Uncategorized

Je erfenis

Vanmorgen vroeg was het sluimeren nog in volle gang. Achter alle deuren weet ik lichte snurkers, zoete dromers, onrustige draaiers en het zachte gelijkmatige van een ademhaling in rust. Al tijden niet meer mijn afdeling. Ik hoef niet meer rond om hier en daar een vallend armpje terug te duwen en onder te stoppen, of een kleine nachtmerrie te sussen, de spoken op de trap te verjagen met ‘Maria sitzt am Rosenhag’ en de Kronkebonkers te doen verbleken achter hun behang met het ‘Maantje tuurt’. Ze kunnen zelfstandig hun geesten te lijf. Zo ver, zo goed.

Ik heb me van de ene zij op de andere geworpen, terwijl het matras kraakt dat het een lieve lust is, door zijn beschermende bovenlaag. Hygiene voor de nachtrust. Niet erg hoor. Heerlijke bedden, zalig huis, iedereen een eigen douche en toilet, het kan niet meer stuk. Ik hoef het zelf niet schoon te houden. Dat laatste is verreweg het grootste voordeel. Aan het begin van de nacht dommel ik in op een zoete rode wijnlaag en daarna kan ik op mijn gebruikelijke vroege tijdstip naar vreemde geluiden luisteren die soms op hun plaats vallen of helemaal niet.

Honden maken hier overuren door het aanslaan bij geluiden in de buurt van het huis, een konijn, een kat, misschien een late of een extreem vroege wandelaar, een auto die langs rijdt. Ik hoor geluiden die lijken op een boormachine, een deur die klapt, gemorrel aan de ijzeren poort, ik moet slapen maar zie arme zieltogende mensen, die aan deuren kloppen van luxueuze villa’s zonder uitgenodigd te zijn.

Ik neem de brede trap naar beneden, de kroonluchter springt aan, alles is in diepe rust. Is de patio leeg, geen oude hippies in het zwembad, die over de muren geklommen zijn, als in de films van de jaren zeventig. Mijn hoofd op hol. Teveel beelden vullen het plaatje in. Eigenlijk doodse stilte, daar waar je naar verlangde als je de kinderen op bed had gelegd. Tel Uw zegeningen, fluistert het voorgeslacht weer. Ja ja, de omstandigheden zijn meer dan buitengewoon, simpelweg het opperste geluk. Daar doen we het toch voor, een stil huis en de wetenschap dat de allergrootste schatten achter de dichte deuren liggen.

22426524_10210865236687086_866819791556444160_n.jpg

Dit had ik wel willen delen met de enige die daar recht op heeft, maar te ver weg zijn passie preekt, net als het bleke maansikkeltje in de vroege ochtend. De rollende golven zingen zijn requiem, alle golven zingen altijd overal zijn afscheid. Het maakt niet uit of het hier is in Silves of daar, op het weidse strand van Egmond, waar het opstomende schip er voor zorgde, dat we zijn stof tot stof en as tot as konden verstrooien en hij als een compacte zuil van protest naar beneden viel.

Zijn gouden voetbalzonen heeft hij niet meer groot zien worden, zijn kleine superhelden, kleinzonen met de bal aan de voet, heeft hij alleen met zijn sperwer en buizerd-ogen rond het veld van JSV bespied. Hij zou drie voet boven zichzelf uitgestegen zijn, met zijn lengte niet een al te grote prestatie, en toch eenvoudigweg zichzelf gebleven. Nu we hier in totale rijkdom aan het genieten zijn, weet ik dat hij mee rolt met de golven op het strand, de sikkel in de lucht, de dwingende kreten in het azuurblauwe zwembad achter het huis, de chaos rond de te organiseren maaltijd, maar meer nog in de warmte, de diepe genegenheid, de liefde voor elkaar. Hoe groots kan je sterven als dat je erfenis is.

Uncategorized

Stereo lol maken

De kinderen zijn buiten een spel aan het spelen. Wonderlijk eigenlijk dat kinderen kinderen blijven, ook al zijn ze al rond de veertig. Mijn schoonzoon in ieder geval. Wanneer kantelen kinderen naar zichzelf. Ik vrees dat ik dat niet meer mee ga maken. Zou het stiekem wel willen.

We gingen boodschappen doen bij de Lidl. Handig die Lidl, overal te vinden. Maar waar zijn de authentieke eigenzinnige culturele grootheden op de millimeter in dorp en stad. Goed, voor het gemak in ieder geval de Lidl voor de hele week. Alles wat een villa een thuis maakt, zodat graaien naar zout of peper gewoon, als altijd, te doen valt, ergo wat maar te koop is, wordt aangeschaft. Uit bijna elk vak iets, maar dan ook voor dertien personen in totaal. De Bedrijfsleider leidt ons met een oortje in, naar een kassa apart. Deze mensen worden VIP, al was het alleen maar om het bedrag, dat de kassa niet uitleest, omdat het vele malen hoger is dan het doorsnee bedrag.

Als we thuiskomen is het ongeloof groot. Hoe deed mijn moeder dat vroeger ook alweer met hetzelfde aantal mensen voor handen. Bij Duikkie de groenteboer kwamen de kisten appels en de hoeveelheden spinazie vandaan, die we moesten lezen. Iedereen die ooit spinazie heeft moeten lezen is ingewijd in de geheimen van het vak. Je leert niet alleen spinazie lezen, maar ook de reactie van alle broers en zussen die er op reageren, met een wisselvalligheid die de spinazie siert. Nooit maakte een onderwerp zoveel tongen los, daar kon geen opiniestuk of krant tegenop. Televisie daargelaten, want toen die eenmaal kwam, had men het nergens anders meer over. Maar achteraf ook over de eerste wasmachine, de eerste stofzuiger, het eerste elektrische strijkijzer…Al die fantastische uitvindingen van de twintigste eeuw, die het leven zoveel aangenamer maakten.

Nog hebben we wat dingen niet gevonden. Eenvoudigweg omdat ze er niet waren. Naar de volgende winkel die te duur was, maar alla. Waarom zeiden wij vroeger al alla, toen Allah nog niet in beeld was. Het moet ergens vandaan komen. Dankzij de ongewone setting, de kinderen die hun halve minutenspel spelen op het terras, dochterlief die wat verlaat naar beneden komt, associeer ik alle kanten op Ik laat het maar gaan. De sfeer is knus en gemoedelijk. Ik ben graag toeschouwer op een afstandje om dat zoveel meer filosofie binnenkomt en alles een dubbele lading krijgt.

Vandaag zei kleinzoon tegen mij dat de golven de wolken doorkliefden, hij zei ‘sneden’, hij zei eigenlijk ook dat hijzelf de golven doorsneed. Waarom nemen gedachten zo’n eigen vlucht en maken er een heel eigen avontuur van. Hoe mooi. De golven doorsnijden de wolken. Als een gedicht van Vasalis.

Kinderen die een spel spelen en nog steeds kind van je zijn, omdat het leven licht wordt op een avond als deze. Allmaal samen , met zo’n heerlijk suf spel, waarbij ze regelmatig in een appelflauwte over de tafel liggen en ik hier lachend serieus probeer door te tikken. het is niet te doen. Wat een glorieuze avond, wat een heerlijk stel, wat een rijkdom, maar dat wisten jullie wel. Ik lig in een appelflauwe, sorry, Het is te grappig. Stereo lol maken. Ik teken ervoor.

 

 

Uncategorized

Sitges

Tarragona, 50 jaar geleden. De familie van der Linden ging op vakantie met een volkswagenbusje met een motor van een Taunus 15 M. Het was het bekijks in de straat. De buren stonden er versteld van hoe die Jochem met zijn kinderschaar, de pakken hagelslag en de blikken zure bommen onder de stoelen en in de gaten van het bagageruim stopten. Alles waar nog een halve decimeter over was werd benut. Verkwisting zat niet in de naoorlogse vocabulaire. Meten is weten hoe je met elf kinderen en een vrouw op vakantie kon zonder in gewetensnood en in een ruimtetekort te schieten. Een aantal items waren vereist, anders zou je het in dat vreemde land niet redden. Hagelslag dus, Zwitserse kaas, leverpastei, campingboter en de voornoemde zure bommen. Ook al was het naar het verre Spanje.

De vissersplaats Sitges was na het klooster van Prades al even heilig. In de ogen van mijn moeder althans, die zich stond te vergapen aan de bonte pracht van uitgestalde vissenkoppen, palingen, dorado’s, kabeljauwen, uitheemse inktvissen en meer van dat grut, waar je in de winkels van de Gruyter alleen maar van kon dromen als je bij de sardientjes in blik stond te dralen. ‘Middellandse zee, souvenir van mijn dromen….maal duizend keer…..en steeds  weer’ . Samen met Anita Berry drong het lied met het ruisen van de golven haar wereld binnen en zorgde voor een intense beleving van zo’n dodevissenmarkt en de zee er achter met haar aanlokkelijke roep.

Het waren haar uitheemse escapades naar de landen van Multatuli of de bonte gang naar het leven van haar missionarissen, die in den vreemde hun melkdoppen verzilverden voor de arme kinderen van Afrika met hun raffia rokjes.

De overdekte markt in Keskemet liet een verse pracht aan vissen, groente en vlees zien, de bloemen en de ingelegde zuren kroonden, omlijsten bijna, het hoofd van het vrouwtje dat haar waren aan stond te prijzen als een echte baboeschka. Rap trok ze, in een beweging, haar  gebloemde jaren vijftig sjaaltje van haar hoofd. Geen ouderwetse merites voor die jonge westerlingen. Wel het zuur en de bloemen en daarna, evenzo vrolijke visverkoopsters met slierten warrig haar voor hun onvermoeibare aangeprezen waar. Minder uitbundig dan in het zuiden, maar onmiskenbaar vlees, vis, groenten, bloemen en fruit.

