Uncategorized

Als je er bij stil staat

Iedere keer als mijn lieve vriend uit Washington zegt wat hij meeneemt voor zijn dierbare thuisblijvers, wordt ik alleen al verliefd op het woord en nog meer op de manier waarop het uitgesproken wordt. Met zijn sonore timbre laat hij me weten ‘stropwaffels’ mee te nemen. De aanzet van het woord is rond in navolging van de o-klank, de waffels dragen een belofte aan hemelse zoetigheid met zich mee, waarbij de a het midden houdt tussen o en a. Op die manier wil ik wel honderd keer ‘stropwaffels’ eten. De oude probeert er een juiste uitspraak van te maken, maar het komt niet overeen met de smeuïgheid. Als de nadruk wordt gelegd op stroop krijgt het een calvinistische bijsmaak en is de zoetigheid verdwenen.

Wine gums van Bassett`s Winegums van Basset’s.

Niets is leuker om , als je Nederland gewend bent en weer terug gaat naar je land, de eigenaardigheden mee te tronen. Voor de vriend is dat winegums, want hij heeft ook lang in Londen gezeten en stropwaffels. De blik alleen al is hemels bij de herinnering aan de smaak en zeker als je het binnen de eigen landsgrenzen onbegrensd kan smikkelen. Smaken laten zich dat maar een keer zeggen en vergroten uit tot engeltjes die over de tong zweven. Vriend heeft gelijk en de oude natuurlijk ook, maar we gaan niet aan puriteins Nederlands doen als dat de smaak bederft. Zelfs drop klinkt koddig in het jargon van de vriend.

scannen0034      scannen0031

Herinnering: 18 jaar geleden liepen we door New York. De Twintowers stonden nog gebroederlijk naast elkaar en ik schoot foto’s van een bruid die daar de achtergrond voor de bruidsreportage van maakte. Eekhoorns draaiden als duiven om ons heen en de zwervers hadden op gemiddeld bijna elke bank in het park hun thuis gemaakt met plastic zakken en een goed gevulde vuilnisbak in de buurt. De oudjes in de drukke stad werden voortgeduwd door Nannies, jonge vrolijke meiden die samen uit wandelen gingen, twee oudjes in de rolstoel ervoor. Alsof ze met de babies rond dartelden. De gesprekken gingen dan ook over de hoofden heen. Nooit zal me dat overkomen, beloofde ik mezelf, in de bloei van mijn leven en met jeugdige overmoed. In een van de drukke winkelstraten viel een klein winkeltje in het oog. Het was een dropwinkel. Voor tien gulden, destijds nog, konden we een ons drop kopen. Wow, hoe kwam ik als fervent liefhebber aan die mazzel. Hoe duur betaald ook, een ons werd van mij.  De smaak werd er door versterkt, ook al haalde het bij lange na niet mijn lievelingssoort drop: Zacht en groot. Pinpassen of Klene’s grote om maar een zijstraat te nemen. Dit waren harde kokindjes en munten, maar hé, drop.

Stroopwafels

Bij de vriend ligt het anders. Hij is in den vreemde verliefd geworden op de lokale lekkernij en dat moet mee, omdat het niet te krijgen is in NY. Het gesprek ontspint zich op het moment dat we ons te goed doen aan pannenkoeken, die andere heerlijkheid van eigen bodem. Weliswaar met een Italiaans tintje voor mij met de mozzarella en de rucola, maar de mannen gaan over op de ouderwetse variatie met spek en stroop. We spoelen het weg met een witte wijn omdat de rode op is, vanwege de drukte van de kanaaltrots afgelopen weekend. Dat  kan alleen hier, waar de oude contouren van de kelders zich weerspiegelen in het water en de zon bleekjes doorbreekt op de dun bevolkte terrassen. Binnen is het warm, geen muziek, jonge studenten en een muntkelder met lekkernijen. De wijn vloeit rijkelijk en de stropwaffels dragen het gesprek. Met vriend en de oude en de enige echte lekkernijen. Het is goed toeven, als je er bij stil staat.

One thought on “Als je er bij stil staat

Comments are closed.