Uncategorized

Letterlijk en onuitwisbaar

Het gebouw is een reis terug in de tijd. Ooit was het de bron van cultureel en ‘grenzen’loos vermaak. Over alle grenzen heen kon alleen in RASA. Daar ontmoette je de Sitar, de Zurna, de Darbuka, de Gaida, de Djembe, de panfluit.  De meerstemmige Bulgaarse koren, de klezmer, de Indiase Dhrupad, een aanstekelijke salsa, een steelband of Afrikaanse samenzang.

008-2.jpg

Ook waren er uitvoeringen van jeugdtheatergezelschappen tijdens de presentatiedagen of op zondag speciale kindervoorstellingen. Ik heb nooit begrepen waarom die belangrijke culturele broedplaats van wereldmuziek in 2017 weg moest.

Er is Kunst voor in de plaats gekomen. BAK, Basis voor actuele kunst, organiseert tentoonstellingen en publieke programma’s in samenwerking met onderwijsinstellingen en musea. Ze werken samen met hoge school voor de kunsten in Utrecht en de koninklijke academie voor beeldende kunsten. De musea strekken zich uit van Warschau tot Antwerpen. Op het moment dat de deuren zich openden was er een afstudeertentoonstelling van de HKU, Fine Art.: ‘Futures Without…’ 

Ik verwachtte eigenlijk weer een combinatie van kunst, schilderijen, installaties, film. Het bevatte echter video, ruimtelijke installaties, geluid en visuele ervaringen, tekeningen, objecten en fotografie van een individuele zoektocht van toen naar nu en morgen, naar ooit. Heel persoonlijk uitgevoerd met een link naar de maker. Sommige bliezen me van mijn sokken door de heftigheid, anderen ontroerden door de tederheid of de bewustwording.

Het was druk in de ruimte, De transparante bovenverdieping verspreidde de fascinatie voor de natuur als bijvoorbeeld ecosysteem of de mens als ‘Being a part of…’en een Tribute to Mount Fuji. Het was druk. Met alle stemmen op de achtergrond was het onmogelijk om de essentie te horen. Het bedelde om een herhaling.

We waren vroeg. Vriendinlief had haar poëtische film met de boodschap in de grote zaal van het oude vertrouwde Raza. Het was er lekker donker. Er stonden drie comfortabele stoelen met koptelefoon en we nestelden ons met een glaasje wijn.

Eerder had ik haar libretto gelezen, een schriftelijke onderbouwing van de film. Nu, met de beelden erbij, vloeiden beeld en woord in elkaar en kwam het hele verhaal met haar gevoelens en kijk op de wereld erachter, tot leven. Ik had er uren naar kunnen luisteren en kijken. De stem, haar stem, was alleen al zo intens om aan te horen. Het maakte veel los. De ‘Burgers van Ergens Anders’ zullen nooit de burgers worden van hier, hoe hard ze hun best ook zullen doen. Maar ergens anders is een fictief begrip waar hele volksstammen, door de jaren heen, onder te lijden hebben gehad. De tweede wereldoorlog is er een voorbeeld van. Ze stelt vragen aan Hitler, ze legt Wagner onder haar loep, kijkt kritisch naar de rol van Churchill en loopt op met Hannah Arend en Susan Sonntag.

De beelden zijn verstild. De vergankelijkheid van een zonnebloem, de welhaast fossiele afdrukken op de muur van een verwijderde klimop, de schuur met een wirwar aan waarde, bagage voor het leven, de schutting in de tuin van het ouderlijk huis. Het zijn de  stille getuigen van haar bestaan in Engeland, land van grote afzondering, land door zee omringd, afgesneden van de wereld, land van de ‘Stiff upper lip’ en de ‘People van Elsewhere’.

‘Het Land van Overal en Nergens’ was ooit de titel van een project. Er woonden mensen in met bijzondere eigenschappen, tijdloze mensen. Daar moest ik aan denken toen de beelden voorbij trokken en ook aan de nietigheid van leven, dat zelden de betekenis en waarde krijgt toebedeeld, die het herbergt. Ze vliegt op herinnering met ons mee, niet zelden verborgen in de kabinetten van het bestaan, in geheime laatjes.

Met vriendin mee trek ik de mijne open, een wereld aan de kleinste details, beeld, geur, tastbaar. Letterlijk en onuitwisbaar.

 

Uncategorized

Letterlijk in dit geval

Lang geleden dat ik nachtdienst draaide. Waakmaatje is een mooi gegeven, de aanleiding was schokkend. Viel er gisteren te mijmeren over betekenisvol zijn voor iemand, had ik vandaag het tegenovergestelde. De contactpersoon die niet wilde komen en doorgeven aan de rest van de familie dat de mens stervende was. De hele nacht was er rust in de tent maar vlak voor mijn vertrek speelde ineens de angst op en verslechterde de toestand met een sneltreinvaart. Dokter schreef voor en na een half uur, boven op mijn geplande tijd, was de rust weergekeerd. Met leed in het hart nam ik in stilte afscheid om de onrust in slaap te houden. Zuster kreeg nul op rekest op een verzoek naar het familiefront.

De avond daarvoor had ik nog geschilderd en in de ochtend gewerkt. Slaap had ik ’s middags gevangen in wat gedoezel. Het was al met al een lange zit. Nog langer waken was geen wijsheid. Oordelen kan men nooit over zo’n situatie. Verwonderen mag, te allen tijde. Hoe scheef kunnen verhoudingen groeien.

We schrijven het jaar 1976. Leiden afdeling Keel Neus en oor. Nachtzuster zit bij het bureau. Naast zich, door het romantisch met klimop omlijstte raam, daagt het eerste morgenlicht. Merel laat zijn trillers horen. Ik schrijf rapport en mijmer. Ja toen ook al. Volmaakt geluk. De balans voor alle ellende op de afdeling.

008

Vannacht. Langzaam gloorde het, van zachtgeel tot een feestelijk oranje. Futuristische ‘gebouwen in de maak’ als decor. Binnen reutelt de adem, buiten viert men feest.

Feest was de avond ook geweest. Muziekje aan, Aretha Franklin door de boxen, good ol’ Aretha, ‘Laat de penselen swingen’ zegt mijn Wolkenwietje. Ach ja, waarom niet. Aanstekelijke klanken sturen de finesses. Kleurenkennis mag nog wat bijschaven. Nieuwe energie opgedaan. Klaar om te waken.

Feest was het, met vlaggetjes tegen het raam en al, in de ochtend. Twee grote dozen vlaai en een prachtige pruik waar anders het mutsje prijkte. De laatste kuur van een reeks en daarna kon het mens-zijn weer beginnen. Alleen de pretlichten in de ogen zorgde al voor een juichende stemming. Lijdzaam keken de anderen toe. Nooit had een omschrijving zó de kern geraakt. Nog drie, vier, zes te gaan.

‘Als ik klaar ben met de chemo’, sprak het Verlangen ‘Dan haal ik een taart bij de Syrische bakker. Die is zo geweldig’. Op een bed op de afdeling stond een tas. De pyjama was ingeruild voor een kleurrijke outfit. Een heel verhaal ontspon zich, over naar huis gaan en zo heerlijk met de eigen club. Sjoelen, de bingo, de borrel op vrijdag. In groot vertrouwen lichtte de doopceel zich. De intimiteit van persoonlijk contact.

Twee handmassages een een voetmassage in het verschiet, maar door de inloop van de diëtist, de laborant, de fysio en daarna bezoek konden we, wat het laatste betrof, alleen maar ‘volgende week’ aan elkaar beloven.

Dit keer wandelde ik aan de achterkant naar buiten en prompt de verkeerde kant op want ik liep vast in de heg, die de parkeerplaats omheinde. De uitgang was verder weg, dan naar de voorkant lopen waar de auto stond. Gaf niets. De bries gaf verkoeling. De keuze was de tuin of de bank.Een voet was wat dikker van het lopen op de zachte stoffen schoenen. Katoenen voetjes vergeten voor de nieuwe gympen die ik bij me had en die kilometers hadden moeten maken. Nog even aan gehad, maar al snel was er wrijving. Wie zich brandt moet op de blaren zitten. Letterlijk in dit geval.

Uncategorized

Daar draait het om.

‘Dat je betekenis hebt. Dat je er toe hebt gedaan’, antwoord ik op de opmerking van een van de trouwe bloggers en lezer, die schreef: ‘Ik hoop dat er iemand is die weet dat ik ik ben’. Naar aanleiding van het artikel in de Zin van Nicolien Mizee.  Kan je het leven leiden zonder door iemand opgemerkt te worden, of zonder een blauwdruk achter te laten van jezelf. Ergens in die lange periode van het leven, die altijd korter lijkt aan het einde van de rit, ben je iemand tegengekomen die verwonderd, verbaasd, bedachtzaam, geroerd is door je aanwezigheid. Mensen maken iets los bij elkaar, hoe nietig ook, dat aanzet tot bewust beleven. Ik kan me niet voorstellen, dat je een leven leeft en als schim weer verdwijnt, zonder opgemerkt te zijn.

Het contact verliezen en afdalen in zo’n schimmenrijk is waarschijnlijk een van de overwegingen, maar dan nog is daar een aanraking, een besef. Vriend was in zijn rol van de oude nauwelijks meer te bereiken. Hij speelde een toneel en zette daarmee de omgeving buiten spel. Dat was een hard gelag voor iedereen die van hem hield. Hij had wel degelijk betekenis voor iedereen, die door hem in zijn leven was getrokken en de familie en zijn wereld had leren kennen of anderszins. Eenzaamheid kan een stempel drukken, evenals verslaving, depressie of  verdriet. Een zin in een artikel dat stof tot nadenken geeft tot in lengte der dagen.

