie Robinson gaat ontleden op groepsdynamiek, komt er iets heel anders naar boven dan het platte verhaal. Zo ook haar keuze van films en series, waar steeds weer een diepere laag werd gezocht, de kracht van het verhaal, het omgaan met verlies en de wereld van fandom. Veel bekijk ik niet omdat het me niet direct  aanspreekt. Dat is gebaseerd op een vooroordeel, want ik heb het nog nooit bekeken door de bril van Hannah Bervoets,

Ik ken haar niet, maar deze avond was zeker een aanmoediging om meer van haar te lezen. Een hele avond werd te lang voor dit moede hoofd en voordat de door haar gekozen film ‘The Hours’ begon, lag ik al op een oor in dromenland mijn eigen film bij elkaar te dromen.

Het klopt wat gezegd wordt over oud worden met kwalen en kwaaltjes. De kracht en energie worden toch anders verdeeld. Zo’n dag als gisteren en de dagen ervoor, waarbij er veel georganiseerd moet worden, hakte er in. Op alle fronten moeten er aanpassingen gedaan worden om tot eenzelfde energie te komen als vroeger. Waar je ooit de hand niet voor om draaide, heeft nu veel meer voeten in de aarde. De keerzijde van de medaille is de innerlijke rust, die er voor zorgt, dat er tijd is om te overpeinzen en dieper in het leven te duiken.

IMG_0121

Volgens Epicurus, aldus een artikel in Filosofie over Daniel Klein, een Amerikaanse filosoof, behoort ouderdom tot het hoogtepunt van het leven, omdat we dan vrij van streven zijn. Inderdaad is er niets meer, wat nagejaagd moet worden. Daarbij denk ik, dat alle opgedane ervaring van ervoor deel uit maakt van datzelfde hoogtepunt. Alles wat we geweest zijn heeft ons gevormd tot wat we nu zijn. Als je ouder bent, zegt de filosoof, mag je weer spelen.

Eigenlijk ben ik juist het spelen nooit kwijt geraakt. Dat was wat er gebeurde tijdens het werken met de kinderen. Door te spelen gingen we ontdekken en de nieuwe inzichten vormden weer een uitdaging om verder te spelen. Spelen is fijn omdat niets moet en alles mag.  Zodra je bent afgeleerd jezelf te begrenzen door een doel te stellen, sta je jezelf toe om er meer uit te halen dan er inzit.

Nu de soepelheid van het lijf minder vanzelfsprekend is, krijgt het spelen een andere dimensie. Sommige dingen zijn eenvoudigweg niet meer mogelijk, een natuurlijke begrenzing door de kleine gebreken hier en daar.

002

‘Er valt overal een mouw aan te passen’, zeiden mijn moeder en mijn oma vroeger. Met die wijsheid, een beetje Epicurus en een beetje van mezelf, kom ik de vermoeidheid wel te boven. Vandaag ga ik samen met vriendin spelen met verf en penselen in de Bernagie, waar het leven lacht. Domweg gelukkig.

 

 

Uncategorized

Dat maakte het feest compleet

De dag begon vroeg gisteren, vroeger dan anders en dat wil wat zeggen. Om negen uur stond ik puntpaprika’s en aubergine klaar te maken voor hun de BBQ. Daarna spoorslags naar de tuin met een veel te zwaar beladen steekkar. Kalmpjes aan dan breekt het lijntje niet, was wat ik als een mantra herhaalde. Onderweg haalde de oude me in en nam de gewichtige rugzak over. Dat scheelde al een beetje. Het was nog vroeg, maar ik wilde in mijn wilde tuin meer ruimte maken door hier en daar wat weg te snoeien, de brandnetels weg te halen om kleinzoon niet in ’n netelig parket te brengen en vast tafels en wat stoelen klaar te zetten. Het lieve halfronde bankje had zijn beste tijd gehad en was toch al aardig aan het wegteren. De oude maakte er met een touwtje en een ondersteunende lat nog een herkansing. Mooie lap erover en klaar.

De behangerstafel van zus was een fantastisch buffet, samen met mijn witte tafel van de vorige dag. Kleden erover en klaar. Het wieden betekende nog even flink door bikkelen. Als ik niet verder kon dan plofte ik op de stoel, klokte de tijd en rekende uit. Om kwart voor drie wilde ik naar het hek lopen toen zwager en schoonzus er al aankwamen met een auto volgeladen. Twee witte luifeltenten, een koelbox, de BBQ. En de komst van de zussen met al het vlees en de drank en dochter en schoonzoon met de kinderen en iedereen druppelde van lieverlee binnen om direct de handen uit de mouwen te steken. In een rap tempo was alles opgezet, vlaggetjes opgehangen en zag  het er feestelijk uit. Ook de achterburen sloten aan en de oude pas weer veel  later. Zus regelde het buffet en andere zus de foto’s.

010-1.jpg

Zo had ik het gedroomd. De makers van de Bernagie , zwager, de twee broers, neef en de kinderen, die geschuurd en geverfd hadden, bij elkaar. Het eindresultaat stond te glanzen in haar monumenten-groene kleedje, de ramen breed en uitnodigend, de deur wagenwijd open. Iedereen babbelde met iedereen en het was pais en vree. Mannen keuvelend rond de BBQ. Er was even een dingetje met de auto, die er niet mocht zijn. Het zijn de regels van het spel en begrijpelijk, maar het werd wat scherp gezegd en schoonzoon mompelde: ‘Cést le ton qui fait la musique’. En klein smetje op de het feest-blazoen. Maar niet getreurd, slikken en schikken.

