Uncategorized

Wonderland, bijzonderland

Gisteren overviel het me weer. Het opkomen van de ongerede angst bij een wandeling in het Schokker bos, alleen met de zuchtende zielen van Schokland. Er was veel te zien. Ik kwam een houtsculptuur tegen op een fiere zuil, een wilde sering midden in de woestenij van omgevallen , ontwortelde, en afgebroken bomen. In mijn hoofd hoorde ik de bijpassende krakende stem: ‘Als Luciferhoutjes, mevrouwtje’.  Boombaard stond er te midden van de ravage, een kabouter met een nog langere neus dan Pinokkio. Het beeld werd omlijst met vogelgezang. De merel en de specht, hoog in de lucht de roep van de buizerd en het gekwetter van de vinken en mezen. Het was genieten.

011Boombaard

Tot ik voorbij de bocht op het pad in de verte iemand aan zag komen op de fiets. Het was een man. Hij zwoegde tegen de wind in, dichterbij gekomen zag ik dat zijn wangen rood kleurden van de inspanning. Ik voelde mijn nekharen prikken en mijn hart begon sneller te slaan. Ik, de man op de fiets en de eenzame bosweg, geen ander levend wezen in de buurt. De vogels, ja en mijn verhoutte boomkabouter, daar zou ik niet veel aan hebben. Behoedzaam wachtte ik af. Met een vrolijk ‘goeiendag’ fietste hij met een brede glimlach verder. Ik haalde opgelucht adem en besloot ter plekke rechtsom te keren. Een wandeling alleen is er na alle foute verhalen nooit meer bij, registreerde het bezwaard gemoed.

027

Toch weer even terug gereden naar het kleine museum en vol verbazing gekeken naar het zwoegen van de Schoklandse bevolking en hun onmogelijke strijd tegen het kolkende water. Het beeld van de turende vrouw staat er hoog verheven. Ik volg haar blik, maar mijn zichtlijnen duiken recht de bosjes in. Het kleine kerkje staat er fier bij in het zonlicht dat door het wolkendek heen eindelijk haar stralen kan lossen. Ongetwijfeld is er hel en verdoemenis gepreekt vanaf de houten kansel met zoveel louteringen er omheen en het eeuwige gevecht tegen het wassende water.

087

In de documentaire over de geschiedenis in een van de houten huizen zijn de beelden zwaar en stuurs net als de verbeten hoofden van de Schoklanders zelf  en de onderduikers, die millimeter voor millimeter met hun handen en een schop de stugge klei te lijf gingen. Het is een inlijven van land in de ware zin van het woord. De tekeningen van dit gevecht zijn tentoongesteld in de voormalige pastorie en gemaakt door Henk Rotgans in 1942-1943 . Terwijl de wereld in brand stond, ging het winnen van land gewoon door. Wat een bijzondere ontmoeting met een bijzonder verleden, juist in deze tijd. Geen passender plek denkbaar dan hier te zijn.

051

In de eenvoud van de sobere kerk schudde ik de toeristenmodus van me af.  De bijzondere lichtval, de stemmen uit het verleden, de offerzakken aan de muur, de houten preekstoel waar ongetwijfeld elke preek donderde als het water er omheen en om de strijd, die woedde tussen de schoolmeester en de predikant van het eiland lieten, brachten de verstilling.

091

De tulpen in de kleine museumwinkel waren glansrijk aanwezig, maar talrijker nog waren de velden onderweg naar Urk. Rissen lange bollenvelden, als kleurrijke plukken in het laagland, met de vissersvrouw in Urk stoven alle muizenissen het IJsselmeer op, terwijl de wind rukte en trok aan het kolkende water. Boven mijn en haar hoofd de felblauwe lucht met flarden wit als verwaaide meeuwen en er verscheen een brede glimlach bij de gedachte aan het bezoek van die middag. Oud-leerlingen bezoeken is zo gek nog niet. Schokland, wonderland, bijzonderland.

082

 

Uncategorized

Wie weet.

Vandaag ga ik naar een stuk Nederland, waar ik nog nooit een voet op de bodem heb gezet. Ik ga naar Schokland. Daar zal ik de grote verrassing zijn in mijn kleine blauwe prins, waar geen strik om zit. Als je het woord alleen al proeft, dan woelt het allerlei fantasieverhalen los en gaat het aan de haal met de wildste avonturen. Het hoort in de orde van grootte thuis bij andere mysterieuze benamingen als Verdronken land, Het Zwarte Water,  en de Witte Wieven. Er liggen dorpen die Nagele, Tollebeek, Espel en Luttegeest heten, een droomomgeving voor een vuistdikke avonturenroman.  Ik ga naar Ens. Een klein dorp waar het gezin met mijn lieve oud-leerlingen naar toe zijn verhuisd. Drie jongens die de ruimte nodig hebben om hun tomeloze energie de vrije loop te kunnen laten gaan. De keuze was meer dan terecht. ‘Het is heel ver rijden hoor’, had de moeder van het drietal ingefluisterd. Maar dat valt reuze mee. Wel beschouwd is het een uurtje weg. Het weer is aan het somberen en het is een uitgelezen dag om er op uit te trekken.

Satellietfoto Noordoostpolder, Wiki

Het was niet de enige wonderlijke naam op mijn pad. Gisteren had ik de intake van de longrevalidatie. De fysiotherapeute die me kwam halen heette Tinky. Daar alleen al kan ik blij om zijn. Iemand met zo’n vrolijke naam, die gegeven was, lang voordat de Teletubbies een begrip werden, moet wel uit een gezin komen met levenslef. Daar school ook het avontuur achter. Het ijs was onmiddellijk gebroken. We hebben honderduit gekletst. Het was een beetje ons kent ons. Niets is geruststellender bij een achterliggende reden als een vervelende Dyspnoe. Ze stond me lang en uitgebreid te woord en ik moest een paar testen doen om de spierspanning in de benen te meten en de knijpkracht in de handen. Daarnaast ook een looptest. Zes minuten lang stevig doorstappen in de lange gang. Aan het eind kon ik letterlijk geen pap meer zeggen. Ik leek het meest op ‘het hijgend hert der jacht ontkomen’. Tinky vroeg naar de beoordeling van mijn benauwdheid. Ik bleef hangen op matig, tot ze uitriep: Zeg nou eens wat je werkelijk voelt’. Ernstig dus, ernstig benauwd. Wat een malle denkwereld zit daar boven in het hoofd. Altijd vergoelijken en verkleinen. Het valt wel mee. Nee, het valt om de dooie dood niet mee. Ook als je ouder wordt, zou je lucht genoeg moeten hebben om een flink stuk te lopen. Daar schort het nogal aan. Alles bij elkaar was er genoeg om te beschouwen en waren er genoeg indrukken om met een vernieuwd inzicht aan de haal te gaan.

IMG_0378.jpg

Naar Schokland bijvoorbeeld. Het zou best kunnen, dat ze me vergeten zijn, onwennig worden, ja, zelfs verlegen. Ik ga het zien en beleven. Even onderdompelen in het lage land onder de zeespiegel en de oude Germanen en Vikingen ruim baan geven om een sprookje met druïden en heksen in mij wakker te schudden te midden van de historie van het aloude land en de nuchtere realiteit van het leven. Een omgeving die met de oorspronkelijke zeebodem met gemak de basis zou kunnen vormen voor boeken als de Duinheks, de Gorgels en Lampje. Met drie hollewaaien in de hoofdrol én een kleine dappere nuchtere Tinky.  Wie weet.

Uncategorized

Een kind kan tegenwoordig de was doen

Ik wilde gaan schrijven, maar het draadloze toetsenbord gaf geen signalen meer door. Vreemd. Batterijen vervangen. Niets. Het scherm bleef vlekkeloos wit. Niets hielp, schudden, de batterijen opnieuw laden, instralen, er kwam geen signaal meer door. Heel irritant. Ik zou naar beneden moeten om de laptop te halen, bedacht ik mij. Na nog eens alle magische handgrepen uit de kast te hebben getrokken, begon er ineens iets vaag te dagen. Het eerste wat zoonlief doet, als ik zijn hulp om het een of andere digitale mankement in roep, is kijken of de stekker er wel in zit en opnieuw opstarten. Gouden gedachte en trots op mezelf. Ik ben niet in paniek geraakt, heb geen onherstelbaar leed veroorzaakt, ben er niet op gaan stampen. Ik bleef de ijzige rust zelve en kwam tot een wijs besluit. Chapeau en een schouderklopje.

238

Tot zover deze malaise. Ik ben van mijn stuk als apparaten, waar ik afhankelijk van ben, er ineens de brui aan geven. Auto’s, koffiezetapparaten, wasmachines, computers en stofzuigers dienen het te doen. We hebben het onszelf makkelijker gemaakt met die vooruitgang sinds mijn jeugd, maar daarbij zijn we veel afhankelijker geworden.

IMG_3575.jpg

Als ik bedenk dat mijn moeder eigenlijk de hele dag bezig was met het huishouden, de eindeloze wasdagen, het schrobben en schuieren van kleden, het verstelgoed, de strijk, dan bleef er nauwelijks vrije tijd over. Vandaag ben ik na de ademtraining in ledigheid naar de kringloop in Eemnes gereden, heb een rondje Blaricum gewandeld en er een Naardervesting aan vast geplakt. Ontvankelijk en met een leeg hoofd de dartelende paarden begroet, de lammeren en schapen in een grappige combinatie met de kippen ergens midden op het veld, de Vlaamse Gaai, onvervalste mussen en de eerste kievit gespot in buitelende vlucht. Op de terugweg, om de file en ander autoleed te vermijden, ben ik door de prachtige dorpen in de buurt gereden. Kortenhoef, Nieuw Loosdrecht, Tienhoven en heb vooral genoten van wat het zicht te bieden had.

IMG_3584.jpg

Toen de kinderen klein waren, was ik eigenlijk, op mijn manier, ook met het huishouden bezig. Alleen was er altijd wel ergens ruimte voor meer dan dat alleen. Mijn moeder had als ontsnappingsmogelijkheid de bibliotheek, het lezen van een boek en de kerk ingebouwd. Een half uurtje wegdromen uit de dagelijkse beslommeringen. We hebben het eindeloos veel makkelijker met al onze hulpstukken en omdat het mijn hobby niet is, blijft het gebruik beperkt tot het hoogst noodzakelijke.

