Overpeinzingen

We zullen zien

Een app naar zus was voldoende om de weg vrij te maken voor een bezoekje midden op de dag, dat laatste om eventuele gladdigheid voor te zijn. Op naar het lieflijke oord op het landgoed De Oude Tempel. Het groengebied daar kent prioriteit nummer een omdat men vooral hoogwaardige natuur wil en de dassen op het landgoed wil behouden. Aangenaam wonen dus.

Het ochtendzonnetje had plaats gemaakt voor een druilerige regen, maar dat mocht de pet niet kreuken. Truus plenste er lustig op los met haar driftige ruitenwissers. Het is een mooi complex, vergeleken bij het vorige huis ook heerlijk rustig. Geen rondweg vlak naast het balkon maar zicht op twee hele oude grillige berken daar en op de uitnodigende bossen door ieder vensterraam.

Het appartement is kleiner dan het vorige maar groot genoeg en we kwamen tot de tevreden constatering dat meer ruimte vaak ook een grotere verzamelplaats zal zijn voor eventueel nog te gebruiken zaken, die eigenlijk allang weggedaan hadden kunnen worden. Hoe meer bergplek, hoe meer troep. Wijsheid van de koude grond, maar zo waar.

Nog niet alles was binnen. Ze zaten op tuinstoelen, maar een lief bankje in een prachtige blauwe kleur stond er al te pronken en het schilderij had een prominente plek gekregen. Het werd een genoegelijke middag met een aangenaam verpozen. Zuslief had al diverse ochtendjes bezocht in het complex, waar van alles werd georganiseerd. Voor iedereen die behoefte had aan contact was er volop mogelijkheden en als je dat niet wilde was het ook goed. Even goede vrienden. Precies, laat ieder in vrijheid. Met de belofte op een herhaling namen we afscheid. Wat fijn om ze zo samen te zien. Zorg voor de oude dag verzekerd en heel veel ruimte om fijne reizen te maken. Twee vliegen in een klap.

Hier moeten we ook maar eens verder met ruimen. Vooral alle sporen uit het verleden mogen gewist en dan bedoel ik in de orde van grootte van wat de kinderen hebben achter gelaten. Ik was al een heel eind, maar er staan altijd nog plastic bakken met oude voetbalkleren van de oudste zoon en er zijn prullaria’s die ik uit wil delen, omdat dat beter bij leven kan gebeuren. Bestemming met een hart, zeg maar. Het sieradenkastje wil ik met de dochters eerst eens doornemen. Het stelt niet veel anders voor dan de emotionele waarde die er aan kleeft. Oude Indiase oorbellen en enkelbanden, wat Iraans klatergoud en de cadeautjes van het schoonheidsinstituut, waar ik al jaren mijn bescheiden make-up bestel.

Daarnaast moet ik nog eens grondig op zoek naar de verdwenen beer en looppop, die ergens in de schuur in een van de plastic bakken zou moeten zitten. Ik hoop dat ze niet per ongeluk zijn weggedaan bij een van die andere rigoreuze schuuropruimingen door de kinderen. Beer zijn hoofd ligt los, een ander zou de waarde van deze zaagsellieverd niet begrijpen. Mijn missie is hem te redden uit de klauwen van de onwetendheid.

Wat een plaatje lacht ons toe door het raam. Zonovergoten wit berijpte daken met de witte, ton sur ton, opstijgende pluimen uit de schoorstenen en in de lucht hier en daar koppels ganzen, veel kauwtjes in een vlucht, hippende eksters en beschouwende dikke dollies op de nok van de daken.

Ondertussen geniet ik van de emo-biografie van Marita Matthijsen over Betje Wolff en vind haar hoe langer hoe meer bewonderenswaardig. In ieder geval heeft ze haar hart niet op de tong liggen en dat rond 1765. Ze belooft uit te groeien tot een dame waar je niet om heen kan. We zullen zien.

Overpeinzingen

Mijn eigen moedertaal

Heerlijke film gekeken gisterenavond, als tegenhang voor alle ellende in de wereld. ‘A Streetcat name Bob’, van de regisseur Roger Spottiswoode is een waar gebeurd verhaal van James Bowen, een aan heroine verslaafde jongen, wiens leven een totaal andere wending neemt als de rode kater Bob in zijn leven komt. Het is mooi om te zien hoe mens en dier diepgang in hun relatie brengen en met name kater Bob.

Ondertussen ben ik klaar met Duolingo, alle lessen gedaan en ik zou in de herhaling moeten gaan, maar dat zal ik doen met luisteroefeningen en een ietsiepietsie meer grammatica als onderbouwing van een andere site.

Ondertussen breiden de plannen voor komend jaar zich uit. Halverwege februari gaan we met de trein naar Berlijn en na een aantal dagen samen gaat Lief van daaruit met de nachttrein naar Hongarije en ik weer terug naar huis. In augustus zijn we voornemens om de vakantievierders in Slowakije te bezoeken en er een week aan vast te plakken in een gehuurde caravan en in de herfstvakantie gaat het hele gezin met de hele bubs een week naar een groot vakantiehuis in België. Fijne plannen en genoeg om op te teren de komende maanden.

Breinvoer, de kaarten met vragen van de VPRO, vraagt waar ik tien jaar geleden was en waarbij ik toen dacht over tien jaar te zijn. Dat is het voordeel van een dagelijkse blog. Dat kan ik opzoeken, want uit mijn hoofd zou ik het niet weten. Ik vind het vooral bijzonder en leuk, maar denken aan waar we zouden staan over nog eens tien jaar, dat was niet aan de orde. Voor nu kan ik zeker zeggen, dat ik nooit gedacht zou hebben dat Lief en ik weer samen door het leven zouden gaan. Regeren is vooruitzien, maar met de wind meewaaien geeft vooral de sjeu aan het leven. Destijds schreef ik onder de naam Bespiegelingen en haalde dan eerst een stukje aan uit mijn moeders dagboek om er vervolgens mijn eigen hersenspinsels op los te laten:’

Mijn moeder verhaalde met regelmaat hoe de dagelijkse verzorging van mijn vader, die door de verpleegkundigen onderhanden werd genomen, verliep. Hij had zo zijn lievelingetjes en daar was de zuster van die dag er een van. Deze keer lichtte ze ook een tipje van haar eigen sluier op:'(…)Corrie komt pa wassen. Dat is een vrolijk begin. Ze heeft altijd wat te praten en te lachen. Als Pa schoon in zijn stoel zit ga ik douchen en mijn haar een crème behandeling geven. Zo, nu is het pluizige er ’n beetje af. Meteen mijn gezicht geperzikpit. Scrubben heet dat. Ook de nagels van mijn handen. Drie kwartier zoet. Pa: ‘Waarom ga je onder de douche?”Omdat ik dat lekker vind.’ Twee keer in de week. Er zijn lui die iedere dag gaan. Hij vindt het overdreven.(…)’

Doorgaans onderhield mijn moeder ‘huid’ en have met een minimum aan middelen. Inzeepbeurtje, afspoelen, nivea erop en klaar! Zodra er andere middelen bijkwamen, was dat, omdat ze die met een verjaardag, sinterklaas of moederdag in grote getale had gekregen. Gemiddeld kon ze met gemak een jaar teren op en experimenteren met de diverse schenkingen. Er was dus een perzikpitscrub bij. Je moet wat als fabrikant. De onverholen talenknobbel  promoveerde het wonderlijke woord direct tot een nieuw werkwoord. Ik heb geperzikpit. Probeer het maar eens tien keer achter elkaar te zeggen. Het is een struikelwoord! Ik hou van struikelwoorden en zeker als ze zelfgemaakt zijn. Die gaan er in als koek! Vanaf het moment dat ik dit woord gevangen heb, is scrubben uit mijn vocabulaire verdwenen. Ik perzikpit of dat nu met het desbetreffende vruchtonderdeel is of met een appelcompote, dan perzikpit ik nog! De onvoorwaardelijke liefde voor een moeder gaat door het woord! Er kleeft een klein nadeel aan, want voor buitenstaanders is het begrip moeilijk te vangen als je de context niet kent. Het geeft niet, door de plastische omschrijving als toevoeging wordt het vanzelf duidelijk. Zo zijn er al vele mooie woorden bezegeld met een dubbele betekenis.

Autumn Red peaches.jpg

Met gemak werd een en ander vervoegd tot werkwoord, bijvoeglijk naamwoord, bijwoord, of werden werkwoorden verheven tot zelfstandige naamwoorden. Spelen met taal is het woord in de kern van zijn betekenis durven uitbreiden. Niet het vormelijke maar juist het speelse element er uit kunnen liften en er mee aan de haal gaan, het omvormen tot poëzie, tot nieuwe taal, tot kunst. Het durven kneden, vervormen, omdenken van het begrip en de schoonheid ontdekken, die er in de taal besloten ligt. Ik ben nergens anders zo thuis in taal dan in mijn eigen moedertaal.

Overpeinzingen

Waarvan akte

We hadden een missie gisteren. We gingen naar het tuincentrum naast de tuin om een paar laarzen, potgrond en een stut voor de philodendron boven te kopen. Die arme plant maakte al meer dan een maand een diepe knieval voor de buitenwereld en vleide zich zoetjes aan helemaal tegen het glazen raam.

Bij het duurzame tuincentrum waadden we ons een weg door wouden van kunststof kerstbomen in alle soorten en maten en bakken vol kerstboomversieringen, knikkende kerstmannen, gnomen in alle soorten en maten, strame hertjes met verleidelijk lieve reeënogen, onder een zwaaiende kerstman in een luchtballon door, hohoho, en meer van al dat geglitter en gefonkel en om een heuse Ark van Noah heen die afgeladen vol is gestouwd met pluchen knuffels al dan niet zwenkend met hun koppies. Pffff. Waar zijn die laarzen i naar het schap.

