Uncategorized

Licht en donker, donker en licht

Pluis raspt met haar tongetje over haar mooie zilvergrijze vel. Ze stopt, inspecteert de boel zorgvuldig en raspt verder. Ze hangt als een warme kruik tegen mijn dijbeen aan. Af en toe schrikt ze op van een opvliegende vogel en kijkt licht verwilderd om zich heen of ze het beestje kan spotten. Haar staart schiet heen en weer en ze sprint naar het raam,  waar in de boom ervoor een kleine koolmees uitgebreid voedsel aan zoeken is.

23331437_10212146648321576_3497282590600964329_o.jpg

‘Bent U allergisch’ had de longarts bij het eerste onderzoekje gevraagd. Nee, gelukkig niet. Pluis en daarvoor Nemo en Vledder waren al zo lang deel van het geheel. Ik weet niet beter of er dwarrelen kattenharen rond. Katten zijn het probleem niet.

Hoe komt een mens aan longen vol stof. Ooit in dat grijze verleden werd er volop gerookt, geen leven zonder sigaret. Later werd het danig ingeperkt en stofte de werkvloer grote wolken op, waar ik 22 jaar vrijwillig kleding in heb uit lopen zoeken. Geen ventilatie, zonlicht en de dikke strepen ondoordringbare grijs en goud. Wat zit er in oude kleding. Huidschimmel, huismijt, stof voor het leven. Iedere vezel vertelt een verhaal. Het mijne werd aangevuld met onzichtbare sluippartijen naar een diepere laag. Long-epitheel verstopte zich in de herinneringen.

Ik was gewaarschuwd. Alle ooms hadden stoflongen. Ook dat was hun beroepsdeformatie geweest. Steen houwen, grafzerken uitbeitelen, het maakt het leven er niet ademvrijer op. Mondkapjes zoals de Japanners laatst in Brugge, werden nog niet verstrekt. Je was hard aan het werk, de zorgen kwamen later, als je arbeidzame leven voorbij was. Versleten knieën, heupen, longen of je hart. Ze werden geen van allen echt oud. Weet Pluis veel. Muizenissen zijn om weg te raspen denkt ze en kijkt me met haar pientere doordringende blik in.

hart van MiekeLief tweelinghart van Mieke Siemons.

De longarts keek me ook vorsend aan. Hollend in de achteruitstand gegaan, deze afgelopen jaren. Ik voelde dat zelf wel, bij iedere trap die een vesting leek. Maar enfin, de combinatie van twee onmisbare organen in het slop is misschien toch weer even iets te veel van het goede. Mijn hartlijders keken me meewarig aan. Martelaren en apostelen en het kon altijd nog erger. Ook al had niemand zekerheid, dat waren ze zich des te meer bewust.

002Loose ends

De draad van Ariadne was ik even kwijt, tijd om het begin te zoeken en verder te gaan bij waar ik gebleven was. Leven en laten leven. Alle factoren van de wereld zijn aan te voeren als oorzaak, maar niets helpt het luchtiger te kloppen. Dat moet ik doen en niemand anders. Draad dus, aanhaken en voort. De corticosteroïden worden uitgebreid met een nieuwe puf. Een voorgoed vaarwel aan de schamele resterende smaakpapillen en de reukneuzels. Er blijft nog genoeg over om mee aan de haal te gaan.

Elke ochtend ligt Pluis likkebaardend lekker op de loer ten einde kleine vogels te spotten en ‘mekkerend’ gewag te maken van haar trek. Iedere dag gebeurt er minstens één memorabel voorval dat in gedicht of tekening gestalte krijgt. Iedere ochtend trekt het licht een lange neus tegen de diepe duisternis en komt zon te pas en te onpas luister bij zetten. Iedere keer als ik de ogen open zijn er nieuwe rondes en nieuwe kansen met de volledige vrijheid om er op in te haken of niet.

Ik brei mijn dag en laat hier en daar een steek vallen, zoals het vege lijf al eerder deed. Vriendin zei pas geleden: ‘Het hoeft niet altijd positief’. Toch is het juist dat wat de balans houdt met die diepe duisternis. Licht en donker, donker en licht. Ik weet wel, waar ik het liefst mijn oog op richt.

 

2 thoughts on “Licht en donker, donker en licht

Comments are closed.