Uncategorized

Sitges

Tarragona, 50 jaar geleden. De familie van der Linden ging op vakantie met een volkswagenbusje met een motor van een Taunus 15 M. Het was het bekijks in de straat. De buren stonden er versteld van hoe die Jochem met zijn kinderschaar, de pakken hagelslag en de blikken zure bommen onder de stoelen en in de gaten van het bagageruim stopten. Alles waar nog een halve decimeter over was werd benut. Verkwisting zat niet in de naoorlogse vocabulaire. Meten is weten hoe je met elf kinderen en een vrouw op vakantie kon zonder in gewetensnood en in een ruimtetekort te schieten. Een aantal items waren vereist, anders zou je het in dat vreemde land niet redden. Hagelslag dus, Zwitserse kaas, leverpastei, campingboter en de voornoemde zure bommen. Ook al was het naar het verre Spanje.

De vissersplaats Sitges was na het klooster van Prades al even heilig. In de ogen van mijn moeder althans, die zich stond te vergapen aan de bonte pracht van uitgestalde vissenkoppen, palingen, dorado’s, kabeljauwen, uitheemse inktvissen en meer van dat grut, waar je in de winkels van de Gruyter alleen maar van kon dromen als je bij de sardientjes in blik stond te dralen. ‘Middellandse zee, souvenir van mijn dromen….maal duizend keer…..en steeds  weer’ . Samen met Anita Berry drong het lied met het ruisen van de golven haar wereld binnen en zorgde voor een intense beleving van zo’n dodevissenmarkt en de zee er achter met haar aanlokkelijke roep.

Het waren haar uitheemse escapades naar de landen van Multatuli of de bonte gang naar het leven van haar missionarissen, die in den vreemde hun melkdoppen verzilverden voor de arme kinderen van Afrika met hun raffia rokjes.

De overdekte markt in Keskemet liet een verse pracht aan vissen, groente en vlees zien, de bloemen en de ingelegde zuren kroonden, omlijsten bijna, het hoofd van het vrouwtje dat haar waren aan stond te prijzen als een echte baboeschka. Rap trok ze, in een beweging, haar  gebloemde jaren vijftig sjaaltje van haar hoofd. Geen ouderwetse merites voor die jonge westerlingen. Wel het zuur en de bloemen en daarna, evenzo vrolijke visverkoopsters met slierten warrig haar voor hun onvermoeibare aangeprezen waar. Minder uitbundig dan in het zuiden, maar onmiskenbaar vlees, vis, groenten, bloemen en fruit.

Vis is nergens vissiger dan in Portugal, al kon Spanje er ook wat van. Verser-dan-vers vis, onwaarschijnlijke schoonheden van lelijkheid staren met hun bleke-betten -ogen en hun dode slappe vinnen en staarten verwijtend elke bezoeker aan. De ongenaakbaarheid van hun vissenverkopers is een pijnlijk contrast.  Elke pond vis, een euro of twee, drie, betekende weer brood op de plank. Soms droog brood, de vis werd duur betaald, Niet door de toerist. De visser legt het loodje en ze wsren kennelijk niet anders gewend. Waar koop je 6 verse sardienen voor tachtig cent.

Schoonheid zit soms in het leed van het bestaan. Hun kleuren schitteren tegemoet. Zeldzaam divers is de uitstalling en geen andere kraam kan er tegen op, zelfs niet van de meest waanzinnige compacte kleuren van groente. ‘Kijken, kijken en niet kopen’ zie ik de Portugezen denken bij de foto schietende, onwaarschijnlijk blonde, oude, non-Portugese vrouw, die voortduren ‘Obrigado, obrigada’ door elkaar husselt en de Beatle mania fluistert: ‘Obladi-oblada life goes on, Brah’. De oude Desmond blijft eenzaam tussen de uitgestalde oesters hangen, maar brengt de juiste beeldvorming niet op het net.

Visafslag, vismarkt, weekendmarkt, dorpsmarkt en hoe ze ook mogen heten, ze vallen allemaal samen in het beeld, de dode vissen, de opgetogen ogen van mijn moeder, haar kinderlijke verbazing en die van mij, wow….Foto, en nog een en nog een, tot we weer samen wandelen in Sitges.

One thought on “Sitges

  1. Knap hoe de herinnering verwoord. En nog steeds een hoop vis in Spanje, haha. Vorig jaar ben ik rond Tarragona op vakantie geweest. Hier kom je veel meer ‘echte’ Spanjaarden tegen dan in het noorden, net over de grens met Frankrijk.

    Like

Comments are closed.