Uncategorized

Doodgewoon en toch zo bijzonder

Strak in de planning was ik om half twee op de tuin bij de ronde tafels voor een vergadering over de aankleding van het oogstfeest. Het beloofde een uitstekend feest te worden met twee taartenbakkende vrouwen, die de oogst van dit seizoen wilden verwerken met kweeperen, appels, pruimen, wortels en pompoen, de biologische drank en muntthee vers van het land. Er moest nog een kinderactiviteit bedacht worden. Katoenen vlaggetjes, bamboo en kartonnen bordjes.  Een oogstdeeldag. Wat een heerlijk vooruitzicht.

De andere planning was minder strak, want ik had tegen dochterlief gezegd dat ik een half uur eerder klaar zou zijn met vergaderen. De grond in de tuin was te vochtig en viel er niets anders te doen dan te wachten in het atelier.We besloten om naar huis te gaan, maar kleinzoon had hele andere ideeen . Dus zette ik hem bij mij in de auto en gingen we met z’n tweeën op stap. Naar het Julianapark was zijn grootste wens. In de auto namen we het stappenplan door. Eerst spelen in de speeltuin, dan een lekker natuurijsje en daarna langs de dieren. Hij vond het goed dat hij  naar het park ging, want dan kon hij zijn energie kwijt, anders zou hij maar stuiterballen, legde de kruimel van vijf mij uit. Inwendig bestierde ik het van het lachen, maar met een uitgestreken gezicht vroeg ik of hij dan nooit stuiterde. ‘Nee, nooit’ beweerde hij.

IMG_0136

Spelen in het Julianapark betekende eerst op de beer klimmen. De oude beer, die nog ouder was dan ik. Hij had nog steeds een karper onder zijn poten. Daarna moest er wel rekening gehouden worden met de kleintjes die met zanderige toetjes ook de glijbaan opwilden. Maar ook met het jongetje dat zijn onvermogen uitkrijste, schel en doordringend en af en toe hartverscheurend huilde, als hij weer eens niet begreep, waarom hij iets niet mocht Zijn vader had de handen vol aan hem en volgde hem met argusogen.Hoe leg je een kind uit dat de woedeaanvallen een andere oorzaak hadden.

IMG_0143

De schommel, de brede glijbaan, de takel voor het zand, de tol, alles werd uitgeprobeerd en ik moest duwen. Toen hij zelf ook rondtolde, werd het tijd voor dat heerlijke ijsje. Al genietend liepen we richting dieren. De pauw zag er verfomfaaid uit. Het was een mannetje, maar hij had zijn verenpracht verloren. We zongen pauw pauw pauw steek je veren uit, maar hij keek ons misprijzend aan. Geen wonder. Ze waren in de rui. Even later kwamen we nog twee armzalige kale pauwen tegen en een vrouwtje. Volgend voorjaar zouden de veren weer aangegroeid zijn, net op tijd om de vrouwtjes te imponeren.

IMG_0153

In de volières ontdekten we de kip met de wintersokken, kwartels, kleine zebravinkjes. Ze waren de hokken aan het opknappen en weer nieuw leven aan het inblazen. De reeën werden ondanks de vele waarschuwingsborden, toch gevoerd door kinderen met hun ouders. Soms blad, maar vaker gelukkig onschuldige eikels, die ze kraakten tussen de sterke tanden. Ze spuugden de schilletjes weer uit met een mummelbekkie en het was een koddig gezicht. Er stonden meerdere grote eiken rond het park met hun kruinen boven de weide. Voedsel was er te over.

joop en coenBroers in het park ca 1943

Het varken lag loom en lui languit te soezen in het zonnetje. Zo wandelden we de dierenweide rond. Dit Julianapark was al decennia de onvolprezen thuishave voor alle generaties binnen onze familie. Een heerlijke plek voor jong en oud. Als afscheid filterde ze het zonlicht zacht door haar oude bomen. ‘Tot de volgende keer’, ruiste het door het groene gebladerte. Er doorheen klonk kleinzoon zijn hoge kinderstem, die ratelde over alle avonturenvan deze dag. Doodgewoon en toch zo bijzonder.

5 gedachten over “Doodgewoon en toch zo bijzonder

Reacties zijn gesloten.