Uncategorized

De zin van het bestaan

Bij een mede-blogger, die me dierbaar is, al was het alleen al om de twijfels die hij telkens weer voelt opdoemen, lees ik een overpeinzing omtrent de grote existentiële vragen. Waar de Catechismus uit mijn jeugd, de kleine bruine beduimelde pocket met het pax Christi teken avant la lettre op de voorkant, al haar antwoorden voor ons, argeloze onschuldige jeugdzieltjes klaar had in afgepaste antwoorden, sloeg later de twijfel in volle hevigheid toe. Daardoor of dankzij, dat is nog een vraag.

Deze schrijfvriend had het boek ‘De Zin van het Leven’ van Fokke Obbema op zijn nachtkastje liggen. Hij piekerde en peinsde over de verhalen, die hij per stuk tot zich nam. Fokke Obbema is een columnist van de volkskrant die even dood was na een hartstilstand. Hij interviewde daarna 40 mensen in dat kader en filterde er zeven inzichten uit. Ergens vanuit de diepte borrelt de overeenkomst met de zeven hoofdzonden op, maar dat zal die vergeelde geloofservaring uit het verleden zijn. Numeriek is er een vergelijk.

barrel-organ-1567884_1920

Die kernvaste antwoorden van vroeger zijn er als de gaten van een register van het straatorgel ingeponst. Ze slaan de maat met de glazig verstarde poppen op de orgelkar mee. Om God te dienen. De punt komt helder en nadrukkelijk. Geen twijfel over mogelijk op dat moment. De zekerheden van Obbema verzamelen zich in het zakje met overlevings-strategiën. Kort door de bocht: Kwetsbaarheid. Veerkracht. Het leven als leerschool. Hoop op vooruitgang. Beperking van de wetenschap en herwaardering van de religie. Het nut van de dood. Geen zin van het leven, wel betekenis.

Hemeltje, elke zekerheid vergt minimaal een hele blog, zo niet meer. De stelling: ‘Geen zin van het leven, wel betekenis’ komt als meest intrigerend door. Het antwoord dat pasklaar werd ingekrast op de kinderzieltjes op de vraag ‘Waartoe zijn wij op aarde’ was in 1954: ‘Wij zijn op aarde om God te dienen en daardoor hier en in het hiernamaals gelukkig te zijn’. Echter, in de jaren voor deze theorie had diezelfde God een aantal rampen over ons uitgestort, die zijn eigen theorie op de grondvesten deed schudden. Het werd ons als kind niet gemakkelijk gemaakt. Wij werden geacht de schaapjes te zijn, die zich lieten leiden, maar in diezelfde jaren werd er hevig aan getornd, toen de Heilige Huisjes letterlijk en figuurlijk op de schop gingen.

500785Onze Nicolaaskerk

Mijn moeder was een toonbeeld van revolutionair denken. Ze wilde best een eind mee, maar zocht al gauw de Oecumene op. Betekenis van het leven, zin van het leven, prima, maar wel voor iedereen en niemand uitgezonderd. Dus weg met de dogmatische grenzen van het mannenbolwerk in de kerk, welke kerk dan ook.

Een oude man in een verpleegtehuis vertelde me in de puber-nadagen met zijn vinger opgeheven: ‘Er zijn vele godsdiensten, maar er is maar, en hier verhief zich zijn stem aanzwellend, één geloof’. Dat werd door mijn moeder met gekrulde kapitalen onderschreven. Zo ontwortelde ik en wortelde ik, met de Bijbel, de I-Tjing, de Kabbala in een hand en vulde daarmee de knapzak voor de lange reis. Nog altijd ben ik er mee bezig.

img_7913 ‘Passi D’Oro van Roberto Barni’

De kern ligt voor mij in het feit dat je aan mensen, aan je bezigheden, aan je gedachten, aan je uitingen, betekenis hebt kunnen geven en dat er mensen zijn, die met je hebben opgelopen en daar een stukje van hebben opgepikt en meegenomen, zoals ik dat wederzijds heb gedaan. Het hoeft geen grootse kunst te zijn, geen gedicht of boek, theaterstuk of schilderij, maar eigen levenskunst, veroverd met vallen en opstaan, met de kleine dingen van het leven, met lieve familie en vrienden om je heen.

De uitwisseling van gedachtegoed en het filteren van de waarde, die het voor  jou hebben kan, waardoor het raakt aan de zin van het bestaan.

Uncategorized

Die medemenselijkheid

Gisteren hadden we de driemaandelijkse boekenbabbel. Het ging met wat vijven en zessen gepaard, want mijn oude laptop bleek niet bestand tegen de moderniteiten als een simpele Google Hangout. Mijn hoofd was nergens op het scherm te bekennen, maar mijn hart en stem waren er des te meer bij. We bespraken De Bijenhouder van Aleppo van Christy Lefteri.

de bijenhouder van aleppo

Ik was er in januari vol verve aan begonnen, maar na het zien van de film ‘For Sama’ kon ik niet meer verder. Het blokkeerde daarboven. Ik was heftig onder de indruk van de beelden die nog op het netvlies stonden geschreven. De rauwe realiteit, een stukgeschoten wereld, waarnaast elk virus verbleekte, omdat alles letterlijk in puin viel en ontelbare slachtoffers maakte. Als in een keer alles wat deel uitmaakt van de basis wordt weggevaagd en slechts de grondvesten achterblijven, letterlijk en figuurlijk, waar begin je dan aan een wederopbouw.

Het schrijnen van de realiteit bleef achterwege in deze geromantiseerde boekvorm. Er zaten prachtige stukken in en toch bereikte het niet de diepte waardoor het wegleggen onmogelijk zou zijn. Verrassende wendigen bevatte het zeker. Voor mensen die zich minder verdiept hebben in alles wat met de vluchtelingenproblematiek te maken heeft, is het een goede inleiding. Al komt de barre ellende van de vluchtelingenkampen in Griekenland en Turkije maar minimaal uit de verf.

Deze boekbespreking is vermoeiend voor de mensen, die al de hele dag achter elkaar dergelijke meetings hebben gehad, uit hoofde van hun beroep. Als we na veel gestechel eindelijk de verbinding compleet hebben, valt er nog meer dan anderhalf uur wederwaardigheden en boekervaringen uit te wisselen, maar daarna is de koek wel op. Wat missen we het gezellige ‘Wijntje bij Trijntje’-gevoel, waar we doorgaans ieder om de beurt thuis bezoeken en in een avond de drie maanden gemis overbruggen. Een van ons is er ook niet bij, omdat corona een tol heeft geëist in de familie. Incompleet zijn voelt als dubbel gemis. Dat is een opsteker voor een boekenclub die pas krap twee jaar bestaat. Zo zijn we aan elkaar gewaagd en zo heerlijk is het ontmoeten. We rekenen op volgende keer, ergens in Juni met het boek ‘Vallen is als Vliegen’ van Manon Uphoff. Tijd te over om te lezen. Ik ga alvast duimen.

Er blijven ook berichten van buitenaf binnen sijpelen, die onrust teweeg brengen. De intolerante starre houding van een Hoekstra, die allesbehalve een redenaar is. wat moeten we daar nou weer mee. Mijn gevoel zegt, gooi al die restricties overboord, help eerst de getroffen landen in het zadel, daarna zien we wel weer. Het riekt naar Calvinisme, dat behoudende beleid. Hulp is geboden en snel ook. Iedereen valt om, laten we dat dan op z’n minst solidair doen. Dat schreeuwt mijn grenzen-loos gemoed. Het wikken en wegen sluipt binnen met de hoekige houding van Wopke, die zijn naam in alle toonaarden vals recht aandoet.

009

Het gaat niet om wat je verkoopt, maar hoe je het verpakt.  Daar raakt hij duidelijk zelf  in verstrikt en met hem het team erachter. Zoals altijd staan de beste stuurlui aan wal en ik voel met niet gerechtigd om te oordelen, maar het gevoel kruipt, waar het niet gaan kan. Ik heb geen recht van spreken, nu mijn dagen zich aaneen breien. Mijn enige duurloop rond de zuil in mijn kamer is goed voor 3600 stappen of daaromtrent. Het duimen draaiende in ontvangst nemen van de ellende via televisie en krant en het verdrijven van de stille solitaire uren met penseel en Oma-journaal met een verhaal vormen mijn persoonlijke recessie. Ik wens ieder veel wijsheid toe en een fijnbesnaard gemoed ondanks de crisis, want dáár begint toch altijd weer die medemenselijkheid.

Uncategorized

Welkom

Het wordt een uitgelezen dag. Letterlijk en figuurlijk. Toen ik om zeven uur de galerij afwandelde om de krant uit de brievenbus te halen, kleurde de hemel haar genoegen over de daling van het fijnstof. De vogels stemden mee in, door luid gewag te maken van een ongestoord genieten. En ik genoot mee. Net voor ik de hal indook, piepte de zon beloftevol boven de daken uit en refereerde aan een winters verschijnsel, maar nu in een nieuwe jas. Zie de zon schijnt door de bomen. Hoe een mens geluk kan voelen. De krant brengt alles wat ik niet echt wil horen met hier en daar de kleine juweeltjes er tussen door.

IMG_8910

Koffie, yoghurt met honing, een krant en zon.  Naast me de bijenhouder van Aleppo. Ze moet uit. Vanavond hebben we een rendez vous via google hang-out. Binnen de kortste keren is onze digitale wereld uitgegroeid tot algemeen communicatiemiddel. Ik lees over tachtigjarigen, die voor het eerst een smartphone in handen hebben en er mee aan het bellen zijn als met een ouderwetse hoorn. De ontvanger ziet alleen een glimmende schedel als een nieuwe planeet aan het firmament. Alleen die voorstelling al ontlokt een brede lach. Daarna filmt hij zijn oorschelp als waren het de grotten van Han. Bij het idee alleen al, zit ik weer te schuddenbuiken.

paprikahart

Alle beloften staan in de ijskast, nu de premier heeft bevestigd wat we allang wisten. Voorlopig zijn we nog niet van de dreiging af, ook al belooft het vriendelijke klimaat anders. ‘Wees wijs, blijf binnen’ is het devies. Dus loop ik mijn rondjes om de zuil. Het minimale, 2860 stappen tot ik er een beetje duizelig van ben. Ik pluk wat groen van het balkon, snij per ongeluk paprikaharten voor de aubergine/harira schotel en ontdek dat ik alleen de tajinekruiden heb en zie tot mijn verbazing dat de potten op zomerdroogte staan. Nog even wennen aan de overgang. Drie gieters vragen mijn planten.