018

Wat is het leven leuk, als iedereen het naar de zin heeft en genoeglijk- niks moet alles mag- aan het kouten is met elkaar terwijl het eten wordt gedeeld. Haha de aubergine was te grof, de puntpaprika’s te zwart, de vis stond wel erg dik  in de dille, maar daarom niet getreurd. Ik probeerde kleinzoon het geheim van de springbalsemien uit te leggen, maar hij schrok zo van het gekrieuwel in zijn  handen, dat een tweede poging er niet in zat.  Wel had hij de hengel bij zich en ging met zijn vader vissen in de sloot. Ik wilde er een foto van maken en daardoor ontdekte ik de zwanenbloemen in de sloot. Vol in bloei. Een zwanenzang voor een prachtige dag.

100_9419.jpg

Toen broer een kleine bliek ving, was de vreugde compleet, bewonderen en weer terug in de sloot.Daarna met alle helpende handen was het allemaal voorbij en trok de karavaan weer huiswaarts.

Met de kleine gehavende blauwe schoof ik, in de ondergaande zon, onder een lantaarnpaal door waar een flinke buizerd met wakend oog alles bekeek wat onder hem door flitste. De vader van de kinderen op zijn post. Dat maakte het feest compleet.

Uncategorized

Voor alles is een oplossing

Het liep als een trein. Ineens kreeg ik een ingeving, toen ik de uitgedraaide poten van het tafeltje van zoon zag staan. Dat kon mooi mee naar de tuin, want dat kon ik in mijn eentje wel verstouwen. Het regende af en toe. Bij de enorme superstore hadden ze de composteerbare bordjes in overvloed. Het was niet druk in de vroege ochtend. Afvinken van een volle lijst is het mooiste wat er is. Alle spullen stopte ik in de enorme tekenrugzak, die ik had. Iets op de rug dragen kostte nauwelijks moeite, maar aan de hand hakte het in op het verkrijgen van zuurstof. Zelfs de poten van het tafeltje pasten erin. Met het tafelblad op de grote steekwagen voor algemeen gebruik op de tuin ploegde ik me door het al hogere gras heen. Ook in de tuin was het bal. Half in een stevige plensbui kwam ik bij de Bernagie aan. Geen nood. Rugzak af, deur open en schuilen maar.

002

Toen ik de poten aan het blad had geschroefd, eenvoudige Zweedse wijze, paste de tafel nipt tussen de twee kasten voor het kleine  raam. Wat heerlijk, een werktafel. Ik was de koningin te rijk. Mijn dag kon al niet meer stuk.Tussen de buien door toch maar maaien. Ik telde in het hoofd het achterstallig snoeiwerk en het onkruid wieden, maar daar had ik nu geen tijd meer voor. De Nicandra was uitgegroeid tot een meter hoog en breed. Met de kinderen die kwamen zou ik de voorste, bij het terras moeten verwijderen. Daar kwam ook de tafel te staan. Op naar zus voor de volgende fase, de boodschappen. De steekwagen kon nu mooi de oude doorgeknakte metalen stoel dragen. Duwen was te zwaar, dan maar achter me aan trekken. Het hijgend hert der jacht ontkomen. Zo moet het plaatje eruit gezien hebben, daar op het verlate complex. Niemand die zich op de tuin waagde met die regen.

De oude Marokkaanse man met zijn verweerde kop vroeg of ik thee kwam drinken bij hem. Nee, de tijd was kostbaar en sociotalk stond niet op het lijstje. Hij keek me beteuterd na. Op de stort mocht de stoel bij het oud ijzer in de meest roestige bak. Ik wist het.

Zuslief appte. Ze was thuis. Andere zus appte ook en een kwartier later waren we bij het appartement. De kleine blauwe prins stalde ik voor het huis. Zus had een echte boodschappenauto met een enorme laadbak en leeg. Geen overbodige luxe voor alles wat er aan draagtassen in zou moeten staan. Bij de relatief goedkope winkel haalden we het vlees en de vis, bij de duurdere de merkdranken. Hoe lastig inschatten is het als er zoveel mensen komen en je niet weet of het grote of kleine eters zijn. Als minieme vleeseter heb ik geen idee. Zuslief beweerde dat het allemaal te veel was, maar ik wist het niet en ik wilde niet dat er te weinig was. Veel groente om te grillen en salades. Een pasta, een groene en een aardappelsalade. We zouden zien. Dochter zou Turkse broden meenemen.

010.JPG

Daarna volgde een middag van snijden, mengen, mixen. Als volleerde moderne alchemisten brouwden we de kruiden en oliën, sneden en schaafden we en vergaten te zingen. Te veel denkwerk. Vink, vink, vink…Het lijstje werd steeds kleiner. Na een pittige middag was het klaar. Samen een hapje eten en tot mijn verbazing maakte zwager de kroepoek in de magnetron. Ik keek als een pasgeboren kuiken uit het ei. Nooit te oud om te leren, dat bleek wel weer. Met twee grote tassen, de ene gevuld voor de allerlaatste ingrediënten voor de volgende ochtend, de ander met de niet koude dranken, kwamen we bij de kleine blauwe aan. Daar prijkte onder de spiegel een pittige beschadiging zonder naambordje van de dader. Heel even dat weeë gevoel in de maag en pap in de knieën. Hij is goed verzekerd, het prinsenkind. Ook dit komt wel weer goed. Voor alles is een oplossing.