Vis is nergens vissiger dan in Portugal, al kon Spanje er ook wat van. Verser-dan-vers vis, onwaarschijnlijke schoonheden van lelijkheid staren met hun bleke-betten -ogen en hun dode slappe vinnen en staarten verwijtend elke bezoeker aan. De ongenaakbaarheid van hun vissenverkopers is een pijnlijk contrast.  Elke pond vis, een euro of twee, drie, betekende weer brood op de plank. Soms droog brood, de vis werd duur betaald, Niet door de toerist. De visser legt het loodje en ze wsren kennelijk niet anders gewend. Waar koop je 6 verse sardienen voor tachtig cent.

Schoonheid zit soms in het leed van het bestaan. Hun kleuren schitteren tegemoet. Zeldzaam divers is de uitstalling en geen andere kraam kan er tegen op, zelfs niet van de meest waanzinnige compacte kleuren van groente. ‘Kijken, kijken en niet kopen’ zie ik de Portugezen denken bij de foto schietende, onwaarschijnlijk blonde, oude, non-Portugese vrouw, die voortduren ‘Obrigado, obrigada’ door elkaar husselt en de Beatle mania fluistert: ‘Obladi-oblada life goes on, Brah’. De oude Desmond blijft eenzaam tussen de uitgestalde oesters hangen, maar brengt de juiste beeldvorming niet op het net.

Visafslag, vismarkt, weekendmarkt, dorpsmarkt en hoe ze ook mogen heten, ze vallen allemaal samen in het beeld, de dode vissen, de opgetogen ogen van mijn moeder, haar kinderlijke verbazing en die van mij, wow….Foto, en nog een en nog een, tot we weer samen wandelen in Sitges.

Uncategorized

De schuwe luwte

Dinsdag werd ik gebeld. Of ik mee naar het asiel wilde om samen met mijn goede oude vriend een lieve kat uit te zoeken, omdat het leven met iemand om voor te zorgen ten enenmale aangenamer was, maar ook omdat de muizen tegenwoordig op de tafel dansten. Het grote oude huis kraakte in al zijn binten en herbergde duizendeneen verstopplekken voor zo’n familie, met tafellakens en servetten voor een heel weeshuis, in rijen opgestapeld in haar oude kasten. Daar viel met gemak een nest van te maken, een hemelbed waardig.

Na de dood van zijn tweede, die voluit Moredog heette, maar in de wandelgangen More en overleden was aan ouderdom, wist hij dat een nieuwe hem altijd zou herkennen als baas. Het initiatief moest van de poes uitgaan. De muizen versnelden zijn keuze. In het asiel moesten we wachten, omdat er al een rondleiding gaande was. Vriendlief vertelde, dat hij zowaar een beetje zenuwachtig was. Hij had alweer kattengrit gekocht en voer. Hij en het huis waren er klaar voor.

Het meisje had een omstandig verhaal over poezen die angstig waren en verwilderd. Het moest geen wilde kat moest zijn, zo’n kleine krabbebijter, die je bij het minste of geringste besprong. Met een denkbeeldig stompje potlood vinkten we alle nee-vakken aan in ons hoofd bij haar opsomming. Te druk, te wild, te zenuwachtig. Ze had nog een poes, die was gevonden, had geen chip gehad, zat er al een half jaar, was erg schuw, Ze leidde ons naar een klein keukentje en boven op een van de kale witte kasten stond een teil met een poes erin. De oren piepten er boven uit. Ze heette Olijfje. Bij alles wat er verteld werd, spitsten de oren zich.

Foto: Wiki. Olijf heeft rondere lieve ogen.

Vriendlief heeft een enorm huis, een oneindig geduld met poezen en een hele rustgevende verstilde houding naar dieren toe, zodat ze al snel over de streep getrokken werden. ‘Een echte poezenfluisteraar’, vertelde ik aan de vrouw, die ons rondleidde. Het verhaal eromheen was omstandig met veel herhalingen, maar ondertussen was de kleine Olijf uit haar afwasteiltje geklommen. Ze bleek pikzwart te zijn en had gouden ronde knikkers als ogen met een prachtige zwarte pupil. Wat een schoonheid. De match moest zo zijn, want vriend wilde het liefst een zwarte poes. More was dat ook, tot zij op hoge leeftijd een valig grijs over haar verdunde lijf had liggen. Deze lieverd was inktzwart.

Alle eventuele bezwaren die nog nakleefden aan de woorden van de vrouw smolten weg als sneeuw voor de zon bij deze ogenschouw. Olijf verkocht zich zelf en had daar niemand bij nodig. Er was een proefperiode van drie maanden. Dat was een mooi vooruitzicht.

Ik haalde mijn Rollsroyce onder de poezenmanden uit de auto en na het invullen van een eed en geloften mocht Olijf mee op reis. Het avontuur kon beginnen.  ’s Avonds belde ik om een uur of zeven op. Ze was direct onder de stoel van zijn oude vader gekropen, waar hij zo statig in was doodgegaan. Daar speelde ze het aloude verstoppertje: ‘Blijf zitten waar je zit en verroer je niet , hou je adem in en stik niet’. Straks ging hij haar een beetje porren met woorden, wat flemen met brokken, zodat eenzame baas en angstige poes zouden samensmelten in een prachtig gedeeld en warm leven. En de muizen….? Die kiezen vast het hazenpad, als Olijfje uit de schuwe luwte is gekropen.

Uncategorized

Geen onvertogen woord

Ineens waren ze er weer. Drie ieniemienie slakken in kleine garnalenvingers en even later op een oude plastic plank op tafel met een groeiende belangstelling van de andere nieuwsgierige aagjes. Wat zijn ze daar voor interessants aan het doen.

foto van Berna van der Linden.

De slakken die zich eerst een tijd koest hielden, waagden zich quasi  nonchalant aan de wandel. Zodra er een zich over de rand van de plank liet glijden, klonk er een opgewonden kreet: Hij valt…!!! Nee lieverds, kijk goed. Slakken zijn zo handig, ze glijden en plakken, daarom kunnen ze zelfs tegen het plafond wandelen zonder naar beneden te vallen. Voor we het konden voorkomen, trokken twee vingers de slak die het dichtst bij de geslaagde escape-route was, weer terug in het circuit. Hij kromp samen, herstelde zich heldhaftig, stak de kop vier omhoog en gleed als de koningin weer richting rand. Echte doorzetters, dat zeker.

Om af te leiden vroeg ik hen of ze wisten dat slakken echte kunstenaars waren en fantastisch konden tekenen. Mijn duo keek me vragend aan. Een zwart blad eronder en er volgt een prachtig lijnenspel van hun slakkenspoor. Een van de kinderen rende weg en kwam terug met een zwart geworden berkenblad. Dat werkte niet, begreep hij al snel. Om hem tegemoet te komen, legde de duo binnen twee grote kartonnen vellen aan elkaar, slakken verhuizen en daar vervolgden ze hun eigen weg. Ze trokken hun glinsterend spoor en er werd wat groen blad bijgehaald, dat weer versnipperd werd. Een tafel waar iedereen omheen stond te juichen bij elke opeenvolgende overwinning of aanvulling met pissebed, worm en spin.

foto van Berna van der Linden.

Wij hadden takken verzameld voor een monsterskelet. 206 botten in een mensenlijf, monsters kunnen er veel minder hebben of meer, meer vel, meer vet, grotere monden, enorme tanden, haar, ogen als schoteltjes.

Ik met denken aan de eigen monsters van vroeger. Dat was de reus uit Jan met de Bonenstaak en Blauwbaard met zijn gruwelkamer. De kobold van Rozerood, die maar heen en weer sprong, net als Repelsteeltje en boze schoonmoeders uit Sneeuwwitje en Assepoester, de kwade fee uit Doornroosje. Later kwam daar Eucalypta bij, met haar krasstem. Ze rolden uit de dikke boeken van Grimm en Andersen, ze toverden er lustig op los of roken mensenvlees op kilometers afstand. Ze griezelden mijn kindertijd bij elkaar en deelden mijn dromen, soms te angstig, soms te heftig, maar altijd rijker dan mijn reële voorstellingsvermogen. Adembenemend was de bende van de Zwarte hand, die door de hele kindertijd heen een kat en muisspel speelden en waar ik kinderlijke ongemak uit de realiteit doorheen vlocht.

267

De monsters van nu hebben fluorescerende kleuren, zijn kleine of grote bollen pluis of slijmerige kleefpasta’s, grappig, gek, maar bijna altijd van veel geschreeuw en weinig wol. Opmerkelijk geruststellend. Het lied van de monsterdans uit het grote prentenboekenliedjesboek sluit af met nog zo’n dankbare constatering. Alle maxi-en minimonsters verdwijnen als sneeuw voor de zon, als je op het knopje van het licht drukt. Alle magie van de wereld en een machtige vinger, die het pleit beslecht. Dat is de wereld van het kind.

Het skelet  komt er. Zij puzzelen de botten op een plek, ik knoop ze aan elkaar. Harige Harry is niet meer dan een rammelend skelet van takken in aluminiumfolie, de angst minimaliseert mee. De kunst van het griezelen is de beheersbaarheid door die vingertop op de knop. Daarmee bestaat gelukzaligheid eveneens in alle toonaarden. Met de Iphone in de aanslag leg ik alles vast, het griezelig genieten en het optimale ontdekken. Er valt geen onvertogen woord.

Uncategorized

Zo alleen

Nieuws sijpelt tussen de wachtende rijen auto’s door en wordt door het  nutteloze wachten omgezet in hoofdbrekers. Al meer dan een week lopen we, fietsen we, verdwijnen we in het voetspoor van de lieve druilerige Anne. Al die keren dat ik alleen een fietstocht maakte, komen boven drijven. De plaatsen die genoemd worden zijn bekend gebied. Vroeger bromden we van Utrecht naar Amersfoort over dit soort fietspaden, waar nog geen onderscheid gemaakt werd tussen snelheidsduivels en die benentrappers. Ik reed onbevangen van A naar B en geen moment zag ik beren op de weg. Zelfs niet bij het gebied van de Willem Arntz. Een brommer is in vlucht veel sneller.