Resumerend over de dagvulling bedenk ik dat ik vriendin ben vergeten te bellen en neem me heilig voor omdat vandaag te doen. En nu virus zo lang blijft rondwaren, krijgt mijn verhaal voor het Oma-journaal, dat ik dagelijks de aether inslinger, het imago van elastiek. Steeds verder rek ik Virus haar bezigheden op, terwijl Bepperd de Bofferd, Uil en Ko Nijn druk in de weer zijn om Addertje onder het gras te overtuigen dat hij  wat gezond verstand in moet fluisteren. Addertje onder het gras heeft als vriend de mol gekregen. Gewoon, omdat het de nuchtere observant is, die ‘als je hem wat vraagt, nooit nee zegt. Nee’ en dat eindeloos herhaalt.

91453527_223869885488636_1065250285403823120_nUil, Bepperd de Bofferd en Ko Nijn.

Het is zo’n heerlijk tijdverdrijf om karakters uit te diepen. Geagiteerde Bepperd de Bofferd, Lijzige Uil, angstige Ko, sluwe Addertje onder het Gras en nuchtere Mol. Ziedaar de krant en wat er vol mee staat. Ik moet vaak denken aan verhalen als de koning van Katoren, waarbij de hele politiek haarfijn werd opgelepeld. Moeiteloos werd het gesteggel in Den Haag aangehaald door Terlouw die er midden in zat. Hoe luister je als schrijver naar een debat. De opmerkingen kleien zich vanzelf in een personage, stel ik me zo voor. Met Terlouw, de nuchtere beschouwer als dappere Stach, of niet?

IMG_8911

Virus is inmiddels verder gevlogen van Parijs over Belgie weer terug naar Nederland. Ze heeft langzamerhand last van een virusmoeheid. Eigenlijk wil ze het liefste knuffelen, maar ja. Alles wordt ziek om haar heen. De kleinzonen bedenken de meest fantastische oplossingen en zo kan oma nog een tijdje voort, maar liever niet te lang. Een lichtpunt aan de horizon zou zeer welkom zijn. 😉

 

Uncategorized

Wat belangrijk was en telde

De persoonlijke vlag kan uit. Nee, niet voor het onderwijs, die wijselijk genoeg beseffen, dat alle inspanning van hen een druppel op de gloeiende plaat is, vergeleken bij de mensen die daadwerkelijk aan de haard van de ellende staan. Zij hebben ieders en mijn onverdeelde waardering tot in het diepst van mijn ziel. Ik ken als geen ander die wereld, het dagelijkse gevecht. Niet alleen in tijden van een virus die alle lagen van de bevolking treft, maar altijd. Zij maken het verschil in een te bewandelen weg, die door de kwaal moet worden ingeslagen. Ik zou willen, dat ik er nog dienst van uit kon maken. Maar zie mij nu, geveld bij het eerste het beste besmettingsgevaar. Het zijn momenten waarop mijn hart bloedt.

Nee, mijn persoonlijke wimpel dan maar. Ik heb twee deadlines met succes behaald. Dat is heel wat voor een ‘Laissez-faire-achtige’ vrijheid. Een leven dat zich niet kenmerkt door de dwingende uren die een klok slaat, maar die de dag vrijelijk binnen laat stromen. Vroeger of later is volstrekt geen issue. De invulling kent geen heilig moeten. Het blijft een beetje lummelen, met dat gekluister aan huis. sterker nog, ik moet mijn best doen om te blijven lezen en niet te verdwijnen in makkelijke kruiswoordraadselen uit de krant, die ik, door één tip op te lichten van mijn gedachtegoed, weet in te vullen. Gemakzucht ligt op de loer.

Geen enkele drang is er om het huis een frisse schoonmaakbeurt te geven en net als vroeger tapijten naar buiten te trekken en te schrobben tot ze huilend over de balkonrand hangen. Geenszins de neiging om een sauskwast of roller ter hand te nemen en de muren van een oogverblindend frisse verflaag te voorzien. Niets van dat alles. Ik blijf zitten op mijn inmiddels doorgezeten en gesleten bank, loop af en toe twee kilometer om de zuil in een variatie van de wereld rond in tachtig rondjes en kook een laffe hap voor zoonlief. Gisteren at ik een hele plak fairtrade caramel met zeezout flinterdun, schuldbewust en toch genietend. En ik vroeg me af of ik me al  moest schamen.

IMG_6606

Maar nu ik de deadline heb volbracht, gloort er weer hoop aan de horizon, een nieuw elan. Er hoeft enkel nog maar een boek uitgelezen te worden voor morgen en er valt wat te penselen in de marge. Voor de rest is er niets wat aan me trekt. Nou ja, het verlies dan. En de droevige boodschappen die doorsijpelen. De moeder van de man van een van mijn beste vriendinnen, vrij plotseling toch nog overleden, ongekend verdriet op afstand en niet eens in de gelegenheid om, voor de familie, lijfelijk iets te kunnen betekenen. Dat voelt onmachtig en zuur.

Voor een van de deadlines had ik een voorval uit de praktijk nodig van mijn werk als waakmaatje. Daarin beschreef ik een nacht naast een stervende medemens. Ineens was het besef er des te schrijnender. Die eenzaamheid, waarin velen verkeren. Hoeveel mensen nu, zonder onze aanwezigheid, er tussen uit glippen. Geen toegestoken hand om rust te brengen, geen liefdevolle familie om hen heen. Ze zijn aangewezen op de niet aflatende zorg in de visionaire pakken, die elke verbinding met de werkelijkheid te niet lijken te doen. Die surrealistische wereld van ellende, een voorportaal voor een onwerkelijke  dood. Sterven in vervreemding.

014

Mijn vlag gaat alweer halfstok. Er is geen enkele reden om ons maar ergens over te verheugen, zolang de klappen van deze infectie zo intens voelbaar blijven . Laten we onthouden wat het met de wereld deed, laten we onthouden en koesteren wat belangrijk was en telde.

Uncategorized

Harten voor het oprapen

Gisteren na rijp beraad met de ratio, toch de stoute schoenen aangetrokken en met mijn zwarte handschoenen aan en het zwarte snoetje van zoonlief voor, naar de kleine blauwe Prins getogen, die direct enthousiaster leek te stralen. Ach, wat kan je kleine materie, waar je hart aan verpand is, toch missen, die trouwe vierwieler van de aanminnige soort. Het voelde direct weer vertrouwd, na drie weken rijstilte. Nu pas zag ik hoe stil de snelwegen waren in vergelijk  met voor de crisis. Geen dikke rijen, lange files, maar ademloos veel ruimte om me heen.

Uit de radio klonk het vertrouwde geschetter van een plaatselijke zender en liet me weten wat ik al bevestigd kreeg door naar buiten te kijken. Nederlanders hielden zich, op een enkele uitzondering na, goed aan het advies. Wie wil er nu niet voor intelligent doorgaan bij zo’n halve lockdown.

 

De Tom-Tom wees de weg en dat was maar goed ook, want ik had de hockeyvelden aan de hele andere kant van het dorp gedacht. Ik tufte langs toen ik zuslief zag zwaaien vanuit mijn ooghoeken. Ze stonden er al. Twee fietsen en kleedjes op het gras, ruimschoots uit elkaar, de auto van mijn jongste zus, waarlangs ik die van mij laveerde. We hadden elkaar innig gemist. Ik had instructies gekregen van zoonlief. Raam half open, uit de wind gaan staan en meer van die vaderlijke betuigingen. Ik en zus hadden eigen koffie, de andere twee deelden op een afstandje stond zwager, die zich letterlijk en figuurlijk afzijdig hield van het gekakel. Wat een vreugde. Het maakte niet uit wat er gezegd werd, hoe de omsstandigheden waren, maar gewoon: Het oude vertrouwde, de lieve gezichten, grapjes die aankwamen, ervaringen die gedeeld konden worden.

Na een stief uurtje gingen we weer, ieder naar de eigen bezigheden, gelaafd voor een week, volgende week weer. Er lagen dropjojo’s in het dashbordkastje. Mmmm. kleine zonde. Dat maakte het helemaal af. Om de paar dagen vroeg zoonlief of ik nog iets nodig had. Soms verzon ik zo’n snoeperijtje, maar doorgaans vergat ik het. Er was vooral veel gezond met die afgetrainde telgen om me heen.

 

Vandaag liet de mail weten, dat Pluis jarig was vandaag. Een fictieve verjaardag want op de gok genomen met het terugrekenen vanaf de dag dat ik haar ophaalde in Ermelo, of all places. Mijn lieve balkonkat was van oorsprong in de genen een echte originele boskat met een moeder die door de bossen rond Ermelo kon struinen. Het uitte zich nog door haar hang naar het balkon. Sinds daar sinds enkele maanden de zwart-witte van de buren neerdaalde vanaf de hoge muur tussen de twee balkons in, was Pluis bedachtzamer geworden. Ze blies ernaar en mepte. Mijn terrein, liet ze de indringster weten, die dapper terugsloeg. Beiden zijn geen vreedzame Minoes. De datum ontbreekt bij de DNG, dat voor databank voor gezelschapsdieren staat. Met goed zoeken in mijn google fotobestand vind ik haar terug als kleine wollebaai.

IMG_8874 Hotspot

Ze is van Maart 2016 en derhalve pas vier jaar oud. Ze voelt jaren ouder. De openslaande deuren naar haar vrijheid toe herbergden tot haar grote verdriet geen kattenluik. Ze moest ‘uitgelaten’ worden bij de gratie van onze aanwezigheid. Ze kent ongekende dagen ten tijde van deze Crisis. Verjaardag vieren op hoog niveau. Er komt geen einde aan haar buitenleven. Toch verkiest ze soms liever haar favoriete doezelplek, ongestoord, hoog en droog.

stenen hart

Het weer viert haar verjaardag lustig mee. Ondertussen is het doek weer toe aan een nieuwe worstelpoging en staan er nog twee deadlines op het program. Vandaag af maken, anders wordt het te onrustig in de bovenkamer. Facebook stuurt me een stenen hart, vastgelegd op mijn wandeling een paar jaar geleden. Voor ieder die het nodig heeft, een extra hart onder de riem. Uit de serie: ‘Harten voor het oprapen’.

Uncategorized

Voor straks en voor later

Aleid Truyens geeft een minstens zo prikkelend antwoord op wat ze noemt ‘een prikkelend essay’ ‘Ontvadering-Het einde van de vaderlijke autoriteit’ van Frank Koerselman over het verlies van vaderlijk gezag en autoriteit in de Volkskrant van gisteren. Het begint met een anekdote. Een Frans jongetje rende naar zijn grootvader, toen hij geschopt en geslagen werd. De grootvader omhelsde en troostte hem niet, maar beet hem toe zichzelf te verdedigen. In het Frans klinkt dat nog meer afgemeten, als hij dat ene woord sist: Défends-toi’. Koerseman onderschreef de houding van de grootvader. ‘Niet huilebalken maar terugmeppen’.

