Overpeinzingen

Tijd om op te stappen

Vrijdag en schone dochter ging na haar bevalling voor het eerst weer aan het werk. Zoonlief zou met de grote Njong op pad gaan en dochterlief had zich opgeworpen als oppas voor de jongste telg. De oudste zat nog op school.

Zoonlief was rond enen weer terug en ik ging thee drinken bij dochterlief die net terug kwam van een wandelingetje, het kleintje in de draagzak en gaan. Ze zijn het nog gewend om baby’s zo te dragen, al is tante Pollewop het ding allang ontstegen. Het is net als fietsen en zwemmen. Eenmaal geleerd, raak je het niet snel meer kwijt.

Ze slaapt eindeloos op de hartenklop en zoonlief neemt het bij terugkomst over. We zitten lekker buiten in een zonovergoten tuin en ik bewonder de kleurrijke vlinderstruiken waar vooral de atalanta’s en de dagpauwoog zich tegoed doen aan een overvloed aan nectar. Later kwamen de koolwitjes er op af. Ze laten zich uitgebreid bewonderen met opengevouwde vleugels, iets waar ik in de Hoff nooit de kans voor krijg.

Zoonlief vertelde dat hij samen met zijn broer de volgende dag zou voetballen op een toernooi ter ere van een van de oud-spelers van hun vroegere club, die ernstig gewond was geraakt na een auto-ongeluk. Natuurlijk ga ik kijken bij deze nog zeldzaam voorkomende gelegenheid. Als vanouds langs de lijn, pure nostalgie

Buurjongen komt bij zoonlief in de tuin en brengt een andere dynamiek mee. De kaarten worden geschud en ‘mijn is dijn’ verduidelijkt. Hij is nog jong en een kleine kwikzilver. Ik zit achter in de tuin op de bank met een dak boven mijn hoofd en de kleine op schoot met het onmisbare flesje, waarbij de gitzwarte oogjes strak op mijn gezicht gericht blijven als ze gretig drinkt. Dit zorgde ervoor dat ik vannacht droomde over het spenen van een kudde schapen, die allemaal de namen hadden van de kinderen op school.

School was die dag namelijk ook langs gekomen, toen ik kleindochter ging ophalen bij de gymzaal. Daar ontmoette ik een vader en moeder van mijn eigen school en hun jongste zoon, wiens beide broers ik in de groep had gehad. Er volgde een geanimeerd gesprek. Nog altijd hangt er van hun oudste een tegeltje met een tekening in mijn gang. Iedere keer als ik ze ontmoet, vertel ik dat verhaal. Haha. Nu weten ze het wel. Tegenover de gymzaal lag nog een stuk verleden. Het allereerste huis in Nieuwegein waar ik beneden op kamers woonde en de vader van de kinderen op de zolder. Zo hadden we elkaar leren kennen. Het huis zag er nog net zo verveloos uit, en er zaten een reeks bellen aan de deurpost, een teken dat het nog steeds verhuurd werd.

De beide jongens hadden ondertussen de bellenblaas ontdekt. Niet meer zo’n ouderwetse waarbij je op de juiste manier moest blazen, voorzichtig, zodat de bel niet voortijdig kapot zou gaan, maar een soort van schietgeval dat een wolk van bellen uitbraakte. Ze gingen allemaal naar de hemel, naar opa. Het was fijn om alleen maar een beetje oma te zitten zijn. Straks moet ik weer heel lang zonder.

Rond een uur of vijf was iedereen platgeknuffeld en de koek op. Tijd om op te stappen.

4 gedachten over “Tijd om op te stappen

  1. mogge Berna

    daar dus weer alles z’n gangetje nu de kleine er is
    die draagzakken zijn een pracht voor de kleintjes vind ik
    ja die vlinders zo bezig zien is puur genieten
    aha langs de lijn voor mooie nostalgie
    jij blij denk ik zo de kleine de fles geven al geeft het dromen over schapen
    veel mooie herinneringen op school héleuk zo bellen blazen oma is binnenkort weer de hort op

    fijn weekend groet

    Geliked door 1 persoon

Plaats een reactie