Uncategorized

De vleespotten van Egypte

Ik ben van mijn padje. Dat is een keer in de zoveel tijd het geval. een kwestie van rangschikken en hergroeperen. Waarschijnlijk komt het door het te organiseren feestje en de druk die erop staat. Het blijft een sjouwen van alles en nog wat  naar het paradijs aan het einde van de wereld. Voor de borden wilde ik heel graag palmblad, dus werd het een zoektocht er naar, winkel in en winkel uit, waarbij we kostbare tijd verloren. Uiteindelijk weet ik waar ik het op de kop kan tikken. Bij de groothandel met het pasje van zoonlief, voor de prijs die ik in gedachten had. Disposables die je nog een aantal keren kan gebruiken en niet de prijzige evergreens van de tropische winkel die vele malen duurzamer, maar ook prijziger zijn.

006

Hoe vaak vier je in gedachten een feest voordat het echt begint. Al vele malen heb ik de tuin geordend, maar in feite ben ik er nog nauwelijks geweest. Vandaag, ondanks de regen, moet het er maar van komen. Maaien, behangtafel halen als alternatief voor de grote tafel, eerste spullen al in de aanslag. Spijkers met koppen slaan. Straks is het hele feest weer afgevinkt en kan het van de lijst af.

Het is nieuwe maan sinds gisteren. Een nieuw begin. Het is de tijd bij uitstek om te zaaien. Vaak laten we ons leven bepalen door de druk van de verwachting, maar alles volgt toch de eigen loop der dingen. De kunst is om mee te bewegen met de stroom en daar wel de eigen richting aan te geven. Geen paniek, het gaat goed komen. Er is alleen een overweging en hard werken voor nodig. Vandaag is het de dag om bergen te verzetten.

007.jpg

Volgende week kan ik weer focussen op de twee opdrachten voor deze maand, er wachten twee artikelen. Voor een van hen neem ik een duik in de Swifterbant-cultuur  uit het subneolithicum. Het was bijzonder om erover te lezen. Daar zou op school een heel project zijn gaan leven in de sfeer van dit volk uit de oudheid. Met zijn jacht en visserij en later ook de landbouw.

005.JPG

We hebben met de onderbouw ooit een project gehad over de oertijd, compleet meet een kamp vol oerbewoners, die geen woorden hadden voor hun taal, maar hoe communiceerden ze dan. Het werd een ontwikkelen van een volstrekt eigen taal met het uitbeelden van wat je zou willen zeggen en op welke wijze en kreten in oer voor het aanduiden van iets. We maakten de kleding van zogenaamde dierenhuiden, lappen van nepbont. Een gat voor het hoofd, touw erom en klaar.

004

Tijdens het kamp wreven we aarde op het gezicht om niet op te vallen en werd het bos een wereld van ontdekken. Stenen kon je gebruiken om vuur mee te maken en takken om wapens van te maken. Hutten bouwen van leem. Wat is er leuker dan werken met modder. In de overmeesterde wolf zaten kipkluiven als maaltijd. Een beetje oer en een beetje Roodkapje. Het werd een feest om nooit te vergeten.

Swifterbant dus, volgende week maar eens een uitstap maken naar de Flevopolder en naar Leiden. Wie weet wat dat toevoegt aan het verhaal. Vooralsnog eerst aan de slag met de vleespotten van Egypte

Uncategorized

Omdat je er voor kiest

De kinderen zijn er. Er is acrylverf. Mijn moeder is er ook en mijn vader komt om de hoek kijken. We schilderen, allemaal een doek van 50 bij 70. Mijn schilderijen hangen aan de muur. Ineens worden ze afficheformaat canvas, mijn moeder bekent ze van de spielatten afgehaald te hebben. ‘Waarom’, vraag ik. Mijn vader bromt ‘Omdat dat zo is’. De kous is afgedaan. Maar ik kan er niet over uit. heb ook geen zin in een nieuw schilderij. De doeken krimpen zelfs tot columnformaat en boeten op alle fronten in aan schoonheid. De kinderen schilderen door. Maar het rafelt aan de onderkant. Zij schieten in lengte van klein naar groot in tegenstelling tot de schilderijen. Zoonlief komt met een portret van zijn vader op een bloot bovenbeen, de haren en de volle baard zijn van zand. Daar stopt de droom. Het geeft een onrustig gemoed. Ik weet wel waar het vandaan komt. Vriendin en ik hebben het over schilderen in de buitenlucht gehad. Ze heeft de mensen op het strand en in zee impressionistisch weergegeven. Heerlijke kleurstellingen gebruikt. Het juiste licht erin gebracht. Het zag er prachtig uit op de toegestuurde foto.

009

Langzaam zakt het huis en de routine na de vakantievrijheid in de benen. De bank vertoont het kuiltje van mijn eigen vaste plek. Pluis heeft weer iemand om tegen aan te schurken in de vroege ochtend. Dat doet ze bij de jongens niet. Vandaag heb ik uitgerust. Bewuste keuze. Even helemaal niets. De BBQ regelen, de mensen bellen, de afspraken maken voor de voorbereidingen. Een beetje televisie, een beetje boodschappen, een was gedraaid. Gerommel in de marge.

003

Tussendoor de overpeinzingen die ik meeneem uit het boek ‘De Keuze’ van Edith Eva Eger, een overlevende van de Holocaust. Dat geheim hield haar jarenlang gevangen door de ontkenning ervan. Ze wilde op en top Amerikaanse zijn. Zonder accent vloeiend de taal spreken, alles wat in het verleden in Auschwitz was gebeurd ver weg duwen en  die eigen geschiedenis niet accepteren. Daarmee werd het geheim een opeenstapeling van verdriet, van rouw, gevangenismuren. Waarachtige vrijheid is het slechten van die muren, door het proces aan te gaan van verwerking en ze steen voor steen af te breken. Daarvoor moest ze diep gaan. Het lukte haar. Ze werd klinisch psycholoog om anderen te kunnen helpen aan de hand van haar eigen ervaring.