Gisteren had ik een afspraak met een oude bekende. Hij is lid van de historische kring. Of ik mee kan werken aan de kroniek van de vereniging en een jeugdkroniek kan maken met ideeën voor projecten op school. Om leerkrachten maar ook de kinderen te prikkelen. Ik moet een beetje denken aan de jeugdartikelen van vroeger achter in de televisiegids of middenin een blad, die zich speciaal richtte tot het kind. Joviaal en losjes, anders dan de rest van de inhoud van het blad. Tegenwoordig is de tendens veel kijken, dus plaatjes, en weinig tekst. Een longread bereikt een grote getale mensen niet, want die wordt bij voorbaat overgeslagen. Geschiedenis in een aanstekelijke jas. We praten en praten en ik waan me weer terug in de tijden dat we een brainstorm deden voor een project op school. De prikkel die er voor zorgt dat ideeën gaan bruisen en leven. In mijn beleving loopt de historische figuur waar het straks om gaat de levens binnen van ieder die er mee gemoeid is en zorgt door haar aanwezigheid alleen al dat ze betekenis krijgt. Daar raken de gedachten van de ochtend de dag.

IMG_0765

’s Avonds is er, tijdens het schilderen, een verhandeling over les geven, zorgen dat de eigenheid behouden wordt of voor een benadering kiezen waar, door allerlei regels, de eigen identiteit verloren gaat, bijvoorbeeld door teveel techniek. Zoveel mensen, zoveel zinnen. Het is lastig het iedereen naar de zin te maken. Een dilemma. Ik zoek naar een eigen identiteit en weet dat ik met portret door wil. Daar ligt een wens. Portret met een boodschap op geheel eigen wijze. Niet ‘in de voetsporen van ‘maar op eigen kracht. Ik parkeer het in de marge en weet dat mijn gemijmer er straks een oplossing aan verbindt. Temen en flemen. ‘Ze willen je gewoon niet kwijt’, zegt iemand. Aha, daar is het weer. Betekenis hebben dus, daar draait het om.

Uncategorized

Een mooi begin van de dag

Zo’n dag van rust en heerlijk niets. Er zou een mannetje komen van de woningbouwvereniging om naar het dak te kijken. De tijd overbruggen met opruimen, stofzuigen, planten water geven en tekenen. En ruimte maken op het plaats delict. Daar stonden alle schilderijen. Die moesten tijdelijk verkassen naar de andere kant.

005.JPG

Daarna was er nog ruimschoots tijd om portretten te oefenen in houtskool. Dit keer Agnes Varda van Visages villages, die prachtige film over een oude en een jonge fotograaf, die fantastisch werk deden in een aantal Franse dorpen en steden en aan de kust. Ze heeft zo’n uitgesproken uiterlijk met haar tweekleurig kapsel en haar 90 jaar zorgt voor een mooie karaktervol hoofd. Ze groeide onder mijn vingers. Nu de handen nog, oude gerimpelde handen die het hoofd ondersteunen op een bijzondere wijze. Houtskool is zo’n dankbaar materiaal dat zich al snel laat vertalen naar succes.  Op de een of andere manier beginnen kwartjes op hun plek te vallen. Vertrouwen hebben en stug doorgaan met oefenen. Dat is de les, die ik eruit gefilterd heb.

Toen zoonlief thuiskwam, aflossing van de wacht, kon ik naar de fysiotherapie. Ik had me weer een half uur in de tijd vergist. Kind aan huis, dus de stagiair kon gewoon gaan eten en ik draaide het schema af. Voor de balans verzon hij nog een leuk parcour met stepping stones en tennisballen die ik op de Vestamed, wiebel wiebel,  in een bak moest werpen. Hilarisch omdat ik met het werpen een aantal keren mistte en dan weer overnieuw begon.

Naar de kringloop om verder te speuren naar een aanvulling op de Bernagie, de losse plank voor over de witte kisten. Er stond wel een inklaptafel maar, die zou toch teveel ruimte in beslag nemen. Bovendien was hij loodzwaar. Het mag allemaal lichter. Het is een missie. We hebben de tijd. Alles mag tijd nemen. Daar heb ik genoeg van, zeeën van tijd. Om met een lome schoolslag in te zwemmen of een snelle borstcrawl, om bij tijd en wijle een moment te watertrappelen of uit te drijven op de rug. Niets moet en alles mag.

In de nieuwe Zin staat een artikel van de hand van de schrijver Nicolien Mizee. Over onze kinderlijke angsten, die weliswaar goed verstopt zijn achter onze mevrouwen-en-mijnheren-facade, maar die toch onverhoeds te voorschijn springen. Ze beschrijft een rit in de trein, waarbij ze met haar zus heeft afgesproken. De laatste zit in de laatste coupé. Nicolien rent naar het achterstuk maar de trein is lang. Ze is bang dat hij weg zal rijden zonder haar. Dan springt ze er toch maar in en kan niet doorlopen naar het achterste compartiment omdat ze in het voorlaatste treinstel zit. Een conductrice stelt haar gerust, als ze het probleem bibberig voorlegt. Bij de volgende halte kan ze overstappen en zal de conductrice er zorg voor dragen dat dat in alle rust gebeuren kan. De coupé waar zuslief zit blijkt een stiltecoupé. Het zwijgen levert een heerlijke intimiteit op. Een geluk bij een ongeluk.

Ik blijk het boek te hebben. ‘Moord op de moestuin’, van dochterlief gekregen voor moederdag. Moestuin…haha. Inderdaad. In alle opzichten een passend cadeau wat de locatie betreft. De handeling is minder. Moe’s tuin kan ook in ons geval. Over moorden gesproken. Pluis komt binnenwandelen met een muisje. Ach die arme kleine overleeft het helaas niet. Pluis kijkt triomfantelijk, maar vindt het maar niets als haar pas veroverde speeltje wordt weggehaald. Wat doet een muis op het balkon. Het is in al die jaren Pluis haar tweede vangst.

Er komt geen kip in de boekhandel waar de schrijver wordt neergezet. Ze keren spoorslags weer naar huis. De angst draait bij haar altijd om het verliezen van het contact met anderen. Als antwoord geeft het blad in een vetgedrukte zin ‘Zolang er nog iemand weet dat jij jij bent, hoef je niet te wanhopen’. Dat vraagt om bezinning. En de wedervraag of het noodzakelijk is dat ‘iemand’ altijd moet weten dat jij jij bent. Als je zelf maar weet wie je bent, mijmer ik. Anonimiteit kan heerlijk zijn. En waarom wanhopen? Inderdaad. Het vraagt om overpeinzing. Een mooi begin van de dag.

 

Uncategorized

Vergane glorie

‘Circus troelala…uit Zuid-Amerika…is op toernee door Nederland…

Het lied spookte al op de heenweg door mijn hoofd, maar boette niets aan kracht in bij het bezoek aan het safaripark. Ooit, lang geleden, een jaar of 50 om precies te zijn, waren we met de hele familie naar een camping getogen bij Hilvarenbeek in de buurt. ’s Nachts werden we als pubers gedropt om de weg naar de tent weer te kunnen vinden. We liepen in de buurt van het park. Opeens brulde de leeuw, die onraad rook. Met hartkloppingen en versnelde pas vlogen we terug naar de veilige haven. Het was een angstige bloedstollende ervaring.

Jaren later hadden we familiedag. Met inmiddels twintig kleinkinderen, elf kinderen en aanhang konden mijn vader en moeder makkelijk een safaribus vullen. We reden door Afrika en Azië, Europa en zelfs een stukje Nederland en naar mijn idee, duurde het zo lang als het klonk. De dieren lagen of stonden, liepen rond, waren actief en we waanden ons echt op safari.

IMG_9704

Gisteren stonden we in de wachtrij voor een tocht met de safariboot.  Toen we schuifelend door mochten lopen stopte de rij vlak voor we er waren. De boot was vol. Dan maar niet varen. Als we helemaal compleet zouden zijn konden we de bus nemen, zoals de familie jaren eerder had gedaan. We gingen te voet verder. In mijn beleving was Beekse Bergen altijd alleen een groot terrein gebleven, waar alle dieren enorm veel ruimte hadden. Het bleek te voet eigenlijk veel meer een dierentuin te zijn met hokken en kooien die weliswaar groter en ruimer waren, maar een paar dieren moesten inboeten

‘Met een oude aap, die heeft een kale raap en een manke olifant…’

IMG_9791

De bruine beer liep te ijsberen in zijn verblijf. De tweede lag voor pampus door de hitte. De niet aflatende stoet mensen trok aan ze voorbij. Er werden foto’s gemaakt van Iphone tot en met telelens. Beer één bleef stug heen en terug lopen met zwaaiende kop, de tweede lag als een mottig vloerkleed op de grond en keek niet op of om.

‘De bruine beer…die bijt niet meer…Hij heeft allang een vals gebit…’

 

 

De leeuw lag languit gestrekt en verroerde zich niet. Die lag wel in het vrije veld, maar had minder ruimte dan je zou denken. Hij was het enige exemplaar. Het fototoestel had wel zijn machtige kop in beeld en zijn prachtige poten. Kleinzoon had meer oog voor het kleinere grut. De rode panda en de stokstaartjes. Panda lag languit op een tak, zijn poten liet hij afhangen naar beneden en het was een koddig gezicht, de stokstaartjes bleven ondanks de warmte beweeglijk. De grote mensapen hadden het zwaar in hun hok, dat mij te klein toescheen. Ze keerden hun rug naar iedereen toe. Vol ontzag waren de kleinzonen bij het zien van dat imposante grote lijf van de twee mannen. De chimpansees waren levendiger, maar hadden ook niet al te veel ruimte. Vooral de jonkies haalden de malste capriolen uit. Waarom ze binnen moesten blijven weet ik niet. Het was toch lekker warm weer.

‘En de leeuw die proest, de papegaai die hoest en domme August die heeft spit in zijn rug…’

IMG_9809

Toen alle kleinkinderen er waren zochten we de bus op. Als haringen in een ton, de drie dakramen open en alle plaatsen bezet gingen we op pad. Onze gids in haar rangerover pak was een enthousiaste en vlotte verteller, die onze jongens voor in de bus makkelijk aan de praat kreeg. Ze vroegen honderduit. De savannen, waar de zebra’s en giraffen liepen, leken op het weidse idee van vroeger, ooit, lang geleden, toen er nog geen autokaravaan door de woestenij trok. Bij de gnoe’s en de wilde honden stopte ze voor een uitvoerige verhandeling. De instelling doet goed werk. Ze helpen de diersoorten in stand te houden en  het uitsterven ervan te voorkomen van. Het mes snijdt aan twee kanten.