Dat brengt me naar een voorval uit het verleden. Ik was een stevig kind. Te veel jaren hadden goedbedoelde buurvrouwen mijn schattige krulletjes omgezet in extra koekjes, drie in de pan en boterhammen. ‘Wat kan ze lekker eten’, vonden de dames

75936_298351476932204_1752179240_n.

De nadelen daarvan hebben een lange nasleep gehad. Maar aan de dikkigheid an sich lag het niet. Het was meer de manier, waarop ik me ermee in de strijd wierp. Schaamtevol, onzeker, schuchter en faalangstig. Kortom het verlammende scenario. Toen ik dan ook op een gegeven moment ruzie kreeg met een van de haaibaaien van de buurt, een meisje dat niet bij mij op school zat, begon het getreiter. Ik werd opgewacht na school. Het liefst op het landje achter het huis of in de smalle poort ernaar toe, waar ik geen kant op kon. Ze had een groep gelijkgezinden om zich heen verzameld en ze waren met drieën of vieren. Daar, in die stille poort, kreeg ik dan een schrobbering van formaat tot ik  huilend ik de tuin in rende. De eerste keer ook naar binnen. Stikkend van woede en verblind door de tranen met bloeduistortingen op benen en armen. Mijn moeder zat aardappelen te schillen. Ze stopte niet met de handeling. Ik deed mijn verhaal. Er werd geen emotie getoond, geen medeleven, geen ach en wee. er werden geen zalfjes en kussen uit de kast geplukt, maar ik kreeg als advies een nuchter; ‘Ga eens met ze praten’. Vanaf dat moment vielen een aantal emoties in het slot. Nooit zou ik er nog iemand deelbaar van maken. Dat was de les.

IMG_8868

Een  ander voorval  heel veel jaren later. Ik werkte al op school. De groep ging uit. Het was hectiek, want er zaten rond de dertig kinderen in, die allemaal door hun vader of moeder werden opgehaald. Een jongetje wilde aan zijn vader de kuikentjes laten zien die onder de groeilamp op de balie stonden. Hij wipte erop en wees ze en voor een aan. Zijn dromerige, altijd wat afwezige blik, vulde zich met liefde en genegenheid. Hij was zo enthousiast dat hij te ver over de balie heen schoof en ineens aan de achterkant in de gemeenschapsruimte stortte. Het jongetje dat nooit huilde, brulde dikke tranen. Zijn vader knalde er een keiharde vloek achteraan en liep om de balie heen om zijn zoon bij de arm te grijpen en hem te sommeren op te houden met huilen. ‘Dat doen we niet’. Er vielen veel puzzelstukken op hun plek in dat ene ogenblik. Toen ik later het verhaal hoorde over zijn huiskonijn dat steevast de kerst niet haalde, een soort ‘Flappie avant la lettre’, dacht ik het mijne van die Spartaansche opvoeding. ‘Een … huilt niet’ was het adagio. Het goldt zowel voor hem als voor de zussen.

Ze verhuisden voordat ik grip had op de thuissituatie en dat was niet de eerste keer. Psychiater Koerselmans schrijft dat zonder vaderlijke waarden, borderlineachtige identiteits-‘fluïditeit’en Narcistische zelfoverschatting van symptomen tot norm worden. Toe maar. Terugmeppen zou ons behoeden versus de softe aanpak van moeder de vrouw. ‘Zachte heelmeesters maken stinkende wonden’ werpt het verleden op. Aleid Truyens weet het antwoord. De samenleving kan het best stellen zonder ‘IJzeren Heinen’ als gezinshoofd, is haar eindconclusie.

troost 3

Ik ben het met haar eens. Ik hou van mannen en vrouwen, die mens durven zijn met gevoel en empathie, met liefde en compassie. Daarmee zal de wereld een stuk evenwichtiger worden, dan toen de man zich de alleenheerserij toe eigende in een eigen maakbaarheid en in hun superioriteit boven het leven gingen staan. Factor tijd speelt een rol. We hebben de gelegenheid gekregen om voldoende tijd te steken in meerdere waarden, om prioriteiten te verleggen. Deze tijd schudt nog meer door elkaar dan anders en verlegt de aandacht automatisch naar elkaar in de naaste omgeving. Om te koesteren en vast te houden, voor straks en voor later.

Uncategorized

Even doorzwoegen nog

De eerste opdracht is bijna af. De tweede opdracht is een verrassing voor iemand en moet tot in de kleinste details lijken. Juist om die verrassing en vanwege het feit dat de ontvanger mij vreemd is, is het een pittige. Wat op de ezel staat lijkt, maar nog net niet helemaal. Ik boetseer me drie slagen in de rondte en schroom niet om alles te wissen en overnieuw te beginnen.

Vanmorgen liep ik naar beneden zoals elke ochtend om de krant te halen. De lucht was helder, het mooiste blauw van ooit. Een voordeel aan de crisis, met al die autoluwe wegen. Er hing lente in de lucht. De vrieskou was verdwenen. Bij het terug lopen op de galerij, inspecteerde ik de door de winterkou van de afgelopen dagen, zieltogende overgebleven geraniums van vorig jaar. Ze vochten met kleine groen ontluikende blaadjes dapper in een hernieuwde tweede poging om het wintergeweld te overleven. Ik was bijgaand trots op ze. Beneden achter het hek, lagen schots en scheef allerlei maten en soorten takken.

IMG_8853

Van de Kauwtjes daarboven, wist ik.  Ze hadden hun nest in de goot gemaakt. Ik moest lachen om de slordige haast, waarmee ze de toevoer hadden aangevlogen. Er lag een half nest hier beneden. Ik keek omhoog. Daar zat ze. Parmantig, met een observerend koppie en kraalogen, nam ze mij en de omgeving in ogenschouw. ‘Hoog en droog’ dacht ze vast en zeker en dus veilig. Met al die, zij het wat betrekkelijke rust van de weg er naast, een uitgekiende plek om een nest te bouwen. Waarschijnlijk is het het koppel dat al een jaar of vijf op dezelfde locatie nestelt. Ik hou van hun latijnse naam. Zoveel geheimzinniger dan het plompe kauw. Corvus monedula. De koppels blijven elkaar trouw voor het leven, leert een zoektocht. Het zijn de kleinste leden van de familie van de kraai.

100_5400 Corvus van de tuin

Op de tuin zitten hun oom en tante, een koppel kraaien. Donkerzwart en glanzend, imponerend groot en aanwezig. Ze hebben de boom van het stuk open veld uitgekozen. Als ik langs loop begroeten ze me met alert gekras. ‘Ik zie je wel, doe geen dingen die je niet kan verantwoorden’ krakélen ze. Onder hen zoemen de bijen in hun korven rond en aan de andere kant van de stam schuren de schapen hun vacht. Ik zie ze voor me en mis de tuin in volle hevigheid. Gelukkig heeft de ouwe, nu hij weer helemaal op de been is, mijn wilgen gesnoeid voor een takkenril naast de plek waar zijn nieuwe glazen paleis moet komen. Zelfs de brandnetels en de oude nicandra takken heeft hij opgeruimd. De oogst van een losbandig leven. Ze waren al woekerend bezig de tuin over te nemen. Het doet me deugd te weten dat hij een beetje voor mijn paradijs zorgt. Met maaien belooft hij ook mijn lapje mee te nemen. ‘Beter een goede buur dan een verre vriend’ is hier meer op zijn plek dan ooit.

Vanmiddag voor het Oma journaal zal ik een ode brengen aan zijn oom en tante, maar dan die van Annie M.G. Schmidt. Haha. Niet die uit Aerdenhout( de kouwelijke oom en tante), maar die uit de eikenboom in Laren. Zo grijpen de schakeltjes weer in elkaar en vormt de dag zich als een goed geoliede machine. Maar we beginnen met het trekken en duwen van de olieverf. Ik ben er bijna. Het gaat om de kleinste details, maar dat is ook het moeilijkst. Even doorzwoegen nog.

Uncategorized

Zo diep gaan als wenselijk is

In de brochure voor cursussen van het HOVO, een instelling die cursussen op HBO en Universitair niveau aanbiedt voor mensen boven de 50, staat er een, die ‘Gelukkig of zinvol’ heet. Het handelt over de psychologie en de filosofie van het goede leven. Ze brengt te berde, dat het op dit moment gaat om een gelukkig of zinvol leven. Ik weet niet wanneer de thema’s zijn bedacht, maar ik heb het idee dat onder de huidige omstandigheden de tweedeling mag worden aangepast. Op de allereerste plaats staat, nu we allemaal in de greep zijn van het virus, gezondheid met stip op één. Je bent gelukkig af, als je niet overvallen wordt, door de sluipersvoeten van het vermaledijde beestje en zeker wij, van boven de vijftig. Ineens zijn we ook wij. Mensen met een chronische aandoening, mensen boven de vijftig heten vanaf de eerste uitbraak, met de komst van de eerste dodentallen, de ouderen. Gezonde mensen en jonge mensen hebben een streepje voor. Ben je dan per definitie gelukkiger of krijgt het leven meer betekenis en wordt het daarmee zinvoller. Ik waag het te betwijfelen. Er zijn nog steeds zorgen, er is angst en leed.

IMG_8831

De omstandigheden zijn dusdanig, dat ik filosofeer over de waarden van het leven en de verschuiving die daarin plaats vindt. Ik ben een enorme knuffelkous. Ik kan niet met mensen in gesprek gaan zonder een hand, de arm op de schouder, een liefkozing of aai als er een band is. Nu zit er glas tussen en een digitale afstand, lopen zoonlief en ik in elkaars vaarwater als waren we een slagschip van betamelijke afmetingen. Maar ik kreeg er wat anders en iets waardevols voor terug.

Vanaf het moment dat ik koos voor de betrekkelijke solitude, daalde er rust over me heen. Zo zeer, dat ik de geest weer vrijelijk kon laten stromen en er zich gedachten ontwikkelden, die om te koesteren zijn. De social media heb ik nodig voor de impuls en de inspiratie, de associaties en de lichtpunten, maar daar tussendoor kan ik me helemaal focussen op mijn eigen bezigheden. Dus schrijf ik er lustig op los en eindelijk voel ik de kalmte wederdalen in mijn hele eigen manier van schilderen. Om met BLØF te spreken: ‘Hier ben ik veilig, hier ben ik sterk, hier ben ik heilig, dit is mijn kerk’. Waarbij de ‘jou’ vertaald kan worden naar de totale vrijheid. Het privilege om eigen keuzes te maken, om af te strepen van wat in de orde van belangrijkheid telt in mijn ogen, om iets te laten liggen en met iets anders verder te gaan. Het ontdekken van die rust is de zingeving, het betekenisvolle van het moment. De knoppen van ‘het heilige moeten’ staan uit. Ik drijf op de golven van mijn eigen geluk en voel me ongelooflijk in evenwicht daardoor. Dat is de meerwaarde van het geheel.

