Uncategorized

Een warme oranje gloed

Het was vannacht een beestenbende. Buiten voor het raam vlogen de vleermuizen af en aan. Kleine donkere schimmen, van de spouw naar de bomen en weer terug. Mug zoemde wakker en met het licht aangeknipt werd de jacht geopend. Vervolgens kwam wesp plagen. Een nijdasserig gebrom van een kwaaie wesp, die blind tegen de muren en de ramen opvliegt was alarmfase 1. Binnen de kortste keren zaten er vier in mijn schamele optrekje, al dacht ik dat het steeds dezelfde was. Het observeren van het, zich wassende, beestje, toen ik nog dacht er met één te maken te hebben, was niet handig. Er ontstond een verhaal achter het bestaan van het dier. Ik kon niet meer voluit meppen met mijn gevouwen krant. Ze had net zorgvuldig het achterlijf schoongepoetst. Zoonlief kwam toen, op wat mijn moeder een onchristelijk tijdstip zou noemen, thuis. Een geluk bij een ongeluk.

Hij heeft geen enkele band met stekende insecten en ligt derhalve onder een klamboe  met een elektrische vliegenmepper naast het kussen. In dit geval, overvleugeld door overmacht, een laatste middel. Nu met de ramen potdicht, smoor ik in stilte. Het gebrom is opgehouden. De vliegenmepper ligt naast me. Wat de volgende stap is, is kijken waar de haard zich bevind. Er moet haast een nest in de buurt zijn. Mug heeft in de afleiding haar kans waargenomen, maar de jeuk is alweer gezakt. Muggensteken zijn peanuts vergeleken bij de dazen, die rondcirkelen boven het gemaaide gras en zich gulzig vastbijten in het bezwete lijf.

IMG_1060

Het organische paste bij het onderwerp waarover ik aan het lezen was. ‘Het boek van Jongen’ van Catherine Gilbert Murdock. Middeleeuwse toestanden in het Frankrijk van 1350. Ik volgde  de pelgrim Secundus en Jongen die bezig waren aan een spannende en lange een voettocht naar Rome. De geur en de stank schimmelden tussen de zinnen omhoog in het rumoer en gekrakeel van de grote stad, die ze aandeden. Alleen het nijdige zoemen van de wespen leidde af. Alles kon altijd nog erger en dat was een troost in deze dagen van onzekerheid, nu er machteloos moet worden toegezien op invloeden van buitenaf. De Pest hield in die dagen huis en haalde eveneens alle zekerheden onderuit. Helaas kostte het geen moeite om daar een voorstelling van te maken.

IMG_1337

Jongen bezat bijzondere gaven, die hij zelf niet zag. Gebocheld als hij was, bleek de simpele oplossing voor zijn probleem een ransel op de rug gebonden, waardoor de bochel niet langer waarneembaar was voor anderen en er voor het eerst geen beschimpingen plaats vonden. Als er een probleem is, is een oplossing nabij.

De wespen hadden eieren voor hun geld gekozen door bij het eerste licht dat de nacht in tweeën brak, de wijk te nemen naar elders. Het raam mocht weer wijd open, om met het gekoer van de twee duiven, een in de boom voor het huis en een die antwoordt verderop in de wijk, te horen verhalen over nachtelijke avonturen en hun voornemen voor de aanbrekende dag. De lucht kleurde langzaam roze, een Baker-Millerroze volgens het boek: ‘Het geheime leven van kleuren’ van Kassia At. Clair. Een kleur die, in 1979,  volgens hoogleraar Schauss, minder agressief zou maken. Baker en Miller lieten een cellenblok lichtroze verven in Seattle, waarna het geweld scheen af te nemen. In de jaren erna waren er tegenstrijdige resultaten en de toepassing van het weeë roze nam weer af.

IMG_1334

Rustgevend was het zo aan de lucht wel, zeker na de onstuimige nacht. De koele luchtstroom verdreef de muizenissen en even later had het roze plaatsgemaakt voor een warme oranje gloed.

 

 

3 gedachten over “Een warme oranje gloed

  1. Weinig nachtrust….hier een wespennest in een ventilatiespleet in de muur maar wij hebben horren. Ik weet nog niet wat we met dat wespennest moeten doen.

    Like

    1. Alsze niet binnen komen geeft het niet, maar als ze overlast veroorzaken, door op al het eten en drinken af te komen, dan zou ik toch de verdelgers laten komen, al zijn ze nuttig genoeg, die kleine nijdassen! ❤

      Geliked door 1 persoon

Reacties zijn gesloten.