Het werd een heerlijke dag, omdat we samen waren en er gedeeld werd. Later zullen ze het zich herinneren, zoals ik me de dagen van weleer nu herinner. Weids, groots en imposant, ook al leek het voor ons een beetje Circus Troelala en haar vergane glorie.

Uncategorized

Pluk de dag

Lummelen kan ik als de beste. Vooral de ochtenden bij dit warme weer. Heerlijk om zo langzaam mogelijk op te starten. Het laadt de motor voor nieuwe energie en dan kan ik er tegenaan. Gisteren was zo’n dag. Buiten net iets te benauwd, binnen heerlijk koel door op het juiste moment de deuren en ramen dicht te houden. Eerst wat schrijven met de koffie en de kwark in de aanslag, dan wat lezen en daarna wat tekenen. Lummelen dus.

079.jpg

Om vier uur was het feest van kleinzoon drie. Die zou een jaar worden. In de kringloop had ik een ouderwetse kleurentoren gehaald. Het feestvarkentje zat in een luchtige verpakking op de handdoeken en plaids die iedereen meegebracht had. Af en toe viel hij om. Een keer op de tas met taart, tot grote hilariteit van iedereen. Hij scharrelde overal naar toe in wankel evenwicht. Een man die naast ons zat gaf hij een dikke knuffel. De kleurentoren was een succes, maar het lege plastic bakje van de druiven was grappig als die open moest om er een zandvormpje uit te halen. Zijn broers waren, ondanks de hitte, met neef en de ooms aan het voetballen op het grasveld van het onvolprezen Julianapark.

julianapark

Wat een heerlijke plek. Dan te bedenken dat onze voetstappen daar al 60 jaar geleden lagen en die van mijn moeder en haar schoonzussen in de oorlog. Alles was nog precies hetzelfde. Alleen de speeltuin was aan veranderingen onderhevig geweest. Maar de oude stenen beer lag er nog, al kwam er geen water meer uit zijn bek. Vroeger stond hij aan het hoofd van het pierenbad. Dat was nu vervangen door wiebelzuilen, waar water uitkwam als je er op ging staan. De dieren in het dierenweidje hadden de schaduw opgezocht. De reeën stonden en lagen loom te kauwen langs het hek. De pauw was in alle staten in de boom gevlogen en hield met zijn alarmerende kreten de kraaien op afstand. Ze probeerden hem een keer uit de boom te lokken maar hij ging zo te keer, dat ze afdropen. Drie tegen een en nog wonnen ze niet.

Het feest werd overschaduwd door het nieuws dat een van de vriendinnen en klasgenoten van vroeger van dochterlief was overleden. Herinneringen van haar op school bleven maar rondspoken. Het meest wonderlijke was het feit dat ik een week ervoor haar facebook-pagina had opgezocht en de foto’s van haar en haar broer had bekeken. Zomaar, uit het niets. Dochter had foto’s opgesnord van de meiden van vroeger. Ze vierden de verjaardag van dochter. Vanuit haar telefoon keken vrolijke kleine meisjes op tijdens een picknick in het park. Verkleed en met lachende gezichten, een beloftevolle toekomst. De wereld lag open en alles was mogelijk. En dan dit bericht.

In een notendop was even daarvoor het leven en de dood langs me voorbij getrokken. Er was een bruiloft gaande toen ik voor het stoplicht moest wachten en de omstanders hadden gebaard of wij, automobilisten, wilden toeteren. Het huis was uitbundig aan de buitenkant versierd met wit tule en rode strikken, mensen op hun paasbest gekleed. Hoge hakken in het zand. Op de hoek van het volgende blok, voor de kerk, was er een uitvaart met een grote hoeveelheid mensen, de kist in de auto. Het feestgedruis van even daarvoor en dan deze rouw. Heel het leven.

086

Er was een bellenblaas op het feest. Grote bellen werden de lucht ingeslingerd. Prachtige grote gouden bellen waar een opsekopse wereld in besloten lag. Ze wiegden omhoog op het zuchtje wind dat er was. Ieder van hen droeg een boodschap mee. Ze deinden ‘Pluk de dag. Het zijn kostbare momenten als je ze delen mag ‘.

 

Uncategorized

De vrede is weergekeerd

De merel zit vlak onder het raam en laat zijn prachtige trillers horen in de vele varianten die hij rijk is. Als hij een deur verder gaat, neemt duif het over, maar het blijft stil aan de overkant, of wacht eens, heel in de verte klinkt een antwoord. Na verloop van tijd komt het dichterbij. Wat zouden ze elkaar te vertellen hebben.

De ateliers lagen er zonnig bij. Het prachtige gebouw, oud en verwaarloosd maar met de grandeur van het industrieel erfgoed van de vorige eeuw, met haar hoge ramen, de lange gangen inspireerde al zodra je binnen was.

Het was niet druk maar er werd genoeg gebabbeld. Het geluid klom tegen het venster op. Dan maar naar binnen keren. Concentratie als geluiddemper en noodzakelijk bij het minutieuze gedetailleerde werk. Het was wonderijk hoe de verschillende lagen de huid boetseerden. Wat schaduw vermag en het mengen van de kleuren. Steeds beter realiseerde ik me hoe de meester het eigenaarschap van de tinten in zijn vingers heeft. Zonder aarzelen somt hij de mengvormen op. Zinkwit, transparant oxide red lake voor de huid, omber, ultramarijn en titaanwit voor de ogen. Speldenknop groot is het mengen met aandacht van licht naar donker. Het werkt.

009      013

Bij de pupil en de iris is de openbaring het grootst. Ineens komt er leven in de kop. Het oogwit is grijsblauw, de ogen blauw, maar het tipje wit met de halve maan er tegenover brengt letterlijk licht in de ogen.

Iemand is met wit krijt aan de gang op een met acryl zwart geverfd board. Een ruïne verschijnt onder haar handen als ze klaar is met het overbrengen van de tekening. Er zijn mensen met enorme panelen, mijn postzegel valt er bij in het niet. Geduld leert de cursus me. Geduld is een schone zaak, wist ik van vroeger. De penselen zijn flinterdun, kalmpjes aan dan breekt het lijntje niet, maar wel met ferme hand. Ook daar ligt weer veel in besloten. Het lijkt een tegenstrijdigheid, maar het kan goed samen. Niet te voorzichtig maar toch met moed, beleid en trouw.

Aan de overkant wordt ook gezucht. Neus moet drie keer over eer de afstanden kloppen. ‘Geef mij maar een landschap’ bromt ie. Maar halverwege begint hij er toch lol in te krijgen. Omdat het resultaat overduidelijk is en het uiteindelijk lukt door de aanwijzingen. Buuf heeft lucht gekozen om te oefenen, veel donker en wit, dat zachtjes met varkenshaar door elkaar gespateld wordt. Haar vorige lucht was mislukt. Terwijl ze aan het werk is blijft ze ratelen. Gesprekken over studenten, geld, schulden. Schandalig!

‘Licht in de ogen’ denk ik en neurie in mijn hoofd de stemmen weg. ‘Zijn het je ogen”Had je niet die mooie blauwe ogen” Blauw blauw hemelsblauw’. Van Koos Alberts, via Wim Sonneveld naar good old Annie M.G. Schmidt.

De laatste les van dit seizoen, september weer de eerste. Een app. Waakmaatje is gecanceld. Er is een zus overgekomen en er komt een hospice in beeld. Wat fijn dat die gelegenheid er is. Spoorslags rij ik, met zeeën van tijd, richting tuin. Ik weet het weekend bezet en besluit  alvast te maaien. Machientje snort er lustig op los. Na gedane arbeid is het zoet rusten. Ik geniet van de eenvoud en de stilte.

015.JPG

Bij het naar huis wandelen langs de sloot is puber meerkoet in alle staten en zijn moeder belaagt eend die met haar twee jonkies aan komt zwemmen. Ik heb nog nooit een kwaaie meerkoet gezien, maar dit is er een en hoe. In vliegende vaart zit ze het drietal tot vier keer toe achter de vodden. Moeder eend is verstandig. Ze neemt de kuierlatten. Meerkoet draait zich hooghartig van haar af. Verbeeld ik me het nou of kijkt ze me aan met een blik van ‘Ziezo, dat varkentje heb ik even mooi gewassen’. Warempel, ze knikt er zelfs bij.  Puber meerkoet houdt wijs haar snavel nu de vrede is weergekeerd.

 

Uncategorized

Een nieuwe dag

Opruiming in de kringloop maakt dat het allemaal voor een habbekrats te koop is. Drie nieuwe kledingstukken met de kaartjes er nog aan  voor een prikkie. Lang leve het goeie gesternte, dat op het juiste moment langs gaat. Kleinzoon op school ziet me al bij het naar binnengaan. Hij zwaait en zwabbert wat. Juf spreekt hem licht vermanend toe. eerst nog even de concentratie, tien minuten nog maar. Hij hopst op twee benen naar binnen.

Kleinzoon een lust geen drop. ” Ik heb lekker geld’, zegt nummer twee, met de zwarte zoete pinpas in de hand. In huis is de vader op zijn paasbest en nummer drie, die eerst lacht, maar brult als hij vermoed wat er staat te gebeuren, kruipt snel in de armen van zijn vader. Een flesje gaat er nog in, maar als ik dat over wil nemen krijst hij zijn hele ziel en zaligheid eruit. Toch even doorzetten. Nummer een ontfermt zich over broer en Pa glipt weg. Er is een handzame bal, die rolt. Dapper stapt de kleine er nu achter aan. Leuk spelletje. Het huilen is gestopt en spelen doet wonderen.

003

En passant vouw ik was en door hem te laten scharrelen, de andere twee zitten in hun digiwereld, lacht hij me steeds vaker toe. Een verzaligde glimlach van oor tot oor. Af en toe klap ik en juich. Hij doet het na, klappen en twee handjes in de lucht. Ondertussen de vaat, het aanrecht schoon en voetballen met le petit. ‘De maan is rond’ en ‘Berend Botje’ komen langs en ‘Klap eens in je handjes’ brengen zijn handen op zijn ‘boze bolletje, in zijn zij’. Een eeuw aan oude kinderliedjes schuift voorbij, moeiteloos opgelepeld.

