Uncategorized

Een deken van aandacht en warmte

Mist legt een dikke deken over de nog volle maan en hult de anders zo drukke weg in een nachtelijk stilzwijgen. Het is nacht en ik ben wakker. Ik denk aan de dienstjaren in de verpleging. ‘s Nachts werd alles anders. Was de wereld van mij en de collega’s. In de luwte van de nacht, zonder de hectiek, was er tijd om met de mensen te praten, kwamen gedachten boven drijven. Was er ruimte om angst en twijfel, verlangen en hoop woorden te geven. In de nacht kreeg lijden een omlijsting.

Zeven nachten gingen we op en zeven af. Zo heette dat. Elke ochtend kon ik opgelucht de poort uit lopen, blij dat de klus die nacht geklaard was in de wetenschap dat mijn patiënten in goede handen achterbleven. Mijn patiënten, ze werden altijd van jou als je mocht delen in het leed. De man waar drie dagen lang onafgebroken gestoomd werd, zo benauwd was hij. Praten ging niet, maar de wanhopige blik in zijn ogen sprak boekdelen. Het narrige mannetje vooraan in de gang, die maar niet wilde eten en al zijn vlees in het laatje van zijn nachtkastje schoof. In de nacht was er ruimte om het stiekem weg te halen zonder zijn waardigheid aan te tasten. Hij moet in engelen geloofd hebben.

010-3.jpg

In de stilte knarsten de crêpezolen hoorbaar, ook al liep je nog zo zachtjes. Hier en daar controleerde je een katheter, schoof je een verdwaalde hand  terug onder de dekens, droeg je glazen water aan, schudde een kussen op en draaide hem om zodat het koele katoen de verhitte gemoederen suste. Hier en daar werd een bloeddruk gemeten, een infuus gecontroleerd of de koorts bevestigd door een ouderwetse kwikthermometer. De nacht was een literaire gedachtegang badend in zeeën van tijd.

Totdat ik op de Intensive Care terecht kwam, waar hectiek geen verschil maakte tussen dag en nacht, het daglicht verbannen was door hoge muren. Bij het schijnsel van de lampen lichtte het gezicht van de mensen groenig op door de apparaten. Het hartritme verbrak hoorbaar de stilte. De atmosfeer was broeierig warm. Er was geen tijd voor lome rust. De controles waren elk kwartier en soms frequenter aan de orde en de handelingen werden bepaald door het aantal mensen dat de bedden bezetten. Het kind dat van het paard gevallen was, de vrouw met de ernstige stofwisselingsziekte aan de beademing, de man die gisteren nog in een hoogwerker de lantarenpalen controleerde. Hier brak de nacht de regels van het slaapregime. Gewassen werd er al om vier uur ‘s ochtends om de ochtenddiensten te ontlasten, omdat de andere hulpdiensten onafgebroken in zouden breken op het dagritme.

012-1.jpg

Toch, tussen alle bedrijven door, konden we iemand verschonen en keren, De haren kammen met zorg en aandacht. De lippen koelen, de huid zacht en soepel wrijven en troostrijke woorden schenken of het nu gehoord werd of niet. Zo ziek als ze waren, zochten we de mensenkant op om aan te kunnen raken.

Dat kleine beetje dat je betekenis kon geven aan het liggen in dat witte bed, schonk veel voldoening en versterkte het idee, dat jouw aanwezigheid daar, op een tijdstip dat normaliter iedereen uitrust, van grote waarde was, niet alleen medisch maar ook emotioneel. Dat je er toe deed en zelfs het verschil maakte.

Nachtzuster was ik, jaren lang. Wat was het fijn werken door de persoonlijke noot die er aan toe te voegen viel, omdat tijd veel meer aan jou was dan in de roerige uren van de dag. Nacht bracht een deken van aandacht en warmte mee en spreidde zich naar ieder uit.

6 thoughts on “Een deken van aandacht en warmte

Comments are closed.