Ooit zat manlief in dit huis van de verwarring, toen de stemmen in zijn hoofd boven het leven van alledag uitstegen en om onmogelijke opdrachten vroegen. In zijn wanen zocht hij moordenaars van kleine lieve onschuldige kinderen die geen vlieg kwaad hadden gedaan. Zijn woede en wanhoop dreven hem tot een getergd ijsberen en rammelen met kettingen en knotsen. Het grote oer ging los. Hij overleefde zijn eigen chaos op den duur niet. De omgeving waar we hem opzochten was troosteloos en prachtig tegelijk.

Fietsen door het bos op een zomerdag, gefilterd licht , het sprookje van lang geleden. Kabouters en elfen, feeërieke sfeer en liedjes in het hoofd: ‘Zeg Roodkapje, waar ga je henen, zo alleen, zo alleen….’Die vrijdagmiddag en avond regende het dat het goot. Bossen zijn dan een groot schimmenland met achter elke boom een wolf. Ze huilde met de regen mee op een laatste selfie. ‘Ik ben niet bang voor de wilde dieren…..ik ben niet bang, ik ben niet bang… Haar lichaamstaal sprak andere woorden’.

foto van Berna van der Linden.

Dansen op het herfstmos, goudgele tooi, een waaier van kleur. De zomer heeft haar groene muren neergehaald en uit haar herfstpalet de mooiste tinten dooreen laten vloeien, blad aan de boom en op de grond, bes aan de struik, hier en daar nog een verlate bloei, maar in de stromende regen met de vallende avond zijn het weer die muren, zwart en ondoorgrondelijk. Wolf ligt op de loer. Waar is die veilige grootmoeder, het rode kapje, het dartelende blije gebleven.  De fietstocht bleek een brug te ver. Roodkapje spatte uiteen in een jas, een rugzak, een fiets met draaiende wielen.

Roodkapje

Lange rijen mensen die nauwgezet elke boom, elke struik, elke verandering in de omgeving signaleren en onderzoeken. Speuren naar sporen met honderd vragen in het hoofd en angstige verwachtingen bij alle tekenen van de geschatte route, die duiden naarmate de dagen vorderen. Losse puzzelstukken vormen een beeld. Iemand zei het niet te begrijpen, al die aandacht voor één, terwijl er zoveel vermisten zijn. Het is niet meer dan terecht, dit gevecht. Dit is de roep om Vrijheid voor ieder van ons, om te kunnen gaan en staan waar je wilt, zonder wolven, beren, leeuwen. Een zorgeloze fietstocht, waarbij een bui geen tranendal wordt, maar een doldwaze Gene Kelly-achtige regendans, frank en vrij. ‘I am singing in the rain’.

De donkere wolken boven het hoofd van die lieve Anne waren niet meer weg te lachen. Ze kleurden dieper en dieper zwart en sloten haar in. Er bleek geen weg terug. Een fietstocht werd een sprookje met een verkeerde afloop. Roodkapje met wolven op haar pad, zonder jager en geen keuze meer. Het hart huilt bij al het nieuws dat, tijdens die lange rijen wachtenden, iedere dag binnen sijpelt. In het hoofd zaagt het lied met de seconde mijn hoop onderuit: ‘Zeg Roodkapje, waar ga je henen, zo alleen…zo alleen’.

 

Uncategorized

Domweg gelukkig

Er zijn van die dagen, die van toevalstreffers aan elkaar hangen. Gisteren was een zondagse geluksdag, een goed geslaagde, die niet meer stuk kon. Het was een perfect idee om een aantal zondagenochtenden deel te nemen aan de weekendcursus van de Haarlemse kunstacademie. Niets maakt een begin van de dag zo goed om, als het huis nog in diepe sluimer gehuld is, de deur achter je dicht te trekken en door de heerlijk geurende verstilde straten naar de auto te wandelen. De snelweg er naar toe, met de schapen en koeien die allengs meer uit hun nachtelijke versluiering opduiken en het gloren van de dag aan de horizon, brengt stille mijmer, die er mag zijn omdat het verkeer nog maar een fractie is van het doordeweekse gewoel.

003

Bij de tekenles springen we de ruimte in. Op grote vellen vangen we fabriekshallen, zeegezichten en straatbeeld met oog voor het perspectief. Regelmatig loopt het van de bladzij af of ontstaat er een bijna surrealistische vervreemding, omdat het lastig is om de vertaling van klein naar immens groot te maken. Maar het is spannend en we zijn zoekend. Iedereen ziet het anders. Dat maakt het nog boeiender. Ik ben te voorzichtig. Teken nog niet echt, schets meer, maar gisteren kwam het een beetje los. Heerlijk, om met een onontgonnen gebied bezig te zijn. Tekenen is zo heel anders dan schilderen.

004  025

Haarlem vraagt om strand Bloemendaal, daar ben je in een kwartier en is het heerlijk uitwaaien. Aan het begin werd ik enthousiast toe gekrast door grote zwarte kraai op het strandbord. Ze ging even zitten voor de foto, verschikte denkbeeldige kreukels in haar verenpracht en krakauwde me na, toen ik mijn weg vervolgde. Het miezerde wat, zo’n kleine speldenkoppen douche in het gezicht en op de bril. Het was der heerlijk en ik ving meeuwen met mijn toestel in hun vlucht. Opeens zag ik haar staan. Meeuw had zeester verschalkt en stond er mee te pronken in haar bek. Af en toe sloeg ze het arme dier een paar keer tegen de grond. Triomfantelijk keek ze naar me. Soms stapte ze statig voort, de kop hoger geheven omdat haar maal om ruimte vroeg. Mijn hele leven lang heb ik nog nooit een meeuw een zeester zien verorberen. Het was een gelukzalige dag.

029

Terug naar het Utrechtse, waar de dreigende lucht onderweg steeds openbrak en weer verdichte en toch besloot ik naar de tuin af  te reizen. De grond was te drassig om te maaien of te bewerken, maar de najaarszon had zich door het dek heen gewurmd en scheen aanlokkelijk op mijn bank onder de vruchtbomen, die moed aan het verzamelen waren om de winter het hoofd te bieden. Kleine dappere roos toonde haar knoppen, die zouden het nog kunnen redden met een warme week. De volmaakte stilte, het geurde herfst in alle poriën van grond, struik, boom en plant en de late namiddagzon precies op die ene plek was voldoende om alle impressies van de dag in te lijsten en op te slaan. Het zijn die zeldzame momenten van klein geluk, waar rijkdom binnenvalt en koestert. ‘Toeval bestaat niet’ fluistert het door de windstille tuin. Om met J.C> Bloem te spreken, ‘domweg gelukkig’.  Alles wat nodig is om het volmaakt te maken.

foto van Berna van der Linden.

 

Uncategorized

Tussen de regels door zit goud

In Oirschot is een cultureel centrum, dat de Enck heet. Zodra je het Brabantse platteland per millimeter bent doorgereden, de trek over de snelweg van Utrecht naar iets voorbij den Bosch duurt net zo lang, hobbel je eerst het dorpje Best voorbij en daarna kom je in Oirschot, met een deftige klank door de oi.

Het regent dat het giet, zei men vroeger om aan te duiden dat het hemelwater meer dan rijkelijk naar beneden stroomde. De weg er naar toe was al een duikpartij geweest in buien die zich praktisch aaneenregen tot een grote waterlinie. Hink-stapsprong over de plassen heen, even nog uit praktisch oogpunt de AH in en daarna naar het theaterrestaurant. Het was een goed geoutilleerd gebouw. De Bibliotheek was aan de overkant, zoals het een echt Cultuurhuis betaamt en daar waren nog wat losse kaarten in de verkoop. Zuslief had ze ze via internet besteld.

We waren in afwachting want we kenden de cabaretier niet echt. Twee dames stonden in een strenge outfit, met oortjes in en een klein microfoontje langszij, iedereen nauwlettend gade te slaan. We waren ruim op tijd, hingen de jassen over een stoel gingen zitten en een zus haalde koffie. Men was in Oirschot een avond uit, dat kon je zien. Ik hield mijn lapje, de grijze poncho, om. Echt warm was het er niet. De kleinste van de twee dames stapte op ons af. De jassen mochten echt niet mee naar binnen, die moesten bij de garderobe afgegeven, ‘Dames, mijnheer’. Daarmee had ze haar observatiekunde verbruid. Mijn zus droeg weliswaar een geruit overhemd en had kort haar, maar in de verste verte zag ze er niet ‘meneerderig’ uit. De afgemeten toon en de onvriendelijke benadering waren met deze blunder een feit. Tussen ons en deze dame zou het niet meer goed komen.

Mijland

Ondertussen gingen we naar de kern van haar verzoek. Was dat vanwege een brandweermaatregel of een volle zaal? Achteraf gezien dacht ik het laatste want Yvo Mijland merkte op dat dit de eerste keer was dat de zaal was uitverkocht. Vriendelijk om  souplesse vragen is een gave. De voorstelling zelf was zeer gemêleerd. Er werden waardevolle onderwerpen aangesneden. Hij toonde aan hoe divers wij zijn als mensen en hoe makkelijk we tot een meningsvorming te manipuleren zijn, hoe snel we  iedereen onze wil op willen leggen en niet snel geneigd zijn om het issue van alle kanten te bekijken. Het kind van de rekening is te allen tijde het kind dat niet gehoord wordt, zich niet gezien voelt en geen betekenis krijgt.

Latrodectus variolus, Back 2013-06-07-18.30.40 ZS PMax (9005967621).jpg

Hij roerde precaire onderwerpen aan, zoals de belevingswereld van het kind, die zo heel erg kan verschillen van de onze. Daarbij schuwde hij niet om banale voorbeelden te nemen. Zijn zoon riep tijdens een stoeipartij: ‘Pas op Papa, of ik spuit met sperma’. Met afgrijzen had hij de verschrikkelijkste scenario’s bedacht waardoor zoonlief tot dergelijke opmerkingen had kunnen komen, maar hij had de uitdrukking opgedaan tijdens een biologieles over de Zwarte Weduwe te gaan, de spin die haar mannetje op eet na paring. Zo onschuldig werkt dat in een kinderbrein, terwijl wij in een fractie van een seconde alle doem afroepen over té wijsneuzerige vrienden, vieze oude mannetjes en andere gevaren, waar kinderen aan blootgesteld worden. De essentie is wezenlijk. Onze wereld en die van het kind liggen soms mijlen ver uit elkaar, omdat onze beleving versluierd is met de bagage van jaren en niet meer puur en ontvankelijk zoals bij het kind.

