Uncategorized

De vrouw in mij

Gisteren ben ik begonnen met mijzelf te ontleden. De vrouwen in mij te zoeken, die zich gevoed hebben aan het leven vanaf het allerprilste begin van mijn ontstaan. De dochter en het kind in mij, de zus, de vriendin, de puber. De focus lag op mijn eigen innerlijke beleving van deze vrouwen, het vermoeide groter worden, volwassenheid in al haar facetten, daar waar je als kind eigenlijk nog niet wil zijn en tegelijkertijd naar verlangt. Het dualisme dat kenmerkend is voor de strijd die het leverde. Onbevangen kind zijn was destijds geen vanzelfsprekendheid en nooit, denk ik. De worsteling met mijn zelfbeeld stopte niet, maar vervormde, werd zachter en met de kinderen vloeide de opstandigheid uiteindelijk voor een deel weg, maar nooit helemaal.

008

De geliefde wilde niet anders dan gedragen worden en bleef bereid zich over te geven aan alles wat daar voor stond, de roze bril bracht hartstocht en passie en hunkerde naar geborgenheid en liefde. Dat er een keerzijde aan de medaille zat, werd met schade en schande duidelijk. Liefde laat zich niet dwingen en ook niet in een keurslijf stoppen. Liefde vloeit en vraagt, zoekt en zucht, vecht en vloekt. Het gras bij de buren leek altijd groener. Hoe hou je het gevoel in stand als je de ware liefde in hoedanigheid niet herkend. Stuntelige geliefde, onzekere echtgenoot en altijd op zoek naar het ongrijpbare. Liefde voor jezelf, voor wie je was, voor wie je bent, voor wie je straks zal zijn.

006

De moeder in mij was er een van oer. Het gevoel was er, de ruimte moest bevochten worden, maar duwde alle vrouwen in mij opzij. De moeder was de zorgzame, de onvoorwaardelijke, de trotse. Het bracht vreugde en houvast, een rode draad die het leven verbond met het kind en de oude vrouw. Koesterend, beschermend, kinderen vlogen uit en vonden hun eigen bestaan. Stil aan, toen het leven haar wending nam en de moeder een basis, een veilige haven, een ijkpunt werd, kwam de denker weer naar voren en schoof de moeder op haar plek in de keten.

IMG_8937

De zorgzame zat er al in toen ik voor het onderwijs, de verpleging en later weer het onderwijs koos. Ik schoot heen en weer tussen empathie en sentiment en snapte nog niet veel van leven en de dood, maar lijden trof me recht in het hart en , net als ikzelf, de underdog, de kleine man en vrouw, de onbeholpene, de ‘klauwende idioot in bad’ van Vasalis, die het niet alleen kon, afhankelijk was en bescherming nodig had. Dat. Een deel van wat ik zelf was geweest en nog, herkenbaar. Ruimte geven in al haar facetten om  te kunnen groeien tot op grote hoogte binnen de mogelijkheden. Te pas en te onpas.

Weer werd ik zus, maar meer dan ooit betrokken bij de anderen, in balans met de noden en de liefde en de hunkering naar dat deel van de moeder in ons meer nog dan de vader. Het voelt als één, zo verschillend en zo vanuit dezelfde basis, zo aanvullend en zo heel.

094

Het leven balde zich samen in schrijfsels, gedichten, dans, drama en schilderen, kreeg vorm, werd bewuster. De schepper, de denker, de vernieuwer, de wegbereider, de visionair werden stilaan verwezenlijkt in het kleine leven. De woorden, de penseelvoering, het verstillen, het genieten, het zijn en het vinden van nieuwe wegen, uitlaatklep voor ervaring en herinnering, voor ontlading, voor balans, voor het nu. Het kind in mij naast de oude, de onbevangene naast de wijze, de empathische naast de sentimentele, de dromer naast de realist. Bovenal de vrouw in mij.

One thought on “De vrouw in mij

Comments are closed.