Overpeinzingen

Ten voeten uit

En weer een heerlijke zon, die het leven laat lachen. De ochtend ontvouwt zich loom met veel droom-en terugkijk-momenten. Op mijn IPad schuifelt de regisseur Ruut Weissman door het beeld in de documentaire De Hoofdpersoon. Steeds bekijk ik een stukje ervan en verwonder me over de grip die hij op het geheel wil houden, waarschijnlijk uit hoofde van zijn beroep. De regisseur bepaalt, stel ik me zo voor en laat dat maar eens los als je in een stuk ineens de acteur bent, die zichzelf moet spelen en toch weer niet.

Het gaat over de machtsverhoudingen tussen regisseur en actrice in het bijzonder, maar ook over de leerling en de directeur en over machtsverhoudingen in het algemeen. In het stuk komen rake zinnen boven drijven, die ik wil onthouden, maar toch terug moet zoeken. Bijvoorbeeld, ‘een wonder wordt een wond, een wond wordt een litteken…En verdwijnt dat litteken…?’ De actrice vertelt over de eerste kennismaking en de tijd erna, als degene met de macht de ander overneemt. Dat is een langzaam en soms onmerkbaar proces waar je tot over je oren in kan komen te zitten.

Vroeger, in het ziekenhuis, was ik al op voorhand zenuwachtig als ik als leerlingverpleegkundige per ongeluk een keer de professor moest assisteren met het aanleggen van een infuus. Dat kwam een enkele keer voor op Klasse intern als de patiënt er op stond door de professor zelf geholpen te worden. Die ervaring was afschuwelijk. Knikkende knieën, handen die onder geen beding rustig te krijgen zijn maar trillen en zweten, steriele middelen die verkeerd open scheurden en onbruikbaar op de grond of op het bed vielen, het infuus dat aangesloten moest worden op de conus van de ingebrachte naald en wat zo onhandig ging, dat de naald dwars door het bloedvat werd geduwd. Dergelijke dingen gebeurden en dat allemaal door de spanning en de zenuwen. Als je ideeën voor nachtmerries nodig hebt, neem deze. Ze werken echt grondig.

Het lukt me niet om het stuk in een keer uit te kijken. Er vloeit geen sympathie over van de regisseur naar mij, eerder het tegenovergestelde. Misschien ook vanwege de hautaine rol die hij speelt, als zichzelf of als acteur, daar is moeilijk onderscheid tussen te maken omdat het voortdurend wisselt. Wel degelijk wil hij de touwtjes in handen houden.

Machtsposities geven wonderbaarlijke situaties. Het overkomt je door, bijvoorbeeld, je eigen timiditeit, door de ruimte die je geeft aan het bedillerige geregel van de ander, door je onzekerheid, door het gepoch, door de rang en de stand van beiden. Iets in de trant van ‘het voetvolk en de meester’. Het aloude geven en nemen, waarbij de een altijd iets meer neemt en de ander daartoe de ruimte geeft.

Gelijkheid stond hoog in mijn vaandel. Waarom zou iemand die een studie had gedaan meer zijn dan iemand die noeste arbeid verrichtte? ‘Al was hij putjesschepper op zee’, fulmineerde ik vroeger in discussies hierover. Het werd ooit bevestigd door een wetenschapper, die zijn kinderen bij mij in de groep had en die verzuchtte hoe graag hij, net zoals ik, losser in zijn vel had willen zitten. Iedereen heeft kwaliteiten. De kunst is ze te zien.

De dag ligt open en vraagt om een theebezoek aan dochterlief. Te lang in de bubbel gezeten en nu weer tijd voor het leven er omheen. Dat is ook goed. Wat afstand zorgt ervoor, dat licht en de helderheid ruimte krijgt. Er zijn twee kaartjes verstuurd. Een voor ‘Alle dagen Valentijn’ en een droevige condoleancekaart, twee momenten op de schaal van lief en leed, zo dicht bij elkaar. Heel het leven ten voeten uit.

Een gedachte over “Ten voeten uit

Reacties zijn gesloten.