010-5.jpgNicandria

Dochter is verbaasd na een drukke dag op school. Ze was het even kwijt dat er oppas was. Kind mocht aan de borst en met warme knuffies kon ik er weer vandoor. Vriend stuurt bijna juichend een bericht vanaf de tuin. Hij telt meer dan tien Nicandria’s in de kraamkamer van mijn tuin. Misschien komt de Borage dan ook wel. Vruchtbare grond zit er onder de oude composthoop, die afgegraven werd om de Bernagie de tuin in te laten rijden. Iets om over na te denken als ik de file inglij. Slim omzeilen bracht me nog verder in de problemen, want dat hadden er meer gedacht. Gelaten reed de kleine Blauwe stapvoets voort, terwijl er allerlei overpeinzingen langs kwamen. Haast heb ik een paar jaar geleden laten varen. Zonder haast verdwijnt de ergernis.

Er was een oproep gekomen voor waakmaatje voor de nacht. In het ziekenhuis was iemand die behoefte had aan een hand, een luisterend oor. Die nacht lukte het niet met het oog op de volgende dag, maar de poel is groot. Er komen vast anderen. Ik schrijf in voor de volgende avond van half vijf tot elf.

012-2.jpg

Op dat moment besefte ik in een flits dat ik de fysiotherapie eenvoudigweg vergeten ben. Tussen de mazen van de dag doorgeschoten. Wat suf. Een en ander mag terugkeren tot een ritme van de week en misschien vaker de agenda raadplegen. Dan beschik je over de volledige vrijheid en ben je toch zo druk als een kleine baas. Het maakt het leven wel betekenisvol en leuker. ‘Never a dull moment’. Met de zon die door de wolken piept en de geur van verse koffie ligt een nieuwe dag open.

 

Uncategorized

De vriend is terug

Het is onrustig buiten. De bomen kleuren schaduwzwart en de wind zorgt voor een rusteloze aanblik. Beneden wordt er hard gewerkt. Er liggen grote stapels geel steen opgetast op het gras, evenals hoge bergen zand, beiden achter een hoog hekwerk. Er staan grote containers, waar de oude stenen in worden gegooid. Er wordt af en aan gereden met grote vrachtwagens, die met hun achteruit signalen laten weten dat ze er zijn. Bij tijd en wijle worden we opgeschrikt door een donderend geraas. Dan legen ze de inhoud aan puin. Alles is in beweging. De lome warmte heeft plaats gemaakt voor tien graden minder. Het verkeer raast voorbij en klinkt ruisend door het open raam. Grote plukken witte watten dragen mee aan de chaos en drijven in hoog tempo voorbij.

004.JPG

Gisteren mocht ik na de cursus hand en voetmassage zelf aan het werk. Het was een beetje onwennig. Eerst vroeg ik een mijnheer of hij daar behoefte aan had. Hij lachte me vierkant uit, maar hij wilde me wel uitleggen hoe een sudoku werkte, nadat ik hem vertelde, dat ik daar nooit wat van begrepen had. De eerlijkheid gebood me te zeggen dat ik er niet naar taalde, cijfers een noodzakelijk kwaad vond en de Sudoku’s altijd links heb laten liggen. Scrabble, woordpuzzels, crypto’s bekoren meer. Het werd een gemoedelijk onderonsje, hij promoveerde tot professor in de Sudoku-kunde en zijn zieke lijf schudde van het lachen. Zo ver had hij het nog nooit geschopt.

Bij de volgende deur was er wel behoefte. In de halfschemerige kamer en de lijdzame stilte zalfde ik de dunne polsen en handen. We babbelden wat en soms overmande de slaap. Volgende keer in de herhaling vroegen dankbare ogen. Kleine handeling met een hoog rendement.

Het echtpaar zat met een verwachtingsvolle blik te kijken. Bouillon graag, tuinkruiden en tomaat. Geen kippensoep. Ze hielden krielkippen en een kip was zojuist ontsnapt. Die was vermoedelijk het haasje. De humor glansde in hun blikken. Vos zal zijn werk wel gedaan hebben in de weilanden erachter. Drie keer per week raapten ze voor ieder een krielei, precies genoeg. En geen haan. Die van de buren kraaide voor de hele wijk. Niet dat ze zich er ooit aan ergerden. Natuurlijke geluiden hoorden bij het leven, een haan, een hond, koerende duiven. Het beeld van een dorp met een stille straat kwam boven, waar achter de huizen het kleine leven scharrelde in gemoedelijkheid en met de rust van het platteland.

Een welige klaproos tekende het sjaaltje op haar hoofd. ‘Mijn zomermuts’, lachte ze terwijl ze de English Blend met kleine teugen naar binnen nipte. Ze was er elke week met haar trouwe broer, die niets wilde drinken. ‘Doorgekoffied’ bromde de man van weinig woorden. Humor houdt het lijden lichter. Vorige week moest ze onverrichter zake naar huis. Onwetendheid doet gissen en gissen geeft onzekerheid, voer voor gedachtespoken en olie op het lopend vuurtje van ziek zijn. De oncoloog had duidelijk het pad uitgestippeld. Dus klaprozen en die gulle lach.

012-1.jpg

Tuin is goed om te laven, letterlijk en figuurlijk. Een mooie tegenhang voor een arbeidsintensieve ochtend. Moeiteloos had ik de negen kilometer weg getikt. Ook hier was aandacht  zeer gewenst. De lathyrus kwijnde een beetje onder de droogte, maar was toch dapper het hek in geklommen. Water deed wonderen. De  grassen lieten zich makkelijk trekken. De vaste planten waren blij met de ruimte, die verstikkend door de hondsdraf werd opgeëist en nu met een zwaai op de grote hoop belandde. Met de riek schoof ik de bergen op de composthoop onder de Guirlande d’ Amour. Uit het zicht.

De oude kwam langs. Zoals het er nu voorstaat, met zijn dieet van louter sappen, goed eten en zin in het leven, ziet hij er patent uit. Doortastend is hij stukje bij beetje zijn tuin en zichzelf aan het ontginnen. Zoals hij erbij zit, gebruind en sterk, is hij niet langer ‘De oude’. De vriend is terug.

 

 

 

 

Uncategorized

Geen speld meer tussen te krijgen

Al die warmte vraagt om de juiste strategie. Die valt uiteen in een oud lied van lang geleden. Eigenlijk een soort opzegvers: ‘Blijf zitten waar je zit en verroer je niet, hou je adem in en stik niet’. Dat riep de tikker waarschuwend naar haar slachtoffers bij het spel ‘De maan is rond’. Deze tikker stond met haar hoofd naar het dwarse stuk muur van de ommuurde Amandelschool in de Amandelstraat. Ze telde hardop af van tien naar nul. ‘Ik kom’ schalde het dan door de straten. Wij waren allemaal uitgewaaierd en hadden ons verstopt in de poorten, bij het landje, achter een haag van een van de tuinen. Auto’s stonden er nog niet. Als je heel snel was, rende je naar de tikplek, klapte er met een hand tegen en riep ‘Buut vrij’.

028.JPG

Voor een tikspel was het nu te warm. In mijn laatste restje koffie had een lieveheersbeestje een duik genomen. Hij ging al kopje onder. Gelukkig zag ik hem en viste hem met de lepel er weer uit. Ik zette de lepel behoedzaam op het glas en wachtte op wat komen ging. Na een poosje wriemelden de pootjes weer en nog even later kroop hij over de rand van het glas, waar hij zich aan de voorkant liet vallen om te drogen. Ik zag hem zich wassen, dus liet hem met rust. Dat ging helemaal goed komen. Nicht schreef: Van een cafeïne-dood gered’. Het was mijn eerste goeie daad van die dag.

004-5.jpg

Lunchen en genieten van de capriolen van de jongste twee telgen, bijkletsen  met de meiden en zoonlief. Heerlijk zo’n onverwachte halve reünie. Zoon twee appte: Er moet ook nog gewerkt worden’ en de spijt dreef door zijn woorden heen. Buiten werd het te warm en we verkasten naar binnen, in de koelte.

039

Vriendin woonde bij mijn lieve ouwe trouwe school. We hadden elkaar al een tijd niet meer gezien en hadden voor maanden gespreksstof. Van de hak op de tak, maar zo heerlijk om weer even te knuffelen met dat belangrijke verleden. Vanmorgen had ik al aan de gierzwaluwen een lieve groet meegegeven voor hartsvriendin. Het was op de kop af negen jaar geleden en ook een vrijdagmorgen toen ze met hen op reis was gegaan, murw en moegestreden. We speelden wat met haar herinnering en beaamden wat voor een bijzonder team we toch waren geweest. Met hart voor de zaak, kinderen en collega’s. Iedereen had lijntjes lopen met elkaar en allemaal samen. Goudgele rooibosthee, in de luie stoelen hielden we het uren uit, schaterde de lach door de open deuren, kwam buuf en moeder van toen nog wat overgebleven taart brengen en een omarming en voor we het wisten was het tijd om op te stappen.

038

Eigenlijk meed ik het om school te zien, maar nu het leegstond was het verlangen groter. Hier lagen mijn voetstappen en de hare en die van iedereen. Er was een plantenbak omgegooid. In de tuin stond het onkruid hoog. Door het raam was tot mijn verbazing de buitenkant van het speelhuis niet overgeverfd  en zag het eruit alsof we de school hadden geruimd voor de vakantie. Alles naar een kant, dan konden ze de vloeren wissen. De school was leeg. Door het raam nam ik de foto’s en ontdekte dat de buitenkant zich spiegelde in de binnenkant. Twee vliegen in een klap. Het was het juiste moment om daar te zijn. Onze voetstappen mengden zich en eenieder was dichterbij dan ooit. ‘Partir c’est mourir un peu’. Waar gedachten samen vallen. De oude school, de speciale dag, de vriendschap, de liefde voor elkaar.

041.jpg

Alsof het zo moest zijn voerde het heden me terug uit de nostalgie, toen uit de brievenbus de kaart kwam met een acrostichron van vriendinlief, die de dag ervoor nog was komen lunchen. Een prachtige foto van kinetische kunst om van te genieten. De boodschap is duidelijk. Geniet, herinner, maak eigen en leef. Daar is geen speld meer tussen te krijgen.