Met de bereiding van de maaltijd was vroeger ook een halve dag gemoeid. Alleen al de enorme hoeveelheid aardappelen en groenten, die schoongemaakt diende te worden en het langdurige koken. Met vernieuwde inzichten wokken we ons zorgeloos door het leven. Binnen een half uur staat er een uitgebreide gezonde maaltijd op tafel. De winst is de tijd en die te kunnen vullen met hoe de pet staat. Dankzij zoonlief zijn wijze lessen heb ik het weigerende toetsenbord aan de praat gekregen. Het is een nachtelijk uur, dus ik had niet veel anders kunnen doen dan geruisloos accepteren dat apparaten gaan zoals ze gaan. Dit is beter en het spaart tijd. Inderdaad, voor nog meer aangename vrije tijd, want een kind kan tegenwoordig de was doen.

Uncategorized

Het juiste zetje

Toen ik hoorde dat er een tentoonstelling zou komen met de jurken van Jan Taminiau, had ik de stellige gedachte opgevat om die aan mijn neus voorbij te laten gaan. Geheel en al een vrijwillige keuze. Ik hou van kleding, ik hou van mooi, maar om weer een fashionshow te aanschouwen, nee, daar voelde ik me niet toe geroepen. Ooit had ik op Dutch Design in Eindhoven in 2013 de blauwe jurk van Maxima gezien en bewonderd met nog een prachtig exemplaar en dat volstond was, tot gisterenavond, mijn stellige overtuiging.

Jan TaminiauJan Taminiau

Soms komen er op televisie programma’s voorbij, die er toe doen. Ze zetten ontwikkelingen in een bepaald licht vanuit een hoek die je nog niet ontdekt had, of ze geven een onderbouwde mening weer, die de schellen van je ogen doen vallen. Kunstuur is zo’n programma. Al menig keer heeft Lucas de Man mij meegenomen naar de diepere laag van een verzameling werk. Visie en beweegreden worden ontbloot en liggen ontroerend voor het aanraken. Zijn interviews met de kunstenaars zijn herkenbaar, lichtvoetig en toch diep doordrenkt van het belang waarmee de kunst wordt bekeken. Het proces wordt niet geschuwd.

Jan Taminiau 2detail

Dat laatste is met name van belang bij deze tentoonstelling. Juist bij Taminiau ontdek je zo de intensiteit waarmee zijn stukken gemaakt zijn. In zijn creaties zitten de vezels van zijn ziel verweven. Elk lovertje, elk borduursel is er met de hand opgebracht. Zijn visie sprak me enorm aan. Het is een issue die me na aan het hart ligt. Hij vertelde van zijn jeugd en de opgedrongen perfectie om binnen de lijntjes te blijven. Daardoor kreeg hij een onbedwingbare drang om juist buiten die lijnen te kleuren. Daar was een belangrijk herkenningspunt, een zielsverwante gedachte, een eigenheid des persoons die me raakte. Juist de doordachte imperfectie in zijn prachtige stof maakte het zo bijzonder. Waarom had ik me nooit eerder in de visie van Jan verdiept.

Mijn kleinzoon raakte op zijn school in Frankrijk faalangstig en gefrustreerd en kwam op een gegeven moment thuis met het idee dat hij niets kon. Niets is zo aandoenlijk als een klein jongetje in een diepe put te zien zitten, vol schaamte en met het boetekleed aan door een beoordeling. Hij kon niet binnen de lijntjes kleuren. Letterlijk. Zolang je dat niet kon, telde je in de ogen van zijn juf niet mee. Hij was net vijf jaar. Hoe fijn is het voor een kind als hij zelf mag bepalen waar de lijnen komen, erin of erbuiten. Super gemotiveerd gingen mijn kinderen vorig jaar aan het werk met hun eigen ontworpen Pozzebokken, die nooit fout konden zijn.

120Eigen lijnen trekken

Als je eenmaal het effect van de afkeuring hebt gezien, of dat ooit zelf aan den lijve hebt ondervonden, dan weet je dat het te allen tijde een averechts effect zal hebben. De frustrerende gedachte dat je het nooit goed zal doen, hoe hard je je best ook doet, heeft een verlammende uitwerking. ‘Dan maar helemaal niet’ is de eerste gedachte die binnenschiet. Met het gevolg dat het ‘kunstje’ vermeden wordt of werkjes weggemoffeld. In ieder geval is de vreugde van het hele proces grondig te niet gedaan. Datalleen al is voldoende om kinderen vooral hun gang te laten gaan. Zelf laten ontdekken, zelf experimenteren, zelf fouten maken en daar weer van leren. Lijnen en grenzen zijn er om overschreden te worden. Juist dan.

Lucas gaf Jan Taminiau de ruimte om te vertellen, waarom ‘imperfectie’ tot perfectie leidt. Dat is een mooi gegeven. Ik ga straks naar zijn tentoonstelling in het Centraal Museum, omdat niet alleen daar de handgemaakte kunstwerken te bewonderen zijn, maar ook het hele proces, tot aan de zweetdruppels toe, erin verweven is. Dat maakt het intens en waardevol. Lucas de Man bracht met deze verrijking het juiste zetje.

Uncategorized

Ongekende mogelijkheden

Ik heb een transformatorkabouter in mijn hoofd. Het is een kleine kwelgeest, die alle gemaakte afspraken omzet in nieuwe. Zodra iemand met mij een datum en een tijdstip prikt, houdt de snoodaard de juiste dag aan, maar klokt een andere tijd. Zo kon het gebeuren dat afgelopen donderdag vanuit het niets een telefoontje kwam toen ik aan het schrijven was. Anonieme telefoontjes neem ik niet aan dus luisterde ik later de ingesproken Voice mail.

409Kabouterpad Strabrechtse Heide bij Heeze.

‘Goedemorgen mevrouw van der Linden, wij hadden een afspraak om half tien. Er is vast iets tussen gekomen, kunt U me terugbellen op dit nummer.’ Terwijl ze cijfers opdreunde, schoten duizendmaal excuses  en uitvluchten door mijn hoofd. Die laatste zijn nooit nodig, maar het gebeurt. Ik verstijfde. In mijn Iphone had ik half twaalf bij de afspraken staan. Ik speurde de brief af en inderdaad stond daar de zojuist genoemde tijd. Ergens achter de brij aan gedachten hoorde ik die vermaledijde kabouter zachtjes grinniken.

117

Met mijn schaamtevolle gemoed belde ik terug en wat een weldaad is het dan, als iemand aan de andere kant van de lijn onmiddellijk aan het vergoelijken slaat. ‘We maken gewoon weer een nieuwe afspraak.’ Zo simpel kan het zijn. De bedrijfsarts een extra koffie-uurtje en ik kon diezelfde dag nog,  deze keer om half twaalf, weer een poging ondernemen. Een tijdje later zat ik in de wachtkamer in stemmig zwart.

005

Tegenwoordig grijpt iedereen onmiddellijk naar de mobiel in plaats van naar een van de beduimelde tijdschriften. Als de laatste gepakt worden, blijft het bij vaag doorbladeren. Ik vermoed dat men, net als ik, al bezig is met het komende gesprek. Een bedrijfsarts is toch een soort keuringsdienst van waren. Goedgekeurde makke schapen naar rechts en de afgekeurde met stempel op het voorhoofd naar links. Dat leverde in mijn hoofd grappige beelden op en ik schoot in de lach. Ook geen handige actie in een volle wachtkamer. In één tel draaiden alle hoofden tegelijkertijd mijn richting op.

240

De bedrijfsarts was mijn grote verlosser, want op dat moment riep ze mijn naam. Als een hondje zo trouw, graaide ik mijn spullen bij elkaar en ging achter haar aan. Ze beende voor me uit met grote zakelijke stappen, zwaaide de deur open en voordat ik mijn verontschuldigingen op tafel kon leggen, tackelde ze het moment met een vraag over de afgelopen onderzoeken. Ze hoorde alles aan, stelde af en toe een vraag om meer uitleg en bracht een en ander in kaart in haar notities. Haar conclusie kwam er op neer dat ik eigenlijk tot aan mijn pensioen niet meer zou werken. Uit het niets trof mij deze opmerking recht in het hart. In een luttele seconde dreunden de termen arbeidsongeschikt, einde loopbaan, maatschappij-unfähig door mijn hoofd en ik schoot vol. Tegelijkertijd wist ik ook dat het rust zou schenken. Vanuit die wetenschap kon ik me gaan oriënteren op een andere invulling van tijd. Daar vroeg ze naar. Ik vertelde over mijn wens om ooit beeldende vorming met demente bejaarden te realiseren en zij gaf aan dat scholen zaten te springen om vrijwilligers. ‘Ooit’ was ineens dichtbij. Ze was met de gemoedstoestand begaan en gaf een peptalk om me op te vrolijken. Ik vertelde haar dat het goed was en we namen afscheid. Hier hoefde ik niet meer terug te komen.

216.JPG

Buiten, met de wind door de haren, drong de vrijheid zich aan me op, opende de weg naar een nieuwe toekomst. Eerst de longen op peil brengen en daarna…Het pad der ongekende mogelijkheden lachte me tegemoet.

 

Uncategorized

Een hart onder de riem steken

Twee weken geleden was ik op een zaterdag voor het eerst na deze onverkwikkelijke winter op de tuin. Het was zompig en nat en de woelmuizen en mollen hadden overduidelijk het rijk alleen gehad en als muizen op de tafel gedanst in mijn lange en grote afwezigheid. De grond was verend en zacht, het gras lang en ongelijk.

Ik heb een lichtgewicht grasmaaier die op een accu als een zonnetje loopt. Met het oog op de zomerse dagen die beloofd waren verderop in de week, zat maaien in mijn systeem. Hart voelt sterker, benauwdheid is er toch, machine behapbaar registreerde het hoofd. Maaien werd afgevinkt en het was eigenlijk heerlijk om de lieverd weer in gebruik te zien. Maar goeie genade. Hoeveel jassen had ik aan spierkracht uitgedaan en waar waren de bielzen van armen gebleven.