Onze vooruitziende blik bleek te werken want op het complex heerste doodse stilte en het tuinpad was een en al diepe voren in de modder, nauwelijks te lopen. We sprongen van graspol naar graspol, maar af en toe moesten we de schoenen en laarzen lostrekken met zo’n soppend geluid er achteraan. OP het graspad was het al niet veel beter. Het veen veerde daar nog vrolijk terug onder onze tred, maar in de tuin liep je je al snel vast en had het water het grondoppervlak bereikt. Er was een onverwachte gast, die zich moe had neergevleid tot vlak voor het vijvertje. De Fluweelboom van de buurman die op onze grens stond, was ontworteld en lag nu te zieltogen aan mijn kant. Dat wordt een appje aan zijn adres. Voor de rest is het er drijfnat, kaal, en een tikkie troosteloos door de zompige boden. We besloten om terug te lopen aan de andere kant. Die lag iets hoger, maar ook voor hier was het te nat geweest en het veen totaal verzadigd. In de tuin van de achterbuurvrouw stond de grijs/blauwe oude heer de reiger een kostje te verorberen, vermoedelijk een niet te versmaden mol of woelmuis. Je moet wat op zo’n koude winterdag. Hij was niet van plan voor ons op de vlucht te slaan, een eigenzinnig type of gewoon een hongerig exemplaar.

Halverwege het eerste pad kwam de buurman uit zijn hek gelopen en liep een stukje met ons op naar de uitgang al mopperend over het modderpad voor zijn hek. Een grote litanie volgde op iedereen en alles. Hoe moest ik deze meneer duidelijk maken dat het een kwestie was van meerdere captains op een schip die allemaal zeggenschap hadden. Voor ons maakte hij hoffelijk het hek los en ik gebaarde, dat wij het weer op slot zouden doen. Met een armzwaai bij wijze van groet en een duim omhoog slofte hij de ventweg op.

De bloeddruk bleef keurig laag de hele avond, maar tegen de tijd dat ik naar bed ging, kwam er een tornado opzetten die door mijn aderen begon te ruisen en sissen. Ik kon er nauwelijks van slapen en in de slaap was ik super onrustig, vertelde Lief vanochtend. Ergo, vanochtend was de bloeddruk weer veel te hoog. Volgens mij is het een bijwerking van het afkicken van de pantaprozol want er was totaal geen aanleiding toe. Binnenin is de storm weer geluwd, dan straks nog maar eens meten en vooral kalm blijven en niet direct het ergste denken. Mijn moeder had overal altijd een oplossing voor en nu fluistert ze voortdurend, om me gerust te stellen, in mijn oor: ‘Kalmte zal U redden.’ Over grenzen heen luistert goede raad zeer nauw. Waarvan akte.

Overpeinzingen

We gaan het zien en beleven

Iemand reageerde op de blog van gisteren over de bril als haarband, en schreef dat ene Janet Laster Purkey ook graag een bril op haar hoofd had in plaats van een haarband. Ze wilde geen zonnebril en ontwierp de Zazzy Bands. Een soort bril zonder glasmontuur, alleen het frame. Zo mal was mijn idee dus niet eens. Er zijn meer vrouwen met dezelfde behoefte bleek, want het ontwerp nam gretig aftrek.

Tante Til(kleindochter zo genoemd omdat de lieve schat altijd aan het knutselen, tekenen of verven is, naar de vrouw deze huizes van de familie Knots) kwam bijna als laatste uit de school gelopen en we hadden gedrieën een aangenaam uurtje tot ze bij het buurmeisje ging spelen. Ze besloot om twee lessen in te halen uit haar werkschrift en dat deed ze met aandacht. Wat had ze een mooie hand van schrijven. Dat heb ik op school weleens anders meegemaakt. In vloeiend schoonschrift en met snelheid vervulde ze de opdrachten. Ik smeerde broodjes, waar oma-gewijs natuurlijk hagelslag en speculaasbolletjes op mochten. Drie hele boterhammen met korst gingen naar binnen. Lief ging haar wegbrengen naar twee huizen verderop en ik deed de pannenvaat van de dag ervoor maar nergens was een theedoek te bekennen, dus liet ik het maar op z’n kop drogen. Zoonlief meldde later, dat die allemaal in de was zaten. Je kan er maar niet genoeg van hebben.

Daarna gingen we naar het stadscentrum waar we nog een uurtje moesten overbruggen. Lief was al een tijd op zoek naar nieuwe schoenen en stelde de aanschaf telkens uit, maar ik dacht dat het nu wel handig zou zijn in dit loze uur. Er vond veel wikken en wegen plaats, maar eindelijk ging hij overstag en wilde wel even passen. De verkoopster was bijzonder vriendelijk en goedlachs. Opgewekt stapten we met een mooi leren paar weer naar buiten. Ziezo, nog even langs de Zeeman voor de basiselementen en daarna de bril. Ook hier weer die jolige verkoopster van gisteren. Jammer dat ik nog niet wist van die Zazzy Bands, anders had ik haar erover kunnen vertellen.

Het was een geslaagde middag al met al. Vandaag begint ook goed. Een uitbundige zon zet het kantoorgebouw met zijn spiegelramen aan de overkant in volle gloed. De rijp ligt op de daken, dus is het koud. Zou de winter eindelijk voet aan de grond krijgen? Ze beloven sneeuw voor morgen, maar ik durf er niet al te zeer op te rekenen. Niets is hier in dit klimaat wisselvalliger dan het weer. De tuinkriebels zijn er wel. Misschien even gaan kijken hoe het er daar bij staat. Er moeten nog zeker zeven wilgen gesnoeid. Geen sinecure.

Er staan vier dagen Texel op de rol. Daar kunnen we de vriendin bezoeken die bij ons haar gitaar en het Carrombord van haar man had achtergelaten, maar het is gelijk een mooie afleiding om van de heerlijke Wadden te genieten. Iemand vertelde me laatst dat hij nog nooit op de Wadden was geweest en ik kon het me bijna niet voorstellen. Misschien zie ik wel een Gorgel, die populaire creatie van Jochem Myjer waar ik zelf ook zo van genoten heb toen ik deel één in de groep voorlas. Je kon een speld horen vallen en lang galmde het ‘Joebelabambam’ nog door de schoolgang. Bij alle kleinkinderen is het ook een begrip.

De maagtablet die vermoedelijk voor het lage natrium zorgt, is gestopt. De praktijkondersteuner waarschuwde voor ‘ontwenningsverschijnselen’. Ik ben benieuwd de komende dagen. De bloeddruk bleef keurig laag gisteren, de pols lager dan zestig zelfs. Best fijn even een weekje in de revisie, per slot kraakt en piept het hier en daar door de jaren die tellen. Wie weet, helpt het. We gaan het zien en beleven.

Overpeinzingen

Iets om trots op te zijn

Vanuit het schap lagen de oranje met witte gesneden ingredienten te wachten tot ze zouden worden meegenomen. Twee stuks voor de prijs van één. In een witte wolk daalde het verleden neer. De zalige hutspot van vroeger. Natuurlijk, dat werd het. Jus in een kuiltje van een klein pakje spekjes en een vega rookworst voor het lekker. De ongeschilde kruimige aardappelen erbij en het menu was in kannen en kruiken. Soms is het goed om je te laten verleiden door wat zich aanbiedt.

Daarna reden we naar het centrum. De meeste winkels zouden pas 12.00 uur open gaan en het was er dan ook heerlijk rustig. Mooie fineliners stond op het lijstje en neuzen bij de Hema. Daar vonden we twee truien, een voor hem en een voor haar, voor een habbekrats, want dat is de sport. Én in een opwelling stapte ik een brillenwinkel binnen omdat ik zo graag een bril wilde voor in mijn haar. Nu de ogen zo goed waren, moest mijn haar altijd op zolder, omdat het anders al gauw te plat oogde naar mijn mening. Lief vindt van niet, maar hé, ijdelheid Uw naam is vrouw, al gaat dat, vandaag de dag, zeker niet meer op. In ieder geval betekende het voor de twee winkelvrouwen een uurtje van vermaak. Een bril als haarband, daar hadden ze nog nooit van gehoord. We zijn alle twee snelle beslissers dus toen een montuur me beviel en de bril uitstekend functioneerde op het hoofd, was de aankoop al snel geregeld. In mijn naïviteit dacht ik hem zo te kunnen meenemen, maar dat was te kort door de bocht. We mogen hem vanmiddag ophalen. Niets is fijner dan ergens een keuze in te hebben. Haar los of vast behoort nu weer tot de mogelijkheden.

Zoonlief appte of we onze ‘Tante Til’ op konden halen van school. Na een uurtje gaat ze alweer spelen bij een buurmeisje. Geen enkel probleem. Graag zelfs.

De biografie van Betje Wolff geeft een mooi beeld van de positie van de vrouw en de geloofsgemeenschap in de Beemster rond 1750, maar ook van de privileges die de gegoede kringen hadden in die tijd met hun statige buitenhuizen, die ook wel ‘Plaisirhuizen’ genoemd werden en die voornamelijk als zomerverblijf werden gebruikt. In de winter was de Beemster een zompige natte polder, maar in de zomer bruiste het van de feesten en partijen, waar Betje als aangenaam gezelschap vaak voor werd uitgenodigd.

Hoera, er doemt een blauwe lucht op met een ondertoon van witte wattenwolken en daarna zelfs de zon. De zendmast staat er fier tussen. De kerstboomlampen zijn weer uit. De drie wijzen zijn sinds gisteren vertrokken. Geen driekoningentaart dit jaar, hooguit het ruimen van de lampjes voor het raam. Opgeruimd het licht tegemoet. Dat zou fijn zijn.