Uncategorized

Een slotakkoord van formaat

Aspen. Het klinkt als een dorp in Drenthe. De man achter de toonbank wees met een breed gebaar naar de linkerkant. ‘Voorbij de sokken rechter schap. Welke wilt U de blauwe of de oranje”Ik ken het verschil niet. ‘Blauw is viertakt en oranje tweetakt’. Contact met de oude was gewenst, want ik had geen idee. Niet van de naam en niet van de motor van de maaimachine van de buren.

Aspen 4

Met de blauwe jerrycan wandelde ik naar buiten. De hitte sloeg loodzwaar toe.  In de luwte  zaten twee voorbijgangers uit te puffen met rode hoofden. Ze zochten verkoeling door een ijsje te eten. Ze keken nieuwsgierig naar mij en volgden elke handeling nauwgezet. Vanuit de auto kreeg ik de neiging naar ze te zwaaien toen ik langs reed en afboog. Ze keken niet weg.

Al vroeg had ik de fysio gedaan, omdat vriendinlief kwam lunchen. Het was er vermakelijk omdat er een vrouw was, die het niet eens was met de oefeningen die ze kreeg en aanwijzingen bleef geven om het aangenamer te maken. Ze was slecht ter been en mocht niet alleen op stap, maar iedere keer schoot ze onder de vleugels van haar bewaker uit en ging in wankel evenwicht er vandoor. Wij hielden haar allen nauwlettend in de gaten en maakten de invaller attent op haar capriolen.

Bij de winkel achter de fysio stond een grote groep scholieren te wachten. er mochten er maar een paar tegelijk naar binnen. Ik vroeg de bewaker, die er stond, waar de mandjes waren. Hij keek me meewarig aan. ‘Hoe lang komt u al hier mevrouw’. Normaliter had ik een klein stoffen tasje waar de boodschappen voor mijn eenpersoonshuishouden prima in pasten, maar nu had ik meer nodig. Ik stamelde stuntelig een paar woorden, maar bedacht ineens dat ik niets hoefde uit te leggen. Als een komeet schoot ik door de winkel en graaide wat lekkers bij elkaar. Een batarde, beleg, kwark, sla.

Met vriendin was het heerlijk kleppen op de bank. Alles kwam langs. Grote en kleine gedachten, zorgen hier en daar, regels voor kinderen en ons eigen uitgaansleven. Metro, Vriendschap, Wooloomooloo, Pandje, voor sluitingstijd de Bedstee, zes uur naar de markt en dan pas naar huis. We hadden geen sleutel. Mijn moeder loodste me naar boven. Er was ook geen sleutel nodig, want er was altijd iemand thuis. De kinderen van nu zijn echte sleutelkinderen. Dat was vroeger een schande, maar nu niet meer weg te denken.

De Oude app-te dat de Lathyrus nu echt de grond in moesten en of ik die Aspen wilde halen. Ondanks de hitte dan toch maar op pad. De plek van de rijkelijk bloeiende klimmers had ik al bedacht. Niet de makkelijkste weg want ik moest het oude vermolmde wilgenvlechtwerk er voor slopen en ruimen. De oude legde de lange staken over de knie en brak ze in stukken. Aanmaakhoutjes voor de winter.  Boven ons hoofd kwinkeleerde vermoedelijk een vink aan zijn gezang te horen. Ze bleef in de buurt, zolang ik er was.

013-3.jpg

De oude had er weldra genoeg van en ging in zijn eigen tuin verder en daarna naar huis. Met flinke tussenpozen lukte het me om de takken te breken en te ruimen, het gaas te knippen een met twee bamboestokken een klein hekwerk te maken. Lathyrus leek dankbaar bij het uittrekken van haar krappe zwarte plastic jas. Met de wortels in de natte aarde veerde ze op.

021.JPG

De hoogste tijd om languit op de grond te gaan liggen. Gras ruiken, wolken kijken en luisteren naar vink. De juiste mindset bij deze hitte. Zachtjes wiegde de wind wat koelte toe.

026.JPG

Met de camera in de aanslag wandelde ik naar de parkeerplaats en legde onderweg alle dappere bloeiers vast. De zon piepte net tussen twee wolken door en dook in de sloot, waar de kikkers en padden haar met hun schor gekwaak begroetten. Een slotakkoord van formaat.

 

 

Uncategorized

Met je hele ziel en zaligheid

De stad is warm en ligt er zinderend bij. De verlaten straten duiden dat de meeste mensen weg zijn of zich in een koel huis hebben opgesloten. Er staat een oostenwindje, maar die valt stil in de straten.

Op de tuin is het heerlijk. De wind zorgt voor de verkoeling, een zachte bries, die over de verhitte gemoederen waait. De rust daalt in. Tijd voor de maaimachine met fikse tussenpozen. Gehoorzaam doet het apparaat haar werk. Kleine bruine padden trekken op hun manier een sprintje om te ontsnappen aan de vermorzelaar. Het gras is gelukkig niet te hoog en ik zie ze voortijdig, waardoor ik ze beter kan omzeilen. De opgeworpen veengrond door de woelmuizen wordt geplet.

002.JPG

Als de accu leeg is, is dat bij mij ook het geval. In mijn schaduwhoek met The Three Willows erachter is het zoet rusten. Als voorzorgsmaatregel zijn er blikjes radler 0.0. Het is weldadig koel. Achterin de tuin zijn de grassen het langst, daar is nog niets aangedaan sinds de Bernagie er staat. Na de eerste stop werk ik daar door. Grasjes trekken met wortel en al. Wind, wuivend gras, warmte en stilte. Beter kan niet om het verstand op nul te krijgen.

De Oude komt met een saffie nat gesabbeld in zijn mondhoek babbelen, maar als vriendin langs komt dwalen, neemt hij de kuierlatten. Ze heeft heerlijke watermeloen bij zich en de Oude leent zijn Opinel voor het snijwerk. Het gesprek neemt een vlucht over onzekerheden die schilders voelen en wij in het bijzonder. Waarom ik met schrijven nooit twijfel en met schilderen altijd. De vraag blijft hangen. ‘Waarom schilder je dan?’ ‘Omdat ik het zo leuk vind’ Het hele proces, scheppend bezig zijn. Met de kinderen beeldend werken was het leukste dat er was. Alles was voor handen aan materiaal en er werd naar hartenlust geëxperimenteerd. Daardoor ontstonden de mooiste resultaten.

2016-06-16

Bij het in gedachten langslopen zie ik weer de grote drukpers staan, een oude wringer, die ik voor 100 euro uit Rotterdam had weggehaald bij een kunstenaar en waarmee in een workshop mooie monoprints werden gerealiseerd. Het plezier alleen al bij het draaien en de magie van het optillen van het vel. Verwachtingsvolle ogen, rode konen van de inspanning, verfvegen op het gezicht.

050

Bij het project vreemde vogels kon ieder kind z’n eigen vogel ontwerpen op stevig behang. Het resultaat, een echt groot groepswerk, was prachtig en kon multifunctioneel alle kanten opgedraaid worden.

Het tweemansweven met de oude ikea poppenkast, waarvan de flappen waren verwijderd en waar vitrage tussen gespannen werd, was ook zo’n heerlijk experiment, waar heel veel lol te halen viel. Niets kon fout gaan. Ze mochten, ieder aan een kant, met de grote borduurnaalden, alles doorsteken wat ze aan bruikbaar materiaal konden vinden. Doorbordurend op dat thema had ik ooit een grote oude overtollige opoefiets op de kop getikt en tegen de trap gezet met een uitnodigende berg lappen ernaast. Als vanzelf gingen ze aan het werk. Repen scheuren en maar weven tussen de spaken en het omwikkelen van de stangen. De hele groep deed mee. Het werd kunst voor aan de muur. De fiets heeft nog maanden in de gemeenschapsruimte gehangen.

002

De grote berg van papier-maché zou middenin de Rijn komen. Lekker met de handen in de behangplak en het laken nat strijken, zodat er een echte Lorelei verrees, die groen en wit geverfd moest worden. Het werkte.

ego

We bouwden ‘De Hoge Torens van Allerhande’. Eerst dozen stapelen en dan beplakken met de verpakkingsmaterialen. Daarna mocht alles geverfd met acryl, schorten aan en gaan. Super torens, die het project dubbel zo spannend maakten.

013-2.jpg

Met acryl-geverfd plastic kleurden we bij een ander project de zee, waar tante kwal woonde, de tante van Tralala-Tralali de paradijsvogel. Een mooiere blauwe zee was er niet. Inrollen van de verf, tafel-groot, het blauw spatte er vanaf. Dolle pret leverde het op.

We moeten weer gaan spelen, bedacht ik me. Dat ben ik een beetje kwijtgeraakt door nooit meer te kunnen sparren met de kinderen. Niet het resultaat maar het proces, daar wil ik weer naar terug.

008.JPG

Toen de meloen op was en het water lauw, drentelden we naar de kop van de sloot. Daar in het donkere water, lichtten de waterlelies op naast de gele plomp en het grote blad. Dat gaan we doen. Schildersezels erbij en schilderen maar. Een beetje Monet en een beetje van jezelf. Spelen met kleur, licht en water én met je hele ziel en zaligheid.

Uncategorized

Een wereld gaat open

De dag begon met het uiteenvallen van de nacht. Verwachtingsvol startte een missie, een langgekoesterde wens. Drie maanden geleden hadden we met de leesclub het boek ‘Wees onzichtbaar’ van Murat Isik gelezen en nu was het moment daar om het ‘inner centre’ van de Bijlmer te ontdekken. Onze gids was een vrouw die er jaren middenin gewoond had en nog steeds woonde, zij het de laatste jaren meer aan de rand, bij de Gaasperplas.

Tante Nel woonde er vroeger in de jaren zestig. De pronte dame met een vet Amsterdams accent en een gulle lach was net zo exotisch als haar woonoord, door mijn moeder tijdens een van de vrij reizentochtjes beschreven in haar dagboeken. ‘Ruim en groen’ luidde haar visie.

