Uncategorized

Wie weet

Niet kunnen slapen, alweer niet. Maar ook niet de concentratie op kunnen brengen om te lezen. Er liggen al een paar maanden vier boeken met smart te wachten. Die smart is ingebeeld door mij, omdat het me voor een boek het ergste lijkt wat hem kan overkomen, dichtgeslagen te blijven. Geen letter die er tussen uit breekt. Het brengt me even terug naar vroeger, al langer geleden. Naar een project over sprookjes en het grote sprookjesboek dat ik gemaakt had en waar de sprookjesfiguren uit ontsnapt waren en door het bos liepen. Hoe blij zal je zijn als kind, als je daar ineens roodkapje tegenkomt, hoe angstig om oog in oog te staan met  de wolf. Het was een heerlijk verhalend ontwerp en zelfs de notenkrakerssuite kwam voorbij, omdat het kamp in de herfst was en de noten voor het oprapen lagen.

003

Een van de mooie Jenaplan principes is om het kamp aan het begin van het jaar te houden en zo een veel positievere bijdrage te leveren aan de groepsvorming en de relaties onderling. Met kamp beleefden we wilde avonturen op locaties die tegenwoordig door de kostbare financiële kant niet meer te evenaren zijn. Het Zeehuis kwam toevallig van de week ook nog even langs op Facebook. Zee en een sprookjesachtig enorm huis op het duin, met een galm in het trappenportaal, waar menig chorale naar verlangen kon. De zilte zeelucht deed de stadse bleekneusjes al gauw verdwijnen en binnen het korte tijdbestek van minder dan een week zaten er alleen nog maar echte zeeschuimmarcheerders aan tafel, die onvervaard het avontuur tegemoet togen, door bos en duin en over het koude strand. Zand in de haren, zand in de bedden, zand rond de putjes van de douche, de natte lappen aan de kapstok met de druipende laarzen eronder. Het was en bleef een feest.

002

Neptunus kon nergens zo theatraal en glorieus uit het water verrijzen als daar in Bergen en het was de plek bij uitstek om een onvervalste zeeheks tegen het lijf te lopen, of een piraat in een boom te vinden met een schatkist vol dropdukaten. Kom daar nu nog maar eens om. De aangespoelde zeemeermin op het strand werd de wind uit de zeilen genomen door een nudistenechtpaar, die er vlak naast aanstalten gingen maken om een duik te nemen in het ijskoude herfstnat, maar de pret was er niet minder om. Later op het geïmproviseerde podium in de conversatiezaal kreeg ze alle aandacht en werd ze met egards behandeld. Verhalen die op het netvlies blijven, een leven lang.

De voorpret was al een succes en kon niet meer stuk bij het zien van die gespannen of verwachtingsvolle toetjes en de de gnuivende blikken. Alles was mogelijk en het kon niet gek genoeg. Met tijden als deze, waar de lediggang zonder kind toeslaat, verlang ik er met ziel en zaligheid naar terug. Al staat de keerzijde ook in mijn geheugen gegrift. De vermoeidheid na nachten niet slapen, hanenwaken, kinderen tellen, verantwoordelijkheden prioriteit geven en daarna pas zelf aan bod komen. Dag en nacht in touw zijn en op de toppen van de mogelijkheden, die inzet volhouden tot de bus de parkeerplaats voor de school opreed.

zeeheks

Nachten wakker zijn met een reden is wat anders dan nachten doorhalen onder grote afwezigheid van een Klaas Vaak, een honderdtal schapen of een zandmannetje dat vergeet te strooien. Tijd om een nieuwe poging te wagen en misschien wel te dromen van een zeewieren heks met schelpenscheermessen als nagels. Wie weet.

 

2 thoughts on “Wie weet

Comments are closed.