De voorstelling wisselde in hoog tempo af met de Brabantse gemoedelijkheid, bijvoorbeeld de polonaise tijdens carnaval, het doorsnee volksvermaak zoals de voetbal-Oranje gekte en een zweem van platte humor, maar ondertussen kwam wel alles aan bod dat genoeg stof tot nadenken gaf.

Terug in de auto zaten we achter een lang snoer van Brabantse trekkers, waardoor de rit naar huis in tijd steeds verder weg kwam te liggen. We hebben het gehaald. Klokslag twaalf uur stak in de sleutel in het slot. Je moet er wat voor over hebben, maar dan heb je ook wat. Alleen die oortjes en die outfit in dergelijke strenge afgemetenheid,  daar valt nog wel wat aan te verhapstukken. Ga er heen, oordeel niet, maar verwonder je en luister goed. Tussen de regels door zit goud.

 

Uncategorized

Tijdreis in vrije val

Gisteren nam ik, na een enerverende week, een duik in het verleden. Niets frist zo op als een bad memorabele momenten. De uitnodiging was er een uit een nooit overgegaan stuk geschiedenis. Elke mooie samenwerking wordt verleden tijd op het moment dat het achter je ligt. Banden, ooit gesmeed in die woelige dagen door strijd en behoud, liefde en doorzettingsvermogen, angst en wilskracht, vermoeidheid en het pure, behouden geloof in de visie smeedden sterke ligamenten, waar diepe genegenheid voor het leven houvast kreeg.

Herinneringen stromen binnen, terwijl we in de warme rode kamer aan het kouten zijn en anekdotes kabbelen er door heen. ‘Weet je nog, die keer’ en daar gaan we weer. Geen moment van stilte, maar een niet aflatende stroom mooie momenten. De vraag naar gemeenschappelijke bekende of minder bekende vrienden en kennissen levert stof op voor meer dan er ruimte is. Waar zijn alle mensen naar toe uitgewaaierd, wat beweegt hen, zijn de roots er nog, lopen de kinderen in de voetsporen van de ouders. Hoe is hun eigen weg gegaan.

scannen0175

Als dan het zonnetje binnenkomt huppelen, ben ik in het Griftpark met zoonlief die jarig is en een goede vriendin en vriend. Zoonlief wordt vijf. Klein, tanig, gebruind koppie, eindeloos aandachtig spelen ze samen met de modderstromen die langzaam hun weg zoeken naar beneden bij de fontein, glijbanen op, hele hoge, ik kijk niet, maar vang hun beweging in de camera als ze uit de stalen buis zoeven. Geschater op de grote schommel waar met gemak plaats is voor drie in een uit de kluiten gewassen autoband. Vervaarlijk helt de bovenrand over. Ik kijk niet, maar vang hun gespannen pretogen in de lens, dat in juichen uit een spat als het de andere kant op helt.

scannen0170

Natuurlijk is er picknick bij, het kleed op de grond, de kinderhand die smult van de verhalen en zich laat vullen met wat chips en limonade. Een topdag was het, die onbevangen kinderlijke uitgelatenheid, herinneringen in beelden op het netvlies en met foto’s aan elkaar geregen. Ze zijn alle drie uitgewaaierd, ieder een eigen weg en dromen hun toekomst .

Een ander moment als dat zonnetje afscheid neemt van haar kleuterperiode, dat moeizame moment van loslaten en ik dat kleine pakje krijg, waar een kettinkje in zit. Er hangt een allerliefste zilveren aap aan, die zich aan zijn staart ontrolt recht mijn hart in. Jaren heb ik het gekoesterd en alleen afgedaan bij optredens, totdat ik het daar, tot mijn onuitsprekelijke verdriet, verloor. Een nieuwe aap kwam, in de herhaling,  die met het leven bewaakt wordt.

015

Herinnering is meer dan aandenken, de foto’s in de fotobak, de beelden in het hoofd. Het zijn verhalen. Ze hebben zich opgestapeld en verzameld in de blauwe spelonken van het brein en wanneer een klein accent wordt aangehaald, schiet het beeld achter de ogen vol met eerst nog gebroken vegen, maar later puzzelstukken, die naadloos in elkaar passen en dan het totaalbeeld. Reizen in de tijd, vertrouwd, zo zelfs dat ik doorschiet naar de Amandelstraat, de stapelbedden en het opklapbed, die ene kachel en later Boerebooms automatiek, omdat het zonnetje naast zijn huis daar op kamers blijkt te zitten. Haar kleine voetstappen vallen in mijn grotere in de Adelaarstraat en het Willem van Noortplein, haar grotere in mijn oudere in dat Griftpark van weleer en we wandelen nog een poosje door tot vermoeidheid toeslaat.

Er gaat niets boven een tijdreis in vrije val, die alle kanten opschiet, toekomst, verleden, heden en alles wat er mee samenhangt aanraakt, daar ligt liefde aan ten grondslag en diepe genegenheid tot in de eeuwigheid..

 

Uncategorized

Het licht staat op groen

Terwijl gisteren het Zuiderpark groen en paars kleurde maar code rood liet horen, doken de achterblijvers, ongeveer de helft van het personeel van de scholen onder het bestuur van Trinamiek, de verdieping binnen het onderwijs in aan de hand van klinkende namen als Mark Mieras, Het Filiaal, Theatermakergroep en Kunst Centraal. Er werd een samenwerkingsverband voor drie jaar gesmeed om Kunst en Cultuur te borgen.

Waarom de hersenen willen bouwen op cultuur om cognitief te kunnen denken, werd helder uiteengezet door Mark Mieras.  Verwachting en verrassing leiden tot betekenis vertelde hij ons, maar daarvoor moeten we eerst heldenmoed vertonen door het niet te durven, het niet te durven weten en het te durven laten gebeuren. Een mooie heldere roep om het proces en de nieuwsgierigheid volop ruimte te geven om de Ventrale Nervus Vagus groen licht te geven.

Daarna waren er workshops door Kunst Centraal geregeld. Mijn lieve oude en nieuwe collega’s die naadloos bij elkaar pasten, mengden zich en we werden meegenomen in de verrijking van datgene waar leerlingen, maar ook de leerkrachten, zo door opbloeien. Ik ging samen met mijn nieuwe duo naar Little People, die gegeven werd door Anton Klein. De kracht der verbeelding. In een uur werd een totaal nieuwe wereld ontsloten. Ze ligt voor het oprapen en is om ons heen, als je je ogen er voor opent. Door de kracht te gebruiken van piepkleine mensen, zittend, staand of lopend, krijgen de kleinste  dingen betekenis. Servetten worden een vulkanisch gebergte, theelepeltjes worden duizelingwekkende glijbanen, koffiemelkcups wordt een directe doodsbedreiging als een zo’n kleine erin valt.We hadden tien minuten de tijd om met smartphone en drie poppetjes de realiteit naar ons hand te zetten en hebben daarmee stof voor jaren opgedaan om mee aan de slag te gaan. Ik wil weer een oud fototoestel in de groep, waarmee de kinderen aan de slag kunnen en the little people zelf. Iemand opperde legopoppetjes, maar het vervreemdende effect is er juist doordat ze op de foto echte kleine mensjes lijken. Lego blijft Lego.

Aan de hand van de foto’s kan je daarna weer een speurtocht doen door het gebouw heen. Waar zijn de foto’s gemaakt. wat ziet eruit als een vulkaan, waar staat die Eiffeltoren met die twee nietige mensjes eronder. De titel van de foto is minstens zo belangrijk en geeft er nog meer betekenis aan. Dit is ervaren, dit is verrast worden, dit is onderwijs zoals Mark Mieras het voor ogen heeft, waarbij elke vezel geprikkeld wordt. Een en al betrokkenheid, omdat datgene wat aangeboden wordt van het begin tot het einde boeit. Dat hele creatieve proces dient de taal, het ruimtelijk denken door vanuit wisselend perspectief te kijken, het prikkelt de fantasie, het levert stof op voor verhalen en het verruimt op alle fronten je blik door de waarneming in een ander licht te zetten.

De middag was gevuld met Het filiaal en haar Theatermakers met een uiteenzetting van Monique , artistiek leider, van de geleide chaos, waaruit zo’n voorstelling geboren wordt. De research die het vergt, maar ook de betekenis die er aan verleend wordt, door iedereen die daar aan meewerkt. Een script maak je met elkaar. Daarna prachtige stukjes uit hun voorstellingen. Vijf ontroerende wonderschone liedjes uit ‘Toen mijn vader een struik werd’ naar het gelijknamige boek van Joke van Leeuwen en daarna een klinkende afsluiting met leerkrachten uit het scholenbestand van Trinamiek, waaronder mijn dochter met haar eerste optreden in het openbaar.

Dit is mijn laatste jaar. Hoe rijk ben je als je het stokje door kan geven aan je eigen dochter en dat zij als nieuwbakken cultuurcoördinator net zo bevlogen zal zijn als ik, omdat we weten dat kunst en cultuur de verhalen brengt zodra die Ventrale Nervus Vagus vrij spel krijgt. Open de poorten, ga los en laat de serotonine stromen. Het licht staat op groen.

Uncategorized

Een doekje voor het bloeden

Ik heb net met een koelkast van formaat lopen zeulen. Iedereen was bezwaard en wilde niet meesjouwen. Het was een tijdelijke woning waar we met z’n allen bivakkeerden. Omdat er zo verschrikkelijk gezucht en gesteund werd, wierp ik me op en nam het voortouw in de positieve benadering van het probleem. Toen ik hem samen met zoonlief vast had bleek het gevaarte zo licht als een veertje en kon ik hem zelfs alleen naar boven dragen terwijl de aanwezige spierballen verdwaasd toekeken. Heerlijk Dromen duiden,. Geen probleem is zo groot of je kunt het tackelen, omdat het draait om je eigen ontvankelijkheid voor een positieve oplossing.

