Vanmorgen bijtijds de boodschappen. Naast de gebruikelijke kruidenierswaren moesten er haken komen voor ons nieuwe rek boven de inductieplaat en een dikkere tonkinstok, een muizenval waarin muis het overleeft en een kettingzaag, handzaam, dus niet zo’n lang geval en veilig, slaat af zodra je hem niet gebruikt. Bovendien van een goed merk, waar ook de onhoorbare bosmaaier van is. (Ja, echt, die bestaan.)
Bij de Praktiker die verdraaid veel lijkt op zijn Hollandse zusjes slagen we glansrijk, wat betreft de eerste reeks, maar voor de zaag moeten we naar de specialist van het merk. We krijgen een prachtig wit met oranje exemplaar mee, de jongen blij, wij blij en de baas van de winkel zo mogelijk nog blijer. Onderweg zag ik met een lodderoog de bomenpracht tussen de weilanden, een rijk palet aan herfstkleuren. Helaas kon ik nergens een foto maken, maar tjonge. Natuur op haar best hoor.
Thuis werd er eerst een studie gemaakt van de val. Het is te hopen dat muis er niet aan het begin van de nacht intuint, want als we dan na acht uur het beestje zouden willen bevrijden, dan hoeft het al niet meer, zijn we bang.
Ik moet denken aan het versje/tikspel dat ik met de kinderen van de groep altijd deed en waar ze de grootste lol bij hadden: We zitten in een kring. Muis verstopt zich, poes staat bij mij. Poes roept samen met de kinderen: ‘Muisje, muisje, waar zit je’, Muis antwoordt: ‘In een donker hoekje’ P: ‘Wat doe je daar’ M:’Boter en kaas snoepen’ P: ‘Mag ik mee snoepen’ M: ‘Alleen als je me krijgen kunt’, waarop het muisje hard begint te rennen, als ze een voorsprong heeft laat ik de poes pas vrij. Hilarisch spel, heerlijk om de spanning van de gezichten af te lezen

We zetten de val neer op hoop van zegen en weten al dat we het arme dier achter in het maisveld van buurman zullen zetten, ruim een kilometer weg van huis. Daar is eten in overvloed en kan ze een beetje bijkomen, als ze inmiddels niet verhongerd is. Gisteren balanceerde ze op de snoeren van de apparaten bij de spiegel in de keuken. Lief kon het staartje grijpen, maar één snoer zat vast aan een boxje, die vervolgens op zijn hoofd belandde en zorgde voor onbetamelijke kreten wat tevens de bevrijding betekende voor veldmuis, die met een zwieper vrij kwam. Dat het er zo een was staat buiten kijf. Als je het eenmaal weet, komt de veldmuis in het beukenbos eveneens onmiddellijk langs, die op een fietsje ging zitten met zijn opgetrokken pootjes, maar wiens overmoedig gedrag ervoor zorgde dat zijn staartje tussen het wiel geklemd zat, toen hij van de berghelling afroetste. Ga er maar aanstaan. Zo’n lieverd valt met geen mogelijkheid ‘om te brengen’. ‘Watjes’ schreef ik ooit al eens, dat zijn we geworden.
En toen was er post. Geschreven postzegel en een foutje in het adres, dus ietsje later dan Lief zijn verjaardag, maar met liefde verstuurd en met een warm hart ontvangen. Ieder van het gezin had er wat opgeschreven, de filosoof en tante Pollewop incluis. Zo heerlijk als er wat uit de postbus komt.
Gisteren ben ik zo’n twee uur naar de Datsja gegaan. Deels om de zon te snuiven, die er nog even lekker warm was en om weer een eerste opzet te maken van het een of ander. Lang kan dat niet want het wordt er al snel weer donker. Wel vink en koolmees gespot en in het bos een specht.
Ziezo alles hangt wat kan hangen, leve de bamboe-stokjes. ‘Het wordt nog eens een echte keuken’, zei Lief. Absoluut.
Toffe vrolijke keuken hebben jullie!
En nu duimen dat heer muis snel terug de vrijheid krijgt van het buitenleven. Wat zo’n piepklein beestje niet al kan veroorzaken…. Arme lief met dat doosje op zijn kop….
LikeLike
Tom en Jerry taferelen daar. Succes met de oplossing.
Post is altijd heerlijk om te krijgen.
LikeLike