Nieuws sijpelt tussen de wachtende rijen auto’s door en wordt door het nutteloze wachten omgezet in hoofdbrekers. Al meer dan een week lopen we, fietsen we, verdwijnen we in het voetspoor van de lieve druilerige Anne. Al die keren dat ik alleen een fietstocht maakte, komen boven drijven. De plaatsen die genoemd worden zijn bekend gebied. Vroeger bromden we van Utrecht naar Amersfoort over dit soort fietspaden, waar nog geen onderscheid gemaakt werd tussen snelheidsduivels en die benentrappers. Ik reed onbevangen van A naar B en geen moment zag ik beren op de weg. Zelfs niet bij het gebied van de Willem Arntz. Een brommer is in vlucht veel sneller.
Ooit zat manlief in dit huis van de verwarring, toen de stemmen in zijn hoofd boven het leven van alledag uitstegen en om onmogelijke opdrachten vroegen. In zijn wanen zocht hij moordenaars van kleine lieve onschuldige kinderen die geen vlieg kwaad hadden gedaan. Zijn woede en wanhoop dreven hem tot een getergd ijsberen en rammelen met kettingen en knotsen. Het grote oer ging los. Hij overleefde zijn eigen chaos op den duur niet. De omgeving waar we hem opzochten was troosteloos en prachtig tegelijk.
Fietsen door het bos op een zomerdag, gefilterd licht , het sprookje van lang geleden. Kabouters en elfen, feeërieke sfeer en liedjes in het hoofd: ‘Zeg Roodkapje, waar ga je henen, zo alleen, zo alleen….’Die vrijdagmiddag en avond regende het dat het goot. Bossen zijn dan een groot schimmenland met achter elke boom een wolf. Ze huilde met de regen mee op een laatste selfie. ‘Ik ben niet bang voor de wilde dieren…..ik ben niet bang, ik ben niet bang… Haar lichaamstaal sprak andere woorden’.

Dansen op het herfstmos, goudgele tooi, een waaier van kleur. De zomer heeft haar groene muren neergehaald en uit haar herfstpalet de mooiste tinten dooreen laten vloeien, blad aan de boom en op de grond, bes aan de struik, hier en daar nog een verlate bloei, maar in de stromende regen met de vallende avond zijn het weer die muren, zwart en ondoorgrondelijk. Wolf ligt op de loer. Waar is die veilige grootmoeder, het rode kapje, het dartelende blije gebleven. De fietstocht bleek een brug te ver. Roodkapje spatte uiteen in een jas, een rugzak, een fiets met draaiende wielen.

Lange rijen mensen die nauwgezet elke boom, elke struik, elke verandering in de omgeving signaleren en onderzoeken. Speuren naar sporen met honderd vragen in het hoofd en angstige verwachtingen bij alle tekenen van de geschatte route, die duiden naarmate de dagen vorderen. Losse puzzelstukken vormen een beeld. Iemand zei het niet te begrijpen, al die aandacht voor één, terwijl er zoveel vermisten zijn. Het is niet meer dan terecht, dit gevecht. Dit is de roep om Vrijheid voor ieder van ons, om te kunnen gaan en staan waar je wilt, zonder wolven, beren, leeuwen. Een zorgeloze fietstocht, waarbij een bui geen tranendal wordt, maar een doldwaze Gene Kelly-achtige regendans, frank en vrij. ‘I am singing in the rain’.
De donkere wolken boven het hoofd van die lieve Anne waren niet meer weg te lachen. Ze kleurden dieper en dieper zwart en sloten haar in. Er bleek geen weg terug. Een fietstocht werd een sprookje met een verkeerde afloop. Roodkapje met wolven op haar pad, zonder jager en geen keuze meer. Het hart huilt bij al het nieuws dat, tijdens die lange rijen wachtenden, iedere dag binnen sijpelt. In het hoofd zaagt het lied met de seconde mijn hoop onderuit: ‘Zeg Roodkapje, waar ga je henen, zo alleen…zo alleen’.
Huil zachtjes mee. Wat een verdriet.
LikeLike
Het voelt zo onveilig!
LikeGeliked door 1 persoon