061

Over de rulle grond lukte het niet anders dan de kar te trekken in plaats van te duwen. ‘De grasmaaier achter de mens te spannen’, in variatie op een spreekwoord. Zwoegend en trekkend beet ik mijn lippen stuk op simpelweg eigenwijze volhouderij. ‘Ik wil het, ik wil, het, ik wil het’. Het verwende prinsesje uit Sesamstraat kwam bovendrijven. Tot ik  in een laatste poging moest bekennen, met kloppend hart, dat het gekkenwerk was. Het was water naar de zee dragen, want door de molshopen en de lengte van het gras leek het net alsof er een barbier was uitgeschoten met zijn trimmertje. ‘Kappen van der Linden, wees wijs’. Dat is een dingetje, maar eigenwijs kan altijd nog en in dit geval had het lijf genoeg te vertellen. Dus borg ik de grasmaaier weer weg en keek naar mijn geplukte tuintje. Zucht. Volgende keer beter en misschien al sterker.

064

Woensdag was ik weer in de tuin. De voorzienigheid had mij behoed want de accu’s lagen nog in de auto en ik kon het niet opbrengen om de kilometer terug en heen te lopen. Met lede ogen maar met frisse moed viel er volop te genieten. Alle kruipers schoten als paddenstoelen uit de grond dus ik kon de strijd aan met bosaardbei en hondsdraf om weer kleine nietige ontkiemsels van mijn bloemrijke pollen te ontdekken. Mijn lieve tuinvriendinnen kwamen op bezoek en zo konden we heerlijk in de eerste zon een heel jaar vangen in de intrigerende belevenissen van elkaar, de perikelen met het gras maaien en de onbereikbare hoogtes, letterlijk en figuurlijk, van de doorgeschoten wilgen  en ander grut. Over de afgebroken en omgevallen amandel, die gelukkig nog niet heel dik was en daar werd al beloofd om vrienden in te schakelen met een zingende zaag, die in een handomdraai tuin van mij en de buuf onder handen zouden kunnen nemen tegen vrijkaarten voor het komende festival. Goed plan.

Gelaafd door alle liefde en de aandacht ging ik naar huis. Vrijdag zou ik wél het gras gaan maaien. Nu het al een paar dagen droger was, moest het makkelijker en beter gaan, bovendien zou dochterlief  komen en als het niet zou lukken, kon ze het overnemen. Wat schetst mijn verbazing bij aankomst toen het hele grasveld geschoren bleek te zijn. Welke engel had hier huisgehouden? Ik kon er maar een bedenken, de vriendin achter mij, dus appte ik. Het antwoord kwam en ontroerde.

010Hartenliefjes

Er was woensdagavond een vergadering van onze tuinvereniging geweest en er was afgesproken om voor elkaar te zorgen als het fysiek tijdelijk niet mogelijk was. Dus had mijn buurman twee tuinen verderop zijn grasmaaier door mijn tuin heen getrokken en was mijn taak in de feestcommissie overgenomen door twee nieuwe vrijwilligers. Kijk, dat is nog eens voeding voor het hart. Wat een mooie geste en wat kan ik anders dan genieten van een met liefde gemaaide tuin. Dat is, in de ware zin van het woord en mijn planten werken er aan mee, een hart onder de riem steken.

Uncategorized

‘Opnieuw geboren’

Mijn vader had na een aantal hersenbloedingen Parkinsonachtige verschijnselen over gehouden. Als hij  zijn dagelijkse blokje om ging wandelen, leek het net of hij door een onzichtbare hand in zijn rug geduwd werd om daarna, met een aanloopje haast,  in beweging te komen. Daarbij helde hij steeds vervaarlijker naar voren. Er was ook sprake van decorumverlies dat met de jaren erger werd, met name naar zijn stut en toeverlaat, mijn moeder, toe. ‘Was sich liebt das neckt sich’. Hij mopperde veel, had geen eetlust, en hulde zich daartussen in een lethargisch zwijgen of slapen.

Die beelden van hem kwamen glashelder omhoog toen ik naar de documentaire over het verzorgingshuis Leeuwenhoek keek met Adelheid Roozen en Hugo Borst. Beide trokken zich het lot van de demente bejaarden erg aan na het hele verloop van de ziekte van heel dichtbij bij hun eigen moeder te hebben meegemaakt. Een man en een vrouw in de buurt van de Leeuwenhoek stonden klaar voor vertrek. De man des huizes met Parkinson zou die dag worden opgenomen, de vrouw stond rokend op het balkon. Hugo Borst was er om ze te vragen wat die opname voor hen betekende. Hij stelde een vraag  waar de vrouw naar eer en geweten antwoord op gaf. De man richtte zich boos tot haar, zei dat ze haar mond moest houden met haar eeuwige gezeur, want dat hij er klaar mee was en nu werd hij nog boos ook. Allemaal haar schuld.

055.jpg

Het was alsof ik in een echo mijn vader en moeder samen een gesprek hoorde voeren. Later kreeg de vrouw alsnog de kans om uit de doeken te doen, wat die gedragsveranderingen van haar man allemaal voor haar betekende. Ze zei: ‘Hij is verdwenen’. ‘Wat zeg je dat mooi’, antwoordt Hugo. Het was waar, haar eigen man, van pakweg twintig jaar geleden, waar ze ooit verliefd op was geworden was langzaam maar onmiskenbaar uit haar leven getrokken. Opgelost in de mist in zijn hoofd. Het was beter als hij niet meer zeven dagen thuis zou wonen, want anders zou ze het niet meer trekken. Mijn moeder is aan mijn vader zijn nukken en grillen in de tijd van zijn geestelijke onvermogen te gronde gegaan, zoals ook mijn vader zelf lijdend ten onder ging. Zij trok het nog wel, ternauwernood, maar haar hart niet.

Messing-3

Adelheid rolt een rode traploper uit in de gang, ze trekt haar tas met verkleedkleren open. Er rollen pruiken, hoeden en verkleedkleren uit. Iedereen, die wil, wordt aangekleed. Even later lopen een aantal bewoners te pronken op de vermeende catwalk. Hun glimlach is meer ‘glamoureus’ dan die van de sterren bij het uitreiken van de Emmy Award. Ze lopen de sterren van de hemel. Ze hebben publiek. Twee mannen zitten op een stoel in de gang en klappen mee met de muziek. Een grijnst de open plekken in de tandenrij bloot.

Er komen een kapper en een visagiste langs. De vrouwen krijgen een voor een een schoonheidsbehandeling, compleet met haren wassen, zachte crèmetjes en getut met mascara, oogpotlood en lippenstift. De baarden  van de mannen worden stijlvol in model gebracht, al naar gelang de wensen. Onder de vaardige handen bloeien de rozen op. Een verschil van dag en nacht, zoals wij ieder ochtend meemaken als lichte make-up de slaap verdrijft. Er zijn maar weinig stappen te zetten om het leven terug te brengen.

048

Hugo en Adelheid peinzen en vragen zich af, waarom men in de zorg niet aan het leven van vóór het patiënt zijn denkt. Milieu, gezin, werk, hobby’s, kinderen. Sans scrupules zijn bewoners vaak aan hetzelfde strakke regime onderhevig. Een man die altijd weg loopt, omdat hij zijn vrienden wil bezoeken, moet naar de gesloten afdeling, waar hij letterlijk weg kwijnt in eenzaamheid. Mijn vader met zijn vaardige motorblok-vingers moest pitrieten dienblaadjes vlechten voor de fijne motoriek. Hoe oneindig veel effectiever had een schroevendraaier geweest. Hij onderging het gelaten, maar in een helder moment stikte hij bijna in zijn woede.

Beide zorgdragers dansen met hun demente bejaarden door dat verdorde leven, dat meerwaarde krijgt en veerkracht. Dat doen ze met respect. Ze brengen zonlicht in de mist en glans in de ogen. Als Adelheid een totaal verkrampte mevrouw mee  in een verwarmd zwembad neemt, komt Vasalis boven zwemmen.

‘De zuster laat hem in het water glijden,
Hij vouwt zijn dunne armen op zijn borst,
Hij zucht, als bij het lessen van zijn eerste dorst
En om zijn mond gloort langzaam aan een groot verblijden.

Zijn zorgelijk gezicht is leeg en mooi geworden,
Zijn dunne voeten staan rechtop als bleke bloemen,
Zijn lange, bleke benen, die reeds licht verdorden
Komen als berkenstammen door het groen opdoemen..

(fragment uit de idioot in bad: Vasalis)

De vrouw duikt in een foetushouding tijdens het wiegen en Adelheid moet de spanning hebben voelen wegebben. Als een kind zo onbevangen is ze. Gewillig laat ze zich meevoeren als de warmte haar omarmt, net als de liefdevolle kus op de haren. Even ‘opnieuw geboren.’*

* Quote uit het gedicht.

 

Uncategorized

De cirkel is rond

Gisteren vroeg iemand mij, hoe het mogelijk was dat ik niet in de gaten had dat ik aan het dwalen was, toen ik in den Bosch zocht naar mijn kleine blauwe Prins. Daarbij keek ze me zo ongeloofwaardig aan, dat ik in de lach schoot. Dat kan dus. Als je zó in je hoofd zit, is dat mogelijk. Nee, ik moet het anders formuleren. Ik kan dat. Zoals ik kan vergeten te eten en ik soms een deel van de tijd kwijt ben, omdat iets me bij me lurven grijpt. In het verleden vroeg ik mijn moeder: ‘Waar zitten je lurven eigenlijk.’ Dan wees ze vaag richting schouders en wist ik het nog niet.

107.JPG

Later stelde ik dezelfde vraag aan mijn onderbouwgroep. ‘Wie weet waar de lurven zitten.’ Het woord lurven lijkt op slurven en dat is ook een andere betekenis voor mouwen, maar de vlag dekt dan de lading niet. Het hoofd gaat voor een deel uit, het beeld op blanco. Het mist gevoel voor richting, voor tijd, voor de rest van het fysieke bestaan. Toch is het geen vergetelheid. Dat bewustzijn zit tijdelijk in een andere hoek. Je wordt volledig in beslag genomen door datgene wat je net gezien, gehoord of meegemaakt heb. Ik was misschien wel onder hypnose van de rode regen. Wie zal het zeggen. In ieder geval kon ik na die ervaring bijna niet meer naar de rest van de tentoonstelling kijken.