IMG_9591

Het eerste deel van de wijk was inderdaad oneindig ruim en groen. Het geschreven woord schuifelde voor ons uit met een rollator. De man had een laken met het woeden der wereld op zijn rug en dat zette onmiddellijk de trend. De Bijlmer is eigenlijk een voorbeeld van een tolerante samenleving in liefde en leven met elkaar. Kerken met verschillende godsdiensten onder een dak. Joden, Moslims, Christenen met allemaal een zaal binnen het gebouw. Meer dan 130 nationaliteiten herbergt de wijk Zuid-Oost.

061

Middenin de wijk staat het monument voor de Bijlmerramp met de namen van de slachtoffers en de woorden en mozaïektegels van de overlevenden, hulpverleners en bewoners. Alles wordt beschut door de boom die alles zag, die haar groene kruin breed uitwaaiert boven de betekenisvolle scherven Mozaïek. Op een verdronken fiets zit een aalscholver en wiegt zachtjes in het zoeken naar het juiste evenwicht heen en weer.

086  090

Heel veel van onze voetstappen liggen er nu. We wandelen over de nog bestaande dreven, zoeken in de oude parkeergarage naar een glimp van haar bewoner, trekken langs de open ateliers. Een hartelijke omarming met de kunstenaar in residentie, die zowel een oude vriend van de gids blijkt te zijn als een bekende van een van ons. De Bijlmer wordt een beetje familie. In de straat waar de dag is opgedeeld in kunst aan de muur zijn de oude vergeelde gezinswaarden, vrouwen achter het aanrecht en mannen aan het werk, in kleurrijke beelden te bewonderen. Er is meer kunst te vinden. Het aloude gezeik is volledig gelimiteerd verwerkt in een beeldengroep van Pascall Tayou met de titel ‘Tayouken Piss’ Zeik wordt zijk. Een staaltje van oplossingsgericht denken.

IMG_9656.JPG

De honingraten van flats waar al die bewoners, legaal of ongedocumenteerd in en uit zoemen, zijn gerestaureerd of vervangen door huizenblokken. Enkele uitzonderingen daar gelaten, waar de flats nog in de oorspronkelijke staat te bewonderen zijn. De buurtzorg is er groot.

Middenin het hart van de wijk staat een witte tent, waar een rapper in flarden van zinnen uiteenvalt door het lawaai van het verkeer dat naarstig op zoek is naar een parkeerplek om de markt te kunnen bezoeken.  Daar, waar de oude metrorails nog bovengronds loopt valt de sfeer uit Murats boek te vangen en roert de menigte zich in een rijke kleurschakering door bonte kleding, een veelheid aan hoofddeksels in alle varianten en Bungelende tassen en tasjes, sjaals en schommelende lappen.

024.JPG

Er wordt geroepen, geknikt, gelachen, geluisterd, omhelsd, geluierd, gekeken en in elkaar kletsende handen vertellen in geuren en kleuren een verhaal.

Humor staat er op de grote flat , het monument voor de vele nationaliteiten, als er te lezen valt: ‘Mijn God, waar komen die blanken vandaan’… De essentie is bovenaan te lezen als er tussen alle nationaliteiten ook te vinden is: ‘Hier is er gelukkig vrede’.

IMG_9666IMG_9665

Ten leste komen we bij de kop van Fleerde, de flat van waaruit Murat zijn leven beschrijft en dat als enige nog overeind is gebleven van die ellenlange flat met haar dreven en geschakelde delen.

De zon schijnt er uitbundig op en daar voelen we hoe de voeten branden en de maag knort. 9 kilometer gelopen en nog maar een fractie gezien. Als je Murat hebt gelezen kan je alleen maar een Turks restaurant zoeken. We nemen hartelijk afscheid van onze lieve   gids, die oneindig veel kennis heeft van het bewogen leven daar in die prachtige wijk en duiken met een hoofd vol indrukken en beelden achter een heerlijke koele lafenis. Één middag in de Bijlmer en een wereld gaat open.

 

Uncategorized

En het omarmen ervan

De merel liet zijn eerste triller horen om 3.56 uur vannacht. Ik was wakker en verbaasd over het feit dat de nacht was opgeslokt door het licht, zuiver en helder, het witte licht van een vroege ochtend. Het duurde even eer ik me realiseerde dat het gisteren  de langste dag, de midzomernachtwende, was geweest. Wat is het heerlijk als er meer dag is dan nacht. Het voelde goed om het zo bewust te beleven. Het kwam door merel, die mijn verbazing wekte met diens vroege trillers en deze woorden leven inblies.

001

Het kwam ook door het filosofieboek dat ik daarna opensloeg en waarin een verzameling korte verhalen en gedichten stonden van mensen en dieren die aan het filosoferen waren op kleine en nog kleinere schaal. De sperwer van Armando, de Skillig van David Almond, De schildpad van Toon Tellegen, Boekje open van Ted van Lieshout of de Doorreis van Erik van Os bijvoorbeeld.

Doorreis  

Ik ben op doorreis/naar volwassen  Zo goed als zeker/dat ik aankom  maar wat als ik mij/daar niet beval

003

Het ontroerde me. Die laatste conclusie:‘Wat als ik mij daar niet beval’. Dat zou toch eeuwig zonde zijn als je die hele reis bent aangegaan en op jezelf neer kijkt aan het einde van die lange tocht.

Het was wel een eyeopener. ‘Ben ik tevreden met wie ik ben’ werd de volgende overpeinzing en direct sloeg de schaamte toe. Je gaat jezelf toch niet op zitten hemelen. Maar daar ligt de essentie niet. Die zit ‘m vooral in die tevredenheid. Hoe is het gesteld met het verlangen. Er zijn wat aardse zaken, dat zeker. Maar door de bank genomen kan ik stellen, dat ik mijn leven fijn vind. Ik hou van mijn kinderen, mijn familie, mijn vriendinnen en vrienden, mijn omgeving, mijn bezigheden. Het brengt nieuwe energie, ze geven zin aan het bestaan. Er komen mooie kleinoden op mijn pad. Ongevraagd en letterlijk in de schoot geworpen. Ik heb het verlangen naar ongrijpbare wensen gereduceerd tot tevreden zijn met wat er is.

005

Dat malle huis met haar gebreken geeft me wel iedere morgen de mooiste zonsopgangen, laat me door haar grote ramen de prachtigste wolkenluchten zien, de blauwe Prins, klein maar fijn, brengt me overal naar toe,  de kinderen zorgen voor afwisseling, nieuw leven, delen de liefde, de vriendinnen her en der verspreid over het land brengen steeds weer nieuwe ongekende ervaringen, de familie zwoegt mijn prachtige Bernagie bij elkaar en op de tuin, in dat kleine atelier zijn de aardstralen zo gunstig, dat ik er alleen maar gelukkig kan zijn. Alles heeft betekenis.

002

Het boek heet ‘De wereld in een kiezelsteen’ en is door Ingeborg Hendriks samengesteld en geschreven. Miljoenen kleine kiezelstenen maken een grote.  Als een variatie op een citaat van Julia Abigail Fletcher Carney in haar gedicht Little things: ‘Little drops of water, en haar little grains of sand, make the mighty ocean, and the pleasant (solid) land’. Heel veel kleine deeltjes maken dat ene grote geheel.

In een van de verhalen stond de eekhoorn van Toon Tellegen op het punt om steeds meer van de wereld te ontdekken in een kiezelsteen, toen hij gestoord werd door giraffe, die hem vroeg mee op ontdekkingsreis te gaan. Als ze moe, na het ontdekken van allerlei ‘gewone’ zaken, zoals  een mier die lag te slapen, een beer die aan een voorwerp ingesmeerd met honing sabbelde, bij de rivier gaan zitten, vallen ze uitgeput  in slaap. Toon trekt de conclusie hoe makkelijk het is om in slaap te vallen aan de rand van de wereld. Daar komt de titel van dit boek uit voort. ‘De wereld in een kiezelsteen’. Niets meer en niets minder en het omarmen ervan.

 

.

Uncategorized

Met hoofd, hart en handen

Voor de tweede keer deze week wandelde ik door de grote trage draaideur naar binnen. De verwachtingen waren hoog gespannen. Het was alweer een tijd geleden dat ik een cursus gevolgd had. Het idee aan Hand en voetmassage bracht me even terug naar het huis in de Amandelstraat. Mijn vader had boven de kleine kamer ingericht als sportmassageruimte. Onder de dakpannen van onze meisjes-slaapkamer stond nu een met skai beklede massagetafel. De blikken van de klanten zouden door het zelfde raam naar buiten staren als onze dromerige puberogen dat jaren eerder hadden gedaan. Mijn vader ontving de ‘clientèle’ met de professionele oogopslag van de meester. Hij hoorde de klachten aan en zijn beslissing was een indicatie om wel of niet naar boven te gaan. Daar trok hij een witte korte jas aan en zalfde met zijn kennershanden de pijn tot een aanvaardbaar niveau. Dankbaar vertrokken de gasten weer.

004Mijn vaders handen

Mijn handen zijn deels die van mijn moeder en deels die van mijn vader. Het knokige van der Linden trekje zit erin, maar de artritishanden van de Driehuizen ook. Een goede mengelmoes. Ik zou best eens aardig kunnen leren masseren.

De mail met de aanvangstdatum was gericht aan twee. Wie schetst mijn verbazing toen er een hele club dames bleek te zitten. Sommige uit de vrijwillige zorgsector, anderen weer vanuit een eigen massagepraktijk. De toepassing bij ons op de afdeling oncologie, was het voorbeeld van een werkende praktische uitvoering. De theorie was beknopt. Het draaide vooral om de praktijk. Er werd opgesplitst in tweetallen en ik vormde met twee anderen een groepje van drie. Dat betekende dat je iedere keer aan beide handen tegelijk gemasseerd werd. Dat was een voordeel. Je kon overduidelijk het verschil merken en voelen wat het meest plezierig was.