Het grootste trauma dat ze als klinisch psycholoog behandelt is niet een depressie of de posttraumatische stressstoornis, maar het verlangen in ieder mens. ‘Het verlangen naar goedkeuring, aandacht en genegenheid en het verlangen naar vrijheid om het leven te accepteren en onszelf echt te leren kennen en te zijn’.

Met die woorden op het netvlies viel er veel te overdenken. Onwillekeurig graaf je in het eigen verleden en ik denk aan het moment, dat ik de zussen vertelde over de periode, die ik inderdaad met een dikke deken had bedekt. Als je het niet ziet, is het er niet. Niets is minder waar. Het is voortdurend aanwezig. Iedere keer als er een tipje van de zware zwarte deken wordt opgelicht, nemen de tranen de vrije loop. Eger haalt aan dat er het fenomeen is van  ‘het slachtoffer worden van’ en die van ‘de slachtofferrol’. Dat laatste komt van binnenuit en is je eigen keuze. Ben je een slachtoffer of een overlevende. ‘Overlevenden hebben geen tijd om zich af te vragen:’waarom ik’. Voor overlevenden is de enige relevante vraag: ‘En wat doen we nu’. 

De vraag ‘Waarom‘ komt voor in de droom. ‘Omdat het zo is’, bromt mijn vader. Er is geen speld tussen te krijgen of had het antwoord, in de gedachtegang van Eger, kunnen zijn ‘Omdat je er voor kiest’.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Uncategorized

Ware schoonheid verloochent zich niet

In de holte van mijn arm zat kleinzoon en luisterde. Ik las hem mijn ‘kinderbijbels’ voor. Kikker en Pad en de verhalen van Uil, beide boeken van Arnold Lobel, en kikker van Max Velthuijs. Over de twee bobbels in bed moest hij even nadenken, zelfs toen uil zijn voet bewoog en een bobbel ook bewoog. Subtiele boodschappen waar lang over nagedacht kan worden. Met grote ogen luisterde hij ademloos.

Datzelfde effect was er als ik in de kring een boek voorlas. Het laatste dikke voorleesboek was De Gorgels van Jochem Meyer en het werd net zo’n succes als de klassiekers van Annie M.G. Schmidt, Lobel, Toon Tellegen. Ook mijn kinderen thuis heb ik elke avond voorgelezen. Hoeveel kinderboeken zijn er wel niet door mijn handen gegaan. Ademloos luisteren, leunen tegen het verhaal aan en aan het eind een diepe zucht. Wat jammer, nu al afgelopen. De magie van een goed verhaal.

Vroeger, thuis, werd er op de radio voorgelezen. Nachtponnetjes aan en schoongeboend voor de radio. Daar ging het belletje al. Het klokje van zeven uur. We liepen mee met dappere Paulus en Oeroeboeroe en griezelden bij de krakende stem van Eucalypta, de valse heks. Spannende verhalen, waar we ademloos naar luisterden. Daarna kwam er het beeld bij op televisie. ‘Varen is fijner dan je denkt’, met het lied van Zeefje. Dappere Dodo, Okkie Trooy met zijn koffertje en Oma Tingeling en Mik en Mak. Zonder dat we het in de gaten hadden werd de fantasie tot in het oneindige geprikkeld, beelden  opgeroepen, herinneringen vastgelegd. Nog altijd worden de vruchten ervan geplukt. ’s Nachts in de dromen ging de fantasie aan de haal. Soms veel te spannend, waardoor ik zwetend wakker werd, soms lieflijk en mooi. Vaak was de wens de vader van de gedachte en wilde ik ook  naar een onbewoond eiland of varen op een schip. Alles werd nagespeeld, buiten op het landje achter de poort of op het kleine kamertje met de stapelbedden.

Zodra we zelf konden lezen, mochten we los. Eindeloos ver viel er te reizen met Remi in alleen op de wereld, aan de hand van Gulliver in Gullivers reizen of dichter bij huis met de avonturen van Pinkeltje, Ernstjan en Snabbeltje en met de schavuitenstreken van Pietje Bell. Eenmaal bij de kabouters op de scouting werden sommige verhalen vorm gegeven met drama en decor tijdens de kampweek. Het was de kiem voor het verhalend ontwerp. Alles was denkbaar, de toverkracht van knikkertje Lik, de onverschrokkenheid van de ridders, krantenhoed op het hoofd, stok in de aanslag of het opzetten van een circus met Herr Sandrino.

006

Met dat kleine warme lijf tegen me aan, de grote ogen, de rode wangen van de spanning, de verwonderde blik en het onuitputtelijke, nog een, en nog een, kwam het gevoel terug van vroeger. De geborgenheid, het vertrouwd zijn en je veilig voelen. Wat er ook gebeurde, hoe spannend het ook was, hier waren we veilig.

Vorige maand was er een discussie gaande over het kinderboek. Buwalda wantrouwde volwassenen die kinderboeken lazen. Ted van Lieshout probeerde erachter te komen waarom. Het enige wat ik zou willen zeggen, is dat Buwalda zich weer eens zou kunnen gaan verdiepen in de grote klassiekers, hierboven beschreven, zoals ik gisteren mijn kleinzoon heb meegenomen in de avonturen van Kikker en Pad. En verder staat het iedereen vrij te vinden wat hij wil en staat het ieder ander vrij het daar mee eens te zijn of niet. Ik denk er het mijne van en sla zo ‘De kleine Prins’ nog maar eens open. Ware schoonheid verloochent zich niet.