En toch ben ik een scherpe observant, schrijver eigen. Ik zie breed en veel. Wel op een andere manier dan de gemiddelde medemens kijkt. Ook weer anders dan mijn zus, die met haar scherpe fotografen-blik de kleinste insecten en vogels en bloemen in de handeling ziet op de meest onmogelijke plaatsen, waar ieder ander aan voorbij zou lopen. Ik kijk, verbind en denk er doorgaans ook verhalen bij, beweegredenen van de ander, stemmingen, gemoed. Daar hoef ik niet bij stil te staan, het gaat vanzelf. Het is ingebakken.

032.JPGNoordbrabants Museum

Gegrepen zijn door iets en dan op de cadans verder gaan, niet om de omgeving. Zompig in het hoofd, door alle gebeurtenissen van de afgelopen maanden en overvleugeld door de gebeurtenissen. Het ronddraaien in je eigen ‘Inner Circle’ maakt wel dat je behoefte hebt aan ontsnapping. ‘Laat me eruit. Ik wil weer mondiaal, ik wil die lurven en dan met een zwaai…’ Ja wat. Aan het begin van mijn ontwikkeling terecht komen. Alles dunnetjes overdoen?

Ben je mal. Ik vond een deel moeizaam, vooral de puberteit. Daar worstelde ik met gezag en met gewicht. Ik werd regelmatig bij de lurven gegrepen door mijn vader, waardoor bij mij de intentie ontstond om nog feller in verzet te komen. Wil ik mijn tijd in de verpleging terug? Ook niet echt. ik kan wel verlangen naar de interactie, maar nu ik aan de andere kant van die ervaring sta, is het aardig weggeëbd. Omdat ik weet hoe het is om je te voelen, als je afhankelijk ben van jonge mannen en vrouwen, die over ervaring en wijsheid heen walsen in hun bevlogen passie om te zorgen. Verlang ik terug naar mijn jaren als moeder en echtgenoot? Die herinnering is omfloerst met weemoed. De lieve schatjes van toen zijn prachtige mooie mensen van nu, de onbezorgdheid mis ik, maar niet het sappelen om rond te komen.

0441.jpg

Het onderwijs ligt me na aan het hart. Ik sta te trappelen om rond te bazuinen waar de essentie ligt. In het onderwijs heb ik het licht gezien. En dan nóg niet zaligmakend en niet allesomvattend. Tijd voor het opschrift stellen. Dan moet ik eerst mijn hoofd uit en …Inderdaad…mezelf bij de lurven grijpen. De cirkel is rond.

Uncategorized

Op eigen tijd, in eigen uur

Nu de dagen zich aaneen rijgen zonder echt vooropstaand doel dan die ik mezelf stel, kruipt er een verlangen omhoog. Een paar maanden geleden kwam het abrupte einde van mijn werkbare leven en dat vergt het nemen van andere besluiten. Is dit het zwarte gat waar in mijn onbezonnen jong zijn de ouderen hun mond vol van hadden. Ik blufte altijd dat ik zoveel bezigheden had, dat ik dáár in ieder geval niet bang voor hoefde te zijn. Met de slijtageslag van het lijf zijn de kaarten geschud en is er toch wat veranderd. Nooit rekening gehouden met futloosheid of vermoeidheid. Onwillige spieren, hart en longen die zich (nog) niet willen voegen naar de zonnige kanten van het leven. Dat had ik allemaal over het hoofd gezien. Saillant detail. Nu kom ik ze tegen, mijn beren op de weg en moet ik heel veel moeite doen om ze met mevrouw van Gelder van Annie M.G. Schmidt te koesteren en niet op stang te jagen.

‘Wat is dat, mevrouw van Gelder
Houdt u beren in de kelder
Bruine beren in de kelder van ’t perceel
Als het nou konijntjes waren
Of een aantal ooievaren
Maar ’t zijn echte bruine beren en zoveel

Kijk es hier, meneer Verhagen
Moet ik u permissie vragen
Houdt u bij uw eigen zaken alstublieft
Kom vooral geen stap meer nader
Het zijn de beren van m’n vader
En ik heb ze alle zeven even lief’

Ik verkeer op dit moment in een soort twilight zone. Nog niet echt met pensioen, maar arbeidsfähig onderhevig aan de kwalen. Dat maakt het lastig. Anders was ik iets gaan zoeken dat een bepaalde maatschappelijke betekenis zou hebben. Ik mis het werken met de kinderen en verlang naar de gedeelde momenten, maar niet naar de schooldiscipline of het keurslijf waarin het onderwijs gegoten wordt. Ik moet er mee dealen. Tijdens mijn dwaaltocht door het Brabantse had ik op de weg terug volop tijd om aan het dromen te slaan. De dagen daarna, een grote vermoeide benauwdheid, bracht weer veel onzekerheid en angst. Twee stappen vooruit, een stap achteruit en pas op de plaats maken. Dit is toevallig een week van weinig afspraken. Volgende week starten alle therapieën weer en wordt stramien een keurslijf, maar ook verlossing voor de tijdelijke gewichtsloosheid. Zou dat het zijn. Maken we graag deel uit van een bepaalde stroom, mensen ontmoeten, iets ondernemen ook al is het maar het werken aan je eigen gezondheid met een groep gelijkgestemden.

IMG_3173.jpg

In mijn hoofd ontstaan hele schilderijen en uit mijn lege handen vloeit gebakken lucht. Ik ben aan het lezen in het logboek van Connie Palmen, zwelg een beetje mee op haar verdriet, maar wil er eigenlijk niet echt ten volle in duiken. De zon brengt luchtigheid, de mooie dingen die ik gezien heb de afgelopen dagen vooral stof tot nadenken en de behoefte om weer zelf aan de slag te gaan. Hoe haal ik die rem er vanaf.  Tuin wacht, maar de angst voor het over de grens gaan is groot, omdat je achteraf pas beseft, hoe groot de blaren zijn waar je op moet zitten. Een ingebouwde graadmeter zou handig zijn, een belletje dat gaat rinkelen zodra je over de scheef gaat. ‘Pwaaaahhhhh, deze wilgentak niet meer snoeien, ik herhaal…niet meer snoeien.’ Oké. Laat vallen het gereedschap en ga rusten. Niets is lastiger dan gedoceerd leven.

Vandaag heb ik mezelf de opdracht gegeven om nieuwe medicijnen te halen en ben ik nog aan het dubben of het tuin wordt, of een wandeling. Het kan beiden maar dat is weer teveel. De oude Hortus trekt ook, prachtige tijd voor de eeuwenoude bomen, kijken of ik de geometrie nog kan ontdekken in de trompetboom, zo die er nog staat. Al schrijvend denk ik het laatste. Maar vroeg en dan toch misschien een beetje tuin, al kan ik daar te weinig uit de voeten. Alle kleine beetjes helpen.

Dat geldt ook voor de veroveringen op het bestaan. Schoorvoetend, mondje voor mondje en geduld kweken, zoals ik het met de kinderen heb. Alles komt op eigen tijd, in eigen uur.

Uncategorized

Laat je meevoeren en voel

Ik ga op reis en neem mee…Niets anders, dan mijn fototoestel en mijn museum Jaarkaart. In het Noordbrabants Museum mag ik op reis met Uli Sigg, die als eerste het werk van dertig Chinese kunstenaars verzamelde.

055.JPG

Even later loop ik door een Chinese tuin, heel Shansui en Zen, volmaakte rust en stilte, kom ineens mijn schaduw tegen. Mijn groteske houdingen brengen rimpelingen in deze ideale getekende tuin op de muur van Feng Mengbo. Ik spreid de armen breed, omhels het beeld dat opduikt uit de zwarte lijnen en wordt een vogel hoog in de getekende wolkpartijen. Ik vloei samen met de beelden, maak me los en vervolg mijn weg.

059He Xiangyu: The Tankproject, 2011

Ik wandel regelrecht het plein van de Hemelse Vrede op. De grote indrukwekkende tank behoort na de tuin tot de ouverture van de tentoonstelling. Iedereen heeft de moed van de kleine tengere onbekende student voor ogen, als hij blijft staan voor die reusachtige tank. En hier is het antwoord op dat grootste protest ooit. De tank staat er niet in zijn schreeuwerige onoverwinnelijkheid, maar als de samengeperste resten van gebroken macht. Het vult de zaal en eist alle aandacht op voor zijn teloorgang.

102Tsang Kin-Wah: Second Seal

Een donkere pijl voor mijn voeten wijst naar een vertrek met de woorden: Every Being That Opposes Progress Should Be Food For You. Iedereen blijft in de deuropening staan. In het donker zitten drie kinderen op de grond. Ze verkneukelen zich. ‘Straks wordt het spannend’ fluistert er een als er langzaam rode neonzinnen naar beneden druppelen, eerst incidenteel verspreidt over de drie muren, daarna allengs meer en nog meer, tot het woordenbrij plenst en het geluid het opgewonden praten van de kinderen overstemt. Ze proberen de zinnen te raken met handen en voeten, terwijl die staccato neer blijven dalen tot het uitmondt in het donderend geraas van een fikse regenbui. Ik krijg visioenen van een vloer vol plassen waarin de druppels vallen, opspatten en uiteen slingeren op ons, over ons. Ik had bij die kinderen moeten gaan zitten

.110

Het ziet me rood voor ogen, letterlijk. Het zou niet misstaan in een andere kleur. Wat zou het prachtig zijn als je een installatie had, die de kleur aannam van het gevoel op dat moment. Een regen van stemmingen met de woorden die het onderstrepen. Het koele blauw, het vredige groen, het stralende geel. het machtige paars, onheilspellend zwart. Verrassend welke kleuren er te voorschijn zouden komen bij de betreders van de zaal. Veranderend als de gevoelsringen en beeldjes, of de meters die de gevoelstemperatuur aangeven en waar teamcoaches gretig aftrek van namen in de jaren negentig.  Een experiment andersom zou ook verrassende gevolgen kunnen hebben, want treedt er bij een smaragdgroene kamer ineens totale rust en vrede in.

de hoedMarijke Warmerdam: Le Retour Du Chapeau, 1998

Door de afmetingen worden we deel van het geheel. Ooit zag ik de installatie: Le Retour du Chapeau van Marijke Warmerdam. Een film waarbij de hoed ons bij de hand neemt en de vallei in leidt, terwijl de wind je om de oren suist. Een kunstwerk dat ons willoos meevoert, gevoelens losmaakt, vragen oproept en er om bewonderd wordt, heeft het ultiem haalbare bereikt, zoals ook  deze ongrijpbare woordenregen van Tsang Kin-Wah. Kinderlijke vrijheid haalde eruit wat er in zat. Ga er instaan, dompel je onder, laat je meevoeren en voel.

