Uncategorized

Pootjes op de grond

Een gat in de dag geslapen, bewust, want ik was al twee keer eerder wakker. Mijn biologische klok van vijf uur was paraat. Na een half uur dook ik weer onder zeil en om acht uur bekeek ik met een lodderoog de lucht links van me, dat voor het raam miezerde en grauwde. Geen moeilijke keus.

2864_300px_thumbEscher: Relativiteit

In het tussentijdse onderdompelen gebeurde er meer dan ik had kunnen bedenken. Er was een speurtocht in een nieuw bibliotheekgebouw naar de galerij met boeken. De gang ging met lopende banden omhoog en naar beneden in meerdere uitvoeringen van  verantwoorde strakke architecturale vormgeving, waar ik al liggend en zittend op vervoerd werd. Weg met de roltrap leve het horizontale bestaan. Hier en daar moest er een sprong gemaakt worden over vervaarlijke dieptes. Angst sloeg soms om het hart. Het gebouw was eerst gesitueerd in Nieuwegein, maar zoals het een goede droom betaamt, bleek ze uiteindelijk toch in een typische Limburgs stadje te staan. Niet in de laatste plaats omdat een van de oudere broers van een goede vriend daar een voorstelling gaf in de kelders van het pand. Hij had zowaar een gedicht geschreven en een boekje erbij gemaakt. Zijn toon was van dezelfde treffende arrogantie als waar hij normaliter in het dagelijkse bestaan zijn onzekerheid mee trachtte te verbergen. Het boek was koren op zijn molen. Nog beter kon hij zich verheffen boven de goegemeente. Het snobisme sneed dwars door de droom heen, want bij het ontwaken lag zijn afwijzende houding als een film over de huid.

Het oneindige grijs vroeg om een tweede duik in het grote niets naar een zolderkamer, waar ik met de zussen verbleef. We moesten inpakken, maar twee van ons konden er niet toe komen. Het leek of ze de afreis niet wilden maken. Het gesprek talmde en draalde, toen warempel de verwaten kwast uit deel een weer op kwam draven en ons van repliek ging dienen. De aversie groeide met de vermeende minuut. Tijd in dromen is een rekbaar begrip en lijkt het meest op de speelse seconden uit het vesthorloge van het witte konijn, die als een haas heen en weer raasde, dwars door wonderlijke wandeling van Alice heen.

049

De kwast had me in beide dromen nog geen blik waardig gekeurd. Het eindigde toen er een wit wolkje aan kwam drijven met schimmen erop, die steeds duidelijkere contouren kregen naarmate ze dichterbij zeilden. Dat was het uitgelezen moment om weer te ontwaken. Het buitengrijs lichtte op, maar was nog steeds ondoordringbaar. Uit de verte kwamen de stemmen van kinderen. Dat betekende dat de school verderop haar pauze had. De lucht vulde zich met schaterlach en uitbundig gekwetter. Het aantal zorgde voor een muur aan geluid.

Dromen duiden is een beleving op zich.  Gebouwen staan voor de constructies die we in ons leven maken en het karakter, de hoop en de bezorgdheden kunnen zich erin weerspiegelen volgens mijn oude droomencyclopedie. Ieder mens die in een droom verschijnt toont een aspect of een facet van de dromer zelf.

De val van Icarus, door Peter Paul Rubens

Ik voel een diepteanalyse opkomen. ‘Hoogmoed komt voor de val’ oreerde mijn oma als er iemand in haar omgeving was die treden hoger trad dan zijn stand en vervolgens de oude schepen verbrandde. Daarachter kwam steevast de koude kermis, waar hij van thuis zou komen. Mijn kinderoren hoorden kermis en koud en hadden direct een draaiende rood met goud gekleurde carrousel in de ongerepte sneeuw voor ogen. Dat is het punt waar de droom begint, als de verbeelding heeft toegeslagen en ze de cryptische werkelijkheid omzeilt met een tegenpool. Verwaten kwasten vragen om vriendelijke rondborstigheid.

In het lichte grijs hipt een kleine koolmees bedrijvig van tak tot tak in de boom voor mijn raam als antwoord op de vraag en zet de werkelijkheid met beide pootjes op de grond. Aan de slag.

One thought on “Pootjes op de grond

Comments are closed.