Uncategorized

Ik ben er klaar voor

Thuiskomen. Dat kan alleen in een warm nest. De gang was strak opgeruimd en de haken voor de jassen, die er steeds maar weer uitvielen, omdat het wandje te dun was voor de zware exemplaren, waren vervangen door lichtgewicht, die keurig vastgeschroefd zaten in de muur. De gaten gestuct, alle rommel aan kant, de lijstjes van de foto’s op de sidetable in de gang keurig netjes uitgestald, alle overtollige ballast op de vloer was weg,

IMG_4456

Er hadden twee tornado’s door het huis geraasd, de kamer was gestofzuigd en gedweild, de planten waren verzorgd, de keuken blonk, het fornuis was als nieuw. Het was bijzonder en heerlijk, vooral omdat ik het totaal niet had verwacht. De planten op het balkon hadden zich kiplekker gevoeld, dankzij de plens water elke dag. Mijn tornado’s waren 1.80 en 1.90 meter lang en hadden zich uitstekend vermaakt in de week dat ik er niet was. Poes kwam eerst nog wat nuffig, ‘waarom heb je mij verlaten’, langs lopen, maar al gauw wilde ze best wel weer een vertrouwde aai en wat gekrieuwel achter de oren. s’ Avonds bij het naar bed gaan zag ik dat ze zelfs mijn bed hadden verschoond. Dat lag maagdelijk wit te wachten. Vergenoegd gleed ik tussen de frisse lakens en in een droomloze diepe slaap.

De terugreis was voorspoedig verlopen. We hadden nog een kleine opdracht. Door omstandigheden hadden we de gebruikelijke picknickfoto niet kunnen maken. Nergens was de juiste entourage, waar we hadden kunnen picknicken of we hadden het gevonden en werden weggestuurd, of we vonden een beek zonder grasveld.

301

Nu reden we pardoes een terrein op van het Limburgs landschap aan de Maas, maar dat bleek ook een naturistenterrein en er stonden vier wilde paarden. We wandelden wat rond, die prachtige Maas aan de voeten, en reden verder naar een kleine jachthaven, waar een restaurant aan het water bij was. Bij aankomst bleek het pas een half uur later open te gaan. We liepen om de jachthaven heen en schoten de ‘picknick’foto zonder kleed en zonder brood op een stenen muur op de kop van de haven. Heerlijke foto, goed gelukt en daarna uitgebreid lunchen in het restaurant als bezegeling van een mooie vakantie.

zussen in LimburgFoto door Mirk genomen(zelfontspanner)

In de auto speelde het tekort aan slaap wel een rol. Ik leek wel een ja-knikker. Gedachten tolden vaag door elkaar en het hoofd werd zwaarder en zwaarder. Verwoede pogingen om wakker te blijven ondernam ik door drop te kauwen. Malende kaken voor een malend gemoed. Zuslief had er geen last van en loodste ons door de binnenweggetjes tot bij Eindhoven en daar schoten we de snelweg weer op. Dikke knuffies bij het afscheid, tot gauw!

Straks komt dochterlief met dochter even bijkleppen en daarna wil ik naar de tuin. De accu voor de maaier ligt in de aanslag. Ik ben benieuwd hoe daar mijn blommekes de droogte hebben doorstaan. Aan de andere kant zal de natuur gewoon zichzelf regelen. Gisteren heeft het hier ook geregend, vertelde de cassiere bij de supermarkt.

Nu eerst de bedankdag voorbereiden voor het vele werk aan de Bernagie. Feest voor alle noeste helpers op de tuin. Alleen het weer heb ik niet in de hand. Zus gaat me helpen, grootscheepse barbecue, dat heb ik nog nooit gedaan. Ik ben er niet zo van. Maar nu moet het er maar eens van komen. Voor allen die hebben geholpen mijn leven te verruimen met mijn kleine paradijs op aarde. Daarna volgt de actie regenton. Mooie voornemens voor een uitgerust hoofd en een verfrissende start. Ik ben er klaar voor.

 

Uncategorized

De lucht is geklaard

‘Je moet het beestje bij de naam noemen’ werd er vroeger gezegd als er te lang om de hete brij werd heen gedraaid en er tientallen verdoezelende of verzachtende argumenten werden aangevoerd om een verhaal aannemelijk te maken.

Spijkers met koppen slaan, was het devies en dat kon alleen maar als je alle factoren benoemde, zodat een ander er op kon reageren. ‘Communiceren kan je leren’, dreinde het zeurstemmetje in mijn hoofd. Op het eind van de vakantie en na een lange week samenzijn is er zo’n moment van reflectie. Iemand zegt iets, een ander reageert emotioneel, er wordt gevraagd naar het waarom en een pittig gesprek is wenselijk met het benoemen van man en paard, vrouw en stokpaard in dit geval.

IMG_4147

Altijd, ergens op een vakantie, komt er zo’n moment. Daar kan men de klok op gelijk zetten en eigenlijk zou je willen, dat die kleine irritaties al direct vanaf het begin bij  de horens kon worden gevat, eer ze de gelegenheid krijgen om zich op te blazen. Het klaart de lucht. Als ik naar buiten kijk hebben de fikse regenbuien, vrijdagmiddag begonnen en gestaag doorgegaan tot nu, plaats gemaakt voor een zwoele zomeravond. Gesluierd, dat wel, nog niet tot lichtende helderheid uitgegroeid, maar haar eerste wankele schreden op het pad van een warme zomerdag straks, morgen, als we huiswaarts gaan.