065

In de vorige blog kwam het al ter sprake. Door zo op jezelf te zijn teruggeworpen en er mee bezig te blijven, ontmoet je de kern van het eigen bestaan. Ontvang je gedachten los van de context, maar in pure omvang. In deze omstandigheden is het mogelijk om de bron aan te vinken. De ene gedachte roept de andere op. Zo gaat dat en nu is er tevens de ruimte om die onbezoedeld en vrijelijk te laten stromen. Is het daarom, dat mijn werk zoveel lichter wordt, dat er puzzelstukken op haar plaats vallen, dat deze solitude contemplatie brengt. Balans en evenwicht, het goede leven, met meer betekenis dan ooit, door af te dalen naar de kern.

089

Geluk zoeken is een moeizame en soms teleurstellende weg, maar als we wachten zonder er zelf invulling aan te geven, wie weet. Misschien wordt dan die wijsheid uit het verleden bewaarheid: ‘Geluk komt je vanzelf aanwaaien, je moet alleen wel in de wind gaan staan’. Die vrijheid hebben we. Buiten is een brug te ver, maar van binnen kunnen we zo diep gaan als wenselijk is.

Uncategorized

De vriendschap, die ik voelde

‘Oude liefde wordt misschien doffer maar roest niet’ is de conclusie van Hanneke Groenteman in haar column in het nieuwe nummer van maandblad Zin’. Dat oude liefde niet roest, heb ik de laatste jaren wel bewezen, door de eerste grote liefde weer op te zoeken en de destijds gesmede band, glorieus op te poetsen.

Er was echter een vriendschap, die heftig bleek te roesten. Het begon onopgemerkt, zoals in een huwelijk, waar de eerste kleine barsten verkrakelen tot grote en die tenslotte uitgroeien tot sleetse plekken. Een opmerking hier en daar, afwijzend, afkeurend soms. Niet openlijk maar in bedekte opmerkingen, die terzijde leken, maar de kern raakten. Dat zijn de ergste en de voorbodes van een wisse dood van de vriendschap. Kleine ‘stekeleteeën’, zoals ik ze noem. Onderhuidse speldenprikken of die, die recht onder de nagel worden gestoken. Ik voelde de pijn. Lag het aan de ontvanger, dat er mee gebeurde wat er mee gebeurde?

185

Een ingeslopen gewoonte, elke zondag om drie uur elkaar ontmoeten, met stille verwijten als er geen tijd genoeg was om die ongeschreven belofte waar te maken. Een kringloopgang die afgemeten in twijfel werd getrokken door een ‘voort wat, hoort wat’ principe. Jij niet op de zondag, ik niet mee naar ander vertier. Het schuurde en schrijnde en bleef doorwerken. Had ik de gezonden boodschappen goed verstaan of was het mijn eigen aanname die zich opwierp als het obstakel van de vriendschap. Jaren van kleine voorvallen trokken voorbij. Ineens was het genoeg. Klaar. Ik wilde geen oordeel, ik wilde vriendschap, onvoorwaardelijk lief en leed, met vallen en opstaan, maar te goeder trouw en met begrip. Geen afkeurende blikken, geen afwijzend gesis tussen de dunne lippen.

Het is al jaren geleden en ik weet wat nu de aanleiding is geweest voor de breuk. Ik heb het nooit, met ook maar één woord, tegengesproken. De uitgesproken meningen niet, de inkleuring van mijn impulsieve handelen, de sluier van negativiteit die over een gebeurtenis werd heen getrokken, het voelbare wantrouwen. Nooit uitgedaagd, gevraagd wat er mee bedoeld werd. Het bleef bij zo’n afgemeten opmerking en mijn piekerend zwijgen. Wat werd hier in godsnaam gezegd, vertaalde ik het wel goed, ik zal het wel bij het verkeerde eind hebben. Lastige zelfanalyse, als je je eigenwaarde niet op orde hebt. Dat lag er als de basis namelijk onder. Onzekerheid, het zal wel fout zijn, zij heeft zoveel meer levenservaring, wie ben ik.

048 Beschouwen op z’n tijd

Hanneke Groenteman heeft het bij het rechte eind als ze schrijft ‘Veel ingewikkelder dan de liefde is de vriendschap’. In ieder geval deze ene uitzonderlijke vriendschap. Er zijn er veel, waar het me moeiteloos afgaat, omdat we elkaar in intense situaties dagelijks hebben leren kennen. Dit was een vriendschap, die laat ontstond. We waren al bijna oud. Ze was kort, maar hevig. Het gaf misschien te denken, waar het op doorgronden aankwam. Dankzij deze column volgt een analyse, die ik een aantal jaren geleden al uitgevogeld had. Ik weet haarfijn uit te rafelen waar de kneep zit. Niet bij vriendin, niet bij de omstandigheden, niet bij het tijdsgewricht, maar bij mij en mijn eigen tree in de ontwikkeling. Ik moest nog doorgroeien. Zo is het leven opgebouwd uit leermomenten. Soms een terugval om weer aan te kunnen haken, soms een besef dat als berouw na de zonde komt, soms als een loutering na de feiten.

Ik zag haar deze winter toen ik uit de auto stapte. Ik groette met heel mijn hart en kreeg een afgemeten knikje terug. O ja, dat was waar. Ik voelde alleen en had de ratio buiten spel gezet. Het was de vriendschap, die ik voelde.

Uncategorized

De maand waarin alles anders werd

Bij de actie Binnenkijken van Else Kramer komt de hele maand maart aan de orde. Ik turf niet. Als een mens turft duurt alles langer. Een ruwe inschatting kan ik maken, zo op gevoel zeg ik twee weken. Twee weken binnenblijven voor eigen bestwil. Een gevalletje: risicofactor op aannemelijke schaal. Hart en longen hebben al eens een hoofdrol gespeeld in mijn levenswandel.

IMG_3097 Soms bijna een berg te hoog

Ik plooi het leven om de kwaal en doorgaans gaat dat me goed af. Soms met wat vallen en opstaan, omdat  op de wandelingen de Utrechtse en de Veluwse heuvels aan de hoge kant zijn, maar doorgaans met een ijzerenheinigheid in een gestaag ritme. Bij deze dreiging is ratio en gezond verstand de beste leidraad. Er is een maand aan vast geplakt maar in mijn hoofd reken ik op eind juni, met de hoogst mogelijke voorzichtigheid.

Maart kenmerkte zich in een maand van uitersten. Het ziekenhuis lag nog open op mijn vrijwilligerspad. Halverwege de maand heb ik ze in de steek gelaten, zo voelde het. Eigenbelang als een addertje onder het gras, niets was minder waar. Het was omdat de kinderen aangaven nog even niet zonder te willen, het zekere voor het onzekere te kiezen en daarmee de kansen te vergroten ondanks het adagio ‘Als het mijn tijd is…’ Regeren is vooruitzien. De voorstellingen op scholen en in dorpszaaltjes begeleidde ik nog tot half maart. Maar ook daar kwamen hoestend in de elleboogplooien van hun truien het gevaar op sluipersvoeten dichterbij. Streep erdoor. Wat verder nog. Een enkele boodschap. Daarna volgde quarantaine voor eigen bestwil.

De maand Maart was van een vol sociaal leven teruggedraaid naar een stilgevallen tijdsbeleving. Dagen regen zich aaneen. Krant spellen, schrijven, pillen, douche, schilderen, Oma-journaal, eten koken, televisie of eventueel een Blacklist op Netflix voor de hoognodige spanning en sensatie. ’s Avonds een boek en de dagelijkse kruiswoordpuzzel uit de krant en eventueel ertussendoor nog een film als die zich aandiende.

Gisteren kreeg ik ineens de film van Petra en Peter Lataster onder ogen. ‘De kinderen van Juf Kiet’. Een docu over een juffrouw, die een groep met migrantenkinderen begeleidde. Veel over gehoord, maar nooit gezien. Verbaasd over haar afgemeten toon aan het begin, werd me weldra duidelijk dat dat een tweede doel diende. Met haar kinderen in de groep onderschreef het duidelijkheid. Ze bleef te goeder trouw in het begeleiden. Ook al toonden de beelden van de gebeurtenissen een ander verhaal, dan nog verpakte ze het in als vergissing of misverstand. Met liefde zorgde ze zo te allen tijde voor een trotser gevoel bij de veroorzaker en een aarzelend overpeinzen bij het slachtoffer. Geenszins werd die instabiele kindervrijheid beknot en ingedamd. ‘Geen trauma’s erbij, ze hebben er al genoeg’, sprak uit haar houding.

Schrijnend waren de kinderen die met hun trauma’s zichtbaar in afwerend gedrag, vermoeidheid en hoofdpijn bij haar binnen kwamen. In de tijdspanne van een uur sloeg mijn verbazing om in bewondering voor deze sociale invoelende juf Kiet, die op niveau van de kinderen ging zitten en vandaar uit te werk ging, waardoor het grote hart en de glans van haar handelen zich weerspiegelde in het gedrag van de kinderen. Parels van dit stilgevallen leven en de vraag rees, wat deze maand voor die kinderen zou betekenen.

29f6695d-0cf4-4e92-ab58-1ec1b2bd8fde

Dochterlief kwam ’s morgens gezellig op de koffie. Ze had van te voren gebeld. Even zonder de kinderen bijkletsen. Lafenis voor haar en afwisseling voor mij. Ik had een tafel en stoel voor het raam gezet. Een thermoskan koffie en een kop op de tafel. Zachte kussentjes in de stoel. Het werd een genoeglijk uurtje. Hilarisch, schrijnend en liefdevol, met verhalen uit het buitenleven, voorvalletjes, gedachten, twijfels, liefde. Ze bracht hernieuwde energie.

bc9a0035-de8c-4906-be3b-7ecb17913bec

De maand maart , de maand van de tegenstellingen. De maand waarin alles anders werd.