 

 

Uncategorized

Net als toen

Vanaf verre hoorde ik dat het draaiorgel straks hier zou zijn. De vrolijke klanken schoven licht als een voile de straat over en klonken steeds dichterbij. Gespannen wachtte ik op wat komen ging. ‘Wel bij de deur blijven’, had mijn moeder gewaarschuwd. De muziek was aanstekelijk, de dribbelbenen wiebelden. Alle kinderen kwamen naar buiten, we rekten ons uit. Daar, daar was het paard en ineens was het alsof de zon begon te schijnen. De kleurige, rijk vergulde beelden vulden het hoofd, de aanstekelijke klanken lieten ze deinen en golven. We huppelden erachter aan, terwijl de orgeldraaier zijn centenbak op de maat van de maatstokken van de poppen mee liet tikken en alles te samen bracht.

Zonder het te beseffen was ik toch achter de muziek aan gegaan en ineens stond ik ergens waar ik de weg niet kende. Huizen met bakstenen die er allemaal hetzelfde uitzagen, onherkenbare voortuintjes, de stilte die dreigender en dreigender werd. Waar was ik? Waar was ons huis? Waar was mijn moeder? Ineens werd mijn kleine hand door een grote vastgepakt, vroeg een stem waar ik woonde en door de verstikkende deken van tranen heen, haalde ik mijn schouders op. Ik was verdwaald en nog geen vijf. De herinnering bleef hangen, werd soms volmaakter en aangedikt, soms waren er alleen het orgel en de bakstenen. Maar het gevoel bleef.

IMG_3369.jpgBakstenen in Den Bosch

Gisteren gebeurde iets onwaarschijnlijks in deze tijden van digitale bewegwijzering. Ik had er een verrijkend bezoek opzitten aan het Noord Brabants Museum en het Stedelijk Museum in ’s Hertogenbosch. De auto had ik ergens vlak bij geparkeerd. Had de straat onthouden waar ik vlakbij stond. De Julianastraat. Vrolijk en onbezorgd genoot ik van het verrassende wat geboden werd, kwam zelfs tijd te kort, zo werd ik in beslag genomen door het werk van Chinese kunstenaars van de afgelopen 15 jaar uit de de verzameling van Uli Sigg.

052Zhao Bandi: portret van Uli Sigg

Door de prachtige doeken van Sluijters, door het indrukwekkende keramiek van de kunstenaars die waren samengebracht in de tentoonstelling van ‘American Beauty’. Het was eigenlijk te veel en het hoofd zat vol. Zo vol dat ik op de terugweg de straat in toetste op de Iphone en begon te lopen, terwijl ik de diversiteit aan beelden nog eens één voor één naar boven trok en mijmerde over de schoonheid, het bijzondere effect, de impulsen die het had gegeven voor nieuwe ideeën en alles wat het innerlijk had losgemaakt. Ik lette niet op afstand en omgeving op realistische gronden, maar stapte domweg voort. Zo eindigde ik in Rosmalen. Weliswaar de Julianastraat, maar wel in het dorp kilometers verder op. Goeie work-out, maar niet in de stemming ervoor. En toen….viel de telefoon uit.

0211.jpgJan Sluijters: Liesje is jarig, 1929

De enige manier om bij de auto uit te komen was terug te lopen naar het centrum. Met die dode telefoon kromp ik ineen tot het kleine meisje van vroeger. De tijd had me verlaten, de stenen die allemaal op elkaar leken, een infrastructuur die ik niet doorzag. Waar was ik. Vlakbij het centrum liet een mevrouw de hond uit. Het was de grote hand van lang geleden, die de mijne vastpakte, de verlosser, de reddende engel. ‘U moet helemaal aan de andere kant van den Bosch zijn, zal ik U even brengen, ik moet toch nog met de auto weg’.

Ik voelde het branden van mijn beenspieren, de raspende ademhaling. Een diepe dankbaarheid stilde de kwalen toen ik in de ‘verlossende redding nabij’ stapte. Wat een zegen is algemene empathie en die van de vrouw, die Mieke heette, in het bijzonder. Thuis op de bank, kwam de verwondering over de afwezigheid van enig gezond verstand. Zo opgaan in de emotie is een kunst op zich, zeker als alle realiteit uit het oog verloren wordt. Kind met de kinderen, net als toen.

Uncategorized

De warmte van de Italiaanse zon

We hadden de zangvoorstelling van zuslief erop zitten en togen naar de plaatselijke Italiaan in Zeist. Dat is al twintig jaar de traditie en daarin zijn we behoorlijk trouw. Misschien ook wel om de petieterige sfeer, die de grote serre achter het restaurant zelf uitstraalt. Met haar plafond van Chianti-flessen, die er al jaren bungelen.

008Zang in Zeist

Het meest aantrekkelijke is de sfeer die het oproept, Italië in het klein ten voeten uit , niet in de laatste plaats door de twee pizzabakkers, de oude en de jonge, die jongleren met het deeg en er een wervelende show van maken van dun, dunner, dunste deeg voor de bodem. Ze gebruiken een indrukwekkend tempo, waarin de bodem wordt bekleed met heerlijkheden en stralen ervaring en kennis van jaren uit. Hier staan pizzabakkers die trots zijn op hun eindproduct en die er alles aan zullen doen om de gasten te fêteren op de heerlijkste pizza ooit.

Het allermooist vind ik de stem van di mama. Ik zat met de rug naar bar en keuken toe en als mijn zussen tegenover mij, hun nek verrekten om maar niets te missen  van het schouwspel, moest ik het hebben van wat er in losse flarden de gehoorsafstand binnen viel. De Kleine zilverkwikke Italiaanse ken ik al zo lang we daar komen en haar stem heeft voor mij een magische klank. Zodra ik die hoor, beginnen spontaan de groene glooiende heuvels van het Italiaanse land te zingen, dwarrelen er flarden Italiaanse film voorbij, komt Sophia Loren een sombere flat ingeschoven, begint daar de zon te schijnen bij zoveel schoonheid in armoede en wordt het heden precies zo’n Giornata Particulare. Als er gezinnen beginnen aan te schuiven aan de simpele tafels, zie ik grote families zitten in de avondzon, die zich te goed doen aan de overbekende sauzen. Dwars daar doorheen marcheren de van hun vrijheid beroofde arbeiders tegen de zwarthemden in een aangrijpend protest met een lange tocht door de bergen onder begeleiding van de muziek van Ennio Morricone. Novocento van regisseur Bernardo Bertolucci trekt voorbij. La bella Italia onder handbereik door de geuren en kleuren van dit kleine authentieke restaurant.

De stem van de vrouw is omfloerst, doorrookt en bast boven alles uit. Ze houdt als een bescheiden zwarte draad het stramien bij elkaar. Haar haar heeft de sporen van het harde werken in grijs gevat. Ze is nergens en overal, begroet, kust of verdwijnt in een omhelzing. Haar klanten zijn een grote familie geworden, haar familie.

Ik kies de Lasagna met aubergine, tomatensaus en mozzarella, heb eigenlijk te veel trek en eet alles schoon op, omdat het zo verfijnd is en lekker. Ik proef vooral de kruiden en de knoflook en eet veel te veel. In mijn voorzienigheid heb ik de auto helemaal aan het begin van de oude Arnhemse weg gezet, zodat zuslief en ik een aardig eind terug kunnen kuieren, om het opgeblazen gevoel, maag is niet veel meer gewend, te ontluchten.

017

Met de aria’s van het zangkoor, het toeven in klein Italië en de vondst van het beduimelde boek over Don Bosco  in een Biltse rommelige kringloopwinkel is mijn uitstapje naar Turijn, Milaan, Rome en Emilia voor deze week weer rond. Tijd om ze af te sluiten met de herhaling van een aantal films. Al ben ik bang dat ik de verschrikkelijkste scènes van Novocento niet meer aan kan. Ik ga vooral voor de groene heuvels en de warmte van de Italiaanse zon.

Uncategorized

Adem in, adem uit en erbij blijven

De hele week ben ik er onbewust mee bezig geweest. Op de Cardio-revalidatie is het de gewoonte om aan het eind van de laatste training van de hele serie te trakteren. Omdat iedereen op verschillende dagen binnen komt druppelen, is er frequent een afsluiting met thee en koffie en tot dan toe gevulde koeken of glacé’s. Lekker maar nauwelijks te rijmen met het gezonde eetpatroon dat geadviseerd wordt ten einde de conditie voor een gezond hart te kunnen waarborgen. Ik was er oprecht verbaasd over.

