Uncategorized

Zoldergeheimen

Het weer is vannacht opgeklaard. Het lijkt ook warmer te zijn dan de rest van de week. Gisteren begon de dag met een frisse lentebui en het bleef grijs. Omdat het fluitekruid zo hoog begon te worden en werkelijk elk plekje in het bloemenperk aan het veroveren was samen met het kleefkruid besloten we tussen de buien door daar een en ander aan te doen. Het was ons de laatste dagen al opgevallen dat, bij het wegtrekken of maaien ervan, er een sterke zoetige heerlijke anijsgeur vanaf kwam. In een korte theepauze toch maar eens even die alwetende vraagbaak raadplegen en ja hoor. Het blijkt dus geen fluitenkruid te zijn maar eetbare Roomse kervel. Dat wordt vandaag natuurlijk een lekker lentesoepje uit eigen tuin. Moet lukken met wat prei, bieslook, aardappel en grote witte bonen en ajuin. Voedzaam en lekker.

We hebben het plekje voor de kruidenspiraal al gelokaliseerd. Ze staat in een diagonale lijn met de boeddha verderop. Een mooie spirituele verbinding en nog altijd met de voeten stevig op de aarde. Natuurlijk is de roomse kervel het eerste kruid dat erin zit. We kunnen wat stekken van kruiden uit Nederland meenemen, maar het is ook leuk om eens te kijken wat er hier in de tuincentra aan inheemse plantensoorten te krijgen zijn.

Dan is het werken om het laatste restje fornuis weer blinkend schoon te krijgen en lief moet er de verfkrabber bij gebruiken. Het valt niet moeilijk te raden dat ze aardig verweesd is gebleven de laatste jaren. ‘Waren die vrouwen en mannen van jou dan geen keukenkanjers’, vroeg ik hem, omdat er, voor de laatste twee coronajaren, regelmatig logees over de vloer waren geweest. Niemand had erg veel aandacht aan het fornuis besteed en hooguit de buitenkant een beetje gepoedeld. Dat zet geen zoden aan de dijk.

Het was nogal veel schuurwerk: inspuiten, intrekken, schuren, inspuiten, intrekken, schuren en zo verder, net zo lang tot het acceptabel was. Het email was hier en daar toch wel aangedaan. ‘Pure mishandeling’, vond ik. ‘Verwaarlozing’ vond lief. ‘Verwaarlozing is ook mishandeling’ reposteerde ik. Dat moest hij beamen. Nu staat er nog een reefje om schoon te poetsen. De handen krijgen een lekkere vette crème omdat ze zelf bijna als schuurpapier aanvoelden.

‘S middags hield het op met zachtjes regenen en was er een flinke onweersbui. In dit goed geïsoleerde huis was het bijna romantisch om te horen. De regen roffelde naar beneden in een gestaag ritme. We hadden besloten om de logeerkamer op zolder te stofzuigen en te ontdoen van de witte vlekken van een vogelbezoek. Lief had zich al lang afgevraagd waar dat laatste vandaan kwam in dit afgetimmerde gedeelte van de grote zolder, maar had het antwoord nooit gevonden. Bij het verschuiven van de koffers die er stonden, vonden we de aanstichter, verdroogd en goed geconserveerd. Een kleine mus was onder een staande reiskoffer gedoken en daar een wisse dood gestorven. Arme kleine. Lief bracht hem naar beneden om hem terug te geven aan de natuur. Morgen gaan we eens kijken of we de nu schone kamer logeerklaar kunnen maken. Er liggen twee hele goede dekbedden die alleen maar goed gelucht moeten worden. We herstellen de elegante kaptafel van de grote zolder weer in ere en de grote vogelkooi krijgt een mooie plek met een plant erin of iets dergelijks. Wie weet vinden we nog meer mooie spulletjes tussen al die zoldergeheimen.

Een gedachte over “Zoldergeheimen

Reacties zijn gesloten.