Twee mooie dromen, een over vijf en zeven van iets, vraag me niet wat, mijn oude wiskunde leraar wilde ik het niet vragen, maar wel aan mijn oude schoolhoofd/annex geschiedenisleraar en een droom over mijn, dit jaar overleden, schoonzusje. Wat had ze grappig punkie haar, donkergroen en fluorgroen, mijn broer was erbij en die ging uit zwemmen, zodat ik uit de golf die onze spullen had overspoeld, de zijne kon vissen, een petje en een portemonnee. Weg golf en geen idee waar broer gebleven was.
Daarna een kalm ontbijt en op pad om de tramrit te gaan maken. Mooie stad, dat Debrecen. De hoeveelheid groen valt op, parken, bossen of grote tuinen om gebouwen heen, een aangename drukte, er kwam na twee haltes een zitplaats vrij. We reden mee tot het eindpunt bij de universiteit en daarna terug tot het andere eindpunt bij het treinstation. Daar zochten we de route voor het modern art museum, dat bleek vlakbij het hotel te zijn. Dus nog een stuk mee met de tram tot halverwege en in een kalme pas naar het museum. Op dinsdag en donderdag, legde een van de mannen daar omstandig uit, zou het pas om 13.00 uur open zijn en hij gaf daarbij direct een handleiding hoe bij een soort VVV te komen, maar we hadden het Oudheidkundig museum vlakbij al op het oog. Een prachtig gebouw aan een statig park, met beelden te over.

Geen verkeerde keuze bleek al gauw. Van het stenen tijdperk, via Egypte en Japan naar het heden. Duidelijke instructies via audio en beschrijvingen erbij in het Hongaars of Engels en, hoe kan het anders, ook hier suppoosten die alles nauwlettend in de gaten hielden. Geen vuil vingerwerk op de schone vitrines. Haha.
Vooral Japan sprong eruit, vond ik, zoveel mooie en herkenbare voorbeelden met de overbekende traditionele Japanse Geisha-Maiko-kunst op de muren geprojecteerd en prachtige kimono’s in de vitrines.
Er viel ook een aantal doeken van Hongaarse schilders te bewonderen van 1600 tot halverwege de vorige eeuw, helaas allemaal mannen, en daarna ook nog de traditionele klederdrachten van de dames, voor mij, als danser van een Hongaarse choreografie, bijzonder interessant.
De laatste zaal met opgezette dieren en de natuur van Hongarije kon er niet meer in, het hoofd zat vol met alle indrukken. Er viel genoeg te verwerken. We verlieten het gebouw en kwamen even bij in het museumpark, in de lommerrijke schaduw van een eeuwenoude boom. Alle twee hadden we hetzelfde idee. Een restaurantje gaan zoeken, daar een fijne maaltijd uit te kiezen en aan het eind van de middag op het hotel aan, om bij te komen van de vermoeienissen. Dat hadden we gisteren eveneens gedaan en was ons uitstekend bevallen. Morgen stond een koetstocht over de Poesta op het program en dat was iets om uitgerust aan te beginnen, want het zou enerverend genoeg zijn.
Loom en rozig kwamen we rond een uur of half vijf op de kamer aan. Één activiteit per dag was meer dan voldoende. Zo werd de energie in goede banen geleid. Terugkijken op de mooie beelden, waarmee we al het schoons hadden vastgelegd en nogmaals genieten in de avondzon die in de kamer scheen. Lief op balkon en ik zittend op bed om verslag te doen. We boffen maar.

















Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.