 

Uncategorized

Het hoogste goed

Vorige week keek ik, terwijl de avonden lengden en de ochtenden in diepe rust verbleven, naar de tv documentaire ‘The Bastard’ over een jongen, Daniël, uit Adis Abeba, die op zoek ging naar zijn  Friese vader. Een groter denkbaar verschil is welhaast niet mogelijk. Allereerst waren de Europese trekken bij de man onmiskenbaar vertegenwoordigd. Het was niet moeilijk voor te stellen, dat behalve de kleur van zijn huid, ook zijn hele uiterlijk aanlieding was tot pestgedrag van zijn leeftijdgenoten. Hij was een bastaard. Hij hoorde nergens bij. Het bracht hem een moeizame levenswandel.

 

De vader leek  een afstandelijk man, die zijn gevoel heel diep weg had gestopt en op alle fronten ontkende en zweeg. Dubbel moeilijk was het voor de broer van de jongen, die hem liefdevol had omarmd en in huis gehaald. Bij de Afrikaan sluimerde zijn Afrikaanse adat en het werd meer en meer leidraad voor hun verhouding. Natuurlijk moest de jongste de credits geven aan de oudste. Onbegrip waarom dit achterwege bleef. Kenmerkend voor beide partijen was de vasthoudendheid, waarmee ze zich op het probleem hadden gestort. Er kwam een DNA-test en er lag daarna bewijs op tafel, die de ontkenning zinloos maakte.Toen brak de vader en ontvouwde zijn eigen jeugd. De geschiedenis had zich schrijnend en in volle hevigheid herhaald. ‘Wij kenden de zelfde pijn’, wist de Ethiopiër tenslotte. Daarin werd meer verbinding gevonden dan ooit mogelijk was geweest.

Ik was er van onder de indruk. Met programma’s als opsporing verzocht zijn we wel wat gewend tegenwoordig, maar dit ging dieper, schuurde langs alle grenzen heen. Juist omdat de vader zo hevig en eerlijk er inging. Eerst glashard ontkende, om daarna weer te erkennen. De mens in al zijn facetten. Daarnaast werd eens te meer duidelijk wat een verschil in cultuur de obstakels in een relatie kunnen vergroten. De broer die niets liever wilde dan zijn halfbroer opnemen in diens gezin, maar tegen de cultuurbepaalde rolverdeling aanliep en iets dergelijks niet kon bevatten. Hij stond immers open voor het sociale contact.

250 Een van de aangename verschillen

Ooit heb ik geprobeerd om van twee culturen een eigen cultuur te smeden, maar het kwam niet uit de verf. Op grond van gelijkheid, vrijheid, en vertrouwen was het nog maar een kwestie van tijd om te wachten op het grote onbegrip. Dat moment kwam er in volle hevigheid. Niets is moeilijker dan de liefde uit te laten stijgen boven vermeende gewoonten en gebruiken. Rituelen, die een enorme meerwaarde krijgen en de draad vormen voor een bestaan. Mijn ideaalbeeld was een grenzeloos samenzijn. Dat wenste ik mezelf toe en de hele wereld. Het duurde even voordat ik door kreeg, waar tolerantie op zou moeten haken. Op de souplesse waarop beide partijen er mee om bleven gaan. Rekbaarheid en veerkracht bleek iets wat van twee kanten noodzakelijk was.

De vader beaamde, aan het eind van de rit, dat het hem speet en dat hij zijn vader was. Dat was dat éne woord waar Daniël genoeg aan had. Verder had hij niets meer nodig. Zijn vader, een man die dezelfde pijn deelde als de zoon. Daarmee was alles gezegd.

Daniël hield aan het eind een monoloog.‘Ik heb zijn bloed, ik heb zijn aard, ik heb zijn botten, ik maak deel van hem uit, ik weet het. Dat is de menselijke aard, ik begrijp hem(…)ik weet dat hij me begrijpt, en ik snap het met één woord’. De vader had veertig jaar lang geleden onder zijn eigen ontkenning, totdat hij het toegaf. Dat éne woord vergezeld van een welgemeend ‘Sorry’.  Dat gaf hij hem tenslotte. ‘Daniël ik ben je vader’. Daarna was het goed. Geen rancune meer, geen verwachtingen, maar weten dat het voldoende was. De erkenning van zijn bestaan. Het hoogste goed.

 

Uncategorized

Hoe klein groots kan zijn

Voor het eerst is er schommelende stilte, nu het leven is stilgevallen en thuis blijven de enige optie is.. Ik zoek de schaduwen uit de opdracht van Else Kramer, die ons uitdaagt met het fototoestel op avontuur te gaan in eigen huis. Ik denk aan de vele schimmenspelen, die ik de kinderen op school heb laten spelen. Laken aan de lamp geknoopt in de kring, dia-apparaat erachter, kinderen met hun zelfgemaakte stokpoppen en stokmonsters erbij en klaar is Kees. De voorstelling kon beginnen. Of een laken spannen in de open wanddeuren van de entree van de groep, wij ervoor, acteurs erachter en daar gingen ze. Een simpel lied van opa Bakkebaard. Ieder beeldt een handeling uit. Hij veegt de vloer, hij stoft de kast, hij zeemt het raam. Opa Bakkebaard houdt van proper. Ze zijn allemaal laaiend enthousiast. Schimmenspel is er met name, om de meest schuchtere kinderen onder ons te laten opbloeien. Ze zien me niet en ze zien me wel. Een ware toverformule.

IMGP2403-001 Het concept om verlegenheid te overwinnen, nog vaak gebruikt.

Dat herinnert me aan een frêle meisje in een van mijn eerste jaren voor de groep. Ze was geestelijk zo breekbaar als ze eruit zag. Bij het minste of geringste klapte ze dicht. Waar anderen stonden te trappelen om wat te vertellen in de kring, hield zij haar lippen stijf op elkaar, laat staan optreden op het podium bij de weeksluiting. En ik wist, hier moest gekieteld worden. We verzonnen een televisieoptreden. Van een grote kartonnen doos werd een televisie gemaakt en zo, dat degene die de omroeper zou spelen, erachter kon liggen en met een handpop de aankondiging zou doen. Ik keek de kring vragend rond. Wie diende zich aan op moment suprême. Een schuchter stemmetje. Dat wilde ze wel eens proberen. Het werd een grandioos optreden, niet op de laatste plaats omdat hier dijken zo hoog als huizen werden geslecht. Overwinnen en zegevieren. Vanaf dat moment brokkelde ‘Verlegenheid’ in stukjes en beetjes af.

Mijn eerste kennismaking met het schimmenspel waren de handen op de muur bij de schemerlamp. Grote grillige monsters met opengesperde bekken, die woest met mijn broers stemmen brulden. ‘We komen je opeten’, whaaaa’. We griezelden heerlijk mee. Toen ik voor het eerst de verteller Indra Kamadjodjo op televisie zag, zoog hij me rechtstreeks de wereld in van Gamelan en illusie. Daar ontspon zich de geheimzinnige, voor een klein kind, mysterieuze wereld van de verre Oriënt. Ik weet niet meer of ik de geuren van Batik en Djati-hout toen al kon ruiken of dat ik die later onder de herinnering heb geplakt. Zijn kostuum ademde de sfeer van het rijke indonesie, batik en wajang golek en goud op snee.

Op 15.04 kom je Indra tegen

Hij droeg met zijn dunne ijle stem de verhalen voor van het kleine bescheiden hertje Kantjil of Kancil. Zijn sierlijke handen met de extreem lange en exotische duimnagel gaven het dier haar breekbare verschijning in het licht van de lamp. Op de muur verscheen het kleine dwerghert en maakte de meest spannende avonturen mee, waarbij Indra niet schroomde om er zelf een flinke dosis theater in te stoppen, als hij zijn hoofd met subtiele knikjes liet wiebelen. Ademloos heb ik gekeken en het voor eeuwig in mijn geheugen geprent.

IMG-8730

Dit kon je dus doen met beelden. Fantasie opwekken en mensen laten reizen over de grenzen heen. Vanaf dat moment had ik mijn hart verpand aan alles wat met die geheimzinnige sfeer van het verre oosten te maken had. Multatuli en Couperus volgden later in de voetsporen van de kleine Kantjil. En mijn eerste verliefdheid betrof iemand die in 1952 geëmigreerd was naar Nederland. Dat kon allemaal op het conto geschreven worden van de dappere kleine kantjil, die met haar ranke gestalte de sluwe tijger en de boosaardige krokodil te slim af was in haar geheimzinnige spel der schaduwen. Hoe klein groots kan zijn.

Uncategorized

Tot in de wolken is het feest

Vannacht voor het eerst sinds lang een piekernacht gehad. Een zinnetje tolde maar door mijn hoofd met daarachter wat visioenen van doemscenario’s en stevige existentiële vragen. Grenzen stellen doen we allemaal. Rigoureuze grenzen ook. Een paar in mijn leven en misschien wel op één hand te tellen. Gelukkig heb ik bijna nooit een beslising hoeven maken op de grens van leven en dood. Ooit, als plaatsvervangend nachthoofd op de IC van Neurochirurgie, was dat een keer bijna het geval. Ik vond het doodeng. Wikte en woog telkens weer alle mogelijkheden af, vinkte aan, streepte weg. ’s Nachts lijken de belangen anders, worden normale vragen een dilemma, is er nauwelijks overleg mogelijk.

Gisteren op een van de vele praatprogramma’s over de huidige situatie kwam de vraag nog meer helder voorbij, dan de laatste dagen. We moeten keuzes maken vooraf. Beslissen vooraf. Bij de huisarts, als er nog nergens sprake van is, maar het ‘What if’ een groot beroep doet op het voorstellingsvermogen en de beelden laat afrollen voor de ogen.

Doemscenario voor een argeloze burger. Het kwam door een verhaal van de arts, die vertelde dat hij de keuze moest maken voor een vitale tachtiger, die opgetogen vertelde, dat hij nog drumde in een rockband. Hier werden kansen afgewogen en de opgelopen aandoeningen ooit en ergens, ook al stonden ze tot nu toe niemand in de weg, zouden een groot obstakel zijn. Weken aan de beademing is alleen weggelegd voor de allersterksten. De ultieme test. Wie een beetje kwaal onder de leden heeft, valt daar al gauw buiten. Dat dus, stof tot denken.

Buiten waait het hard. Nu langs de zee lopen en de muizenissen meegeven aan de wind. Ik ben al een paar weken binnen en het verlangen is groot. Gewoon troostrijk uitwaaien, omdat de kans op het virus klein is, maar dat ene kiertje er wel is. Flinters onrust meegeven aan de natuur, laten uitwaaien over de velden, de stranden het eindeloze water, zodat ze oplossen in mogelijkheden, hernieuwde energie. ‘Hou vol, hou vast’ zong Blof. Dat dus, al wil het hart anders.

