Uncategorized

Piekeraars.

Het is 1.45 uur, elk normaal mens slaapt om die tijd. Ik kan de slaap niet vatten. Er dwalen piekeraars door mijn hoofd. Ze hebben zich verschanst achter een kleine opmerking of waarneming, miniem, nauwelijks opgemerkt. Ze zijn zich dieper en dieper gaan roeren in dat brein en hebben zich verankerd achter rafels verleden. Vandaar uit gaan ze te werk en zorgen ervoor dat er een onbestendig gevoel rond waart.

Het voelt niet fijn, want met geen mogelijkheid kan ik het daarboven stil leggen of sussen. Het blijft doorgaan, terwijl mijn moede hoofd schreeuwt om een diepe droomloze slaap. Zodra ik mijn ogen dicht doe, zwellen ze aan en eisen het bewustzijn op. Ze blazen zichzelf op tot abnormale proporties en zetten alle zeilen bij, zodat wegzakken in het oneindige rustgevende niets niet meer aan de orde kan komen.

004

Het hartgrondige gapen duidt op slaap, evenals de vermoeide prikkende ogen, waarbij ik het gevoel heb dat er bakken met zand zijn ingestrooid door wat vroeger zo’n trouwe vriend was. Het vriendelijke zandmannetje van de maan, die me in zijn sprookjes liet geloven en die die veilige kinderwereld de overhand liet nemen op de werkelijkheid. Nu prikt het teveel aan zand vermoeidheid.

Ik had weliswaar veel, maar leuk, hooi op mijn vork op het werk en was laat klaar. Echter niets om wakker van te liggen. Een klein beetje achterstallig onderhoud wat morgen weer in te halen valt. De grote boosdoeners zijn een aantal zaken, die om me heen gebeuren en waar ik geen vat op heb, die me onrustig maken. Kleine rinkelende alarmbellen die moederinstincten wakker schudden en blijven pratten. Warme koffie doet misschien wonderen.

Lezen lukt niet, want de letters dansen. Poes is al even onrustig en kruipt ten leste weg onder de sprei, waar ze krabbelt en trekt tot ze zich een veilig holletje heeft geschurkt en eindelijk ligt te spinnen. Ik denk aan uil van Arnold Lobel die tranenthee zet om te kunnen huilen en zo zijn verdriet weg drinkt. Ik denk aan ‘Pack up your troubles in your old kit bag and smile, smile, smile’. Zorgen die weggelachen worden door ze diep weg te stoppen, te verdringen eigenlijk en ik vraag me af, waar ik die old kit bag verstopt heb.

Liza Minelli met haar ‘Cabaret’ scheurt er dwars door heen en wenkt aanlokkelijk: ‘What could permitting some prophet of doom, To wipe every smile away, Life is a cabaret, old chum. So come to the cabaret’. Vroeger zei men: ‘Geen zorgen voor de dag van morgen’ en eigenlijk weet ik dat er overal een kern van waarheid in zit.

De koffie is op, een uur is voorbij. Er blijft nog genoeg over om de verloren tijd in te halen. Met het verstand op nul, de piekeraars veilig toegestopt en leeg geschreven, duik ik weer onder. Wie weet.

Bewaren