Uncategorized

De literaire tuin

Gisteren kwam er een appje met de vraag of ik weer eens in de tuin wilde komen. Die heb ik inderdaad een beetje verwaarloosd deze winter. Ik had weliswaar last van het vochtige klimaat. Al die nattigheid was niet bevorderlijk. Maar het is ook de pijn om de lege kale plek, realiseerde ik me gisteren, op de verjaardag van broer. Het is de broer die eigenhandig mijn lieve oude atelier in elkaar heeft gesleuteld, waar ik zoveel jaren plezier van heb gehad. Hij helpt me nu ook weer met Jut van Juul, maar het verdriet zit hem in het gemis van dat mooie ateliertje, waarmee ik zo gelukkig was.

023

De tuin zal aan het uitbotten zijn met deze warmte. Het is niet de eerste keer dat het voorjaar te vroeg invalt. Alles wat knop heeft loopt uit en er moet gesnoeid worden. Er moet ergens in mijn hoofd ook een knop om, om die nieuwe start te kunnen maken. Volgende week, beloof ik  mezelf, dan ga ik weer eens kijken. Waar zit de knop ook alweer. De roep om een eigen toko is groot. Als het huis er staat, kan ik opnieuw beginnen de tuin naar mijn hand te zetten. Er zullen eerst wat bomen moeten worden verzaagd, voordat Jut erop gereden kan worden. Hele visioenen van een mooie tuinwagen in de sloot zijn al voorbij gekomen.

126

In Vlieland op de hotelkamer keek ik uit op de Dorpsstraat en had ik een beeld van een eigen schrijfhut. Want uiteindelijk  is meer ruimte niet nodig. Dit nieuwe atelier heeft de potentie voor beide, zowel schilderen als schrijven, wat een prachtige aanvulling zou zijn. Er komt geen bedbank meer in, maar hopelijk een smalle tafel, waar de zielenroerselen met inspiratie door het raam heen op vleugels zullen komen aanvliegen. Daar kan ik van dromen, dwars door de nachtmerries van de realiteit heen. Vandaag gaan we het plafond schuren en schilderen en zal het meer en meer mijn Jut worden. Maar die kale plek, daar op de tuin boezemt op dit moment slechts weemoed in en schrale troost. Niet treuren, want alles is vergankelijk en veranderlijk. We gaan vandaag  meters maken.

Poes Pluis vraagt hier steeds om naar buiten te mogen op het balkon en tot mijn  verbazing stonden de blauwe druiven en de narcissen al in volle bloei, verstopt achter wat winterse begroeiing. Ik heb ze in ere hersteld en ze pontificaal in het zicht gezet. Poes  zit inmiddels in mijn sokkenlade van de kleine commode. Ze heeft alle majo’s eruit gewerkt en net zo lang gedraaid en gekeerd tot ze lekker lag. Hetzelfde doet ze ook vaak met de kledingkast, kleding op de grond, poezenbeest erin. Aandacht, aandacht, geef mij aandacht.

IMG_7715.JPG

Ik hoor de eerste merels alweer. Het is half zes en ze hebben er zin in. Het is helemaal lente. Laatst vroeg ik de oude of het vervroegen van de seizoenen ook tot gevolg kan hebben dat de ijsheiligen terug zullen schuiven naar bijvoorbeeld april. Dan zou je al eerder kunnen gaan inzaaien in de kas. Hij dacht van niet, maar ik weet het nog zo net niet. Ik kom erop terug. Wie weet wat de natuur ons brengt. In ieder geval voorlopig heerlijke voorjaarswarmte om ons aan te koesteren. Dan komt de rest van zelf. Zelfs een Jut van Juul, op de vertrouwde plek tussen de appelboom van Vasalis met de wind in de wilgen in de literaire tuin.

 

 

One thought on “De literaire tuin

Comments are closed.