IMG_8686

De natuur trekt zich niets aan van de veranderingen. De kauwrjes boven mijn hoofd vliegen af en aan. Ze maken met veel gekrakeel hun nest in de goot klaar als ontvangstkamer. Soms kletsen ze vergenoegd met elkaar. Misschien wel hoe blij ze zijn, dat het bijna af is. Dat hij niet wachten kan op het nieuwe leven. Dat zij vol verwachting haar kauwenhart laat kloppen. Pril geluk op nog geen twee meter afstand. Dicht bij de hemel. Er drijven grote witte wolken over, een koeienkop, de bek van een dino, een wolf, een dikke teddybeer en heel even ben ik het kleine meisje dat ligt in het gras, met de fantasie aan, die een sprookjeswereld  voorbij ziet trekken. Zorgeloos, achteloos, onbekommerd leven van lang geleden.

Vandaag is kleindochter jarig. Ze wordt één jaar. Een mijlpaal. ‘Een plus een is twee’, zei mijn moeder te pas en te onpas als ze twee ongerijmdheden aan elkaar moest smeden. Natuurlijk. Een plus een is twee. De rekensom is gauw gemaakt, de wereld die er achter ligt, verdrijft voor dit moment de muizenissen. We gaan feest vieren met kilometers ertussen. Gisteren feliciteerde ik een oud leerling op FB en die zei: ‘Als je nou een liedje zingt van hier tot aan de hemel, zodat alle opa’s en oma’s dat zouden horen op hun wolk of hun ster, dan hoor ik het ook misschien’. Met een zwaai had hij me terug gehaald naar het verjaardagsritueel in de groep. Zo hard zingen, dat het door de hele school heen schetterde. Dat deden we bij iedere verjaardag met groot succes. Vooral als ze kwamen kijken, wat er aan de hand was. ‘Het is feest in de Apen’, later ‘Het is feest in de Eekhoorns’. En nu: ‘Het is feest in de familie, dat kun je zo wel horen, feest in de familie want M. die verjaart, stop nu maar watjes in je oren, want het gaat met een hoop lawaai gepaard. Tararaboemching, boem ching, ratatatata, daa da ta…’

We vieren het met verve, straks, met een virtueel samenzijn. Tot in de wolken is het feest.

Uncategorized

Een betoverende wereld vol empathie

De oudste kleinzoon is jarig. De dag dat hij geboren werd in Ermont, 20 km ten Noordwesten van Parijs, was de afstand groot. Vijf uur lang voerde ik Truus, de voorganger van de kleine blauwe Prins, op bij het horen over de opname, tot ze stomend tot stilstand kwam op de parkeerplaats van het ziekenhuis. Net op tijd om bij terugkeer van de O.K. dochterlief in de armen te kunnen sluiten en tranen te plengen en te mengen om de komst van deze eerste telg van het nageslacht. Voor de eerste keer werd ze moeder en ik voor de eerste keer Oma. Wat een bijzonder en speciaal gevoel.

IMG_1277

Het bracht me terug naar het oude Antonius aan de Jan van Scorelstraat  in Utrecht, waar in 1980 deze dochter na een heftige stuitbevalling het levenslicht zag en ik in de armen van mijn moeder uit mocht huilen. Ook hier mengden onze tranen zich. Moeders en dochters, het schept een innige en sterke band. Woordeloos weten we van elkaar wat we hebben doorgemaakt. Daarbij weet de moeder wat nog komen gaat aan lief en leed, groot en klein geluk, grote en minder grote zorgen, heel het leven. Nooit had ik bedacht, toen ze terugkwam naar Nederland met haar gezin, dat de afstand groter kon zijn dan toen.

De crisis, deze vreemde werkelijkheid, schept een afstand die onmetelijk veel groter is dan ooit. Innerlijk brengt ze hem echter meer dichtbij dan bij fysieke benadering. Over en weer zenden we signalen uit van de liefde die sluimerend onder het oppervlak ligt. Het hart is voortdurend daar, waar we niet kunnen zijn. Ieder moment van de dag denken we aan het kind, dat hard op weg is om zijn kinderjaren achter zich te laten. De eerste schreden op het pad van de dubbele cijfers. Een ‘teenager’ zeiden ze vroeger. Het allerprilste begin van de jaren van het grote los weken, de zelfstandigheid, de eigen keuze. Tiener heet het synoniem voor dit verouderde woord dat aan petticoat en sokjes refereert. Bakvis geeft een andere betekenis. Bakvis slaat in dit geval de plank helemaal mis. Het vindt zijn oorsprong in de Duitse taal. De Backfisch, hij is te klein voor tafellaken en te groot voor servet, zit er precies tussenin. De vis kon niet teruggegooid worden in zee, bakken was al wat restte.

BQIH2886

Zuslief brengt met haar gezin de taart van ons allen en het cadeau naar hem. Aan de overkant steekt zijn neefje het spandoek met de felicitaties omhoog. Hartverwarmend in alle opzichten. Zo krijgt de dag haar bijzondere tint.

De krant van vandaag staat vol met lijden. De schrijnende verhalen om ons heen. Ook in dit verdriet is de afstand te groot. We zijn pardoes in een surrealistische wereld beland, waar niets is wat het lijkt. Ooit stuurde vriendinlief me een fragment uit de fim van een jongetje, dat de zee oppakte en daar alle lelijkheid onder veegde met een grote zwieper. Dat zou ik willen. Zo’n punt van de zee, als een reuze tapijt om alle ellende eronder te vegen, te beginnen met de omstandigheden die nog erbarmelijker zijn dan de onze. Voor de vluchtelingen die geen kant op kunnen, voor de armen die gevangen zitten, hutje op mutje, in hun krottenwijken, voor de landen waar slechts twee ziekenhuisbedden per stad zijn.

 

Herman van Veen zong ooit: Als ik kon toveren. Bach liet Petrus vol smart smeken en raakte aan de emoties, die ook nu hoog oplaaien bij ieder die het ondraaglijke leed van dichtbij meemaakt. Muziek als vertroosting. Ik wens beide. Bach én van Veen, met daar doorheen mijn gedachten aan het kind, alle kinderen, die jarig zijn of jarig worden en nog een heel leven voor zich hebben. Een betoverende wereld vol empathie.

 

 

 

Uncategorized

Een onhoorbaar lied van geluk

Een bericht komt langs. Liesbeth List (78) overleden. Weer een stukje verleden, dat alleen nog maar een herinnering zal zijn. Alhoewel. De frêle vuurtorenwachtersdochter was al drie jaar buiten beeld. Haar laatste optreden was met een nummer van Edith Piaff. ‘Non je ne regrette rien’. Het leven was respectabel van lengte, 78 jaar lief en leed om er geen spijt van te hebben. Piaff werd 48, met een leven dat grillig verliep. Ik ken La List niet voldoende om daar over te oordelen.

IMG_8695

Ik mijmer naar de jaren zestig. Mijn eerste kennismaking met haar liedjes. We waren vijftien of daaromtrent en reden in een rode Deux Chevaux naar een klein dorp in Friesland, onder de rook van Heereveen. We zongen cabareteske liedjes onderweg. De hele Jaap Fischerbijbel kwam voorbij, Jasperina de jong, Adèle Bloemendaal. Teksten met een vleugje ondeugd, een flinter maatschappelijke ongehoorzaamheid. We waren jong en onderzoekend. Welke wereld lag er open voor twijfelachtige pubers, die voor het eerst, onder moeders vleugels uit, hun eigen territorium verkenden.

Dat bleek een kampeerboerderij te zijn van een gemoedelijke Mem met een benzinestationnetje voor de deur. Slapen in de koeienstal. De meisjes op de deel en de jongens op zolder, strikt gescheiden. De volksdansjuf als begeleiding. Het waren regels, waardoor  mijn ouders me los konden laten. De vrijheid gaf ongekende mogelijkheden en een dosis aan verlangens, die vrijuit konden waaieren boven de ondergaande zon op het slootje naast het erf.

Daar hoorde ik, met gitaargetokkel als begeleiding voor het eerst een lied van Liesbeth List. Zoals we daar zaten was dat, wat ze bezong:

Het weiland wacht geurig op ’t kleurig gebeuren
De zon gaat nu onder, mijn hart
Telt de slagen van torens van ver
Ik vraag aan de sterren: bescherm ons geluk deze nacht.

Dit zijn de uren die stilstaan en duren
Als jij en ik liggen in sluiers van bloemen.
De nachtwind spint maanlicht
En speelt op de snaren ’t onhoorbare lied van ’t geluk.

IMG_8696

Er was geen kwestie van jij en ik, maar wel van het verlangen ernaar. Er waren vier Friese alternatieve kandidaten met maxi-jassen en lange haren, gekke petten en hoeden en een ondeugende wereldverkennende blik in hun ogen. Heel veel vrienden van het thuisfront met een ontvankelijke blik, wat oudere broers en zussen van deze en gene. Er heerste een ongedwongen en grenzeloze sfeer, maar…de grenzen van Mem waren heilig. Jongens op zolder en meisjes op de deel. IJsjes voor het slapen gaan en geen uitbraken naar de enige kroeg die het dorp rijk was. Dat kwam later pas. Bij een tweede en een derde, een vijfde vakantie, toen wijn en bier een grotere rol gingen spelen.

IMG_8697

Daar beheerde Ibbeltje de tap. Ze was onze tweede goedlachse moeder, maar wel veel meer berekenend naar eigen omzet toe. Na iedere escapade slopen we giechelend weer terug, jongens nog even op de deel, met elkaar een laatste shaggie boven een oud conservenblik, alvorens ze naar boven kropen.

IMG_8693

Het hele Nederlandse repertoire met een beetje diepgang vond er gretig aftrek. We hielden kampvuren en zongen samen, onder begeleiding van de voorhanden zijnde instrumenten. Gitaar, blokfluit, mondharmonica. De Friezen veel meer rock en roll, dan wij, onbevangen romantische nitwits met de eerste schreden op het levenspad. Liesbeth List heb ik nooit zoveel meerwaarde toegekend dan in die dagen.

IMG_8692

Later volgde ik haar escapades, Shaffy, het Chanson, Piaff, vanaf de zijlijn. Ze bleef echter altijd symbool voor die veelbelovende vorming daar in het Friese kleine dorp, met het kleine leven en het grootse ontwaken. De polywoods en BM-ers, met de tanige kleine Mem, met de grappen en de grollen en met het eerste liefdesverdriet. Dat zijn de credits van een artiest die de emotie in beweging weet te brengen.

Ze verborg haar eigen gevoel en haar privé-leven goed afgeschermd achter het harnas van de eeuwige jeugd. Helm van haren en masker van make-up. Maar wie goed keek, zag in haar ogen de beroering, bij elk zorgvuldig gekozen lied van haar repertoire. De uren staan stil, maar ze zingt voort. Een onhoorbaar lied van geluk.

