De filosoof had school in de ochtenduren. Dat betekende van negen tot ongeveer twaalf uur samen met zijn moeder de vakken doorspitten, die hij als schoolwerk opgekregen had. Dat hij daarvoor in de werkkamer van lief mocht zitten was een extra feestelijke bijkomstigheid. De grote draaistoel achter de met pluche geklede tafel was gebombardeerd tot zijn werkplek en zijn moeder zat er tegenover. Het vergulde hem zeer en hij had er zowaar weer zin in.
Bikkeltje wilde natuurlijk ook naar school. Een half uurtje was voldoende, daarna was het tijd voor wat creativiteit. Per slot van rekening moesten er nog twee aquarelletjes gemaakt worden op de ansichtkaarten die dochterlief bij de babycadeautjes wilde doen en die ik mee zou nemen. Een voor haar petekind en een voor ons ongeboren kleine wonder dat eind juni zou komen.
Voor de rest van de dag werden er plannen gesmeed. Een hike of een wandeling in het Mecsek-gebergte en we kwamen bij een makkelijke(voor oma)route uit bij Abaliget, waar ook een meer en een vleermuizengrot was. De rit er naar toe was prachtig. Dochterlief vertolkte het goed. ‘Als ik er doorheen rij, doet het landschap me denken aan Toscane’, vertelde ze. En dat klopt. Hier zijn de overbekende cipressen verkleed als grote populieren, de heuvels glooien lieflijk, een prachtige lappendeken van kleuren en groentinten. Gelukkig misten we een afslag, waardoor we nog meer het landschap van binnen uit konden bekijken.
Het meer bleek nu ook zwemwater te zijn. Kennelijk was er toch iets veranderd binnen de wetgeving. Als je er van hield om tussen de grote karpers te zwemmen was het een perfecte plek. Het lag aan de voet van de bergen. De wandelpaden die aangegeven werden door duidelijke aanwijzingen gingen eigenlijk praktisch stijl omhoog. Goed voor mijn schatjes, maar niet voor mij. De filosoof was in de ban van de grot en wilde maar wat graag vleermuizen zien, omdat het ook de vleermuizengrot heette. Voor de ‘kabouter’ingang, een laag hol, sprongen hele kleine mini-padjes rond. Favoriet bij de kleintjes die er niet genoeg van konden krijgen om ze te observeren en te aaien.
De vrouw achter het loket gaf aan dat een rondleiding om twee uur zou beginnen. Bikkeltje had allang de speeltuin ontdekt achter het restaurant, dat er ook was. Het bleek bij de camping te horen, waar nu niemand stond. Kennelijk was het seizoen nog niet geopend. Een meisje, ietsje jonger, keek verlangend naar haar en bleef in het Hongaars van alles aan mij vragen, terwijl ze vliegensvlug deed wat Bikkeltje ook deed. Schommelen, klimmen, glijden, hangen aan de rekstok. Haar moeder vertelde haar dat wij een andere taal spraken en lachte ons vriendelijk toe.

Er kwam beweging in het gezelschap dat kennelijk ook mee de grot in zou gaan. We hadden een audio in het Duits en de kinderen in het Hollands. De Hongaarse familie kreeg direct uitleg door de gids. Dat maakte het verstaan van de audio voor ons moeilijker omdat in de grot het geluid nogal galmde. De eerste 40 meter moesten we bukkend lopen en dat bezorgde me een flink benauwd moment, zo erg dat ik bijna terug wilde lopen. Alleen al de gedachte nog een keer te moeten bukken deed me anders besluiten. De gang door de grot was indrukwekkend, alleen al het idee dat het eeuwenoude steen aan te raken was, druilerig en nat, het pad echter goed begaanbaar met stalen leuningen aan weerskanten. Men bleek ontdekt te hebben dat er sinds kort otters in de grot kwamen. Dat was opzienbarend en nog niet eerder geweest. De verhalen waren angstaanjagend, over boze en stoute kinderen die met hun moeders onder een gesteente doorgingen, die vervolgens dan de grond liet beven. Sussend bagatelliseerden we de woeste verhalen. Ook de draak die je mee zou slepen in zijn hol en het gruwelijke beest met de open bek. Het laatst stuk, twee grote trappen omhoog, bleven lief en ik beneden. Hij offerde zich ter wille van mij belangeloos op.
Het was een belevenis, door de kleine groep en de persoonlijke aandacht. Het bukken naar buiten ging makkelijker. Ik stootte in ieder geval niet meer mijn hoofd bij de laagste overkapping zoals op de heenweg wel gebeurde. IJsje op het terras en daarna door naar het vleermuizen museum die we in de grot hadden moeten ontberen. Toch nog een paar kleine monstertjes gezien.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.