Uncategorized

De weldaad van de Stilte

Druilerige koude regen op een zondagmorgen, waar de hele dag nog open ligt. Dat vraagt om actie of een verglijden in zalig nietsdoen. Het kriebelt, dan toch maar een app wie er mee gaat naar de tentoonstelling van de Hyperrealisten in Rotterdam. Veel over gehoord en gelezen, maar een beetje huiverig voor wat we gaan zien.

094Hirshornfolder

Het is 2002 en ik ben in luilekkerland. In Washington zijn alle musea gratis. Het enige wat je er overal moet doen, is de inhoud van je tas omkieperen op een tafel voor geüniformeerde bewakers, die bij alle toegangspoorten van de brede entrees staan. Ik wandel in en uit, bezoek het Hirshhorn Museum and Sculpture Garden en word omver geblazen door een tentoonstelling van Ron Mueck. De narrige kale Big Man kijkt loerend naar al zijn bezoekers, overweldigend en groot. Ergens te midden van de aandoenlijke beelden  ligt een kleine oude vrouw als een vogeltje in bed. Ze ademt of toch niet, ze is te klein, maar zo overduidelijk echt. Ze is een van mijn vier demente bejaarden uit Huize het Oosten waar ik aan het ‘nachtzusteren’ ben en de verbinding aan ga met hun gemoedstoestand. Voor eeuwig heb ik liefde opgevat om de heldere momenten die komen in de warrigheid van de wisselingen van dag en nacht. Terug in het Hishhorn duik in een hoekje en schets de ‘Big man’ waar ik in mijn dagboek Fatman van maak. Dat grote kind met zijn verongelijkte snoet in het lijf van een man. Naakt en kwetsbaar in zijn emotie. Ik kan geen genoeg krijgen van zijn beelden, vergeet de tijd, tot ik weer uit de roes wordt getrokken door mijn gezelschap. We moeten voort.

093Snelle schets 2002

Het hyperrealisme in de kunsthal in Rotterdam begint al voor de deur, waar een rij mensen wacht tot ze naar binnen kunnen. Ik mag door met mijn museum jaarkaart en wacht tot zuslief de wachttijd heeft doorstaan. Direct bij binnenkomst wisten we dat we de verkeerde dag en het verkeerde weer hadden uitgekozen voor deze populaire en toegankelijke tentoonstelling. Gelukkig waren we er redelijk op tijd en hadden nog ruimte om de verdieping in de gruwelijke boodschap van de Deen Michael Kvium te vangen, die met zijn absurdistische schilderijen, installaties en beelden de wereld tentoonstelt in haar dwaasheid en gekte. Het is er te druk. Er lopen te veel mensen.  Ik beloof mezelf terug te komen op een andere dag, of op een andere plek, om oog in oog te staan met zijn werk en de boodschap diep door te laten dringen, omdat zijn werk gruwelijk eerlijk is.

010 Michael Kvium: detail

Op de tweede verdieping is er kaf en koren. Ik ben al lang niet meer onder de indruk van beelden die niet meer van echt zijn te onderscheiden, maar wel in de boodschap die ze brengen. Op de hele tentoonstelling zijn er maar een paar, die recht het hart in gaan. Het meisje dat tegen de muur aanleunt en waarbij geen huid te zien is van Daniël Firman, of de verstilde vrouw met de trui over haar hoofd van Marc Sijan. Een klein hoopje mens in de immense drukte, die met haar peinzende treurige blik ons vastnagelt.

. 051Marc Sijan: Cornered 2011 (Foto: lemvanderlinden)

Dat we van Paul McCarthy zijn beelden niet mogen fotograferen terwijl ze daar in hun volle naaktheid liggen, omdat dat zijn model zou schaden, voelt als een contradictie, omdat er horden bezoekers langs trekken. Het doet, door het verbod, meer stof opwaaien dan ooit. De echte naaktheid ligt bestorven in het beeld van Berlinde De Bruyckere. Fascinerende onvolkomenheid.

065Plakje realisme

Ergens ligt een stukje huid. Heerlijk tactiel, al weet ik hoe silicone voelt. Dat is wat je zou willen, aanraken, elk detail van zo dichtbij als mogelijk, opnemen en foto’s maken, om later weer even terug te zijn. Als er nog meer realisme zich opdringt om naar binnen te komen, krijgt de toegangsrij dezelfde megalomane vormen als de sculpturen in de Hal. Weg wezen en uitrusten in een uitgestorven Oudewater, waar de beelden bezinken en indalen ver weg van de massa. De weldaad van de Stilte.

 

One thought on “De weldaad van de Stilte

Comments are closed.