002-5.jpg

Door het huidcontact is het een diepgravende intimiteit. Waar het mij betrof was dat vooral bij de voeten het geval. In de ochtend had ik mijn best gedaan om me een paar zomervoeten aan te meten. Schurend puimsteen, vijl en eeltschrapers mochten aan het werk na een warm voetenbad met scrubzout. Ik besloot de nagels niet te lakken, want helemaal vlekkeloos lukt dat nooit. Niets van dat alles viel op, alleen mijn knokige melkflessen naast al die stevige bruine benen en armen staken af. Maar het maakte niet uit. Er waren negen deelnemers en tweedubbel zoveel voeten en handen, die allemaal eigen herkenningstekens hadden. Krom, plat, dik, dun, knokig, eeltig of keurige gemanicuurd en gepedicuurd. De uitleg en de behandelwijze werd verpakt in een gemoedelijk Brabants accent en een betere aanmoediging dan dat was er niet. We kregen allemaal de smaak te pakken.

Gingen we in de ochtend bij de handen nog met een sneltreinvaart er vandoor, nu hadden we de tijd in de vingers en masseerden aandachtig en kalmpjes de kneepjes van het vak. De heerlijke sesamolie liet handen met aandacht over de huid glijden en alleen al het zien van de beweging, het mantra van de herhaling, bracht een diepe rust en ontspanning.

Toen we de draaideur uitwandelden, voor de file uit, was de zon doorgebroken en scheen uitnodigend. De wereld lag aan onze gezalfde voeten. Oefening baart kunst. Straks kan ik iedereen overvallen met mijn massage. Maar eerst maar eens los gaan bij de zussen en de kinderen, om een en ander in de vingers te krijgen, met de reader ernaast. Het wordt ook oefenen op mijn vaders professionele blik boven het jasje voor de spiegel. Over mijn schouder mag hij meekijken en af en toe zal ik hem smeken om mijn hand te leiden in een uitgebalanceerd evenwicht van empathie, professionaliteit en gevoel. Met hoofd, hart en handen de ander beroeren raakt. Raakt ons. Raakt ons allen. Raakt ons allen aan.

Uncategorized

Er dwars doorheen

In de ronde koepel van het gebouw was het hele schouwspel fantastisch te volgen. De dreigende onweersbuien, die op het nieuws tijdens de heenreis in Zeeland het land waren binnen gedreven, hadden twee uur later al het midden bereikt. De lucht vulde zich in alle violetten, die maar te vinden waren, tot op het laatst diep grijs en zwart. Tegen de donkere lucht lichten de bliksemschichten fel op. Daar werden van boven de prachtigste foto’s genomen van het machteloze land, dat naarstig probeerde de hoeveelheden water naar binnen te werken. Zomer in Holland vermengde zich met het leed van de afdeling en leidde de aandacht op het juiste moment af van het rollenspel dat zich daar vervulde.

De man kreeg voor het eerst zijn helm opgemeten. Sjaal eronder en een soort fietshelm erop. Hij stuurde een foto naar de kinderen. ‘Klaar voor de TT in Assen’, grapte hij eronder. Bij het vullen van zijn kopje koffie hoorde ik hem het verhaal doen tegen de verpleegkundige en al het leed van grote en kleine kwalen kwam voorbij. In mijn hoofd spookten zijn slapeloze nachten en die van zijn vrouw. Samen probeerden ze de moed erin te houden. Humor was de beste medicijn, in ieder geval vrolijker dan de agressie waarmee de andere medicijnen naar binnen werden geleid. Het was de dag van de verhalen. Iedereen wilde wel wat kwijt. Ze liepen op tegen verkeerde bloedwaardes en teleurstellingen. Sommige werden onverrichter zake weer naar huis gestuurd.

Het leven is opgedeeld in voor en na en wie eenmaal in de malle molen terecht was gekomen moest wel voort. Er was geen weg terug. Aan tafel zat een man te wachten. De enige vraag die ik hem kon stellen ‘Wilt u iets drinken’ opende zijn overweging om de kuur op te schorten of een tijdelijke pauze in te lassen. Wat was wijsheid. Hij worstelde met het feit dat de ene specialist niet kon beslissen zonder de ander en dat het moment van overleg steeds werd opgeschoven. Het meest lijdende aan de hele kwestie was het feit dat je zelf niet wist hoe het er van binnen uit zag. Ter overpeinzing gaf hij me de mindset mee, die ontstond bij het binnen stappen van het ziekenhuis waardoor hij zich steeds onmiddellijk op alle fronten patiënt voelde , terwijl hij de dag ervoor nog een groot zeilschip had bestuurd. Zijn cynisme en zijn gevoel voor humor hadden een pact gesloten. Eronder lag de gelatenheid.

010

De blauwe prins stond geduldig te wachten in de rij en had de stortbui overleefd. Tijd om te checken waar ik ergens in het achterhoofd steeds mee bezig was geweest. Het kleine raampje van de Bernagie op de tuin had ik gisteren vergeten dicht te doen. Was er schade en zo ja hoe veel. De zonkracht had de donkerte verdreven en niets dan de kleine plassen op het pad, herinnerde aan de dreigende ochtend. De margrieten en korenbloemen langs de sloot stonden er fris en parmantig bij.

009

Een dappere klaproos waagde zich dichtbij de slootrand. Onder mijn voeten klonk het lied der zompigheid, ze werd begeleid door de vele kikkers en padden uit de paddenpoel.

003-5.jpg

Het kleine raam was ingenieus gemaakt. Het had keurig alle regen van zich af weten te slaan naar buiten toe. Tijd om te genieten van zon en verder te gaan met het portret dat ik in snelheid als oefening had opgezet. Wat een zaligheid om in de tuin te kunnen schilderen. Toen de wolken zich samenpakten was het tijd om te gaan en niet de tweede donderbui af te wachten.

006

Het dakraam thuis had het overduidelijk moeilijker gehad met de stortregens. Haastig moesten kleden en doeken verplaatst worden en emmers neergezet om op te vangen wat er door de dakplaten heen sijpelde. De woningbouw mag zich er op stuk bijten. We wachten het af, terwijl de regen op het zolderraam tikt en er dwars doorheen.

 

 

 

Uncategorized

De weg terug naar huis

De zussen appten al vroeg om het atelier te bewonderen. Vroeger dan normaal ging ik op pad. Eerst de sleutel van het hek terughalen bij broer en blij te worden verwelkomd door het wolbolletje op vier poten. Die lieve Sjors. Zodra drempels verdwenen zijn dan is zo’n trouwe viervoeter de mijne.

IMG_3205

Op de tuin was het drukkend benauwd. Alleen al het pakken van de grasmaaier zorgde voor een parelend voorhoofd en na het door de hele tuin heen trekken van de kleine veelvraat, klotste het. De baardiris stond in bloei en er kwam nog een knop achteraan. Het hele perk was een oase aan roze en paars-nuances dankzij het uitbundige bloeiende vingerhoedskruid en de laagbloeiende salvia’s. Later toen de zussen kwamen met koek en zopie staken ze wonderschoon af tegen het groen. Het veen was wat zompiger dan normaal, de woelmuizen hadden vrij spel onder het groene oppervlak en speelden doolhofje, zo te zien aan de opbollende grond.

Ik was net aan een nieuw  doek begonnen, toen de oude controleerde of ik op de tuin was. In de kas had hij lathyrusplantjes voor me staan, die zaterdag op de bloemenmarkt waren gekocht, zo heerlijk. Ik wist precies wat ik er mee ging doen. Een klein hekwerk voor de Bernagie en daar de klimmers tegenaan. Bij voorbaat droomde ik ze al in uitbundige bloei. Nog even geduld. Rond kwart over drie werd het tijd om de file voor te blijven, maar het stond al vast. Dat betekende de wijk nemen naar de rondweg rond Utrecht en omdat ik bij vriendinlief in de buurt was, kon het boek ‘Zondagskind’ eindelijk naar haar bestemming. “s Avonds door naar Knockart, waar Sergio Vacchi door de avondvierdaagse werd opgehouden. Later dan te doen gebruikelijk gingen de penselen los. Hoe ik het ook probeerde, ik had niet veel met de man.

026

Door te filosoferen met elkaar over een volgend thema kwamen we bij de vrouwen in de kunst en ineens was daar weer een van mijn grote heldinnen, Louise Bourgeois. Deze eigenzinnige  tante, verpakt in een oud dametje, liet zich niet aan de kant zetten. We hadden haar al eens uitvoerig bestudeerd. Op een van haar boeken prijkte ze in een Vacchi-achtige stelling met het licht vol in het gezicht, zodat de sfeer om haar heen zwart en duister bleef.

Ideaal en blij iets gevonden te hebben, dat strookte met mijn grote bewondering voor Louise ging ik aan de slag. Het was weer boetseren ten top. Grove opzet en bijwerken met hier en daar een aanwijzing. Ik zat op een kruk en dit gaf meer verlichting dan de hele avond staan.

009

In de frisse buitenlucht stond men in bewondering voor de zich zojuist geopende teunisbloem en een van ons was net op tijd geweest om een opname te maken. Toeval bestaat niet. Het was een treffer van formaat. Afscheid met die schoonheid op het netvlies zorgde voor een brede glimlach op de weg terug naar huis.

Uncategorized

Wie weet

Het theater Helsdingen in Vianen was nieuw voor me. Ooit, lang geleden, pakte ik de picknickmand in, verzamelde her en der badspullen en toog met de vier kleintjes richting natuurbad. Daar was het goed toeven, als je voorbij het chloorrijke binnenbad was gelopen. In een oase van rust, omdat het zo uitgestrekt was, wist je altijd wel een plek te veroveren, waar de kinderen naar hartenlust konden spelen. Het wier tussen de tenen namen we voor lief.

001

Toen ze groter werden kwamen er voetbalvelden en balletzalen voor in de plaats en ging het zwemmen op een lager pitje. Er waren nog berichten over de sloop van het oude zwembad en de bouw van een nieuw. Dat het een sport en cultuurcomplex was geworden was me volkomen ontgaan. Vlak onder de rook van de A2 ligt er een enorm oppervlak aan vermaak en vertier. Met een buitenspeelplaats voor de kinderen, een vennetje om te vissen, een voetbalveld en binnen, het zwembad, de sporthal en een waar theater in stemmig blauw. Al dat schoons kon ik nu zelf in ogenschouw nemen. Ruim op tijd, de kinderen zouden een uur later komen, maar vroeg genoeg om kennis te maken met de twee acteurs van het stuk, Harro en Gert-Jan. Ze hadden het decor al staan. Net als de kinderen kom ik het liefst blanco binnen en laat me verassen door wat komen gaat.