Vlak daarvoor waren er bij poes Pluis ineens zeven katten naar binnen geslopen en daar had ik bijvoorbeeld weer veel meer moeite mee. Die kon ik op geen enkele wijze eruit jagen. Iemand in de goegemeente draaide er de hand niet voor om en Pluis zat veilig op het balkon en de zeven gasten waren zo verjaagd. Ook een slimme manier. Ik weet waarom ik over Pluis en problemen droom. Als er iemand op de poes moet passen is ze niet de meest vriendelijke voor anderen. ‘Bijt nooit de hand die je voedt’, zei men vroeger. Pluis trekt zich er weinig van aan als ze iets in haar bakje wil. Rang, daar hangt ze in been of arm.

De dromen wisselden elkaar in hoog tempo af. Het is de nasluimer van de watten van gister. Ik heb de wekker ook al drie keer verzet en ben qua tijd op het scherp van de snede aan het schrijven. Straks is er een dag van het bestuur met een workshop, toneel en een heerlijke lunch. Hun manier om ons te bedanken op de dag van de leraar. Die ze nu net jammer genoeg ook uitgekozen hebben voor de staking. Mijn zus merkte op dat het weer zich aangepast heeft aan de nood van deze stakingsdaad. Het is Code Rood en iedereen weet dat het zo niet langer kan. Voor mij draait het allang niet meer om het geld, maar om het feit dat het onmogelijk wordt gemaakt om kwaliteit van onderwijs te leveren als er nog steeds te veel kinderen in een groep worden gestopt, waardoor het voor de leerkracht de hele dag bikkelen is om individuele aandacht te geven. Waar haal je de tijd vandaan.

foto van Marijke van der Linden.Foto: Marijke van der Linden.

Terug naar die positieve benadering. Laten we er een feest van maken. Een bewustwordingsfeest. Eindelijk zijn zij en wij met elkaar ontvankelijk voor de roep van de veldwerker. Het is wel lastig dat er nog steeds een demissionair kabinet is. Misschien moet de politiek ook eens flink op de schop net als de verouderde logge onderwijsorganisatie, dat zou pas zoden aan de dijk zetten. Als we met elkaar weten, dat het zo niet meer kan, dat het anders moet en er ruimte komt voor vernieuwing op alle fronten zijn we op de goede weg. Laten we met elkaar toch vooral 21ste eeuws gaan denken en gebruik maken van de versnelde ontwikkelingen in tijd en ruimte. Het heeft alles te maken met vertrouwen in de mens en het geloof in kwaliteiten van elkaar.

Zelfs die koelkast, de zware molensteen om ons nek van tegenwoordig, kan zo licht worden als een veertje, als er weer ruimte komt voor de ondersteuning bij de ontwikkeling van een kind zelf, zonder dat het dichtgetimmerd moet worden met strakke organisaties en een toetsing die alle tijd opslokt. Tijd en ruimte zijn de factoren waar het om draait om straks niet met z’n allen in de lappenmand te belanden. Dat geld is loon naar werken, maar op de manier waarop alles nu geregeld is, is het nooit genoeg. Als mensen in dit tempo hun  liefde voor het vak verliezen is het de hoogste tijd om te zoeken naar de daadwerkelijke oorzaken en is het geld slechts een doekje voor het bloeden.

Uncategorized

We zullen zien

Kan een wattenhoofd nog denken? Gisteren lieten we ons de wereld van de decalcomanie invoeren en toen wilden de handen nog wel, maar het hoofd werd zo zwaar, dat er veel langszij bleef hangen. Niet fit erin gegaan, straks in de herhaling.

045

Vanmorgen wilde ik om vijf uur wakker worden, maar ook hier staakte het vege lijf, wat me zorgen baarde, omdat er ingevallen moest worden op een, voor mij, onbekende school in groep drie. Eindelijk had ik de kans om de ontgroening van een onderbouwer mee te maken, die in duizelingwekkende vaart alle eerste indrukken op een rij moet zien te krijgen en daar zichzelf nog steeds in terug te vinden. Wat kleine aanpassingen voor de mainstream, maar als binnenkind ben je het haasje.

Afbellen als invaller voelt naar, mensen worden dubbel voor het blok gezet. Toch heeft er niemand schuld of het moeten de twee groene pierlalaatjes zijn van mijn onderbouwgroep van dit moment. Doorgaans belandt het goedje overal en nergens en niet zelden aan arm of been. Stress en uitputting zijn dit jaar de drager niet. Minstens 8 dagen rust blaast een goede vriend van zijn toren. Ben je betoeterd, dat deden we vroeger niet. Mijn wijze moeder wist raad met een harde aanpak. Altijd rechtop blijven zitten, dan zakt het vanzelf allemaal naar beneden. We mochten aardappels schillen, tuinbonen doppen, kousen stoppen tot het tegendeel bewezen was. Zodra je kon werd het bed weer een nachtelijke vesting.

Doem denkt mee. Gaan de hartkleppen nu harder rammelen, is de brandende pijn in de longblazen goed voor een numerieke aderlating. Doet hoofd alleen watten of blaast ze het op tot een megalomaan drama. Hoe stop ik de dikke hypochonder die in mijn nerven is gekropen en valt het tij spoedig te keren, zodat gemaakte afspraken niet overhaast worden afgebroken. Voor drieën moet ik beter zijn.

antigrippine dwarsdoordekastrecept

Oma’s huishoudmiddelen gieren om aandacht, het stoombad, de grog, het scherpe Damposnuiven. Eerst moet de pijn weg uit spier en gewricht en het hoofd  wil niet anders dan naar binnen keren. Zonder poespas, zonder thermometer, zonder pillen, zonder koffie ook. Thee en beschuit is de helende evergreen en straks de onvolprezen kippensoep. Er heeft wel een lichte verschuiving plaats gevonden. Mijn moeder zwoer bij  sinaasappelen, ik bij knoflook, beiden bij bouillon.

Het heette aansterken. Aan de toon van de vriend hoor ik de magische ondertoon van bezorgdheid en dwingende voorschriften. Gisteren had ik misschien pas op de plaats moeten maken, maar daar wisten oma en mijn moeder ook een antwoord op. ‘Hadden ligt op het kerkhof en wil niet ligt er naast. Vort, in de benen en aan het werk. Er is nog nooit genezing opgestaan uit een lange bedrust.’ Ze waren hun tijd ver vooruit.

Langzaam kruipt de koorts naar het hoofd, wisselt koude en warmte af met gezwinde snelheid. Het sist nog niet als ik mijn vinger op het voorhoofd leg en de nek is ook niet warm. ‘Valt reuze mee’ constateert de huis-tuin-en-keuken-heelmeester. Monter duik ik onder. Gordijnen dicht, PC uit en in de wattenwolken dan maar. Tot drie uur. Dan ben ik beter. ‘Waar een wil is is een weg’. Staan ze daar met hun tweeën nou goedkeurend te knikken, die wijze vrouwen, of is het toch de door griep benevelde gedachte. We zullen zien.

Uncategorized

Een bittere nasmaak

Op NPO 3 werd ik overvallen door de documentaire ‘Americain Justice’ over de stad Jacksonville in Florida, een moordhoofdstad zoals het werd omschreven. Twee jongens van 12 en 13 jaar worden er als een man berecht  en krijgen straffen van respectievelijk 30 en 40 jaar voor een moord die ze hebben begaan. Jongens die al een opvoeding hebben vol geweld en drugs. Die in de gevangenis meer rust hebben gevonden dan er buiten. Mijn hart bloedt.

JXFL2011N.png Jacksonville

Het is de donkere zelfkant van het leven en het slechtste scenario voor kinderen die je maar kan bedenken. Een leven waarbij de moeders verslaafd zijn aan cocaïne en oma’s als gewelddadig worden bestempeld vormen de scheve voedingsbodem voor onschuldige arme kinderzielen. Een van de jongens werd ‘wakker’ naast de dode man, wist niet meer wat er gebeurd was, maar dacht dat hij de dader was geweest. Letterlijk een bloedstollende nachtmerrie.

Ze worden voorgeleid voor een rechter, die het leed in rimpels over zijn gezicht heeft gevouwen met ogen die verdrinken in een lijdzaamheid over zijn te trekken vonnis in de wetenschap, dat de kinderen zelfs soms beter af zijn in de gevangenis dan erbuiten. De Verkiezing van  een nieuwe officier van justitie, die milder oordeelt dan haar voorgangster, helpt niet in het omlaag draaien van eventuele straffen of een passend beleid voor de jonge delinquenten. In hun gevangeniskleding zien ze er groot en volwassen uit, alhoewel ze beide maar een jaar ouder zijn ten tijde van de uitspraak.

Een van de jongens zegt, dat er zelfs mensen zijn die om hem geven, daar in die gevangenis. Die woorden klinken lang na. Het feit alleen al dat je binnen de muren beter af bent dan erbuiten zegt meer dan woorden. Familie van het slachtoffer van een van hen, een dakloze man, komt uitgebreid aan het woord. De familie van de daders niet. We zien ze in een glimp. De 12 jarige jongen zien we in een gymlokaal met een basketbal in de weer, berustend dat lusteloos oogt, soms met het hoofd in de handen. Een verloren vrijheid en de camera die het registreert.

Vanmorgen werd ik wakker met deze beelden. Tot dan toe een onwerkelijke wereld en nu niet meer weg te denken. Vragen spoken door het hoofd, waarvan een blijft wroeten. Wat doet men aan preventie, hoe komt het dat er alleen over de strafmaat wordt gesproken en er niet wordt gerept over het voorkomen van dergelijke scheefgroei. Een kind van 12 dat een moord begaat, moet tot het uiterste getergd zijn in het gevoel of totaal zijn gevoel voor recht en onrecht verloren hebben.