Beatrijs Smulders beschrijft in de Zin dat ze in een identiteitscrisis terecht kwam en daarna pas uitkwam bij haar kern. Die kern noemde ze, het was ‘Kwetsbare Openheid.’. Door de overgang ‘was de Ongezonde ego-laag afgebrokkeld en bracht me weer naar binnen.’ Door het slechten van de muur deelt ze haar leven in van voor en van na ‘De val van de muur’’. Ze werd zachter, ervoer meer rust, meer liefde. Ze pleit voor meer zachtheid in de wereld en vindt dat we niet van een patriarchaat naar een matriarchaat moeten gaan, maar ze verzint het woord: Matripaat, met het woord Matri voorop, de moeder, de oerband. Om de wereld te redden moeten mannen de gelegenheid krijgen om meer empathisch te worden. Daarbij spelen beiden een cruciale rol, de hoofdrol zelfs: Als ze de gelegenheid krijgen om echt voor hun kinderen te zorgen. Dat leidt tot echte emancipatie.’ Dat lijkt me een mooi gegeven en ik kan het beamen in de wetenschap dat ik de zegen heb om dat van dichtbij mee te mogen maken bij de kinderen, die net als hun vader en moeder ‘samen’ de opvoeding oppakken, zowel in emotionele als in huishoudelijke zaken. Iets om trots op te zijn.

Overpeinzingen

Altijd goed zo’n check-up

‘S middags was alle sneeuw verdwenen, weliswaar niet door de zon, want er kwam nog een sloot regen, maar het was niet meer glad en ineens tiengraden. In de super vonden lief en ik een vosje, zo heerlijk zacht dat die vast met open armen ontvangen zou worden door tante Pollewop, na alle inspanningen voor diploma A. De lieverd zwom met verve, trots op al haar publiek. De Friese opa en oma waren zelfs spoorslags uit Friesland gekomen met de trein, verder papa en mama natuurlijk en broerlief met wij twee. Steeds even zwaaien tussendoor en nu na twee weken een diploma. Ze mochten in marstempo met het behaalde diploma boven hun hoofd op het A-B-C-diploma lied aan iedereen laten zien hoe trots ze waren op de behaalde prestatie.

We gingen gezellig met elkaar nog even wat drinken vlak bij het station, zodat pa en ma weer op de trein konden stappen richting Friesland en wij op zoek gingen naar het restaurant dat we daar in de buurt hadden gezien. Lief had me uitgenodigd en ik had een mooie plek gevonden. We waren wat vroeg maar het was geen probleem. Het concept sprak ons erg aan. Ze serveerden tapas volgens een ‘ronde’ systeem waarbij je zelf mocht kiezen hoeveel rondes je wilde doen. Per ronde moest ieder van ons twee gerechtjes bestellen. Er waren ook nog bijgerechtjes, die bij vijf ronden gratis waren. Geen vol bord voor je neus, maar lieve kleine schaaltjes met een kabouterbestek. Met het brood vooraf hebben we vier ronden gedaan, waarbij we de volgende keer het brood zullen laten zitten. De vegetarische hapjes waren smakelijk bereid.

Om ons heen hing de stilte en het gedempte praten van de groep achterin de zaak sijpelde af en toe door. Het lied voor de jarige, dat door hen gezongen werd, was niet te missen. Maar verder was alles in serene rust die pas tegen zessen, toen wij al klaar waren, begon aan te lopen. Er zijn verschillende zaken van deze keten. We houden ze in het oog.

In de avond zochten we een doku op van Nahid Persson over een jonge vrouw die geadopteerd was door een Zweeds echtpaar, opgroeide in Zweden en vervolgens toch op zoek ging naar haar Iraanse moeder. Ze gaat er naar toe, doet een poging om de taal te leren en ontdekt dat hun levens mijlen ver uit elkaar liggen. Na drie weken hakt ze de knoop door. Heerlijk om het Iraans te horen. Die mooie zangerig taal, dramatisch ook als er muziek onder komt. De bijbehorende taferelen waren zo herkenbaar.

Op de televisie was de film Het geheim van de meestervervalser Geert Jan Janssen , die nadat hij zes maanden voorwaardelijk kreeg ook zijn eigen richting in het schilderen vond. De man is eigenlijk een razend knappe kunstenaar en heeft heel wat kenners om de tuin geleid. Ook al zou je dat niet willen dan bewonder je hem toch.

Zo was het al met al een hele fijne dag. Vanochtend moesten we vroeg uit de veren omdat ik de uitslagen zou horen bij de praktijkondersteuner. Matige nierfunctie maar al jaren stabiel, natrium wat aan de lage kant, bloeddruk te hoog. Dus net als vorig jaar maar weer een meetweek thuis om te kijken hoe alles in rust functioneert. De natrium wordt vermoedelijk veroorzaakt door het medicijn dat de maag beschermd. Derhalve daar een week mee stoppen en de hele handel volgende week nog eens bekijken. Altijd goed zo’n check-up.

Overpeinzingen

Om heel lang op te kunnen teren

Vluchtig was de sneeuw vanmorgen, zoals veel tegenwoordig vluchtig is. Om kwart voor zeven bijna ongerept en een dun laagje en een uurtje later een drabbige brei. Foto’s van de kleinkinderen over de app, de een liep te kleumen, de ander dikke pret, maar je moest er snel bij zijn. Kinderen van tegenwoordig weten straks alleen nog maar hoe sneeuw er uit ziet als ze er naar toe reizen. Vriendinlief had een vroege wandeling gemaakt om de sneeuw onder haar voeten te horen knirpsen. Iets om heimwee door te krijgen, zo’n woord.

Vandaag zwemt tante Pollewop af en dat willen we niet missen. Gelukkig wordt het straks tien graden hebben ze beloofd. Nu schijnt de gevoelstemperatuur nog -8 te zijn of zijn we niets meer gewend. Lange koude winters in ieder geval niet meer. Worden we watjes door te hameren op gevoelstemperaturen. Vroeger was het alleen maar koud of warm.

Eergisteren maakten we onze eerste wandeling door het park. Druilerig, soppig, maar even de zon aan de blauwe hemel, die de vijver in een prachtig licht zette. Twee woerden achter een vrouwtje aan ‘Een zon maakt nog geen lente, mannen’, in variatie op een thema. En ook temidden van die wisselende luchten ineens een kleine dappere bijna-bloeier. De gele kornoelje. O, wat zou ik hem graag nog een keer willen ruiken. Dat is waar ook. We zouden nog steeds een keer naar de botanische tuinen in ons buurland gaan, waar de kornoelje uitbundig aanwezig is.

Tussen de kamerplanten zit ook weer nieuw en jong blad in de pachira aquatica ook wel de geldboom en de oxalis triangularis ofwel de geluksklaver, die overdag uitbundig bloeit. Het stemt blij, al dat jonge leven.

Met de komst van het schattige bloemenservies, folklore-waardig, besluiten we toch om mijn oude dekschalen ermee te vervangen, want in de Hof hebben we eigenlijk al genoeg. Dat betekent dat er weer twee oude schalen en een juskom door te geven zijn. Een schaal is voor dochterlief. De andere twee mogen naar de kringloop, evenals de boodschappenkar waar het inzat. Opgeruimd staat netjes, volgende week even langs rijden.

Gisteren is het tekendagboek bijgewerkt, nog vier achterstallige tekeningen in te kleuren met aquarelverf en dan ben ik bij. Een nieuw derde tekenboekje ligt al klaar. Die hebben we gekocht in het museum Ton Schulten in Ootmarsum. Voor de twaalfde kunnen we nog een keer naar het Singer in Laren, waar de tentoonstelling My world niet te versmaden schijnt te zijn. En Voorlinden met de dochters staat ook nog op het lijstje. Ik wil Michaël Borremans zien en de dames Nick Cave.

Gisteren hadden we de Soedanese film ‘Goodbye Julia‘ van de regisseur Mohammed Kordofani gehuurd. Aangrijpend, prachtige beelden, een inkijkje in de cultuur en ook oorlog, racisme en het lot van de vrouwen komt aan bod evenals de grenzen van liefdadigheid gevoed door schuldgevoel. Een aanrader deze subtiele gevoelfilm. We genieten er alle twee van.

Er komen appjes binnen van de vriendinnen. We gaan over twee weken een kleedje tuften. Ooit, vroeger, heel lang geleden, in de tijd dat we onze handen tot schuurpapier hadden gemacraméed, heb ik nog wel eens zo’n tuftnaald vastgehouden. Nu heet het een handtufting tool. Tegenwoordig gebruiken ze ook een tuftpistool, dat razendsnel gaat. Het leukst is natuurlijk om de lieve meiden weer te omarmen. Dergelijke uitstapjes zijn er een paar keer per jaar. Iets om te koesteren en om heel lang op te kunnen teren.

Overpeinzingen

Dat er zo te spiegelen valt

Gisteren geen pas op de plaats na de drukte van de afgelopen dagen want het was de dag van de ontmoetingen. De eerste waar Truus me naar toe reed was een vriendin waar ik in de grijze oudheid, nou, iets minder lang geleden, goed bevriend was, iets wat door de jaren heen verwaterde en op de verjaardag van een van de broers dit jaar glansrijk werd afgestoft.

Eens een vriend altijd een vriend gaat in dit geval wel op. Als sneeuw voor de zon gleden de tussenliggende jaren eruit en zaten we nog steeds op dezelfde golflengte. Een hele warme ontmoeting met verhalen over en weer. Ze had haar buurmeisje geappt dat ik zou komen en die belde even later aan. Ze had bij mij in de groep gezeten en door toeval waren ze er achter gekomen dat ze me allebei kenden. Het schepte een band. Door de verhalen heen kwam het frèle stille meisje weer boven drijven, maar dan in een zelfverzekerde vrouw, die wist waar ze voor stond en net zo lang heeft gezocht tot ze haar plek als lerares Duits op een middelbare school had gevonden. Plaatsvervangend trots op haar. Nu had ze zelf twee lieve meisjes. Het leven zet zich voort.

Daarna kwam er een belletje van zuslief die vroeg of ik zus uit Houten op kon halen. Zij haalde de tweede zus op, omdat die anders af zou haken. Waarom het door moest gaan bleek wel uit de mooie gedekte tafel, alles met liefde voorbereid voor de ontvangst. Ze had uitgepakt, die zus van ons, met liflafjes en een lekker soepje tot aan de geliefde broodjes kroket toe.

