Overpeinzingen

Het antwoord laat zich wijzen

Zonsondergang is iets dat je gratis en voor niets kunt bijwonen, hier of aan de kust of hangend uit je zolderraam. Terwijl de zussen in de na-zinderende hitte van de dag toch nog naar de waddenkust reden om daar de zon in de zee te zien zakken, bleef ik thuis bij de kippen en had een genoeglijk onderonsje met de scharrelende dames, tot ze, de een na de ander, stilletjes op stok verdwenen.

Voor me uit kleurde de hemel zacht oranje. Afhankelijk van waar ik stond, gaf mijn Ipad de beelden al dan niet in werkelijkheid weer. Het was niet alleen het schouwspel in de lucht, dat de moeite waard was, maar het ging ook om de zachte omlijsting waar ieder blad, iedere boom en het huis in verpakt werd. De wonderschone betovering door die zachte perziktint. Leven met een strik erom.

Binnen twee uur kwam de auto het erf weer oprijden. Zon had haar eigen plan getrokken en was niet in zee maar in een wolk gezakt. De filmpjes die ze opstuurden om me mee te laten genieten, bewezen, dat het zeker de moeite waard was om daar deelgenoot van te kunnen zijn.

Zelfs in de solitude lukte het me niet om ook maar een letter te lezen. Er was simpelweg teveel te zien en te beleven rondom. De buurvrouw kwam met zoon of dochter de kippenren sluiten. Ze was de oppas in deze vakantie voor de levende have. Hun stemmen waren op de wind al van verre goed te horen. Ik vroeg me af wie dat zouden kunnen zijn in dit niemandsland. Pas toen haar hond gehaast en uitgelaten om de hoek kwam, werd het duidelijk. Goed volk. Je weet het maar nooit.

Vandaag is de fiets opnieuw aan de beurt. Ik weet nog niet welk plannetje er uit te stippelen valt, als het maar wel van pleisterplaats naar pleisterplaats is. Er zijn fietsroutes genoeg, beloven de geplastificeerde kaarten in de map. Vandaag wordt het een ietsiepietsie minder heet dan gisteren, maar de graden komen nog altijd boven de dertig uit, een respectabele hoogte. Bewaar je innerlijke koelte, fluistert het stemmetje diep in mij. Haha, gisteren schreef een van mijn leesvriendinnen, dat ik oud en wijs genoeg was om mijn eigen vermoeidheid goed in te kunnen schatten. Dat is zo, maar die wens, die soms zo verschrikkelijk sterke wens, om er bij te zijn en niets te missen, om die uit te schakelen moet je aardig je best doen.

Een andere boodschap kwam binnen via de virale kanalen. Een van mijn blogvriendinnen was gevallen en had een heup gebroken. Ze lag te wachten voordat ze de operatiekamer binnen zou worden gereden. Wat een pech. Net nu alles waar ze zo naar verlangde eindelijk bewaarheid was geworden, een huis naar wens, een eigen atelier, tentoonstellingen aan huis, een mooie tuin, en dan ineens deze spelbreker. Het verleden fluistert in mijn oor: ‘Van het concert des levens heeft niemand een program’. Dat is zo, maar daardoor verandert deze domper niet. Het blijft zuur. Ik duim dat het niet teveel pijn zal doen en vooral, dat het te dragen is met deze hitte.

Insecten zoemen, buiten en veilig achter het hor, hun blijdschap over warme zonnestralen die tegen de gevel zijn geplakt. Het is zeven uur en de dag roept. Ook hier hoor je verkeer, valt me op en toch zijn we omringd door groen. Geluid draagt ver. Zal ik nog even gaan dromen of hanenwaken of toch maar vast aan de koffie. Dat zijn de dilemma’s van het moment. Het antwoord laat zich wijzen.