Het idee dat dat anders kon, had zich in mijn hoofd vastgezet en er tuimelden in mijn  dromen voortdurend allerlei nieuwe versproducten en kruiden en flitsende vitrines in  eko-en biozaken over elkaar heen. Sinds een langdurige periode van macrobiotiek, de hang naar yin en yang en de queeste naar gezond, gezonder, het gezondst in de jaren zeventig bezocht ik al de winkels van de net ontluikende reformzaken. In die jaren waren het schimmige winkels met, vaker dan je lief was, een hor-magere meneer of mevrouw, die er al even flets en dor uitzag als de havermout en de gierst die over de toonbank ging. Ook het onbespoten fruit en de groente hadden allemaal een zweem van onaantrekkelijkheid in zich. Al bij binnenkomst drong schimmel en en andere aarde geuren je neus binnen.  Maar we waren in de leer, dus nam je bepaalde zaken voor lief.

chocola

Tegenwoordig zijn de eko speciaalzaken een walhalla van vreugde. Nog steeds ruikt het er naar de vele granen, kazen en kruiden, maar de winkels zijn gestroomlijnde snelle speciaalzaken geworden, waar iedereen wel iets naar smaak vindt. Niet onbelangrijk is het feit dat de prijzen wat dichter bij de gemiddelde beurs zijn gekomen. Ik besloot naar Ekoplaza op de markt te gaan en daar iets uit te kiezen. Het moest lekker en redelijk hartengezond zijn. Met de Belgian thins, flinterdunne chocola met Kokos en Amandel, of met Quinoa en Goji hoefde ik niemand meer te overtuigen dat lekker ook gezond kon zijn.

cyrikllisch

Er kwam een nieuwe meneer binnen, een Syrische man, die geen Nederlands sprak, maar zijn vrouw tolkte een beetje. Hoe moeilijk is dat om in de ziekenhuiswereld terecht te komen met haar jargon en vaste gewoonten als alles om je heen onverstaanbaar is. Ik moest denken aan de eerste dagen van een vakantie in Bulgarije, waar ik niets begreep van de straatnamen, verkeersborden en bijna niemand Engels sprak. Het betere handen en voetenwerk kwam er aan te pas.  Dat was dan nog vrije tijdsbesteding. Cyrillisch schrift is met logica zelfs al bijna niet te ontcijferen. Zo moet het hier ook voor hem zijn. Medicijnen gebruik, voorschriften, leefregels die allemaal als Acacadabra aan je voorbij trekken. Wat moet hij gedacht hebben bij het balspel dat we deden, waarbij we de bal met andere ballen moesten proberen te verplaatsen, twee vrouwen en vier mannen, uitgelaten en vrolijk en wat te denken van het uitdelen. Hé, Cardio is feest, fietsen, spelletjes en een hartverwarmende thee aan het eind met iets lekkers erbij. Probeer daar maar chocola van te maken. Ik geef het je te doen.

2864_300px_thumb

Cardio is klaar, nu mag ik door naar de Longrevalidatie, de Diëtiste en de Ademtherapeut. Een peulenschil omdat alles goed te volgen zal zijn. Het ziekenhuis kent inmiddels ook geen geheimen meer. Ik ben er kind aan huis. Zo gaan we door met bikkelen. Ik red nu al drie trappen naar het parkeerdek, iedere keer een treetje meer. Adem in, adem uit en erbij blijven.

 

Uncategorized

Zeeën van ruimte

Het was onbestendig weer, We hadden afgesproken te gaan wandelen, vriendin en ik. Bijkletsen, problemen aanroeren, perikelen tackelen door ze in de frisse blik van de ander te dopen, muizenissen te verdrijven in de vrije natuur, wind door de haren, omringd met lentevogelgezang.

Amelisweerd of Rhijnauwen, we hadden eigenlijk Amelisweerd gezegd, maar vriendin reed naar Rhijnauwen. Geen punt, want beide landgoederen zijn verweven tot een groot wandelgebied met heerlijke oorden om de inwendige mens ook lichamelijk te versterken. De wandeling was een keuze in het kader van het aangename met het nuttige te verenigen, nu bewegen dagelijkse kost was geworden in het verstilde bestaan. De vreugde van het samenzijn was verkwikkend, omdat de hang naar het woord nu groter was dan in de vroegere werksituatie, waarbij de hele dag interactie hoogtij vierde.

IMG_3194.jpg

We reden in haar comfortabele auto er naar toe en stevig gearmd liepen we het pad af, waarbij ze nauwkeurig mijn energie peilde door zo ongemerkt mogelijk mijn ademhaling in de gaten te houden met af en toe de vraag of het niet te snel ging, of te zwaar was. Het bospad, zo vertrouwd, ik ken er bijna elke tak. Er zat een roodborst parmantig op het hek. Het gefrutsel om het fototoestel op te diepen uit mijn tas duurde te lang, waarna de vogel gevlogen was en het kale hek zelf om aandacht bedelde. De frisse lucht werd gretig  afgenomen, maar haar blik bleef naar beneden gekeerd of naar mij en daardoor viel het mij op dat ik zelf altijd aan het vorsen ben. Ik speur het leven in beelden bij elkaar. Er ontgaat me nog steeds veel, maar veel ook niet. In mijn alleen gaan heb ik geleerd te zien. Prachtige taferelen, tussen het gras de wereld van het kleine grut, groter dan gedacht, in een braambos een kwetterend vogelparadijs, in het water het vloeiende bestaan van vogel en insect, van vis en watervlo.

035

Daarvoor moet het innerlijk soms een beetje opzij, of omgekeerd de natuur, al naar gelang de belangrijkheid van het moment. Bij vriendin was de eigen wereld op dat moment vele malen groter en de zorgen, de onzekerheid, de vragen en het verdriet strekten zich uit tot het pad, de houtschilfers, het grint, de dorre twijgen, de aangestampte aarde en al wat zich onder haar ogen en onder haar voeten bevond. De indringende lucht van de koeien op stal schudde haar omgeving even wakker, scherpe zurige lucht die denken deed aan mistige sluiers boven het landschap, dampende ingekuilde mest en een vroege bleke ochtendzon erboven.

In de veldkeuken waarbij we van Rhijnauwen naar Amelisweerd moesten rijden, omdat ze aan het raspen van mijn ademhaling hoorde dat het aantal stappen al geteld was, kwamen we bij en laafden ons aan het ‘Levain brood’. Het bracht de dagen van weleer, toen de kinderen nog klein waren en ik met liefde en moederlijke koestering van een eigen papje, dat toepasselijk het moederdeeg heette, iedere dag opnieuw weer brood bakte. Hartenbrood naar het woord. Een broodje zuurdesem met oude boerenkaas. Toen en nu nog steeds het lekkerste lekker.

090.JPG

Onder dat heerlijke genot was het goed toeven. Vriendin en ik hadden ons gelaafd aan het delen van elkaars tijd en de genegenheid en we beloofden om gauw tot een herhaling te komen, nu zij werk wat wilde indammen en ik alle tijd van de wereld bezat. Een mooie gelegenheid om per stap de gedachten een weg te laten vinden, hoger en  hoger. Ramses Shaffy zong het al: Hoog Sammy, kijk omhoog Sammy, want daar is de blauwe lucht’. Een wijde blik geeft zeeën van ruimte.

Uncategorized

Zo’n Dag van Niet

Gisteren was een dag van niets. De hele week was ik al braaf op pad geweest om aan de dagelijkse portie beweging te komen en gisterenmorgen hield het lijf het even voor gezien, het hoofd deed mee. Geen puf, geen zin of allebei, maar het feit lag er, dat ik dan maar in huis moest rommelen. Als compensatie voor die overweldigende stilte? Nee, want doorgaans trek ik er alleen op uit en op die momenten spelen zich in mijn hoofd hele gesprekken met mezelf af. Voornemens, beloftes, verkneukelpartijen, ik kan het allemaal in mijn eentje! Het was eerder een wijs besluit door de graad van vermoeidheid die elke vezel aangaf. Gisteren de wereld nog afgestruind naar een blokhut, twee nachten slecht geslapen, zoals te doen gebruikelijk, en nu even helemaal zalig niets.

IMG_3247.jpg

Ik zat op bed en typte mijn woorden. Iets in mijn rechterooghoek kriebelde, de druk om te gaan observeren wat het was, werd steeds groter. Pluis was het niet, die lag opgerold haar hele leven met niets te vullen. Af en toe knorde ze wat, draaide zich om, strekte zich behaaglijk uit, keek me loom of verwijtend aan en werd dan weer een balletje. Hoe genieten toch simpel kan zijn. Nee, in mijn ooghoek stond de kledingkast en haar wanordelijkheid van dat moment werd van een doorn een balk in mijn oog. Oké, oké.

Ze schreeuwde om actie. De dag lag open als een blanco bladzijde, dus waarom ook niet Het ouwe spul eruit, alles herschikken en bekijken, passen vooral. Sinds de nieuwe medicijnen en het tekort aan sport, van drie keer per week twee uur naar twee keer per week een uur en gekuier, was er 6 kilo van mijn aanwezigheid bijgekomen en die was niet achter mijn oren gaan zitten. Bij de eerste de beste broek was het al raak. Verhip. Knoop haalde net niet het knoopsgat, Hoe ik ook rukte en trok, mijn adem inhield, mijn buik introk, er hielp geen lieve vader of moedertje aan. Als een hoopje afgedankte ellende lag ze op de grond, het begin van de stapel ‘Kringloop’.

Ik spitte door, haalde plank voor plank leeg, paste, legde mezelf naast de acceptabele meetlat, monsterde elke verdachte bobbel of golf, draaide mijn nek in de uilenstand om te zien hoe een en ander van achteren stond. Ik kwam kledingstukken tegen die verdwenen waren in de dikke wintermist en een hemdje, die ik eigenlijk pas nog had gezien, kon ik nergens meer ontdekken. Hoe werkt dat toch met zo’n kast. Ze leeft een eigen leven, daar ben ik van overtuigd. De strijkplank erbij en alle verdriet om het achtergesteld worden en een winterlang niet gedragen, streek ik met alle liefde weg.

Bij het ronddraaien in de spiegel moest ik bekennen dat die extra vetkwabbetjes eigenlijk eerder een aanwinst waren dan een, te doen gebruikelijke, onoverkomelijke ellende. Ik had ineens aan de achterkant een welving zitten, waar er eerder sprake was van een talhout. Het heeft zo z’n voordelen. Ik ben zo gezegend om mee verende wijde broeken te hebben, die met gemak opschuiven, al naar gelang de staat van zijn, zonder dat je de pijnlijkheid van het fnuikende ‘bijna’ moet ervaren op die ene na, dan.

IMG_3355.jpg

Het is goed, ik weet het. De longverpleegkundige juicht dat extra aantal ‘Mij’ alleen maar toe, om een buffer te hebben voor wat komen kan. Ik krijg zelfs een diëtiste aan de arm, om me daarin te begeleiden. Straks ben ik het dubbele, jullie zijn gewaarschuwd. De kast staat er tevreden bij. Mooie nieuwe stapeltjes, gestroomlijnd door de strijkbout en de inhoud behoort weer tot de parate  kennis. Er is wat ruimte geschapen, net als in mijn hoofd. Tijd voor een wandeling met vriendin. Kuieren op niveau, in een nieuwe combi dat dan weer wel. Het heeft z’n voordelen, zo’n ‘Dag van Niet’.