Na de lunch waren er twee zakken overtollige kleding, waar wij nog wat uit konden snorren voor het naar de kringloop zou gaan. Met de krat met verkleedkleren van het koor van zus was er tijd voor wat typetjes, niet te versmaden door de jongste van ons, altijd in voor een verkleedpartijtje. Het was een fijn samenzijn. Zus vertelde over haar nieuwe woonstee met uitzicht op het bos, en het beviel ze uitstekend. Minder lawaai, meer natuur en opnieuw beginnen, inrichten, loslaten, waarde inschatten van alles wat ooit tot een vorige periode behoorde. Met een slim doel. Het verhogen van de feestvreugde samen.

Terwijl Lief en ik in Hongarije zaten hadden de zussen trouwens de oude tante van zwager helpen verhuizen naar een tehuis en diens appartement moest leeg opgeleverd worden. Laat daar in de kast nou een servies staan waar ik enkele stuks hier thuis van heb. Ze stuurden de foto’s op. Het perfecte servies misschien voor in de Hof, een beetje passend bij de landsaard, zal ik maar zeggen. Ze hadden het keurig ingepakt. Het zat in een ouderwets boodschappenwagentje, dus het kon zo naar Truus gerold worden. Duurzaam hergebruik, er is veel voor te zeggen.

Mijn lieve schatjes zitten en masse in de lappenmand. De vermeende krentenbaard blijkt nu toch waterpokken te zijn. Inmiddels heeft broerlief het ook goed te pakken en hun moeder. Tout van de Franse familie is ook ziek of onderweg. Het ligt vast aan dit wonderlijke weer.

Vanmorgen keek ik nog een keer ‘Vrouwejaars’ terug, de Oudejaarsconference maar dan nieuw. Nu met de oren gespitst. Ik vond het de eerste keer al sterk, maar nu kwam het helemaal goed binnen. Een ijzersterke afsluiting van het jaar 2024 en voor iedereen die er niet naar gekeken heeft of in het vuurwerkgeweld de helft heeft gemist, zou ik de raad willen geven er eens goed voor te gaan zitten. Want lieve mensen, als je kan besluiten met de woorden: ‘Wij ervaren geen asielcrisis maar wij ervaren een zielcrisis‘ en ‘Laten we pleiten voor meerstemmigheid, voor de twijfel, voor de zachte dingen, voor de schaamte’, waarbij ze de Franse Giselle Pelicot aanhalen, die sprak: ‘De schaamte moet van kant wisselen’, dan hebben ze wat mij betreft al gehaald wat ze probeerden te bereiken met elkaar, deze tien vrouwen. Alert blijven, bewustwording kweken met elkaar. Wat mooi dat er zo te spiegelen valt.

Overpeinzingen

Met hernieuwde energie

Zon te zien. Met regen dat dan weer wel, maar wie weet, levert het de eerste pot met goud op van dit nieuwe jaar aan het eind van de regenboog. Ganzen en aalscholvers in de lucht.

We komen een beetje bij van de drukte gisteren. Dochterlief was ook aan het kwakkelen net als haar man en ze komen niet. Geen punt. Als Mohammed niet naar de berg komt, dan komt de berg wel naar Mohammed. Ergo: een bakje Harira met brood gaat hun kant op. Er vallen meer mensen om in dit kwakkelende weer. Het scheelt vijf eters. Maar ook al was het nog zo’n grote volle pan soep, toch gaat alles schoon op.

Het wordt een gezellige keuvelende middag, waarbij de oude fotoboeken van Lief en mij van vroeger een aanleiding zijn tot vermaak. De drie kleintjes gebruiken de zuil om er omheen te rennen of om de autootjes zo hard mogelijk in rechte baan te laten rijden. Schelle stemmetjes. De filosoof en tante Pollewop vechten om een plekje op de voetenbank, apenliefde eerste klas. Er is ook weinig vertier. Zoonlief en gezin komen als zijn broer met iedereen vertrokken is. Diens kleine heeft krentenbaard. Ze heeft er geen last van maar het blijft besmettelijk. Lucht-kusjes en knuffels dan maar. Je moet de kat niet op het spek binden. Het is fijn om ze bijna allemaal te zien. Dochterlief en co houden het te goed. Wat in het vat zit verzuurt niet per slot van rekening.

Gisteren las ik in een blog een ABCtje met alle meer of mindere hoogtepunten uit het vorige jaar. Een prettige resumé van het leven. Hoogtepunten en iets minder of daaromtrent. Wel mooi om zo’n staatje te maken. Wat was de zingeving. Fijn om over te peinzen. Allereerst de knoop doorgehakt om ook alleen te gaan reizen. Lief wilde dat eerst niet, die legt me voortdurend in de watten. Maar ik dacht dat we dan beiden, onafhankelijk van elkaar, hij van zijn huis en ik van de kinderen, konden blijven genieten. Het land in de Hof vraagt om veel onderhoud en dat kan nu gewoon doorgaan. Het was weer een mijlpaal. Ik kan het gewoon. Het kost zelfs geen centje pijn. Onverhoopt prettig is de vreugde om het weerzien. Die is des te groter. De korte minivakanties zijn ook gelukt. Texel, Budapest, Vezprem, Ootmarsum, Hoek van Holland. Fijne dagen, heerlijk verblijf, schoonheid en lekker uit eten. Even helemaal weg.

De komst van schoonzus en zwager, de Hof logeerklaar gemaakt met de nieuwe slaapbank in de bibliotheek, de prachtige groen/blauwe hagedis en zeven dagen lief en leed gedeeld. Goed te doen, al vonden ze het wel ver rijden.

Een eigen onderneming, in mijn uppie naar Terschelling omdat dochterlief met de schone zoon daar met de filosoof en tante Pollewop, met de caravan stonden, Dat ging allemaal eveneens van een leien dakje. En later het bezoek van hen in Hongarije. Sterren kijken, broodjes bakken in het kampvuur, het hertenkamp en de vega barbeque, vier dagen leken wel een week. Ik raak steeds vertrouwder met inchecken zonder receptionist. Haal sleutels op, stal auto’s, op gezonde hoop van zegen, om ze na het weekend weer op te halen en kan mijn hart ophalen op de gehuurde fiets in warm en goed gezelschap. Genieten voor ons allemaal.

Weekendje Maastricht met de dochters was ook een gouden greep. Dit keer een cursus glas in lood, het mooie museum Bonnefanten en een ruim appartement. Veel bijgepraat en hen tetra-etsen geleerd. Zo fijn om kennis met elkaar te delen.

Het tekendagboek is vol en de tweede hard op weg. Ik vergeet vast nog meer moois en heb een goede reminder gevonden in de tekeningetjes. Een nieuw jaar, nieuwe ronde, nieuwe kansen. We gaan er, nu de zon zich laat zien, met hernieuwde energie tegenaan.

Overpeinzingen

Tranen van geluk en ontroering

Oudejaarsavond werd een sentimentele romantische filmavond. Beetje zwijmelen, beetje laveren tussen al het vuurwerk door dat al zo vroeg op de avond begon. We blijven natuurlijk binnen, want de kruitdampen zijn funest voor aangedane longetjes. Middernacht sloop derhalve naderbij. Oliebol en kleine appelflapjes van de dichtstbijzijnde super en onze eigen drankjes, geen bubbels. Lekker in een dekentje op de bank, Lief aan de andere kant. Kabbelend. Rond twaalven barste het buiten los. Zoonlief en schone dochter kwamen het bewonderen, evenals Lief, maar ik bleef in mijn dekentje, neuriede mee met wat gouden ouwen en was volmaakt tevreden. Toen het geknikkebol begon zocht ik alvast het bed op en hoopte voor iedereen dat de avond goed verlopen was.

Breinvoer is nog steeds bij de hand en ik laat het lot de vraag bepalen. ‘Liever een hoger IQ of EQ.’ Ik ga voor de eigenschappen van de emotionele intelligentie, die in Wiki genoemd staan. Mooie vaardigheden. In een wereld waarin er nog maar weinig rekening wordt gehouden met de ander, kunnen we wel wat meer EQ gebruiken. Dat is een mooi begin en toch een voornemen. Want laten we met elkaar het EQ aanspreken dat in onszelf besloten ligt. Als dat geen zonnetje is.

  1. Zelfkennis. Mensen met een hoog EQ hebben het vermogen om de eigen denkwijze, mogelijkheden en onmogelijkheden te kunnen inschatten en daar conclusies uit te trekken.
  2. Optimisme. Mensen met een hoog EQ denken positief over hun eigen mogelijkheden en laten zich niet snel uit het veld slaan.
  3. Kunnen afzien. Mensen met een hoog EQ kunnen het opbrengen om te werken aan iets wat ze op lange termijn willen.
  4. Empathie. Mensen met een hoog EQ kunnen zich goed verplaatsen in de gevoelens van anderen.
  5. Sociale vaardigheden. Mensen met een hoog EQ kunnen goed met zowel bekenden als vreemden omgaan.

‘Voor wie zou je samen met Abel een taart willen bakken’ vraagt het brein aan mij. Tjonge daar vraagt het nogal wat. Als ik groots denk voor de mensheid, of nee, voor de natuur of voor alle mantelzorgers. Dichter bij huis voor vriendinlief die ik al een hele tijd niet meer heb opgezocht, of broerlief en schone zus, die samen in liefde zijn aandoening dragen, voor mijn kinderen die zoveel betekenen of een taart met alle kleinkinderen maken voor hun ouders. Gaaf. Met marsepein of gezond hangt af van de ontvanger. Die wil je het naar het zin maken. Iemand blij maken met zo’n zonnestraal. Wie goed doet, goed ontmoet.

‘Waarvan moet jij huilon’, klein foutje van brein. Het zal huilen moeten zijn. Ik ben een sentimentele oude dwaas. Ik huil vooral van geluk en ontroering. Van liedjes van vroeger en dan denk ik aan’Het karretje op de zandweg reed en ‘in het groene dal in ‘t stille dal’, omdat ik daarbij altijd de stem van mijn moeder hoor en mijn vader zie, die tranen met tuiten huilt in de aula van het bejaardentehuis waar hij zat. Ik huil bij mooie woorden van de kinderen, die een wens voor me hebben bedacht en die kleine en grote uitingen van liefde komen brengen, bij optredens of het afzwemmen van de kleinkinderen en de kinderen, dochterlief zingt in een koor, ik hou het niet droog als ik haar op het podium zie. Als ik voor publiek uit moet leggen wat mijn passie is, het Jenaplanonderwijs, kwam ik er ook nooit uit. Ik leerde om het door een ander voor te laten lezen. Ik huil bij mooie boeken en kunst dat me raakt, bij mijn lieve Lief. Ik water wat af.