We bezegelden het waarachtige ontmoeten met een etentje en toen diende het volgende issue zich aan. Waarom is het lastig een goed gesprek aan te snijden, of beter nog, wat is een goed gesprek. Hangt het af van een passieve (lees relaxte, onderuitgezakte) houding of is een actieve luisterhouding met ogen die belangstellend vertellen open te staan voor elke gedachte, gewenst. O wat heerlijk om het naast de tapas op de borden te leggen en te sparren hierover. Binnen de kortste keren hadden we een interessante discussie met voors en tegens, aannames werden aangehaald en verworpen, argumenten versterkt en het bleef een ventileren zonder verstarring, met een vleug filosofie.

Thuis in het familiecircus waren wij zussen de vier van de vijf kleintjes en die weer het staartje van de elf. Ik was de oudste  van de vijf (Is dat een equivalent voor wijste?), de tweede was de zus van de ratio, de derde de nuchtere en de vierde het gevoelsmens. Vier bijzondere kwaliteiten, vier bijzondere individuen, vier zussen voor het leven, vier zussen van vlees en bloed, vier vrouwen vol zusterliefde.

Het voordeel van zussen is dat je jezelf kan zijn. Dat je, eenmaal de drempel over,  je durft te geven. Ze zullen je onherroepelijk van repliek dienen als er onwaarheden sluipen in het betoog maar aan de andere kant kennen ze je van de wortels van je haren, tot aan de nagel van de grote teen. van ziel tot zaligheid. Geheimen zijn er niet, daar gaan we te lang voor met elkaar om. Wel zijn er perioden geweest, dat we minder met elkaar opliepen en daar vallen de hiaten. Het gezinsleven, de ontwikkeling en persoonlijke groei slurpte de tijd op. Nu hebben we de rode draad van het ontmoeten weer opgepakt. Al jaren. De kluwen wordt hoe langer hoe steviger en dient straks als een brede basis voor het opvangen van de grijze jaren. We hebben het gevierd.

De wijngeneratie heeft heerlijke wijn geslempt, de ijsgeneratie nam een levensgrote gevaarlijk verslavende sorbet. Bij thuiskomst waren we rozig en tevreden. We zochten vierstemmig de partijen op van ‘Bring me little water, Sylvie’ De stemmen zijn straks in balans, twee alten en twee mezzosopranen, nou ja…Nog even oefenen. De stemming is in balans. Het weer doet haar best, morgen schijnt de zon weer. De lucht is geklaard

Uncategorized

Al die andere kinderen

Huh. Als we de kaart niet goed hadden bestudeerd, hadden we het nooit geweten. Geen creditkaart, pin of ander digitale betaling mogelijk. Geen pinautomaat om de hoek. Gelukkig is er een uitweg, die van de directe betaling en graag in een keer het hele bedrag, geen geneuzel per persoon.

img_4369.jpg

We zitten bij Moeder de Gans en de entourage ademt een sprookjessfeer door de knusse, wat oubollige elementen, die toch verpakt zijn in een nieuwer jasje. Voor een toiletgang moet je naar buiten. Kinderen die op hun mobiel zoet worden gehouden, gelieve het geluid uit te zetten of anders onder de luifels bezijden het restaurant plaats te nemen. Het is even wennen. De kaart met alle regiospecialiteiten sluit naadloos aan bij de invulling van de rest van de dag.

‘Tante Nans

zat op een gans

Wip zei de gans

weg vloog tante Nans.’

Af en toe vloog ik ook weg. Het machtige eten, nostalgisch stoofpotje, bracht me terug naar de specialiteit van mijn moeder. Hachee, rundvlees met veel uien, laurier en kruidnagel gestoofd tot het uiteen valt in draadjes en dan over een kruimig aardappeltje. Mmmmm. Met de liefde van mijn moeder erin, die het ‘kneedde’ en liet pruttelen tot een van mijn lievelingsrecepten. Wat nu ter tafel kwam was een Limburgs stoofpotje en kon er niet aan tippen. Herinnering kleurt alles mooier. Misschien was het ook wel een beetje appels en peren vergelijken. De wijn, 90 % Chardonnay en tien procent Pinot Blanc, was een beleving op zich. Goede wijn behoeft geen krans. IMG_4374Mijn tante Nans vloog voortdurend weg. Het gesprek kabbelde wat voort. Over de honden die toegelaten werden, over het weren van het digitijdperk, over het eten zelf en ik zweefde heen en weer tussen nu en vroeger en overspande de tijd in een notendop. Dat heeft me altijd verbaasd, het gemak van afhaken in aanwezigheid. Dat ik, door een deel informatie af te sluiten, met het grootste gemak in een ander deel terecht kom. Terug naar het boek van Karin Bloemen, waar ik nog middenin zat, vlak voor we vertrokken. Waarvan ik niet weet wat ik er mee moet. Heftig, niet voor te stellen, boos ook, over de aantasting van een kinderleven, het kapot geselen van de onbevangenheid. Je eigen ego voor het leven van een ander stellen. Het valt in een dag moeiteloos uit te lezen. Het is de sfeer, de bedompte sfeer van dat huis in Schagen, dat uit de bladzijden van het boek omhoog stijgt en je meesleurt in de deprimerende gedachte.

Ik ken een ander huis in Schagen. Het werd bezongen door Martine Bijl en  het was tevens mijn eerste kennismaking met haar liedjesrepertoire. We gingen los uit volle borst op een fietstocht naar Friesland, we zongen het tijdens een van de vele kampvuren, we zongen het te hooi en te gras. Tegelijkertijd of misschien al eerder was er de minder onschuldige, behoorlijk geladen zelfs, hut van Jaap Fischer. Daar werd zijn jeugdige onbevangenheid gesmoord in een ‘burgerlijke staat van zijn’ met pijp en pantoffels en de libelle elke week.