Ik denk aan mijn jeugd en die van de kinderen. De veiligheid en de wetenschap dat er altijd mensen zijn die om je geven, het gevoel dat er liefde is en dat je ergens bij hoort. Ik denk aan de vluchtelingenkinderen, ontheemd en soms moederziel alleen. Je hele ziel en zaligheid achter moeten laten om ergens in een nieuw land een nieuwe bestaan op te bouwen. Ik denk aan de kinderen in landen met natuurrampen, die veel meer leed in hun blikveld hebben, dan wij hier op dit veilige stuk welvarende aarde.

Kinderen die gemangeld worden tussen twee werelden zijn dolende zielen die recht hebben op een rotsvaste bodem. Dat dat voor de twee jongens een gevangenis moet zijn, is even schrijnend als de aanzet tot hun daad en de daad zelf. ‘Justice’ met een bittere nasmaak.

Uncategorized

Een Enkeltje Mars

Gisteren was het in Utrecht de grote marathon dag. Terwijl horden graatmagere marathonlopers, diehards en bikkelaars Utrechtse Maliebaankilometers aan het verhapstukken waren, liep ik mijn eigen kleine bescheiden marathon. ‘Alle goede dingen bestaan uit drieën’ zei mijn wijze moeder altijd. ‘En een ongeluk komt nooit alleen’. Terwijl ik hier de straat uit wandelde en op de rotonde  het zicht op de weg werd benomen door de hoge struiken, doemde ineens de vuurrode alarmerende neoncijfers 77 op. Het laatste stuk werd ouderwets rennen om de bus te halen.

Toen ik hijgend in het voorportaal bij de chauffeur stond, maande hij me aan om eerst maar eens te gaan zitten en dan later in te checken met de OV kaart. Terwijl ik amechtig op adem probeerde te komen, gleden mijn gedachten naar een kinderlijke belofte, die ik ooit gemaakt had, toen de boodschap doorkwam dat mijn Opa een hartaanval had gekregen, terwijl hij hard liep. Hij wilde eerder thuis zijn dan oma, om voor haar de thee te kunnen zetten. Het leed was al geschied eer hij de grond raakte. Ik zou nooit meer rennen.

005Hoog Catharijne

Langzaam kwam alles weer tot bedaren, hoofd en hart. Heerlijk met de bus naar het centrum, geen dure parkeerplaats, voor de deur afgezet, ik had het goed voor elkaar. Niets was minder waar. In het kader van de marathon was de binnenstad hermetisch afgesloten voor bus en auto. Ik moest lopen naar de stadsschouwburg. Wie ooit op Hoog Catharijne is geweest op zondag, weet dat dat een  uitdaging op zich is. Ik moest om 16.00 uur in de stadsschouwburg zijn.Met gepaste haast slalomde ik door de winkelende en kauwende menigte heen. Hier en daar een rugzak omzeilend en af en toe struikelend over een rolkoffer zochten mijn ogen de snelste route, daarna door de Zakkendragerssteeg naar de gracht. Die optie was minder slim. Daar verlaagde het tempo zich zienderogen. De steeg is een groot terras geworden. Daarna ging nog gezwinder de pas er in en werd ik  bijna omver gereden door grote getale terugkerende marathonlopers op de fiets richting station.

Ik was er  op het nippertje. De energie die het kostte steeg binnen twee seconden naar het hoofd en walmde uit in jas en vest. Jas uit, vest uit, uitwasemen, maar eerst de trap op. Een vesting voor een arme longlijder, zeker omdat het wel zes trappen hoog was. Dat arme hart met de rammelende kleppen kon het bijna niet meer verwerken en toen ik eindelijk op de stoel zat in de blauwe zaal daalde de rust weldadig in, maar bleef het nog  minutenlang bonken tegen de ribbenkast. Deels van de sensatie om wat ons te wachten stond, maar deels door de aanslag op het loopvermogen. We gingen naar mars met Het Filiaal, maar voor mijn gevoel was ik al naar de maan geweest.

De beloning is er met een prachtige voorstelling, die ik niet ga verklappen. Zoals gewoonlijk zit ze weer in elkaar met prachtige vernuftigheden van muziek, techniek en krachtig acteerwerk. Het verhaal is ingebed in filosofische kunststukjes, die je soms pas herkent, als het moment voorbij is. De acteurs werken zich in het zweet, maar wij als ontvangers zitten zo in het verhaal, dat je ademloos er induikt door de snelle wisselingen en kijkpunten en er uitgeput weer uitrolt. Er valt zoveel te zien. Eigenlijk heb je bij een voorstelling van het filiaal nooit genoeg aan een keer. De clue is overweldigend, ontroerend en zo waar. Het hele denken wordt op een ander been gezet. Dat is de kracht van de theatermakers van het filiaal onder regie van artistiek leider Monique Corvers, muzikaal leider Gabor Tarjan, die overal muziek uit weet te slepen en objecttheatermaker Ramses Graus.

Terug kuieren we naar het station. Later ga ik nog een keer, dat weet ik zeker. Met mijn hoofd in de ruimte neem ik de verkeerde afslag en moet weer terug. Het is bijna te raden. Als ik op de roltrap naar beneden sta, zie ik de bus al warm draaien. Ik maak me op voor nog één keer een persoonlijke marathon, daarna doe ik het nooit meer, opa indachtig. Je moet wat over hebben voor Een Enkeltje Mars! Het is het dubbel en dwars waard.

Uncategorized

Wonderland

Er is een meisje bij mij in de groep, die het liefst je niet in de ogen kijkt. Haar blik lijkt altijd gericht op een wereld, die wij niet aanschouwen. Ze is haar eigen ‘Alice in Wonderland’. Soms voelt ze zich angstig of ontheemd als ze met een ruk terug gehaald wordt in het nu, door een aanvaring met haar groepsgenoten of doordat er een beroep wordt gedaan op haar aanpassingsvermogen en ze zich conformeren moet aan een spel, dat anderen hebben opgezet. Daar heeft ze grote moeite mee.

024Happertje, oma en muis

Vanaf het eerste moment dat ik hier in moest vallen, had ik Happertje bij me. De kleine ecolinegroene handpop, die alleen maar van groen houdt en alles eet wat groen is. Het bleek een toverformule voor de kleine Alice. Misschien had hij een hoog veiligheidsgehalte door zijn afgebakende eigenschap. Wie zal het zeggen. Vanaf het allereerste begin zijn ze onafscheidelijk. Happertje had oorspronkelijk hele andere kleuren, maar omdat op de vorige school het land van groen spontaan ontstond bij een groenteproject en we daar uitsluitend groene groenten behandelden werd Happertje geboren. Gek op spruiten, sla, spinazie, Andijvie en broccoli. Omdat het zo’m eigenzinnig geval is, kon ik er geen afstand van doen en moest hij mee in de leren-is-leuk-koffer en krijgt hij nu de opwaardering die bij hem past.

Er zit een jongen in deze groep, die niet stil kan blijven zitten. Hij wiebelt en staat, gaat zitten en springt op, gaat zitten en loopt naar de tafel, gaat zitten en springt op. Zo gaat het de hele dag door. Zijn handen zijn voortdurend in beweging, hij trekt aan zijn kleren, hij zit in zijn neus, in zijn mond, hij krabt aan zijn arm, hij strijkt door zijn haar. Deze hollewaai kiest ook een knuffel. Elke dag weer en dan wordt het een ander jongetje. Weliswaar worden Oma of Flip de beer wel draaierig door zijn geduizel, maar zijn lijf kan zich beter beheersen. De onrust strekt zich uit tot de handen en de poppen en zijn hoofd wordt kalm en bereikbaar.

Als we aan het flitsen slaan met de middenbouw dan zien de kinderen groen van verveling. Ze hangen over hun tafels en zijn melig, weinig alert en enthousiast. Zodra muis zich ermee bemoeit en mee gaat flitsen verdwijnt de lamlendigheid als sneeuw voor de zon. De kracht van de pop zit diep ingebakken. Kinderen vergeten de voerder van de pop en gaan alleen met muis in gesprek. Ze zien me niet meer, horen alleen de opmerkingen van muis en wat belangrijker is, ze zijn weer betrokken. Natuurlijk heeft hij af en toe wat ondeugende malle grappen, maar zijn serieuze kanten accepteren ze ook met liefde.

052Greetje in gesprek met Kleinzoon

Gisteren zat Greetje op de bank in de huiskamer. Ik had haar gebruikt op school en had haar nog niet opgeborgen. Kleinzoon kwam op bezoek. Na de maaltijd speelde hij met zijn auto’s op de bank tot Greetje tot leven kwam. Vol aandacht keek hij naar de pop, naar haar bewegende hand, naar haar sprekende mond en op slag vergat hij mij. De hele conversatie werd met Greetje gevoerd, ook toen zijn moeder de pop over nam en met haar eigen stem kleine Greet inzette. Toen ze daarna net zo oud bleek te zijn als hij en ook nog op dezelfde dag jarig was, was het pact gesmeed. Een band tot in lengte der dagen. Greet kan niet meer stuk.

049Oma en muis

De kracht van het onderwijs ligt besloten in het prikkelen en voeden van de oneindige fantasie, die kinderen eigen zijn. Moeiteloos verplaatsen ze zich in andere werelden en zijn een en al betrokkenheid. Dat het zoden aan de dijk zet en veel winst oplevert is vooral te merken aan die kinderen, die de uitzondering zijn op de gevestigde regel. Dankzij de vertaalslag, door in een ander te mogen kruipen, wordt de reële wereld ontsloten en vinden ze een veilige weg om mee te wandelen zonder verlies van eigenwaarde.

De pretogen van de kleine ‘Alice’, half verscholen achter haar Happertje en de verstilde houding van de jongen, met zijn doorgaans zo onrustige motoriek, alleen maar omdat  hij Oma of Flip vasthoudt, zijn de kroon op het werk. Hun ‘wonderland’ is ineens een begrijpelijk plaatje, waar iedereen in past, ook zij.