Drie mooie vragen om het nieuwe jaar mee te beginnen en vanmiddag alle kinderen en kleinkinderen op bezoek. Gisteren een enorme pan Harira gemaakt, genoeg voor de hele schare. En nu het Nieuwe jaar in met veel empathie en sociale vaardigheden, zelfkennis en optimisme, een grote pan Harira voor iedereen en veel tranen van geluk en ontroering.

Overpeinzingen

Veel licht

En daar is ie weer. De laatste dag van het jaar. De dag dat er voornemens gemaakt worden die misschien in de volgende week al weer niet haalbaar zijn gebleken. ‘Stel jezelf eens een goede vraag,’ zegt Irene uit de Flow. Ze heeft een hekel aan goede voornemens, omdat die zo’n zeurderig falend gevoel kunnen geven. Natuurlijk breidt ze er een cursus aan vast. Daar heb ik dan weer minder mee. Maar de opmerking snijdt hout.

De VPRO kwam laatst met een pakketje Breinvoer vol vragen om een goed gesprek op gang te brengen. Misschien zit daar wel wat tussen. Want wat is een goede vraag. En zal het antwoord erop geen verkapt voornemen zijn? Niet als het uit intentie voort komt. Een intentie is dieper geworteld dan het maken van voornemens. Na ruim een halve maand van grijs weer zie ik er geen pareltjes meer in. Ik heb de intentie om in ‘zon’ te willen denken, want anders voel ik me net zo mis(t)troostig als het weer is. Het werpt onmiddellijk een volgende vraag op. ‘Hoe doe je dat?’

Lief en ik filosoferen erover. Helpt het te denken aan het zoeken van de balans tussen wat je niet meer kan of nog wel kan of hou je je alleen bezig met wat je wel kan. ‘Tel je zegeningen‘, fluistert het verleden. Betekent dat dat het glas voor iemand persoonlijk dan altijd half vol is? Dat laatste is de intentie, want voor hetzelfde geld is het half leeg. Met welke instelling sta je in het leven en kan je die versterken. Hoe dan? Door zon te denken. Hoe dan?

Een van de vragen op de kaartjes van Breinvoer is: Eigenzinnig of vrijzinnig? Ik zou het laatste kiezen. Vrij zijn om te denken wat je wilt en iedereen die vrijheid gunnen om je eigen zingeving te bepalen. Bij eigenzinnig denk ik aan de spin Sebastiaan, die niet wil luisteren naar de goede raad van de andere spinnen om niet naar binnen te gaan omdat dat het einde zou betekenen. En inderdaad wordt ie opgeveegd. Boontje komt om zijn loontje en een gewaarschuwd mens telt voor twee. Het is wel grappig dat Sebastiaan met het hele oeuvre van Annie tot mijn zonnen behoort. Dat is één.

‘Welk boek zou je nog eens willen lezen,’ vraagt Breinvoer. Ongetwijfeld ‘Al het blauw van de hemel’, al zit die nog heel vers in het geheugen. Beter om een mooi nieuw boek te vinden, die net zo pakkend zal zijn. Maar er liggen er nog een paar. Dat stapeltje kan ik slechten. Is dat stiekem een voornemen of gewoon heerlijk. Het grijze grauw aangrijpen om weg te duiken in de avonturen, die de boeken oproepen. Dat is twéé.

De volgende vraag is; ‘hoe serieus neem jij jezelf.’ O jeetje. Een gewetensvraag. Dat is andere koek. Ik denk dat ik daar wél een balans in zoek. Bij tijd en wijle heel serieus, en soms graag zo helemaal niet. Hoe heerlijk is het om te kunnen schaterlachen om wonderlijke invallen of malle fratsen. Daarbij denk ik aan vriendinlief die om de kleinste dingetjes in een heerlijke volle lach kan uitbarsten, zelfs in een restaurant. Het is zo bevrijdend om te horen. Los van alle etiquettes gewoon voluit bulderen, sans scrupules. Dat zouden we vaker moeten doen. Dat is drié.

‘Waarover zou je wel eens een programma of een podcast willen maken?’ komt er uit mijn doosje. Even prakkiseren of onmiddellijk vertellen wat er in je op komt. Onverbloemd, het leven zo als het is, niet mooier, niet verdrietiger, niet gemaakter, maar zoals de dag zich aandient, misschien wel. Zijn we het niet allemaal waard om gehoord te worden, juist in onze kleinheid kunnen we zo groot zijn. Als ik er langer over nadenk, dan een mooi verhaal over een groep vier tot zesjarigen, eigenlijk de mijne, zoals die doorsnee was. Met de wijsheid die ze bezitten, alle leerzame momenten eruit die ons samenzijn opriep, hoe snel kinderen geraakt zijn, onbevangen, ongekleurd, zichzelf. Dat als spiegel voor ons, die vaak zo beïnvloed worden door oorzaak/gevolg, waardoor het spontane er af is. Wat een prachtige herinnering. Dat is viér.

De blog wordt veel te lang op die manier. Maar de lucht van binnen is er door geklaard. Er schijnen al zeker een stuk of wat zonnen. Zo simpel is het dus. Dankzij het gekregen Breinvoer en wat het ter overpeinzing mee geeft.

Blanco erin, onbevangen, dat wens ik jullie allemaal toe voor dit nieuwe jaar. En veel, vooral veel licht.

Overpeinzingen

Voor nu de warme herinneringen

Vanmorgen al vroeg uit de veren om even bloed te laten prikken voor de jaarlijkse controle. Altijd fijn zo’n onderhoudsbeurt, want volgende week wordt het resultaat besproken en als alles goed is, kun je er weer een jaartje tegen.

Zoonlief belt. Hij heeft een vervanger gevonden voor onze lieve Truus. Met een hogere instap en een wat grotere kofferruimte. Nu kan ik in maart van auto wisselen. Fijn zo’n lieverd in de buurt, die al die zakelijke gesprekken met groot gemak weet te voeren en vooral ook op de kleine addertjes let. Die kan ik in mijn argeloosheid vergeten of niet eens door hebben.

Van de week kreeg ik van vriendinlief de tip om de podcasts te beluisteren van het Volksmuseum Utrecht. Ze gaan over de wijk waar ik ben opgegroeid, namelijk Het Ondiep. Er zijn interviews met de authentieke bewoners te horen, die er opgroeiden in de jaren vijftig en zestig. Ze zijn ongeveer net zo oud als ik. Het is heerlijk om naar het echte Utrechtse accent te luisteren en er wordt veel aangehaald wat allang uit het straatbeeld verdwenene is. Iemand memoreert dat er destijds in iedere volksbuurt een slager, een bakker en een melkboer was. Supermarkten waren er niet. Wel was er een De Gruyter in het Ondiep richting Amsterdamse straatweg, een echte kruidenierswinkel met zo’n specifieke geur en een prachtig tegeltableau aan de wand. Je kon er koffie vers branden en er was geen zelfbediening.

Ene Cor vertelt er over de kerstbomenoorlog. Wij noemden het kerstbomenjacht, maar oorlog was een betere omschrijving voor het geweld waar mee het gepaard ging. Er waren grote groepen jongeren uit verschillende wijken, zoals bij ons de Hooipoort en de Sterrenwijk die het opnamen tegen het Ondiep. Al mijn broers deden er aan mee. Het was zaak om een zo groot mogelijke hoeveelheid bomen te verzamelen voor oud en Nieuw, want dan werd om twaalf uur de fik erin gestoken op het landje aan het begin van onze straat. Het ging er niet zachtzinnig aan toe met boksbeugels, stenen en spijkers op een plank. De bomen werden bij ons in de tuin verzameld omdat mijn vader politieagent was en er misschien nog enig ontzag zou gelden, al werd het des te spannender om ze dan te pakken te krijgen.

Die oud en nieuw avonden waren een beleving op zich. Om twaalf uur stonden alle deuren open van de straat en wenste je alle buren gelukkig nieuw jaar, ook de luitjes aan de overkant. Dan moest je wel tussen de rotjes en die vreselijk veel lawaai makende gillende keukenmeiden door laveren. Geen sinecure voor een angsthaas voor vuur. Gezellig was het wel. Buurman van Luyn had steevast een borrel teveel gedronken en gaf steevast met die grote lippen twee klapzoenen op je wangen, terwijl je al dronken werd van de lucht alleen. Bij iedereen viel wel een oliebol te halen. Die werden natuurlijk zelf gebakken en stonden in grote zinken teilen in de kelder afgedekt met een theedoek. Dat mocht ook wel met het grote gezin. Ze gingen in de week erna allemaal schoon op.

Ach ja, die goeie ouwe buurt. Met het abattoir, zijn kerk en de scholen, met de mensen waarvan je precies wist hoe er geleefd werd. Met de kinderen uit de straat waar je de helft van je opvoeding van kreeg. De wijk als veilige haven, ons kent ons. Een veiligheid die ook beklemmend kon werken. Mijn moeder had er een gouden stelregel voor gevonden. Altijd in voor een praatje maar over de heg, op de koffie ging ze niet, wars van roddels dat ze was. Bovendien was er nauwelijks tijd voor. Lief en leed, een echte volkswijk, en voor nu de warme herinneringen.

Overpeinzingen

Dat roept iets, wat je aanspreekt, op

Ach ach, dochterlief appte dat de Franse oma opgenomen was met een longontsteking en dat ze twee dagen in het ziekenhuis moest blijven met extra zuurstof en antibiotica. Duimen dat ze gauw hersteld en zij weer allemaal met Oud en Nieuw hier kunnen zijn.

