Uncategorized

Le jour, c’est la vie des êtres, mais la nuit, c’est la vie des choses.

032

Het citaat is van Alphonso Daudet. De prachtige aquarellen in het dagboek zijn van Lizzie Napoli en ik schilderde ze in die vakantie allemaal na. De bloemen zijn onderweg geplukt, zorgvuldig gedroogd en ingeplakt.  Er was destijds, bij hoge uitzondering, een zee van tijd, inderdaad ‘een dag van zijn’.

Ik ben benieuwd wat monsieur Daudet gemiddeld in de nacht verkoos. Ik stel me voor dat hij dan tot schrijven kwam. Mijn woorden vallen in de vroege ochtend binnen. Ze glijden over het kussen en draaien om het hoofd, dat onrustig wakker begint te worden, af en toe duikt er een naar binnen en roert zich en wentelt net zo lang tot het genesteld is en het verhaal zich ontspint. Inspiratie haal je uit de dag, de nachten zijn voor de associaties en het uitspinnen. Ik spin wat af!

De dag is er voor intervallen en de opborrelende fantasie, die als een gloeilamp aanslaat en zich verspreidt. Niet de vraag ‘hoe’ maar ‘de manier waarop’ telt. Gisteren had ik een verrassing voor de kleinzonen bedacht. We zouden naar Mees Kees langs de lijn, een film naar de boeken van Mirjam van Oldenhave, maar er zat nog minstens een uur overbrugging tussen. Het was zo’n heerlijke bewuste dag, ‘Un jour d’être’ en de stemming zat er al gauw in toen ik in raadsels de verrassing aanbood. De tocht er naar toe was minstens zo spannend als de ontknoping en de film een schot in de roos.

Met het stoffige zaaltje, waar het zich afspeelde en de verwachtingsvolle glimmende ogen van de jongens moest ik aan mijn eigen magische moment denken dat het witte doek zich voor het eerst met beelden vulde uit die ratelende machine naast mijn oor. Het spannende donker, het filmapparaat in het gangpad, het geroezemoes van kinderstemmen om me heen. Het was zondagmiddag in het jeugdhonk van het oude klooster waar de nonnen hun sporen hadden nagelaten. Op deze gewijde grond breidde mijn kleine kinderwereld zich uit met die bewegende beelden, die in veelheid net zo vormend zouden worden als de boeken, de muziek en de natuur. De schepper was mijn vader, die het apparaat bediende en in witte hemdsmouwen, hoog uittorenend  boven het  grut, kon toveren tot we ademloos tegen het verhaal aangeleund zaten en woordeloos mee bewogen met The little Rascals.

De ontlading erna, met daglicht dat altijd scheller was omdat het zicht zich net als de geest vanuit die diepe duisternis moest herstellen, werd ondergedompeld met buitenspel en het leven van alledag. Maar in de nacht, die stille nacht, rolde de hele film zich achter mijn ogen af en buitelden de kinderen over elkaar heen in een spannende achtervolging door de gevestigde orde. We ontsnapten, ik was een van hen, maar ternauwernood, waarbij ik van de angst wakker schrok en stijf rechtop in bed zat met trouwe beer naast me, die me stilzwijgend begreep. Dan begon het woelen en draaien weer. In de nacht, die duistere nacht kon alles, begreep ik en zodra het in mijn vermogen lag bande ik de duisternis, omdat de dromen ingrijpender werden naarmate de beelden in mijn hoofd zich vermeerderden.

Le jour c’est la vie des êtres, mais la nuit, c’est la vie des choses als je wakker blijft, want zodra je je ogen dicht doet, speelt het leven haar eigen glansrol in mogelijkheden en onmogelijkheden en wordt het kleinste onbeduidende theelepeltje levensgroot  binnengevoerd  om met het onbuigzame staal de strijd aan te gaan, te voet en te zwaard, met het kind in mij dat weer ontwaakt en vlucht in de schrijver van de nacht .

Bewaren

Bewaren

One thought on “Le jour, c’est la vie des êtres, mais la nuit, c’est la vie des choses.

Comments are closed.