En dan is deze heerlijkheid voorbij. Wat een zoete zaligheid om drie dagen te mogen vertoeven in elkaars gezelschap temidden van natuur die groots is in haar kleinheid. Geen spectaculaire bergpartijen, diepe dalen of woeste rivieren, maar de stilte van een veelvoud aan boomtoppen in alle soorten en maten. Treurwilgen die diep buigen met hun wuivende takkenkronen, hoge beuken, een rij zwarte elzen vlak voor Öze Hobbithaz en geen ander geluid dan het gelui van een vermeende koebel, dat gisterenavond rond een uur of half negen ineens een schapenbel bleek te zijn toen die grote kudde schapen in een dichte drom over de weg werden geleid door de herder met zijn hond. De zon was ondergegaan en de hitte bleef nog even nawaaien in de prachtige zinderende kleuren van de verblekende lucht, alsof ze een perfect schemerduuster aan het voorbereiden was.
Het krassen van een specht, andere vogelgeluiden en het kalme gegraas van de twee schapen, de ranke ezel met haar zebrapoten, de oude bok met drie kleine bokken, die zich niets aantrokken van onze nabijheid. Ze kwamen zelfs even een klein onderzoek instellen naar de aard van de wezens daar, boven het dalletje waar ze liepen, voor het kleine hobbithuis. Pas toen er rond negenen geklapt werd, renden ze richting kraal, waar ze de nacht door zouden brengen. In de vijver plonsde af en toe een stevige karper neer, als ie had geprobeerd iets vleugeligs van boven het water te verschalken zodat de kringen tot aan de oevers reikten.
We luisterden ondertussen naar het luisterboek van de Hobbit, dat helemaal paste in dit decor. Eindelijk was er ook de bosuil, maar met wat korte kreten, niet zijn langgerekte geheimzinnige oehoe en konden we gaan slapen. Al met al het perfecte afscheid van deze wonderschone plek, haar vredige bewoners en dit lieflijke huis.

Rond tienen waren we klaar om te vertrekken en keerde ik Agaath, liep Lief richting eigenaar en kwamen ze samen al keuvelend terug wandelen. De eigenaar vertelde dat hij en zijn zoon er vier jaar met liefde aan gewerkt hadden en dat was zo duidelijk te zien geweest. Wij bedankten hem hartelijk voor alles en alles wat hij hier aan sfeer had gecreëerd en eigenlijk willen we nog eens terug als we bijvoorbeeld elektrische vouwfietsen hebben aangeschaft, waarmee we de wonderschone omgeving beter zouden kunnen opnemen inplaats van de twee gelopen kilometers. Al was het, al met al, ruim voldoende om juist in het moment te blijven en hadden we het gevoel het hoogste rendement van twee nachten en drie dagen verblijf gehaald te hebben. Het scheen ons ruim een week toe.
Na het afscheid reden we nog even de gemiste berg op en het was Hongarije zoals Lief dat nog kende uit de beginjaren van zijn verblijf hier in het land. Lieflijk en haastvrij, glooiende heuvels, grazende paarden en schapen, kneuterige boerenerven. Hier en daar een leegstaande vervallen stal, waar natuur zich doorheen had gevlochten. We reden terug naar de Hoff, vol goede herinneringen.
Bij aankomst werd de zuurdesemstarter gevoed, kwamen de laptop en de Ipad weer op tafel en werd het een soort overgangsfase van een nostalgisch samenzijn tot een mengelmoes van het hebben van veel ruimte, het gemak van internet en eveneens die natuur, maar wél op een vergelijkbare leest geschoeid. Natuurbeheer. Zorg voor al wat leeft.