Uncategorized

De herinnering blijft

Inmiddels weer een paar dagen op de vertrouwde stek,  past het huis me als een handschoen. Er worden hier en daar wat veranderingen doorgevoerd door familieleden die helpen bij het vaat wassen, het opruimen, het stofzuigen, het poetsen. Ongemerkt verdwijnen de schoonmaakmiddelen of gebruiksvoorwerpen van hun sleetse plekken af naar een nieuwe. Het is vast de talk of the day in de keukenkastjes. Er zal gemopperd of verheugd gereageerd worden door vatensponzen, kopjes, glazen en waterkannen. Ze schikken zich minzaam naar de nieuwe buurman of buurvrouw en ik vind het allemaal best.

Het is wel zaak om ruimerige zoon in de gaten te houden die ‘overbodig’ vaak rommel vindt en het een enkele reis prullenbak wil bezorgen. Er volgen dit soort discussies. ‘Nee niet weg doen.’ ‘Waarom niet je hebt er toch niets aan, je gebruikt het toch niet.’ ‘Nee, maar ik heb het daar en daar gekregen van die en die.’ ‘Maar je doet er toch niets mee.  ‘Nee, maar ik vind het mooi.’ ‘Het staat in de weg.’ ‘Maar ik heb ze lief.’ ‘Je kan niet alles bewaren.’

zandloper-van-glas-30-cm‘Niemand kookt nog met een zandloper.’

Dat laatste is een waarheid als een koe. Geen speld tussen te krijgen. Als we dat zouden doen zou in een mensenleven elk huis dichtslibben. Zoals het huis van een goede vriend, die zijn relikwieën koestert en laat verstoffen. Hij appelleert op de erfgenamen die het huis moeten ruimen. Berg je maar. Van de helft van je dierbare verzamelingen wordt een waarde anders ingeschat en dat is ieders goed recht. Daarbij wordt het leuker als bij de toevalligheid in een later leven een vergeeld schilderijtje van een grootmeester blijkt te zijn en na schoonmaak ineens 10.000 euro waard. Dat was te zien inde laatste aflevering van Kunst en Kitsch. Een vergeeld doek, de zee sepia, de bomen sepia, de mensen sepia, met aan de zijkant het oorspronkelijke blauw als belofte voor de toekomst.

‘Wie wat bewaard die heeft wat’, zei mijn oma altijd en weckte zich drie slagen in de rondte. Ze had twee oorlogen meegemaakt, dus ik begreep de ‘regeren is vooruitzien’ tactiek maar al te goed. Als de schaarste de kelderplanken leeg knijpt, er een voettocht naar de boeren moet worden ondernomen om aan een mud aardappelen te komen en de sintels van het spoor moeten worden gehaald om het warm te stoken, dan wil je wel hamsteren.

Wij hebben geen flauwe notie van wat dat inhoudt. Ik heb wel schaarste gekend. In de tijd van de vier en de werkeloosheid. Ze moesten allemaal naar school en dat kostte wat. Het ene gat vullen met het andere en de dubbeltjes omdraaien kon ik als de beste. Moeders pappot bestond uit macaroni met kaas en ham. Als de bodem van de knip leger bleek dan leeg, was er soms enkel en alleen de saus door het deegwaar. Geen probleem. Het zijn blakende kinderen geworden, net als wij, dankzij de wormstekige appeltjes van Duikkie de groenteboer in de jaren vijftig en mijn moeders inventiviteit.

In mijn kinderlijke fantasie leefde het fluitketeltje van Annie haar bestaan en kreeg betekenis. Ik schoof in mijn verbeelding alle voorwerpen op naar een leefbare wereld. Natuurlijk waren ze ‘s nachts aan het kletsen, als wij op een oor in dromenland lagen. Ze behoorden tot dezelfde orde van grootte als Pinkeltje en de vijf muizen, die hun avonturen rond de tafelpoten in het grote huis beleefden of Pinokkio in de handen van zijn geestelijke vader Guiseppe. Die niet aflatende kinderlijke fantasie, heilzaam bij gebrek aan kant en klaar, gevoed. Groots en meeslepend! Het keteltje fluit niet langer hier in huis. Er is een mooie rode stomende KitchenAid waterkoker voor gekomen.

Ergens in een kast verstoft mijn lieve blauwe keteltje. Als ik per ongeluk de deur open, kijkt ze me licht verwijtend aan. Ze mag nog even betijen en daarna plaats maken. De herinnering blijft.

One thought on “De herinnering blijft

Comments are closed.