Uncategorized

Het hoogste lied

Lang leve het fototoestel, dat toevallig bij de hand lag. Vogel in de boom. Met mijn wazige blik, de varifocus op meer dan een armlengte afstand buiten bereik, zie ik het heen en weer hippen van tak tot tak.  Qua afmetingen groter dan een koolmees en kleiner dan een merel, dacht ik. Dat komt niet zo heel vaak voor. De winterkoning is een stuk kleiner, evenals de boomklever, die er ook wel te zien zijn. Met de lens haal ik het beeld dichterbij. Bij het invoeren in de PC blijkt het toch een koolmees te zijn. Waar zou een mens zijn zonder de bril.

100_6049

Gisteren was het opeens genoeg. Te lang had ik mijn solitude gevoegd naar de stilzwijgende eis van het vermaledijde virus. Wat nou, minimaal contact met alles en iedereen in de buitenwereld. Make-up op de bleke toet en virtueel gaan. ‘PPPPPPinggggggg. Hier is het Oma-journaal, met een lied voor de allerkleinsten, een spannend verhaal voor de oudsten en een lief lied voor allemaal pppppingggggg.’ Een lumineus idee, dacht ik. Straks zijn er twee van de zes jarig. Ik moet ze toch uitleggen waarom we het niet vieren, maar er wel met hart en ziel bij zijn. Dus ontsproot uit mijn overvolle brein met ideeën en ingevingen het verhaal van Addertje onder het gras, Virus en Bepperd de Bofferd. De laatste is al ingevoerd op papier, maar zal vandaag voor het voetvolk verschijnen, tekeningetje incluis. Bepperd de bofferd bestaat namelijk. Ik heb haar ooit uit de klauwen van de vergruismachine gered. Ze lag te zieltogen in een bak met mislukt keramiek bij een kunstenaar in Wadenooijen.Ik meen sindsdien een kleine glimlach op haar snoet te zien, want vanaf dat moment staat ze hier in huis te pronken op een kleine ereplaats.

In ieder geval werd ze een van de hoofdpersonen van de optimistische aanpak voor het argeloze ‘Virus’,  Deze was, op aanspraak van het sluwe ‘Addertje onder het gras’ aan een plagerij begonnen, die haar weerga niet zou kennen, met als hoofddoel: De arme kinderen te verlossen van hun Moet-Maatschappij. Daar zijn andere wegen voor, had Bepperd de Bofferd zich bedacht en zeker niet die, die de nare slang wilde nemen. Hoe het af zal lopen is ongewis, maar de afleveringen van dit nieuwe Oma-Journaal zullen het leren.  De aflevering van gisteren werd met veel enthousiasme door de kleinzonen ontvangen: ‘Oma, wat een leuk journaal. Wil je het morgen ook weer doen, dan lijkt het wel een echt journaal’ laat de middelste via de audio weten. Kijk, dat zet zoden aan de dijk.

IMG-8666

Vanmorgen ‘oppepper-post’ door de bus. Een schilderij van derde kleinzoon en twee zaterdagbijlagen van een andere krant dan de mijne. Heerlijk leesvoer. Plus, als bonus, een alleschattigst kaartje van een lieve vriendin en vriend, om te laten weten dat ze aan me denken. Dat schenkt de burger moed. Verder heb ik een deadline vandaag. Een opdracht van zuslief voor een tekening bij een E-learningprogramma. Daar zal ik straks, na het tweede journaal, voor gaan zitten. Het is heerlijk om met allerlei andere bezigheden  gedachten te misleiden. Er is altijd meer in de wereld, dan de situatie waar we in ondergedompeld zijn. Angst smoren we in aanpassingen en goed gedrag, maar daarnaast slijpen we onze creatieve geest, om te ontsnappen aan de mogelijke impact ervan.

IMG-8662

Notourious B.I.G. vordert gestaag. Iedere dag een tandje meer. In dit geval rits-tandjes. Straks de puntjes op de -i- en met een goedgevulde dag in de pocket zong ’s avonds mijn vogeltje het hoogste lied.

IMG-8663

 

Uncategorized

Zo kom ik nooit aan werken toe

Puzzel uit de krant opgelost. Nou, dat wil zeggen, dat deed grotendeels het woordenboek voor mij. Het is een nieuwe puzzelsamensteller, dus moet ik doorgronden hoe de man en de gemiddelde puzzelaar denkt. Ik waaier namelijk alle kanten op en kan dan niet focussen op het juiste woord. Eenmaal een paar aanknopingspunten en dan gaat het wel weer. Dat geldt eigenlijk voor het hele leven.

Die kleine schreden op je pad, die vooruit denken en die je nodig hebt om verder te kunnen, zeker in tijden van veranderende situaties. Met het thuiszitten is dat mijn grootste uitdaging geworden. Hoe er een zinvolle dagbesteding van te maken zonder in de lethargie te verzanden. Herhalen mag, want als iets voldoening schenkt, waarom dan niet nog een keer die geneugten proeven.

IMG_8621   IMG-8651 (2)     IMG-8646

Er komen veel revivals langs. Uitdagingen waaraan makkelijk te voldoen valt en die je zo groot kunt maken, als de ruimte het toelaat. Karen Abend heeft een Sketch Revival 2020 gestart en ik ben nu bij dag drie. De opdracht moet nog komen, want er is een tijdsverschil, maar drie opdrachten heb ik op geheel eigen wijze uitgevoerd. Eigenlijk zijn het er vijf, maar twee heb ik los gelaten. Niet vanwege de moeilijkheidsgraad, maar omdat het soms net iets te zweverig was of niet noodzakelijk. De tekeningen zijn de zoete voldoening. Andere technieken, nieuwe eye-openers.

IMG-8640  IMG-8642

Daartussen door de Appeltaart van een kant en klaar merk voor de luie keukenprinses. Haren op zolder, ingrediënten bij de hand en gaan met die appels. Alles had ik in kannen en kruiken toen ik ontdekte dat de springvorm de kuierlatten had genomen. OOps. Een nieuwe uitdaging, wat nu. Er was wel een chiffon cakevorm waaruit ik  vroeger ooit eens een probeersel van de kue pandan had gebeiteld. Met die beelden voor ogen werd de zorgvuldigheid extra geprikkeld. Er werd geen stukje blik overgeslagen met invetten. Vakkundig bestuiven gebeurde ook met nostalgie, toen de bloem zich langs de wanden liet schuiven. Het ritme van het kloppen vrolijkte de keuken op.  Op de achtergrond zong, de gisteren herontdekte, Zjef Vanuytsel zijn zoetgevooisde liedjes van heimwee en dwaalde ik met hem mee door de verlaten straten van een gemiddelde stad op zoek naar ‘Ik weet niet wat’.

Met kunst en vliegwerk kreeg ik het stugge appeltaartendeeg erin. De hoeveelheid was namelijk voor een kaboutervorm vergeleken bij de reusachtige chiffon. Geen kant-en klaar-pakken meer in het vervolg, maar eigen baas in eigen keuken, neem ik me voor.

IMG-8643  IMG-8644

Het eindresultaat zag er toch ambachtelijk uit toen het de oven in geschoven kon worden. Bij het maken van ingenieuze baksels was geduld vereiste nummer een. Dat zei men vroeger. ‘Geduld is een schone zaak en de liefde ook’. Haast bestaat niet. Dat is waarom bakken en ambachtelijk koken geliefde items zijn bij zeeën van tijd. Die zee kabbelde voort en terwijl de geur het hele huis doortrok, waren er de visioenen van taartenwedstrijden met vrienden aan de lange feestelijke tafels met de mooiste exemplaren van ooit en lang geleden. Er was een prijs voor schoonheid en een prijs voor smaak, maar bovenal een prijs voor originaliteit. Er waren vrienden bij die millimeterwerk leverden.

Ik kwam uit een groot gezin. Mijn recepten van cake en appeltaart waren afgestemd op de drukke bezigheden van mijn moeder met de was en bleek, de dagelijkse pot en vooruit, bij feest en hoogtij, iets lekkers. Recht toe, recht aan. Gelijke hoeveelheden boter, suiker, meel, vier eieren en een snufje zout voor de cake. Het simpelste bloem-en-boterrecept voor appelen met kaneel en suiker. Een ei voor de glans. Er kwam geen mespunt aan te pas. Snufje hier, snufje daar en alles uit de losse pols.

Heerlijke baksels van mijn moeder en ongeëvenaarde soep, vers getrokken, met de foelie als geheim wapen. Wellicht iets voor vandaag. Zo kom ik nooit aan werken toe.

Uncategorized

Daar doe je het toch voor

Vier eksters zijn druk in de weer om territorium af te baken in de Es voor mijn raam. Er is slechts plaats voor twee, lijkt het. Met man en macht bestrijden ze elkaar, gaan achter de anderen aan. Iedereen vliegt op, de snelste weer neer. Het is al een tijdje aan de gang. Ben benieuwd wie er winnen zal. Ondertussen zijn de kauwen te druk met hun nest in de dakgoot, om op de indringers te letten. Een van hen vliegt met takken half zo groot op en neer. Ze zwenken en zwoegen. Te druk met de voorbereidingen van het nieuwe leven. De zon zet de wereld in kleur, maar de krant brengt de achterkant van dat gelijk.

Druk app-en-bep verkeer met al die vrije tijd om handen. Voor de bananencake ging ik gisteren op zoek naar mijn handmixer. Voordat ik er aan beginnen kan, slecht ik de kast waar een hele tijd lang niemand meer iets te zoeken had. Oude puddingvormen, een koffiezetapparaat, schalen die uit de gratie zijn of te gebruiken voor hoogtijdagen, wonderlijke nostalgische herinneringen diep weggestopt op de bodem van de kast.

IMG-8598

Mijn oog viel op een oude keukenmachine die ik, zeker al zo lang ik hier woon, niet meer in gebruik had gehad. Ze stamde uit 1978 en ik kreeg het bij mijn eerste lidmaatschap, van wat toen nog ECI heette. De Nederlandse boekenclub, waarvan ik de producten, in afgezwakte vorm, onder anderen in mijn drie wandboekenkasten herberg. De Oude mocht er ook een, omdat ik hem gestrikt had als lid.

Ze bleek vergeeld en stoffig. Poetslap, Maarten van Roozendaal op spotify en de ingrediënten voor de bananencake beloftevol op het aanrecht, zonnetje erover en daar kwam een hernieuwde energie terug. Tegelijk voerde ze me naar de jaren in de vroegere huizen elders in de stad, waar ik altijd aan het bakken was, toen de kinderen en ik nog over zeeën van tijd beschikten en we alleen maar over goed te bestrijden virussen beschikten. Mazelen, Rode Hond en de zesde, zevende of achtste virusziekte met rode vlekjes op de huid.