Gisterenmorgen was de laatste dag van ons mistig verblijf in dat uiterste puntje van Zuid Holland, waarbij we iedereen nog een keertje zagen voor we weer afreisden. Het gesprek ging alle kanten op. Er lagen zeesterren op het strand vertelde nichtlief. Er waren er heel wat. Als het eb was, lagen ze met z’n allen te zieltogen. Broerlief en schoonzus trokken er op de fiets naar toe. Maar in deze dikke zware neveldeken én die arme ongelukkige diertjes hoefden we niet zo nodig naar zee. Ik had het verschijnsel een keer eerder gezien bij Schoorl of Egmond toen we daar in de buurt waren met de zussen. Heftig vond ik het. Ze spoelen aan door sterk aanlandige wind en gaan dan snel dood. De meeuwen hebben een koningsmaal, dat dan wel. Ja ja, ‘De een z’n dood is de ander zijn brood’ valt nu wel heel letterlijk te nemen.

Ik keek de uitzending terug van Sterren op het Doek van twee weken geleden waarbij Eus Martine van Os ontmoette en tot mijn verrassing speelde het eerste deel zich af in De Zonnestraal, een gebouw dat herinneringen opriep aan de nonnen, een lange trein in het bos met slaapcompartimenten, prépuberale ondeugendheid, de volksdansclub of de Gidsen en het mooie moderne gebouw. Hoe ik ook speur, het blijven slechts flarden in het verstofte geheugen over die tijd, zegge en schrijve rond begin of midden jaren zestig.

Ik vraag rond op Facebook en vriendin én volksdansjuf weet wel dat we er een keer in een winkelcentrum in Hilversum hebben opgetreden en dat mijn vader het busje reed. Dat is bij mij weggezakt. Grappig eigenlijk, hoe dat werkt met herinneringen. Zijn we er dan met de Mulo geweest, want in mijn beleving waren er jongens en meisjes? Nou ja, die vage beelden maar koesteren. Wat ik zeker nog voor me zie is de ingang van het mooie gebouw en toch nog altijd nonnen of waren het verpleegkundigen met kapjes op.

Martine is een enig mens en ik ben blij met haar openhartige verhaal over haar jeugd, haar strenge vader en haar volstrekt anders geaarde moeder. Ze was een beweeglijk kind, levendig stel ik me voor, dat niet stil kon zitten, dat wel geacht werd te doen en daar herhaaldelijk toe geroepen werd door haar Pa. Ze trouwde met een kunstenaar die les gaf aan de Academie waar zij studeerde. Oud worden vindt ze maar niets omdat je je ineens zo bewust bent van tijd. Wat vroeger een eeuwigheid leek, is tegenwoordig een fractie van een seconde.

De kunstenaars zijn alle drie heel verschillend en dat maakt de uiteindelijke keuze toch ook weer makkelijker want van te voren geeft ze aan minder van het realisme te houden en meer voor het abstracte te gaan. Uiteindelijk kiest ze inderdaad het meest abstracte portret, waarvan ze eerst zei dat ze daar zichzelf helemaal niet in herkende. Kennelijk riep het toch de juiste emotie op. Zo genoten. Nu nog één aflevering te gaan, maar niet vandaag.

Lief is al lang op en heeft ondertussen van alles gedaan terwijl ik nog steeds alleen maar kantoor hou op bed. Dus nú eindelijk eens in de benen, tante. Er is werk aan de winkel. Zijn het schilderkriebels? Ik krijg er wel erg veel zin in. Dat roept iets, wat je aanspreekt, op

Overpeinzingen

Als een aangenaam verpozen

In het kader van de beweging mocht Truus blijven waar ze was en stapten wij in de nevelige middag naar buiten. Het was een half uur lopen in een kalm tempo naar het nichtje van Lief. Langs het loodwezen en de schattige oude witte huizen, beschermd dorpsgezicht aan het haventje.

Het duurde even voor nichtlief naar voren kwam en Lief drukte de bel lang in omdat niet te horen was of het wel werkte. Ze had ons allang gehoord. Een ouderwets lange gang naar achter, de kamer vol licht en kerst. Een kleurrijk geheel. Aan de grote tafel zat dochterlief bedachtzaam te knippen. Het bleek een game-ontwerp voor haar studie, waar ze eerst een papieren model voor maakte. Grillige ronde stapstenen, lijnen die hokjes werden, zorgvuldig ingekleurd. Wat knus om daar met elkaar thee te drinken en te genieten van de rust. Kalm muziekje op de achtergrond.

Manlief was er ietsje later met de boodschappen. Hartelijke begroeting en opnieuw veel tijd om bij te praten. Het bijzondere van nichtlief was, dat ze nog wist dat ik haar peettante was geworden toen Lief en ik in de grijze oudheid samenwoonden. Helemaal glad vergeten, wat nog altijd een spoortje schaamte oplevert. Hoe kun je zoiets belangrijks nou vergeten. Al waren wij van huis uit het niet meer gewend, want dat gebruik was al veel eerder afgeschaft. Ik heb geen idee wie mijn peter en meter zijn.

Het was een aangenaam samenzijn waarbij we van politiek, naar dagvulling, naar tuinen oversprongen en de boeiende ontwikkelingen van de techniek in vergelijk met vroeger, onder de loep legden. Alles wat in ontwikkeling is, heeft twee kanten, filterde ik eruit. Het is zaak om de goede kanten te omarmen. Als je kijkt wat AI in de medische wetenschap weet te bereiken dan is dat bewonderenswaardig, maar helaas kennen we ook allemaal de keerzijde van de medaille. De verleidingen zijn groot en voor je het weet wordt het ten gunste van de een en ten nadele van de ander gebruikt. Waar dat toe leiden kan is af te lezen aan het wereldtoneel.

Er was Hongaarse goulashsoep en even later een heerlijke bloemkoolovenschotel met brie en crème fraiche met een heerlijke witte wijn en voor de mannen een biertje. We bekeken het archief van Lief, dat ze opgeslagen hadden in de kamer en dat langzamerhand toch wel veel ruimte innam. Nichtlief wilde heel veel wel digitaliseren en de rest kon dan al naar gelang van belangrijkheid of familiegeschiedenis weg of bewaard. Het zou aanmerkelijk schelen in de ruimte. Het fotoboek van Lief en mij uit de jaren zeventig konden we meenemen. Dat was alvast gered. Niets leukers dan oude foto’s kijken. Met name naar de omgeving waar men instaat. Daar was mijn lieve oude witte Daf 55 en mijn jonge vader en zus, onze Antilliaanse vrienden, mijn Afghaanse jas en het oude kerststalletje van de Amandelstraat. Lief met en zonder bakkebaarden en een andere bril. Geen spatje veranderd, vind ik.

Omdat we weer terug zouden lopen en de vermoeidheid erin sloop, namen we niet al te laat hartelijk afscheid. ‘Dag lieverds, tot gauw.’ In kalme tred liepen we naar de Loods en, zoals vaker de laatste tijd, hadden we de dag ervaren als een aangenaam verpozen.

Overpeinzingen

Zelfs de trap niet

Gisteren sloten we Kerst af met een documentaire over het draaksteken in het dorpje Beesel in Limburg. Wat een kracht gaat eruit van een gemeenschap door de hoge mate van betrokkenheid bij het merendeel van de inwoners. Het draaksteken wordt eens in de zeven jaar opgevoerd, een groot spektakel, waar veel bij komt kijken om het voor elkaar te krijgen en een groot aantal obstakels moest ook nu weer uit de weg geruimd worden. Zo viel de koning van zijn fiets, sloegen bij de repetitie de paarden met kar en al op hol en was het terrein waar op gespeeld moest worden met een glibberige laag modder bedekt. Er deden veel toneelspelers uit het dorp aan mee en het werd aangevuld met een horde figuranten. Hoe ze het voor elkaar kregen om het spel op de rit te zetten, was lovenswaardig. Uitmuntende docu voor de kerstgedachte. Gemeenschapszin, traditie en de strijd tussen goed en kwaad.

Daarvoor hadden we een heerlijk samenzijn bij de broer van lief en zijn lieve vrouw. Er was nog een vriendin, die naadloos paste in het geheel en schoonzus hielp bij het klaar maken van de borden. Die had heerlijk gekookt en er was een lichte maaltijd met drie gangen. Kleine hapjes, niet te zwaar, met een behoorlijke portie hulp van de supermarkt en van haarzelf. Waarom zou je het te ingewikkeld maken. Bovendien hadden we een aantal maanden bij te praten, want ze waren in mei voor het laatst bij ons op bezoek geweest in Hongarije.

Dat er kaartjes nodig zouden zijn om een gesprek op gang te houden komt niet in aanmerking voor ons. Moeiteloos schieten we door de onderwerpen heen. Een opmerkelijk verhaal kwam van broerlief, die ontdekt had op vakantie, dat ouderdom eigenlijk tussen de oren zat, min of meer aangepraat, en dat leeftijd overwinnen een kwestie van bewegen was. Hun appartement lag hoog bovenop een bergachtige heuvel, er moest twee of drie keer per dag minimaal 12 steile trappen op worden geklommen. De eerste dagen schoot het chagrijn en pijnlijke spieren erin, maar vrouwlief bracht in dat je het moest zien als een bezoek aan de sportschool en dat het een goede tegenhang zou zijn voor al het lekkere eten. Na een paar dagen ebde de spierpijn weg en kreeg hij er zelfs plezier in om die trappen te nemen. Sterker nog hij is hier op zoek gegaan naar een monumentale trap om die oefening voort te zetten. Die vond hij bij de waterkering.

Hetzelfde was er aan de hand met het auto rijden. Hij was steeds slechter gaan zien en dat leverde bij hem onzekerheid op bij het rijden. Een opticien sprak het verlossende woord, er was sprake van staar aan beide ogen. Onzekerheid brengt angst met zich mee. Het autorijden had hij derhalve allang afgeschreven. Na een operatie aan beide ogen en door het ondernemen van de reis naar Hongarije nam zijn aanvankelijke angst ervoor steeds verder af en is nu zelfs verdwenen. Een grote opluchting en het gevoel van vrijheid.

