Uncategorized

In alle opzichten

Gisteren reisde ik per televisie door de tijd. Zo handig, boeken en televisie als je aan huis gekluisterd bent. Er was een prijzenswaardige documentaire van de NTR over Peter Vos, de tekenaar. Hij woonde en werkte een groot deel van zijn leven in zijn geboortestad Utrecht en het was een tocht van herkenning aan de hand van de verfilmde beelden van lang geleden.Vrij direct aan het begin voerde de kunstenaar het volgende item ten tonele. Ooit als kind had hij aan zijn moeder gevraagd of hij knap was. ‘Nee, niet knap, wel leuk’, had zijn moeder geantwoord. Daar werd een belangrijke kiem gelegd voor de vorming van zijn bestaan, net als de vader die overal zijn tekentalenten roemde en zijn broer afdeed als talentloos, waar de kinderen bij waren.

Het lijken onschuldige opmerkingen maar in het hoofd van een kind nemen ze de gewichtige vormen aan, waar het hele leven, doel en streven, aan opgehangen wordt. Bij beiden was het dat geval. Broer heeft aan zijn talentloze bestaan beantwoord door school vroegtijdig op te geven en Peter heeft eeuwig de perfecte, optimale tekening nagestreefd.

De docu is fascinerend. Niet in de laatste plaats door de vele vogelbeelden. Vogels waren een bron van inspiratie. Hij personificeerde er de mensen om hem heen mee. Zijn vader vergeleek hij met een Mariboe en inderdaad als je de spitse kop zag van het dier, herkende je gaandeweg de scherpe trekken van de vader erin.

120Pozzebokken varianten…

Hij tekende alles wat los en vast zat. Van de mensen in zijn omgeving tot zijn emoties en gevoel. Toen het boek ‘De sprookjes van de lage landen’ uitkwam in de jaren zeventig moest en zou ik het boek hebben, al was het alleen al om zijn prachtige illustraties, die het verhaal tot rijke fantasie prikkelden. De door hem getekende Pozzebokken hebben,  samen met het verhaal van Bouke Jagt, me jarenlang gestimuleerd tot het overbrengen van de vrije fantasie en verbeelding bij kinderen. Te weten dat hij daar rondgelopen heeft in dezelfde tijd als in mijn vormende adolescente jaren geeft een licht gevoel van weemoed. We hadden elkaar kunnen ontmoeten daar in het Utrechtse uitgaansleven van die tijd, waar de café’s aan de Oude Gracht, de Vismarkt, de Neude, de Nobelstraat en het Wed tot de vaste loopjes behoorden.Misschien zat hij wel ergens in een hoekje te tekenen, tijdens verhitte politieke debatten of het lichte aangenaam verpozen.

Zijn laatste boek vormde een ode aan de mus. Dat nietige grauwe wezentje, dat zoveel verschillende kanten bezat, net als de kunstenaar zelf. Misschien ontdeed hij zich op die wijze aan het understatement van zijn moeder, ooit toen hij nog een klein jongetje was en, verlangend naar het juiste antwoord, naar haar opkeek. Zijn zoon Sander zegt op een gegeven moment over de innerlijke strijd waar het zijn vader betreft: ‘Het was niet genoeg dat hij de zoon was. Hij moest ook de tekenaar zijn.’  Kenmerkend vond ik dat. Want ‘kind zijn van’ zou voldoende kunnen zijn in het verwachtingspatroon van ouders, ongeacht hoe het zich ontwikkelen zal. Niet meer dan dat en de rest is mooi meegenomen.

Gemaakte fouten krijgen door de generaties heen een nieuwe kans. Steeds weer opnieuw. Zonen en dochters in een ander licht gevat. Het is maar hoe je het bekijkt. Door de ogen van het Vogelparadijs. Een docu van David de Jongh over de tekenaar Peter Vos met prachtige beelden van zijn ouders, zijn vrouwen, zijn zoon, zijn vrienden en zijn grote liefde: De vogel. Een getekend leven, in alle opzichten.

 

One thought on “In alle opzichten

Comments are closed.