Ergens moest ik ook nog cakevormen hebben. Ze werden opgeduikeld uit de fornuislade. Ach kijk nou zo schattig. De nootmuskaatrasp van mijn moeder. Dof metaal, zoals de herinnering. Met een sopje kregen ze beide iets van de oude glans terug. Mijn moeder boven de schaal met rauwe gehakt, waar net de vier fijn geschuurde beschuiten en de eieren doorheen waren gekneed en de foelie, peper en het zout nu werden aangevuld met de poederwitte noot in mijn moeders handen, raspend langs het metaal.

Zo schaaft de tijd langs de beelden in mijn hoofd. Van vroeger naar nu, naar net, naar straks.

IMG-8600

Mijn trouwe keukenmeid stond nu schoon te wachten. Ze krijgt dadelijk waar ze temend om vraagt. Boter, eieren, bananen blauwe bessen en een snufje liefde. Een beetje van mij en een beetje van Koopmans. Daarna zong ze als een zonnetje de keuken in. Het werkte. Alles deed het nog gewoon. Het gebutste cakeblik blonk in zijn herstelde trots. Hij mocht weer. Naast het bananenmengsel stond al een belofte voor de appeltaart van ooit. Zeeën van tijd vragen om een creatieve invulling met voldoende afwisseling. Huiselijkheid ten top.

RYER9565 Bananen-Blauwe/bessen-Cake

Cake kwam prachtig uit de oven.

De geur van ‘pas gebakken’ bracht nog veel meer nostalgie, begeleidt door Zjef Vanuytsel, voor het eerst sinds lang weer in de afspeellijst. Zoonlief kwam op die verleidelijke luchtstroom naar beneden. Hij proefde de eerste plak en knikte bedachtzaam.  Het smaakte naar meer. Kleine geneugten in onzekere tijden. Daar doe je het toch voor.

Uncategorized

Leve de primeur

Pluis wil op het balkon. Even denk ik dat de wereld staat te beven op haar grondvesten, maar het is slechts de lantaarnpaal beneden op de hoek van de parkeerplaats. Twee mannen wrikken het rode gevaaarte heen en weer, alsof het een luciferhoutje is.  We krijgeen nieuwe bestrating en de nieuwe parkeerplaatsen zijn er al naast de flat. Corona of niet, de wegenbouwers volgen stug hun weg. Ze vinden andere obstakels op hun pad.

IMG_8588

In de frisse ochtendzon daal ik af naar een wereld van het leven buiten het huis, de krant ligt trouw in de bus. Dagen van onzekerheid blijken veel bestendiger als bepaalde routines doorgang vinden. Onder de krant ligt een felbegeerde bestelling. Er volgt een rondedans van vreugde in de kleine hal. Yeahhhh. Nieuwe filosofiën die zo broodnodig voeden in barre tijden. Beter dan welke broodsoort ook.

IMG_8587

En nog een verrassing die al was ingezet een  paar dagen geleden. De instructies voor het nieuwe tweedehands bewegen, dat straks, na de misère, weer in gang gezet kan worden. De gebruiksaanwijzing van de fiets. Door broer in de bus geworpen. O ja, de verrassing voor de gulle gever en broerlief waren twee grote bossen bloemen, die in vol ornaat werden afgeleverd, zonder dat ik daarvoor de vesting hoefde te verlaten. Leve het internet.

IMG_8589

Boven bleek Pluis liever weer naar binnen te willen. Zon bleek een gezichtsbedrogje want het was kouder dan anders. Met koffie, krant en buit sloop ik naar boven. Charlie Mackesy, you made my day!

Iedereen die behoefte heeft aan een positieve mindset, kan ik het boek aanraden. Net als De Kleine Prins trouwens of Pooh Bear, Kikker en Pad of de kikkerboeken van Max Velthuis en Alice in Wonderland. Ik weet het, het zijn mijn stokpaarden en ik berijd ze graag. Dit is een welkome aanvulling. Altijd blij met nieuwe rijkdom. ‘The Boy, the Mole, the Fox and the Horse’ heeft voer voor overpeinzingen als “I am so small”, said the mole. “Yes”, said the boy, “but you make a huge difference”. Pooh Bear kent dezelfde filosofie. In een paar woorden wordt de essentie bereikt. Hier worden gedachten gefilterd tot de kern. De tekeningen van Mackesy zijn de aanvulling, ze lijken snel gemaakt, maar zijn wel doordacht. Er is geen lijn teveel gezet.

Een ander verhaal geven de kleine juwelen tussen de tekeningen in, die in aquarel, houtskool en pastel zijn uitgevoerd. Het boek streeft de schoonheid voorbij en opent deuren in mijn hoofd, die verlangen naar een zelfde intensiteit van beschouwen. Waar optische bescheidenheid groot in kan zijn.

IMG_8590

Zo vult de boekenkast zich met de boeken die ik te allen tijde met me mee zal dragen en door zal geven aan de kinderen.

Ondertussen is naast het geestelijke voer via boek, krant en  en multimedia, het ordentelijk schoffelen van het balkon en het noodzakelijke fitnessprogramma tussen aanrecht en bank, de drang naar vernieuwing nog steeds aanwezig. Dus vroeg ik zoonlief, die de boodschappen haalt, of hij wat creatiefs voor in de keuken mee wilde nemen. Vroeger, toen ik gekluisterd aan huis zat vanwege de prille jaren van de kinderen, had ik er een periode van brood, cake en appeltaart bakken opzitten, naast een uitgebreide selfmade gang door de Indiase en de Oosterse keuken. De laatste twintig jaar in mijn allenerig bestaan was daar de klad ingekomen. Nu kriebelde het weer. Ik liet me verrassen. Zoonlief kwam met de beginselen voor een bananencake en een appeltaart, maar zonder bloem. Die was weggehamsterd. Het lege schap had hem ter onverrichter zake terug doen keren.

Vandaag onderneemt hij een nieuwe poging voor de bloem. Nieuwe ronde, nieuwe kansen. Ik begin vast met de bloemloze bananencake. Nooit gemaakt. Hoe het smaakt? Geen idee. Leve de primeur

Uncategorized

Die argeloze Kinderziel

Zonovergoten vriendelijke vrolijke buitenkant, met haar tere bloemen in de prille ochtend, een dun  laagje nachtvorst op blad en bloem. De duif op het balkon, die het territorium verkent. Is er plek voor een nest. Het is de duif van de Es voor het huis, stel ik me zo voor. Ze vliegt koerend tot op de rand van het hek van het balkon en inspecteert kloekend, koppie opzij, over de rand de afgrond en daarna nog een keer de binnenkant, de vergeetmenieten, de blauwe druiven, de narcissen, het vogelbad. Als ze weg is gevlogen mag Pluis op het balkon. Een teken aan de wand voor Dollie, geen goede plek voor ‘Kleine duiffies, mooi van lillikheid’, zou mijn oma zeggen.

IMG_8558

Er zijn mensen die duiven vergelijken met ratten. Ik vind tamme ratten allerschattigst. Zjoerd en Frizzle waren twee allerliefste exemplaren, die de kinderen veel plezier bezorgden, maar vooral veel liefde gaven, als ze in de warme holletjes van mouw tot nek hun slaapplek probeerden te vinden of hunkerden naar aai en knuffies. Goede schone hokken doen wonderen.

Van de bruine rat heb ik niet zo’n hoge pet op, maar dat komt voornamelijk door de opvoeding en de plaag die er heerste in onze buurt in de jaren zestig. Broers gespannen gebogen met opgeheven spade om te meppen boven de kuil die mijn vader aan het graven was vlak naast de schutting bij de achtergevel van het huis. Het zijn beestachtige herinneringen. De platgeslagen rat heb ik destijds niet afgewacht. Ik was acht of daaromtrent.

 

Duif is voor mij Annie M.G. Schmidt en Zuster Clivia met Leen Jongewaard boven op het dak. Al mijn kinderen van dertig jaar onderwijs kennen het lied, zoals zovele evergreens. Omdat duif het niet verdient om als rat te worden beschimpt of omdat het ooit toebehoorde aan die maakbare vredige wereld, waar invloeden van buitenaf geen vat op leken te hebben. Dieren waren geen ziekteverspreiders, maar lieve aaibare knuffeldieren, tot en met de wandelende takken toe, waar ze vol bewondering naar keken als ik ze liet dansen op mijn arm. ‘Laat mij ook eens, Ber’. Alles was mogelijk.

 

wormen zoeken voor het wormenhotel

De enorme dikke spin, die altijd uit zijn gootje omhoog klom in het najaar de wasbak in, bevrijdde ik omzichtig met de holle handen, onder aanmoediging van de kinderen, zonder blikken of blozen uit haar benarde positie. Wist spin veel van de waterstraal die ongetwijfeld boven op haar zou plenzen. Spinnen, pissebedden, torren, kevers, slakken en wormen waren er allemaal ter meerdere eer en glorie van ons welzijn en voor de natuur in het bijzonder. Nou ja, behalve de vele muizen in het oude gebouw, waarvan de populatie door gemeentedelvers werd geprobeerd die vakkundig om zeep te helpen. Daar wisten de kinderen gelukkig niets van.

Schoonzoon appt me een PDF met een fotoreportage van de eerste Coronaweek. Wat voor ons volwassenen een volslagen nieuw begrip is, is voor kinderen een gegeven. Ze leren elke dag nieuwe dingen en zijn regelmatig aan veranderingen onderhevig. Hun hele leven is een aanpassen aan. Het is nu wel bijzonder fijn. Want afgezien van het vele leed, dat hen niet of ten dele bereiken zal, zijn paps en mams de hele dag in de buurt, worden er allerlei bijzondere creatieve uitjes naar afgelegen plekken verzonnen en is thuisblijven het ultieme leren. Samen koken, het geheime recept van Oma Ineke uitproberen van de appeltaart, nu ze het zelf niet kan komen bakken, de hoogste toren van lego bouwen, lachen met mama en zus, fietsen, met paps koken, lekker luieren en ook hard werken in bijvoorbeeld het tijdschrift van Freek de dierengoeroe.

IMG_8572

Dat is wat er bij kinderen op hun netvlies geschreven wordt. Gelukkig maar. We blijven kijken vanuit hun blik, dan volgt de invulling voor de dag vanzelf. Ze hebben recht op een verantwoord, maar ook zorgeloos bestaan. Gescheiden van school en vriendjes maar met vreugde en liefde voor die argeloze kinderziel.