In de vroege ochtend luisteren naar de lijzige maar rake woorden van Maarten van Rossem. Alleen in bed is toch een wereld van verschil zo in de vroegte. Hij bespreekt in zijn podcast samen met Tom Jessen deze ‘kamer’-week. Mooie nieuwe termen worden uitgevonden. Theatrale autocratie bijvoorbeeld en daarmee slaat hij de spijker op z’n kop wat betreft de autoritaire houding van Wilders tijdens het debat van deze week. Vroeger zou men zeggen dat het één grote poppenkast was, een schertsvertoning. Zouden er al diverse mensen ontdekt hebben dat ze zich hopeloos vergist hebben tijdens de verkiezingen. Ik ontdekte dat ik kon puzzelen en luisteren tegelijk. Dat is een win-win in tijd, want beide doe ik graag.
Inmiddels heb ik er al weer een aantal lessen Hongaars opzitten. Door de herhaling beklijft het langzaam maar zeker. Het is een moeilijke taal met woorden die absoluut buiten mijn comfort-zone liggen. Het geheugen kraakt en piept dan ook, maar het is goed voor me, deze verfrissende nieuwe stap. Het hoort ook bij het andere thuis en geeft daar nog meer inhoud aan. Ik zal de tijd prijzen dat ik een eenvoudig gesprek met de buurvrouw of de caissière aan kan gaan.
Vandaag is het Dribbel zijn feest. We hebben als familie op marktplaats een fiets voor hem gevonden die zoonlief helemaal heeft opgeknapt en die nu met een nieuw zadeldek, een vers gespoten kettingkast en een nieuwe bel, met zijn naam op het frame staat te shinen. Hel geel dus goed zichtbaar.
Oranje gewonnen. Het koste me wat moeite maar ik ben wakker gebleven. Ik wilde ze almaar vooruit praten. Hup jongens, naar voren, niet achteruit voetballen. Met dergelijke landsbelangen worden het altijd ‘onze jongens’. Misschien ook wel omdat mijn leven op de zaterdagen zich grotendeels langs de lijnen afspeelde. Als moeder van de twee die in het eerste speelden. Eerste klasse, hoofdklasse, topklasse. Jaja, dan mag je eindelijk een woordje meespreken.

Ooit verguisde ik het voetbal, omdat in ons gezin thuis de weekenden altijd rond de bal draaiden. Zelfs mijn moeders befaamde soepen, vooral gemaakt voor de jongens van het eerste, die dan bij ons kwamen eten op zondag. Dat was gezellig, maar de wedstrijden draaiden vooral om mijn vaders stemverheffingen tijdens de wedstrijd. Hij bulderde zijn aanwijzingen als een orkaan het veld over. Oef, als puber val je dan ten prooi aan een ongekende schaamte.
Het liefst liepen we met moeder rond de velden en genoten van de kleine natuur die er ook was. Een mooie bloesem, een oude boom, een madelief en mooie luchten. Uit moeders tas kwamen steevast krentenbollen en als we flesjes gingen rapen konden we wat lekkers kopen in de kantine en duimen dat er niet verloren werd, want dan waren de rapen gaar. Er voetbalden altijd twee of drie broers mee in het eerste, die het daarna voor hun kiezen kregen. Bij voorkeur tijdens de maaltijd.
Met de jongens zou ik het anders doen. De kantine ging ik nooit in. Bij regen en ontij stond ik alleen langs de kant en ving hun blikken en de duimpjes omhoog.
Straks videobellen Lief en ik elkaar. Even bijkleppen en gedachten uitwisselen. Lang leve de moderne mogelijkheden. Zo dichtbij en toch kilometers ver weg. Alsof we naast elkaar op de bank zitten of aan de keukentafel. Gisteren keken we tegelijk de wedstrijd. Dat was ook al leuk. Met vriendinlief had ik het over dat gemis, maar realiseerde me net op tijd dat haar man vorig jaar overleden was en dat mijn gemis een bleek aftreksel was van dat grote definitieve afgesneden zijn. Mijn gemis is te overbruggen, letterlijk en figuurlijk. In kilometers, in decibellen en in beeld online. Oplosbaar leed.
Tel je zegeningen.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.