We kwamen tot de conclusie dat je, en dat is algemeen bekend maar moeilijker gezegd dan gedaan, op de grenzen die het lijf zelf aangeeft je aanpassingen kan doen en dat de leeftijd an sich als belemmering tussen je oren kan gaan zitten. ‘Je bent zo jong als je je voelt’ zei men vroeger en daarbij is angst een hele slechte raadgever.

Na een heerlijk toetje en moe maar voldaan, reed vriendin weer op Vlaardingen aan en wandelden wij in alle rust door een dichte mist die Agatha Christy niet zou kunnen weerstaan, naar de loods. Veel gehijg, gehoest en veelvuldig pas op de plaats, maar geen onoverkomelijk probleem. Zelfs de trap niet.

Overpeinzingen

Genieten van de luxe

Gisteren hadden we een goed gesprek over tijd verdelen. Met vier mensen in een huis is de behoefte aan rust soms groter dan het samenzijn. Er wordt namelijk dubbel gekookt en dubbel afgewassen en dat vergt hier en daar tijd en wapengekletter. In de zin van rammelende pannetjes hoor, want we kunnen het uitstekend met elkaar vinden, maar als je volkomen stilte gewend ben is het vanzelf wat onrustiger. Omdat Lief in zijn geografische en ruimtebeelden verdwijnt, vergeet hij eveneens de tijd. Dus weer pas op de plaats voor thee samen of een gezellig onderonsje tussendoor.

Vanmorgen moesten we op elkaar afstemmen. want schone dochter ging dezelfde lekkere pesto’s maken voor een bezoek aan haar moeder, waar ze tweede kerstdag zouden doorbrengen en wij maakten ons na een kalme ochtend klaar om naar Hoek van Holland af te reizen. Er lag nog steeds een dikke grijze deken over Nederland heen en mijn hoop dat het dankzij vaak wat meer wind het aan de kust beter zou zijn, kwam eveneens bedrogen uit. Maar mistig was het niet. Tel Uw zegeningen.

De reis was voorspoedig. Grote drukte aan de andere kant maar wij konden in alle rust door rijden. Geen centje pijn. Lief had al een paar keer gelogeerd in deze loods, die uitgerust was met een aantal heerlijke kamers. Vroeger behoorde het gebouw bij de marine en het loodswezen. We waren heerlijk vroeg, stalden eerst nog even de koffer en de rugzak in de kamer en reden naar de overkant voor wat boodschappen voor ontbijt en een slaapmutsje.

Straks als we naar broer van lief toegaan, waar schoonzus gekookt heeft, kunnen we er binnen een kwartier naar toe lopen. Ideaal om een lekker wijntje onbezorgd te kunnen drinken bij het eten. De kamer zelf is praktisch ingericht en van alle gemakken voorzien met een luxe groot bed en voldoende ruimte. De kamer kijkt uit op de spoorrails en er denderen wel wat treinen langs, maar die maken minder lawaai dan de trambaan in Nieuwegein. In de zomer zou je de trein rechtstreeks naar het strand kunnen pakken, enkele minuten hier vandaan.

We hebben nog even de tijd om rustig bij te komen en alles goed te bekijken. Aan de kant waar Truus geparkeerd staat, heb je zicht op het begin van de nieuwe waterweg en de haven, helaas niet te zien vanuit het appartement. Als troost hangt derhalve in de kamer een grote foto met zicht op het weidse water. Wat een ideale plek. Alles binnen loopbereik en volop comfort. Met onze kennis van hotels en appartementen onderweg maken we dit wel eens anders mee.

Stiekem had ik er op gerekend dat er winkels open zouden zijn. Supermarkten volop, maar verder alleen het Kruidvat. Dus roeien we met de riemen die we hebben en krijgen broer en schoonzus een mooi boeket met winterkabouter van Appie en achternicht van Lief Tony Chocolonely’s in nieuwe smaken met een gevuld envelopje.

Maar eerst nog even sudderen tot het tijd is om op pad te gaan én genieten van de luxe.

Overpeinzingen

Voor het broodnodige evenwicht

De stofzuiger. Dat leek me gisteren een goed idee. Omdat we Stoffie in Hongarije hebben gelaten is het hier wennen om er een bepaalde regelmaat in te krijgen. Maar goed. Ik begon met mijn huisateliertje, een hoek van de kamer waar de ezel staat, wat doeken, de muziekstandaard om de Ipad op te zetten, palet en verf. Ik was er lange tijd niet achter de kleine verwarming voor het raam geweest. Met een sponsje aan de stofzuigerslang vastgezogen kon ik de plint van het raam schoon poetsen. Wie niet sterk is, moet slim zijn en wie niet goed kan bukken, inventief.

En toen gebeurde het. Ik kreeg het op mijn heupen. Lief had ik allang naar boven gedirigeerd, die wilde steeds helpen, maar dit keer had ik mijn eigen tempo nodig om te doen wat me goed leek. Namelijk de bank verplaatsen. Iets dergelijks is sneller gezegd dan gedaan, want dat betekent dat de hele inrichting op de schop gaat. Als je gaat schuiven moeten er obstakels uit de weg en wil je toch de harmonie bewaren. De atelierhoek was schoon en kon zo blijven.

De olifant met de goudpalm erop moest naar de Overkant, het kleed in plaats van verticaal horizontaal geschoven worden, de voetenbank op de plaats van de bank, de bank voor de verwarming, ‘Nee mijn Lief niet ertegen’, zijn stokpaardje is anders de verloren gegane warmte, de eettafel niet in de lengte tegen de zuil aan, maar met de korte kant, de tafeltjes links van de bank, de lamp opgeschoven, de paarse stoel een plekje bij het atelier. Schuif, schuif, puf, puf, schuif, schuif, maar dan heb je uiteindelijk ook wat. Ondertussen werd er in ieder gaatje en hoekje gezogen. Schoon de kerst in, leek me een loffelijk streven. Bovendien was het, met dit te vochtige weer, de garantie voor het opdoen van beweging.

Het uiteindelijke resultaat was er naar. Wat een ruimte hadden we nu ineens en eindelijk was ik van het zicht op die lelijke dominerende verwarming af. Zo simpel kan het zijn. Keuken en gang er achteraan en lief zou het boven schoon zuigen.

In de avond keken we op aanraden van een lieve vriendin de film ‘Lee’ van de regisseur Ellen Kuras naar het waargebeurde verhaal over Lee Miller de oorlogsfotografe. Een goede keuze. Aangrijpend en nogmaals een nadruk op het bewust beleven van de wereld om ons heen. De foto’s die ze maakte in Dachau, een van de concentratiekampen, had ik vroeger al eens thuis gezien in een boek over de oorlog die ver weg was gestopt in de grenen boekenkast achter allerlei andere boeken. Duidelijk niet voor kinderogen bestemd en ontzagwekkend gruwelijk, onvoorstelbaar ook.

In de film werd het in de context geplaatst en altijd weer vraag je je af hoe het zo ver kan komen en continue wordt bevestigd dat een stel dwazen een volledig ander beeld hebben van respect en eerbied voor een mensenleven. Onnoemelijk grote ego’s bepalen. Toen en nu nog steeds. Was er maar een knop die om kon en de tijd terug kon draaien. Kate Winslet gaf op prachtige wijze gestalte aan de eigenzinnige fotografe en zorgde ervoor dat ze als vrouw toch daar kwam waar de rauwe werkelijkheid te zien was en niet een zoetgevooisde versie van het geheel. Een aanrader.

Alle kinderen waaieren vandaag alle kanten op. Gisteren werd in Frankrijk vol overtuiging kerstavond gevierd. Daar is het bijna een must. Ik ben blij dat we met een pre-kerst kalm aan de eerste kerstdag beginnen in de wetenschap dat ieder op z’n gemak kan vieren wat er voor hen te vieren valt, waar dan ook, zonder in een dubbele spagaat te moeten liggen.

Wij gaan genieten van de nieuwe kamer en misschien gooien we er dan nog een vredig filmpje tegenaan voor het broodnodige evenwicht.

Overpeinzingen

Alle dagen feest

Gisteren hebben alle kinderen pizza gegeten door het overschot aan deegbollen van het kerstetentje. De kleintjes hadden dubbele lol, die mochten hun pizzaatjes opnieuw beleggen. Meeuwen en kauwen doen zich op dit moment en masse te goed aan het brood dat iemand tegenwoordig iedere dag op het dak van de overkapping achter de flats strooit. Ze vieren duidelijk ook feest.

Wat is er positief aan regen. Objectief beschouwd, wast het schoon. Is het Weer bezig met het schrobberen van 2024 onder het motto ‘Al het vuil de goot in‘. Dat zou fijn zijn, dan kunnen we volgend jaar met een schone lei beginnen. Het nadeel is dat het niet uitnodigt veel te gaan ondernemen. Meer iets in de trant van ‘Blijf zitten waar je zit en verroer je niet’.

Gisteren heeft zoonlief de stempel van de Ex-Libris gebruiksklaar gemaakt. Hij moest even alles goed uitdokteren, maar kreeg het piekfijn voor elkaar en nu ben ik in het gelukkige bezit van een Ex-Libris met de tekst ‘Uit de bibliotheek van …‘ Zo ongelooflijk blij mee. Er zitten ook gouden stickers bij, die je er tussen zou kunnen schuiven, maar ik vind de in reliëf gedrukte eenvoud mooier.

Vannacht had ik een bijzondere droom. Mijn vader als jonge vader met haar(heel bijzonder want ik heb hem niet anders gekend dan met twee kransjes aan weerskanten) op mijn arm, een soort baby maar ook niet. Een vrouw die voor hem zorgde en in de verpleging had gezeten en een lange tafel waar met ecoline werd gewerkt en ik de demonstratie van hun maaksels zou geven. Ecoline kippie-eitje voor mij natuurlijk. Van die inkt ken ik alle ins and outs. Nat in nat, met kaarsvet, met kaars of met vetkrijt, Wat een leuke mix van een aantal gebeurtenissen.

Misschien maakt mijn hoofd ook schoon schip net als de regen. Dat zou mooi zijn. In een keer alle muizenissen weg en een nieuw onbeschreven blad er in, waar weer een heel jaar op bijgeschreven mag worden. De mooiste herinneringen heb ik allang achter verschillende deurtjes in mijn hoofd en hart weggestopt. Die blijven bewaard als de pareltjes van dit jaar. Het is alles wat je nooit vergeten zou, zelfs zonder foto.

