Het zou gaan regenen vandaag en zegge en schrijve is er voor vijf minuten aan regen gevallen terwijl de zon scheen. Dat leverde in ieder geval een prachtige regenboog op. Wat verlangen we met z’n allen naar die pot met goud. Een mooie monumentale overlevering in de categorie van Klaas Vaak en Jaap en de bonenstaak. Het oudste kleinkind wist hoe het in elkaar stak. Zijn vriendje had ooit eens de pot met goud gevonden aan het einde van de regenboog. Hij nam hem mee naar huis. Zodra de regenboog verdwenen was, ging de pot met goud in rook op. Zo komt boontje om zijn loontje. Regenbooggoud is voor dromers. Soms ben ik een dromer en ligt het binnen handbereik.
Het was een dubbele. Dubbel geluk, net als het klaviertje vier. Geluk kan je overal uit halen. Als je het zegt, is het er. Christoffel in mijn portemonnee, de aartsengel in zilver, Don Bosco in mijn kleine blauwe prins, ze weten er allemaal raad mee. Als het mis gaat is het dankzij hen nog goed afgelopen. Dat heet rotsvast vertrouwen in wat je geloven wil.

Klaas Vaak kwam vroeger zand strooien. Daar waren we als kind mooi klaar mee. Als je wakker wilde blijven om hem te kunnen zien, verscheen hij niet. Als je sliep, zag je hem niet. Het gevolg was het onrustige woelen en wakker schrikken bij het minste gekraak of geruis. Net als in de dagen van weleer, dat Sinterklaas over de daken galoppeerde en zijn pieten afzette bij de schoorsteen, om persoonlijk wortel en water te vervangen voor cadeautjes. Ook dan was het moeilijk om in slaap te komen. Met gespitste oren luisterden we of er gemorreld werd, maar het enige wat we hoorden was het geritsel van de muizen achter het behang en op zolder.
Jaap en de bonenstaak was de belofte bij uitstek om de problemen van alledag te ontvluchtten. Altijd kon je zo’n snelgroeiende bonenstaak kweken. Ze groeiden tot in de hemel en daar was het goed toeven, zolang je de reus niet tegen het lijf liep. Die rook wel mensenvlees, maar werd om de tuin geleid door zijn vrouw. Handig, er viel altijd te ontsnappen met wat dukaten. Problemen van vandaag zijn niet meer weg te wrijven met een Alladin’s lamp of een pot gevonden goud aan het eind van de regenboog. Ze zijn pijnlijk groot en levensecht. De doekjes voor het bloeden kunnen opgeborgen blijven in de kast. Die houden we achter de hand om het sprookje bij kinderen levend te houden…

Ineens besef ik dat dat precies hetgeen is wat er gebeurde, toen mijn ouders de wereldoorlog weerstonden met twee kleine kinderen en de derde op komst. Het hobbelpaard van het Julianapark bleef gewoon het vertrouwde beeld bevestigen. Een wandelingetje naar het park, waar de fotograaf de indruk wekte van een veilige wereld. Dat is wat we moeten blijven koesteren. Dat is niet de kop in het zand steken, maar een perspectief bieden aan alles wat nog een toekomst te gaan heeft. Vertrouwen schenken in wat komen gaat, is onze grootste gemeenzame deler met het verleden. Dus wrijf ik die regenboog glanzend en wordt het verhaal van de pot met goud eens flink opgepoetst tot ze blinkt als de lamp van Aladdin en de Keulse pot van Piggelmee. Geen vuiltje aan de lucht als je kind bent en recht hebt op een onbezorgde wereld met ontsnappingsmogelijkheden te over.
Een gedachte over “Een onbezorgde wereld”
Reacties zijn gesloten.