Uncategorized

Zien en beleven

Bij elk reclameblok ontvouwt zich wel minstens een aantal keer de inhoud van de grote envelop en toont een cheque van 1000, 10.000, 100.000 en zelfs een miljoen euro’s. Doorgaans trekt het filmpje gedachteloos aan mij voorbij. Het overbrugt de wachttijd van het ene naar het andere moment. Gisteren bleef het haken in verlangen. Stel je toch eens voor.

We waren die dag naar Amersfoort getogen. Een wereld waar ik niet in thuis ben, namelijk die van de verkopers van tuinhuizen en blokhutten met een gestroomlijnde babbel. Hier gaat het grote geld in duizelingwekkende vaart in woorden over de toonbank, nulletje meer of minder maakt allemaal niet zo uit. Het huis zelf valt in cijfers reuze mee, maar voordat het staat is er het driedubbele bijgekomen en met de fundering is het hele bedrag ineens verdubbeld. Langzaam vult mijn arme hoofd zich met verbindingen, steunbalken, millimeters dik hout, messing, wordt mijn idyllische huis met de ramen bedolven onder nog meer nullen door het glas van een extra deur, extra raam. Een dikke mist komt opzetten en de getallen, de onderdelen en de stem van de man verdwijnen, dompelen onder in de dikke wattendeken. Ik wil weg. Offerte mee, mogelijkheden mee, dik boekwerk mee, dat voor een jaar aan bestudering in zich draagt.

Moen komt ze brengen

Toeval bestaat niet, Vanmorgen bij het scrollen door wat foto’s heen, kom ik op myalbum.nl de making-off van de Bernagie tegen. Het lieve oude ateliertje, waar het zo veel jaar zo goed toeven was en waar ik eigenlijk nog steeds zo veel van hou. Het unieke is dat mijn broer met zijn bloed, zweet en tranen eigenhandig alles uitgedokterd heeft, de fundamenten gelegd en het huis zelf met behulp van de familie vol verve in elkaar heeft gezet. Wat een beauty. Daarvoor moest eerst de oude schuur in Driebergen afgebroken worden en vervoerd. ‘Van dik hout zaagt men planken’, zei men vroeger als je er van langs had gekregen. In dit geval was het van oud hout zaagt men planken, net zolang tot het geheel naar eigen ontwerp stond als een huis met echte dakpannen. Kom daar nu nog maar eens om.

Kijk zo gaat t snel

Mijn dromen zijn te groot. Ik zal ze terug moeten brengen tot haalbare realiteit. Waarschijnlijk moet het toch weer een bouwpakket worden, waar we met de familie aan kunnen zagen, klotteren en boren. Voor een keer wens ik, daar, in dat reclameblok, tussen twee momenten door, een lot uit die loterij, een engel die neerdaalt met een zak geld, een schenking van een anonieme gever met centen, een boom in mijn tuin, waar het geld groeit tot in de wolken. De droom knaagt een gat in mijn gezond verstand, schopt een deuk in mijn verlangen. Maar het allerliefst, wil ik eigenlijk het oude huis weer in de nieuwstand, dat  liefdevolle handwerk van broer. Met zorg, aandacht en toewijding uit de denkbeeldige as verrezen als de Feniks naar een nieuw en vreugdevol bestaan. Het ontwerp van broer met het licht alom en het eigengereide nokkie van glas als persoonlijk detail. En de pannetjes. Zodat we ‘Het regent, het zegent’ kunnen zingen als de pannen nat worden.

wel even erbij blijven

Zwager heeft de vloerplaten, zegt ie. Broer heeft het verstand. De zonen en dochters hebben de spierballen en ik heb grootse dromen én een verlangen dat gestild wil worden. Ramen zijn er al en dakpannen. Nu alleen het hout nog. Daar hebben we geen loterij voor nodig. We gaan ijzer met handen breken, huizen als kastelen bouwen. Want een kasteel hoeft niet groot te zijn. Een van drie bij vier is voldoende. Met een nok van glas. Geen kasteel, maar een juweel. We gaan het zien en beleven.

Uncategorized

Van harte uitgenodigd

Gisteren kwam er een lief gesproken bericht over de app van mijn kleinzoon van 6 jaar. Hij vertelde dat hij kunstenaar wilde worden, ‘Net als jij’. Even later nog een gesproken bericht:”En oma kunnen we dan naar waar al die bomen zijn, dan kan ik een boom tekenen…’Dat was op het antwoord van mij dat ik een schetsboek voor hem zou kopen en dat we dan samen uit tekenen zouden gaan. Mijn hart was al gesmolten voor deze kleine ‘grote’ creatieve geest, maar hiermee voelde ik me extra vereerd. Ik maak deel uit van zijn leven.

023Vanuit een ander perspectief kijken

Natuurlijk streelt het mijn ego. Het was een mooie tegenhang voor de repliek van een mijnheer die dag, op mijn manier van schrijven. Hij heeft er een hobby van gemaakt internet af te struinen en mensen de grond in te boren, om daarna te genieten van de reacties die hij losmaakt en die hij als losse eindjes laat voor wat ze zijn. Woede, die onbeantwoord wordt, blijft vreten. Hij vond mijn vertelkunst kennelijk te wollig, met mijn bijvoeglijke naamwoorden en bijwoorden en dacht dat ik op die naïeve manier wilde imponeren. Bijzonder, hoe snel mensen denken je te kennen en te kunnen doorgronden. Op zijn FB pagina stond de lol die hij om de reacties had en hoe hij genoot van de emotionele uitlatingen. Kritiek vind ik fijn. Daar heb je wat aan. Dat is wat anders dan iemand jouw mening in de schoenen schuiven. Of je iets mooi of lelijk vindt is persoonlijk en ieders goed recht.

019Een open blik

Een van mijn filosofielessen gaat over iets mooi of lelijk vinden. Tijdens de reflectiekringen bekijken we steevast de werken, die gemaakt zijn. De leeftijd in de groep varieert van vier tot zes jaar. Het is boeiend om de kinderen in niveaus te leren denken. Ontwikkeling is iets dat altijd een rol speelt, maar in zo’n vroeg stadium kan het heel belangrijk zijn. Wat maakt dat bij de een het krassen als zodanig wordt opgevat en bij de ander veel meer als deel van het geheel. Waarom klinkt emotie zo door bij de een, meer dan bij de ander. Wat maakt kleurgebruik belangrijk. In een notendop ervaren ze te kijken en te ontvangen. Dat er iets gebeurt daar binnen in die koppies is te merken aan de rake opmerkingen, die er los komen. Het allerbelangrijkste is het kunstwerk centraal stellen en er eerst eens alleen maar naar kijken, je ontvankelijk maken om het binnen te laten komen. Wat zou de kunstenaar bedoeld hebben toen hij of zij tot dit werk kwam. Mag het dan ook gewoon de vreugde van het doen zijn en moet er altijd een bedoeling achter zitten.

042Opperste concentratie

Door er zo  mee om te gaan krijgen ze met de paplepel ingegoten dat het nuanceren van de beoordeling belangrijk is. Kritiek mag, als je er wat mee kan, Als je iemand afbrandt zegt dat doorgaans meer over jezelf dan over een ander. Een vierjarige heeft nog niet de vaardigheid van een zesjarige, maar kan in de expressie overweldigend beeldend zijn en iets kan technisch perfect zijn, maar toch niets oproepen of losmaken en zelfs dat is dan persoonlijk. Wat dat betreft had de dichter Willem Kloos gelijk. Kunst is de allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie.

041 De ene boom is de andere niet

Het mooie grote zwarte schetsboek ligt klaar, de potloden zijn geslepen. Eerdaags trekken we er op uit. Grote vrouw met kleine man. De verwondering als grondslag én een open blik.  De ene boom is de andere niet. Daar kan de belerende criticus nog wat van opsteken. Hij is van harte uitgenodigd.

Uncategorized

De sirene krijst een hoge nood

De handdoeken draaien een slag in de rondte. De kraaien dansen hun prachtige zwarte verenpracht glanzend en de kinderen van de buurtschool hinkstapsprongen zich een weg door alle wegobstakels heen, die sinds het groot onderhoud aan het plein hierachter, behoorlijk de onderste steen boven halen.

074De kraaien uit Snow White

Als ik de kauwtjes zie, mijn bovenbuurmannen en vrouwen, verschijnt op het netvlies het beeld van de stiefmoeder van sneeuwwitje die oplost in een wolk van zwart en kraaien weg wiekt van de plek des onheils. Sneeuwwitje ligt bleek als een stervende zwaan op de grond. Ik blijf kijken, ik moet kijken, ik ben zo gefascineerd door de manier waarop ze het bekende sprookje vorm hebben gegeven. Het is de fantasyfilm Snow white and the Huntsman, geregisseerd door Rupert Sanders, waar ik in belandde gisterenavond en de uitvoering pakt me genadeloos in. Dit is de tweede keer vandaag dat een film alle aandacht eist en ik als was in de handen van het verhaal word.

016.JPGGeknakte Amandel.

Gistermorgen had ik de euvele moed verzameld om richting tuin te gaan. Het was een liefdevol weerzien, ondanks de wonden die ze, net als ik, had opgelopen deze afgelopen winter. De Amandelboom had het niet overleefd en lag geknakt te simmen, gesteund door kers en pruim, die haar liefdevol hadden geprobeerd op te vangen. Het atelier, de Bernagie, had haar ouderdom met dikke lagen schimmel en bruin uitgeslagen vocht bevestigd. Alle relikwieën van haar bestaan bleven fier overeind, al was de geschulpte rand er afgeslagen evenals de singels van het dak. De vloer veerde op toen ik voorzichtig binnentrad. Meer dan normaal, deinend bijna.

026.JPGTuinvriend

De woelmuizen hadden hun midwinterfeesten uitgebreid gevierd en het gangenstelsel in de zompige grond danig vergroot. Toch kwamen hier en daar voorzichtig wat narcissen te voorschijn en stonden de eerste frisse groene pruiken van lupinen en floxen al in de groeistand. In de boom zong, te hoog voor onderscheid en ook het geluid probeer ik al jaar en dag te herleiden, mijn lieve tuinvriend zijn vreugde over de heerlijke warme lentezon. Het stelde mij in staat met de bleke blote armen een poging te wagen het gras te fatsoeneren. Hart en longen vonden het een tikkie overdreven en protesteerden amechtig.