Tweede kerstdag gaan we naar Hoek van Holland. Poncho mee, warme kleren mee en hier en daar wat kerstigs voor het diner bij broerlief. Maar vermoedelijk merendeels warm in laagjes. Er zijn twee overnachtingen geboekt. Dan is er vast tijd over om over het strand te struinen en de wind vrij spel om het hoofd te geven. Dubbel schoon dus.

Ik stof een herinnering af. We zijn even terug op school en koortsachtig aan het werk om het kerstfeest in kannen en kruiken te krijgen. Voor het kersttoneel bouwen we het decor op met de gymtoestellen en heel veel lappen, meestal een verhaal met een sociale strekking, en in alle groepen is er gelegenheid om kerstversieringen te knutselen. De catering bestaat uit glühwein en hapjes, al dan niet verantwoord en er zijn kleine optredens. Een verhaal, een Christmas Caroll. Er zijn twee of drie voorstellingen van hetzelfde toneel. Verstand op nul en gaan. Niet denken aan vermoeidheid of alles wat mis zou kunnen gaan, gewoon doen. Niet zelden waren het juweeltjes van toneel, groots uitgepakt, of is dat, als lid van de feestcommissie, mijn eigen niet geheel onbevooroordeelde interpretatie. Feest was het wel, alle dagen feest.

Overpeinzingen

Rijkdom in alle opzichten

De puntjes op de -i- werden in de vroege ochtend gezet. Door schone dochter, die haar Labneh en pesto’s moest fabriceren en door mij om nieuwe Grizzini te maken. Ze had het lumineuze idee voor mij om er kaas over te strooien. Het bleek een groot succes. Adèle Bloemendaal kwam even voorbij, want bros, bros, bros, bros, bros, naar haar onsterfelijke reclame.

Meer dan ooit was ik blij dat het feest pas om drie uur begon. In het huis van zoonlief was het een drukte van belang. We zijn met tweeëntwintig als we allemaal samen zijn, Twaalf volwassenen en tien kinderen variërend in de leeftijd van 15 tot en met 1. Ze pasten allemaal rond de tafel, maar eerst mochten ze nog even los met elkaar. Dansen, stoeien, verstoppertje, speelgoed all over the place en de decibellen vlogen om onze oren. Lief zat er doodgemoedereerd tussen, de rust zelve, zoals mijn opa vroeger in alle drukte, pom pom pom, een vermeend liedje in zijn stokdove oren, mee neuriede te midden van het geruis. Kaarsrecht en met een brede glimlach.

Nadat ik de kaasstengels en de vega worstenbroodjes een plekje had gegeven op de tafel, die allengs vol stond met lekkernijen, hielp ik zoonlief met het uitsplitsen van de deegballen in behapbare porties. Er waren vier Pizzarettes her en der geleend. Overal stond groente in alle toonaarden voor de bekleding ervan en schalen met Turks brood samen met de pesto voor het wachten tussendoor. Het is niet een snelle vorm, zal ik maar zeggen, het vergt geduld en af en toe een pauze met de mogelijkheid om te dansen en te zingen. Ik heb geen kerstklassieker gehoord, trouwens. Wel was er nog een poging van Dribbel met Kling klokje klingelingeling, dat halverwege weer gesmoord werd in het feestgedruis.

Rijkdom aan de tafel en niet in het minst door al die lieve schatten er omheen. Er waren wat kleine en grotere cadeautjes. Ten eerste had zoonlief zijn vragen uitgewerkt en in een digitale bundel gestopt. ‘Mama vertelt’. Dat leverde de nodige ontroering op. Daarna waren er lieve woordjes op kaarten, een zelfgemaakt kralen bloemstekertje voor in je haar, in een plant of waar dan ook, maar ook nog een cadeau voor mij van allemaal. Een eigen ex-Libris met naam voor al mijn boeken, mijn kleine bibliotheekje, waar zo graag door hen uit geleend wordt. Onverwachte dingen zijn het meest ontroerend. ‘Niet huilen hoor,’ riep dochterlief. Haha, ze kennen hun pappenheimer.

Wij hadden vilten engeltjes uit Nepal van Amnesty voor ieder van hen. Kerst is toch altijd het feest van de bezinning en zo’n subtiele boodschap kan geen kwaad. Draag vrede uit waar het maar kan.

Als toetje waren er twee gigantische merengue taarten. Binnen de seconde zat het hele stel met hongerende ogen naar de prachtige taarten te kijken en daarna viel al het gekrakeel stil. Als de katjes muizen, dan mauwen ze niet.

De oudste dochter trok met het hele gezin richting de Franse oma en opa, en de kleintjes werden alvast in pyjamaatjes gehesen. Tanden poetsen en klaar om in de auto in slaap te vallen en zo het bed in te kunnen. Dikke zoenen, kerstwensen en fijne dagen voor iedereen. Zoonlief reed.

Ik hou van onze dagen samen. Dankzij de kleintjes volledig onvoorspelbaar. Een kluwen van kinderen, dochters en zonen redderend in de keuken of in de krioelende massa, en altijd zit iedereen toch weer op tijd aan tafel om te genieten van al wat ieder van ons verzonnen heeft. Het is spontaan, gezellig en met dezelfde geleide chaos die zo herkenbaar is. Vroeger bij ons thuis met elf kinderen, in mijn eigen gezin met vijf en nu weer met alle tien de kleinkinderen erbij. Rijkdom in alle opzichten.

Overpeinzingen

De drijfveren blijven onduidelijk

Wat heeft het jaar gebracht. Als altijd veel van de mooie dingen. Een paar nieuwe ogen en een bijzondere ervaring ten eerste. Als je al tijden dubbel ziet zonder details waar te nemen dan weet je daarna pas wat je allemaal gemist hebt. Als je tot de gelukkigen behoord, waarbij de vervanging van de lenzen vlekkeloos is verlopen, want ik heb dit jaar helaas ook andere verhalen gehoord. Dat ik weer een mus van een vink kan onderscheiden, in plaats van in te schatten op grootte en vorm, is zo bijzonder. Zelfs de hoogste boom kan de vogel niet meer verhullen.

Elkaar meer los laten was ook een goede keus. Het bracht met zich mee dat ik nu zonder problemen overal naar toe reis, de meest lange afstanden in mijn eentje, maken me helemaal niets meer uit. Overnachten idem dito. Het was een sprong in het diepe en het heeft de winst gebracht die we nodig hadden, namelijk allebei gelukkig ook al zijn we fysiek niet bij elkaar maar altijd in elkaars nabijheid. Dat te weten. Daarnaast is De Hoff me zo dierbaar geworden, dat ik er evengoed heel vaak wil zijn. Tijd en aandacht verdelen tussen Lief en de kinderen en hun gezinnen, het kan. Als je elkaar maar de ruimte blijft gunnen.

Het voornemen om makkelijker een hotelletje of een b&b te boeken is ook uitgevoerd en bevalt wonderwel. Letterlijk dus grenzen verleggen en open staan voor nieuwe ervaringen. Genieten van de kleine dingen, een mooi gebouw, wat kunst, andere natuur en cultuur, een etentje samen, nieuwe mensen ontmoeten.

Nederland staat voor familie en vrienden, filmhuisbezoek, vega-bitterballen, musea in grote getale, vrienden en vriendinnen. Voorlopig kom ik niet toe aan een boek, maar er staan er wel twee op de rol. Het goede voornemen voor volgend jaar is af en toe de telefoon te vergeten. Geen getuur meer naar dat wezenloze niets als er ook echt niets is om naar te turen. Geen bericht is goed bericht zei mijn moeder als we weer op vakantie gingen en ze niet anders kreeg dan een simpele ansichtkaart of misschien een belletje. Dat principe. Soms moest ze zes weken wachten voor we weerom kwamen van een tocht naar het noorden of een reis naar het zuiden. Wat een rust zal het geven als je minder goed op de hoogte bent van het wel en wee van anderen.

Al tel ik ook de zegeningen hoor. Anders had ik niets gezien van de Midzomernachtviering van vriendinlief, wat een vredig en sfeervol beeld opleverde van mensen die de natuur beleven zoals het bedoeld is. Er middenin en met elkaar met groot respect. Zoals wij de bast van de boom van eeuwenoud mochten begroeten, diep bewust van wat zijn takken moeten hebben gezien, ook al zag hij er met het stalen staketsel een beetje uit als Frida Kahlo zich op sommige schilderijen had vereeuwigd, bijeengehouden door staal. Kan je er van buiten? Natuurlijk! En toch heeft het toegevoegde waarde, omdat schoonheid dat nu eenmaal in zich heeft.

Mijn arme kunstenmaker heeft op de laatste schooldag nog net een jaap in zijn wenkbrauw opgelopen tijdens het schaatsen. Het hele jaar doet hij de meest ijzingwekkende sporten en uitgerekend met een keertje schaatsen gaat het mis. Het wordt vast niet zijn favoriet. Straks zien we alle pappenheimers weer, De hapjes zijn klaar, de Grizzini doe ik straks nog lichtelijk over. Filo bladerdeeg werkt niet zo goed. Blijere varkentjes zijn er niet met mijn andere hapje ‘Happy pigs in a blanket.’ Deze vegaworstjes zijn niet te versmaden. De proeverij pakte in ieder geval goed uit. Die ging schoon op.

Gisteren keken we het tweede deel van de film ‘A hidden life’. Indringend, beklemmend en het riep onmiddellijk de vraag op of je je diepste overtuiging zo moet onderschrijven. De trouwhartige Oostenrijker die niet wilde buigen of barsten en inderdaad niet anders kon dan vanuit een diep geworteld geloof, het lijden ondergaan, terwijl er thuis haat en nijd verdragen moest worden van boze dorpelingen. ‘Een passieverhaal’ kopt de VPRO. Rechtlijnigheid of existentialisme? De drijfveren blijven onduidelijk.