 

Uncategorized

Kleur aan het duistere bestaan

Mijn eerste begrip dat paars een diepere betekenis met zich mee droeg dan zomaar een kleur kwam in de jaren vijftig. Tijdens een wandeling aan de hand van mijn ouders, of waarschijnlijker nog, aan die van de grote broers, huppelde ik mee naar de Nicolaaskerk in het Ondiep. Door de Elsstraat, langs de muur van de oude kloostertuin, naar de overkant en de Meisjesschool op de hoek en daarna oversteken naar de kerk. Langs de geurende bremstruiken, zwaaien naar de Heilige Nicolaas in zijn nis en hup de kerk in.

Cytisus scoparius1.jpg

Oude gewijde grond. Huiverend van de winterkilte die er nog hing in het prille voorjaar. Vasten in Maart, gele brem als compensatie voor de vleesloze vrijdag, maar ook voor de snoepjesvrije week, omdat wij kinderen die netjes opspaarden in een blikken trommel. Alleen op zondag te openen, als de kerk paars kleurde maar purper heette, met prachtige paarse kazuifels van de Priesters veertig dagen lang. Niet uitbundig maar stemmig en in mijn kinderogen alleen maar een indrukwekkende kleur, de paarse kleden op het altaar en de kansel waren nadrukkelijk aanwezig. Ze hoorden niet alleen bij vasten en bezinning, maar ook bij de vreugde van Palmzondag. Dan werd door mijn moeder het nieuwe gewijde palmtakje achter het kleine kruis in de huiskamer geschoven, waarbij de oude van het jaar ervoor vervangen werd. Hosanna jubelde het koor in mijn hoofd en paars werd de kleur van vreugde.

Foto: Wikipedia.

Het was de goede afloop van een naar verhaal. Iemand was wel doodgegaan maar ook weer opgestaan, dat hoorde zo in een goed sprookje. Hoe vaak waren grootmoeder en roodkapje al niet opgegeten en weer heelhuids uit die wolvenbuik gekomen, om over sneeuwwitje maar te zwijgen. Nee, Paars was een mooi verhaal, een beetje droevig, maar ook met feest aan het eind en open snoeptrommels op zondag.

De ontdekking dat paars te maken viel met rood en blauw en in een scala van paarstinten uiteen viel, magenta, mauve, violet, kwam pas veel later.  Onder leiding van zuster Adolpha, de ‘schuif-‘s-even-op’ non van de kleuterkweek, door te mogen experimenteren met kleur tijdens de beeldende vorming, dat toen nog gewoon handenarbeid heette.  Als zij met haar handen wapperde, voltrok zich een klein wonder op het witte vlak of het zwarte schoolbord. Kleuren vervloeiden en waar mijn figuren houten staketsel leken, zweefden die van haar over het vlak. Haar paars was altijd paarser dan dat van mij, complementair was nog een brug te ver.

foto van Peter Bontan.De paarse Boa’s hangen er al!

De Coverband zocht jaren later naar een herkenbare outfit. Zwart met paars zou het worden en hoe paars paars kon zijn ontdekten we aan de hand van de overhemden van de mannen. De meest uiteenlopende schakeringen kwamen langs zetten, maar het was geen probleem. Het intense zwarte leer en de diep paarse kleur versterkten elkaar. Dat het heliotroop was, leer ik uit het onvolprezen boek van Kassia St. Clair met de titel ‘Het geheim van de kleuren’. Daar wordt in onthuld, dat er in het verleden hele legers slakken en korstmossen er aan te gronde gingen om purper en orchilla te verkrijgen en dat paars gold als de opmars naar de macht en adel, maar ook met dezelfde snelheid met een terneergang te maken kreeg tot aan een verbod op Mauve bloemen aan het Engelse hof toe.

Cézanne: Mont Sainte Victoire

Violet werd de kleur van de impressionisten als antwoord op de Académie des Beaux-Arts, die hun werk had afgewezen. Ze omarmden het zonlicht en daarmee haar complementaire kleur violet, die het schaduwrijk invulde en al snel op eigen benen kwam te staan, waarbij Manet zich er op voor stond met violet de kleur van de atmosfeer te hebben ontdekt. Alle impressionisten in een violette bubbel, de violettomania, schamperde men.

In deze tijd van heksen en de kinderboekenweek maak ik dankbaar gebruik van de combinatie. Want heliotroop en zwart vormen het heksenhart en mijn liefde voor alle schakeringen groen, blauw en paars zijn voor eeuwig daarin opgenomen. ‘Laat de ecoline rijkelijk (ver)vloeien, geef kleur aan het duistere bestaan. Lieve griezels, monsters en toverkollen, het is tijd voor Purper en de volle maan.’

Uncategorized

Vriendelijkheid in elke vezel

Maria Popova schreef in haar Brain Pickings over de waarachtige vriendelijkheid en haalde daarbij het gedicht Kindness aan van de dichter Naomi Shihab Nye. Er staat een dichtregel in die me raakt.. ‘Before you know kindness as the deepest thing inside, you must know sorrow as the other deepest thing.’

Naomishihabnye.jpgNaomi shihab nye: Foto Wiki

Ik moet denken aan mijn oude wijze vriendin. ‘Oordeel niet, verwonder je slechts’. Als je op dat punt bent aangeland, dan ben je de angst voorbij, de woede en de wanhoop. Dan nog zijn er momenten dat verdriet je raakt, dat leed je raakt, omdat het met zoveel pijn voor een ander gepaard gaat. Naar kinderen toe op school, lukt het me om ieder kind als individu te zien met de zo mooie eigen kwaliteiten, maar dat kan vooral, omdat ze handelen als kind. Zorgeloos, als een open boek dat we mogen lezen. Herkenbaar, elke eigenheid weer. In het dagelijks bestaan is het lastiger om alles los van de emotie te zien, die het opwekt. Een van de grootste obstakels is de ergernis. Als die eenmaal komt boven drijven dan moet je van goede huize komen om niet met labels en etiketten te gaan strooien. Op dat cruciale moment is een oordeel snel geveld. Dat is het eerste te overwinnen aspect. De ergernis voorbij.

In deze fase van het leven leer ik veel nieuwe mensen kennen. Het maakt dat ik gezond nieuwsgierig ben naar hun drijfveer en motivatie, om los van het persoonlijke leven te kunnen komen tot een tegemoet treden met open vizier. Geen oordeel, zelfs geen verwondering, geen mening op een dienblaadje aangereikt. Wij mensen zijn eigenlijk zo kwetsbaar. Er wordt van alles verzonnen om het diepste innerlijk te verbergen, een hard pantser, een muur van angst, een berg van onzekerheid, een rivier van weemoed. En ergens diep van binnen zit die eigenlijke kern, die zich pas ontsluiten kan bij geborgenheid en vertrouwen.

005

In al die jaren, die achter me liggen, heb ik muren opgebouwd en weer geslecht, pantsers verbroken, zekerheden verworven en vertrouwen gekregen in mijn eigen handelen door de waardering van anderen. Die onvoorwaardelijke vriendelijkheid, Kindness, groeit met de dag, door openheid en onbevangenheid als een schaduw met je mee te laten lopen en te voeden met de kwaliteiten van de ander, anders dan het oordeel klaar te hebben.  School en de manier waarop je met kinderen om gaat, is een graadmeter bij uitstek. Door iedereen te horen, leer je ze kennen. Nooit is me dat duidelijker geworden dan in deze nieuwe onbekende groep, waarbij ik zo snel de diepte in kon gaan.

‘Kindness’ lijkt meer te zeggen dan het woord vriendelijkheid alleen. Het is die glimlach, die je uitzendt, het is dat oordeel dat niet geveld wordt, het is de genegenheid voor de ander, het is de weg openen voor mogelijkheden om samen verder te kunnen wandelen en daar is ervaring voor nodig, kennis, het diepe dal of ander leed. Om er boven te kunnen staan, het los te kunnen laten en empathie toe te laten. Waarachtige vriendelijkheid in elke vezel. Er is nog een weg te gaan.

 

Uncategorized

Dát kind in ons ging los

Vakanties duren langer als je de inspiratie mist, die we op onze ontdekkingstochten langs de diverse schildertechnieken opdoen, Het is een belangrijk gegeven om deze Knockart Schildercursussen onder leiding van Mieke Simons te blijven volgen. Niet alleen duiken we de kunstgeschiedenis in, maar je kan ook nog aan den lijve ondervinden hoe de kunstenaar zelf zijn ontdekkingstocht uitdiepte en wat dat aan materiaal en aan kennis opleverde, waarmee hij zijn geheel eigen stempel drukte op het werk. In deze tien weken gaan we met de surrealisten Max Ernst en Leonora Carrington in zee.

099

Max Ernst maakte veel gebruik van de frottage techniek. Het is toch bijzonder als je je hele leven vaker iets doet en niet weet dat het zo heet. Met de kinderen is het altijd een groot feest om verschillende structuren te ontdekken. Dat doe je niet anders dan een papier tegen een boomstam of de muur te houden en het af te wrijven met een potlood of met houtskool. Het papier moet goed zijn, niet te dik  en niet te dun. Ze gaan daarbij met tweeën aan de slag en wrijven alles af wat ze tegen komen. De poten van de stoel blijken te glad, de muur geeft gave pikkeltjes, de boom geeft mooi ribbelwerk, het hek vormt vierkanten op het papier, zelfs de stoeptegels geven een mooie ruige achtergrond en bakstenen blijken helemaal dankbare objecten te zijn. Ik laat ze altijd vrij uitwaaieren en vraag om te onthouden wat welk effect geeft. Afwrijven doen ze om de beurt. Na elke ontdekking komen ze wild enthousiast hun buit laten zien. Daarna gaan we er in tekenen en maken gekke figuurtjes en poppetjes erin en zo komt hun eigen wereld tot leven

126

Het heet frotteren. Dat kregen we mee. De bonte verzameling objecten van vorig jaar, waar we uit konden peuren bij de materiekunst, kwam nu ook te pas. Ringen, ijzeren veren, planken, schors, patronen op allerlei gebruiksvoorwerpen zoals mooie peper en zoutvaten en onderzetters, stukken gaas, stukken plastic, netjes van plastic, elastiek, touw, je kon het zo gek niet bedenken of je kan er mee aan de slag. Eerst maar eens doen en zien wat het opleverde. Met potlood, houtskool, grafiet, conté gaf hetzelfde object ook weer andere effecten, dus er waren tal van mogelijkheden. Al gauw ontstonden er beelden in het lijnenspel, vogels, landschappen, bloemen, een skyline van een stad. Daarna waren er mensen bij die toch wat kleur wilden brengen in het geheel en met pastel hier en daar een toets aanbrachten. Eigenlijk werden we, net als de kinderen op school, steeds enthousiaster over het effect, dat het opleverde. Omdat we met vijf vrouwen en een man sterk waren haalden we bij anderen de knowhow van sommige effecten. Dat houtskool wel afwreef op grove producten en grafiet op de fijne, maar conté een versterkend effect gaf door het intense diepe zwart.