003

De banner stond klaar, de badge bungelde aan mijn sjaal, de kinderen konden komen. De afspraak was om ze buiten op te vangen en te wachten tot alle scholen gearriveerd zouden zijn. Die ochtend zouden er drie scholen komen, goed voor 115 kinderen. Buiten bij de ingang hoorde ik al de van ver gedragen kinderstemmen. Er waren twee klassen achter het complex aan het spelen. Het verzamelpunt was voor. Groepen zeven en acht met wiebelbenen en onderzoekende vingers, een versterkt aantal decibellen waardoor het gebruikelijke praatje ter inleiding volstrekt overbodig was. Ze waren niet stil te krijgen.

002-4.jpg

Binnen was het een ander verhaal. Toen ze eenmaal de trappen op waren gestormd, de zware deuren door, was er een opmerkzame kanjer, die ongevraagd de tweede deur openhield. Het gestommel nam af en in de zaal werden ze door de geluidsman per rij in de juiste banen geleid. Het licht ging uit, de spots aan en het spel kon beginnen. De bravoure was nog voelbaar, maar verdween als sneeuw voor de zon, toen ze zich mee lieten slepen door het verhaal. De zaak Vlaskamp. Een aanstekelijke rechercheurszaak met een moord, diverse daders en aanwijzingen die ook door de kinderen opgemerkt dienden te worden. Het gemak waarmee de acteurs de onrust beteugelden, het enthousiasme dat uit het meeleven van de kinderen klonk, de flitsende energie, en de snelle rolwisseling, maakten het stuk tot een onvergetelijke ervaring. Hier werd genoten op de punt van het blauwe pluche.

Na de pauze kwamen er vier scholen. Er was een groep bij, die op de achterste rij zat en kennelijk al contact hadden gehad met de vorige groep over het stuk. De dader werd vooraf al met naam en toenaam herhaaldelijk geroepen. Ze waren onrustig. Ook nu waren de rechercheurs niet uit het veld te slaan en speelden onverdroten door. Bij het verlaten van de zaal waren er glanzende ogen, verhitte wangen en namen ze afscheid met een boks van de meest stoere van de twee mannen. Even waren ze hun eigen Flikken Vianen in de dop, met speurneuzen op, argusogen aan en het brein op scherp. Een beleving die lang zal blijven hangen en misschien is er ergens, tussen al die kinderen, wel een piepkleine kiem gelegd voor een nieuwe rechercheur. Wie weet.

 

Uncategorized

Die kleurrijke wereld van vandaag

Niets is heerlijker dan op zondagmorgen om zeven uur over de bijna verlate wegen te zoeven. Een zon begeleidde de rit en zorgde ervoor dat bezijden de weg een rustiek Hollands tafereel ontstond met grazende koeien in het frisse dampende groen door de koudere nacht.

010-3.jpgFrancoise Nielly, deel 1. @galerieStreetscape door Mieke Hofman-Rozing.

Richting zee tufte ik op cruise control de A2 over. Bij aankomst van de workshop stonden de doeken al klaar, met foto’s en afbeeldingen, opgedeeld in schaduwschakeringen. Alles was tot in de puntjes voorbereid. De olieverf, de paletmessen, de paletten, wat penselen, verdunde acryl. De zoektocht naar de juiste ezel was gauw gevonden. Half negen zouden we beginnen en de koffie stond klaar. Het internet lag eruit, dus een filmpje zat er niet in. Maar ik had Francoise Nielly thuis al bestudeerd. Een explosie aan kleur en dan vooral in een samenstelling die je niet gauw voor een gezicht zou gebruiken. We werkten hard, van donker naar licht en raakten af en toe verstrikt in de vele nuances, maar altijd weer was er een mouw aan te passen. Er waren prachtige kleurstellingen bij. In zo’n groep, waar iedereen vertrekt vanuit eenzelfde uitgangspunt qua vorm, ontpopt het individu zich altijd weer. Sterk en persoonlijk worden alle ‘Francoises’. Vriendin had extra handen erbij gevraagd om iedereen op de wenken te kunnen bedienen. Het atelier, dat tevens galerie was, was ruim en hoog, met de expositie van de cursisten van het inloopatelier als extra stimulans aan de wand. De inspirerende omgeving werkte als altijd weer verheffend.

Niet alle schilderijen konden er blijven, anders was er geen ruimte meer voor de inloopochtenden. Met knoeidoek eronder nam ik kleinzoon al in een ver gevorderd stadium mee. Volgende les verder.

015

Door het vroege tijdstip en het harde werken moest het hoofd even leeg. Zo dicht bij het strand kon dat maar een ding betekenen. Nog geen half uurtje later snoof ik de zilte zeelucht op, terwijl de kitesurfers door de golven dartelden. Letterlijk, want sommige wisten hoog op te springen en te wentelen in de touwen, zodat ingewikkelde salto’s een feit waren. Spelende kinderen aan de vloedlijn daagden de zee uit en gooiden zand op, deinsden terug voor de golven, hoog gegil en ijle kreten op hoog stappende  veulenbenen. De staartjes wipten op en zand, water en zonlicht zorgden voor een gouden gloed. Hier en daar vloog een bedaarde meeuw boven de uitgestrekte duinen, waarop de witte wolken lagen als een toef verdwaalde slagroom.

019

Onder het rijden op de terugweg sloeg de benauwdheid toe. De olieverf had liggen dampen in het warme afgesloten compartiment van de auto. De longen wilden frisse toevoer van zuurstof. Ramen tegen elkaar open want de airco had een averechts effect. In het geraas van het verkeer er buiten, ging de radio wat harder en werd de aanval in de kiem gesmoord door een luide samenzang met de radioklanken. Al snel was er meer lucht. Kleinzoon mocht naar het atelier op de tuin. Thuis zou er binnen de kortste keren een olieverf-Pluis door de kamer hebben gewandeld met al die plakkaten verf op het doek. In de sloot had de lucht zich samengepakt. Het lag er stil en vredig bij. Zondagsrust ten top.

023

In de avond was er een voorstelling van een van mijn oudleerlingen, die prachtig dwarsfluit speelde en haar eerste dramapogingen op het grote podium losliet. Een tragi-komisch verhaal met een goede afloop en vier dappere dametjes die de sterren van de hemel speelden in een fantastisch decor à la Maison de Pippi Langkous.

027

Bij het teruglopen naar huis winkte de zon nog net met haar laatste stralen door de wolken heen. Een laatste groet aan die kleurrijke wereld van vandaag.

Uncategorized

De dag roept

De hemel huilde gisteren een groot deel van de ochtend en de tuin was daardoor een brug te ver. In het veen is het dan te nat, er valt niet te maaien en onkruid trekken is geen pretje, omdat de kluiten zich verdichten en vasthoudend zijn. Weer om binnen aan de slag te gaan dus. Ik had het vorige week al eens op de heupen gekregen en was beneden aan de gang gegaan, maar nu moest de zolder het ontgelden. Daar sliep zoonlief ongezellig te midden van afgedankte spullen uit de kamer van de tweede.

003

De stofzuiger rolde achter me aan en elke hoek moest van goede huize komen om te ontsnappen aan mijn rigoureuze opruimwoede en het stofhappen. Boven was ooit het atelier. Meer uit nood geboren en nooit mijn lievelingsplek geweest, omdat de hoge ramen het naar buiten kijken beletten. Met mijn behoefte aan ruimte en weidsheid voelde ik me op de zolder ingekapseld, als in een cocon, waardoor het gevoel van vrijheid ontbeerde.

Ik worstelde me door de ladekasten, de oude lamp, de paperassen, de schoolspullen heen, zocht uit, gooide weg wat overbodig was, las en herlas sommige stukken. Ergens lag het functioneringsgesprek van lang geleden tussen. Volstrekt achterhaald en niet meer van belang. Vluchtig nam ik de oude voornemens door om bepaalde hiaten van mezelf aan te pakken en te verbeteren. Reflecties op je eigen handelen zijn wonderlijke zaken. Vooral als de situatie waarin je verkeerde in rook is opgegaan en het een en ander totaal niet meer relevant is. Al die emoties die het los maakte liggen ver achter me. Een van de voordelen van vrij zijn.

Langzaam kwam er lijn in het geheel en lukte het om alles weer te ordenen tot een samenhangend geheel. De tafel was leeg, er was een gezellig zitje. Op de overloop stonden mijn doeken in de hoek. Ik bekeek een en ander kritisch en zag door de beelden heen de worstelingen, bloed, zweet en tranen om tot resultaat te komen, de beeltenissen die allen een zweem hadden van de werkelijkheid. Mijn verleden en ik. Zo wandelde ik door de jaren heen in sneltreinvaart en was er het besef van het vervliegen van de tijd.

De stofzuiger had er lak aan en maande me door te werken. Onder mijn handen werd gesorteerd, de zeven doeken van de kleine prins, de koning, de dronkenlap, de lantaarnopsteker, de zakenman, de geograaf, de ijdeltuit en de kleine prins zelf, waren elkaar uit het oog verloren. Het waren de allereerste doeken in olieverf, als ik me het goed herinner. Er staat nog steeds veel echte rommel tussen, die naar beneden getransporteerd moet worden en onmiddellijk diende een volgend project zich aan. De schuur. Volgestouwd met de overtolligheid van het bestaan. Alles wat weg kon stond te wachten op een belletje naar de gemeente. ‘Stel niet uit tot morgen wat gij heden doen kunt’, hoorde ik ergens temen in mijn hoofd. Maar mijn rug sprak andere taal. Het was genoeg geweest.

002-3.jpg

Het beloofd een prachtige nieuwe dag te worden.  Ik geniet al twee uur van het ochtendleven. De kauwtjes blijven onrustig en vliegen af en aan, ze houden de kleine gierzwaluwen op afstand, die nestelen onder de daken van de andere flats. Merel negeert het gekakel van de druktemakers en bracht net vlakbij zijn mooie trillers ten gehore. De houtduiven koeren met elkaar een vraag en antwoord spel. De eerste auto’s komen langs, terwijl de zon al boven de boomtoppen uit komt. In de benen maar weer, de dag roept.

 

 

 

 

002-3.jpg