Uncategorized

Een goed gesprek

Het is tweede kerstdag. Een horror memorabile kenmerkt de dag van een jaar terug. De pijn priemt dwars door de tijd heen en vanmorgen stond ik omzichtig, uit voorzorg, koffie te maken. Exact een jaar later dan toen het noodlot toesloeg. Alleen de herinnering steekt, achter het borstbeen blijft het stil. Gisteren was ik, al kabbelend, de kerst in gegaan. Weinig anders was mogelijk met longen die aan het wedijveren sloegen met het hart, maar die nooit in een overtreffende trap zouden raken.

035

Antibiotica deed haar werk net als de zeven andere lapmiddelen om hart en vaten af te vlakken en in bedwang te houden. Er zijn wat temmers nodig voor een opstandig gemoed. Er kwamen uien-en aardappelschillers langs en het gemak waarmee ze de feestdagen trotseerden, was een verademing op zich. Dan nog wat afleiding met zus, en haar zelf gemaakte voedsel. Ik genoot van de Pepesan, lied van het verleden en zo lekker, de Atjar zonder wortels, vergeten te kopen, maar die, misschien juist daarom, zo heerlijk smaakte en omdat ze overgoten was met een saus van zorgvuldigheid. Ze kwam op de fiets, een barre tocht ook al woonde ze twee straten verder. Het was donker en koud en de straten huilden. Een echte kerstavond dus, waarbij ik onmiddellijk aan de zwavelstokjes en Alleen op de wereld moest denken. Zelfs zoonlief at een hapje mee.

042

De avond verdronk in een glaasje wijn, dat ik weer dorst te nuttigen nu de antibioticakuur voorbij was en in stilte tot de Indiase deurbellen tegen het vensterglas sloegen en dat betekende dat er weer een heilzoeker kwam. De woorden bleven leunen op de stilte. Het hele gesprek vond plaats in ieders eigen hoofd. Regels wit, ongesproken woorden wilde ik vangen in het net, dat ik gebrekkig spande, maar dat toch niet afdoende was. Ik voerde hele gesprekken, maar er kwam geen woord uit. Hoe zit dat toch daarbinnen.

Ik bedacht dat een deel te wijten was aan de schrijver. Die is zo gewend aan het formuleren van woorden door op toetsen te tikken en zinnen te laten stromen. De herkenning is groot. Ik heb het steeds vaker, dat ik een onderwerp niet meer aan weet te roeren anders dan via het schrift. Bedachtzamer, meer weloverwogen.

Straks zijn ze er allemaal en dan gedenken we dat we  mogen genieten van elkaar. Valt er ook te peilen of het goed gaat in geestelijke zin. Hoe hoog spelen de muizenissen op, zijn het dan alleen de mijne, niet die van de anderen. Zie ik beren op de weg?

‘Wat is dat mevrouw van Gelder, houdt U beren in de kelder. echte bruine beren in het perceel, als het nou konijntjes waren of een aantal ooievaren, maar het zijn echte beren en zo veel’.

Hier krijg ik een lesje van Annie M.G. die me voorhoudt dat een stel gezonde beren echt geen nadeel hoeft te zijn. Lekker kniezen, een potje unheimnisch zijn, in de rats zitten, om daarna weer ‘opgelucht’ adem te kunnen halen, als die dikke bruine beren een voor een als een zeepbel uit elkaar ploffen. Dat is moederliefde pur sang. De angst niet benoemd, maar op fluistervoeten. Mijn moeder zei vroeger, ‘Ik bijt liever het puntje van mijn tong af, dan er over te praten’. Als kind vond ik het een rigoureuze keuze. Het ging dan doorgaans om delicate kwesties, die veel los konden maken. Uit die koker kwam ook het spreekwoord ‘Spreken is zilver en zwijgen is goud’ vandaan.  Moederliefde is weten wanneer je moet zwijgen. Maar soms schiet de twijfel er aan voorbij.

026.jpg

Buiten roekoet de duif haar oude litanie, ik omarm mijn beren en mijn twijfels. ‘De soep wordt nooit zo heet gegeten, als zij wordt opgediend’. Vanavond eten we hachee, in een vlees en vega variant, gelardeerd met een goed gesprek.

One thought on “Een goed gesprek

Comments are closed.