100

Er was een groot blok met papier en ze slonk zienderogend. Twee en een half uur flink aan de slag met elkaar, ondertussen dronken de ogen de verschillende resultaten en bleven de handen maar doorgaan, terwijl we opgewonden het experimenteren tot grote hoogte opvoerden. Het kon niet gekker, alles was mogelijk. Dat vrije handelen dat een kind zo eigen is, van alle remmen los. Frank en vrij je te mogen laten gaan in de wetenschap dat alles mag en niets moet, met mogelijkheden die met elkaar nog eens vervijfvoudigen omdat ieder altijd zijn eigen weg volgt. De heerlijkheid van een proces doorwrochten en eigen maken en daarmee het eigen stempel te kunnen zetten op het geleverde werk is de meerwaarde van deze avonden.

Frottage dus, met de kinderen wordt het ‘Kom jongens we gaan lekker frotten’. De vreugde van het doen en het ontdekken, de opgewonden snoetjes, de glimogen, dát kind in ons ging los. Het is de meerwaarde van het experiment, of je nu jong of oud bent.

 

Uncategorized

Verlichtende Engel

Een aantal dagen geleden zei de PC dat hij genoeg had van al dat gejeremieer. Ze ging staken. Op hetzelfde moment startte ze niet meer op en bleef hardnekkig vasthouden aan haar zwarte scherm met witte letters. Daarbij leidde ze me om de tuin want ze gaf twee noodscenario’s weer, maar zelfs die gaven geen gehoor. Het in coma verkerende apparaat moest met zoonlief mee om binnenstebuiten gekeerd te worden. Daar ging ze, mijn ouwe getrouwe. Gelukkig had ik de laptop nog.

Vandaag, een week later, op mijn schrijfplek, wilde ik de laptop opstarten. Ze gaf een alarmerende beep en bleef hardnekkig op zwart staan. Zoonlief denkt nu, dat ik iets er mee uitspook. Maar echt, ik heb er niets anders mee gedaan dan schrijven en checken. Dat zijn de momenten, waarbij mijn hart angstvallig aangeeft dat ik dit vandaag er niet bij kan hebben. Ik moest nog zoveel doen. Niet dus. Pc in staking, laptop in staking, reddende laptop van zoon op de knieën en onder ede beloofd dat ik ze nergens anders neer zou leggen dan op zijn bureau, om doemscenario’s met kraspartijen te voorkomen.

Ik heb dus nu vermeend goud onder de handen en ik durf inderdaad niet anders dan de toetsen lichter te beroeren dan ik normaliter op mijn oude rammelkastje deed. Ook de foto’s kan ik niet inladen of opvragen. Mijn verhaal over de Frottage-techniek blijft in het vat zitten. Geen nood, het verzuurt niet.

Het is een periode van staken. Over twee weken gaan wij leerkrachten ook. Er is veel steunbetuiging en het zal veel aanhang krijgen, als ik alleen al op de reacties van onderwijsland in deze stad af ga. Ondanks het feit dat het de dag van de leraar is en het bestuur van 21 scholen een prachtige feestdag heeft georganiseerd, met workshops, sprekers, het filiaal en een heerlijke lunch, gaan van elke school minstens gemiddeld vijf leerkrachten naar Den Haag. Het is een dubbel gevoel. Ik ga niet naar Den Haag, omdat mijn dochter, samen met enkele van haar teamgenoten, meedoet aan het theaterspektakel en dan gaat moederschap voor. Dit wordt haar eerste grote optreden en een klein mijlpaal. Als ouder hoor je er te zijn. Dat staat buiten kijf.

Als een kind, hoe oud het ook is, een stap voorwaarts doet, die belanghebbend kan zijn voor het verdere verloop van zijn bestaan en de mogelijkheid bestaat dat je daar getuige van mag zijn, dan grijp je die kans. Meer moeder dan leerkracht en geld bepaalt niet mijn rol in het maken van keuzes. Hoe zit het dan met de solidariteit. Daar zijn weer die afwegingen voor. De hele onderwijswereld is in beroering. Er zullen veel mensen gaan. Met hart en ziel steun ik de actie.

Als ik het voor het zeggen had, dan zorgde ik ervoor dat extra geld de organisatiestructuur ten goede zou komen. Andere organisatievormen, veel meer aandacht voor het individu, alle extra ondersteuning als IBers, vakleerkrachten, logopedie, fysiotherapie en remedial teachers weer terug de school in, twee leerkrachten, een oudgediende en een pas beginnende leerkracht voor de groep, zodat de knowhow van die krasse knarren niet weggegooid wordt met het badwater, zoals nu het geval is. Daarnaast zou ik voor alle oude schoolgebouwen een renovatie in petto hebben en werd het oude ondeugdelijke materiaal ingewisseld voor nieuw en aantrekkelijk ontwikkelingsmateriaal.

Maar ik zit hier met twee stakende digi’s, die pertinent weigeren om mijn boodschap te verkondigen. Ik ben onmondig gemaakt en moet me behelpen met de invaller van mijn zoon, waar geen krasje op mag komen. Behoedzaam sluit ik af. Ik zou het wel weten als ik Onderwijs in de portefeuille had. Ik zou heel snel leren luisteren tussen de regels door, want de krassen zijn al barsten, leerkrachten vallen bij bosjes uit, worden ziek, klagen steen en been. Als het zo blijft, gaat straks het hele beeld op zwart en dan is er geen verlichtende engel om het tij te keren.

 

Uncategorized

Nu het vege lijf nog

‘Als het golft dan golft het goed, niet te stuiten , niet te sturen…’ Luid zongen we het met de Dijk en Huub van der Lubbe’s zo kenmerkend schraperige stemgeluid mee en altijd was er de neiging om tot een mooie ouderwetse zwierige wals over te gaan om ten slotte te eindigen in een Shaffywaardige jubelende eindriedel. La, la, la, la, la die la.

IMG_6575  IMG_6572

Zo voelt het als de nacht gesmoord wordt in gedachten, die de vrije loop nemen in het hoofd. Eerst zijn ze in de tuin en vieren met de woelmuizen een ongekende Halloween party, nadat ze hadden afgesproken onder de enorme vliegenzwam. Na een heftig en uitgebreid dispuut over het ondermijnen van het tuinhuis-atelier, waarbij de grootste woelhamels het voortouw nemen, is het zaak om de enige pompoen, die haar overlevingskansen allengs ziet verkleinen bij zo’n overmacht, soldaat te gaan maken. Ze hollen haar van buiten naar binnen uit met effectief knagend beleid en zorgen ervoor dat eventueel oude aftandse en onbeholpen piepjonge soortgenoten ook deelzaam gemaakt worden, door de haastig geknaagde pitten en het vruchtvlees naar beneden te laten vallen. Op alle lagen feest!

IMG_6584  IMG_6580

Daarna dwalen ze af naar school, waar de pozzebokken de kinderen hebben veroverd in een meeslepend verhaal maar waar vandaag ook de heksen doorheen zijn gevlochten, omdat de duo zich vergiste in de planning. Pozzebokken en heksen zijn de meest fantasierijke combinatie. Het brein houdt niet op met nieuwe combinaties te bedenken en talrijke mogelijkheden voor het optreden van vrijdag voor te bereiden als wij aan de beurt zijn met de weeksluiting. Het pozzebokkenbos, de pozzebokkenzee en de pozzebokkenwolken nemen een vlucht in het hoofd, krijgen inkepingen, waar de pozzebokken in verkleinde uitvoering doorheen gestoken zullen worden op gevonden takken of satéprikkers, net hoe het uitkomt en de opgetogen jubelarmen van F. met zijn ontwapenende opgetogen snoet staat al op het netvlies bij die zo juist geboren nieuwe wereld.

pozzebokken

Met elkaar houden ze het hoofd nog verder uit de slaap, maar niet op de laatste plaats de oerwoudgeluiden buiten. Het is toch een gewone maandagnacht. Wat doen die  mensen in het holst van de nacht gillend op straat en waarom is woordelijk te verstaan wat hen beroert.

Daarna nemen ze een vlucht naar de tekenlessen en het huiswerk waar nog een bulkboek voor moet worden aangeschaft, om niet te veel achterop te raken met de dagelijkse oefening. Als alle creatieve uitingen in het hoofd gestalte hadden gekregen op doek en papier, dan had ik ruimschoots voldaan aan de opdracht en meer dan dat.  Maar alle ideeën verschralen met de naslaap mee of verzanden in het alledaagse ritme van de ochtend. Zo golft het hoofd en is niet te stuiten. Het tolt rond daar boven met de snelheid van een wervelwind. Tussendoor denkt het: Ontspan, ontspan om vervolgens weer uit te komen bij een gouwe ouwe van Boudewijn de Groot…’Ontspan die harde lijnen om je kaken.’ Hoe zou het komen dat sommige zinsneden altijd voor het oprapen liggen, als je ze nodig hebt.

Alle luiken en deuren staan open en omdat het nog teveel nacht is, sla ik ze een voor een weer dicht. Niet te stuiten, niet te sturen, maar nu is het welletjes. Tijd voor een korte hazenslaap, die moet zorgen dat de dag verkwikkend kan beginnen met heksen, pozzebokken, bezemstelen, pompoenen, een frottage met Max Ernst mee en mijn dagelijkse oefening om het ruimtelijk inzicht te vergroten. In het hoofd is het al gedaan, nu het vege lijf nog.