Nu Lief de druif heeft aangepakt en haar jarenoude tronken prachtig in het zicht komen, als oude hagedissen, valt het licht door de keukenramen. Het verhult niet langer, zoals het zomers gebladerte wel deed. Ragfijne draden verweven tot een filigrain, een sluier in de hoeken, van blad tot blad van de kamerplant, van hendel tot muur, hier en daar dikker naarmate het spinnetje groter is. We leven buiten, dat is nu goed te zien. Spinnen zijn hoogst nuttig, zeker in een keuken. Niet in de soep maar in de hoeken, zoals elders in het oude huis met de hoge plafonds.
Eens in de zoveel tijd gaat de bezem er door en zeker nu, als het licht onbarmhartig binnenvalt met de laatste zonnestralen mee. Stofjes dwarrelen op, de roep om de stofzuiger. Ze krijgen altijd de gelegenheid om te rennen voor hun leven, want ‘watjes’ zijn we, maar een paar keer per jaar en zeker zo vlak voor de winter als het huis weer een poosje tot zichzelf mag komen, is er ruimte voor schoonmaak, zoals Lief het land opschoont.
Tijdens mijn schoolperiode was de herfst bij uitstek de gelegenheid om op pad te gaan en een rondje rond de aangrenzende flats te maken. Er stonden van die saaie gemeentestruiken voor, die tijdens dit jaargetijde ineens een bron van leven herbergden. Met de speurneuzen op en met een loep in de zak, een briefje bij de hand om te turven, vonden we de prachtige webben van de kruisspinnen. Lekkere grote dikkerds met hun naamdragers op de rug. Ze werden steeds opnieuw met gejuich gevonden. Turven, tellen en kijken hoe ingenieus het web was.
De aanleiding was in negen van de tien gevallen een dikkerdje die een verkeerde afslag had genomen en in de vroege ochtend in de droge wasbak terecht was gekomen bij het aanrechtje in de klas. Steevast leidde dat tot luid griezelende ouders, ‘Eek, kijk zo’n engerd’, waarbij ik me haastte om het tegendeel te beweren. Als tegenpool voor het angst kweken, zoals zij dat deden, schitterde ik als held door hem of haar met blote handen te vangen en naar buiten te zetten. De kinderen in mijn groep waren zelden bang voor wriemelend grut. We vingen ze in de observatiepotjes en bekeken ze uitgebreid. Hoeveel poten, waar zit zijn mond en de ogen, er zit haar op, waar komt die draad dan vandaan. Dat laatste leidde tot het experiment met de emmer zand en de stok. Die zet je op een halve meter afstand van een haag, spin op de stok, föhn erbij en blazen maar. Hoepla, daar ging spin en deed wat er verwacht werd. Het spon een draad naar de heg.
Steevast werd dat leuke project afgesloten met onze spinnen-verzen en liedjes. Wie kan er nog een spin dood maken na het vers ‘De spin Sebastiaan’ van Annie M.G. Schmidt, omdat het zo herkenbaar is, want zijn we niet allemaal een tikkeltje eigenzinnig en hoogmoedig. En de twee spinnetjes die komen aankruipen over onze bovenbenen (vingertjes) en op zoek zijn naar vriendinnetjes, en elkaar vinden, zijn evenzeer een schot in de roos.

Spinnen horen bij de herfst en hier zijn het nagenoeg huisdieren, in hun uiterste uithoeken van de verhoogde plafonds, een en al nut, om te koesteren. Maar nu, met de zon op de ramen, mogen ze de benen nemen, terwijl hun minrebroeders buiten de kopjes schudden over zoveel overmoed.
Nee, spinnen in de soep zeker niet , al zijden mijn ouders jaren geleden : Ieder beestje heeft zijn vet. En hoe vaak heb ik al gehoord dat insecten goed te eten zijn. Maar ook een spin in de hoek heeft bij ons geen lang leven, ondanks zijn nuttige werk. Bij ons in huis is er een die allergisch wordt bij het zien van wat in haar ogen ongedierte is.
LikeGeliked door 1 persoon
Ze zitten hier hoog en droog, dan maakt het niets uit, want ze doen niets en vangen heel wat af in de zomer. Nee, haha, niet in de soep, daar hebben we andere lekkere hapjes voor🍀
LikeLike
ha die Berna
ja mooi hoe licht schaduwen kan geven , die er voor het snoeien niet waren
houd de spinnetjes maar in ere
en als slangentrees wat rustig aan haar werk doet , hebben ze de tijd om te schuilen
en is huis en het land klaar voor de winter
dat is een geweldige manier van lesgeven
kunnen zelfs de ouder veel van leren
observeren in plaats van verdelgen 😦
het zijn mooie ingenieuse diertjes
en als je de giftige soort op afstand houd is er niets aan de hand
fijn weekend groet
LikeLike
Ze hebben hier alle plek om weg te duiken en ze zitten zo hoog, dat het ons niet deert. Bovendien scheelt het muggen en vliegen. Het leven hier is wat dat betreft zo anders dan in de stad. Je leert er mee leven. Ik ben altijd gek geweest op dit soort beestjes, slakken, pissebedden, kevertjes, er zijn hele hordes kinderen niet bang voor kleine beestjes meer, dankzij onze glorieuze projecten. ❤️🍀
LikeLike