Martine  hoorde een beetje bij de braafheid. Het keurige meisje. Wij waren rebelser, schopten toch een beetje tegen de gevestigde orde aan. Jaap Fischer heet nu weer Joop Visser en wij zijn keurige mevrouwen met af en toe een uitspatting. Een van de zussen was verbaasd over wat Martine allemaal nog wist te vangen in de verbeelding na haar hersenbloeding. Het kan, als ze zich de zaken herinnerde, want haar voorstellingsvermogen was vervreemdend. Beelden kunnen in je hoofd vervormen, omvormen. Ze kunnen betoverend mooi zijn, waanzinnig, surrealistisch bijna of gruwelijk angstaanjagend, alles in overtreffende trap buiten de werkelijkheid. De waan van de beleving. De laatste krachtinspanning van de liefde voor het leven, dat niet meer de normale baan volgt, maar een kronkelige weg in is geslagen, onberekenbaar en beangstigend, maar onmiskenbaar die van de emoties, een zuiver gevoelspad.

Kinderen moeten mogen zijn, zonder de bagage van een volwassen leven. Ontwikkeling zoals de natuurlijke gang van zaken is en niet plompverloren geconfronteerd worden met buitenkinderlijke realiteit. Hoeveel verloren kinderen lopen er rond? Ik gun ze allen de onmogelijke weg terug naar een onbedorven jeugd. Soms zou ik een enorme bordenwisser willen zijn, dan veegde ik ieder bord weer schoon. Uithuilen en opnieuw beginnen. Woorden van die strekking. Een eigen dans met tante Nans voor Karin en al die andere kinderen.

Uncategorized

Aan de wandel

Het idee was een hele tocht te maken deze dag. Nog steeds waren we aanhoudelijk op zoek naar water. Een visioen van een gorgelende beek, vrolijk meanderend door het frisse groen, een picknickmand, alle heerlijkheden uitgestald op het kleed, de warme poezelige voeten in het ijskoude bronwater en een weinig gekout. Kwinkelerende vink en mus boven onze hoofden, forellen die dartelend de sprong wagen. Het idyllische plaatje werd romantischer dan ooit, nu het al dagen niet gelukt was om de juiste plek te vinden.

IMG_4272

Maar eerst de proeverij. Lekkerbekken in het land van Herve. We werden meegenomen door Jean Sac, die met zijn beamer-hoofd op een pop zonder gezicht werd geprojecteerd. Een aangename stem en een film over de vele ambachtelijke vaklieden uit de streek. Kaas, cider, siroop in alle smaken, chocola, gevogelte, vis en brood. De zeven smaken van Herve. De entourage was mooi, het meisje aandoenlijk in haar koeterwaalse taal van Frans, Engels, en een enkel woordje Nederlands. Het was zichtbaar een van de eerste keren dat ze dit project mocht begeleiden. Ze had de kaas en de siroop samen met een heerlijk koel glas cider uitgeserveerd op de tafel van vier en verslikte zich in de bijwoorden en voorzetsels, zodat we toch alle vier hetzelfde glas hadden. Ach, de zon scheen, het was vakantie,en de dag rekte zich uit. Geen punt dus.

IMG_4267

Buiten hadden de bomen ondanks de hitte een kousebeen van gebreide wol. We gingen de tocht maken langs de verschillende lekkernijen. Lezen blijkt een vak apart. Bij de eerste siroopraffinaderij werden we te woord gestaan door een vriendelijke man, die aangaf dat pas morgen de rondleidingen waren. Dat bleek ook op de folder te staan. Wij zussen zijn meesters in het verzinnen van onuitvoerbare ideeën. De volgende gang was een kastelentocht. Dan zouden we de dagen gewoon omgooien. Die hadden we de volgende dag zullen doen. Plan B werd plan A en vice versa.

Het eerste het beste kasteel dat we bezochten bleek te zijn omgetoverd tot een viskwekerij, we konden er omheen rijden, maar zagen niets anders dan de torentjes van een minikasteel en veel auto’s langs de weg. Een druk bezocht establishment. He, de kaart gaf water aan, grote vlekken blauw op de beduimelde kaart iets verderop. Dat bleken de kweekbakken te zijn. Geen picknickplek. De enorme uitgebreide picknick in mijn hoofd was al gereduceerd tot vier uienbroodjes en vier witte bollen. De rest van de buit was nog niet binnen. Een beekje langs de kant van de weg. Een kant volop in de zon zonder schaduw, maar aan de overkant een bossage. Onmiddellijk toen we het terrein opreden, kwam er een waarschuwing van achter ons vandaan. Privé terrein, hadden wij weer. De zon was er ook klaar mee. Steeds vaker hield ze zich op achter de slierten bewolking, heiig en wel.

We ondernamen nog een poging om bij Neufchateau een van de negen kastelen te bezoeken, maar toen ook dit strandde in een vruchteloze poging, het kasteel bleek een gesloten Fort-museum te zijn, kozen we voor de Intermarche. Een wijs besluit, gezien de onstuimige regenval, die waar te nemen was in de lucht een aantal dorpen verder, zware loodgrijze verticalen aan de horizon, die geheid onze kant op zou komen. Lekkere dingen en een picknick thuis op het gras, ten behoeve van de jaarlijks Picknickselfie van ons vieren. Dikke druppels vielen bij de eerste installatie voor dit plaatje op ons neer. Snel twee foto’s en wegwezen.

