Uncategorized

Het onvolprezen kinderboek!

Al sinds ik kon lezen ben ik een lettervreter. Zo noemden ze de mensen die urenlang in een boek konden verdwijnen om dan een beetje wereldvreemd eruit op te duiken. Zo’n boek las je onder de tafel achter de veiligheid van het rode pluche, dat je aan het oog onttrok van theeënde visite of in bed met een kleine zaklamp onder de dekens, omdat broerlief om de haverklap het licht van de zolder uit deed. ‘Ga slapen’ klonk het dan door de verstilde nacht.

009

Op de K.L.O.S leerde ik Paul van Ostaijen kennen. Dat was dankzij een of ander cabaretstuk over de Singer naaimachine. De uitvoerende theatergroep ben ik kwijtgeraakt maar het stuk is me altijd bijgebleven. Hoe je de letters, woorden en klanken breien kan tot een comfortabel pak, dat iedereen past. ‘De singernaaimachine, de si si si singernaaimachine’ en zocht ik naar de bundels en alle informatie die ik krijgen kon over deze grootheid in de kunst van Letter, Woord en Klank. Dat was destijds geen sinecure, want daar moest ik heel wat bibliotheken voor afstruinen, omdat het niet tot de standaarduitrusting behoorde.

Eenmaal eindelijk in het bezit van De Bezette Stad vond ik rust. Hier had ik de schoonheid van het woord onder handbereik. Heel veel jaren later was er een verzamelbundel van Ostaijen. Zijn kinderboek: ‘Marc begroet ’s morgens de dingen’ is een van die geheimen, die rechtstreeks de harten van de kinderen in huppelt. Daar een ochtend mee beginnen in de groep en de dag kan niet meer stuk. Het is de kunst om de juiste verbinding te leggen.

Er zijn nog twee grootmeesters van woord en vorm. Dat zijn de Amerikaanse grafisch ontwerper Paul Rand en Ann Rand, zijn vrouw. Ze gaven een reeks van vier kinderboeken uit. Paul verzorgde de illustraties en Ann schreef er de teksten onder. Grappig, kleurrijk en het kind op de huid geschreven.

MAKI:minimag I know a lot of things 1

Het meest aandoenlijk vind ik het bundeltje: ‘I know a lot of things’. Een waarheid als een koe. Als kind leer je er iedere dag weer tientallen begrippen bij en als je die aan het benoemen slaat, kan je niet anders dan trots zijn op hetgeen je geleerd hebt. Daarom is dit zo’n ijzersterk boek. Het zet het kind in de kwaliteit en dicht het kind letterlijk waarde toe. Het is het glas half vol. ‘Kijk eens, dit kan ik al’. Een beetje pochen mag best, als de wereld zich met elke stap vergroot.  Zo simpel is het om het geloof van een kind in zichzelf te sterken. Door het van jongsaf aan te leren waar het goed in is, zonder zich er op voor te laten staan. Anders wordt het een strijd, die zo mooi verwoord is in een oud lied, dat ik bij tijd en wijle nog altijd zing in de groep. ‘Alles wat jij kan kan ik lekker beter, alles wat jij kan, kan ik beter dan jou.’

De oorspronkelijke tekst komt uit ‘Annie Get Your Gun’ en heet oorspronkelijk  ‘Anything you can do’. Het is gecomponeerd door Irving Berlin in 1946 voor de Broadway Musical. Knoop er een filosofieles aan vast en je hebt een en ander weer in balans gebracht. Zo werkt dat. Je geeft iets aan, maar niet zonder dat weer binnen de kaders te plaatsen, anders mist het de juiste uitwerking.

Illustratie uit Sparkle and Spin.

De andere titels van de kinderboeken van het Amerikaanse duo spreken voor zich en zijn achtereenvolgens: Sparkle and Spin, Little 1 and Listen, Listen. Stuk voor stuk laten ze het kind groeien. Dat is waar de kiem van lezen wordt gelegd. Bij het onvolprezen kinderboek, die precies de vinger legt op de didact, de pedagoog, de filosoof, de denker, de technicus, de vormgever, de woordkunstenaar en de wetenschapper in het kind.