Uncategorized

Tijdreizen

Soldaat Dirk doet niet aan dunschillen. Met een weids gebaar plompt hij zijn vierkante aardappelen in de gamel. Het water spat alle kanten op. Het is 28 juni 1917. De kinderen stuiven giechelend naar het andere einde van de bank.

038

De vochtige kou kruipt door de dunne witte overblouse heen. Hier en daar eist de kilte de aandacht in plaats van het historische verhaal dat ze met de aardappelen voorgeschoteld krijgen. Een vet Twents accent vraagt om vertaling. De typetjes zijn heel herkenbaar. In veertig minuten leiden Dirk, sergeant Kommer en de kok die absoluut niet koken kan, de kinderen de eerste wereldoorlog binnen. Voor volk en vaderland wappert de driekleur boven hun hoofden als Dirk het vaandel slaat onder het geschetter van de trompetten. Buiten staan de vrijwilligers om ze rond te leiden over het terrein van de Hondenkop, zoals de ligging van het fort zich aftekent op de plattegrond. De bravoure waarmee ze kwamen is teruggebracht tot peinzende koppies, juiste vragen en goede weloverwogen antwoorden.

Het is het oudste landfort van de stelling van Amsterdam. Dankzij het feit dat verdediging na de eerste wereldoorlog niet meer nodig was, is de natuur om het fort heen uitgegroeid tot een walhalla voor de vogels. De kwikstaart, de koekoek, houtduiven, merels en mezen en vinken, vleermuizen en zelfs de ijsvogel vliegen op en af en nestelen er ongestoord. Ze fluiten dat het een lieve lust is.

De kinderen worden ‘opgesloten’ in de provoost achter het fort, zijn diep onder de indruk van de tekening op de muur, de soldatentoiletten, de waterkelder onder het hele fort, de slaapvertrekken. Ze griezelen bij de verdroogde vleermuizen en het verhaal van de gids, die vertelt dat, als je eenmaal een vleermuis in het losse haar krijgt, die er alleen nog maar uitgeknipt kan worden, want door de weerhaken krijg je het beestje niet meer ontwart.

030

Tussen de voorstellingen door haal ik de volgende groep op. Je waant je in het paradijs als de stilte enkel en alleen door het gekwinkeleer van de vogels wordt doorbroken. Twee vissers zitten op de pontons in de fortgracht en turen mijmerend naar hun hengel. De houten brug over het spiegelende water en het grote hek dat uitnodigend openstaat markeren de bijzonderheid, een entree tot een onbekend wereld vlak achter het centrum van de stad. In het water drijven de grote bladeren van de plomp. Kwikstaart doet zijn naam eer aan en is te snel voor het schieten van een foto. Ze verdwijnt in de grote paardenkastanje achter de meiboom bij de entree.

028

Als de sleutel van de gids niet past op de keuken heeft de soldaat gelukkig een butagas bij zich en pruttelt er binnen enkele ogenblikken een echte Italiaans percolator op zijn pitje. Het rantsoen bestaat uit haverbiscuit. Alles roept de sfeer op van vroeger. In het minimuseum zijn alle schatten vergaard van dat bestaan, de gamellen, de soldatenkisten, de koperen ketels evenals een mottige buizerd en een uil. Er staat een grote maquette van het fort. De stem van de gids erboven verhaalt van de rij paardenkastanjes, die allen helaas geveld zijn door de kastanjebloedingsziekte en de wildgroei van de natuur, die het fort hebben omgetoverd tot  deze geheime tuin. Hij vertelde van de onbruikbaarheid van het fort omdat brisantbommen het in een klap konden platleggen. De gloriedagen van het bakstenen en brikkenbetonnen gevaarte, dat nog betekenis had in de eerste wereldoorlog, kwamen niet weerom. Pas veel later zag men de historische waarde er weer van in.

Het liniepad ligt er zonovergoten bij als ik naar de auto loop. Nog eenmaal vang ik de roep van de koekoek. Er is maar weinig voor nodig om te kunnen tijdreizen.

 

Een gedachte over “Tijdreizen

Reacties zijn gesloten.