Bij nader onderzoek bleken beide foto’s mislukt en daverde de regen neer op het droge land terwijl we veilig en wel binnen waren. Even nog knipperende lampen, doorgeslagen stoppen bij de buren en goudgele flitsen, die verdwenen in een donderslag.

Hoog en droog en volkomen tevreden hadden we een gesprek over hoe ieder eigenlijk een vakantie zou vieren, als je alleen was. Zoals verwacht was het zeer divers en de aanpassingen op alle fronten gelijk. We zouden het niet willen missen. Morgen kunnen we eindelijk gaan lopen , want de hitte is, in gelijke tred met de gemoederen, gedaald tot nul. We hebben zin in te doen wat we allemaal fantastisch vinden. De paden op, de lanen in. Jo met de banjo in een modern jasje. ‘Hupsaketeetje’, zegt zus in zo’n geval. Aan de wandel.

Uncategorized

In alle opzichten

Een markt in een klein dorpje en eindelijk de Geul, die er dwars doorheen stroomt. Helder in de betekenis klein maar fijn, met begroeiing erin van springbalsemienen, wilgenroos en kattenstaarten. Wat een oase te midden van de hitte. Hier en daar een gouden flits, forel verkleed als goudvis.

Nederland zit op terrassen of binnen met nul-punt-nul. Bij iedere stap gutst het zweet over glimmende voorhoofden. ‘ Gut’ zegt de uitbaatster van een kleine kledingzaak ‘ Als ik had gedaan wat ik vanmorgen bedacht had, was ik nu rijk geweest’. Nieuwsgierig vroeg ik naar haar idee. ‘Dit spaarvarkentje neerzetten, met de woorden: ‘Iedereen die een opmerking maakt over de warmte betaalt een euro’. Haar pronte verschijning, prachtig bruin gekleurd vel in een Ibiza-lange-jurk van uitbundig roze boven glasdiamanten slippers, ruiste goedlachs mee.

Op speurtocht naar het restaurant met airco na een leger aan winkeltjes. We hadden ‘Het grote niets’ vaarwel gezegd. Als een vis op het droge benam het gebrek aan zuurstof me de adem. Alleen verkoeling zou helpen. En dat was niet het pretentieuze golfterrein waar een van de behulpzame inwoners op had gewezen.

IMG_4238

Het zwembad ligt er kabbelend bij, kind noch kraai, bemoedigend. Kom maar, dan breng ik de verkoeling wel. De valkenfamilie komt uitgebreid langs. Slechtvalken met een aantal kinderen. Wat een genot om de ouders te zien bidden voor hun eten. Het geluid zoeken we op. Ja hoor, slechtvalken, geen twijfel mogelijk. De waarschuwende roep van het mannetje waarschuwt de jonkies, de vrouw antwoord met haar weeklagend gekrijs. Ze bidden in het schootsveld voor onze ogen. Dit is de eerste avond met zo’n duidelijk zicht op de zaak.

Martine schrijft in haar boek de problemen van zich af. In de bekende Martine-stijl, met kwinkslagen en droge humor, waar voortdurend de ondertoon schuilt van haar grote leed. Ze schrijft haar gekneusde hersenen leeg tussen de zwarte regels door, zonder woorden, met een licht verwijt naar zichzelf toe. ‘Ik maak altijd grapjes’.

Wonderlijk mechanisme. Ze noemt zich een hersengeletselde. Wat een gave term is dat.  Hersenkneus had ook gekund. Ze krijgt ‘ hele kwaaie maagsappen van welzijnstermen’ . Zo’n opmerking is voldoende om de machteloosheid te omschrijven. Het kind in de stoel, waarbij met een onverwachte natte doek de gekruimelde toet wordt afgeveegd, achterwaarts. Je ziet het niet aankomen. Je wil de lijdzaamheid eruit schreeuwen, maar volstaat met droge humor.

‘Rinkeldekinkel’ bewaart de Martine-taal in belangrijke mate en is daarom al onbetaalbaar. Haar gezicht zweeft boven het boek. De geamuseerde lach en vooruit ja, ‘De groenten van Hak’ stijgen op uit de bladzijden, de hiaten in haar leven, het zonnige bestaan.

Luchtig en toch zwaar voor wie tussen de regels door kan lezen. Het brengt me terug naar de middag van gisteren, waar mijn stem ineens ijl en dun als glas werd, de lucht niet langer zuurstof was, maar dikke drabbige modder, waar niets meer uit te filteren viel. Dat zelfs het hooi als een baal vlak voor mijn snoet stuiterde. Martine heeft een E.T. achter haar ogen en een zwarte deken, die vooral onverhoeds aan komt sluipen en zich over haar erheen gooit, reutelend wacht hij in de hoeken van haar brein en slaat onverwachts, als een dief in de nacht, toe.

Ik herken ze allebei, al had ik ze die namen niet gegeven en ze laten zich voeden met de onzekere hand die de toekomst vasthoudt. Mijn onmacht klinkt door in de auto, als we op zoek moeten naar een restaurant met airco, de onmacht als schuld verstopt in mijn verstikte stem. De zwarte deken is er niet, ze hebben andere namen, die demonen, slechts gevoed door de omstandigheden. ‘Slecht-weer-demonen’. Mijn eigen Pandora, met haar doos vol van onverkwikkelijke en onveranderlijke gebeurtenissen. Ze dienen zich aan op hun eigen tijd.

Het boek Martine heb ik uit. Het boek is dicht, moet ik spijtig constateren. In alle opzichten.