Uncategorized

Een leven lang.

Verslagen schrijven is in het hoofd van het kind kruipen en daar twee uur lang vertoeven. Opmerkelijk wat van een heel jaar is blijven hangen. Een oogopslag, een kleine grijns, een onzekerheid, wat bravoure, de liefde voor iets, de bewogenheid die vriendschap echt maakt.

Het kompas.

Soms schrijf je in tegenstrijdigheden, zijn er zwijgende getuigenissen van het niet doorgronden, waar andere kwaliteiten juist wel uit de verf komen. Het vergt zorgvuldigheid. Het gekozen woord gaat een leven lang mee, sterker nog, legt waarschijnlijk de kiem voor het kompas, waar het kind op kan varen. Dat brengt verantwoordelijkheid met zich mee, bedachtzaam rondwaren in dat hoofd, laveren tussen beweegredenen en een eigen mening, indruk, aanname wegpoetsen. Verslagen vragen om uiterste concentratie. Na twee verslagen geschreven te hebben is de koek op. Het hoofd moet leeg, lekker uitwaaien in de frisse buitenwind en ruimte maken voor een nieuw kind.

Dat die verslagen een keer per jaar een feit zijn zorgt ervoor dat het hele jaar op het ontdekken en doorgronden de focus ligt. Het verandert de insteek van een observatie. Je blijft altijd op zoek naar de kern.

In de zesde klas van onze oude lagere school kreeg ik een psychologische test. In het verslag over de bevindingen  werd uitvoerig beschreven wie ik was en waar ik voor moest waken, of mijn ouders althans, om de opvoeding te laten slagen. Er werden een aantal etiketten opgeplakt, waaraan mijn toekomst kleefde en ik wist er niets van.  Aan de hand van het verslag werd een schoolkeuze gemaakt en dat zette de ondertoon.

Jaren lang heb ik geprobeerd langs verschillende omwegen de stempels van me af te krabben. Uiteindelijk is het me gelukt, maar gevrijwaard van onzekerheid ben ik niet. Het is iets wezenlijk anders om aan een mening handen en voeten te moeten geven, dan zelf de mening te mogen vormen. Daar ligt het verschil.

 Kinderen kunnen veel meer dan we denken. Als we filosoferen met de hele groep, dan zijn ze vrij van denken. Ze worden niet beïnvloed door wetenschap of techniek, het hoofd is leeg en alleen met de vraag bezig. Ze slaan automatisch aan het beredeneren en het levert juweeltjes van uitspraken op.

Tijdens een van die lessen, alweer wat jaren geleden, waren we aan het terugdenken in de tijd. Kind, ouder, opa en oma. Hoe zijn die opa en oma er dan gekomen was een vraag. Daar kraakten de hersentjes weer. ‘Iedereen heeft een papa en mama natuurlijk’ zei een kleine pragmaticus. Dat was het bevrijdende woord en we duikelden pardoes in de bet-bet-bet-bet-bet-bet overgrootvaders en moeders. De stok wees het aan op de tijdlijn, steeds gemiddeld 60 jaar terug, tot in de middeleeuwen. Ineens waren we tijd aan het vertalen naar een begrip dat binnen het voorstellingsvermogen lag. Waarop er moeiteloos over werd gestapt naar Grootvaders klok en de wolf met de zeven geitjes. Want als je vrij bent van vooroordelen is het associëren boeiend en levert het heerlijke nieuwe mogelijkheden op.

Zonder methode mag je je laten meevoeren op de stroom van gedachten die zich aandienen. Een onderwerp schiet van de fantasiewereld naar de realiteit en weer terug en allen willen helpen om het naadje van de kous te vinden. Die betrokkenheid tekent het welbevinden en dat welbevinden is de basis voor de kwaliteit van leren. Dat wordt geboekstaafd en is terug te zien. Een leven lang.

Een gedachte over “Een leven lang.

Reacties zijn gesloten.