Natuur op de tuin

De ideale oplossing

De tuinder voor aan het pad langs de sloot ging gretig in op mijn opmerking, dat het eigenlijk wel erg hink-stap-sprong was naar onbemodderde grasplaggen. Hij verzuchtte dat het onkruid uit de grond was geschoten als vloeken bij een heldere hemel. Dat laatste benoemde hij niet letterlijk zo, maar tussen de regels door filterde ik dat eruit. Direct er achteraan kwam de opmerking dat hij al een half jaar niet geweest was. Hij liep naar het hek en legde een arm erop, de houding van ‘Heb je even’.

Zeeën van tijd op anderhalve meter. Zeker wel. Er volgde het kleine leed, goed omlijst met een treurige blik, berustende, wat afhangende schouders en het machteloze wijzen naar wat er nog allemaal gebeuren moest. De litanie bestond uit knie, schouder, handen, de kou, stijfheid, pijn en een lijdzaam geschokschouder. ‘Ouderdom komt met gebreken’, reciteerde mijn moeder in mijn oor. Hij had aan zijn vrouw gevraagd of ze zijn schouder wilde masseren, maar ze had geweigerd. Daarom was hij naar de tuin gekomen. Mistroostig merkte hij op dat vrouwen lief moesten zijn. Mannen ook wel, maar vrouwen liever en zijn hele mediterrane uiterlijk onderstreepte de herkomst van die gedachte. ‘Samen even lief’, lachte ik. ‘Dat was ook goed’, wuifde hij. ‘Fijne dag, buurvrouw’. Je bent altijd een buur op de tuin, ook al ligt je tuin een kilometer verder.

Het was zalig, koud en schoon weer. Als cadeau kregen we de schitterende luchten er gratis bij met de spiegelingen in de sloot als bonus. De dames schaap graasden onvermoeid het weiland af en soms keek er een wat lodderig om zich heen. De reiger vloog, beledigd door de verstoring, met een schelle kreet de boom in. In de sloot rimpelde een vis of een ringslang in de diepte in het verder zo gladde water, maar liet zich niet zien.

Met verve knipte ik hier en daar dunne takken tussen de knoesten uit. Voor de drie wilgen moest ik de snoeischaar op de langste stand zetten. Eer ik het wist was er een uur verstreken. Rustig maar gestaag ging het door. Knippen, takken verzamelen, vlechten en de rest op de ril. Roodborstje volgde de bewegingen op veilige afstand en hipte daarbij tak op, tak af. De bladeren op het terras harkte ik bij elkaar en gooide ze als extra bescherming in het middenperk.

De tijd vloog voorbij. De lucht werd ijler en kouder. Vorst op komst. Tijd om de warmte op te zoeken. De kleine blauwe liet haar kacheltje snorren. Op de terugweg de cadeautjes van de familie afgeleverd bij kleindochter. Nee, ik kwam niet binnen. Met al die schoolgaande kinderen weet je het maar nooit. Als cadeautje kreeg ik een bosje vers geraapte mooie bladeren.

Thuis wachtte een lange mail van de Wijze met veel stof tot nadenken. Ook lag de bevestiging voor het toesturen van het laatste recensie-exemplaar er. Fijn, dan kon ik door. Erasmus bleef me met zijn geleerde hoofd star aanstaren vanaf de omslag. Een klein rekensommetje had geleerd dat ik tachtig bladzijden per dag moest lezen om het in zeven dagen uit te krijgen. Die uitslag viel me reuze mee en ineens werd de dikke pil een te behappen bundel. Ergens tegen aanhikken zet geen zoden aan de dijk. In hapklare brokken verdelen bleek de ideale oplossing.

Natuur op de tuin

Ze straalt een late herfst

Het viel niet mee om het moddervrije gras te vinden op het pad naast de sloot van het tuinencomplex. Het werd spitsroeden lopen op de randen en het was de kunst niet een voortijdig modderbad te moeten nemen of de sloot in te duiken door onwillige pollen die stiekem toch te glibberig waren. Bij de tuin van dochter was het vredig stil en verlaten. Verderop was mijn achterbuuf druk bezig met de tuin in winterstelling te brengen. Ze liep met me op om de problemen van stook en rook van mijn altijd aanwezige buurman te bespreken. Dagen dat ik met de aangedane longen er nauwelijks kan zijn. Vermoedelijk worden er om en om stookdagen afgesproken, zodat de tuinen een genot voor eenieder blijven.

Vandaag was het op z’n minst in de ochtend rookvrij, dus kans om het betere snoeiwerk in te zetten. De enige manier om de opgelopen chaos door onvrijwillig achterstallig onderhoud aan te pakken leek me met een onverwoestbaar optimisme de ogen te richten op behapbare delen. Grote snoeischaar en kleine broer in de aanslag en gaan. Lustig liet de kamperfoelie haar wirwar vallen en was net zo opgelucht als mijn gemoed, door de nieuw verkregen ruimte. Haar dorre onderstaken haalden opgelucht adem. Eindelijk bevrijd.

Er was een korte aarzeling. Zou ik de takken kort knippen en in een vuilniszak mee naar de gemeentewerf nemen of liet ik het eerst versterven in mijn takkenril tussen mij en de buur. Dat laatste maar, want met een volle zak in de hand zou het zeker een modderbad worden op de weg terug. De iep moest er ook aan geloven. In de bomenhaag van de buurman zat veel snoeiwerk. Het moest nu, straks zouden de stammen te dik zijn om nog te kunnen snoeien. De wilgen mochten eerst meer blad verliezen.

Na een paar uur was het welletjes. Met wat zwoegen werd alles netjes op de juiste plaatsen geparkeerd. De laatste dappere doorzetters mochten als herinnering vastgelegd op beeld mee naar huis. Het cherubijntje was een gevallen engel geworden en kreeg haar plekje terug, hoog boven alles uit, om de wacht te houden. Met geurende handen van het verse hout streek ik spinrag en de meeliftende dorre takjes uit mijn eigenzinnige haardos. Moe maar voldaan ging ik op pad. Halverwege het modderbad nam ik het zijlaantje naar het laatste pad van het complex. Daar lag nog een groen tapijt. Beter.

Vandaag is voor de voorbereidingen voor het etsweekend. In Bussum is een zaak die etsplaten kant en klaar verkoopt. Bovendien hebben ze ook de plastic platen voor droge naald. De voorbewerkte krasvrije zinkplaten zijn vooral om de stijve, nog steeds bij bepaalde bewegingen, pijnlijke linkerpols te ontzien. Het afslaan van de platen zal al zwaar genoeg zijn. Er is nog een dag of vier om onderwerpen te bedenken. Misschien zijn de negatieven van de Cyonotype wel goed te gebruiken. Een beetje experimenteren kan geen kwaad. Voor thuis is dan de droge naald, daar komt geen zuurbad aan te pas. Krassen, in-inkten en afdrukken, daar komt het op neer.

De zon schijnt, het ochtendritueel van de kauwen is achter de rug. De schoolkinderen zitten in hun groepen, de dag ligt open Geniet, want ze straalt een late herfst.