Tijd voor een film. ‘Aus Dem Nichts’ van regisseur Fatih Akkin draaide in het Louis Hartlooper. Getipt door vriendin en aangewakkerd door de heftige beelden van de trailer had ik verlangend gewacht tot er zich een gelegenheid voor zou doen. Zelfs met acht andere toeschouwers werd het geluid in het begin overvleugeld door malende kaken, maar gelukkig was de aanhef zo verschrikkelijk dat het daarna onmiddellijk stopte. Het blijft een wonderlijke combinatie, film en eten. Door het kauwen verlies je de essentie van beeld en geluid te samen en dus een wezenlijk onderdeel van het geheel. Het verhaal greep me, sleurde me naar binnen, maakte elke verontwaardiging die maar mogelijk was, los en liet me uitgeteld achter tot de aftiteling zich totaal had ontrold. Wat een ontknoping van een onmenselijk drama. De beestachtige daad zorgde voor een begrijpelijkerwijze onmenselijkheid. Wie zijn wij om de wanhopige geest te veroordelen en toch…Je laten leiden door die wanhoop en pijn, die absolute wens om verenigd te worden met dood als vergelding blijft een levensvraag met een vertaalslag naar dat leven zelf.

0721.jpg

Het levert veel stof tot denken op. Op de terugweg is de brug afgesloten door de veiligheidsdienst. Voorlopig mag niemand er door. Wat is er aan de hand. De rauwe realiteit van de film schuift over de werkelijkheid heen. Ik wacht het antwoord niet af. Als ik de auto instap, een blok verderop, hoor ik de ambulance en de brandweer indringend de stilte verbreken. De sirene krijst een hoge nood.

Uncategorized

Niemand liet verstek gaan

Het was een stralende dag gisteren. Ineens werd iedereen weer zichtbaar en dat niet alleen. Ook de stemming waarin men verkeerde werd zichtbaar. Wat is dat toch dat kou elke emotie trotseert en naar binnen laat keren, terwijl één straal zonnewarmte al genoeg is om het onderste uit de kan te halen. Het oogt blijer, voelt jonger, vindt sneller verbinding. Het grijze grauw dat diep weg laat duiken in sjaals en duffelse jassen of in de capuchon van een winterjack had eindelijk plaats gemaakt voor een behaaglijke zon. In bloembakken en tuinen stak het stadse groen jubelend de kop op en er waren blote armen in het straatbeeld met een brede grijns erboven.

IMG_3223.jpg

Geen Martin Bril voor mij, het dikke wintervest als jas, wel mijn blauwe sjaal, maar uitpelbaar en stralend, dat zeker, liep ik van de Neude naar de Stadsschouwburg. Eigenlijk was het te mooi buiten en de terrassen waren al vroeg overvol. Het bruiste weer. Utrecht veerde op. Toevalligheid kent geen tijd. We hadden met de klankbordgroep afgesproken om naar ‘De onzichtbare man’ te gaan. een voorstelling van Artemis met onder andere René van t Hof. Dat betekende een uur kindertheater en een uur binnen toeven. Wie eenmaal binnen is, en letterlijk en figuurlijk de ‘Stairway to Heaven’ naar de Blauwe zaal gevonden heeft, mag daarna weer even afdalen om plaats te kunnen nemen in het pluche. Amechtig hijgend kwam de inspanning tot rust. De voorstelling kon beginnen.

Terwijl we in het donker zaten te wachten, wachtte op het podium de geluidsman op het publiek, verschoof hier en daar wat en kwam met een groot onzichtbaar ding in zijn handen het podium op en botste tegen alle coulissen aan, tot het hem lukte om het achter te stallen.  De bezem waarmee hij de proppen papier opveegde, was ook niet te zien, maar…de proppen werden echt weg geveegd. De kinderen reageerden opgewonden. Ze bewegen echt. Het publiek was er nog steeds niet en de geluidsman wilde een soundcheck met de pianoman, die op gekomen was en niets meer bleek te zijn dan een spot op een kruk met een stem. Vanaf dat moment werd alles mogelijk en bewaarheid. Of je nu wilde of niet, maar binnen de kortste keren zat je in het spel als figurant, als acteur, als belangrijk onderdeel van wat komen zou.

 

Hoe, dat ga ik natuurlijk niet verklappen, maar spannend, hilarisch en in rap tempo volgden een aantal mogelijke onmogelijkheden elkaar op en was er gelaagdheid voor alle leeftijden. Het kind in mij zat op het puntje van de stoel en eigenlijk wilde ik dat de film teruggedraaid zou worden, zodat ik het per scène kon herhalen en doorzien. Wat had ik graag kind met de kinderen willen zijn. Niets is spannender dan vanuit dat perspectief tegen alles aan te kijken. Onbevangen en vrij van vooroordeel of techniek. De onzichtbare man speelde met verve de sterren van de hemel, net als de aandoenlijke Pierrots en de geluidsman.

IMG_3227.jpg

Filosoferen over wat we onder ogen hadden gehad en vooral wat niet, gebeurde op het balkon, met een glaasje erbij in de lentezon. Het was een perfecte afsluiting. Terug liep ik alleen naar het station om alle beelden te laten bezinken. Op Het Janskerkhof ruimden de marktkooplieden hun bloemenkramen op. Het was een rijke schakering aan kleuren en de opperste vrolijkheid om alles in een bonte verzameling bij elkaar te zien. Lente ten voeten uit maakte ieders stemming los. De stad was één groot feest en iedereen was uitgenodigd. Niemand liet verstek gaan.

IMG_3225.jpg

 

Uncategorized

Ieder in een eigen auto

Het voordeel en tevens het nadeel van alleen tafelen is, is dat de oren open staan en dat je ze eenvoudigweg niet uit kan zetten. Men heeft de mond vol van de Internetinfiltratie, maar in een restaurant ben je ook niet onverdeeld veilig. Tafels hebben millimeters tussenruimte en, o, arme ongelukkige alleengaande restaurantganger, je pikt wat op hier en daar of je nu wilt of niet. Daarnaast zat ik ook nog achter het stel en kon dus beeld en geluid op elkaar plakken. Dat is veel privacy op een postzegel. Ik had al geprobeerd in mijn eigen sores te schuilen door uitgebreid mijn mail te checken op de iPhone, maar toch vlogen er meer dan flarden gesprek over mijn hoofd en ik kreeg het er warm van. Niet omdat ze in de gaten hadden dat ik hier de luistervink aan het spelen was, want dat predicaat zou niet helemaal eerlijk zijn geweest. Niet ik was de schuldige, maar de tafeltjesbaas, die aan zijn inkomen dacht. Nee, het was de stroefheid waarmee het gesprek zich omspinde.

008

De houding al. Zij tegen de muur en hij met zijn rug naar me toe. Het nippen van haar glas verried dat ze zich doorgaans bij een kopje thee hield. ‘Neem jij witte wijn? Doe mij ook maar een glas.’ Geen likkebaarden, geen fonkel in de ogen, maar als een echte reclamelook-a-like. Ze legde zonder pardon haar keuzes in zijn handen. Hij schoof wat houterig aan, waar zij had zitten talmen met haar jas uitdoen. Bij mij rinkelden de eerste bellen al. Ze had haar mooiste fallow kanten jurk aan en de sepia schoenen en de tas matchten bijna. Hij zat stijfjes in zijn blauwe boord met geel/oranje ruiten spencer. Zijn donkerbeige broek met messcherpe vouw schoof over zijn schoenen, decennia te lang.

016 Slechtvalk

Mijn blik flitste heen en weer tussen het beeldschermpje en de realiteit en ik voelde, nee, ik was een voyeur pur sang. Het kwam door het grote ongemak dat zij uitstraalde en de verwantschap, die woordeloos tussen haar en mij in schoof. Ik heb bewust niet het gesprek gevolgd. Ik was er niet om de intimiteit van anderen te delen, maar het waren woorden die als losse flarden uit het samenzijn vielen en alertheid kweekten, het was de afstandelijkheid die niet overdreef. Het was een eerste kennismakingsgesprek, waarbij uit alles bleek dat het op zichzelfstaand zou blijven. Hij boog niet vertrouwelijk over, zij bleef tegen de rugleuning geplakt zitten en de formele algemeenheden kenmerkten de voornaamste pijlers van het samenzijn. Als ik schrift bij me had gehad, was het begin van een roman ontstaan. Alhoewel, nu had ik ten volle de observatie voor de bril.

028 Heerlijke salade

De tekst bleef een ballonnetje, dat er boven zweefde. ‘Wat doe je, waar woon je, heb je kinderen.’ De stilte sneed er door heen. Ongemakkelijke omlijsting voor een samengroei. Ik dook in mijn salade en genoot van de asperge, de pijnboompitten, de geitenkaas, waar ik tegenwoordig smaken bij denk. Alleen het takje dille explodeerde achter de werkeloze papillen. Het glas witte wijn fonkelde, de zon scheen en schuin door het raam zag ik de dikke Dollies duif hun eigen Annie M.G.Schmidt verhaal vliegen. Op mijn netvlies toefde nog de tantes koe, de geit, het schaap en zelfs de eekhoorn. De meiden van de bediening ademden het heerlijke Joie de Vivre met hun vrije krullen boven de bandeaus, de alternatieve schorten en hun bevrijdende glimlach. Een keuken in het veld om je te allen tijde thuis te voelen.

021.JPG Dikke Dollie

Het stel stond op. Hij schoof zijn stoel hard krassend achteruit. Haar rok plakte. Hij ging afrekenen en zij wachtte, net iets te lang, bij het tafeltje. Ze draalde, wikte en woog en liep minuten later toch naar de kassa toe, waar hij net klaar was, waardoor ze onhandig weer voor hem uit moest lopen.  Door het raam zag ik hem meters achter haar aarzelende tred. Ik voelde het lot van deze ervaring. Zelfs het genieten van tijdelijk samenzijn was tussen de mazen van hun vangnet door geglipt.  Ze zijn vast harder weggereden dan gewenst. Ieder in een eigen auto.